CConstaterende datOverBetuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

24-09-03.16 Relevant stuk 2. Bijlagenboek Grote Molenstraat 116 te Elst

Gemeenteraadsvergadering 3 september 2024, gemeente OverBetuweBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan "Buitengebied, Grote Molenstraat 116, Elst"12.021 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Bestemmingsplan Bijlagen bij toelichting

Buitengebied, Grote Molenstraat 116, Elst

Bestemmingsplan Buitengebied, Grote Molenstraat 116, Elst Gemeente Overbetuwe Status:

Ontwerp

Datum:

Juni 2024

IMRO-Idn: NL.IMRO.1734.0402Grtmlnstr-ONTD

Buitengebied, Grote Molenstraat 116, Elst

Datum Juni 2024

Correspondentieadres Postbus 11 6662 AA ELST

Telefoon 0481 362 300

E-Mailadres info@overbetuwe.nl

bestemmingsplan Buitengebied, Grote Molenstraat 116, Elst

Inhoudsopgave

Bijlagen bij toelichting

5

Bijlage 1

Landschapsplan

5

Bijlage 2

Versterkingsplan GO

20

Bijlage 3

Quickscan flora en fauna

35

(ontwerp)

3

bestemmingsplan Buitengebied, Grote Molenstraat 116, Elst

4

(ontwerp)

bestemmingsplan Buitengebied, Grote Molenstraat 116, Elst

Bijlagen bij toelichting Bijlage 1 Landschapsplan

Bijlagen bij toelichting (ontwerp)

5

De Lingegaerdt

schetsontwerp toekomstig gebruik 07 juli 2022

Inleiding Kees en Carisia 't Jong zijn sinds enige jaren de eigenaren van Streekwinkel De Lingegaerdt in Elst. Ze namen de winkel over van een echtpaar dat wilde stoppen. Kees is afdelingschef geweest van een supermarkt in het westen van het land. Kees en Carisia zijn beiden doof. Uit eigen ervaring weten ze welke moeilijkheden een beperking op kan leveren. In de streekwinkel werken ze, via de Driestroom, dan ook samen met mensen met een beperking. Het is de bedoeling dat het erf en het terrein dat bij de Lingegaerdt hoort wordt omgevormd tot een levendige plek die een toevoeging is voor Park Lingezegen. Het moet een plek worden die, wat aanbod betreft, aansluit op wat 'Landerij De Park aanbiedt'. De nadruk komt daarbij wat meer te liggen op mensen met een beperking en op een aanbod dat verschillende zintuigen prikkelt en stimuleert. De streekwinkel zal onderdeel zijn van deze plek, maar het is niet meer de hoofdfunctie. Het in dit document beschreven plan geeft invulling aan die transformatie. Een transformatie die begint bij het verwijderen van een deel van de bestaande laagstamboomgaard. En die zich stapsgewijs voortzet over de rest van het terrein, tot zich een bruisende plek in Park Lingezegen heeft gevormd. Een plek waar mensen met en zonder een beperking, jong en oud, welkom zijn en zich thuis voelen.

Luchtfoto huidige situatie

2

3

Historie Het landschap tussen Rijn en Waal is een bijzonder landschap. Wij kennen beide rivieren als min of meer stabiele factoren in ons landschap. Slechts af en toe, in 1993 en in 1995 bijvoorbeeld, zien we dat rivieren van zichzelf vol dynamiek zitten. Komend vanuit de bergen zochten ze zich in Nederland, de delta, een weg via de laagste delen, op weg naar zee. Tegenwoordig worden ze daarbij door dijken op hun plaats gehouden. Vroeger pasten ze hun loop voortdurend aan. Omdat de stroomsnelheid in de vlakke delta af neemt heeft sediment hier de kans neer te slaan. Grovere delen, zoals zand, slaan dichter bij de hoofdstroom neer. De fijne kleideeltjes blijven langer in oplossing en worden dus verder van de hoofdstroom, in luwer water, afgezet. Bij het opdrogen zakt klei verder in dan zand. Zo kon een landschap ontstaan van iets hoger gelegen, meer zandige oeverwallen en lagere, kleiige komgronden.

van 1900, hiernaast weergegeven, is echter nog fraai het verschil tussen akkers (beige) en weiden (groen) te zien. Hoe dichter bij het punt waar de Neder-Rijn zich afsplist van de Waal, helemaal rechts op de kaart, hoe meer zich ook de oeverwallen met elkaar vervlechten. Op de onderstaande geomorfologische kaart is dit ook te zien. Met nummer 47 zijn de oeverwallen aangegeven, met nummer 65 en 66 de kommen. De gele vlekjes, aangegeven met 44, zijn kleine dekzandruggen. Vermoedelijk ligt de oude kern van Elst op een dergelijke zandondergrond.

Het neerslaan van sediment betekende echter ook dat de rivier zijn bedding voortdurend verlegde. Dat is ook wat in het landschap tussen Rijn en Waal, en nabij de Lingegaerdt ook nog de Linge, voortdurend gebeurde. Hier vlocht de rivier zich een weg door het landschap. Hierbij werden voortdurend oeverwallen en kommen gemaakt. Maar er werden ook voortdurend oude oeverwallen en kommen doorsneden. Zeker rondom Elst, waar de Rijn, de Waal en de Linge dicht bij elkaar liggen ontstond er niet één duidelijke oeverwal langs de Rijn en één duidelijke oeverwal langs de Waal, maar ontstond er daartussen nog een heel netwerk van (relicten van) oeverwallen. Van oudsher waren de meer zandige oeverwallen het meest geschikt voor fruitteelt en akkerbouw. Ze worden wel aangeduid als de 'beste gronden van de wereld': voedselrijk, goed doorwortelbaar en een goede waterhuishouding. De komgronden bestaan meer uit wat we 'vette klei' noemen. Erg voedzaam, maar moeilijk te bewerken. Bovendien zakt regenwater er slecht in weg, bestaat de kans dat de bodem 'dicht slaat' en wordt de klei bij droogte erg hard. Deze gronden, die bovendien ook wat lager en natter waren, werden vaak gebruikt als weide of hooiland.

Topografische kaart 1900. Akkers zijn beige weergegeven, weiden groen. De Lingegaerdt is wit omcirkeld.

4

Tegenwoordig is het verschil in landgebruik niet meer zo duidelijk te herkennen. Met de huidige technieken en machines kunnen we ook de komgronden min of meer geschikt maken voor bijna ale vormen van landgebruik. Op het kaartbeeld

5

Elst, 1900 Als we wat verder inzoomen op de kaart van 1900 kunnen we de locatie van de Lingegaerdt in die tijd beter bekijken. Het bedrijf zelf bestaat nog niet. De woning van de buren is al wel te zien en het terrein van de Lingegaerdt is als perceel al wel herkenbaar. Aan het gebruik als akker in de omgeving is te zien dat de Lingegaerdt op een oeverwal ligt. De naam van (proef)boerderij Zandakker, rechts op de kaart, doet ook vermoeden dat er hier waarschijnlijk akkers met een wat zandiger bodem te vinden waren. 'Hollander Broek' daarentegen verwijst juist naar lagere gronden. Ten noorden van de huidige Lingegaerdt ligt kasteelplaats De Perk, terwijl de Grote Molenweg naar een korenmolen in het zuiden leidt.

Elst, 1930 De oppervlakte boomgaard neemt in de decennia daarna iets toe. Op het kaartbeeld van 1930 is te zien dat boomgaarden niet langer beperkt zijn tot een klein perceel gekoppeld aan het erf, maar dat nu grotere percelen, soms ook wat meer in het 'vrije veld' gelegen, beplant worden met, naar alle waarschijnlijkheid, hoogstambomen.

De hoeveelheid boomgaarden is beperkt. Vaak zijn ze gebonden aan de directe omgeving van het erf. De perceelsgrenzen zijn over het algemeen beplant. Dit zal doornig struweel geweest zijn: meidoorn, sleedoorn en hondsroos die samen een ondoordringbare beplanting vormden. De akkers waren zo bescherm tegen wildvraat, de weiden werden zo voorzien van 'natuurlijk prikkeldraad'.

Verder is er weinig verandering in het grondgebruik. Vaak zijn het nog dezelfde akkers en weiden als in 1900, waarbij ook de perceelsranden nog steeds beplant zijn.

Het is interessant om te vermelden dat omstreeks deze tijd het bekende appelras 'Elstar' is ontwikkeld op proefboerderij 'De Zandakker'. 'Elstar' is een samentrekking van Elst en Arie. De plaatsnaam waar het ras is ontwikkeld en de voornaam van de ontwikkelaar.

Het erf van de Lingegaerdt is nog steeds niet als woonplek te zien. Mogelijk is het erf ontstaan in aansluiting op het erf dat nu van de buren is en dat later is afgesplitst als zelfstandig erf.

