CConstaterende datOverBetuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

24-06-27.23 Relevant stuk 1, Grondstoffenbeleidsplan Beleidsplan Van afval naar grondstof in Overbetuwe 2024 - 2028

Gemeenteraadsvergadering 27 juni 2024, gemeente OverBetuweBij agendapunt: Beleidsplan Van afval naar grondstof in Overbetuwe 2024 – 20287.402 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

In een schone leefomgeving van afval naar grondstof in Overbetuwe Beleidsplan 2024-2028

maart 2024 2023-007362

2

Inhoudsopgave 1. Inleiding....................................................................................................................................................................................................................................................... 3 2. Ontwikkelingen en kaders........................................................................................................................................................................................................................... 4 3. Huidige voorzieningen................................................................................................................................................................................................................................. 6 4. Analyse huidige afvalbeleid......................................................................................................................................................................................................................... 7 4.1 Terugkijken in de tijd..............................................................................................................................................................................................................................

7 4.2 Vergelijking met andere gemeenten...................................................................................................................................................................................................... 8 5. Huidige kosten afvalbeleid.......................................................................................................................................................................................................................... 9 6. Toekomstige koers. .....................................................................................................................................................................................................................................10 6.1 Ambitieniveau en uitgangspunten.........................................................................................................................................................................................................10 6.2 Doelstellingen........................................................................................................................................................................................................................................10 6.3 Meer gescheiden inzameling en minder

restafval.................................................................................................................................................................................10 6.4 Een schonere leefomgeving. ................................................................................................................................................................................................................14 6.5 Afvalpreventie. ......................................................................................................................................................................................................................................15 6.6 Bewustwording en gebruik voorzieningen. ...........................................................................................................................................................................................15 7. Financiën en planning.................................................................................................................................................................................................................................17

3

1. Inleiding In elk huishouden ontstaat dagelijks afval. Iedere dag weer staan ook inwoners van Overbetuwe voor de keuze om afval wel of niet te scheiden. Als gemeente zijn we verantwoordelijk voor het (laten) inzamelen en verwerken van het huishoudelijk afval. Wij proberen daar in Overbetuwe samen met diverse partners op een zo goed mogelijke manier invulling aan te geven. Doel is om zoveel mogelijk afval te hergebruiken of recyclen. En dat kan ook. Vrijwel alle afval is in theorie een schone hoogwaardige grondstof geschikt voor hergebruik of recycling. We zijn in Overbetuwe goed bezig, maar het kan nog beter. Niet alleen met het verminderen van de hoeveelheid restafval en komen tot meer hergebruik en recycling, maar ook hoe we samen met onze inwoners zorgen voor een schoner Overbetuwe waar minder afval rondom de containers en op straat te vinden is. Met de huidige aanpak hebben we het maximaal haalbare bereikt. Om verder te verbeteren is een koerswijziging noodzakelijk. Binnen een circulaire economie van afval naar grondstof Binnen de gedachte van de circulaire economie verandert het beeld hoe we naar afval kijken. Afval wordt gezien als grondstof. Verspilling van grondstoffen wordt zoveel als mogelijk voorkomen.

Dit begint met het minder gebruiken van grondstoffen, producten langer gebruiken en gebruikte materialen zoveel mogelijk weer inzetten als grondstof voor nieuwe producten. In de Programmabegroting 2024 benoemen we deze gedachte ook als uitgangpunt van nieuw beleid. Invulling circulaire ambities Vanuit het ‘afvaldomein’ zijn we bij uitstek in de positie om bij te dragen aan de invulling van de circulaire ambities van Overbetuwe. Wat betreft inzamelvoorzieningen en wijze van verwerking bouwen we voort op keuzes die eerder zijn gemaakt en zorgen daar waar nodig voor verbeteringen. We willen echter ook meer dan voorheen inzetten op het stimuleren van bewust en duurzaam inkopen, het faciliteren van mogelijkheden voor reparatie van kapotte producten, alsmede het delen, lenen, ruilen en/ of huren van producten.

Dit alles met als doel dat zo weinig mogelijk producten en materialen in de afdankfase terechtkomen. Het moge duidelijk zijn dat deze insteek een gedragsverandering vergt van alle inwoners. Koers beleidsplan Het beleidsplan omvat de bestuurlijke visie op verwezenlijking van de circulaire ambities en doelstellingen van Overbetuwe in de komende jaren (2024 tot en met 2028) op het vlak van preventie, hergebruik en recycling van huishoudelijk afval en stelt de kaders voor gewenste en mogelijke maatregelen waarmee deze bewerkstelligd kunnen worden. Het beleidsplan is strategisch en kaderstellend van aard. In het proces om te komen tot een beleidsplan zijn medio 2023 op verzoek van de raad scenario’s voor de toekomstige inzameling en verwerking van huishoudelijk afval opgesteld en op 26 september 2023 in een rondetafelgesprek besproken. Uitgangspunt voor deze hoofdkeuzes was het besluit van de raad op 18 april 2023 om als minimaal ambitieniveau te voldoen aan landelijke doelstellingen. Afbakening Het beleidsplan heeft betrekking op de inzameling en verwerking van huishoudelijk afval. Hierin nemen we ook de aanpak van zwerfafval mee. Bedrijfsafval is buiten beschouwing gelaten. Als gemeente zijn we niet verantwoordelijk voor het inzamelen en verwerken van bedrijfsafval.

4

2. Ontwikkelingen en kaders

•

Decennia lang nam de hoeveelheid huishoudelijk afval per inwoner toe. Daarbij leek lang een verband te bestaan met de ontwikkeling van de economie. De laatste jaren is er echter sprake van een trendbreuk. De afvalproductie staat hoe langer hoe meer los van de economische ontwikkeling. Het verband tussen de hoeveelheid afval en ontwikkeling van de econo-mie werd in 2020 flink gemaskeerd doordat mensen tijdens de coronacrisis veel meer afval thuis weggooiden. In 2021 nam de hoeveelheid per inwoner weer af om in 2022, terwijl de economie groeide, verder te dalen naar een niveau dat voor het laatst werd gezien in de jaren negentig van de vorige eeuw. Mondiale verwerking- en recyclingmarkt De verwerking en recycling van afval en grondstoffen is een mondiale markt. Keuzes en maatregelen in andere landen werken door op de Europese en daarmee ook op de Nederlandse markt. Zo is de export van oud papier, kunststoffen en textiel naar Azië als gevolg van hogere kwaliteitseisen niet meer zo eenvoudig of soms onmogelijk. Bovendien is export buiten de Europese Unie alleen nog toegestaan als er sprake is van aantoonbaar milieuverantwoorde verwerking. De goedkope optie van export is er niet meer. De Europese markt wordt zodoende gedwongen om meer verwerkingscapaciteit binnen de Europese Unie op te bouwen.

