CConstaterende datOverBetuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

23-07-04 Kadernota 2024 totaal.pdf

Gemeenteraadsvergadering 4 juli 2023, gemeente OverBetuweBij agendapunt: Kadernota 202410.058 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Kadernota 2024

9

2

5

Registratienummer: 2023-029439

1 3

Inhoud Inleiding ................................................................................................................................................... 3 1 | Duurzame en gezonde samenleving .................................................................................................. 4 2 | Leefbare en bereikbare samenleving ................................................................................................ 5 3 | Interactie met de samenleving .......................................................................................................... 8 4 | Inclusieve en participatiesamenleving .............................................................................................. 9 5 | Werkende en lerende samenleving ................................................................................................. 11 6 | Informatie en kennissamenleving ................................................................................................... 13 7 | Financiën en bedrijfsvoering ........................................................................................................... 14 8 | Algemeen bestuur ...........................................................................................................................

15 Financieel deel ....................................................................................................................................... 16 Personeel & Organisatie ........................................................................................................................ 22 Uitgangspunten ..................................................................................................................................... 25

2

Inleiding In de kadernota 2024 die voor u ligt, beschrijven we de beleidsvoornemens, de financiële consequenties en het financieel meerjarenperspectief. We zetten de lijn voort die we afgelopen jaar samen hebben ingezet. Naast het voortzetten van de ingeslagen koers, moeten we op veranderingen in de samenleving anticiperen en reageren. Zowel in onze dienstverlening als in onze beleidsplannen. Dat doen we in samenspraak met raad, inwoners, ondernemers en organisaties. Iedereen moet mee kunnen praten, denken of doen. Dat vraagt van ons dat we aandacht geven aan de manier van werken met de raad, onze inwoners en ambtelijke organisatie. In het Uitvoeringsprogramma 2022-2026 zijn de ambities van dit college omgezet in concrete resultaten. Het Uitvoeringsprogramma is dan ook de basis geweest voor deze kadernota, waarin we de resultaten benoemen die we in 2024 (willen) behalen. Het eerste deel van deze kadernota gaat in op onze beleidsvoornemens, aan de hand van de acht programma’s. Tussen deze programma’s bestaat samenhang. Beleidsvoornemens worden dan ook zoveel mogelijk integraal benaderd. Er is beschreven waar we afwijkingen of bijstellingen verwachten. Bijvoorbeeld omdat we te maken hebben met wijzigingen in rijksbeleid of door actuele maatschappelijke ontwikkelingen.

Een belangrijke bijstelling in ons beleid heeft bijvoorbeeld te maken met ontwikkelingen rond het vestigen van statushouders en het opvangen van vluchtelingen. Voor 2023 is onze taakstelling huisvesting statushouders fors verhoogd. Het huisvesten van meer statushouders betekent ook dat wij voor méér inburgeringsplichtige statushouders verantwoordelijk worden dan voorzien. Daarnaast vangen wij Oekraïense vluchtelingen op. We bieden hen onderdak, leefgeld, zorg en ondersteuning, onderwijs en taalles. Dat vraagt veel inzet van onze organisatie. Een andere relevante ontwikkeling is de toegenomen inflatie en de daarmee samenhangende verhoging van lasten, onder andere door indexaties van tarieven op basis van cao-stijgingen. Onze uitgaven stijgen daarmee op verschillende fronten meer dan voorzien. Het tweede deel van de kadernota beschrijft de financiële consequenties van de beleidsvoornemens en het financieel meerjarenperspectief. Het meerjarenperspectief ziet er al volgt uit:

(bedragen x € 1.000)

2024

2025

2026

2027

Meerjarenperspectief Kadernota 2024

-951

807

-6.723

Incidentele lasten en baten

985

75

0

0

Structureel perspectief Kadernota 2024

34

882

-6.723

-7.640

-7.640

We presenteren voor 2024 en 2025 een sluitend perspectief. Voor 2026 en 2027 is sprake van de zogenaamde ravijnjaren met een fors negatief verwacht saldo. We stellen vooralsnog geen nadere maatregelen voor deze jaren voor. Het ligt in de lijn der verwachting dat er vanuit het Rijk nadere voorstellen zullen volgen hoe deze tekorten gedekt worden. Op basis van deze kadernota gaan we graag op 4 juli 2023 met u in gesprek over onze gezamenlijke ambities en te bereiken resultaten in relatie tot onze beschikbare middelen. College van burgemeester en wethouders, juni 2023 3

