24-05-28.01 Raadsvoorstel Beleidsplan Van afval naar grondstof in Overbetuwe 2024 - 2028
Tekst van het document
Onderwerp: Beleidsplan Van afval naar grondstof in Overbetuwe 2024 - 2028
Ons kenmerk: 2023-007362 Nummer: Elst, 26 maart 2024 AAN DE RAAD 1. Voorstel 1. Vaststellen beleidsplan Van afval naar grondstof Overbetuwe 2024 – 2028; 2. De financiële consequenties van het beleidsplan te verwerken in de 1e bestuursrapportage 2024 en de programmabegroting 2025. 2. Inleiding Het beleidsplan omvat de bestuurlijke visie op verwezenlijking van de circulaire ambities en doelstellingen van Overbetuwe in de komende jaren (2024 tot en met 2028) op het vlak van preventie, hergebruik en recycling van huishoudelijk afval en stelt de kaders voor gewenste en mogelijke maatregelen waarmee deze bewerkstelligd kunnen worden. Het beleidsplan is strategisch en kaderstellend van aard. Het programma VANG (Van Afval Naar Grondstof) heeft als doel om in lijn met de Europese Kaderrichtlijn Afvalstoffen, de kwaliteit van de ingezamelde huishoudelijke afvalstromen te verhogen en daarmee de recycling te verbeteren. Doelstelling is dat 75% van het huishoudelijk afval gescheiden wordt en de hoeveelheid restafval uitkomt op maximaal 100 kilogram per inwoner per jaar. Dit is het restafval in de grijze container en de ondergrondse verzamelcontainer en het grof afval aangeboden op de milieustraten bij elkaar opgeteld. In 2016 heeft de raad het uitvoeringsplan Afval 2017 vastgesteld met maatregelen om de landelijke doelstellingen te kunnen halen.
De hoeveelheid restafval is gedaald van 191 kilogram per inwoner in 2016 naar 110 kilogram per inwoner in 2022. De landelijke doelstelling van 100 kilogram wordt nog niet gehaald. Met 79% grondstoffenscheiding in 2022 halen we wel de landelijke doelstelling wat betreft scheidingspercentage. In het proces om tot een beleidsplan te komen, zijn medio 2023 op verzoek van de raad scenario’s voor de toekomstige inzameling en verwerking van huishoudelijk afval opgesteld en op 26 september 2023 in een rondetafelgesprek besproken. Uitgangspunt voor deze hoofdkeuzes was het besluit van de raad op 18 april 2023 om als minimaal ambitieniveau te voldoen aan landelijke doelstellingen. Om dit ambitieniveau te kunnen waarmaken, moet het beleid gericht zijn op het stimuleren en faciliteren (gedragsverandering) van de bereidheid van onze inwoners om afval nog meer en beter te scheiden. We zetten hierbij in op een maximale reductie van de hoeveelheid restafval. Hierbij gelden de volgende uitgangspunten:
1. We zorgen voor voldoende en gemakkelijk toegankelijke voorzieningen voor de inzameling van de recyclebare grondstoffen. 2. We houden vast aan het principe ‘de vervuiler betaalt’. Inwoners die hun afval goed scheiden betalen een lagere afvalstoffenheffing dan inwoners die dit niet doen. 3. We zetten maximaal in op bewustwording van inwoners over het belang van preventie en betere afvalscheiding, alsmede het vergroten van kennis over afval en recyclebare grondstoffen. We geven aan wat dit voor inwoners oplevert. 3. Doel en beoogd effect Rekening houdend met het ambitieniveau en de geformuleerde uitgangspunten onderscheiden we in het beleidsplan van afval naar grondstof vier doelstellingen: 1. Meer gescheiden afvalinzameling resulterend in een reductie van de hoeveelheid restafval van 110 kilogram per inwoner per jaar in 2022 naar maximaal 100 kilogram per inwoner per jaar in uiterlijk 2028. 2. Vermindering van het aantal afvaldumpingen en zwerfafval zorgt voor een schonere leefomgeving dat bijdraagt aan een prettig woonklimaat. 3. Meer aandacht voor afvalpreventie en verlenging van de levensduur van producten. 4. Creëren van bewustwording en gebruik inzamelvoorzieningen. Maatregelen Per doelstelling zijn maatregelen geformuleerd. 1.
