24-10-01.12 Relevant stuk 7, Evaluatie verbonden partijen d.d. 12 juli 2023
Tekst van het document
Evaluatie verbonden partijen Versie 12 juli 2023
Zaaknummer: 2022-020834
Inleiding De gemeente werkt in verschillende samenwerkingsverbanden met andere partijen samen. Voor zover de gemeente daarin een financieel belang en bestuurlijk belang heeft spreekt men van een verbonden partij. De raad heeft op 5 februari 2013 de Nota verbonden partijen vastgesteld. Daarin staan beleidskaders met betrekking tot oprichting of deelname aan een verbonden partij door de gemeente, wie haar vertegenwoordigt en de governance. Onderdeel van de governance is evaluatie van de verbonden partijen. Zo staat in de Nota verbonden partijen dat iedere collegeperiode de categorie A verbonden partijen moeten worden geëvalueerd. Daarnaast heeft het college in haar uitvoeringsprogramma 2022-2026 in hoofdstuk 8.2 Verbonden partijen staan: "Doelstelling 8.2: Wordt de oorspronkelijke gemeentelijke doelstelling tot deelname aan een verbonden partij gehaald en is deze nog steeds actueel Toelichting bij punt 8.2 uitvoeringsprogramma: Onze doelstelling is dat verbonden partijen efficiënt en effectief bijdragen aan het realiseren van onze bestuurlijke doelstellingen en taakuitvoering. In 2024 voeren we daartoe een evaluatie uit." In onderhavige evaluatie zijn alle verbonden partijen op dit punt geëvalueerd, met uitzondering van de Commandiet Westeraam C.V. Deze verbonden partij wordt in 2023 namelijk geliquideerd.
De verbonden partijen De gemeente Overbetuwe werkt samen in 11 verbonden partijen. Een overzicht van de verbonden partijen, hun belang en onze vertegenwoordigers treft u aan in bijlage 1 bij deze evaluatie. In het kort zijn het: 1. 2. 3. 4. 5. 6.
Naam verbonden partij Gemeenschappelijke regeling Veilig- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden (VGGM) Gemeenschappelijk regeling Omgevingsdienst regio Arnhem (ODRA) Gemeenschappelijke regeling regio Arnhem Nijmegen (Groene metropoolregio) Modulaire gemeenschappelijke regeling Sociaal Domein Centraal Gelderland (MGR SDCG) Gemeenschappelijke regeling Park Lingezegen (Parkorganisatie)
7.
Gemeenschappelijke regeling Bedrijfsvoeringsorganisatie Doelgroepenvervoer Arnhem Nijmegen (BVO DRAN) Gemeenschappelijke regeling Recreatieschap Over-Betuwe
8.
Euregio Rijn-Waal
9.
Commandiet Westeraam C.V. *
1C
BNG B.V.
11
Vitens N.V.
12
Stichting Samenwerkingsverband Glasvezelnetwerk Arnhem (SSGA)
*De Commandiet Westeraam C.V. wordt in 2023 geliquideerd. De eerste 8 verbonden partijen zijn publiekrechtelijke samenwerkingsverbanden, de laatste 4 zijn privaatrechtelijke samenwerkingsverbanden. De Euregio Rijn-Waal is een bijzondere verbonden partij, omdat deze op grond van Duits recht is opgericht. Dat betekent dat de Wet gemeenschappelijke regelingen niet op deze verbonden partij van toepassing is. Van de overige publiekrechtelijke verbonden partijen neemt de raad alleen deel aan het Recreatieschap Over-Betuwe. Daaraan heeft de raad verordende bevoegdheid overgedragen. Dat betekent dat de overige verbonden partijen beleidsarm zijn en voornamelijk uitvoerende taken verrichten. Opzet evaluatie Bij de evaluatie zijn betrokken: - de uitgangspunten in de Nota verbonden partijen - de eisen uit de BBV - het uitvoeringsprogramma, doelstelling 8.2 In de Nota verbonden partijen staat dat verbonden partijen van de A-categorie iedere collegeperiode worden geëvalueerd en dat de evaluatie bestaat uit een beoordeling van: ■ Het publieke kader: de doelmatigheid en rechtmatigheid van de verbonden partij, waarbij wordt gecontroleerd of de publieke doelstellingen worden gewaarborgd en of dit op de juiste wijze plaatsvindt.
■ De "corporate governance": een beoordeling of de zeggenschapsstructuur in lijn is met de wetgeving en met de gehanteerde beleidsuitgangspunten met betrekking tot de gemeentelijke vertegenwoordiging, zoals uiteengezet in deze nota. ■ De begroting en jaarstukken van de verbonden partij: een beoordeling van de naleving van de gestelde eisen ten aanzien van deze stukken in de statuten en de wetgeving, zoals het Burgerlijk Wetboek en de Wet gemeenschappelijke regelingen, en van de financiële resultaten, de financiële risico's en de toekomstige ontwikkelingen. Volgens de Nota verbonden partijen vallen alle verbonden partijen in de B-categorie, tenzij: -
Het financiële belang groter is dan € 500.000 én de kans dat dit bedrag niet verhaalbaar is of de gemeente aansprakelijk wordt gesteld groter wordt ingeschat dan klein3 De bestuurlijke zeggenschap door vertegenwoordiging in het bestuur of door het hebben van stemrecht, vrij groot of groot is2 Er een groot politiek-bestuurlijk belang mee gemoeid is
2 Een aan de verbonden partij ter beschikking gesteld bedrag dat niet verhaalbaar is indien de verbonden partij failliet gaat en/of het bedrag waarvoor aansprakelijkheid bestaat indien de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt (zie ook paragraaf 1.1). 3 Te beoordelen op een schaal van zeer klein, klein, enigszins aanwezig, vrij groot, groot.
Om de doelmatigheid van een verbonden partij te kunnen evalueren is het van belang dat het doel van het samenwerkingsverband is bepaald om te kunnen beoordelen of dit doel is behaald. Daarbij is tevens van belang of er naast het doel dat het samenwerkingsverband nastreeft, er een specifiek gemeentelijk doel is bepaald bij deelname aan de verbonden partij. Volgens de Nota worden deze doelen bij categorie A verbonden partijen jaarlijks vooraf bepaald. Gelet op het voorgaande en de doelstelling in het uitvoeringsprogramma is besloten enigszins afwijkend van de Nota verbonden partijen voor alle verbonden partijen te onderzoeken wat het oorspronkelijke doel tot deelname aan de verbonden partij is geweest of dit doel tussentijds is gewijzigd, of deelname aansluit bij de huidige bestuurlijke doelstellingen dan wel beleidskaders, welke ontwikkelingen er aan komen om tot slot te concluderen of deelname aan de verbonden partij nog passend is en welke aandachtspunten er zijn. Voor de opzet van de vragen wordt verwezen naar bijlage 3. Voor de evaluatie per verbonden partij naar bijlage 4. Evaluatie Oorspronkelijk doel tot deelname Uit de evaluatie volgt dat de besluiten tot deelname aan een verbonden partij in een aantal gevallen niet meer beschikbaar zijn. Het gaat om de verbonden partijen die al heel lang bestaan, zoals de BNG, Vitens, Euregio Rijn-Waal en Recreatieschap Over-Betuwe.
Desondanks kan aan de hand van de historie en de aanwezige stukken worden opgemaakt wat het oorspronkelijke doel voor samenwerking zeer waarschijnlijk is geweest. Uit de deelnamebesluiten blijkt dat voorafgaande aan de oprichting van de verbonden partijen vaak uitgangspunten voor samenwerking zijn geformuleerd door de potentiële deelnemers. Deze uitgangspunten waren leidend voor de verdere vormgeving van de samenwerking. Veel genoemde uitgangspunten zijn schaalvoordeel, kwaliteitsverbetering en kostenbesparing. Deze uitgangspunten worden in de deelnamebesluiten veelal als doel voor samenwerking genoemd (ODRA, BVO DRAN, MGR SDCG). Deze doelen worden vervolgens niet gekwantificeerd. Een nulsituatie of kwaliteit-prestatie-indiciatoren zijn evenmin bepaald. Specifiek gemeentelijk doel Of gemeente Overbetuwe een specifiek gemeentelijk doel nastreefde met de deelname aan een verbonden partij -anders dan de gezamenlijk geformuleerde doelen tot samenwerkingblijkt niet uit de besluiten tot deelname. Wijziging van het doel. De bij deelname omschreven doelen voor samenwerking zijn sinds de deelname niet tot nauwelijks gewijzigd, dan wel niet herbepaald. Bij de BVO DRAN en de ODRA is het uitgangspunt van kostenvoordeel in de loop van de jaren losgelaten. In de Nota verbonden partijen is ten aanzien van de categorie A verbonden partijen bepaald dat de raad jaarlijks vooraf bepaald: ■ ■
Het beleid en de concrete doelstellingen voor realisatie in het komende jaar van het samenwerkingsverband. De aanpak en de concrete doelen van de gemeente Overbetuwe binnen het samenwerkingsverband voor het komende jaar en daarmee het mandaat voor de gemeentelijke vertegenwoordiger van de gemeente Overbetuwe in het samenwerkingsverband.