Tegelijkertijd stijgen de verwerkingskosten van secundaire grondstoffen, onder meer vanwege toenemende vervuiling die de kosten voor goede verwerking opdrijft. Verwerkers stellen in dit verband ook steeds hogere kwaliteitseisen aan het te accepteren materiaal. Dit zien we bijvoorbeeld bij GFT-afval, papier/ karton en PMD. Stijgende kosten Stijgende kosten hebben ook te maken met belastingen die de Rijksoverheid oplegt, zoals de afvalstoffenbelasting en CO2-heffing.

•

Bedrijven in Nederland met een afvalverbrandingsinstallatie of stortplaats betalen sinds 2017 afvalstoffenbelasting. Dit geldt ook voor bedrijven die afvalstoffen naar het buitenland overbrengen om ze daar te laten storten of verbranden. In de periode 2017 tot en met 2024 is deze belasting gestegen van € 13,11 per ton naar € 39,23. Deze belasting berekenen de verwerkers door aan hun klanten. De verwachting is dat deze belasting de komende jaren verder zal stijgen. Sinds 1 januari 2021 geldt voor industriële bedrijven zoals afvalverbrandingsinstallaties met een hoge CO2-uitstoot een nationale CO2heffing. Zo worden bedrijven meer gestimuleerd om bij hun investeringen rekening te houden met de gevolgen van CO2-uitstoot voor mens en milieu. Marktpartijen geven aan fors te moeten investeren als gevolg van milieumaatregelen (o.a. CO2-heffing). Deze kosten kunnen niet worden doorberekend in bestaande contracten, waardoor dit gebeurt in de nieuwe contracten op het moment dat deze worden aanbesteed.

Genoemde ontwikkelingen zorgen ervoor dat bij gelijkblijvend beleid de kosten zullen stijgen. Kaders Het juridische kader voor de behandeling van afval in de Europese Unie is vastgelegd in de Kaderrichtlijn afvalstoffen. In Nederland zijn de doelstellingen en uitgangspunten van het afvalstoffenbeleid opgenomen in het Landelijk Afvalbeheerplan. Dit beheerplan is daarmee het beleidskader waar gemeenten bij de uitvoering van hun afvaltaken rekening mee moeten houden. Om te kunnen inspelen op ontwikkelingen in de transitie naar een circulaire economie wordt het Landelijk Afvalbeheerplan regelmatig geactualiseerd. Een circulaire economie vraagt echter niet alleen om goed afvalbeheer aan het eind van de keten, maar ook om aandacht voor welke grondstoffen worden gebruikt en de manier waarop. Het huidige Afvalbeheerplan dat loopt tot en met eind 2025 wordt dan opgevolgd door een Circulair Materialenplan met meer sturing op hergebruik en preventie.

5 •

•

Afvalhiërarchie De Europese Kaderrichtlijn geeft aan dat bij het opstellen van wetgeving en beleidsinitiatieven voor preventie en beheer van afvalstoffen de afvalhiërarchie moet worden gehanteerd zoals aangegeven in artikel 4 van de Kaderrichtlijn. In het Landelijk Afvalbeheerplan is deze hierarchie verder uitgewerkt in een voorkeursvolgorde waarin preventie de hoogste voorkeur heeft en verbranden, storten of lozen de laagste. 1. Preventie 2. Hergebruik 3. Recycling 4. Nuttige toepassing 5. Verbranden, storten of lozen Verplichting gescheiden inzameling Gemeenten zijn op basis van het Besluit gescheiden inzameling huishoudelijke afvalstoffen wettelijk verplicht om bioafval (GFT-afval), papier, metaal, kunststof, glas, textiel, elektronische apparatuur en gevaarlijk afval gescheiden in te zamelen. In het besluit is een aantal criteria opgenomen om af te kunnen wijken van gescheiden inzameling. Voor GFT-afval kan alleen worden afgezien van gescheiden inzameling als dat technisch niet haalbaar of buitensporig duur is. Voor metaal, kunststof en glas kan van de verplichting tot scheiding worden afgeweken als een andere manier van inzamelen niet van invloed is op het potentieel voor hergebruik of recycling. Papier en textiel moeten altijd gescheiden worden ingezameld.

•

Producentenverantwoordelijkheid Uitgebreide producentenverantwoordelijkheid is wettelijk vastgelegd in een ministeriële regeling en geldt voor producenten of importeurs die als eerste een product op de Nederlandse markt brengen. Producenten en importeurs zijn verantwoordelijk voor het opzetten van een logistiek systeem voor het afvalbeheer en ook om de financiering hiervan te organiseren. Bij dit principe

is sprake van een ketenverantwoordelijkheid, omdat ook andere schakels in de keten (zoals gemeenten en detaillisten) hierbij verantwoordelijkheden hebben. Er bestaat al producentenverantwoordelijkheid voor onder meer batterijen, elektrische apparaten, verpakkingen, matrassen, textiel, kleine plastic flesjes en blikjes. Het inzamelen van deze afvalstromen is meestal gedelegeerd aan gemeenten die hiervoor een vergoeding ontvangen vanuit het bedrijfsleven. Dit geldt niet voor de kleine plastic flesjes en blikjes. Hiervoor geldt een statiegeldregeling. •

Uitvoeringsprogramma Van Afval Naar Grondstof Om gemeenten te helpen bij het volbrengen van hun taak in de keten om afval goed te scheiden, te voorkomen dat waardevolle grondstoffen worden verbrand en zo een bijdrage te leveren aan een circulaire economie hebben publieke partijen in 2014 het Uitvoeringsprogramma Van Afval Naar Grondstof (VANG) opgesteld. Het VANG-programma wordt uitgevoerd binnen de kaders die zijn opgenomen in het Publiek Kader Huishoudelijk afval 2025. Het VANG-programma is geoperationaliseerd in meerjarige Uitvoeringsprogramma’s verdeeld over drie periodes: 2015-2017, 2018-2020 en 2021-2025. In het Uitvoeringsprogramma 2021-2025 is de focus verbreed van realisatie van afname van de hoeveelheid restafval (75% afvalscheiding in 2020 en maximaal 100 en 30 kilogram per inwoner per jaar in respectievelijk 2020 en 2025) naar ook het scheiden van schone, hoogwaardig te recyclen grondstoffen uit huishoudelijk afval. Het Uitvoeringsprogramma VANG maakt inmiddels onderdeel uit van het Rijksbrede programma Circulaire Economie. Daarmee is VANG onderdeel geworden van de landelijke beleidsambitie voor een circulaire economie.

6

3. Huidige voorzieningen Binnen Overbetuwe functioneren drie typen voorzieningen voor de inzameling van huishoudelijk afval: milieustraten, containers in de wijk en inzameling aan huis, eventueel in combinatie met containers in de wijk.