Meer gescheiden inzameling en minder restafval Op basis van de analyse van het huidige afvalbeleid in Overbetuwe, gesprekken met de raad en ervaringen in andere gemeenten onderscheiden we de volgende maatregelen voor fijn restafval, GFT-afval, papier, PMD en milieustraten met als doel meer gescheiden inzameling en minder restafval. Fijn restafval 1. Bij nieuwbouw en vervanging standaard een 140 liter container. 2.Aanvragen extra container niet meer mogelijk. 3. Verlagen inzamelfrequentie naar 13 keer per jaar. 4. Communicatie over wijzigingen. GFT-afval 1. Bij nieuwbouw en vervanging standaard een 180 liter container. 2.Een extra 180 liter container is mogelijk zonder extra kosten. 3. Onderzoeken mogelijkheden variatie inzamelfrequentie. 4. Communicatie over het voorkomen van voedselverspilling en correct gebruik container. Papier 1. Verenigingen blijven papier inzamelen zonder container. 2. Communicatie over aanbiedwijze. PMD 1. De wijkcontainers vervallen. 2. Handhaven inzameling met zak om de 2 weken. 3. Communicatie: uitleg geven over wat wel en niet in de zak mag.
onskenmerk
2/7
Milieustraten 1. Aanscherping acceptatie-eisen en weren zakken. 2. Training medewerkers. 3. Onderzoeken realisatie circulair ambachtscentrum. 4. Communicatie over aanleveren en controle milieustraat 2. Een schonere leefomgeving We gaan het aantal locaties met wijkcontainers dat structureel te maken heeft met overlast van bijgeplaatst en gedumpt afval verminderen. Afvaldumpingen zijn bronnen voor het ontstaan van zwerfafval. Met deze maatregel mogen we ook een remmende werking verwachten op het ontstaan van zwerfafval. 3. Afvalpreventie Afvalpreventie en het verlengen van de levensduur van producten heeft de voorkeur boven hergebruik en recycling en verdient daarom ook vanuit de gemeente meer aandacht dan tot nu toe. We onderscheiden drie aandachtsgebieden: 1. Stimuleren gebruik kringloopwinkels en ophaalservice spullen; bijvoorbeeld door kringloopwinkel 2Switch. 2. Stimuleren delen en lenen plus reparatie. 3. Tegengaan voedselverspilling. 4. Bewustwording en gebruik voorzieningen Het doen en laten van inwoners geeft de doorslag in de route om te komen tot minder restafval en meer gescheiden inzameling, hergebruik en recycling. Wij enthousiasmeren en motiveren onze inwoners om mee te gaan in het verhaal. Doel is dat inwoners zich nog meer bewust worden van het belang van preventie en een betere afvalscheiding.
Wij vragen hen het afval op de juiste manier te scheiden en op de juiste plek aan te bieden. Bij het vergroten van kennis en het bieden van service zijn inwoners bereid extra stappen te zetten. Met het geven van feedback op hun inspanningen wordt dit effect versterkt. Uiteindelijk maken de inwoners het verschil. Wanneer het optimaal scheiden van afval voor inwoners persoonlijk van belang is werkt dit stimulerend. We maken duidelijk welke persoonlijke voordelen het oplevert. 4. Argumenten 1.1 De landelijke doelstelling van maximaal 100 kilogram restafval per inwoner per jaar wordt op dit moment nog niet gehaald. We hebben als gemeente goede stappen gezet maar er zijn nog verbeteringen mogelijk. De hoeveelheid restafval per inwoner door inzameling aan huis en via de ondergrondse verzamelcontainer zit onder de 100 kilogram, alleen moeten we ook het grof afval wat de inwoner naar de milieustraat brengt hierbij optellen waardoor we net boven die 100 kilogram komen. We zetten vooral in op wijzigingen van de inzameling van fijn restafval, GFT-afval, PMD en grof restafval, simpelweg omdat hiermee de grootste milieuwinst is te behalen.