1 | Duurzame en gezonde samenleving 1.1 | Duurzaamheid De programmatische werkwijze voor het thema duurzaamheid krijgt vorm. De voorbeeldrol van de gemeente voor de thema’s energie, circulariteit, klimaatadaptatie en biodiversiteit werken wij hierin uit. Randvoorwaarde voor realisatie van de doelstellingen is het faciliteren van initiatieven uit de samenleving. In juni 2023 bespraken wij de contouren van het programma duurzaamheid met de raad. Daar informeerden wij de raad ook over de extra middelen voor duurzaamheid die het Rijk beschikbaar stelt. Hierdoor is meer budget beschikbaar voor duurzaamheid dan opgenomen in de begroting 2023. De beschikbare financiële middelen sluiten beter aan bij onze ambities. Naast een gemeente brede campagne gericht op isolatie, zetten we extra in op de warmtetransitie en starten wij op twee plekken met een wijkuitvoeringsplan. Afhankelijk van de uitkomsten van verdiepende onderzoeken rondom geothermie is in 2024 mogelijk aanvullende financiering nodig. Op dit moment werken we aan een voorstel voor het verduurzamen van het gemeentelijk materieel. In 2023 zijn we gestart met de actualisatie van de Omgevingsvisie. Dit in lijn met de aanpak die we eind 2022 met u deelden.

We geven hierin nieuwe ontwikkelingen een plek, zoals de principes uit de regionale verstedelijkingsopgave inzake wonen, werken, mobiliteit, leefomgeving en duurzaamheid (in relatie tot gezondheid). We voldoen daarmee aan de Omgevingswet die in 2024 in werking treedt. In 2024 bieden wij de geactualiseerde omgevingsvisie ter vaststelling aan.

1.2 | Circulair Een circulaire economie is een economisch systeem waarin wij geen eindige grondstofvoorraden uitputten waarin wij reststoffen en afvalstoffen volledig opnieuw inzetten in het systeem als grondstoffen. Voor de grondstoffen is het doel om de kwaliteit van de afvalstromen te verhogen. Hiermee voorkomen we dat waardevolle grondstoffen worden verbrand. In het grondstoffenbeleid is de keuze van de inwoners en de gemeenteraad vertaald naar de huis-aan-huisinzameling, maar ook door in te spelen op het gedrag en de bewustwording van onze inwoners zodat ze beter en zuiniger omgaan met grondstoffen. Het nieuwe grondstoffenbeleid vormt ook de basis voor de milieustraten: een toekomstig circulair ambachtscentrum in Elst en het behoud van een servicepunt in het westen van onze gemeente. In 2024 geven we samen met onze inwoners, vrijwilligers en ondernemers uitvoering aan het grondstoffenbeleidsplan. Ook bieden wij de raad in 2024 een projectopdracht aan over het circulair ambachtscentrum.

1.3 | Sport en gezondheid Wij geven uitvoering aan de Sport- en beweegnota 2021-2025. Overbetuwe Beweegt is onze belangrijkste uitvoeringspartner bij het bevorderen van een actieve en gezonde leefstijl onder onze inwoners en het ondersteunen van onze sportverenigingen. De openbare ruimte is onze grootste sportfaciliteit. Ook in 2024 realiseren wij daarom sportieve ingrepen in de openbare ruimte waaronder calisthenicsvelden en beweegroutes. Dit doen wij in samenspraak met onze inwoners en beweegpartners. In 2024 werken wij verder aan één van de door de raad in 2023 gekozen scenario’s voor een zwemfaciliteit in Zetten, starten wij met de bouw van het multifunctionele sportcentrum in Elst en met de sloop en nieuwbouw van de Wanmolen in Zetten. Afhankelijk van de keuzes die de raad in 2023 maakt, werken wij aan de vernieuwing van sportaccommodatie De Kruisakkers in Elst. 4

1.4 | Publieke gezondheid In 2024 geven we uitvoering aan het beleidsplan Publieke Gezondheid in Overbetuwe dat we in 2023 opstellen. Hierbij zijn de doelen uit het nationale gezondheidsbeleid, regionale gezondheidsbeleid, Integraal ZorgAkkoord (IZA) en het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) vertaald naar lokaal beleid voor Overbetuwe. De speerpunten die terugkomen in het beleidsplan zijn gezondheid in fysieke en sociale leefomgeving, verkleinen gezondheidsachterstanden, gezonde en kansrijke start, versterking van de mentale weerbaarheid en mentale gezondheid, versterken van de sociale basis, gezonde leefstijl en vitaal ouder worden. Ook geven wij aandacht aan de Regionale Preventie structuur. Bij domein overstijgende inzet is samenwerking nodig. Niet alleen binnen het gemeentelijk domein en het zorgdomein (zoals huisarts, wijkverpleegkundige) op lokaal niveau, maar ook tussen gemeenten en met het zorgdomein op regionaal niveau (zoals met zorgverzekeraars). Het Overbetuwe Preventieakkoord is daarbij een uitvoeringsplan en doorvertaling van het Nationale Preventieakkoord en bundelt alle plannen voor een gezonde leefstijl. Hierbij horen onderwerpen als bewegen, voeding en gewicht, roken, alcohol- en drugsgebruik, stress, eenzaamheid, langer thuis wonen, schulden en laaggeletterdheid.