C. Inzameling aan huis in combinatie met wijkcontainers Ook de voorzieningen voor fijn restafval, GFT-afval, PMD en papier die voor een belangrijk deel aan huis worden ingezameld zijn zoals gebruikelijk in de meeste gemeenten. RESTAFVAL

• 40 liter citybin of container (140 en 240 liter) die huishoudens 26x per jaar kunnen laten legen. • Mogelijkheid om tegen betaling te ruilen van maat (4 weken in najaar gratis) en een extra container aan te vragen. • In gestapelde bouw en de wijk Westeraam maken huishoudens gebruik van een verzamelcontainer.

GFT-AFVAL

• 40 liter citybin (bij appartementen) of container (80, 140, 180 en 240 liter) die huishoudens 26x per jaar kunnen laten legen. • Mogelijkheid om tegen betaling te ruilen van maat (4 weken in najaar gratis) en om een extra container aan te vragen.

PAPIER

• Huishoudens kunnen papier 12x per jaar gebundeld/in dozen aanbieden. Tot 1 januari 2025 verzorgen verenigingen de inzameling samen met de inzamelaar.

PMD

• Huishoudens kunnen PMD 26 x per jaar aanbieden in een speciale zak. • Wijkcontainers en containers op milieustraten functioneren als achtervang.

A. Milieustraten We hebben twee milieustraten waar inwoners alle te onderscheiden (grof) huishoudelijke afvalsoorten kunnen aanbieden. Een deel van de afvalsoorten is gratis en voor een deel geldt een poorttarief op basis van inschatting van het volume. Een poorttarief geldt voor grof tuinafval, asbest, alle soorten hout, vuil en schoon puin, dakleer, bouw- en sloopafval, matrassen, tapijten, motorolie, auto- en tractorbanden met velg, grof restafval en huisvuilzakken. De milieustraat in Elst is zes dagen per week geopend en de milieustraat in Andelst vier dagen per week. B. Containers in de wijk Brengvoorzieningen voor glas, textiel en luiers in de vorm van (ondergrondse) containers in de wijk zijn zoals gebruikelijk in de meeste gemeenten.

7

4. Analyse huidige afvalbeleid In 2016 hebben we het uitvoeringsplan Afval 2017 vastgesteld. In dit plan zijn een aantal maatregelen opgenomen om te komen tot de landelijke doelstelling van 75% afvalscheiding waardoor de hoeveelheid restafval afneemt tot maximaal 100 kilogram per inwoner in 2020. De volgende maatregelen zijn in 2017 ingevoerd: • Inzameling PMD aan huis met een zak (voorheen wijkcontainer). • Mogelijkheid keuze grote container (240 liter) voor GFT-afval. • Afschaffen tarief voor aanbieden van GFT-afval. • Beschikbaar stellen Citybin (40 liter) voor GFT-afval in hoogbouw.

het aanbod in 2016 (633 kilogram per inwoner). In de tussenliggende jaren is de hoeveelheid gescheiden ingezameld afval elk jaar vrijwel gelijk met een piek in het eerste coronajaar 2020 toen mensen veel thuis waren en in huis klusten of opruimden. Na 2020 daalde de hoeveelheid per inwoner weer, terwijl de economie juist groeide. Het percentage afvalscheiding is gestegen van 70% in 2016 naar 79% in 2024.

In 2022 is het resultaat 110 kilogram restafval per inwoner en 79% afvalscheiding. De landelijke doelstelling is derhalve deels gehaald.

4.1 Terugkijken in de tijd

De landelijke doelstelling mag dan nog niet zijn gehaald wat betreft de hoeveelheid restafval. Dat wil echter niet zeggen dat we de afgelopen jaren geen stappen hebben gezet naar meer afvalscheiding en minder restafval.

Figuur 1 Ontwikkeling hoeveelheid restafval 2016-2022

Reductie hoeveelheid restafval In 2017 is de hoeveelheid restafval gedaald naar 135 kilogram per inwoner. In 2022 was het resultaat 110 kilogram per inwoner. Het is vooral de hoeveelheid fijn restafval ingezameld met de container aan huis en de verzamelcontainer in de wijk die is gedaald. De hoeveelheid grof restafval aangeboden op de milieustraten is minder fors gedaald. Zie figuur 1. Verhouding gescheiden inzameling en restafval In figuur 1 zagen we al dat de hoeveelheid restafval in 2022 fors verminderd is ten opzichte van 2016. De hoeveelheid afval die gescheiden wordt ingezameld ligt in 2022 lager dan in 2016 (zie figuur 2). De totale hoeveelheid huishoudelijk afval is met 515 kilogram per inwoner in 2022 dan ook beduidend minder dan 70%

77%

76%

77%

80%

79%

79%

Figuur 2 Ontwikkeling hoeveelheid restafval 2016-2022

scheidingspercentage

8 Tabel 1 laat zien hoe het deel gescheiden inzameling is verdeeld over de verschillende afvalstromen. Het afschaffen van het tarief op het aanbieden van het GFT-afval in 2017 heeft geleid tot meer gescheiden ingezameld GFTafval, met pieken in de coronajaren 2020 en 2021. De ingezamelde hoeveelheid papier is fors gedaald (landelijke trend), terwijl die voor PMD fors is gestegen. Textiel en KCA zijn redelijk ongewijzigd in de loop van zeven jaar. Het resultaat voor luiers is na 2018 iets verslechterd.

zoals een afvalgrijper, afvalringen en afvalzakken. Daarnaast zijn in Herveld/ Andelst, Heteren, Elst, Driel, Oosterhout, Valburg en Zetten zwerfafvalbrigades actief. In 2023 hebben zij 360 zakken met zwerfafval verzameld.

Het aanbod gescheiden grof afvalstromen is vanaf 2017 gedaald, met tussentijds een stijging in het eerste coronajaar 2020. De daling heeft vooral te maken met een lager aanbod grof tuinafval en puin.

4.2

kg per inwoner

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

GFT-afval

75

119

120

121

137

142

127

Papier

64

64

61

60

58

59

53

PMD

16

28

30

31

37

37

35

Glas

26

27

27

26

29

26

24

Textiel

6

6

7

7

8

7

7

KCA

2

2

2

2

2

2

2

Luiers

6

6

6

4

4

4

5

Milieustraat

247

190

199

189

210

169

153

Gescheiden inzameling

442

441

451

440

484

445

405

Tabel 1 Verdeling gescheiden inzameling Bijplaatsingen, afvaldumpingen en zwerfafval Bijplaatsingen en afvaldumpingen vinden vooral plaats op en rondom de locaties met wijkcontainers. Bijgeplaatst afval is een bron voor het ontstaan van zwerfafval. We zetten ons op diverse vlakken in om de gemeente schoon te houden. Dit doen we door voldoende afvalbakken te plaatsen, deze op tijd te legen en regelmatig de openbare ruimte schoon te maken. Inwoners die vrijwillig hun omgeving schoon willen houden kunnen inzamelmiddelen bij de gemeente lenen

We hebben in beperkte mate inzicht in de mate waarin bijplaatsingen, afvaldumpingen en zwerfafval een probleem zijn. Zes locaties met ondergrondse PMD-containers kunnen we aanmerken als hotspots.