■ De begroting en de financiële risico's van de gemeente Overbetuwe voor het komende jaar als gevolg van deelname aan het samenwerkingsverband. Hieraan wordt momenteel, in ieder geval de afgelopen vier jaar, geen toepassing gegeven. Wat onder een categorie A verbonden partij valt blijkt in de praktijk lastig vast te stellen. Daarover verderop meer. KPI's Bij het merendeel van de verbonden partijen zijn geen kwaliteit-prestatie-indicatoren (KPI's) vastgesteld naar aanleiding van een vastgesteld doel aan de hand waarvan de voortgang c.q. dienstverlening kan worden getoetst. Bij een aantal verbonden partijen zijn in een dienstverleningsovereenkomst of in de regeling zelf rapportageverplichtingen afgesproken (ODRA, MGR SDCG, BVO DRAN). Daarbij is aangegeven welke gegevens in de rapportage moeten staan. Er is echter geen prestatieniveau bepaald. Desondanks wordt bij de meeste verbonden partijen aangegeven dat de KPI's niet worden gemist. De rapportages of jaarverslagen bieden klaarblijkelijk voldoende informatie over de taakuitvoering.
Dit komt niet overeen met de aanbeveling uit het rapport van de rekenkamercommissie Grip op verbonden partijen uit 2015: • Wanneer aan het samenwerkingsverband uitvoerende taken worden opgedragen, zorg er dan voor dat er een vastgestelde inhoudelijke visie is op het desbetreffende onderwerp; • Leidt van deze visie meetbare doelen en prestaties af, die de uitgangspunten vormen voor de afspraken met het samenwerkingsverband over de te leveren prestaties; • Stuur tijdens de uitvoering op doelen, prestaties en kosten. Stuur op kosten in relatie tot de doelen en prestaties; Aansluiting bij huidige beleid c.q. bestuurlijke doelen Uit de evaluatie volgt ten aanzien van alle verbonden partijen dat deelname bijdraagt aan de huidige beleidsdoelstellingen dan wel het uitvoeringsprogramma van het college. In hoeverre dit effectief dan wel efficiënt gebeurt is de vraag, omdat bij de meeste verbonden partijen bij aanvang of later geen meetbare doelen en prestaties zijn geformuleerd dan wel een onderliggende inhoudelijke visie. Daardoor kan de effectiviteit dan wel efficiency niet concreet worden getoetst. Corporate governance: zeggenschapsstructuur De zeggenschapsstructuur bij de verbonden partijen is in lijn met de wetgeving, met uitzondering van het Recreatieschap Over-Betuwe en de VVGM.
Bij deze verbonden partijen maakt het DB qua personen (Recreatieschap Over-Betuwe) of qua stemgewicht (VGGM bij bepaalde besluiten) een meerderheid uit van het AB en dat is in strijd met artikel 14, derde lid van de Wet gemeenschappelijke regelingen. Een reëel interne verantwoordingsrelatie ontbreekt daardoor. Daarnaast ontbreekt bij de VGGM een toezichthouder Ambulancezorg. Bij beide verbonden partijen wordt momenteel onderzocht hoe de huidige inrichting en governancestructuur kan worden verbeterd. De bedoeling van beide verbonden partijen is de regeling in het najaar 2023 overeenkomstig de wet aan te passen, inclusief de aanpassingen die voortvloeien uit de wijziging van de Wet gemeenschappelijke regeling per 1 juli 2022. Corporate governance: gemeentelijke vertegenwoordiging De gemeentelijke vertegenwoordiging in zowel publiekrechtelijke als privaatrechtelijke verbonden partijen is in lijn met de beleidsuitgangspunten van de Nota verbonden partijen.
Bij de publiekrechtelijke verbonden partijen zijn geen raadsleden benoemd als vertegenwoordiger van de gemeente, tenzij de publiekrechtelijke organisatie dit zelf voor schrijft (zoals geldt bij de Euregio voor een deel van de leden van de Euregioraad). Ten aanzien van de privaatrechtelijke verbonden partijen zijn er conform de Nota verbonden partijen geen collegeleden benoemd in de Raad van commissarissen, Raad van Toezicht of het bestuur. Volgens de Nota verbonden partijen ligt het meest voor de hand dat de eerst verantwoordelijke portefeuillehouder als gemeentelijke vertegenwoordiger wordt aangewezen. Alleen bij de SSGA wordt hiervan afgeweken, aangezien de teammanager Informatie de gemeente vertegenwoordigt. SSGA voert geen collegetaken uit, maar de gemeente in staat gebruik te maken van een constant en snel glasvezelnetwerk. Het financieel en bestuurlijk belang bij de besluitvorming van de SSGA is zeer gering. De Nota bepaalt slechts dat geen gemeenteambtenaren worden benoemd in de Raad van commissarissen en de Raad van toezicht, zodat de benoeming van de teammanager gelet op het voorgaande passend lijkt. Jaarstukken verbonden partij Uit de evaluatie blijkt dat in de jaarstukken van de verbonden partijen een eventueel risico niet gekwantificeerd wordt. Dit heeft gevolgen voor onze jaarstukken (zie hierna).
Daarnaast wordt in de jaarrekening van de verbonden partij de behaalde resultaten van het samenwerkingsverband benoemd maar niet altijd wat de behaalde resultaten zijn voor de deelnemende gemeente (voor zover mogelijk). Daarnaast wordt bij de jaarstukken geen oplegger gebruikt met een samenvatting van de belangrijkste ontwikkelingen dan wel aandachtpunten. Dit betekent niet dat de jaarstukken niet voldoen aan de wet, maar ze bieden de gemeente minder houvast. Jaarstukken gemeente: paragraaf verbonden partijen In de jaarstukken worden vooral de financiële resultaten benoemd en minder de prestaties. De prestaties worden niet altijd herleid tot de gemeente Overbetuwe. Dit komt mede doordat de inhoud is gebaseerd op de jaarrekening van de verbonden partij die deze informatie ook niet altijd bevat. Daarnaast zijn er weinig meetbare doelen of prestaties geformuleerd, zodat het vaak blijft bij een vergelijking met voorgaande jaren. Duiding van de prestatie is daardoor niet goed mogelijk. De opzet van de paragraaf verbonden partijen van de begroting of jaarrekening voldoet aan de eisen van het Besluit Begroting en Verantwoording. Bij de risico-aanduiding wordt echter niet aangesloten bij de terminologie beschreven in de Nota verbonden partijen: zeer klein, klein, enigszins aanwezig, vrij groot, groot.
Daarnaast wordt bij de motivering van het risico soms een cirkelredenering gehanteerd door het hebben van het financieel belang aan te merken als groot risico. Het hebben van een financieel belang, inhoudende dat de gemeente de financiële bijdrage kan kwijtraken bij een faillissement of aansprakelijk kan zijn voor eventuele tekorten van de verbonden partij, is echter een wezenskenmerk van een verbonden partij. Het gaat om de kans dat deze omstandigheid zich voordoet. Daarnaast blijkt uit een consultatie van de financieel adviseurs dat een eenduidige risicoduiding conform de Nota verbonden partijen in de praktijk lastig blijkt. Ter toetsing hebben ze samen de jaarstukken van vier grootste verbonden partijen bekeken: BVO DRAN, MGR SDCG, Groene Metropoolregio en de ODRA. Geconstateerd werd dat het risico van een verbonden partij door de verschillende financieel adviseurs niet hetzelfde werd ingeschat. Dit komt mede doordat het risico in de begroting van de verbonden partijen
wel wordt benoemd, maar niet is gekwantificeerd. Ook constateren de financieel adviseurs dat de financiële bijdrage an sich niet persé iets zegt over de grootte van het risico dat gelopen wordt. De verplichtingen bij niet nakoming door de verbonden partij kunnen immers groter zijn dan de financiële bijdrage aan de verbonden partij. Daarnaast is de financiële bijdrage aan de MGR SDCG hoog vanwege de loonbetalingen aan de SW-ers, terwijl bij de Groene metropoolregio de financiële bijdrage niet de gelden voor de financiële opgaven bevat. Dat de risicoduiding op grond van de genoemde criteria in de Nota verbonden partijken praktisch lastig blijkt heeft ook gevolgen voor de juiste indeling van een verbonden partij in categorie A of B, omdat het financiële risico een van de drie criteria is om de verbonden partij daarop in te delen.