2 | Leefbare en bereikbare samenleving 2.1 | Wonen Tot 2025 werken we aan de uitvoering van de opgaven uit de Woonagenda 2025. Door het toevoegen van woningen via nieuwbouw of door betere benutting van de bestaande voorraad, sturen wij op een passende woningvoorraad. Ook benutten we kansrijke grondposities beter. We werken beter samen en delen kennis met partners, waardoor we de woningbouw kunnen versnellen. Daarnaast realiseren we samen met woningcorporaties en marktpartijen flex-woningen in de sociale huur en middenhuur voor de doelgroepen starters, statushouders, (ex-) studenten en overige spoedzoekers. In 2024 willen we minimaal 130 flex-woningen gerealiseerd hebben. Om dit te kunnen realiseren, faciliteren we niet alleen, maar nemen we een actieve rol aan. We zetten vol in op verduurzaming, bijvoorbeeld door gerichte informatievoorziening, het verstrekken van financiële hulpmiddelen en de inzet van een woonadviseur. We creëren ruimte voor bijzondere woonconcepten zoals Tiny Houses, woonvormen voor ouderen, eco-wonen en collectief particulier opdrachtgeverschap (CPO). We stimuleren initiatiefnemers door met ze samen te werken en ze te helpen bij het vinden van een kansrijke grondpositie. We werken – in samenwerking met onze woonpartners - aan het realiseren van woonruimte voor specifieke groepen, zoals arbeidsmigranten en woonwagenbewoners.

In 2024 gaan we aan de slag met de uitvoering van de visie wonen en zorg. We hanteren het afwegingskader voor nieuwe woon-zorginitiatieven. Daarnaast zetten we in op het langer zelfstandig wonen, door bijvoorbeeld de inzet van een woonadviseur. Jaarlijks monitoren we de stand van zaken. Op basis van deze monitor werken we jaarlijks een voortgangsrapportage uit met enkele kernindicatoren. Zo houden we de vinger aan de pols. Deze voortgangsrapportage delen we met u. In 2024 gaan we ook weer aan de slag met de (meerjaren)prestatieafspraken die we in 2023 met de corporaties en huurdersorganisaties actualiseren. 5

2.2 | Mobiliteit We zetten in op een compleet, samenhangend en veilig verkeers- en vervoersnetwerk waar iedereen in Overbetuwe zich van A naar B kan verplaatsen, op een manier die past bij zijn of haar reisbehoefte. In het ambitiedocument ‘Overbetuwe 2030 sociale, slimme en schone mobiliteit’ zijn onze ambities en opgaven geformuleerd. Deze geven richting aan ons handelen in hoe wij omgaan met de ontwikkelingen die op ons afkomen zoals het aanbieden van vervoer op maat (van aanbodgericht naar vraaggericht), de transitie naar duurzame mobiliteit en de toename van verkeersdruk waardoor de bereikbaarheid onder druk komt te staan. We geven verder uitvoering aan de Actieagenda 2022 sociale, slimme en schone mobiliteit en de fietsagenda (onderdeel fietsnota ‘Overbetuwe fietst verder, naar een optimaal fietsnetwerk tussen de kernen). In 2024 gaan we verder met het opstellen van verkeersplannen voor onze kernen.

2.3 | Economie Overbetuwe heeft belang bij een florerend ondernemersklimaat. Ondernemers zorgen voor werkgelegenheid, participatiebanen en hebben een belangrijke bijdrage in de sociale structuur van onze gemeenschap. Wij zetten in op een sterk vestigingsklimaat en ondernemersvriendelijke dienstverlening. Kansen en problemen in het regionale en Overbetuws vestigingsklimaat pakken wij samen op met lokale ondernemers en regionale samenwerkingsverbanden. Deze samenwerking bouwen wij verder uit. De gemeente Overbetuwe staat al jarenlang bekend als een ondernemersvriendelijke gemeente (meting MKB Nederland). De ambitie is om dit minimaal te behouden en vooral verder te versterken, zodat ondernemers zich optimaal op hun ondernemerschap kunnen richten. Lokale inkoop is een onderdeel hiervan. In 2024 stellen wij de Economische Agenda op. Belangrijke pijlers voor deze nieuwe agenda zijn de strategische keuzes die in 2023-2024 worden gemaakt in het programma duurzaamheid en de actualisatie van de Omgevingsvisie (onder andere voor het onderdeel bedrijventerreinen). In 2024 ronden wij ook de herinrichting af van bedrijventerrein Poort van Midden Gelderland Noord. Daarnaast werken wij aan beleid voor huisvesting arbeidsmigranten op basis van regionaal beleid, actualisatie Omgevingsvisie en ervaringen van de ‘pilot afwegingskader grootschalige huisvesting arbeidsmigranten’.