Vergelijking met andere gemeenten

Om een beeld te krijgen waar we staan qua milieuprestatie vergelijken we met het gemiddelde inzamelresultaat in vergelijkbare gemeenten. Overbetuwe behoort tot de klasse van weinig stedelijke gemeenten. Uit de vergelijking met het gemiddelde van deze klasse in de periode 2016 tot en met 2022 blijkt dat we structureel minder restafval en meer gescheiden afval heeft en daarmee een iets hoger aanbod huishoudelijk afval. Gemeente overbetuwe

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

A. Restafval

191

135

144

133

124

118

110

B. Gescheiden inzameling

442

441

451

440

484

445

405

C. Afvalaanbod (A+B)

633

577

595

573

608

563

515

% afvalscheiding (B/C)

70%

77%

76%

77%

80%

79%

79%

Tabel 2 Resultaten Overbetuwe in kg per inwoner Weinig stedelijk

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

A. Restafval

173

161

153

145

148

139

128

B. Gescheiden inzameling

356

370

379

394

421

407

364

C. Afvalaanbod (A+B)

529

531

532

539

569

546

492

% afvalscheiding (B/C)

67%

70%

71%

73%

74%

75%

74%

Tabel 3 Resultaten gemiddelde weinig stedelijke gemeenten in kg per inwoner

11 9

5. Huidige kosten afvalbeleid De kosten voor de inzameling en verwerking van huishoudelijk afval dekken we uit de inkomsten van de afvalstoffenheffing. De geïnde gelden moeten worden aangewend voor dit doel. Uitgangspunt in Overbetuwe is een 100% kostendekkende afvalstoffenheffing. De geraamde opbrengst is gelijk aan de geraamde kosten. De kosten zijn opgebouwd uit de volgende onderdelen: 1. Directe kosten inzameling en verwerking huishoudelijk afval. 2. Toerekening kosten overhead. 3. Compensabele btw. 4. Verleende kwijtscheldingen. 5. Activiteiten zwerfafval (vanaf 2024). In 2022 bedragen de kosten voor de inzameling en verwerking van huishoudelijk afval € 5.458.000. Dit is € 399.000 minder dan geraamd in de begroting. De belangrijkste oorzaak is gelegen in diverse voordelige begrotingsmutaties. Als gevolg van minder aanbiedingen van de restafvalcontainer is de opbrengst van de heffing € 277.000 minder dan geraamd. Per saldo liggen de baten € 122.000 hoger dan de lasten. In de begroting voor 2023 zijn de kosten geraamd op € 5.938.000. Voor 2024 is dit bedrag verhoogd naar € 6.283.000. Tarieven afvalstoffenheffing In Overbetuwe betalen huishoudens naast een vastrechtbedrag een tarief per lediging van de restafvalcontainer of per inworp bij gebruik van een verzamelcontainer voor restafval.

Huishoudens met een 40 liter citybin voor restafval betalen jaarlijks een vast bedrag dat voor een meerpersoons huishouden hoger ligt dan voor een 1-persoons huishouden. Om de te verwachten kostenstijging te kunnen dekken is eind 2022 het tarief vastrecht voor 2023 verhoogd. Voor 2024 is dit vastrecht tarief nog verder verhoogd.

Weinig stedelijk

2022

2023

2024

Vastrecht

€ 202,70

€ 213,50

€ 224,00

Tarief legen 140 liter restcontainer

€ 11,08

€ 11,08

€ 11,08

Tarief legen 240 liter restcontainer

€ 16,87

€ 16,87

€ 16,87

Tarief 60 liter inworp ondergrondse container

€ 4,76

€ 4,76

€ 4,76

Extra container

€ 14,00

€ 14,00

€ 14,00

Vastrecht 1 persoons huishouden

€ 262,90

€ 273,70

€ 284,20

Vastrecht meerpersoons huishouden

€ 320,55

€ 331,35

€ 341,85

Gebruikers van citybin

Tabel 4 Tarieven afvalstoffenheffing

10

6. Toekomstige koers

6.2

De ambitie die wij in Overbetuwe met elkaar vaststellen bepaalt de koers voor de inzameling en verwerking van huishoudelijk afval in de komende jaren. De vraag is wat we willen bereiken en vervolgens hoe we dit gaat realiseren. Analyse van de huidige situatie laat zien dat de landelijke doelstelling, daling van de hoeveelheid restafval naar 100 kilogram per inwoner en 75% afvalscheiding, voor wat betreft de kilogrammen niet is gehaald. In 2022 is het resultaat 110 kilogram restafval per inwoner en 79% afvalscheiding.

1. Meer gescheiden afvalinzameling resulterend in een reductie van de hoeveelheid restafval van 110 kilogram per inwoner in 2022 naar maximaal 100 kilogram.

6.1

Ambitieniveau en uitgangspunten

18 april 2023 heeft de gemeenteraad besloten om als minimaal ambitieniveau te voldoen aan de landelijke doelstellingen. Om dit ambitieniveau te kunnen waarmaken dient het beleid gericht te zijn op het stimuleren en faciliteren van de bereidheid van onze inwoners om afval nog meer en beter te scheiden. We zetten hierbij in op een maximale reductie van de hoeveelheid restafval. Hierbij gelden de volgende uitgangspunten: 1. We zorgen voor voldoende en gemakkelijk toegankelijke voorzienin-gen voor de inzameling van de recyclebare grondstoffen. 2. We houden vast aan het principe ‘de vervuiler betaalt’. Inwoners die hun afval goed scheiden betalen een lagere afvalstoffenheffing dan inwoners die dit niet doen. 3. We zetten maximaal in op bewustwording van inwoners over het belang van preventie en betere afvalscheiding, alsmede het vergroten van kennis over afval en recyclebare grondstoffen.

Doelstellingen

Rekening houdend met het ambitieniveau en de geformuleerde uitgangspunten zijn vier doelstellingen te onderscheiden:

2. Vermindering van het aantal afvaldumpingen en zwerfafval resulterend in een schonere leefomgeving. 3. Meer aandacht voor afvalpreventie en verlenging van de levensduur van producten. 4. Creëren van bewustwording en gebruik inzamelvoorzieningen.

6.3

Meer gescheiden inzameling en minder restafval

Er is niet één bewezen route om te komen tot meer gescheiden inzameling en vermindering van het aanbod restafval tot onder de 100 kilogram per inwoner per jaar. Gemeenten die op dit vlak succesvol zijn hebben het volgende met elkaar gemeen: 1. Verhogen serviceniveau voor te scheiden afval. 2. Verlaagd serviceniveau voor restafval (minder capaciteit). 3. Restafval apart financieel belasten. 1. Verhogen serviceniveau voor te scheiden afval In Overbetuwe is de service voor te scheiden afvalstromen zoals GFT-afval, papier, PMD, glas, textiel en luiers op het niveau van wat we zien bij gemeenten die minder dan 100 kilogram restafval per inwoner per jaar realiseren. Dit geldt ook voor het gescheiden inzamelen van grof huishoudelijke afvalstromen. Toch zijn er nog keuzes te maken, met name voor GFT-afval en PMD.

