CConstaterende datOverBetuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

24-06-27.16 Relevant stuk 7, Was-wordt-tabel Wijziging Verordening rechtspositie raads- en burgerraadsleden 2024

Gemeenteraadsvergadering 27 juni 2024, gemeente OverBetuweBij agendapunt: Verordening rechtspositie raads- en burgerraadsleden gemeente Overbetuwe 20241.011 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Was-wordt-tabel Wijzigingen Verordening rechtspositie raads- en burgerraadsleden gemeente Overbetuwe 2024 Artikel 2 ( Vergoeding voor de werkzaamheden raads- en burgerraadsleden ) komt te luiden: Bestaande tekst De vergoeding voor de werkzaamheden als bedoeld in artikel 3.1.1, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, wordt aan de raadsleden toegekend ongeacht het aantal bijgewoonde vergaderingen

Nieuwe tekst 1. Raadsleden ontvangen een vergoeding voor de werkzaamheden conform artikel 3.1.1, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, ongeacht het aantal bijgewoonde vergaderingen. 2. Burgerraadsleden ontvangen voor de duur van hun werkzaamheden een vaste onbelaste vergoeding van € 175 per maand.

Toelichting De vergoeding voor burgerraadsleden is naar aanleiding van de circulaire van BZK van januari 2024 aangepast overeenkomstig de daarvoor geldende wettelijke eisen.

Artikel 3 (Toelage raadslid onderzoekscommissie en bijzondere commissie) komt te luiden: Bestaande tekst 1. Een raadslid dat lid is van een onderzoekscommissie als bedoeld in artikel 155a, derde lid, Gemeentewet wordt voor de duur van de activiteiten van die commissie ten laste van de gemeente een toelage toegekend gelijk aan de toelage voor een raadslid dat lid is van een vertrouwenscommissie zoals genoemd in artikel 3.1.2 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. 2. Een raadslid dat lid is van een bijzondere 2024-025247

Nieuwe tekst 1. Een raadslid dat lid is van een onderzoekscommissie als bedoeld in artikel 155a, derde lid, Gemeentewet wordt voor de duur van de activiteiten van die commissie ten laste van de gemeente een toelage toegekend gelijk aan de toelage voor een raadslid dat lid is van een vertrouwenscommissie zoals genoemd in artikel 3.1.2 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. 2. Een raadslid dat lid is van een bijzondere commissie als bedoeld in

Toelichting Met ingang van 1 januari 2024 is het bedrag van de maximale toelage voor een lid van een bijzondere commissie verhoogd van €128,23 naar € 139,90 per maand. Daarom wordt op dit punt de verordening gewijzigd.

commissie als bedoeld in artikel 3.1.4 eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers wordt voor de duur van de activiteiten van de commissie een toelage toegekend van € 128,23 (maximaal, prijspeil 2022) per maand.

artikel 3.1.4 eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers wordt voor de duur van de activiteiten van de commissie een toelage toegekend van € 139,90 (prijspeil 2024) per maand.

Artikel 4 (Reis- en verblijfkosten raads- en burgerraadsleden) komt te luiden: Bestaande tekst 1. Voor reizen buiten het grondgebied van de gemeente ter uitvoering van een beslissing van het gemeentebestuur worden, conform artikel 95 Gemeentewet, tweede lid, juncto het vierde lid, en artikel 96 Gemeentewet, eerste lid, onder b, juncto het derde lid, aan een raads- of burgerlid vergoed: a. de kosten voor het gebruik van openbaar vervoer; b. bij gebruik van een eigen auto het maximumbedrag dat door een werkgever aan een werknemer per afgelegde kilometer onbelast kan worden verstrekt. 2. Voor reizen buiten het grondgebied van de gemeente, ter uitvoering van een beslissing van het gemeentebestuur, worden aan een raadslid of burgerlid bij gebruik van

2024-025247

Nieuwe tekst 1. Voor reizen als bedoeld in artikel 3.1 van de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers en artikel 3.1.7 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers worden aan een raads- of burgerraadslid vergoed: a. de kosten voor het gebruik van openbaar vervoer; b. bij gebruik van een eigen vervoersmiddel het maximumbedrag dat door een werkgever aan een werknemer per afgelegde kilometer onbelast kan worden verstrekt en ook de parkeer- of stallingskosten, veerkosten en tolkosten. 2. Boetes en naheffingsaanslagen voor parkeren worden niet vergoed. 3. Als een raadslid of burgerraadslid een tijdelijke functionele beperking heeft,

Toelichting Voor de vergoeding van reiskosten aan raads- en burgerraadsleden voor dienstreizen binnen het grondgebied van de gemeente waren al regels gesteld in het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. Voor dienstreizen buiten de gemeente kon dit nog niet omdat de Gemeentewet daarvoor geen grondslag bood. Inmiddels is dat wel het geval en is het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdrager zo aangepast dat het in een vergoeding voor alle dienstreizen voorziet.

eigen auto tevens de parkeer-, veeren tolkosten vergoed; 3. Boetes en naheffingsaanslagen voor parkeren worden niet vergoed. 4. Als een raadslid of burgerlid een tijdelijke functionele beperking heeft, kan voor reizen als bedoeld in het eerste lid, een voor de beperking geschikte vervoersvoorziening worden vergoed of ter beschikking gesteld. 5. De noodzakelijke en redelijkerwijs gemaakte werkelijke verblijfkosten die een raadslid of burgerlid maakt in verband met reizen buiten het grondgebied ter uitvoering van een beslissing van het gemeentebestuur worden ten laste van de gemeente vergoed.

kan incidenteel een voor de beperking geschikte vervoersvoorziening worden vergoed of ter beschikking worden gesteld. 4. De noodzakelijke en redelijkerwijs gemaakte werkelijke verblijfkosten die een raadslid of burgerraadslid maakt in verband met reizen, gemaakt voor de uitoefening van de functie, worden ten laste van de gemeente vergoed.

Artikel 9 (Betaling vaste vergoeding burgerraadsleden) komt te luiden: Bestaande tekst Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van de vergoeding van burgerraadsleden, bedoeld in artikel 3.4.1 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers per kwartaal plaats met inachtneming van het aantal bijgewoonde vergaderingen.

2024-025247

Nieuwe tekst Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van de vergoeding van burgerraadsleden per maand plaats.

Toelichting Aangepast omdat de burgerraadsleden niet langer meer een vergoeding per bijwoonde vergadering ontvangen maar een maandelijkse vaste onbelaste vergoeding.

Artikel 10, tweede lid (Betaling en declaratie onkosten) komt te luiden: Bestaande tekst 2. Een aanvraag om een vergoeding van de onkosten als bedoeld in dit artikel gaat vergezeld van een declaratieformulier en bewijsstukken.

2024-025247

Nieuwe tekst 2. Een aanvraag om een vergoeding van de onkosten als bedoeld in dit artikel gaat vergezeld van een declaratieformulier en bewijsstukken. Het vereiste om bewijsstukken te overleggen geldt niet wanneer de vergoeding een vooraf bepaald vast bedrag is.

Toelichting Verduidelijking dat bij het declareren van onkosten geen bewijsstukken nodig zijn als het bij de vergoeding om een vooraf bepaald bedrag gaat.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=OverBetuwe&id=695829f1-8a47-49ec-942c-75147f4fe732