Tot slot stellen wij ook het Functieveranderingsbeleid buitengebied op. Dit mede op basis van de toekomstverkenning van de agrarische sector waarvoor wij in juni 2023 de opdracht geven. De toekomstverkenning wordt uitgevoerd door onafhankelijke agrarisch coaches die individuele gespreken voeren met Overbetuwse agrarische ondernemers.

2.4 | Veiligheid Een veilige en gezonde leefomgeving is een belangrijke voorwaarde om in een gemeente te willen wonen, verblijven, recreëren, ondernemen en/of werken. Daarom werken we structureel aan een veilige samenleving waarbij het accent ligt op preventie en het weerbaar maken van onze inwoners en ondernemers. Wanneer het noodzakelijk is zetten we, naast preventie, ook in op repressie. Ontwikkelingen in de samenleving en op veiligheidsgebied vragen steeds meer aandacht. Denk daarbij aan de aanpak van ondermijnende criminaliteit, het terugdringen en bestrijden van High Impact Crimes, het vergroten van de weerbaarheid tegen digitale dreiging, etc. 6

In 2024 stelt de raad het Integraal Veiligheidsplan 2024-2027 vast. De raad bepaalt daarbij de prioriteiten op het gebied van Integrale Veiligheid (IV) voor de komende jaren. Bij de vaststelling van dit nieuwe beleid wordt ook duidelijk of aanpassing van het budget IV en/of de formatie noodzakelijk is.

2.5 | Openbare ruimte Voor het onderhoud, beheer en herinrichting van de openbare ruimte is het Integraal Kwaliteitsplan Openbare Ruimte (IKP OR) vastgesteld. In 2024 evalueren en actualiseren we dit plan en stellen we een lokale Adaptatie Strategie op. Het onderhoud voeren we uit op basis van de vastgestelde beeldkwaliteit met behulp van beheerplannen en beeldkwaliteitsbestekken. In het beheer benutten we de mogelijkheden om de biodiversiteit te vergroten. Herinrichtingen voeren we uit op de locaties en de planning die opgenomen is in het integrale beheerplan. De focus daarbij ligt op de volgende zes maatschappelijke opgaven: identiteit, gezond en inclusief, klimaatadaptatie, biodiversiteit, duurzaam en circulair en veilig. Daarbij zoeken we aansluiting bij de uitvoering van het programma duurzaamheid. Voor het buitengebied actualiseren we het Landschapsontwikkelingsplan. We zorgen in het buitengebied dat de ontwikkeling van rood en groen hand in hand gaan. We ontwikkelen een sterke samenhangende groenblauwe structuur (landschappelijk raamwerk). Daarbij hebben we oog voor een duurzame bedrijfsvoering van de agrarische sector en stimuleren we het landschapsbeheer. Bij de dijkversterking van de Waal realiseren we de Gastvrije Waaldijk met de daarbij behorende kansen die we tegelijk uitvoeren.

Daarnaast maakt het waterschap in samenwerking met ons een start met de verkenning van de dijkversterking Heteren – Arnhem.

2.6 | Recreatie en toerisme In de geactualiseerde beleidsnota “De Betuwe in verbinding: een dijk van een landschap” zijn de ambities van de gemeenten Lingewaard en Overbetuwe vastgelegd als beleidskader voor (nieuwe) ontwikkelingen in de periode 2023-2028. Onder de noemer 'verbinden' luidt de ambitie voor de komende jaren om toerisme en recreatie vanuit een economisch motief verder te ontwikkelen met respect voor de leefbaarheid, natuur en landschap. Onze gemeente heeft al veel te bieden aan kunst, cultuur en erfgoed: met een eigen theater, UNESCO Werelderfgoed, kernen met een rijke historie, het Betuwse oorlogsverhaal en de Polen van Driel. In september 2024 herdenken we in onze regio de 80e herdenking van Operatie Market. Net als bij de laatste 2 lustrumjaren verwachten we weer duizenden bezoekers en deelname van hoogwaardigheidsbekleders aan de Airborne-herdenkingen. In de gemeente Overbetuwe geldt dat specifiek voor de Polenherdenking in Driel op zaterdag 21 september 2024. Via de bestaande structuren in de Airborne Region en Regio Rivierengebied zetten wij gezamenlijke projecten op. Komende jaren worden voet- en fietsroutes vernieuwd om de verbinding tussen de kernen en met het landschap te behouden en versterken, waarbij ook de relatie met de regio wordt gelegd.