11 2. Verlagen serviceniveau voor restafval (minder capaciteit) In Overbetuwe is nog sturing mogelijk op de capaciteit voor het kunnen aanbieden van fijn restafval (via minicontainer en wijkcontainer). Maatregelen om de hoeveelheid fijn restafval te reduceren die elk afzonderlijk of in combinatie kunnen worden ingezet zijn het verlagen van de inzamelfrequentie van de restafvalcontainer, het standaard aanbieden van een kleine maat container en het laten wegbrengen van restafval naar een wijkcontainer. Sturing op de capaciteit van het grof restafval (via de milieustraten) is mogelijk door het aanscherpen van de acceptatie-eisen en het niet meer accepteren van zakken met fijn restafval. 3. Restafval apart financieel belasten Naast een vastrecht afvalstoffenheffing betalen huishoudens in Overbetuwe een apart tarief voor elke keer dat de restafvalcontainer wordt geleegd of er een zak met restafval in een wijkcontainer wordt gedeponeerd. Deze systematiek hanteren de meeste gemeenten die onder de 100 kilogram restafval per inwoner per jaar scoren ook. Het variabele tarief in Overbetuwe zit aan de bovenkant van wat gangbaar is in Nederland. Dit geldt ook voor het tarief voor het aanbieden van grof restafval op de milieustraten. Op dit vlak is niet direct een aanpassing nodig.

Maatregelen Op basis van de analyse van het huidige afvalbeleid in Overbetuwe, gesprekken met de raad en ervaringen in andere gemeenten onderscheiden we de volgende maatregelen voor fijn restafval, GFT-afval, papier, PMD en milieustraten met als doel meer gescheiden inzameling en minder restafval.

Fijn Restafval 1. Bij nieuwbouw en vervanging standaard een 140 liter container. 2. Aanvragen extra container niet meer mogelijk. 3. Verlagen inzamelfrequentie naar 13 keer per jaar. 4. Communicatie over wijzigingen. GFT-afval 1. Bij nieuwbouw en vervanging standaard een 180 liter container. 2. Een extra 180 liter container is mogelijk zonder extra kosten. 3. Onderzoeken mogelijkheden variatie inzamelfrequentie. 4. Voorkomen voedselverspilling en correct gebruik container. Papier 1. Verenigingen blijven papier inzamelen zonder container. 2. Communicatie over aanbiedwijze. PMD 1. De wijkcontainers vervallen. 2. Handhaven inzameling met zak om de 2 weken. 3. Uitleg over wat wel en niet in de zak mag. Milieustraten 1. Aanscherping acceptatie-eisen en weren zakken. 2. Training medewerkers. 3. Onderzoeken realisatie circulair ambachtscentrum. Op de volgende pagina’s lichten we de verschillende maatregelen toe. Wat houdt elke maatregel in en waarom maken we deze keuze.

12

Fijn Restafval 1. Bij nieuwbouw en vervanging standaard een 140 liter container. 2. Aanvragen extra container niet meer mogelijk. 3. Verlagen inzamelfrequentie naar 13 keer per jaar. 4. Communicatie over wijzigingen. Toelichting 1. Huishoudens met een kleine 140 liter maat container hebben over het algemeen minder restafval. Vanuit deze ervaring zou de gemeente er voor kunnen kiezen om elk huishouden standaard een 140 liter maat ter beschikking te stellen. Voor huishoudens die nu een 240 liter maat in gebruik hebben (50%) is dit, zeker in combinatie met verlaging van de inzamelfrequentie, naar verwachting een te grote stap. Gelet op voornoemde en het gegeven dat de helft van het containerbestand moet worden vervangen (niet duurzaam en kostenverhogend), past dit als generieke maatregel niet binnen de nieuwe koers van de gemeente. Een meer praktische insteek is om alleen bij nieuwbouw en vervanging standaard te kiezen voor een 140 liter maat. Op deze manier wordt geleidelijk aan gewerkt aan vervanging van de 240 liter containers. 2. Een maatregel die past binnen het beleid om te komen tot meer afvalscheiding en minder restafval en per direct geïmplementeerd kan worden is het niet langer mogelijk maken om een extra container aan te vragen. 3. Steeds meer gemeenten kiezen voor het verlagen van de inzamelfrequentie van de restafvalcontainer van 26 naar 13 keer per jaar.

Het is een relatief eenvoudig te realiseren maatregel die aansluit bij het bestaande aanbiedgedrag van de inwoners in Overbetuwe. Met deze maatregel kan het aanbod restafval verder worden beperkt. Inwoners met medisch afval die een probleem hebben met verlaging van de inzamelfrequentie kunnen op verzoek gebruik maken van een ondergrondse container. De bestaande regeling dat deze groep mensen recht heeft op een vast bedrag aan afvalstoffenheffing blijft van kracht.

4. Communicatie over de wijzigingen is noodzakelijk voor draagvlak en realisatie van het gewenste effect. Zie voor een nadere toelichting bij de uitwerking van de doelstelling die gaat over creëren van bewustwording en gebruik van de voorzieningen (paragraaf 6.6). GFT-afval 1. Bij nieuwbouw en vervanging standaard een 180 liter container. 2. Een extra 180 liter container is mogelijk zonder extra kosten. 3. Onderzoeken mogelijkheden variatie inzamelfrequentie. 4. Voorkomen voedselverspilling en correct gebruik container. Toelichting 1. In Overbetuwe hebben inwoners de keuze uit vijf verschillende volumematen GFT-container (40, 80, 140, 180 en 240 liter). Deze grote verscheidenheid kan worden gezien als een hoog serviceniveau, maar maakt het containerbeheer onnodig complex en kostbaar. Het heeft dan ook de voorkeur om uit te gaan van één standaardmaat die voor een groot deel van de inwoners voldoende capaciteit biedt en ook qua maatvoering geschikt is voor kleine percelen. De 180 liter maat is dan het meest geschikt. Gegeven het feit dat thans 70% een andere maat heeft dan 180 liter en al deze containers vervangen zouden moeten worden, past dit als generieke maatregel (net zoals voor de standaardisering van de restafvalcontainer) niet binnen de nieuwe koers.

Ook hier is de keuze voor de meer praktische insteek om de standaard maat van 180 liter voor de schrijven bij nieuwbouw en vervanging. 2. Voor inwoners die met een 180 liter container onvoldoende capaciteit voor hun GFT-aanbod is er de mogelijkheid om zonder extra kosten een extra 180 liter maat aan te vragen. 3. Variatie van de inzamelfrequentie houdt in vaker inzamelen in de zomermaanden (in verband met stankoverlast) en minder vaak inzamelen in de winter. Ervaringen in andere gemeenten laten zien dat het wekelijks inzamelen van GFT-afval in de zomer een beperkte meeropbrengst heeft.