Topografische kaart 1900

Topografische kaart 1930

6

7

Elst, 1965 In de jaren '60 van de vorige eeuw heeft de fruitteelt een enorme vlucht genomen. Een groot deel van de voormalige akkers is nu beplant met fruitbomen, waarschijnlijk in die tijd nog steeds hoogstambomen. Tegelijkertijd is een groot deel van de beplanting op de perceelsranden verdwenen of gereduceerd tot bomenrijen. Ook op de erven is een verandering zichtbaar. Hier zal ook de Tweede Wereldoorlog een rol hebben gespeeld. Rondom Arnhem en Nijmegen is behoorlijk gevochten, waarbij veel boerderijen beschadigd zijn geraakt. Het zorgde na de oorlog voor het ontstaan van een nieuw soort erf: het 'wederopbouw-erf'. Boerderij de Zandakker, inmiddels aangegeven als 'Santacker' is een mooi voorbeeld van een wederopbouw-boerderij. Relatief jong, maar toch met fraai gedetailleerde architectuur. Ten zuiden van de Lingegaerdt, die in 1965 nog steeds niet bestaat, rukt de bebouwing van Elst op. De korenmolen, eerder een markant punt aan het einde van de Grote Molenstraat, is inmiddels verdwenen.

Elst, 2000 Op het kaartbeeld van 2000 is de huidige bebouwing van de Lingegaerdt te zien. Ergens in de jaren '90 van de vorige eeuw is het gebouwd. Het lijkt dan nog bij het erf te horen dat nu van de buren is, waarbij de huidige woning wellicht een tweede woning was. Ten opzichte van de jaren '60 valt op dat het areaal boomgaard flink is afgenomen. Bovendien zijn de hoogstambomen vervangen door meer productieve en makkelijker te oogsten laagstambomen. Het is een flinke verandering van het landschapsbeeld: de hoogstambomen vormden een min of meer transparant scherm, waar in ieder geval tussen de stammen door nog iets te zien was. Bovendien liepen er waarschijnlijk schapen tussen. De laagstambomen zijn veel dichter. Er is niet doorheen te kijken en er loopt bovendien geen vee meer onder. Beplanting op de perceelsgrenzen is er rond 2000 bijna niet meer, hoewel de laagstamboomgaarden vaak wel zijn omgeven met een singel van elzen of coniferen. Zodoende wordt enige luwte in de boomgaard gecreëerd. De plannen voor Park Lingezegen waren er in 2000 al wel, maar de uitwerking hiervan is pas op recentere kaartbeelden te zien.

Topografische kaart 1965

Topografische kaart 2000

8

9

Huidige situatie Tegenwoordig is een groot deel van het landschap rondom de Lingegaerdt omgevormd tot een landschapspark: Park Lingezegen. Dit landschapspark strekt zich uit van Arnhem tot aan Nijmegen en kent een meer parkachtige inrichting nabij de grote grote steden. Het tussengelegen landschap is weliswaar recreatief aantrekkelijker gemaakt, maar landbouw blijft hier het hoofdgebruik. De Lingegaerdt ligt in de nabijheid van het recreatief meer intensief gebruikte parkdeel dat tussen Arnhem en Elst in ligt: De Park, vernoemd naar de vroegere kasteelplaats die op de historische kaarten als 'De Perk' staat aangegeven. Met de realisatie van Park Lingezegen is een aantrekkelijk, groen en toegankelijk landelijk gebied ook voor de toekomst veilig gesteld. Dat is ook wel nodig, want niet alleen Elst groeit flink, ook Arnhem en Nijmegen breiden uit. Daarmee wonen er steeds meer mensen in de omgeving van Park Lingezegen. Mensen die het landschapspark gebruiken om te sporten, te ontspannen of om er van de natuur te genieten. Het terrein van de Lingegaerdt grenst aan de Linge

Op de topografische kaart van 2019 zijn de contouren van De Park goed zichtbaar. Ze vormen een nieuwe laag in een oud landschap. Met die nieuwe laag keert ook een deel van de vroegere landschappelijke rijkdom terug: lanen, poelen, kruidenrijke vegetaties en kleine bosjes. Opvallend is dat de hoeveelheid boomgaarden in het gebied ten opzichte van een jaar of twintig, maar zeker ten opzichte van een jaar of zestig geleden behoorlijk is afgenomen. De laagstamboomgaard bij de Lingegaerdt is één van de laatsten in het gebied. Het kaartbeeld gaat daarmee weer wat meer lijken op het beeld van het begin van de twintigste eeuw, met hoogstamboomgaarden die zijn gekoppeld aan de erven. Toen onderdeel van een kleinschalig landbouwsysteem, nu vaak hobbymatig aangeplant.

Topografische kaart 2019

De boomgaard van de Lingegaerdt is één van de laatsten in het gebied

10

11

Erf en terrein van de Lingegaerdt Kijken we meer in detail naar een recente luchtfoto van de Lingegaerdt dan zien we een vrij eenvoudig erf dat feitelijk in de hoek van een omliggende boomgaard ligt. Waar oudere erven vaak 'verknoopt' zijn met het omliggende landschap, bijvoorbeeld door beplanting, is dat bij De Lingegaerdt nagenoeg afwezig. Het is een functioneel erf: de woning aan de voorzijde, twee geschakelde veldschuren aan de achterzijde. Langs de oprit zijn enkele parkeerplaatsen ten behoeve van klanten van de streekwinkel gerealiseerd. Vrijwel direct rondom het erf begint de laagstamboomgaard. Helemaal ontbreken doet de beplanting bij het erf niet: aan de voorzijde van het erf staat een forse walnotenboom. Recent is aan deze walnotenboom nog een extra, jong exemplaar toegevoegd. Evenwijdig aan de Grote Molenstraat zorgt een elzensingel voor bescherming van de fruitbomen. Ook op de kavelgrens tussen de boomgaard en het perceel van de buren aan de zuidzijde staat een elzensingel. Deze is echter in matige staat doordat er niet gesnoeid is en de bomen concurrentie ervaren van beplanting op het buurperceel. De elzensingel ontbreekt aan de oostzijde en de noordzijde, waar het perceel grenst aan de Linge. Waarschijnlijk heeft hier ook nooit een elzensingel gestaan.

Wellicht was het aan de noordzijde niet nodig, terwijl de boomgaard aan de westzijde onderdeel is geweest van een grotere laagstamboomgaard, zo is te zien op topografische kaarten van de jaren '90.

De Lingegaerdt, gezien vanaf de Grote Molenstraat

Luchtfoto van de Lingegaerdt

Herfstige wandeling tussen de laagstambomen

12

13

12000

11200

6100

speelplek

berging

streekwinkel 15900

6200

5000

4300

14

2700

11450

3800

voorraad (gekoeld)

12000

Update voorjaar 2021: Reeds is een plan ontwikkeld voor de nieuwe inrichting van de streekwinkel. Deze wordt naar de noordzijde verplaatst (linkerkant in bijgaande plattegrond). De entree wordt aan de noordzijde voorzien.

In de huidige situatie is een belangrijk deel van de zuidelijke schuur, het rechterdeel op de afgebeelde tekening, in gebruik ten behoeve van de streekwinkel. Hieraan gekoppeld is een tweetal kleinere ruimtes in gebruik ten behoeve van de winkelvoorraad. Eén van deze ruimtes is tevens gekoeld. Achter in de winkel is een kleine ruimte ingericht als speelplek voor kinderen. Aan deze speelplek is een berging gekoppeld, die zowel via de speelplek als buitenom bereikbaar is.

4500

kantine

Tussen het 'schakelgebouw' en de noordelijke, links afgebeelde veldschuur is wel een scheidingswand aanwezig. De voorzijde van deze schuur is in gebruik als schuur, dat wil zeggen dat de ruimte middels een roldeur toegankelijk is met auto's en machines. De schuur is in tweeën gedeeld door middel van een wand, waardoor auto's en machines niet in het achterste deel kunnen komen. Dit is dan ook aangemerkt als berging, toegankelijk via een deur in de eerder genoemde wand.