De doelstellingen en de hieraan gekoppelde maatregelen voor een schonere leefomgeving, afvalpreventie, alsmede bewustwording en gebruik van voorzieningen zijn ondersteunend aan realisatie van de primaire doelstelling om te komen tot meer gescheiden inzameling en minder restafval.
onskenmerk
3/7
2.1 Verwerking vindt plaats conform de reguliere P&C-cyclus. De financiële consequenties gedurende het begrotingsjaar moeten via de bestuursrapportages verwerkt te worden. De financiële consequenties vanaf 2025 worden verwerkt via de programmabegroting 2025 aangezien deze onder de afvalstoffenheffing vallen en hiermee 100% kostendekkend zijn. 5. Kanttekeningen en risico’s 1.1 Doelstellingen zijn alleen haalbaar met voldoende capaciteit op beleid en beheer. Om de geformuleerde doelstellingen te bereiken is het noodzakelijk om de formatiecapaciteit op voldoende niveau te brengen, zoals vermeld bij Financiën. De doorrekeningen in het beleidsplan zijn gemaakt op basis van ervaringen in andere gemeenten. Hoe een specifieke maatregel specifiek uitpakt voor Overbetuwe (financieel en qua milieurendement) wordt mede bepaald door de manier waarop die maatregel wordt geïmplementeerd 6. Financiën Eenmalige kosten Eenmalige kosten zijn er voor het verwijderen en afvoeren van de ondergrondse PMDcontainers, het onderzoeken van de mogelijkheden om te variëren in de inzamelfrequentie van GFT-afval, onderzoek naar de mogelijkheden van een circulair ambachtscentrum en extra capaciteit voor realisatie van de implementatie van de maatregelen en de daarbij noodzakelijke communicatie. Incidentele kosten
2024
Verwijderen en afvoeren 35 ondergrondse PMD-containers
2025 € 70.000
Onderzoek mogelijkheden variatie inzamelfrequentie GFT-afval
€ 5.000
Onderzoek realisatie circulair ambachtscentrum
€ 30.000
Extra capaciteit voor realisatie maatregelen per 1 januari 2025
€ 30.000
Communicatie over de maatregelen
€ 30.000
Incidentele kosten totaal
€ 90.000 € 75.000
In de huidige begroting is geen rekening gehouden met de eenmalige kosten. Er wordt voorgesteld om de financiële effecten voor 2024 te verwerken in de 1e bestuursrapportage 2024. Voor de financiële effecten 2025 wordt voorgesteld om deze te verwerken in de Programmabegroting 2025 ten laste van de afvalstoffenheffing. Impact op jaarlijkse kosten Structurele jaarlijkse kosten zijn er voor de afvalinzameling, het schoonhouden van de leefomgeving, de noodzakelijke inzet van communicatie en handhaving en de training van de medewerkers op de milieustraten. Gedurende de gehele beleidsperiode zal niet alleen structureel extra capaciteit aan menskracht en middelen nodig zijn voor communicatie, afvalcoach en handhaving, maar ook voor beleid, beheer en toezicht. De extra benodigde capaciteit voor beleid, beheer en toezicht staat los van de beleidskeuzes die we nu maken. Het ontbreekt momenteel aan voldoende capaciteit om de inzameling en verwerking van huishoudelijk afval beleids- en beheermatig adequaat in te vullen. Ook bij handhaving van de huidige situatie is deze extra capaciteit nodig. onskenmerk
4/7
Met de voorziene maatregelen vermindert de hoeveelheid restafval en wordt meer afvalscheiding gerealiseerd ten opzichte van het handhaven van de huidige situatie. Dit leidt tot een besparing op de bijbehorende verwerkingskosten. Indien per 1 januari 2025 de frequentie voor de inzameling van fijn restafval wordt verlaagd naar 13 keer per jaar en de voorziene maatregelen op de milieustraten worden ingevoerd, worden in het eerste jaar de doelstellingen van maximaal 100 kilogram restafval per inwoner per jaar en 75% afvalscheiding gerealiseerd. De jaren daarna verbetert de afvalscheiding nog verder hetgeen resulteert in extra besparingen op de verwerkingskosten. Impact op jaarlijkse kosten
2025
2026
2027
2028
€ 50.000
€ 10.000
€ 10.000
€ 10.000
Inzamelkosten
€ -70.000
€ -70.000
€ -70.000
€ -70.000
Verwerkingskosten
€ -100.000 € -150.000 € -200.000 € -200.000
Training medewerkers milieustraten
Capaciteit communicatie (0,2 fte)