Indeling verbonden partij in categorie A of B Een verbonden partij wordt ingedeeld in categorie A als: - Het financiële belang groter is dan € 500.000 én de kans dat dit bedrag niet verhaalbaar is of de gemeente aansprakelijk wordt gesteld groter wordt ingeschat dan klein3 - De bestuurlijke zeggenschap door vertegenwoordiging in het bestuur of door het hebben van stemrecht, vrij groot of groot is2 - Er een groot politiek-bestuurlijk belang mee gemoeid is In de Nota verbonden partijen is niet bepaald wie de indeling van de verbonden partijen in categorie A categorie vaststelt. De huidige indeling in de jaarstukken is ambtelijk bepaald. Op grond van de begroting 2023 hebben de VGGM, ODRA, MGR SDCG en BVO DRAN een financieel belang groter dan € 500.000. Geen enkele verbonden partij heeft een bestuurlijke zeggenschap dat vrij groot of groot is. Of er een groot politiek of bestuurlijk belang mee is gemoeid is niet formeel vastgesteld, maar wellicht wel meegenomen bij de ambtelijke indeling. Dit betekent -mede gelet op de hiervoor geconstateerde problemen bij de risicoduiding- dat er geen actueel beeld is welke verbonden partij daadwerkelijk aangemerkt kan worden als A-categorie conform de Nota verbonden partijen en daarmee op welke verbonden partij de bijbehorende aanvullende afspraken van toepassing zijn. Voor een overzicht zie bijlage 2.
Ontwikkelingen en aandachtpunten Op 1 juli 2022 is de Wet gemeenschappelijke regeling gewijzigd, waarop de gemeenschappelijke regelingen uiterlijk 1 juli 2024 moeten zijn aangepast. De wijziging van deze wet is voor sommige verbonden partijen aanleiding om de inrichting van de verbonden partij te herzien en de regeling mede daarop aan te passen (VGGM en Recreatieschap Over-Betuwe). Bij de ODRA speelt de inwerkingtreding van de Omgevingswet een rol. Bij meerdere verbonden partijen wordt de krapte op de arbeidsmarkt als belangrijke ontwikkeling genoemd. Tot slot zijn er in het sociaal domein landelijke ontwikkelingen op het gebied van Jeugdzorg en Wmo die van invloed kunnen zijn op de werkzaamheden van de MGR SDCG. Overige constateringen Sinds de vaststelling van de Nota verbonden partijen in 2013 zijn er drie nieuwe deelnemingen geweest: BVO DRAN, MGR SDCG, Groene metropoolregio. Alleen bij de MGR SDCG wordt in het deelnamebesluit de gekozen samenwerkingsvorm nader onderbouwd door het besliskader uit de Nota verbonden partijen te doorlopen (bijlage 1 bij de Nota verbonden partijen). Daarnaast bevat het besliskader van de Nota verbonden partijen in bijlage 1 geen logische stappenvolgorde als de vraag met ja of nee wordt beantwoord. Een vervolgstap of eindconclusie ontbreekt hier en daar. Het schema dient te worden verduidelijkt.
Conclusie De oorspronkelijke doelen om deel te nemen aan een verbonden partij zijn in beeld en door de jaren heen niet gewijzigd dan wel herbepaald. Er zijn over het algemeen geen heldere meetbare doelen of prestaties geformuleerd, dan wel een nulsituatie bepaald noch kwaliteitof prestatie-indicatoren. Deze zogenaamde KPI's worden niet gemist, maar dat wordt mogelijk mede veroorzaakt doordat er geen prestatieniveau/meetbaar doel is bepaald. De beoordeling van de prestaties blijft dan beperkt tot een vergelijking van de prestaties met voorgaande jaren, waarbij niet vaststaat of de prestatie an sich goed is. Alhoewel kan worden gesteld dat de deelnames bijdragen aan de huidige bestuurlijk doelen, kan op grond van de evaluatie niet worden geconcludeerd hoe effectief dan wel efficiënt wordt bijgedragen aan de bestuurlijke doelen. De governance is bij twee verbonden partijen (Recreatieschap Over-Betuwe en VGGM) qua zeggenschap niet geheel in lijn met de wet, maar beiden zijn voornemens deze omissie dit najaar te herstellen via een herinrichting van de verbonden partij en aanpassing van de regeling. De opzet van de jaarstukken van de verbonden partijen en de gemeente voldoen aan de BBV. Aandacht verdient de bepaling van het financieel risico conform de Nota verbonden partijen, welk risico tevens bepalend is voor de indeling van de verbonden partij in categorie A of B.
Daardoor ontbreekt een actueel beeld van de categorie A verbonden partijen en daarmee voor welke verbonden partij de bijbehorende aanvullende afspraken in de Nota gelden (zoals de vierjaarlijkse evaluatieverplichting).
- Doelstelling/openbaar belang
0 4.) —= C= a) -0
= a> :a=
5 "0 I :‹ .= 2 - '2 E -0 22 — _c = L.. 2
CD l"" I °
.
---c
E
cn
cu .P-00o= 0 .7z--: E a> T.>
>00?.. 1-4
cn .5 ._ = _c _c -.-I— •. —
CD
> c) •-c ......
OD
-.-, --....i ...=. ,_,
_E" c)
>
(T)
•
ui
u) _c c
0
N .
Parkorganisatie ( Park Lingezegen) http://parklinciezecien.nl/
Omgevingsdienst regio Arnhem ( ODRA) http://www.odregioarnhem .nl/home/
Er is een afspraak met Lingewaard over e de vertegenwoordiging in het DB. De l 2 j r burgemeester LW, volgende 2jaar burgemeester Overbetuwe. De regeling is ingeste ldter gemeenschappelijke behartiging van de belangen van de deelnemers ter zake van vergunningverlening, toezicht, handhaving en advisering in het kader van het omgevingsrecht (voor Overbetuwe alleen milieutaken). Onder de belangen van de deelnemers wordt tevens begrepen het belang van een goede samenwerking tussen de omgevingsdiensten in Gelderland. De realisatie en coordinatie van het beheer Park Lingezegen
Gemeenschappe lijke regelingen (publiek) Draagt zorg voor de wette lijke gemeentelijke taken op het gebied van openbare gezond heidszorg, jeugdgezondheidszorg, preventie, veilig thuis, epidemiologie, hulpverlening op het gebied van de brandweer, geneeskundige hulpverlening bij rampen, ambulancehulpverlening, bevolkingszorg, GGDen de meldkamerfunctie van brandweer en ambulanced ienst.
Ver bonden part ij
E Wethouder W.H. Hol
2.
Wethouder A.T.L. van den Dam
Wethouder 1. D.E.W. Horsthuis Tange lder
Wethouder D.E.W. Horsthuis Tangelder
Op grond van de regeling is er geen plaatsvervanger voor het tweede lid.
geen
Wethouder C.B.A. Teunissen Opmerking: AB-l id 1 volgt uit de functie. Alleen het tweede AB-lid moet benoemd worden.
Loco-burgemeester o.g.v. art ikel 77, lid1 Gemeentewet Wethouder D.E.W. Horsthuis Tange lder
Plaatsvervangend lidAB
Burgemeester R.P. HoytinkRoubos
A lgemeen bestuur Er z ijn twee A B-leden:
Vertegenwoord iger
a)= 2 ..•-"E"' m
an is
-o n3 a) .= . r_ 1" a) <72 a) a) , F3 -2 E O) E 1.3 -:-.: ,-, a) o o o —, a) 20CLOOr -2
CC 0
m-= .
Lc)=
cC (D
ea >0
co= .
N-= .
.
Doelgroepenvervoer regio Arnhem Nijmegen ( DRAN)
cC 0 De belangen van de deelnemende gemeenten ten aanzien van openluchtrecreatie en toerisme, het landschapsschoon en de natuurbescherming, voor zover het de behartiging van de belangen op bovenlokaal niveau betreft.
De samenwerking heeftals doel het aanvu llend openbaar vervoer, het ' leerlingenvervoer en het gemeente lijk maatwerkvervoer slimmer, effic iënter en http://www.vervoersorgan i ' kla ntvriende lijker te organiseren en beter satie.nl/ af te stemmen op de mogelijkheden van de inwoners.
Het samenwerkingsverband behartigt de belangen van de deelnemers binnen het sociaal domein op het ge bied van: inkoop van dienstverlening dan wel goederen binnen het sociaal domein; de Leerplichtwet 1969en RMC-functie; - de d ienstverlening aan werkgevers in relatie tot het plaatsen van de doelgroepen waarvoor z ij een reintegratieverantwoorde lijkheid hebben; - het formele werkgeverschap voor medewerkers met een arbeidsovereenkomst ihkv de Wet sociale werkvoorziening. - inbur erin Bevordering van de regionale grensoverschrijdende samenwerking
Recreatieschap OverBetuwe http://www. uiterwaarde. nl/ over/bestuur/recreatiescha p-over-betuwe
ru Ta To= 0 f s= ct 0 4-, .= O == 0 O Cl) 0 -O L ---. O =u)= O)=ci c cc
Euregio Rijn-Waa l http://www.euregio.om/
a) ca 2.