Zo eenduidig als de schuren aan de buitenzijde zijn, zo complex is de binnenzijde die door het gebruik is ontstaan. Om inzicht te krijgen in het gebruik van de beide schuren hebben we de hiernaast afgebeelde tekening van de bijgebouwen opgesteld. Het is geen officiële meting, maar het geeft een aardige indruk van afmetingen en gebruik. Per ruimte is aangegeven wat het gebruik is. Bij een 'schuur' is uitgegaan van een ruimte die toegankelijk is voor machines en auto's. Alle ruimtes waar alleen handmatig, via een normale deur, spullen in kunnen worden gezet zijn benoemd als 'berging'.

ruimte Streekwinkel

schuur

Indeling van de bijgebouwen Zoals aangegeven bestaan de bijgebouwen van de Lingegaerdt uit twee geschakelde veldschuren met zadeldak. Deze schuren zijn met elkaar verbonden door middel van een 'schakelgebouw' met plat dak. Van oudsher vonden er in deze schuren allerlei activiteiten plaats die horen bij een fruitteeltbedrijf. Er zijn voormalige koelcellen om fruit te bewaren, ruimte om machines te stallen maar ook een ruimte waar witlof geteeld kon worden.

voorraad

4700

berging 11000

8050

berging

3600

2800

2500

6000

5500

6500

6800

Het voorste deel van het 'schakelgebouw' is in gebruik als kantine voor werknemers en voor deelnemers aan de groenpost van de Driestroom. Bij deze kantine horen een tweetal toiletten. Kantine en beide toiletten liggen aan een hal die is voorzien van een eigen entree. De achterzijde van het 'schakelgebouw' is in gebruik als berging. Overigens bestaat er geen scheidingsmuur tussen het 'schakelgebouw' en de zuidelijke veldschuur. Verschillende ruimtes liggen deels in het ene en deels in het andere gebouw.

De streekwinkel in de geschakelde veldschuren

15

Schetsontwerp

16

17

De eigenaren van de Lingegaerdt hebben genoeg ideeën voor de toekomst. Naast de streekwinkel zien zij een terrein voor zich dat een aanvulling is op wat op en rond Landerij De Park al aanwezig is. Zij hebben dan ook een intensieve samenwerking voor ogen. Het moet een plek worden waar iedereen zich thuis voelt, waar gezinnen zich een dag kunnen vermaken, waar workshops georganiseerd kunnen worden en waar mensen een fiets kunnen huren voor een rondje door Park Lingezegen.

vinden. In een later stadium is er in deze nieuw aan te planten boomgaard plek voor een theehuis, zie ook fase 2. Uit verkeersoogpunt is het wenselijk om de huidige inrit naar de streekwinkel te laten vervallen voor bezoekers. Deze inrit wordt enkel behouden voor prive gebruik en distributie. De bezoekers van de streekwinkel zullen gebruik gaan maken van een nieuwe entree, welke direct aansluit op de winkel. De zes parkeerplaatsen langs de huidige entree worden verplaatst naar het prive erf, voor personeel en prive gebruik. Deze vrijgekomen ruimte wordt bij de tuin getrokken. Het handhaven van de huidige entree als hoofdtoegangsweg is weliswaar mogelijk, maar niet wenselijk. In- en uitrijdend verkeer zou hier zorgen voor onrust en geluidsoverlast voor de buren. Met name bij uitbreiding van het aantal activiteiten kan dit problemen geven.

Omdat nog niet alle ideeën uitgekristalliseerd zijn en omdat het arbeidsintensief en duur is om het gehele terrein in één keer in te richten is er voor gekozen de inrichting zo vorm te geven dat de ontwikkeling in meedere fases plaats kan vinden. Fase 1: basis De eerste fase is een relatief kleine stap waarop in latere fases doorgeborduurd kan worden. Deze eerste fase geldt ook als een 'voorwaardelijke verplichting' voor de gemeente Overbetuwe.

Langs de nieuwe toegangsweg worden aan beide zijden zilverlindes geplant. Het is geen aaneengesloten laan, zodat tevens ruimte ontstaat voor in totaal 24 parkeerplekken, waarvan 4 voor mindervaliden. Samen met de bestaande notenbomen geven de zilverlindes het erf een duidelijke plek in het landschap. In de zomer geurt de lindebloesem bovendien heerlijk, terwijl het gonst van de bijen en hommels die er nectar halen. In een latere fase, waarin wellicht een theeschenkerij wordt gerealiseerd, kan de lindebloesem gebruikt worden om thee te zetten.

Het grootste deel van de appelboomgaard die nu rondom de Lingegaerdt ligt wordt gekapt. Dit is niet omdat de huidige eigenaren dat graag willen, maar komt voort uit een contractuele verplichting waarbij de laagstambomen gerooid moeten zijn bij oplevering van het perceel. In de directe nabijheid van het erf blijft echter een deel van de boomgaard behouden. Hierin worden enkele open plekken uitgezaagd. Zo ontstaat de mgelijkheid voor een eerste, eenvoudig te realiseren evenement: de picknick in de boomgaard. Mensen kunnen, na betaling, een goed gevulde picknickmand oppikken in de streekwinkel en, al zwervend, een picknickplekje opzoeken. Natuurlijk kun je een plekje tussen de rijen zoeken. Maar wil je meer ruimte of heb je kinderen die willen spelen dan ligt een open plek voor de hand. Hier, in de dicht beplante boomgaard, kun je je alleen op de wereld wanen.

Het deel van het perceel waar de laagstambomen gerooid zijn wordt ingezaaid met een (pluk)bloemenmengsel. De bodem krijgt zo de tijd om te herstellen terwijl aan de volgende fase wordt gewerkt. In de tussentijd kunen mensen hier wel een eigen veldboeket plukken. Wellicht groeien er ook ingrediënten voor in de picknickmand. Als onderdeel van de 'voorwaardelijke verplichting' wordt bovendien geïnvesteerd in een beplantingsstructuur op de randen van het perceel. Zo ontstaat een landschappelijk casco waar in volgende fases op voortgeborduurd kan worden.

Houd je meer van een picknick onder de hoogstambomen dan is ook daarvoor ruimte. Een deel van de laagstambomen wordt namelijk vervangen door een hoogstamboomgaard waar verschillende oude appelrassen een plek kunnen

Ontwikkeling van de Lingegaerdt: fase 1

18

19

Fase 2: uitbouwen De tweede fase bouwt voort op wat in de eerste fase al is gerealiseerd. Uiteraard is 'fase 2' niet per se één fase. Het is goed mogelijk dat verschillende onderdelen op verschillende momenten in de tijd worden uitgevoerd. Het is ook mogelijk dat individuele onderdelen in de uiteindelijke uitwerking wijzigen of komen te vervallen.

Toekomstig fietspad

eide

Plukw

De hoogstamboomgaard die in fase 1 is gerealiseerd biedt ruimte voor een bescheiden theeschenkerij met terras. Omdat dit gebouw geen onderdeel is van het erfensemble krijgt het gebouw het uiterlijk van een eenvoudige veldschuur met zadeldak. Deze veldschuren komen van oudsher voor in dit fruitteeltrijke gebied. Hierin werden bijvoorbeeld de houten fruitkisten bewaard, net als ander materiaal dat nodig was in de boomgaard. Als referentie voor de theeschenkerij is de 'Schenkerij De Boomgaard' in Benthuizen gebruikt, een plek die goed bekend is bij de eigenaren van de Lingegaerdt.

blote -voe ten -p ad

weide doorn

Es

in

aard

lg Appe

v) +2m

0

PP (1

tree ofden

4+4 mv)

p eren Park

el

wink

Land

urtui

rive

Natu

n

eli

ande jke w

stri

di rit /

e in

Priv

Mog

g

indin

lverb

ie but

Overigens is de esdoornweide ook in de zomermaanden een kleurenspektakel. Verschillende soorten en kleuren esdoorns komen hier bij elkaar. Er zijn esdoorns met een donkerrode bladkleur naast goudgele esdoorns. Esdoorns met een normale bladkleur staan naast esdoorns waarvan de onderkant van het blad zilverkleurig is. En behalve bladkleur is er ook nog eens een enorme variatie in bladvorm en herfstkleur. Zoals gezegd kan er onder de esdoorns gepicknickt worden. Maar onder de bomen kunnen ook eenvoudigweg schapen lopen.

In aansluiting op de theeschenkerij, in het kerngebied van de Lingegaerdt, is ruimte voor een midgetgolfbaan. Het is geen midgetgolfbaan zoals de meeste mensen die kennen. Deze baan ligt verscholen tussen de laagstambomen. Midgetgolfen wordt zo tevens een avontuur in de boomgaard. In het voorjaar tussen de bloesem, in het najaar tussen de appels. Een bijzondere ervaring. En bovendien een verrassing: vanuit het omliggende gebied is de midgetgolfbaan bijna niet te zien. Zo waan je je alleen met je spel.

1 ren (

Ho

ijn

zichtl

e Park

lf etgo Midg n de tusse bomen stam

laag

Theetu

tuin Moes

ick Pickn de n tusse bomen stam laag

en nten er rk me Pa ene ev

gaard

nboom Kerse

ick Pickn in de ide enwe bloem

is de esdoornweide een prachtige plek voor een picknick met de kinderen. De verschillende soorten esdoorns kleuren in de meest spectaculaire kleuren. Kinderen kunnen de bladeren verzamelen voor een herfststukje of gefascineerd zijn door de natuurlijke 'helikopters' die de vruchten van de esdoorn zijn. Verscholen in de esdoornweide ligt een evenementenparkeerplaats die gebruikt kan worden als er elders in Park Lingezegen, bijvoorbeeld bij Landerij De Park, een evenement is. Doordat deze parkeerplaats bestaat uit zogenaamd 'gefundeerd gras' valt het terrein niet op als er geen auto's staan.