Binnen de groene metropool regio is het Wandelroutenetwerk voorbereid met een eenduidige bewegwijzering en aan elkaar te verbinden routes. Hiervoor is vervanging van bestaande bewegwijzering nodig, dit wordt in fases gerealiseerd. Gemeente Overbetuwe is hiervoor ingepland in de eerste helft van 2024. Voor het project is in 2023 subsidie verkregen van de Provincie Gelderland voor 50% van de kosten. In 2024 wordt het beleid voor verblijfsaccommodaties geactualiseerd / verder uitgewerkt. 7

3 | Interactie met de samenleving 3.1 | Participatiecultuur We vinden het van belang dat iedereen de gelegenheid heeft mee te praten of mee te doen. We willen als gemeente beter aansluiten bij de behoeften en ervaringen die er in onze samenleving zijn en zo een groter draagvlak voor beleid en besluiten creëren. Vanuit de evaluatie van de afspraken over samenwerking met de raad bepalen wij samen hoe wij de raad ook in 2024 in de gelegenheid stellen om vroeg in het proces de raad te consulteren over een te nemen besluit. Om doelstellingen uit ‘Samen aan zet’ te realiseren werken wij in 2024 onder andere met de nieuwe communicatieadviseurs met aandachtsgebied participatie, verder aan het vergroten van kennis, vaardigheden, houding en gedrag om medewerkers te begeleiden bij nieuwe werkwijzen en het toepassen van nieuwe instrumenten voor participatie en communicatie. Zo zijn wij beter in staat om beleid niet vóór onze inwoners en ondernemers te maken, maar mét hen. Daarbij houden wij altijd het algemeen belang voor ogen.

3.2 | Interactie met de samenleving De gemeente Overbetuwe wil graag een samenlevingsgerichte, communicatieve en betrouwbare gemeente zijn. Goed samenspel met de samenleving vraagt communicatief en consequent handelen van het gemeentebestuur en de gemeentelijke organisatie. En een flexibel en daadkrachtig bestuur én organisatie. Dit is een zoekproces waarin we uitproberen, daarvan leren en bijstellen. Zo hebben we het proces om te komen tot een dorpsagenda met uw raad herzien. Ook in 2024 werken we hiermee en doen we meer ervaring op. Een dorpsagenda gaat over leefbaarheid en de ontwikkeling van een dorp. Deze agenda gaat in eerste instantie over wat inwoners zelf doen en kan richting geven aan keuzes van de gemeente. De gemeente faciliteert dit proces desgevraagd door informatie of begeleiding te bieden. Samen met het dorp kijken we vervolgens naar de agenda: wat doen inwoners zelf, wat is aan de gemeente en wat is aan andere partners? We zijn als gemeente duidelijk over wat het dorp kan verwachten van de gemeente. We starten de ontwikkeling van dashboards (gereed in 2025). Deze dashboards per dorp ontsluiten beschikbare data die helpen het goede gesprek te voeren over waar een dorp of wijk staat en naartoe zou willen.

3.3 | Dienstbare overheid We willen dat onze inwoners onze dienstverlening als kwalitatief goed ervaren. In 2024 starten we met het uitvoeren van onderdelen uit het dienstverleningsconcept. Dit moet leiden tot een meer transparante informatievoorziening en betere dienstverlening in het eerste contact met inwoners. Een van de onderdelen daarin is dat inwoners in het eerste contact goede dienstverlening ontvangen.

8

4 | Inclusieve en participatiesamenleving 4.1 | WMO We willen dat inwoners zo lang mogelijk zelfstandig kunnen wonen en mee kunnen doen in de maatschappij. We creëren daarom een breed aanbod van laagdrempelige, algemene voorzieningen, gebruikmakend van de bijdrage van inwoners en sterke gemeenschappen. We nemen vanaf 2023 meerdere locaties voor ontmoeting en verbinding in gebruik. We zetten in op preventie, vroegsignalering en ontschotting om ondersteuning zo integraal mogelijk vorm te geven. En we bevorderen de samenwerking tussen sociaal domein, eerstelijnszorg en GGZ. Er is een toename van de complexiteit van de aanvragen in het kader van de Wmo waardoor er meer maatwerkvoorzieningen verstrekt worden. De financiële doordecentralisatie van beschermd wonen is uitgesteld naar 2025. In de tussentijd werken we wel door aan de versterking van onze lokale infrastructuur voor inwoners met psychische kwetsbaarheid. Door de ambulantisering en wachtlijsten bestaat het risico op meer psychische en psychiatrische problematiek. Dit vraagt o.a. intensievere samenwerking van GGZ met de 1e lijn en basisvoorzieningen. Hiervoor is al in de voorbereiding extra uitvoerend personeel nodig. Dit wordt in het hoofdstuk Personeel & Organisatie nader toegelicht. De in 2023 vast te stellen woonzorgvisie, vertalen we in 2024 in een uitvoeringsplan.