1.
Wethouder A. H. Post 3. 2.
1.
2.
Wethouder D.E.W. Horsthuis - Tangelder
Wethouder D.E.W. Horsthuis Tangelder Wet houder A.H. Post Opmerking: De 2 AB-leden waren tot nu toe elkaars vervangers Wethouder C.B.A. Teunissen
1.
1. Wethouder D.E.W. Horsthuis Tangelder Raadslid: Janita HanekmapJanssen Raads lid: Dia Vennis Er z ijn twee plaatsvervangers:
Er zijn drie plaatsvervangers
Wethouder C.B.A. Teunissen
Wethouder A.H. Post
Er z ijn twee AB- leden:
Burgemeester R.P. HoytinkRoubos Raadslid: H. van der Heijden Raads lid: G. Maaijen
Er z ijn drie bestuursleden:
Wethouder A.T.L. van den Dam
= 'Er o rzi .13) 2
Q-
O
"a e ui. °-•)
so
.= ,--- ••or._,
a)
a> o i;
co= .
RS
zr c -O•
-Z Q. 5 E 2 2 o 4-, .c (I) ›.= 2 5 -t--
E '" -, 0 CDE
o ,... co CD Ó 0
d
(., cz ...... _c o
O) C.) .2 i_
O= _O ,.._ - C O
wc) ..< {,-; En 2 2 .= a„ -... -- ----C
a) E o E o c cu C
o u) O
) Z - • • -,:.-_ .r_. -, c (1) zt--- _E' - o
De rege l ing wordtgetroffen om de positie van de Regio Arnhem-Nijmegen te versterken en een kwalitat ieve groei van de regio — met behoud van de ty pische balans tussen levend ige verstedelijking en ontspannen leefkwaliteit— te bewerkstelligen op het ge bied van ruimte lijke ontw ikkeling (waaronder wonen, landschap, verkeer en mobiliteit) en sociaaleconomische ontw ikkeling (waaronder werkgelegenheid, bedr ijvigheid, recreatie, toerisme, leefbaarheiden cultuur) op de schaal van de regio, en waarbij integraliteit, innovatie, duurzaamheiden circulariteitbelangrijke uitgangspunten z ijn.
cd
cd
0 CO
..— 0
https://www.bnqbank.n1/
Bank Nederlandse Gemeenten N.V.
Ondernemerscentrum De Schalm B.V.
Het bevorderen van het ontstaan en de groei van zelfstan d ige, startende, doorstartende en bestaande bedr ijven in Midden-Gelderland waardoor een bijdrage wordtgeleverd aan de economische ontwikkeling in d it gebied. De gemeente is 100% aandeelhouder. Uitoefening van het bedr ijf van bankier voor het maatschappe lijk belang ten die nste van overheden door onder andere het aantre kken en uitzetten van gelden, het op andere w ijze verlenen van
De gemeente is 100%aandeelhouder van de Commandiet. Directeur is Peter Breukers
Westeraam Elst C.V. ( Dest ijds opgeric ht ter realissering van de nieuwbouww ijk Westeraam). De GEMWesteraam Elst C.V. is in 2021ge liquideerd.
Vennooltsc happen en coöperat ies (privaat) Command iet Westeraam Als commanditaire vennoot deelnemen in de commanditaire vennootschap GEM C.V.
C.D
—rs
.
,— 1.-=
.
Wet houder A.T.L. van den Dam
Wet houder A.T.L. van den Dam
Opmerking: Begin 2022is in de AVAbesloten het pand te verkopen. Na verkoop kan de BVgeliquideer d worden.
Wet houder A.T.L. van den Dam
Opmerking: De Commandiet wordtditja ar geliquideerd. De beslissingen in de A VAzullen daarmee samenhangen.
Wet houder W. H. Hol
Vertegenwoordiger als aandeel houder in de AVA
Burgemeester R.P. Hoyt inkRoubos
>:
,--- c.,= .
Stichting Samenwerkingsverband Glasvezelnetwerk Arnhem (SSGA) http://www.stadsringarnhe m.nl/
I Stichtingen
Vitens N.V. https://www.vitens. nl/
De stichting heeftten doel het verwerven en/of beheren en/of exploiteren van een glasvezelinfrastructuur in MiddenGelderland ten behoeve van haar deelnemers, z ijnde non-profit inste llingen in Arnhem en direct omgeving, zoals gemeenten, scholen, bibl iotheken en stichtin en.
Het verzorgen van de drinkwatervoorziening
kredieten, het stellen van garanties, het verzorgen van het betalingsverkeer, het verrichten van valutatransacties, het adviseren en bemiddelen bij de uitgifte van en de handel in effecten, het bewaren, beheren en administreren van effecten en andere vermogensbestanddelen ten behoeve van derden, alsmede het oprichten van en deelnemen in andere ondernemingen en/of rechtspersonen, w ier doel in verband staat met of bevorder lijk is voor het hiervoor gestelde. De gemeente heefteen stem per aandeel van EUR2, 50nominaal. Ditis 0,04%van het totaal aantal uitstaande aandelen . Wethouder A.T.L. van den Dam
CI)
"Ci •—. :O "C3 -Cl) CD ;5 CD
P: O O
= a) cs)
.8 ai >
o .i.--, c c» ..= co .= .— er)= . •
Opmerking: in afwijking van de Nota verbonden partijen is de teammanager TIO de gemeentelijke vertegenwoordiger bij SSGA conform afvaardiging van de andere deelnemers.
Teammanager TIO
07 .C 1 <5 "O ct3 iS" 0 > 0 0 "C3 a)
Bijlage 2 Indeling categorie A of B
Verbonden partij
Bestuurlijke zeggenschap is groot of vrij Financieel belang > waarvan risico niet € 5.00.000 (begroting verhaalbaar of gemeente groot 2023) aansprakelijk groter dan klein (geen rekening houdend met weerstandsvermogen VP)
1 VGGM (wettelijk verplicht)
4.320.000 :l=
2 ODRA (wettelijk verplicht)
992.000
267.000
3 Park Lingezegen 4 MGR SDCG
€ 4.496.159 (€ 3.738.240 WgSW en € 757.919 overig)
5 Euregio Rijn-Waal
€=
6 Recreatieschap Over-Betuwe 7 BVO DRAN
um
8 GMR
6=
9 Commandiet Westeraam 10 BNG
11 Vitens
12 SSGA
AININIM
12.000
2.179.000 419.000
€ 54.405 (21.762 aandelen) C 34.717 (34.717 aandelen)
4.000
groot politiek bestuurlijk belang ja/nee
Voorlopige indeling A of B categorie
Nee, 1 van 16 stemmen, besluitvorming bij gewone meerderheid van stemmen Nee, 8 van 102 stemmen, besluitvorming bij 52 stemmen van min. 5 deelnemers
la
A
la
A
Nee, 2 van 8 stemmen, besluitvorming bij gewone meerderheid van stemmen Nee, 2 van 21 stemmen, besluitvorming bij gewone meerderheid van stemmen
Nee
B
la
A
Nee, 3 van 152 stemmen, besluitvomring bij enkelvoudige meerderheid van aanwezige stemmen Nee, 2 van 8 stemmen, besluitvorming bij gewone meerderheid van stemmen Nee, 1 van 18 stemmen, besluitvomring bij gewone meerderheid van stemmen Nee, 2 van 34 Stemmen, besluivorming bij ewone meerderheid van stemmen
Nee
B
Nee
B
?
A
Ja
B
Nee Nee Nee, een stern per aandeel van EUR 2,50 is 0,04% van het totaal aantal uitstaande aandelen. Nee, een stem per aandeel van 1 euro is Nee 34.717 van 18 miljoen stemmen (0,19%) besluitvorming bij gewone meerderheid van stemmen Nee, stem is gerelateerd aan aan deelnemer Nee toegewezen aantal glasvezelnetwerkvervindingen op totale netwerk (1,19%)
Wordt geliquideerd B
B
B
voldoet aan deel criterium categorie A voldoet aan criterium categorie A l Nota verbonden partijen Alle verbonden partijen vallen in de B-categorie. tenzij: • Het financiële belangt groter is dan E 500.000 en de kans dat dit bedrag niet verhaalbaar is of de gemeente aansprakelijk wordt gesteld groter wordt ingeschat dan klein3 • De bestuurlijke zeggenschap door vertegenwoordiging in het bestuur of door het hebben van stemrecht, vrij groot of groot is2 • Er een groot politiek-bestuurlijk belang mee gemoeid is Per deelproces wordt beschreven welke procedures gelden voor verbonden partijen in de B-categorie en welke aanvullende procedures gelden voor de A-categorle verbonden partijen. 2 Een aan de verbonden partij ter bescniklong gesteld bedrag net Met verhaalbaar is indien de verbanden part failliet gaat en/of net bedrag waarvoor aansprakelijkheid bestaat lrtchen de verbonden party haar verplichtingen net ~cm late ook paragraaf 1.1). 3 Te beoordelen op een anaal van zeer "den klem, eniszes aanwezig, vrif groot, groet.