13

Deze meeropbrengst staat meestal niet in verhouding tot de meerkosten en het niet oplossen van het probleem van stankoverlast. Blijft over het argument van extra service. In een enquête die Overbetuwe in 2021 heeft uitgezet onder de inwoners geeft 80% aan tevreden te zijn met het om de twee weken kunnen aanbieden van de GFT-container. Ervaringen in andere gemeenten kunnen richtinggevend zijn. Het is echter van belang om specifiek voor de gemeente Overbetuwe onderzoek te doen naar de effecten van variatie in inzamelfrequentie op de prestatiegebieden milieurendement, kosten en service. 4. Inwoners gebruiken de GFT-container vooral voor het aanbieden van tuinafval. Voedselresten verdwijnen in de restafvalcontainer. In de communicatie zal de gemeente de nadruk moeten leggen op het voorkomen van voedselverspilling en correct gebruik van de GFT-container. In de uitwerking van de doelstelling over preventie wordt ander ingegaan op het voorkomen van voedselverspilling (paragraaf 6.5). Papier 1. Verenigingen blijven papier inzamelen zonder container. 2. Communicatie over aanbiedwijze. Toelichting 1. Inzameling met een container is een optie die veel andere gemeenten al toepassen. Bij inzameling met een container vermindert de arbeidsbelasting en wordt de service richting de inwoners vergroot.

Nadeel is dat inwoners steeds meer karton aanbieden dat minder gemakkelijk in een container kan. In de enquête onder inwoners geeft 20% de voorkeur aan een minicontainer voor papier boven inzameling aan huis gebundeld of in dozen. Het heeft dan ook de voorkeur dat we het papier blijven inzamelen zonder container zolang dit binnen de overeenkomst met de inzamelaar mogelijk is gelet op beschikbaarheid voertuigen en chauffeurs en uit oogpunt van veiligheid. 2. Ook al wijzigt de manier van inzamelen niet, het blijft gewenst om structureel te communiceren over de aanbiedwijze (zie ook paragraaf 6.6).

PMD 1. De wijkcontainers vervallen. 2. Handhaven inzameling met zak om de 2 weken. 3. Uitleg over wat wel en niet in de zak mag. Toelichting 1. Nu staan er in Overbetuwe 35 ondergrondse containers (waarvan 7 perscontainers) als achtervang voor de inzameling met een zak aan huis. Met de zak wordt over het algemeen een zuiverdere fractie ingezameld. In de enquête onder inwoners geeft 80% aan PMD aan te bieden in een zak. De overige inwoners maken gebruik van de wijkcontainers. Ook een deel van de inwoners die de zak gebruiken maken aanvullend gebruik van de wijkcontainer. Bij handhaven van inzameling aan huis met een zak zijn de containers in de openbare ruimte als aanvullende voorziening niet nodig. Voor inwoners die echt geen twee weken kunnen wachten is er altijd nog een uitwijkmogelijkheid naar de milieustraten. 2. De gemeente zamelt het PMD om de twee weken in. Een wekelijkse inzameling levert een beperkte meeropbrengst op. Het resultaat staat meestal niet in verhouding tot de meerkosten. Blijft over het argument van extra service voor de inwoners, maar aan de andere kant ook meer verrommeling van de openbare ruimte, omdat er dan elke week (eigenlijk continu) zakken op straat liggen. 75% van de inwoners vindt een inzameling om de twee weken voldoende is. Een PMD-container aan huis is ook een mogelijkheid.

Dit vergt extra investeringen en de kwaliteit van het PMD is overal het algemeen slechter dan bij inzameling met een zak. Onder inwoners van Overbetuwe is de animo voor een minicontainer beperkt. 3. De kwaliteit (zuiverheid) van het gescheiden ingezamelde PMD staat onder druk. Voor veel mensen is nog steeds niet altijd duidelijk wat er wel en niet in de zak mag. Het blijft noodzakelijk om hierover structureel te blijven communiceren (zie ook paragraaf 6.6).

14

Milieustraten 1. Aanscherping acceptatie-eisen en weren zakken. 2. Training medewerkers. 3. Onderzoeken realisatie circulair ambachtscentrum. Toelichting 1. Op de milieustraten kunnen inwoners tegen betaling ook vuilniszakken met fijn restafval aanbieden. Dit is feitelijk restafval dat in de minicontainer of de ondergrondse container thuishoort. De maatregel is dat de gemeente vuilniszakken met fijn restafval niet langer accepteert op de milieustraten. Het effect van een dergelijke maatregel is moeilijk in te schatten. De zakken en het echte grof restafval (het grovere materiaal dat niet in de minicontainer of ondergrondse container past en op de milieustraten mag worden aangeboden) worden onder één noemer afgevoerd als grof restafval. Een andere onzekere factor van een dergelijke maatregel is de mate waarin dit afval dan terechtkomt in de minicontainer en de verzamelcontainer. 2. Niet duidelijk is of alle afvalstromen die inwoners gescheiden kunnen aanbieden op de milieustraten ook in de juiste container terechtkomen. Om er zeker van te zijn dat de medewerkers in ieder geval de vereiste kennis hebben over wat in welke container hoort is het belangrijk om hen op dit punt te trainen. Een ander discussiepunt is het inschatten van het volume dat een bezoeker bij zich heeft. Dit bepaalt immers het tarief voor een betaalstroom.

Om discussie aan de poort zoveel als mogelijk te voorkomen is ook op dit punt een training van de medewerkers van belang. 3. Om spullen en materialen langer in gebruik te kunnen houden en on-nodig verbranden te voorkomen kunnen in een toekomstige situatie de functies van een milieustraat, kringloopwinkel en reparatiewerkplaats worden gecombineerd. Een dergelijk circulair ambachtscentrum is een locatie of een netwerk waarbij partijen samenwerken aan het verminderen van afval en het realiseren van hoogwaardig product- en materiaalhergebruik. De gemeente Overbetuwe onderzoekt in de regio de mogelijkheden voor samenwerking om te komen tot realisatie van een circulair ambachtscentrum.

6.4

Een schonere leefomgeving

We gaan het aantal locaties met wijkcontainers dat structureel te maken heeft met overlast van bijgeplaatst en gedumpt afval verminderen. Afvaldumpingen zijn bronnen voor het ontstaan van zwerfafval. Met deze maatregel mogen we ook een remmende werking verwachten op het ontstaan van zwerfafval. Om dit ook meetbaar te maken moet het aantal bijplaatsingen en afvaldumpingen worden gemonitord, iets wat nu nog niet systematisch gebeurt. Hoe gaan we deze reductie bereiken? Om bijplaatsingen en dumpingen van grof afval terug te dringen is een mix van instrumenten nodig met ruimte voor maatwerk per containerlocatie. De problematiek per buurt en zelfs per hotspot kan sterk verschillen. Dit vergt een structurele aanpak voor de komende jaren. Basis op orde

Het begint ermee dat de basis op orde is, dat wil zeggen zorgen voor goed functionerende containers en een nette en schone omgeving van de locaties.

