CConstaterende datOverBetuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

24-12-03.18 Amendement BOB invoering toerismebelasting, Verordening toeristenbelasting gemeente Overbetuwe 2025 tbv amendement schoon

Gemeenteraadsvergadering 3 december 2024, gemeente OverBetuweBij agendapunt: Amendement BOB invoering toerismebelasting1.281 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Onderwerp: Verordening toeristenbelasting gemeente Overbetuwe 2025

Ons kenmerk: 2024-062797 Nr. De raad van de gemeente Overbetuwe; gelezen het raadsvoorstel van burgemeester en wethouders van 12 november 2024; gehoord het advies van de voorbereidende vergadering van 19 november 2024; gelet op artikel(en) 224 van de Gemeentewet; besluit: vast te stellen de

Verordening toeristenbelasting gemeente Overbetuwe 2025 Artikel 1 Definities Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder: a. vakantieonderkomens: woningen, stacaravans, chalets en andere verblijven, of gedeelten daarvan, niet zijnde mobiele kampeeronderkomens, in hoofdzaak bestemd voor en gebezigd als verblijf voor vakantie- en andere recreatieve doeleinden; b. mobiele kampeeronderkomens: tenten, tentwagens, vouwwagens, kampeerauto’s, (toer)caravans en soortgelijke onderkomens dan wel soortgelijke voertuigen welke bestemd zijn en gebezigd worden als verblijf voor vakantie- en andere recreatieve doeleinden; c. kampeerterrein: terrein of terreingedeelte, geheel of gedeeltelijk ingericht, en volgens die inrichting bestemd, om daarop gelegenheid te geven tot het plaatsen of geplaatst houden van mobiele kampeeronderkomens en/of vakantieonderkomens geheel of nagenoeg geheel ten behoeve van recreatief nachtverblijf; d. arrangement: periodes in het belastingtijdvak zoals weergegeven in artikel 6, lid 3; e. ‘in georganiseerd verband verblijf houden’: verblijf onder leiding van een of meer meerderjarige begeleiders. Het betreft hier bijvoorbeeld scholen, sportverenigingen of scouting. Familie- en vriendengroepen vallen hier niet onder.

Artikel 2 Belastbaar feit Onder de naam ‘toeristenbelasting’ wordt een directe belasting geheven voor het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen een vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn ingeschreven.

Artikel 3 Belastingplicht 1. Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot verblijf als bedoeld in artikel 2 van deze verordening. 2. De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene die verblijf houdt als bedoeld in artikel 2 van deze verordening. 3. Als er geen persoon is aan te wijzen die gelegenheid biedt tot verblijf, is degene belastingplichtig die verblijf houdt als bedoeld in artikel 2 van deze verordening. Artikel 4 Vrijstellingen De belasting wordt niet geheven voor het verblijf: 1. van degene die verblijft in een instelling als bedoeld in artikel 4 van de Wet toetreding zorgaanbieders; 2. van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft in de zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet, en voor zover deze persoon verblijf houdt als bedoeld in artikel 1 van de Verordening, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers. 3. van degene die verblijf houdt in een gemeubileerde woning voor welk verblijf forensenbelasting is verschuldigd; 4. voor groepen van personen in de leeftijd van 0 tot 18 jaar, die in georganiseerd verband, als bedoeld in artikel 1 letter e, verblijf houden en voor de begeleiders vanaf 18 jaar. Artikel 5 Maatstaf van heffing 1.

De belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen in het belastingtijdvak. Het aantal overnachtingen wordt gesteld op het aantal overnachtende personen vermenigvuldigd met het aantal nachten dat zij verblijf houden. 2. In afwijking van het eerste lid, wordt met toepassing van artikel 6, lid 2, de belasting geheven naar een vast bedrag per arrangement. 3. Op een door de belastingplichtige bij de aangifte gedaan verzoek wordt de maatstaf van heffing als bedoeld in het tweede lid vastgesteld op het werkelijk aantal overnachtingen als bedoeld in het eerste lid, als blijkt dat dit resulteert in een lager aanslagbedrag. Artikel 6 Belastingtarief 1. Het tarief bedraagt, per persoon, per overnachting € 1,00. 2. In afwijking van het eerste lid kan de belasting voor het houden van verblijf op een kampeerterrein, in mobiele kampeeronderkomens of vakantieonderkomens, die gedurende de gehele arrangementsperiode worden gebruikt door dezelfde persoon of personen, bij de aangifte gebruik worden gemaakt van de in lid 3 opgenomen tarieven per arrangement. 3. Het tarief bedraagt, per arrangement voor een periode van: a. 0 tot 3 maanden € 110,00 b. 3 tot 6 maanden € 140,00 c. 6 tot 9 maanden € 160,00 d. 9 tot en met 12 maanden € 180,00 Artikel 7 Belastingtijdvak Het belastingtijdvak loopt van 1 juli 2025 tot en met 31 december 2025.