Op grond van de bandbreedtes in Nota risicomanagement zou alleen op grond van het bedrag van de financiële bijdrage de risico's van VGGM en BVO ORAN groat zijn. Van ODRA vrij groot. En van MGR SDCG groot of vrij groot afhankelijk of loonbetalingen 5W meegenomen wordt.
Begroting 2023 Paragraaf verbonden partijen Verbonden partij=
Risico
VGGM Groot De algemene bedrijfsreserve (ABR ) wordt gebruikt am exploitatieoverschotten en verliezen te compenseren en de risicoparagraaf af te dekken. Aangezien deze partij zelf geen verdere mogelijkheden heeft om nadelige exploitatiesaldi op te vangen komen eventuele hogere tekorten geheel voor rekening van de deelnemende gemeenten. ODRA Risico is in principe beperkt tot de verstrekte bijdrage. Eventuele bedrijfsrisico's warden gedragen naar rato van inbreng van taken en verantwoordelijkheden zoals beschreven in het bedrijfsplan van ODRA Park Lingezegen MGR SDCG
Verplichte deelname ogv de wet, we kunnen niet uitstappen. Verplichte deelname ego de wet, we kunnen niet uitstappen.
n.v.t Risico beperkt zich tot de betaalde bijdrage.Risico is uittredende gemeenten uit de GR. Frictiekosten warden toegerekend aan de uittredende partij, maar de verdeling t.a.v. overhead zal verhogen.
Samenwerkingsverband Euregio Rijn-Waal Gering Recreatieschap Over-Betuwe=
Gering. Het Recreatieschap Over-Betuwe is één van de drie aandeelhouders van de B.V. Recreatie-maatschappij Rivierengebied. In het geval deze BV niet meer aan haar verplichtingen kan voldoen, gaat ze (uiteindelijk) zonder verdere verplichtingen van de aandeelhouders failliet
BVP DRAN Normaal. De BVD.heeft geen eigen vermogen. Tekorten komen voor rekening van de deelnemende gemeenten. Groene metropoolregio
Indien bij de jaarrekening een tekort ontstaat, passen de deelnemende gemeenten het tekort bij. De verdeling van het tekort vindt plaats op overeenkomstige wijze als beschreven bij het bepalen van de inwonerbijdrage.
BNG
Beperkt Risico beperkt tot de nominale inleg van E 54.405 (21.762 aandelen)
Vitens
Beperkt Risico beperkt tot het belang in aandelen (€ 34.717)
SSGA
Risico is nihil.
Paragraaf weerstandsvermogen Gemeenschappelijke regeling
Als deelnemer aan een verbonden partij zijn we (indirect) verantwoordelijk voor de financiële risico's van deze partij.
Via algemene uitkering een aantal effecten gedempt, Wk.,. uitvoering extra wettelijke taken en deel risicogradaties aansluiten bij nota risicomanagement, dat de termen zeer, laag, midden, hoog, zeer hoog? Bedragen aan verbonden. Weerstand zit in wat we moeten betalen en niet in bet risico om te betalen.
Financieel risico=
250
Financieel belang a E 5.00.000 (2023)
waarvan risico niet verhaalbaar of gemeente aansprakelijk groter dan klein (geen rekening houdend met weerstandsvermogen VP)
1 VGGM (wettelijk verplicht) 2 ODRA (wettelijk verplicht)
992.000
3 Park Lingezegen
267.000
4. hoog
4 MGR SDCG
4tillaiii . . .....= 5 Euregio Rijn-Waal
6 Recreatieschap Over-Betuwe
~ , , .=
C
7 BVO ORAN
9 Comrnandiet Westeraam 10 BNG
11 Vitens
Risicoklasse
Klasse
Nee. 1 van 16 stemmen, besluitvorming bij wone meerderheid van stemmen Nee, 8 van 102 stemmen, besluitvorming bij 52 stemmen van min. 5 deelnemers
la
A
la
A
Nee, 2 van 8 stemmen, besluitvorming bij gewone meerderheid van stemmen Nee, 2 van 21 stemmen, besluitvorming bij gewone meerderheid van stemmen
Nee
B
la
A
Nee, 3 van 152 stemmen, besluitvomring bij enkelvoudige meerderheid van aanwezige stemmen Nee, 2 van 8 stemmen, besluitvorming bij gewone meerderheid van stemmen Nee, 1van 18 stemmen, besluitvomring bij
Nee
B
Nee
B
r
A
gewone meerderheid van stemmen Nee, 2 van 34 stemmen, besluivorming bij :ewone meerderheid van stemmen
419.000
6 54.405 (21.762 aandelen)
Nee, een stem per aandeel van EUR 2,50 is 0,04% van het totaal aantal uitstaande aandelen. Nee. een stem per aandeel van 1 euro is 34.717 van 18 miljoen stemmen (0,19%) besluitvorming bij gewone meerderheid van stemmen Nee, stem is gerelateerd aan aan deelnemer toegewezen aantal glasvezelnetwerkvervindingen op totale netwerk (1,19%)
€ 34.717 (34.717 aandelen)
4.000
12 SSGA
groot politiek bestuurlijk Voorlopige indeling A belang ja/nee of B categorie
, ........ •
12.000
8 GMR
Bestuurlijke zeggenschap is groot of vrij groot
la
e
Nee Nee
Wordt geliquideerd 8
Nee
B
Nee
B
Nota verbonden partijen Zeer klein, klein, enigszins aanwezig, groot, zeer groot Note risicomanagement Impact 1 < C 100.000 2 a 6100.000 - <6 250.000 3 >6250.000 .<€ 500.000 4 > € 500.000 - < € 1.000.000 5 a. 6 1.000.000
Risico zeer laag laag midden hoog zer hoog
Nota verbonden partijen Risico zeer klein klein enigszins aanwezig vrij groot groot
Alle verbonden partijen vallen In de B-categorie, tenzij: a E18 Het financl@le belangt groter is dan € 500.000 en de kans dat dit bedrag niet verhaalbaar is of de gemeente aansprakelijk wordt gesteld groter wordt ingeschat dan klei n3 > De bestuurlijke zeggenschap door vertegenwoordiging in het bestuur of door het hebben van stemrecht, vrij groot of groot is2 > Er een groot politiek-bestuurlijk belang mee gemoeid is=
I
Bijlage 3 Evaluatie verbonden partijen Naam verbonden partij: Portefeuillehouder (bestuurder): 1. Wat was het oorspronkelijke doel met deelname aan de verbonden partij? 2. Was er voor de gemeente een specifiek doel om deel te nemen in de verbonden partij? 3. Is dit doel tussentijds gewijzigd. 4. Is dit doel nog steeds actueel?
5. Bij welk bestuurlijk doel (huidig beleid) sluit het belang van deelname aan?
6. Hebben we inzicht in het behalen van dit doel?
7. Zijn er KPI's geformuleerd waarop ontwikkelingen worden getoetst? Zo nee, missen we die?
8. Zijn er ontwikkelingen die van invloed zijn op de verbonden partij?
Conclusie
Bijlage 4 Evaluatie verbonden partijen Opgesteld d.d. 12 juli 2023
Evaluatie verbonden partijen Naam verbonden partij: Portefeuillehouder (bestuurder):
Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden (VGGM) Patricia Hoytink-Roubos en Chantal Teunissen
1.= Wat was het oorspronkelijke doel met deelname aan de verbonden partij? Op 1 oktober 2010 is de Wet veiligheidsregio's in werking getreden, waarbij colleges in de regio Gelderland-Midden verplicht worden een gemeenschappelijke regeling aan te gaan met de aanduiding "veiligheidsregio" (o.a. brandweer, meldkamer, GHOR en multidisciplinaire samenwerking). Uit de oprichtingsstukken blijkt dat in Gelderland-Midden ervoor is gekozen om ook de regionale taken op het gebied van volksgezondheid onder te brengen in deze regeling (gezondheidsregio). Daardoor hoefde de bestaande Regeling Hulpverlening Gelderland Midden slechts gewijzigd te worden en ontstond een bestuursconstructie met maximale integraliteit, waarbij de integrale hulpverleningsorganisatie behouden kan blijven. Tevens werd een ingewikkelde financiële administratie voorkomen die zou kunnen ontstaan bij twee regelingen. De brandweer van de gemeente Overbetuwe blijft dan nog zelfstandig. Zie ook het B&W-advies 10bw000799. Uit de gemeenschappelijke regeling Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden volgt dat de VGGM de belangen behartigt van de gemeenten in het samenwerkingsgebied op de terreinen van: • Brandweerzorg; • Ambulancezorg; • Publieke gezondheid; • GHOR; • Rampenbestrijding en crisisbeheersing; • Gemeenschappelijke meldkamer.