Communicatie en handhaving

Is de basis op orde dan kunnen communicatie en handhaving worden ingezet als instrumenten om het gewenste gedrag te bewerkstellingen. Hierbij functioneert handhaving niet alleen als sluitstuk. Van extra surveillance en betrokkenheid van handhaving bij gerichte (communicatie)acties gaat ook een preventieve werking uit.

Betrekken bewoners en organisaties

We betrekken ook bewoners, wijkorganisaties, ondernemers, scholen en anderen bij het in kaart brengen van oorzaken van en het bedenken van oplossingen voor bijplaatsingen en afvaldumpingen. Dit kan op meerdere manieren en in meerdere vormen

15

Monitoren

6.5

We gaan de hotspot-locaties periodiek monitoren en evalueren. Hiertoe wordt een plan van aanpak opgesteld waarin concreet wordt beschreven hoe de monitoring in te vullen (wat meten en hoe?), wie heeft hierin welke taken en verantwoordelijkheden en wat zijn de kosten. De monitoring kan tussentijds leiden tot nieuwe inzichten en aanpassing van de lijst met hotspots.

Afvalpreventie

Afvalpreventie en het verlengen van de levensduur van producten heeft de voorkeur boven hergebruik en recycling en verdient daarom ook vanuit de gemeente meer aandacht dan tot nu toe. We onderscheiden drie aandachtsgebieden: 1. Stimuleren gebruik kringloopwinkels en ophaalservice spullen. 2. Stimuleren delen en lenen plus reparatie. 3. Tegengaan voedselverspilling. 1. Stimuleren gebruik kringloopwinkels en ophaalservice Als gemeente die duurzaamheid nastreeft stimuleren we initiatieven zoals kringloopwinkels die zich richten op hergebruik van goederen. Dit heeft de voorkeur boven recycling. Intensievere communicatie vanuit de gemeente over het bestaan van de kringloopwinkels en de mogelijkheden om goederen in te leveren of te laten ophalen vergroot de bekendheid en stimuleert het gebruik. Dit geldt ook voor het kopen van tweedehands spullen. Het extra onder de aandacht brengen van deze winkels met ophaalservice heeft naar verwachting een beperkt effect op het afvalaanbod en is niet meetbaar. Als onderdeel van een bewustwordingscampagne over ons afvalprobleem en het groeien naar een circulaire economie zijn deze initiatieven echter van wezenlijk belang.

2. Stimuleren delen en lenen spullen plus reparatie Delen is duurzaam. Er hoeven namelijk minder spullen gemaakt te worden en er wordt minder weggegooid. Online platforms maken het makkelijker om elkaar te vinden voor delen, lenen, ruilen of huren. Als gemeente staan we dicht bij onze inwoners en zijn bij uitstek in de gelegenheid om via verschillende communicatiekanalen het concept en de praktische invulling van delen en lenen van spullen onder de aandacht te brengen. 3. Tegengaan voedselverspilling Er is sprake van voedselverspilling als voedsel niet meer wordt gebruikt voor menselijke consumptie terwijl het daar wel voor bedoeld is. Voedselverspilling vindt plaats in de gehele keten: bij de oogst, tijdens de opslag en het transport, in supermarkten en horeca en bij de consument. In Nederland gooien we jaarlijks voor enkele miljarden euro’s aan voedsel weg. De gemiddelde consument gooit jaarlijks 34 kilogram voedsel weg. Dat voedsel komt voor het grootste deel terecht in de restafvalcontainer, zo blijkt ook uit sorteeranalyses. Als gemeente kunnen we een voorbeeldfunctie vervullen bij het tegengaan van voedselverspilling. De Stichting Samen Tegen Voedselverspilling heeft een stappenplan opgesteld waarin wordt toegelicht hoe gemeenten een rol kunnen spelen om voedselverspilling te voorkomen of te verminderen.

Daarbij wordt verwezen naar voorbeelden van bestaande landelijke en lokale initiatieven. Met het stappenplan in de hand gaan we actief aan de slag in de strijd tegen voedselverspilling.

6.6

Bewustwording en gebruik voorzieningen

Het doen en laten van inwoners geeft de doorslag in de route om te komen tot minder restafval en meer gescheiden inzameling, hergebruik en recycling. Wij enthousiasmeren en motiveren onze inwoners om mee te gaan in het verhaal. Doel is dat inwoners zich nog meer bewust worden van het belang van preventie en een betere afvalscheiding. Wij vragen hen het afval op de juiste manier te scheiden en op de juiste plek aan te bieden.

16 Bij het vergroten van kennis en het bieden van service zijn inwoners bereid extra stappen te zetten. Met het geven van feedback op hun inspanningen wordt dit effect versterkt. Uiteindelijk maken de inwoners het verschil. Wanneer het optimaal scheiden van afval voor inwoners persoonlijk van belang is werkt dit stimulerend. Twee trajecten In de communicatie onderscheiden we twee trajecten: Veranderingen in de afvalinzameling

Aandacht voor preventie

Communicatie over maatregelen die te maken hebben met concrete veranderingen in de afvalinzameling die noodzakelijk zijn om te komen tot meer gescheiden inzameling, minder restafval en een schonere leefomgeving. Elk huishouden heeft afval en staat iedere dag voor de afweging waar welk afval in moet. Een wijziging in de inzameling en de voorzieningen grijpt dus in op het dagelijks leven. Door inwoners op de juiste wijze deelgenoot te maken van de veranderingen ontstaat meer draagvlak voor de maatregelen. Bewustwording is nodig bij de inwoners om het gedrag te veranderen. Het onder de aandacht brengen van initiatieven/ voorzieningen gericht op preventie (inleveren spullen voor tweede leven, delen en lenen van spullen, repareren van spullen in plaats van afdanken) en mogelijkheden om voedselverspilling tegen te gaan. We kunnen als gemeente gebruik maken van bestaande campagnes elders en deze in ons eigen format gieten.

Doelgroepen en content Doelgroep van de communicatie vormen alle inwoners, met speciale aandacht voor laaggeletterden en anderstaligen. De content bestaat uit een combinatie van informeren en nudging (inwoners worden op een positieve manier gestimuleerd om zich op een bepaalde wijze te gedragen). Continue herhaling van de boodschappen is noodzakelijk. Afvalcoach Communicatiecampagnes bereiken niet altijd alle inwoners of zijn niet voor iedereen even toegankelijk. Er zijn groepen inwoners die persoonlijke aandacht behoeven. Ook is het nodig om inwoners die bewust of onbewust regels niet naleven hierop aan te spreken nog voordat handhaving hierop wordt ingezet. Voor het uitvoeren van deze taken zetten we een afvalcoach in. De afvalcoach fungeert als een fysiek aanspreekpunt in de wijk om inwoners ac-tief te informeren over het juist aanbieden van afval en voorlichting te geven over gebruik containers en afvalscheiding. De interactie met de inwoners heeft een positieve invalshoek. De afvalcoach moedigt inwoners aan om mee te denken, heeft echt contact met de inwoners en informeert/inspireert hen. Inwoners die weerstand bieden zullen zich gehoord voelen, waardoor hun instelling verandert. Het is belangrijk dat inwoners het gevoel hebben dat ze persoonlijke aandacht krijgen en serieus worden genomen.