Op het terrein is ruimte genoeg voor een blote-voeten-pad. Hier kunnen kinderen kennis maken met verschillende texturen als modder, zand, gras en kiezels. Het gaat over de slikkige oever van de poel en door een ondiep gedeelte van de poel. Misschien wel door de moestuin en de bloemenweide. Of langs een meerstammige klimboom waar kinderen de bast van een boom kunnen voelen. De mogelijkheden zijn talrijk. Naar wens kan het een lang pad zijn dat bijna het hele terrein van de Lingegaerdt bestrijkt. Maar het kan ook een kort rondje zijn dat zich misschien alleen beperkt tot de natuurtuin. Het voordeel van een blotevoeten-pad is dat het eenvoudig aangepast kan worden aan de wensen van de gebruiker.

In de buitenste schil rondom het kerngebied liggen de meer landschappelijke onderdelen van de Lingegaerdt. Een stille natuurtuin met poel ligt als een buffer tussen het terrein van de Lingegaerdt en de tuin van de buren. Daar op volgt een ruime moestuin. Groenten die hier worden geteeld, met hulp van cliënten van 'De Driestroom', kunnen in de streekwinkel worden verkocht. Dit geldt overigens ook voor het fruit dat op het terrein van de Lingegaerdt wordt geteeld.

De verwachting is dat er binnen afzienbare tijd een fietspad langs de Linge zal worden gerealiseerd. Daarom is in fase 1, evenwijdig aan dit fietspad, een gemengde haag van liguster, veldesdoorn, els, en gele kornoelje aangeplant. De haag vormt een subtiele begrenzing van het terrein en is niet hoger dan 1,5

Picknicken tussen de laagstambomen kan nog steeds. De keuze is echter breder geworden. Het is nu ook mogelijk om je picknickkleed uit te spreiden in de kersenbongerd of de naastgelegen bloemenweide. Op een mooie herfstdag

Ontwikkeling van de Lingegaerdt: fase 2

20

21

meter, zodat passerende fietsers er gemakkelijk overheen kijken. Mocht er in een later stadium behoefte ontstaan aan een hogere en robuustere afscheiding dan kan men de haag vrij uit laten groeien en aan de binnenzijde 'opdikken' met enkele extra rijen beplanting. De soorten zijn zodanig gekozen dat ze na vrij uitgroeien een ecologisch waardevolle toevoeging aan het landschap zijn. Een fietsverbinding tussen het fietspad langs de Linge en het terrein van de Lingegaerdt loopt door een kleurrijke snijbloemenweide. Hier kun je je eigen veldboeket plukken na een heerlijk drankje in het theehuis.

Referentie: Schekerij 'De Boomgaard' in Benthuizen

Plukweide

'Lunch in de kersenboomgaard' (H.M. Horrix, ca. 1900)

Blote-voeten-pad

Picknick in de bloemenweide

Kleurende esdoorns in het najaar

22

Al met al ontstaat een nieuwe, levendige plek in en aan het recreatieve netwerk van Park Lingezegen. Een plek waar iedereen terecht kan. Van jong tot oud, met of zonder beperking. Er is altijd iets te beleven.

23

Beplantingslijst Soort Zilverlinde Appel Noorse esdoorn Gewone esdoorn Ratelpopulier Zwarte els Schietwilg Liguster Veldesdoorn Zwarte els Gele kornoelje Grijze wilg Haagbeuk

Latijnse naam Tilia tomentosa 'Szeleste' Malus domestica Acer platanoïdes Acer pseudoplatanus Populus tremula Alnus glutinosa Salix alba Ligustrum vulgare Acer campestre Alnus glutinosa Cornus mas Salix cinerea Carpinus betulus

Colofon Aanplantmaat 16-18 16-18 16-18 16-18 16-18 16-18 16-18 80/120 80/120 80/120 80/120 80/120 60/80

Aantal 16 14 2 2 1 8 1 200 200 200 200 30 520

Opgesteld door: Hofstra|Heersche landschapsarchitecten

In samenwerking met: Rob Struik Anneriek Simons Janet Holland Britt Hofstede Opdrachtgever Park Lingezegen / de Lingegaerdt Datum: 07 juli 2022

24

25

Simon Stevinweg 27 6827 BS Arnhem +31 (0)6 17 31 61 88 Oosterduinweg 25 2015 KH Haarlem +31 (0)6 22 96 07 30 KvK 55526578 BTW NL8517.51.337.B01 IBAN NL55 RABO 0119 0885 84 info@hofstraheersche.nl www. hofstraheersche.nl hofstraheersche

26

bestemmingsplan Buitengebied, Grote Molenstraat 116, Elst

Bijlage 2 Versterkingsplan GO

20

Bijlagen bij toelichting (ontwerp)

Versterkingsplan Groene Ontwikkelzone Grote Molenstraat 116 te Elst

Project: Bestemmingsplan “Buitengebied, Grote Molenstraat 116, Elst” Registratienummer: 2022-057997

Versterkingsplan GO Bestemmingsplan Buitengebied, Grote Molenstraat 116, Elst

Inhoudsopgave 1. Aanleiding 2. Het plangebied 3. Toetsingskader GO 4. Het versterkingsplan 5. Conclusie

Versterkingsplan Grote Molenstraat 116, Elst

1. Aanleiding Aan de Grote Molenstraat 116 te Elst is op dit moment een fruitteeltbedrijf met een bedrijfswoning en een streekwinkel (“De Lingegaerdt”) aanwezig. De initiatiefnemers hebben het perceel enige tijd geleden gekocht met het doel om de streekwinkel voort te zetten, te wonen in de bedrijfswoning en het perceel op termijn van een nieuwe bestemming te voorzien. De afgelopen jaren hebben ze een visie ontwikkeld voor de toekomst. Het doel is om het perceel op een maatschappelijk verantwoorde manier om te vormen tot een levendige plek, die een toevoeging is aan Park Lingezegen, meer specifiek de Landerij De Park. Hiervoor is een ontwerpbestemmingsplan opgesteld, Buitengebied, Grote Molenstraat 116, Elst. Dit bestemmingsplan heeft ter inzage gelegen van 28 december 2023 tot en met 7 februari 2024. De Provincie Gelderland heeft op het ontwerpbestemmingsplan een zienswijze ingediend. In de zienswijze geeft de provincie aan dat het belang van de Groene Ontwikkelingszone onvoldoende is meegewogen en dat een versterkingsplan noodzakelijk is. Met voorliggende notitie is hieraan voldaan. Omdat het plangebied in de Groene ontwikkelingszone (hierna GO) ligt, dienen de voorgenomen ontwikkelingen getoetst te worden aan de beleidsregels voor bescherming van de GO, zoals vastgelegd in de Omgevingsverordening Gelderland (februari 2022).

Deze omgevingsverordening is nog als basis gebruikt, omdat het ontwerpbestemmingsplan nog onder het oude regime in procedure is gebracht.

Versterkingsplan Grote Molenstraat 116, Elst

2. Het plangebied Het plangebied is gelegen aan de Grote Molenstraat 116 in het buitengebied van Elst. In figuur 1 is de topografische ligging van het plangebied weergegeven.

Figuur 1: topografische ligging 2.1 Huidige situatie Het plangebied bestaat momenteel uit een functioneel erf: een woning aan de voorzijde, twee geschakelde veldschuren aan de achterzijde. Langs de oprit zijn enkele parkeerplaatsen ten behoeve van klanten van de streek-winkel gerealiseerd. Vrijwel direct rondom het erf stond de laagstamboom-gaard. Hiervan zijn er alleen nog in het noorden en oosten direct achter het erf en aan de oostzijde van het plangebied bomen over. Het overige gedeelte van de voormalige laagstamboomgaard is grasland. Aan de voorzijde van het erf staat een forse walnotenboom. Recent is aan deze walnotenboom nog een extra, jong exemplaar toegevoegd. Evenwijdig aan de Grote Molenstraat zorgt een elzensingel voor bescherming van de fruitbomen. Ook op de kavelgrens tussen de boomgaard en het perceel van de buren aan de zuidzijde staat een elzensingel. De elzensingel ontbreekt aan de oostzijde en de noordzijde, waar het perceel grenst aan de Linge. In figuur 2 is een luchtfoto van het plangebied en de directe omgeving weergegeven.