De behartiging van de genoemde belangen vindt plaats met behoud van de eigen plaatselijke bevoegdheden en verantwoordelijkheden van de besturen en de brandweerkorpsen van de deelnemende gemeenten. Uit de oprichtingsstukken blijkt geen helder geformuleerd doel voor samenwerking dan te voldoen aan een wettelijk verplichte samenwerking t.a.v. de veiligheidstaken en het belang van het behoud van een integrale hulverleningsorganisatie (Veiligheids- en Gezondheidsregio) om de wettelijke taken van de Wet veiligheidsregio's en Wet publieke gezondheid uit te voeren. 2.= Was er voor de gemeente een specifiek doel om deel te nemen in de verbonden partij? Naast de wettelijke verplichting tot oprichting van een Veiligheidsregio zijn er in de oprichtingsstukken geen specifieke doelen geformuleerd voor de VGGM.
Van belang is dat de VGGM op grond van artikel 14 van de Wet veiligheidsregio's verplicht is om t.a.v. de veiligheidstaken een beleidsplan op te stellen met daarin de doelen t.a.v. brandveiligheid en de werkwijze en de kwaliteit van de brandweerzorg die het nastreeft. De raad wordt bij de voorbereiding ervan betrokken. Sommige doelen zijn heel specifiek benoemd en voldoende meetbaar, denk bijvoorbeeld aan opkomsttijden. Andere doelen zijn minder goed meetbaar. 3.= Is dit doel tussentijds gewijzigd? Het doel tot deelname is niet gewijzigd. De taken zijn sinds de oprichting wel uitgebreid: • Brandweer — 2015. Het redden van mens en dier, het voorkomen en bestrijden van brand en het verlenen van hulp bij ongevallen. Tot haar taken behoren ook voorlichting, controle op preventieve maatregelen en rampenbestrijding. • Bureau jeugdzorg — 2015. Indicatiestelling, uitvoering van de taken van het Advies- en Meldpunt Kindermishandeling; uitvoering van jeugdbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering. • Veilig Thuis - 2016. Veilig Thuis is er voor advies en ondersteuning en het melden van huiselijk geweld en kindermishandeling. • WMO-toezicht — 2017. Het bewaken en het verbeteren van de kwaliteit van de geleverde zorg en ondersteuning. 4. Is dit doel nog steeds actueel? Ja. 5. Bij welk bestuurlijk doel (huidig beleid) sluit het belang van deelname aan? • • • • • • •
Beleidsplan Sociaal Domein Overbetuwe 2020-2025; `Een sterke sociale basis in Overbetuwe'. Uitvoeringsnotitie, Publieke Gezondheid Volwassen en Ouderen Overbetuwe (2018). Nota Integrale Veiligheid 2021 - 2022. Preventie Akkoord Overbetuwe; Gezond Overbetuwe doen we samen! (2021). Preventie- en Handhavingsplan Alcohol 2021-2024. Actualisering 2024 Integraal Veiligheidsplan 2024-2027. Actualisering 2024 Beleidsplan Publieke Gezondheid 2024-2027.
Uitvoeringsprogramma 2022-2026 1.4 Publieke gezondheid Doelstelling Preventie is nodig om te zorgen dat mensen langer gezond blijven. We geven aandacht aan de langetermijneffecten van de coronapandemie. Samen met verbonden partijen als VGGM en lokale organisaties uit zorg, welzijn, sport en cultuur slaan we de handen ineen om te werken aan een gezonde leefomgeving voor onze inwoners. Waarin onze kinderen gezond kunnen opgroeien en onze volwassenen gezond en zo lang als mogelijk zelfstandig ouder worden. Het Overbetuwe Preventieakkoord is daarbij een doorvertaling van het Nationale Preventieakkoord en bundelt alle plannen voor een gezonde leefstijl. Hierbij horen
onderwerpen als bewegen, voeding en gewicht, roken, alcohol- en drugsgebruik, stress, eenzaamheid, langer thuis wonen, schulden en laaggeletterdheid. De coronapandemie heeft veel impact gehad op het dagelijks leven, de gezondheid en het welbevinden van inwoners. Ook in Overbetuwe zien we hiervan de gevolgen, onder meer door een toegenomen vraag om ondersteuning en zorg voor inwoners. Met onze samenwerkingspartners zetten we daarom (tijdelijk) extra ondersteuning in via het Corona Steunpakket en de Rijksmiddelen vanuit het Nationaal Programma Onderwijs. 2.4 Veiligheid Doelstelling We willen de objectieve en subjectieve veiligheid voor inwoners, bezoekers en organisaties verhogen om de kwaliteit van de leef-, woon- en werkomgeving te verbeteren. We blijven inzetten op onze doelstellingen in de nota Integrale Veiligheid: aanpak ondermijnende criminaliteit, terugdringen en bestrijden van High Impact Crimes, het versterken van verkeersveiligheid en het vergroten van de weerbaarheid tegen digitale dreiging. Ontwikkelingen in de samenleving en op veiligheidsgebied vragen steeds meer aandacht. De aanpak van ondermijning, mensenhandel, bestuursrechtelijke maatregelen om georganiseerde criminaliteit aan te pakken, etc. volgens het huidige beleidsplan vraagt meer personele inzet dan we nu hebben. Deze capaciteit breiden wij daarom uit.
Een veilige en gezonde leefomgeving is een belangrijke voorwaarde om in een gemeente te willen wonen, verblijven, recreëren, ondernemen en/of werken. Daarbij zetten we in op preventie, maar ook op repressie als dat noodzakelijk is.
Programmabegroting De programma-indeling ziet er als volgt uit: 1.Duurzame en gezonde samenleving (sport en gezondheid). 2. Leefbare en bereikbare samenleving (veiligheid). 6. Hebben we inzicht in het behalen van dit doel? Jaarlijks geeft de VVGM op hoofdlijnen inzicht in het behalen van het doel via de jaarstukken. Tevens ontvangt de gemeente gezondheidsmonitoren jeugd, volwassen en senioren, alsook factsheets over de vaccinatiegraad en de ambulancezorg. De wens bestaat om meer grip te krijgen op de behaalde doelen door te gaan werken met een dienstverleningsovereenkomst vanaf 2024. Vierjaarlijks vindt een terugblik plaats op het beleidsplan, dat input levert voor het nieuw beleidsplan. 7. Zijn er KPI's geformuleerd waarop ontwikkelingen worden getoetst? Zo nee, missen we die? Zoals aangegeven bevat het beleidsplan voor de veiligheidsregio een aantal meetbare doelen, zoals de opkomsttijd. Voor het overige zijn er geen KPI's bepaald. Er is wel behoefte aan sturing middels een dienstverleningsovereenkomst. 8. Zijn er ontwikkelingen die van invloed zijn op de verbonden partij? Op dit moment wordt onderzocht hoe de organisatie- en governancestructuur van de VGGM kan worden verbeterd, omdat deze als complex wordt ervaren. Daarbij is het nadrukkelijk de bedoeling om de Veiligheidsregio en Gezondheidsregio bij elkaar te houden.
Samenwerking bij crises en bij bedrijfsvoering zijn goede redenen om de
VGGM als geheel in takt te laten. Onderdeel van het onderzoek is de huidige zeggenschapsstructuur, welke in strijd met (de (geest van) artikel 14, derde lid van de Wgr. Naar de geest van dit artikel mogen leden van het DB zowel in personele omvang als in stemgewicht geen meerderheid uit mag maken van het AB om een reële interne verantwoordingsrelatie mogelijk te maken. Daaraan wordt bij bepaalde besluitvorming door het stemgewicht niet voldaan. Ook ontbreekt een wettelijk verplichte toezichthouder ambulancezorg. De noodzakelijke aanpassingen van de gemeenschappelijke regeling worden meegenomen met de wijziging van de gemeenschappelijke regeling naar aanleiding van de gewijzigde Wgr.
