24-01-09.01 17okt2023_QA Bestuurlijke kennissessie milieunormering_DEF
Tekst van het document
Q&A Bestuurlijke Kennisbijeenkomst Milieunormering Windturbines na Nevele voor bestuurders en volksvertegenwoordigers Datum bijeenkomst: 17 oktober 2023 Deze Q&A, het verslag en de presentatie van de bijeenkomst zijn te vinden op www.helpdeskwindopland.nl Deze vragen gaan over de conceptnormen die momenteel ter inzage liggen, dit zijn nog niet de definitieve normen. In deze Q&A beantwoorden we veelvoorkomende vragen. Op een aantal gestelde vragen kunnen wij geen antwoord geven. Bijvoorbeeld vragen over onduidelijkheden in de tekst. Wordt uw vraag niet beantwoord, dan kunt u tot en met 22 november een zienswijze indienen. Om ervoor te zorgen dat alles goed kan worden
meegenomen in het proces naar de definitieve vorm en tekst van de AMvB, vraagt het ministerie van I en W met nadruk zienswijzen in te dienen bij: • • • •
inhoudelijke kritiek een vraag een gesignaleerde onduidelijkheid met betrekking tot de teksten een tegenstrijdigheid met betrekking tot de teksten
U kunt uw zienswijze tot en met 22 november indienen via Platform Participatie. Afstandsnorm Waarom is gekozen voor een afstandsnorm? Met de invoering van een afstandsnorm wordt invulling gegeven aan de afspraak uit het coalitieakkoord van Rutte IV: “Er komen heldere afstandsnormen voor de bouw van windmolens op land”. Daarnaast staat in de nota van toelichting (paragraaf 9.2) dat een afstandsnorm is bedoeld om omwonenden een waarborg te bieden dat zij binnen een bepaalde afstand van hun woning geen windturbine hoeven te verwachten. Welke varianten zijn overwogen voor de afstandsnorm? Naast 2x de tiphoogte zijn in het plan-MER ook 3x en 4x de tiphoogte onderzocht. Een afstand van viermaal de tiphoogte bij een referentieturbine van 2 MW (235 m) komt neer op een afstand van 940 m en bij een referentieturbine van 4 MW (tiphoogte 280 m) geldt dan een afstand van 1120 m. Eerder heeft Arcadis, in opdracht van het ministerie van EZK, onderzoek verricht naar afstandsnormen bij windturbines. Dit is op 21 april 2022 aan de Tweede Kamer gestuurd. Zie brief van de minister voor Klimaat en Energie, 21 april 2022, Kamerstukken II, 2023-2022, 33612, nr. 80.
Hoe verhoudt de voorgestelde afstandsnorm zich tot andere Europese landen? Het hierboven genoemde rapport (Arcadis, 19 april 2022) laat zien dat de acht onderzochte Europese landen weinig overeenkomsten vertonen in de wijze waarop de afstands- en milieunormen voor windturbines zijn vormgegeven. De normen variëren van twee tot tien keer de tiphoogte en van 300 tot 1.100 meter (waarbij dit in Duitsland bovendien verschilt voor de diverse deelstaten).
Intern gebruik
Geluid / Gevoelige objecten Wat wordt verstaan onder windturbinegevoelige objecten? In de conceptnormen is een windgevoelig object kort gezegd, gedefinieerd als: een gebouw met woonfunctie, onderwijsfunctie, gezondheidszorgfunctie en kinderopvang, waarvan de laatste twee met bed voorzieningen. Zie artikel 5.162a van het Ontwerpbesluit windturbines leefomgeving voor de exacte bepaling van een windturbinegevoelig gebouw. Lokale normen en overgangsrecht Er is een aantal vragen gesteld over lokaal vastgestelde normen en het overgangsrecht. De Nota van Toelichting bij het Ontwerpbesluit gaat in paragraaf 10 in op het voorziene overgangsrecht. Algemeen Wat is het effect van de voorgestelde conceptnormen op de RES-ambities? Hierop is nog geen definitief antwoord. NP RES is aanvullende data aan het verzamelen om dit te kunnen analyseren. Het streven is om binnen de ter inzagelegging termijn het effect in beeld te krijgen. Welke planning heeft het ministerie voor het proces om te komen tot een definitief Besluit? Wanneer treden de nieuwe normen in werking? De beoogde datum van inwerkingtreding is 1 juli 2025. Afhankelijk van o.a. het aantal zienswijzen, behandeling door de Raad van State en andere processtappen kan dit proces eventueel eerder, of later, worden afgerond.
Intern gebruik