Het Rijk ondersteunt vanaf 2023 de gemeenten met een beperkt budget via het woonzorgprogramma.

4.2 | Jeugdzorg Om de Jeugdzorg effectief en efficiënt uit te voeren, ligt onze focus op preventie, vroegsignalering en ontschotting om ondersteuning zo integraal mogelijk vorm te geven. We bieden ondersteuning zoveel mogelijk laagdrempelig en als algemene voorziening aan. We bevorderen de samenwerking tussen onze samenwerkingspartners in het sociaal domein, 1e en 2e lijnszorg en onderwijs. Om hier aan te kunnen voldoen is een uitbreiding van personeel nodig die in het hoofdstuk Personeel & Organisatie nader wordt toegelicht. We evalueren in 2023 de inzet van POJ, Jongerenwerk en Schoolmaatschappelijk werk vanuit het Nationaal Programma Onderwijs. Bij een positieve evaluatie continueren wij deze inzet structureel vanaf 2024. We werken hiervoor in 2023 een plan uit voor de structurele versterking van de sociale basis voor onze jeugd. De inzet van POJ zal een ‘zachte’ eis worden binnen de hervormingsagenda Jeugdzorg en daarmee onderdeel blijven van onze dienstverlening. In 2024 starten we met partners uit het sociaal en het medisch domein een coalitie ‘Kansrijke Start’ voor een gezamenlijk aanpak van de eerste 1000 dagen van een kind. In 2024 maken we een beleidsnota 18-/18+ voor een soepele overgang van jeugd naar volwassenheid en de daarvoor randvoorwaardelijke optimale ketensamenwerking met betrokken partners.

De financiële effecten uit de beleidsnota maken we dan inzichtelijk. Als onderdeel van de transformatie jeugdbescherming onderzoeken we in 2023 regionaal en lokaal hoe het project ‘toekomstscenario jeugd en gezinsbescherming’ vormgegeven kan worden in centraal Gelderland. Op basis van dit onderzoek besluiten we (in 2023) of we in 2024 hieraan deelnemen. 9

Voor wie niet zelfstandig kan reizen, blijft het doelgroepenvervoer toegankelijk. In 2024 werken vervoerders verder aan het realiseren van de regionale duurzaamheidsambitie van volledig emissie vrij doelgroepenvervoer in 2028.

4.3 | Schuldhulpverlening Met het vastgestelde Beleidsplan schulddienstverlening gemeente Overbetuwe 2023-2026 ‘Op weg naar een vitale financiële huishouding’ en in lijn met de landelijke Aanpak geldzorgen, armoede en schulden, willen we voorkomen dat inwoners te maken krijgen met problematische schulden. We intensiveren onze inzet op vroegsignalering van (beginnende) betaalachterstanden. Dat doen we door direct en persoonlijk contact met de inwoner, in de vorm van extra huisbezoeken en telefonisch contact. Indien nodig, verwijzen we door naar passende hulp. Daarnaast zetten we extra in op preventie van schulden. Dit gaan we doen door meer financiële voorlichting te geven, waarbij we ons vooral richten op het voorkomen van geldproblemen bij levensgebeurtenissen. Tot slot willen we het gebruik van onze minimaregelingen vergroten. We maken ons aanbod beter zichtbaar op plekken waar inwoners bij elkaar komen. We richten ons vooral op kwetsbare groepen, zoals laaggeletterden en uitkeringsgerechtigden. Ook ondernemers uit het MKB krijgen specifieke aandacht. Vanaf 2024 voeren wij de schuldregelingen in eigen beheer uit zodat we deze dienstverlening laagdrempelig en nabij kunnen aanbieden. Inwoners krijgen te maken met één vast aanspreekpunt, dit zorgt voor meer rust en duidelijkheid.