Figuur 2: Luchtfoto plangebied

Versterkingsplan Grote Molenstraat 116, Elst

2.2 Toekomstige situatie Er vindt een interne verhuizing van de streekwinkel (‘de Lingegaerdt’) plaats, er wordt een theehuis, een voedselbos en een midgetgolf gerealiseerd; waarbij de nadruk komt te liggen op mensen met een beperking en op een aanbod dat verschillende zintuigen prikkelt en stimuleert. Er vindt aanplant plaats, en nieuwe verharding en bebouwing. De bestaande bebouwing en begroeiing blijft in de huidige staat behouden. Figuur 3 geeft een beeld van de toekomstige situatie.

Figuur 3: Toekomstige situatie plangebied 2.3 Groene Ontwikkelingszone Het plangebied is volledig gelegen binnen de Groene Ontwikkelingszone (zie figuur 2). Het geval is echter dat het plangebied een enkelbestemming ‘Agrarisch – De Park (art. 4)’ en een dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologische verwachting 2 (art. 29)’ heeft. De functieaanduiding is hierbij fruitteelt. De natuurwaarde van het perceel is dan ook beperkt.

Versterkingsplan Grote Molenstraat 116, Elst

Figuur 4: Ligging GGN (donkergroen, GO (lichtgroen en Natura 2000-gebieden (rood gearceerd) Door de voorgenomen plannen zal het plangebied diverse worden ingericht met meer variatie in natuur. Hierdoor zal de biodiversiteit van het gebied omhoog gaan waardoor er juist een toename van natuurwaarde in de toekomst zal plaatsvinden. Aangezien er in de toekomst ook extra verharding toegevoegd wordt dient met een ‘Berekening verstrekking Groene Ontwikkelingszone’ bevestigd te worden of de natuurwaarde de kernkwaliteiten of ontwikkelingsdoelen, genoemd in bijlage Kernkwaliteiten Gelders natuurnetwerk en Groene ontwikkelingszone, per saldo en naar rato van de ingreep worden versterkt en de samenhang van de Groene Ontwikkelingszone niet verloren gaat.

Versterkingsplan Grote Molenstraat 116, Elst

Hoofdstuk 3: Toetsingkader en kernkwaliteiten 3.1 Beleidsregels GO (toetsingskader) De Provincie Gelderland heeft in de Omgevingsverordening regels vastgesteld voor de bescherming van de Groene ontwikkelingszone. 1. Voor zover een bestemmingsplan van toepassing is op de locatie binnen de Groene ontwikkelingszone, laat het een nieuwe activiteit of ontwikkeling alleen toe als uit onderzoek blijkt dat: a) de kernkwaliteiten of ontwikkelingsdoelen, genoemd in bijlage Kernkwaliteiten Gelders Natuurnetwerken Groene ontwikkelingszone, per saldo en naar rato van de ingreep worden versterkt; en b) de samenhang niet verloren gaat. 2. Gedeputeerde Staten stellen regels vast om de versterking uit te werken. Om een voorstel voor versterking van de kernkwaliteiten te kunnen beoordelen, heeft de provincie Gelderland beleidsregels vastgesteld. Daarbij wordt gewerkt met verliesfactoren, impactfactoren en versterkingsmaatregelen. In het volgende hoofdstuk zijn deze verder uitgewerkt.

3.2 Beschrijving kernkwaliteiten Artikel 2.52 van de Omgevingsverordening bepaalt dat een bestemmingsplan binnen de GO een nieuwe activiteit of ontwikkeling alleen toelaat als uit onderzoek blijkt dat de kernkwaliteiten of ontwikkelingsdoelen, genoemd in bijlage Kernkwaliteiten Gelders natuurnetwerk en Groene ontwikkelingszone, per saldo en naar rato van de ingreep worden versterkt en de samenhang niet verloren gaat. Om dit te kunnen beoordelen is het noodzakelijk om te weten wat de kernkwaliteiten van het perceel zijn. Hieronder een uiteenzetting. De kernkwaliteiten van deelgebied 58 (Overbetuwe), waartoe het plangebied behoort, op het gebied van natuur en landschap zijn als volgt:  variabel, agrarisch cultuurlandschap met snelle stedelijke ontwikkelingen en glastuinbouw;  ecologische verbindingszone KAN, tevens Park Lingezegen;  groenelementen binnen Park Lingezegen en bij Schuytgraaf vormen samen een groene verbinding tussen Veluwe, Nijmeegse stuwwal en Gelderse Poort en vormen de hoofdstructuur van de natuurkwaliteit in het gebied;  cultuurhistorische waarden van de Limes, o.a.

bij Elst;  plaatselijk kleinschalige landschappen met vroegere strangen en stroomruggen, ook enkele landgoederen;  leefgebied das;  leefgebied kamsalamander;  zeer rijk leefgebied steenuil;  cultuurhistorische waarden van de stroomruggen en landgoederen, oude kavelpatronen (Slijk-Ewijk) doorbraakkolken, waterstaatswerken (o.a. zegen en weteringen, Linge);  abiotiek: aardkundige waarden, kwel, bodem, waterreservoir. De voornaamste ontwikkelingsdoelen voor de GO binnen dit deelgebied zijn als volgt:  ontwikkeling ecologische verbinding Overbetuwe - KAN: parkachtige structuren met water en moeraszones;  vermindering barrièrewerking A325, A15, A50, N836, N837 en Betuwelijn;  ontwikkeling bosranden en overgangen naar cultuurgronden;  ontwikkeling biotopen voor vlinders, reptielen en amfibieën en vogels van cultuurlandschappen

Versterkingsplan Grote Molenstraat 116, Elst

ontwikkeling cultuurhistorische patronen en beheersvormen.

Voor de ontwikkeling van het perceel is een landschapsplan opgesteld. Hierin zijn de landschappelijke , (cultuur)historische en geomorfologische kenmerken van het gebied geanalyseerd. Het landschapspark van Park Lingezegen strekt zich uit van Arnhem tot aan Nijmegen en kent een meer parkachtige inrichting nabij de grote steden. Het tussengelegen landschap is recreatief aantrekkelijker gemaakt, maar landbouw blijft hier het hoofdgebruik. Dat is op dit moment in het plangebied zelf ook nog het geval. De Lingegaerdt ligt in de nabijheid van het recreatief meer intensief gebruikte parkdeel dat tussen Arnhem en Elst in ligt: De Park, vernoemd naar de vroegere kasteelplaats die op de historische kaarten als 'De Perk' staat aangegeven. Met de realisatie van Park Lingezegen is een aantrekkelijk, groen en toegankelijk landelijk gebied ook voor de toekomst veilig gesteld. Dat is ook wel nodig, want niet alleen Elst groeit flink, ook Arnhem en Nijmegen breiden uit. Daarmee wonen er steeds meer mensen in de omgeving van Park Lingezegen. Mensen die het landschapspark gebruiken om te sporten, te ontspannen of om er van de natuur te genieten. De contouren van De Park vormen een nieuwe laag in een oud landschap. Met die nieuwe laag keert ook een deel van de vroegere landschappelijke rijkdom terug: lanen, poelen, kruidenrijke vegetaties en kleine bosjes.

Opvallend is dat de hoeveelheid boomgaarden in het gebied ten opzichte van een jaar of twintig, maar zeker ten opzichte van een jaar of zestig geleden behoorlijk is afgenomen. De laagstamboomgaard bij de Lingegaerdt is één van de laatsten in het gebied. Het kaartbeeld gaat daarmee weer wat meer lijken op het beeld van het begin van de twintigste eeuw, met hoogstamboomgaarden die zijn gekoppeld aan de erven. Toen onderdeel van een kleinschalig landbouwsysteem, nu vaak hobbymatig aangeplant. De invulling van het planinitiatief speelt in op de hiervoor beschreven nieuwe laag, die in de Park wordt toegevoegd. Naast een aantal kleinschalige (hoogstam) fruitboomgaarden dat wordt behouden en gerealiseerd, worden in de omgeving passende elementen, zoals een natuurtuin met poel, bloemenweide, plukweide en bomen (waaronder esdoorns) gerealiseerd. Hiermee worden ecologisch waardevolle nieuwe elementen gerealiseerd en wordt de diversiteit in landschapstypen en plantensoorten aanzienlijk vergroot. Naast ecologische meerwaarde, hebben deze elementen ook cultuurhistorisch, landschappelijk en recreatief een meerwaarde. De toekomstig inrichting doet daarmee recht aan de kernkwaliteiten van de GO, waartoe het plangebied behoort en levert een bijdrage aan de versterking van die kernkwaliteiten.