Artikel 8 Wijze van heffing De belasting wordt bij wege van aanslag geheven. Artikel 9 Aanslaggrens Een belastingaanslag wordt niet opgelegd als de maatstaf van heffing in het belastingtijdvak minder dan vijf overnachtingen heeft belopen. 2024-062797

2/4

Artikel 10 Termijnen van betaling 1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet een aanslag worden betaald uiterlijk twee maanden na de dagtekening van het aanslagbiljet. 2. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijn. Artikel 11 Kwijtschelding Bij de invordering van de toeristenbelasting wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel 12 Aanmeldplicht 1. De belastingplichtige bedoeld in artikel 3, eerste lid, is gehouden, voordat hij voor de eerste maal na het in werking treden van deze verordening gelegenheid biedt tot het houden van verblijf, zulks schriftelijk te melden aan de door het college van burgemeester en wethouders aangewezen gemeenteambtenaren, bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdelen b en d, van de Gemeentewet. 2. De verplichting als bedoeld in het voorgaande lid geldt niet voor de belastingplichtige die met betrekking tot het jaar voorafgaand aan het belastingtijdvak in de heffing van de toeristenbelasting betrokken is. Artikel 13 Registratieplicht 1. De belastingplichtige is verplicht per belastingtijdvak een nachtverblijfsregister bij te houden. 2. De vorm van het nachtverblijfregister is vrij, maar bevat tenminste met betrekking tot een ieder aan wie gelegenheid tot overnachten wordt verschaft, de volgende gegevens: a. naam en woonplaats van de (hoofd)persoon die overnacht; b.

aantal personen van het gezin of de groep waarmee men reist; c. datum van aankomst en datum van vertrek; d. het aantal overnachtingen ter zake waarvan belasting verschuldigd is. 3. De verplichting als bedoeld in de voorgaande leden geldt niet voor zover de belastingplichtige gebruik maakt van de vaste tarieven van de heffingsmaatstaf als bedoeld in artikel 6, lid 2 van deze verordening. In deze gevallen is de in het eerste lid genoemde verplichting beperkt tot de in het tweede lid onder sub a genoemde gegevens tezamen met de periode en de aanduiding (naam of nummer) van de standplaats waar wordt overnacht. 4. Voor zover op grond van andere wet- of regelgeving geen langere bewaartermijn geldt, geldt voor het nachtverblijfregister een bewaartermijn van 5 jaar. Artikel 14 Aangifteplicht 1. De belastingplichtige, bedoeld in artikel 3, eerste lid, is gehouden, indien hij niet binnen vier weken na afloop van het belastingtijdvak een uitnodiging heeft ontvangen tot het doen van aangifte, binnen twee weken na afloop van deze termijn schriftelijk aan de aangewezen ambtenaar, bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdeel b, van de Gemeentewet, te verzoeken tot een uitnodiging tot het doen van aangifte. 2.

De gemeente behoudt zich te allen tijde het recht voor alsnog een uitnodiging tot het doen van aangifte te verzenden, dan wel, bij gebrek aan een (tijdige) aangifte door belastingplichtige, de grondslag voor de berekening van de toeristenbelasting te schatten en de belasting middels een ambtshalve aanslag op te leggen. 3. Indien beschikbaar zal de grondslag voor de aanslag als bedoeld in het voorgaande lid tenminste gelijk zijn aan de grondslag van het voorgaande belastingtijdvak. Artikel 15 Inwerkingtreding 1. Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 juli 2025. 2. De datum van ingang van de heffing is 1 juli 2025.

2024-062797

3/4

Artikel 16 Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening toeristenbelasting gemeente Overbetuwe 2025.

Aldus besloten in de openbare vergadering van 3 december 2024.

DE RAAD VOORNOEMD, de griffier,

de voorzitter,

drs. D.E. van der Kamp

R.P. Hoytink-Roubos

2024-062797

4/4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=OverBetuwe&id=468fa6e3-1b44-4dc5-8620-802dd4c8403e