Conclusie Deelname aan de VGGM is ten aanzien van de veiligheidstaken een wettelijk verplichte samenwerking. Bij de oprichting is geen ander doel geformuleerd dan het behoud van de integrale hulpverleningsorganisatie. De samenwerking draagt naar de aard van de taken bij aan onze bestuurlijke doelen: duurzame en gezonde samenleving alsook leefbaarheid en bereikbare samenleving. In hoeverre de taakuitvoering efficiënt en effectief bijdraagt aan deze doelen is door het ontbreken van vastgestelde indicatoren en prestatieniveaus momenteel niet duidelijk, met uitzondering van een aantal taken van de veiligheidsregio. Het ontbreken van een dienstverleningsovereenkomst bij het gros van de taken wordt als een gemis ervaren om meer grip te krijgen op de (resultaten van de) dienstverlening. Aandachtspunt bij de VGGM is de organisatie- en governancestructuur die als complex wordt ervaren. De zeggenschapsstructuur is niet in lijn met de wet en er ontbreekt een wettelijke verplichte toezichthouder ambulancezorg.
Evaluatie verbonden partijen Naam verbonden partij:
ODRA
Portefeuillehouder (bestuurder):
Rik van den Dam
1. Wat was het oorspronkelijke doel met deelname aan de verbonden partij? Naast het voldoen aan de wettelijke plicht tot het vormen van een regionale omgevingsdienst (toen nog regionale uitvoeringsdienst) werd bij de vorming van de RUD een hogere kwaliteit van vergunningverlening, toezicht en handhaving (de zogeheten VTH-taken) nagestreefd. Voor gemeente Overbetuwe gaat het om de milieutaken. Binnen deze bundeling van taken is er altijd ruimte geweest voor regionale invulling. 2. Was er voor de gemeente een specifiek doel om deel te nemen in de verbonden partij? Bij besluit van 26 juni 2012 (12bw000327) heeft het college van B&W van de gemeente Overbetuwe zich uitgesproken dat door regionale samenwerking op MRA niveau voldoende (gedeelde) deskundigheid, voldoende kwantiteit, effectieve inzet van specialismen en (op termijn) meer kwaliteit zou ontstaan. En dat alles budgettair neutraal waarbij de frictiekosten beperkt zouden worden en binnen een redelijke termijn terug zouden worden verdiend. 3. Is dit doel tussentijds gewijzigd? Nee, dit doel is niet tussentijds gewijzigd. Alleen de budgetneutraliteit is wèl later losgelaten. 4. Is dit doel nog steeds actueel? Ja, de doelen uit 2012 zijn, met uitzondering van die budgetneutraliteit, nog steeds actueel. 5.
Bij welk bestuurlijk doel (huidig beleid) sluit het belang van deelname aan? Uitvoeringsprogramma 1 Duurzame gezonde samenleving 6. Hebben we inzicht in het behalen van dit doel? Nee, er is destijds geen nulsituatie bepaald of KPI's om dit doel te meten. Of het bestuurlijk doel wordt behaald is eveneens niet goed meetbaar. Er is wel informatie over de uitvoering van de taken door de rapportageverlichting in de dienstverleningsovereenkomst: Artikel 9= Rapportage en verantwoording uitvoering Werkprogramma 9.1= Opdrachtnemer rapporteert elk kwartaal uiterlijk op de 15e van de eerste maand volgende op dat kwartaal aan opdrachtgever over de voortgang van werkzaamheden in de vorm van een managementrapportage; 9.2= Opdrachtnemer rapporteert binnen een maand na afloop van elk kalenderjaar aan opdrachtgever omtrent de uitvoering van het Werkprogramma;
9.3= Voor de rapportages, bedoeld in het eerste en tweede lid van dit artikel, stelt de opdrachtgever in overleg met opdrachtnemer een format vast. Ook wordt in het jaarverslag op gemeenteniveau verslag gedaan van de financiele uitgaven t.o.v. de begroting, alsook het aantal producten/diensten t.o.v. de begroting. Ook over klachten worden we geïnformeerd. 7. Zijn er KPI's geformuleerd waarop ontwikkelingen worden getoetst? Zo nee, missen we die? Nee. De informatie die vanuit de dienstverleningsovereenkomst wordt gerapporteerd (klachten) kan een indicatie geven over bijvoorbeeld de kwaliteit van dienstverlening, maar daarvoor kunnen ook andere indicatoren voor worden gehanteerd. 8. Zijn er ontwikkelingen die van invloed zijn op de verbonden partij? In de begroting 2024 zijn 13 ontwikkelingen genoemd. Voor onze gemeente zijn voornamelijk van belang krapte op de arbeidsmarkt, de invloed van verwachte economische ontwikkelingen op het bedrijvenbestand dat wijzigt en groter wordt, klimaatregelen, stikstofbeleid, advies commissie van Aartsen dat mogelijk leidt tot een andere financieringsprincipe- en structuur, rijker verantwoorden en gevolgen van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging
Conclusie De deelname aan de ODRA is wettelijk verplicht. Het verlenen van vergunningen en het toezicht daarop draagt naar de aard van de taken bij aan het bestuurlijk doel van een duurzame gezonde samenleving. In hoeverre de taakuitvoering efficiënt en effectief bijdraagt aan dit bestuurlijke doel dan wel voldoet aan de oorspronkelijke inzet van hogere kwaliteit is door het ontbreken van vastgestelde indicatoren en prestatieniveaus momenteel niet duidelijk.
Evaluatie verbonden partijen Naam verbonden partij: Portefeuillehouder (bestuurder):
MGR SDCG Rik van den Dam
1. Wat was het oorspronkelijke doel met deelname aan de verbonden partij? In september 2013 hebben de G12 gemeenten in de regio Arnhem (Centraal Gelderland) een regionale visie op de drie decentralisaties vastgesteld over wat ze in het sociale domein willen bereiken en waarom. Dit om op 1 januari 2015 klaar te staan voor de nieuwe taken rond de decentralisaties. De gemeenten hebben zich daarbij uitgesproken voor een duurzaam samenwerkingsverband: -= op basis van gelijkwaardigheid, vrijwillig maar niet vrijblijvend. -= met respect voor lokale verschillen én ruimte voor lokaal beleid aan de ene kant en slagvaardigheid en efficiëntie aan de andere kant. Middels een modulaire gemeenschappelijke regeling (MGR) willen zij per 1-4-2017 de gewenste slagkracht realiseren waarbij er voldoende ruimte en flexibiliteit is om op grond van lokaal beleid keuzes te maken in samenwerkingstaken waar een gemeente wel en niet aan wil deelnemen. Vanuit die gemeenschappelijke visie hebben alle 12 colleges van de regio Centraal Gelderland in november 2015 het besluit genomen om ook na 2016 taken binnen het sociaal domein regionaal uit te voeren. De 12 gemeenten zijn ervan overtuigd dat zij daardoor meer kwaliteit van zorg kunnen bieden aan inwoners tegen lagere kosten en de transformatie van het sociaal domein kunnen versnellen.
Daarnaast voorkomt een MGR een overlap aan juridische constructies en wordt de bestuurlijke drukte beperkt. Dit heeft ertoe geleid dat er na 1-4-2017 meerdere modules aan de MGR zijn toegevoegd, waarbij een aantal andere samenwerkingsverbanden zijn opgeheven. 1-4-2017 Inkoop: een regionale inkooporganisatie realiseren waarin alle 12 gemeenten slagkracht en kostenefficiëntie realiseren door de inkoop, het contractmanagement en het contractbeheer gezamenlijk uit te voeren met hetzelfde doel voor ogen: faciliteren dat inwoners in staat zijn om de regie over hun eigen leven te voeren, daar waar nodig met steun van familie, vrienden, buurtgenoten en met steun van goede algemene voorzieningen. En redden inwoners het niet zonder aanvullende hulp dan is er een goede toegang tot hulp dicht bij huis, hulp die zo kort en licht is waar het kan en intensief en specialistisch waar het moet. Behalve dat dit goed is voor inwoners en gemeenten, is het ook positief voor aanbieders die zich door de regionale samenwerking op inkoop met minder administratieve lastendruk geconfronteerd zien.
1-1-2018 module Onderwijszaken (Leerplicht, Regionale Meld- en Coordinatiefunctie en Volwasseneducatie) voorheen onder Gemeenschappelijke regeling Onderwijszaken (GRO) Door de GRO bestuurlijk en organisatorisch onder te brengen bij de MGR verstevigt de samenhang in de regionale samenwerking en kan het werkgeverschap voor het RBL geregeld worden. Het vermindert de bestuurlijke drukte. Door het continueren van de eenheid RBL (Leerplicht en RMC) na een pilotfase blijft er één herkenbare professionele organisatie bestaan die op eenduidige wijze samenwerkt met leerlingen, ouders, scholen en andere ketenpartners en minder kwetsbaar is.