Versterkingsplan Grote Molenstraat 116, Elst

4. Het versterkingsplan Ter compensatie voor de realisatie van het initiatief, eist de provincie versterking van de kernkwaliteiten of ontwikkelingsdoelen. Zij heeft daarvoor een systematiek ontwikkeld waarbij een verliesfactor en impactfactor bepaald worden en de voorgestelde versterking van natuur en landschap kwantitatief getoetst kan worden aan de hand van versterkingsmaatregelen. Hiervoor is een rekenmodule ontwikkeld om de verlies-, impact- en versterkingsfactoren te kunnen berekenen. Hieronder een overzicht van de verschillende factoren die zijn ingevuld in het webformulier op de website van de Provincie Gelderland. Bepalen verliesfactoren Ten behoeve van het plan vindt er geen verlies plaats. Tevens is het natuurbeheerplan geraadpleegd. Hieruit blijkt dat er op het perceel geen elementen aanwezig zijn die door het nieuwe plan verdwijnen. Bepalen impactfactoren In onderhavig geval is al sprake van de aanwezigheid van een woning en een streekwinkel. Het nieuwe bestemmingsplan zorgt dat de streekwinkel wordt gelegaliseerd en zal niet worden uitgebreid. Wel wordt er op het perceel een parkeerplaats aangelegd. In totaal worden er 24 verharde parkeerplaatsen aangelegd. Ook is er nog de mogelijkheid om te parkeren in het groen. Deze extra parkeerplaatsen worden ingericht in het groen met grastegels.

Voor deze parkeerplaatsen wordt uitgegaan dat er ongeveer 600 m2 (0,06 ha) verhard wordt op het perceel. Daarnaast wordt er een theehuis gerealiseerd met een terras. De afmetingen van dit onderdeel van het plan bedragen in totaal 80m2 (0,008 ha). Bepalen versterkingsfactoren Nu de impactfactor bekend is (60), wordt in de komende paragraaf uiteengezet welke versterkingsfactoren het nieuwe plan biedt, zodat sprake is van een versterking naar rato en facto van kernkwaliteiten of ontwikkeldoelen. Ter versterking van de kernkwaliteiten voor natuur en landschap worden de volgende maatregelen genomen:  Natuurvriendelijke oever  Aanplant ligusterhaag  Aanplant Beukenhaag  Aanplant diverse bomen  Kruidenrijk grasland Hieronder worden de verschillende versterkingsmaatregelen verder toegelicht. De berekening van de versterkingsmaatregelen is weergegeven in bijlage 1 van deze notitie. Natuurvriendelijke oever: Aan de noordkant van het perceel bij de rivier de Linge wordt in de nabije toekomst een natuurlijkvriendelijke oever aangelegd. Grond is inmiddels verkocht door initiatiefnemers om de natuurvriendelijke oever mogelijk te maken. De realisatie hiervan wordt in het project fietspad Linge met water en natuuropgaven uitgevoerd door gemeente en waterschap. De natuurvriendelijke oever heeft een oppervlakte van ongeveer (lengte: 160m * breedte: 8m) = 1280m2 (0,128 ha)

Versterkingsplan Grote Molenstraat 116, Elst

Struweelhaag of scheerhaag: Onder de natuurlijkvriendelijke oever wordt het perceel afgebakend door de aanleg van een gemengde haag liguster. Deze gemengde haag heeft een oppervlakte van (160m bij 1,5m) 240m2 (0,024 ha). Verder wordt er ook nog een beukenhaag gerealiseerd ten behoeve van een afbakening van de parkeerplaatsen op het perceel. De haag heeft een lengte van 60m en worden aan weerszijden geplaatst met een dubbele rij. Het totale oppervlakte van deze hagen bedragen 120 *1,5 = 18o m2 (0,018 ha). Houtwal, houtsingel, elzensingel: Ten oosten van het perceel worden een groot aantal bomen ingeplant om het perceel op een natuurlijke manier af te bakenen. In totaal wordt ongeveer de helft van de lengte ingeplant. Voor het rekenmodel komt dit neer op een totale oppervlakte van 55m2 (0,0055 ha). Hierbij is als uitgangspunt de totale lengte van het perceel genomen gedeeld door 2 (55m) en hebben de bomen een stamomtrek van 1 meter. Vochtig hooiland Een groot deel van het perceel heeft op de verbeelding de bestemming Agrarisch. Een groot deel van deze bestemming wordt ingeplant als kruidenrijk grasland. Voor dit deel van het perceel wordt een meerjarig bloemrijk grasland beoogd met het mengsel Cruydt Hoeck G2. In totaal komt dit neer op een oppervlakte van 900 m2 (0,9 ha).

Balans Bovenstaande factoren zijn ingevuld in het webformulier van de Provincie Gelderland (zie ook bijlage 1). De versterkingsmaatregelen overstijgen de verlies- en impactfactoren ruimschoots. Bij de versterkingsmaatregelen is gepoogd zo goed mogelijk aan te sluiten bij de voorgestelde categorieën en is voor het berekenen van de oppervlakte uitgegaan van minimale afmetingen. Van belang is verder dat bestaande natuur- en landschappelijke waarden behouden blijven en waar nodig worden versterkt. Tevens is om de herziening van het bestemmingsplan mogelijk te maken een landschappelijk inpassingsplan gemaakt die is geborgd in de regels van het bestemmingsplan. Hieronder een uitsnede van de betreffende regel in het ontwerpbestemmingsplan “Buitengebied, Grote Molenstraat 116, Elst”: 4.3.4 Voorwaardelijke verplichting landschappelijke inpassing

Op onderstaande afbeelding uit het landschapsinrichtingsplan zijn de verschillende versterkingsmaatregelen visueel weergegeven. Verder is de beplantingslijst bijgevoegd.

Versterkingsplan Grote Molenstraat 116, Elst

5. Conclusie Uit onderzoek blijkt dat de nieuwe activiteiten op het perceel Grote Molenstraat 116 te Elst per saldo een positief effect heeft op de landschappelijke kwaliteit van het perceel. Door de aanplant van erfen landschappelijke beplanting is sprake van een versterking van de kernkwaliteiten van dit deel van de Groene Ontwikkelingszone. De landschappelijke inpassing is tevens geborgd in het nieuwe bestemmingsplan, waardoor deze inpassing ook daadwerkelijk gerealiseerd moet worden. Hierdoor kan worden geconcludeerd dat de voorgenomen ontwikkelingen niet strijdig zijn met de beleidsregels voor de Groene Ontwikkelingszone.

Versterkingsplan Grote Molenstraat 116, Elst

Bijlage 1:

Versterkingsplan Grote Molenstraat 116, Elst

Versterkingsplan Grote Molenstraat 116, Elst

Versterkingsplan Grote Molenstraat 116, Elst

bestemmingsplan Buitengebied, Grote Molenstraat 116, Elst

Bijlage 3 Quickscan flora en fauna

Bijlagen bij toelichting (ontwerp)

35

Quickscan Flora en Fauna Grote Molenstraat 116 Elst Toetsing aan natuurwetgeving en -beleid Definitief

Quickscan Flora en Fauna Grote Molenstraat 116 Elst

1

colofon

projectnaam Quickscan Flora en Fauna Grote Molenstraat 116 Elst datum 28 februari 2024 projectnummer P07116 opdrachtgever Gemeente Overbetuwe BRO projectleider JvdA opgesteld door RBo interne controle MvdS bron kaft BRO

Bosscheweg 107 5282 WV Boxtel +31 (0)411 850 400 info@bro.nl www.bro.nl

Quickscan Flora en Fauna Grote Molenstraat 116 Elst

2

Inhoudsopgave 1

2

3

Inleiding

4

1.1

4

Werkwijze quickscan flora en fauna

Planbeschrijving

5

2.1 2.2

5 5

Huidige situatie Toekomstige situatie

Toetsing gebiedsbescherming

7

3.1 3.2

7 7

Wettelijke gebiedsbescherming Gebiedsbescherming vanuit provinciaal beleid

4

Toetsing beschermde houtopstanden

5

Toetsing soortenbescherming

9

5.1

10

Vogels 5.1.1

5.2

5.2.1

5.3

5.6

14

8

Geraadpleegde bronnen

15

10 11

11 11

11 Toetsing

Ongewervelde diersoorten Toetsing

Vaatplanten 5.8.1

Samenvatting

11

11

Vissen

7

10

5.5.1

Toetsing

13

10

11

5.7.1

5.8

Toetsing

Conclusie

8

Amfibieën

5.6.1

5.7

Toetsing

Reptielen 5.4.1

5.5

Toetsing

Grondgebonden zoogdieren 5.3.1

5.4

Toetsing

Vleermuizen

6

Toetsing

5.9 Specifieke zorgplicht 5.10 Invasieve exoten

11

11 12

12 12

12 12

Quickscan Flora en Fauna Grote Molenstraat 116 Elst

3

1

Inleiding

Voor alle ruimtelijke ontwikkelingen geldt dat deze in overeenstemming met de nationale natuurwetgeving en het provinciale natuurbeleid moeten worden uitgevoerd. In het kader van een bestemmingsplanwijziging ten behoeve van de herontwikkeling van een streekwinkel en een bijbehorende boomgaard, is door middel van een verkennend flora- en faunaonderzoek (quickscan) een beoordeling gemaakt van de mogelijke effecten die het plan kan hebben op beschermde natuurwaarden. Hierdoor wordt duidelijk of het plan in overeenstemming is met de natuurwetgeving. Per 1 januari 2024 is de Wet natuurbescherming opgaan in de Omgevingswet (Ow). In deze wet vindt men de beschermingsregels voor soortenbescherming en gebiedsbescherming als uitwerking van de Europese Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn. Ook de bescherming van houtopstanden is hierin opgenomen. Daarnaast vindt provinciale gebiedsbescherming plaats door middel van het Natuurnetwerk Nederland (NNN), welke is uitgewerkt in de respectievelijke omgevingsverordening.