De afvalcoach stimuleert het juiste gedrag: namelijk dat inwoners hun afval goed scheiden en de aanbiedregels goed naleven. Hierbij zijn drie elementen van groot belang: capaciteit (o.a. kennis van de scheidingsregels), gelegenheid (o.a. de juiste bakken, ruimte en tijd) en motivatie. Wanneer inwoners niet het juiste gedrag laten zien, is het belangrijk om te achterhalen wat de reden hiervoor is: gebrek aan capaciteit, gelegenheid of motivatie. Op die manier kunnen inwoners op de juiste manier worden gestimuleerd om het afval beter gescheiden aan te bieden.

17

7. Financiën en planning In dit beleidsplan ligt de focus met name op de keuze voor een afgewogen maatregelenpakket waarmee we de doelstellingen kunnen halen. De beleidskeuzes brengen incidentele kosten met zich mee en hebben impact op de jaarlijkse kosten. Extra investeringen zijn niet aan de orde. In dit hoofdstuk zoomen we in op de financiële wijzigingen, tenzij anders vermeld. Incidentele kosten Incidentele kosten zijn er voor het verwijderen en afvoeren van de ondergrondse PMD-containers, het onderzoeken van de mogelijkheden om te variëren in de inzamelfrequentie van GFT-afval, onderzoek naar de mogelijkheden van een circulair ambachtscentrum en extra capaciteit voor realisatie van de implementatie van de maatregelen en de daarbij noodzakelijke communicatie. Incidentele kosten

2024

2025

Met de voorziene maatregelen verminderen we de hoeveelheid restafval en realiseren meer afvalscheiding ten opzichte van het handhaven van de huidige situatie. Dit leidt tot een besparing op de bijbehorende verwerkingskosten. Indien we per 1 januari 2025 de frequentie voor de inzameling van fijn restafval verlagen naar 13 keer per jaar en de voorziene maatregelen op de milieustraten invoeren zullen we in het eerste jaar de doelstellingen van maximaal 100 kilogram restafval per inwoner per jaar en 75% afvalscheiding realiseren. De jaren daarna verbetert de afvalscheiding nog verder hetgeen resulteert in extra besparingen op de verwerkingskosten. Impact op jaarlijkse kosten

2025

2026

2027

2028

Training medewerkers milieustraten

€ 50.000

€ 10.000

€ 10.000

€ 10.000

Inzamelkosten

€ -70.000

€ -70.000

€ -70.000

€ -70.000

Verwerkingskosten

€ -100.000 € -150.000 € -200.000 € -200.000

Capaciteit communicatie (0,2 fte)

€ 19.000

€ 19.000

€ 19.000

€ 19.000

Afvalcoach (0,2 fte)

€ 15.000

€ 15.000

€ 15.000

€ 15.000

Verwijderen en afvoeren 35 ondergrondse PMD-containers

€ 70.000

Capaciteit handhaving (0,2 fte)

€ 15.000

€ 15.000

€ 15.000

€ 15.000

Onderzoek mogelijkheden variatie inzamelfrequentie GFT-afval

€ 5.000

Kapitaallasten investeringen

€ 10.000

€ 15.000

€ 20.000

€ 25.000

Impact op jaarlijkse kosten totaal

€ -61.000 € -146.000 € -191.000 € -186.000

Onderzoek realisatie circulair ambachtscentrum

€ 30.000

Extra capaciteit voor realisatie maatregelen per 1 januari 2025

€ 30.000

Communicatie over de maatregelen

€ 30.000

Incidentele kosten totaal

€ 90.000

€ 75.000

Tabel 5 Incidentele kosten Impact op jaarlijkse kosten Structurele jaarlijkse kosten zijn er voor de afvalinzameling, het schoonhouden van de leefomgeving, de noodzakelijke inzet van communicatie en handhaving en de training van de medewerkers op de milieustraten. We verwachten dat de wijzigingen in de inzamelvoorzieningen geen kostenstijgingen met zich mee brengen. Gedurende de gehele beleidsperiode zullen we niet alleen structureel extra capaciteit aan menskracht nodig hebben voor communicatie, afvalcoach en handhaving, maar ook voor beleid, beheer en toezicht. De extra benodigde capaciteit voor beleid, beheer en toezicht staat los van de beleidskeuzes die we nu maken. Het ontbreekt momenteel aan voldoende capaciteit om de inzameling en verwerking van huishoudelijk afval beleids- en beheermatig adequaat in te vullen. Ook bij handhaving van de huidige situatie is deze extra capaciteit nodig.

Extra capaciteit beleid en beheer

2025

2026

2027

2028

Capaciteit beleid (0,5 fte)

€ 52.000

€ 52.000

€ 52.000

€ 52.000

Capaciteit beheer (0,5 fte)

€ 47.000

€ 47.000

€ 47.000

€ 47.000

Capaciteit toezicht (0,3 fte)

€ 22.000

€ 22.000

€ 22.000

€ 22.000

Extra capaciteit totaal

€ 121.000

€ 121.000

€ 121.000

€ 121.000

2025

2026

2027

2028

€ 60.000

€ -25.000

€ -70.000

€ -65.000

Impact op jaarlijkse kosten Impact op jaarlijkse kosten incl. extra capaciteit beleid, beheer en toezicht

Tabel 6 Impact op jaarlijkse kosten

18

Effect op afvalstoffenheffing Kostenstijgingen beïnvloeden de werkelijke resultaten. Ondanks de daling van de hoeveelheid restafval kan de afvalstoffenheffing stijgen. Echter nooit zoveel als wanneer we de huidige situatie handhaven. Uitgangspunt is dat zowel de lasten als de baten budgettair neutraal verlopen via het gesloten systeem van de afvalstoffenheffing. De lagere opbrengsten als gevolg van te verwachten minder aanbiedingen van de restafvalcontainer worden gedekt vanuit de te verwachten besparingen. De incidentele kosten kunnen we naar alle waarschijnlijkheid niet dekken uit de structurele baten. Dit betekent dat voor de invoering van de maatregelen uit het beleidsplan extra budget noodzakelijk is.

Dorpsstraat 67 6661 EH Elst Postbus 67 6660 AA Elst Telefoon 14 0481 info@overbetuwe.nl www.overbetuwe.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=OverBetuwe&id=5f381ab7-ca37-4e45-97c4-b080ae7e40dc