4.4 | Armoedebeleid Vanuit het Armoedebeleid ondersteunen we inwoners met inkomensproblematiek. Het bereiken van meer inwoners is daarbij een belangrijke doelstelling. Inwoners worden tijdelijk ondersteund bij de gestegen energiekosten: de energietoeslag en het aanbrengen van energiebesparende maatregelen. Verder zijn inwoners met inkomensproblematiek een belangrijke doelgroep bij de energietransitie. Minder vitale financiële huishoudens ontvangen ondersteuning via subsidietoekenningen aan de Voedselbank, Stichting Leergeld en het Noodfonds. Daarnaast bieden we inkomensondersteuning via de Bijzondere Bijstandsverlening. Een integrale aanpak voor ondersteuning aan inwoners met inkomensproblematiek realiseren we door afstemming met ons beleid op Schuldhulpverlening en Inkomen. Tevens stemmen we af met het programma Duurzaamheid om in het Nationale Isolatieprogramma de extra mogelijkheden te benutten voor lage inkomens en mensen in schulden. We werken samen met diverse partners in de Overbetuwse samenleving om de ondersteuningsmogelijkheden voor inwoners met inkomensproblematiek zo goed mogelijk onder de aandacht te brengen en het bereik en gebruik hiervan te vergroten.

Met het doel om de bereikbaarheid van ons armoedebeleid te vergroten, voeren we in 2023 een onderzoek uit naar de ervaringen van inwoners met betrekking tot de volgende minimaregelingen als onderdeel van het armoedebeleid: Meedoenregeling, de gemeentepolis en het Persoonlijk Minimabudget. De onderzoeksresultaten worden meegenomen in de herijking van het armoedebeleid. Het herijkte beleidsplan Armoede bieden wij aan in maart 2024. Of er financiële consequenties verbonden zijn aan het herijkte beleidsplan Armoede wordt pas met het opstellen van het beleidsplan duidelijk.

10

4.5 | Sterke sociale basis We creëren in Overbetuwe een sterke sociale basis waarin iedereen meedoet en de mogelijkheden, talenten en eigen regie van de inwoners centraal staan. De ondersteuning aan mensen die een steuntje nodig hebben, maken we laagdrempelig beschikbaar. Hierbij zetten we de kracht van onze Overbetuwse samenleving zoveel als mogelijk in. We willen graag dat iedereen in Overbetuwe zichzelf kan zijn en gelijke kansen heeft. Aansluitend op de unaniem aangenomen motie van de raad over een regenbooggemeente, ontwikkelen we hiervoor beleid met een lokale inclusie-agenda dat zich richt op gelijke kansen voor vrouwen, mensen van kleur, inwoners met beperkingen en inwoners met een lhbti+ achtergrond. Vanuit het Sociaal Team Overbetuwe (STO) zetten we in op een integrale dienstverlening. Dit doen we om onze wettelijke taken effectief, integraal en efficiënt uit te voeren. En om onze ambitie van een sterke sociale basis en een inclusieve samenleving te bereiken. Daarbij streven we naar een begrijpelijke, inclusieve, betrouwbare en transparante dienstverlening en het vergroten van ons professioneel handelen. In 2023 vragen we extern advies over de inrichting van de dienstverlening van het sociaal domein.

Dit advies betreft in ieder geval de volgende onderdelen: toegang tot en toegankelijkheid van de dienstverlening; kwaliteit van de dienstverlening (inclusief ICT en communicatie); juridisch kader; financieel kader; kwaliteit en kwantiteit personele inzet; positionering dienstverlening sociaal domein ten opzichte van de gemeentelijke organisatie, samenwerking met de partners in het huidige STO, mandaat en governance, sturing en monitoring.

5 | Werkende en lerende samenleving 5.1 | Participatiewet (re-integratie en participatie) Inwoners met een bijstandsuitkering ondersteunen we op weg naar werk of participatie. Ook ondersteunen we inwoners die zonder werk dreigen te raken en ondernemers. We hebben speciale aandacht voor inwoners met structurele arbeidsbeperkingen. We zorgen voor een actieve en ondersteunende benadering van deze groep inwoners. We formuleren in 2024 een toekomstvisie voor inwoners met een structurele arbeidsbeperking. Tegelijkertijd bieden we ál onze inwoners met een ondersteuningsvraag rondom werk ondersteuning. Samen met het onderwijs, werkgevers en onze samenwerkingspartners. We faciliteren ontmoetingsplekken zoals het Werkcentrum Overbetuwe waar deze partijen in contact treden met onze inwoners. We ondersteunen onze inwoners op zo’n manier dat zijzelf de regie houden.