1.1

Werkwijze quickscan flora en fauna

In de quickscan zijn de gevolgen van de ruimtelijke ingreep afgezet tegen potentieel aanwezige natuurwaarden die vanuit de Omgevingswet en provinciaal beleid zijn beschermd. Deze werkwijze vloeit voort uit de brochure ‘Soortenbescherming bij ruimtelijke ingrepen’ van het Ministerie van Economische Zaken van december 2016. Om een beeld te krijgen van de natuurwaarden is op 8 februari 2024 tussen 10.30 – 12.30 uur door een ecoloog van BRO1 een verkennend veldbezoek gebracht aan het plangebied en de directe omgeving hiervan. Het was circa 3°C, bewolkt, lichte neerslag, met een westenwind van 3 Bft. Tijdens het veldbezoek is gelet op de potentiële aanwezigheid van beschermde soorten op basis van het aanwezige habitat en nest-/verblijfsmogelijkheden. Daarnaast is aan de hand van NDFF-gegevens, verspreidingsatlassen, soortgerichte literatuur en op basis van ‘expert judgement’ nagegaan welke beschermde planten- en diersoorten er voor kunnen komen binnen en nabij het plangebied en zijn omtrent gebiedsbescherming gegevens van de provincie Gelderland geraadpleegd. Aan de hand van het verkennende onderzoek is vervolgens beoordeeld welke beschermde soorten daadwerkelijk voor (kunnen) komen binnen het plangebied en is er vervolgens een inschatting gemaakt van de effecten van de ruimtelijke ontwikkeling op beschermde natuurwaarden.

1

BRO is lid van het Netwerk Groene Bureaus (NGB). Het NGB is de brancheorganisatie voor groene adviesbureaus en heeft als doel kwaliteitsbevordering en belangenbehartiging. Onze werkzaamheden voeren wij dan ook uit volgens de door het NGB vastgestelde gedragscode (versie juni 2008, laatst aangevuld 11 februari 2021). De medewerkers binnen de discipline ecologie voldoen aan de door het Ministerie van EZK genoemde voorwaarden voor ter zake deskundigen op het gebied van ecologisch onderzoek.

Quickscan Flora en Fauna Grote Molenstraat 116 Elst

4

2

Planbeschrijving

Het plangebied is gelegen aan de Grote Molenstraat 116 in het buitengebied van Elst. In figuur 1 is de topografische ligging van het plangebied weergegeven.

2.1

Huidige situatie

Het plangebied bestaat momenteel uit een functioneel erf: een woning aan de voorzijde, twee geschakelde veldschuren aan de achterzijde. Langs de oprit zijn enkele parkeerplaatsen ten behoeve van klanten van de streekwinkel gerealiseerd. Vrijwel direct rondom het erf stond de laagstamboomgaard. Hiervan zijn er alleen nog in het noorden en oosten direct achter het erf en aan de oostzijde van het plangebied bomen over. Het overige gedeelte van de voormalige laagstamboomgaard is grasland. Aan de voorzijde van het erf staat een forse walnotenboom. Recent is aan deze walnotenboom nog een extra, jong exemplaar toegevoegd. Evenwijdig

Figuur 1: Topografische kaart ligging plangebied (1:25.000)

Figuur 2: Luchtfoto plangebied en directe omgeving

aan de Grote Molenstraat zorgt een elzensingel voor bescherming van de fruitbomen. Ook op de kavelgrens tussen de boomgaard en het perceel van de buren aan de zuidzijde staat een elzensingel. De elzensingel ontbreekt aan de oostzijde en de noordzijde, waar het perceel grenst aan de Linge. In figuur 2 is een luchtfoto van het plangebied en de directe omgeving weergegeven. De figuren 4 t/m 9 geven een impressie van het plangebied, middels foto’s die zijn genomen tijdens het verkennende veldbezoek.

2.2

Toekomstige situatie

Er vindt een interne verhuizing van de streekwinkel (‘de Lingegaerdt’) plaats, er wordt een theehuis, een voedselbos en een midgetgolf gerealiseerd; waarbij de nadruk komt te liggen op mensen met een beperking en op een aanbod dat verschillende zintuigen prikkelt en stimuleert. Er vindt aanplant plaats, en nieuwe verharding en bebouwing. De bestaande bebouwing en begroeiing blijft in de huidige staat behouden. Figuur 3 geeft een beeld van de toekomstige situatie.

Figuur 3: Toekomstige situatie plangebied

Quickscan Flora en Fauna Grote Molenstraat 116 Elst

5

Figuur 4: Inrit met parkeerplaats in het zuidwesten van het plangebied

Figuur 5: Zuidwest aanzicht van de landwinkel in het zuiden van het plangebied

Figuur 6: Noordoost aanzicht van de landwinkel in het zuiden van het plangebied

Figuur 7: Noorden van het plangebied

Figuur 8: Oostelijke grens van het plangebied

Figuur 9: Zuidgrens van het plangebied

Quickscan Flora en Fauna Grote Molenstraat 116 Elst

6

3 3.1

Toetsing gebiedsbescherming

3.2

Gebiedsbescherming vanuit provinciaal beleid

Conform artikel 7.8 lid 2 Bkl van de Omgevingswet dragen Gedeputeerde

greep worden versterkt en de samenhang van de Groene Ontwikkelings-

Wettelijke gebiedsbescherming

Staten in hun provincie zorg voor de totstandkoming en instandhouding

zone niet verloren gaat.

De Omgevingswet heeft voor wat betreft gebiedsbescherming betrekking

van een samenhangend landelijk ecologisch netwerk, genaamd ‘Natuur-

op de Europees beschermde Natura 2000-gebieden. De Vogelrichtlijn- en

netwerk Nederland’. Zij wijzen daartoe in hun provincie gebieden aan die

Habitatrichtlijngebieden worden in Nederland gecombineerd als Natura

tot dit netwerk behoren. Het Natuurnetwerk Nederland (NNN) is een sa-

2000-gebieden aangewezen. Als er naar aanleiding van projecten en acti-

menhangend netwerk van bestaande en te ontwikkelen natuurgebieden.

viteiten mogelijkerwijs significante effecten optreden, dienen deze vooraf

De planologische begrenzing en beschermingsregimes van het Natuurnet-

in kaart gebracht en beoordeeld te worden middels een voortoets. Pro-

werk loopt via het traject van de provinciale ruimtelijke structuurvisies en

jecten en activiteiten die een significant negatief effect hebben op de be-

verordeningen. De provincie Gelderland beschermt de bestaande natuur

schermde natuur in een Natura 2000-gebied zijn vergunningsplichtig (Na-

in het Gelders Natuurnetwerk (GNN) en versterkt de samenhang door na-

tura 2000-activiteit). Indien nadelige effecten te verwachten zijn, welke niet

tuurgebieden in het Gelders natuurnetwerk uit te breiden en verbindings-

significant zijn, geldt de specifieke zorgplicht. In dat geval moeten nadelige

zones aan te leggen in de Groene ontwikkelingszone (GO). Het netwerk

gevolgen zoveel mogelijk voorkomen, beperkt, of ongedaan gemaakt wor-

wordt gevormd door kerngebieden, natuurontwikkelingsgebieden en eco-

den.

logische verbindingszones met als doel natuurgebieden beter met elkaar

netwerk en Groene ontwikkelingszone, per saldo en naar rato van de in-

en met het omringende agrarisch gebied te verbinden. Activiteiten in deze Het plangebied is niet gelegen binnen de grenzen van een gebied dat

gebieden zijn alleen toegestaan als ze geen negatieve effecten hebben op

aangewezen is als Natura 2000-gebied. Het meest nabijgelegen Natura

de wezenlijke kenmerken of waarden of als deze kunnen worden tegenge-

2000-gebied, “Rijntakken”, bevindt zich op circa 4,1 kilometer afstand ten

gaan met mitigerende maatregelen.

noorden van het projectgebied (zie figuur 10). Indien er sprake zou zijn van een effect, betreft dit een extern effect als gevolg van storingsfactoren

Het plangebied is volledig gelegen binnen de Groene Ontwikkelingszone

als toename van geluid, licht of depositie van stikstof. Mede gezien de af-

(zie figuur 10). Het geval is echter dat het plangebied een enkelbestem-

stand tot het plangebied zijn externe effecten als gevolg van aspecten als

ming ‘Agrarisch – De Park (art. 4)’ en een dubbelbestemming ‘Waarde –

licht, geluid en trillingen uitgesloten.