€ 19.000
€ 19.000
€ 19.000
€ 19.000
Afvalcoach (0,2 fte)
€ 15.000
€ 15.000
€ 15.000
€ 15.000
Capaciteit handhaving (0,2 fte)
€ 15.000
€ 15.000
€ 15.000
€ 15.000
Kapitaallasten investeringen
€ 10.000
€ 15.000
€ 20.000
€ 25.000
Impact op jaarlijkse kosten totaal
€ -61.000 € -146.000 € -191.000 € -186.000
Extra capaciteit beleid en beheer
2025
2026
2027
2028
Capaciteit beleid (0,5 fte)
€ 52.000
€ 52.000
€ 52.000
€ 52.000
Capaciteit beheer (0,5 fte)
€ 47.000
€ 47.000
€ 47.000
€ 47.000
Capaciteit toezicht (0,3 fte)
€ 22.000
€ 22.000
€ 22.000
€ 22.000
Extra capaciteit totaal
€ 121.000 € 121.000 € 121.000 € 121.000
Impact op jaarlijkse kosten Impact op jaarlijkse kosten incl. extra capaciteit beleid, beheer en toezicht
2025
2026
2027
2028
€ 60.000
€ -25.000
€ -70.000
€ -65.000
De structurele effecten worden meegenomen in de Programmabegroting 2025 ten laste en gunste van de afvalstoffenheffing. Effect op afvalstoffenheffing De financiële consequenties vanaf 2025 van het beleidsplan hebben geen effect op het begrotingssaldo. De financiële consequenties worden meegenomen in de afvalbegroting 2025 en zijn 100% kostendekkend. Het uitgangspunt is dat zowel de lasten als baten budgettair neutraal verlopen via de afvalstoffenheffing. Zo worden de lagere opbrengsten als gevolg van te verwachten minder aanbiedingen van de restafvalcontainer gedekt vanuit de te verwachten besparingen. De financiële effecten vanaf 2025 worden verwerkt in de Programmabegroting 2025 en hierdoor meegenomen in de tarief bepaling van de afvalstoffenheffing 2025. Zoals het plan aangeeft is er geen aanleiding om de variabele tarieven te verhogen. De effecten worden daarom verwerkt in het vaste tarief. In onderstaande tabel wordt een indicatie onskenmerk
5/7
weergeven van het tarief effect vanaf 2025 op basis van het aantal aanslagobjecten gebruikt bij de begroting 2024. 2025
2026
2027
2028
Financieel effect
- € 135.000 (eenmalig + jaarlijks)
- € 25.000
- € 70.000
- € 65.000
Tarief effect (vast)
+ € 6,75
- € 1,25
- € 3,50
- € 3,25
7. Duurzaamheid a. Energietransitie Is hierbij niet van toepassing b. Circulaire Economie Afvalpreventie en het verlengen van de levensduur van producten heeft de voorkeur boven hergebruik en recycling en verdient daarom ook vanuit de gemeente meer aandacht dan tot nu toe. We onderscheiden drie aandachtsgebieden: Stimuleren gebruik kringloopwinkels en ophaalservice spullen. Stimuleren delen en lenen plus reparatie. Tegengaan voedselverspilling. c. Klimaatadaptatie Is hierbij niet van toepassing 8. Vervolg Planning In kwartaal 2 van 2024 worden voorbereidingen getroffen om in 2025 de maatregelen uit te kunnen voeren. Communicatie De communicatie is onderverdeeld in twee trajecten. 1. Berichtgeving over besluit: Via de reguliere gemeentelijke kanalen worden inwoners geïnformeerd over het besluit. 2. Uitvoering van het beleidsplan: Na goedkeuring door de raad wordt er een strategisch communicatie- en gedragsveranderingsplan opgesteld, inclusief middelen. Initiatiefnemer, interactievorm en rol gemeente De gemeente is vanuit de Wet milieubeheer verantwoordelijk voor de inzameling van huishoudelijk afval (zorgplicht). Landelijk zijn doelstellingen geformuleerd om te komen tot meer afvalscheiding en minder restafval. Deze doelstellingen passen ook binnen de duurzaamheidsagenda van Overbetuwe.
Evaluatie De resultaten van de maatregelen uit het beleidsplan worden jaarlijks gemonitord en geëvalueerd. onskenmerk
6/7
HET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN WETHOUDERS, de gemeentesecretaris de burgemeester P.J.E. Breukers
R.P. Hoytink-Roubos
9. Relevante stukken 1. Beleidsplan Van afval naar grondstof in Overbetuwe 2024 - 2028 2. Concept-raadsbesluit beleidsplan Van afval naar grondstof in Overbetuwe 2024 2028 Portefeuillehouder: Wethouder R. van den Dam De behandelend ambtenaar is J.T. Sluiter. Technische vragen dienen uiterlijk donderdagmorgen om 08:00 uur voor de betreffende politieke avond te worden gesteld via griffie@overbetuwe.nl
onskenmerk
7/7