1-1-2018 module WSP (voorheen samenwerkingsverband) en 1-1-2019 module Wgsw (voorheen GR Werkvoorziening Midden Gelderland, ook wel Presikhaaf Bedrijven genoemd) Doel is samenhang in gezamenlijke publieke taken in tegenstelling tot de huidige lappendeken van verschillende juridische entiteiten (WSP als samenwerkingsverband, verloningsbedrijf als aparte GR) zonder dat het ten koste gaat van de lokale flexibiliteit in de uitvoering. De gewenste continuïteit in werkgeverschap kan binnen de MGR eenduidig geborgd en uitgevoerd worden. Colleges en raden kunnen hierdoor een duidelijke opdrachtgevende rol nemen vanuit de lokale uitgangspunten. De regionale inzet van het WSP levert zowel financiële als geografische schaalvoordelen op. 1-1-2022 Inburgering (contractmanagement) Doel is om voor de uitvoering van het contractmanagement gebruik te maken van de kennis, expertise en systemen van het team Inkoop Zorg. 2.
Was er voor de gemeente een specifiek doel om deel te nemen in de verbonden partij?
Overbetuwe had oorspronkelijk drie motieven om samen te werken. Versterking van kwaliteit en kostenbesparing was een gedeeld motief. Het derde betrof financiële solidariteit tussen gemeenten om elkaar te helpen bij onverwachtse toename van vraag en dus kosten van bijvoorbeeld zeer specialistische en dure (boven)regionale jeugdzorg. Door dit motief te koppelen aan het basispakket is de kans groter dat meerdere gemeenten hier op termijn voorstander van zijn. 3. Is dit doel tussentijds gewijzigd? Nee, het oorspronkelijke doel is niet tussentijds gewijzigd. 4. Is dit doel nog steeds actueel? Ja 5. Bij welk bestuurlijk doel (huidig beleid) sluit het belang van deelname aan? Beleidsplan Sociaal Domein Overbetuwe 2020-2025 een sterke sociale basis. Beleidsmonitor Sociaal Domein 2021 Interactievisie: Gemeente Overbetuwe: samenlevingsgericht, communicatief en betrouwbaar!, september 2020 Uitvoeringsprogramma Programma 4. Inclusieve en participatiesamenleving Programma 5. Werkende en lerende samenleving 6.
Hebben we inzicht in het behalen van dit doel? Van sommige doelen kan worden gesteld dat het aannemelijk is dat deze zijn verwezenlijkt door de oprichting van de MGRS SDCG, zoals schaalvoordelen bij inkoop, het verminderen van de adminstratieve lastendruk bij ondernemers bij inkoop van zorg, het verminderen van de bestuurlijke drukte door minder gemeenschappelijke regelingen, de mogelijkheid van continuïteit en eenduidigheid van werkgeverschap dan wel het kunnen bieden van het werkgeverschap voor RBL, één eenduidige werkwijze regionaal t.a.v. RBL. Daarnaast bieden de jaarstukken inzicht in resultaten.
Ook zijn er per samenwerkingsmodule dienstverleningsovereenkomsten (DVO's) afgesloten, waarin afspraken zijn gemaakt over het verstrekken van kwartaalrapportages. Op grond van deze gegevens kunnen de resultaten worden gemonitoord. In een enkel geval is ook een prestatieniveau bepaald. Inkoop: opdrachtnemer verstrekt een kwartaalrapportage met in ieder geval informatie over de a. algemene voortgang van de Module inkoop met betrekking tot de prestaties inkoop, contractmanagement en contractbeheer; b. productiecijfers Jeugd en Wmo, inclusief waar mogelijk de duiding van deze cijfers; c. in afstemming met de gemeente en waar mogelijk koppeling van de in b genoemde productiecijfers aan de van de gemeente afkomstige (financiële) cijfers en beleidsinformatie; d. beoogde planning van de komende zes maanden; e. financiële uitnutting van de module inkoop. Het behalen van het doel slagkracht en kostenefficiency bij inkoop lijkt aannemelijk. Daarnaast voert de VGGM kwaliteitsonderzoeken uit, waaruit de kwaliteit van de geleverde diensten in het kader van contractbeheer blijkt. Prestatieniveaus zijn echter niet bepaald. WSP: opdrachtnemer verstrekt een kwartaalrapportage met informatie over plaatsingen van de doelgroepen (reguliere kandidaten WWB, WSW en NUG, kandidaten banenafspraak, kandidaten Wajong, WGA of WAZ uitkering en kandidaten met WW uitkering.
Opdrachtgever verstrekt opdrachtnemer in ieder geval de volgende informatie: a. Informatie over de bestandsopbouw, zoals vastgelegd in het handboek WSP. b. Werkfitte kandidaten met complete profielen, c. kandidaten Landelijk Doelgroep Register, d. analyse over arbeids inzetmogelijkheden kandidaten. Voor het bestand zal minimaal twee keer per jaar een geactualiseerd overzicht verstrekt worden. De tevredenheid van werkgevers met betrekking tot de WSP-dienstverlening wordt jaarlijks gemeten door een extern bureau, de ambitie voor 2018 is een 8,0. De terugkoppeling vindt plaats middels een rapportage naar het RPO. De resultaten kunnen hiermee worden gemonitoord. Met het jaarlijkse klanttevredenheidsonderzoek en het bepalen van een prestatieniveau voor 2018 van een 8 is een meetbaar doel bepaald. De dienstverleningsovereenkomst en het prestatieniveau zijn sinds 2018 niet geactualiseerd. Dit roept de vraag op of het ambitieniveau nog actueel is. Onderwiiszaken: opdrachtnemer verstrekt een kwartaalrapportage met kwantitatieve informatie over verzuimmeldingen en rmc meldingen, halfjaarlijks een financieel overzicht en een jaarverslag RBL en een jaarverslag oud-VSV-actie. De resultaten kunnen hiermee worden gemonitoord. Er is echter geen prestatieniveau voor deze resultaten bepaald. Het genoemde doel voor deelname aan deze module lijkt met deelname reeds te zijn bereikt.
Het werkgeverschap voor RBL is geregeld. Er blijft een herkenbare professionele organisatie bestaan die op eenduidige wijze samenwerkt met partners en minder kwetsbaar is. De bestuurlijke drukte zal ten opzicht van het GRO, voorgaande entiteit, niet verminderen, omdat het overleg nu plaatsvindt in de bestuurscommissie. Eveneens een enkele bestuurslaag. Wctsw: Opdrachtnemer verstrekt kwartaalrapportages aan opdrachtgever met in ieder geval informatie over:
a. De verstrekte salarisbetalingen en de te verwachten salarisbetalingen voorjaar t, afgezet tegen t-1 en ten opzichte van de van toepassing zijnde begroting. b.De omvang van het aantal boventalligen en de loopbaantrajecten die met betrekking tot de boventalligen lopen. c. Overige relevante informatie voortvloeiend uit de taken zoals vermeld onder artikel 2 eerste lid. d. Tweemaal per jaar verstrekt opdrachtnemer de statistieken aan opdrachtgever zoals vastgelegd in artikel 11 van de 'regeling uitvoering sociale werkvoorziening en begeleid werken'. De resultaten kunnen hiermee derhalve gemonitoord. Er is geen prestatieniveau bepaald. Inburgering Het gaat om inkoop, waarbij aangesloten wordt bij de aanwezige kennis en inkoopervaring van de module inkoop. De werkzaamheden dragen naar hun aard bij aan een van de twee doelstellingen genoemd in programma 4 en 5. Of deelname ook ook efficient en effectief bijdragen aan deze doelen is vanwege het ontbreken van meetbare doelen/prestatieniveaus niet duidelijk. Uitzondering vormt de WSP. 7.
Zijn er KPI's geformuleerd waarop ontwikkelingen worden getoetst? Zo nee, missen we die? De gegevens in de kwartaalrapportages dienen in feite als indicatoren waarop gemonitoord wordt en geven een beeld van de wijze waarop de taak wordt uitgevoerd Echter er is vooraf geen prestatie- of kwaliteitsniveau bepaald (met uitzondering van het WSP), waaraan de taakuitvoering moet voldoen. 8. Zijn er ontwikkelingen die van invloed zijn op de verbonden partij? Het is de bedoeling om per 1-1-2024 SROI onder te brengen bij de module WSP en een nieuwe module Facilitering Regionaal Portefeuillehouders Overleg (RPO) aan de regeling toe te voegen. We zien steeds grotere personele problemen ontstaan bij onze zorgaanbieders. Dat vraagt van gemeenten om samen na te denken over de mogelijke consequenties hiervan, alternatieven te bedenken voor 'gebruikelijke' zorg en over incidentele of structurele oplossingen (Bron: uitvoeringsprogramma) Daarnaast zijn er landelijke ontwikkelingen gaande op het gebied van Jeugdzorg en Wmo (huishoudelijke hulp).