Archeologische verwachting 2 (art. 29)’ heeft. De functieaanduiding is hierbij fruitteelt. De natuurwaarde van het perceel is dan ook beperkt. Door de

Daar de voorgenomen ontwikkeling de uitbreiding van een bedrijf betreft,

voorgenomen plannen zal het plangebied diverse worden ingericht met

is een toename aan stikstofuitstoot te verwachten. Gezien de afstand tot

meer variatie in natuur. Hierdoor zal de biodiversiteit van het gebied om-

het Natura 2000-gebied is een toename aan depositie redelijkerwijs op

hoog gaan waardoor er juist een toename van natuurwaarde in de toe-

voorhand uitgesloten.

komst zal plaatsvinden. Aangezien er in de toekomst ook extra verharding toegevoegd wordt dient met een ‘Berekening verstrekking Groene Ontwikkelingszone’ bevestigd te worden of de natuurwaarde de kernkwaliteiten of ontwikkelingsdoelen, genoemd in bijlage Kernkwaliteiten Gelders natuur-

Quickscan Flora en Fauna Grote Molenstraat 116 Elst

7

4

Toetsing beschermde houtopstanden

De bescherming van houtopstanden, conform Omgevingswet, heeft betrekking op alle zelfstandige eenheden van bomen, boomvormers of struiken van een oppervlakte van minimaal tien are of een rijbeplanting die meer dan twintig bomen omvat, gelegen buiten de bebouwde kom (bebouwingscontour houtkap). Wanneer houtopstanden worden geveld, niet vallende onder artikel 11.111, lid 2 Bal, geldt een meldingsplicht bij Gedeputeerde Staten van desbetreffende provincie (artikel 11.126 Bal). Indien er geen bezwaar is om de houtopstanden te kappen, verplicht artikel 11.129 Bal om binnen 3 jaar na het vellen of tenietgaan van de houtopstand op dezelfde grond houtopstanden opnieuw aan te planten. Er geldt een algehele vrijstelling van de herplantplicht voor houtopstanden die gekapt worden in het kader van natuurbeheer en natuurbehoud. Onder de Omgevingswet geldt een specifieke zorgplicht voor houtopstanden (artikel 11.116 Bal). Indien natuurbescherming, instandhouding bosareaal of bescherming landschappelijke waarden in het geding komt, geldt een verplichting om nadelige gevolgen te voorkomen, te beperken of ongedaan te maken, of achterwege te laten. Aangezien er geen (onderdelen van) houtopstanden verwijderd worden is toetsing aan het onderdeel houtopstanden conform de Omgevingswet bij dit plan niet aan de orde.

Figuur 10:

Ligging GNN (donkergroen), GO (lichtgroen) en Natura 2000-gebieden (rood gearceerd) ten opzichte van perceel plangebied (rood omlijnd)

Quickscan Flora en Fauna Grote Molenstraat 116 Elst

8

5

Toetsing soortenbescherming

Conform de Omgevingswet is een flora- en fauna-activiteit een ‘activiteit met mogelijke gevolgen voor van nature in het wild levende dieren of planten’. Dit heeft betrekking op vrijwel alle ruimtelijke activiteiten, en hiervoor

De Ow regelt dat de provincie bevoegd gezag is en de lijst met te bescher-

Bal) met een lichte toets verleend. Voor de vogels en Europees be-

men soorten kan afstemmen op de situatie in de provincie. De soortbe-

schermde soorten geldt een zware toetsing. Het verschil binnen provincies

scherming kan hierdoor per provincie verschillen. In het algemeen gelden

zit vooral in het aantal nationaal beschermde soorten met een vrijstelling

voor alle drie de categorieën de activiteiten met schadelijke gevolgen. Een

bij onder meer ruimtelijke ontwikkelingen. Zo zijn, in tegenstelling tot een

ontheffing hierop wordt voor de Nationaal beschermde soorten (art. 11.54

aantal andere provincies, de kleine marterachtigen (wezel, hermelijn en bunzing) binnen de provincie Gelderland niet vrijgesteld.

geldt de specifieke zorgplicht (art. 11.27 Bal). Er geldt een vergunningsplicht wanneer schadelijke handelingen worden uitgevoerd zoals beschre-

Tabel 1: Verbodsbepalingen per categorie beschermde soorten

ven in paragrafen 11.2.2 t/m 11.2.5 Bal. In tabel 1 staan de belangrijkste schadelijke handelingen uitgewerkt.

Vogels (Art. 11.37 Bal)

Europees beschermde soorten

Nationaal beschermde soorten

(Art. 11.46 Bal)

(Art. 11.54 Bal)

De Ow heeft, voor wat betreft soortenbescherming, betrekking op alle in

Art. 11.37 lid 1 onderdeel a Bal

Art. 11.46 lid 1 onderdeel a Bal

Art. 11.54 lid 1 onderdeel a Bal

Nederland in het wild voorkomende zoogdieren, (trek)vogels, reptielen en

Het is verboden in het wild levende vogels op-

Het is verboden soorten in hun natuurlijke ver-

Het is verboden soorten opzettelijk te doden of

amfibieën, een aantal vissen, libellen en vlinders, enkele bijzondere en

zettelijk te doden of te vangen

spreidingsgebied opzettelijk te doden of te van-

te vangen

min of meer zeldzame ongewervelde dierensoorten en een aantal vaatplanten. De beschermde soorten zijn ingedeeld in drie categorieën:

gen Art. 11.37 lid 1 onderdeel b Bal

Art. 11.46 lid 1 onderdeel d Bal

Art. 11.54 lid 1 onderdeel b Bal

Het is verboden opzettelijk nesten, rustplaatsen

Het is verboden de voortplantingsplaatsen of

Het is verboden de vaste voortplantingsplaatsen

en eieren van vogels te vernielen of te bescha-

rustplaatsen van dieren te beschadigen of te

of rustplaatsen van dieren opzettelijk te bescha-

digen, of nesten van vogels weg te nemen

vernielen

digen of te vernielen

Art. 11.37 lid 1 onderdeel c Bal

Art. 11.46 lid 1 onderdeel c Bal

-

Beschermde soorten vanuit nationaal oogpunt betreffen soorten uit ‘bijlage

Het is verboden eieren te rapen en deze onder

Het is verboden eieren van dieren in de natuur

A en B’ van de Ow (Bijlage IX onder A en B Bal). Beschermde soorten

zich te hebben

opzettelijk te vernielen of te rapen

vanuit Europees oogpunt betreffen soorten uit Bijlage IV van de Habitat-

Art. 11.37 lid 1 onderdeel d en lid 3 Bal

Art. 11.46 lid 1 onderdeel b Bal

richtlijn, de soorten uit Bijlage 1 en 2 Verdrag van Bern, en Bijlage 1 Ver-

Het is verboden vogels opzettelijk te storen, ten-

Het is verboden dieren opzettelijk te verstoren

drag van Bonn, en alle in Europa inheemse vogels (Vogelrichtlijn). De drie

zij de storing niet van wezenlijke invloed is op

beschermingsregimes kennen elk hun eigen vergunningsplichtige activitei-

de staat van instandhouding van de desbetref-

ten. De regels voor vogels en overige Europese soorten zijn letterlijk over-

fende vogelsoort

Vogels (artikel 11.37 Bal)

Europees beschermde soorten (artikel 11.46 Bal)

Nationaal beschermde soorten (artikel 11.54 Bal)

-

genomen uit respectievelijk de Vogelrichtlijn en de Habitatrichtlijn. Voor de andere, ‘nationaal’ beschermde soorten gelden regels die geïnspireerd

-

zijn op de Habitatrichtlijn, maar in sommige opzichten minder streng zijn. In tabel 1 zijn de vergunningsplichtige activiteiten per regime weergegeven.

Quickscan Flora en Fauna Grote Molenstraat 116 Elst

Art. 11.46 lid 1 onderdeel e Bal

Art. 11.54 lid 1 onderdeel c Bal

Het is verboden plantensoorten in hun natuur-

Het is verboden plantensoorten in hun natuur-

lijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken

lijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken

en te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=OverBetuwe&id=470b972d-08c6-4e00-a69c-9f2f7d9229fc