5.2 | Participatiewet (inkomen) In het Uitvoeringsprogramma 2022-2026 hebben we als doelstelling opgenomen ‘Bijstand op Maat’ toe te passen. Met als doel om werken naast een (bijstands-)uitkering te stimuleren en de bijstand af te kunnen stemmen op de situatie van de inwoner. Op die manier zorgen we ervoor dat inwoners kunnen leven op een toereikend bestaansminimum. Inwoners hebben dan perspectief en kunnen (weer) makkelijker meedoen in onze (lokale) samenleving. De Minister voor Armoedebeleid, Participatie en Pensioenen heeft in juni 2022 aangekondigd de Participatiewet te herzien (“Participatiewet in Balans”). De minister heeft hiervoor een aantal voorstellen gedaan in de kamerbrief Stand van zaken Participatiewet in balans op 28 november 2022. Daarbij is aangekondigd dat deze maatregelen per juli 2024 in werking treden. Met deze maatregelen 11

zorgt de minister ervoor dat bijstand op maat wordt toegepast. Het was onze bedoeling om het Uitvoeringsplan Bijstand op Maat in 2023 te realiseren. Door de aangekondigde landelijke maatregelen in ‘Participatiewet in Balans’, wachten we hiermee. De structurele middelen die vanaf 2023 in de begroting zijn opgenomen voor Bijstand op maat zijn personele middelen voor beleidscapaciteit en worden op dit moment benut voor het bekostigen van de extra inzet van een beleidsadviseur. Deze capaciteit wordt nu benut voor herijking van het armoedebeleid, de invoering van de sterk gewijzigde Participatiewet en het operationaliseren van de regelingen omtrent energiearmoede omdat dit veel extra werk met zich meebrengt.

5.3 | Onderwijshuisvesting We zien diverse ontwikkelingen in onderwijsland, zoals de verdere verduurzamingseisen, de integratie van scholen en kinderopvang en stijgende prijzen. Deze ontwikkelingen nemen we mee in het nieuwe Strategisch Huisvestingsplan Onderwijshuisvesting wat we vanaf begin 2024 updaten. Dit doen wij in nauwe samenwerking met schoolbesturen en kinderopvangorganisaties. De verwachting is dat er in de loop van 2024 meer duidelijkheid zal komen vanuit het Rijk over een substantiële en structurele verhoging van de vergoeding in het gemeentefonds voor onderwijshuisvesting. Dit om de grote vervangings- en verduurzamingsopgave van de verouderde schoolgebouwen in Nederland en ook Overbetuwe uit te kunnen voren.

5.4 | Onderwijs en zorg Goed onderwijs biedt jongeren meer mogelijkheden zichzelf te ontwikkelen en een beter perspectief op een baan. Wij hebben de verantwoordelijkheid om de aansluiting van zorg en onderwijs goed vorm te geven, onderwijsachterstanden bij kinderen tegen te gaan en toe te zien op naleving van de leerplicht. We bieden daarom leerlingenvervoer aan leerlingen die vanwege een structurele beperking niet zelfstandig kunnen reizen naar school. We zorgen voor een optimale samenwerking tussen professionals van zorg en onderwijs om kinderen en jongeren een goede start in het leven te geven. We optimaliseren de samenwerking met scholen en andere professionals uit zorg en welzijn, om vroegtijdig interventies te kunnen plegen. Zo willen we voorkomen dat leerlingen (langdurig) thuis zitten. We streven er met al deze inzet naar dat nog meer jongeren een startkwalificatie halen. In 2024 stellen wij een beleidsplan onderwijskansen op.

5.5 | Kunst, cultuur en erfgoed Cultuur heeft een sterk verbindende functie. Kunst, cultuur en erfgoed zijn dan ook steeds vaker een middel om zoveel mogelijk mensen te laten participeren in onze samenleving (inclusiviteit). In 2024 werken we aan verschillende onderwerpen en projecten : we schrijven een kunstopdracht uit; we stimuleren en faciliteren inwonersinitiatieven voor culturele activiteiten en cultuureducatie; we ondersteunen meer activiteiten met een cultureel maatschappelijk doel om zoveel mogelijk mensen te laten participeren in onze samenleving; we bieden jaarlijks een thematische culturele activiteit aan in de huiskamers; we ontwikkelen een digitaal cultuurplatform voor het primair onderwijs; het Cultuurmenu verbreden we naar een aanbod voor volwassenen en naschoolse activiteiten voor het primair onderwijs; muziekonderwijs is structureel onderdeel in het lespakket van het primair onderwijs; we leveren een bijdrage aan het project ‘Religie en rituelen in de Romeinse tijd’.

12

Voor het opstellen van nieuw erfgoedbeleid, starten we in 2024 met een inventarisatie van de aanwezige cultuurhistorische waarden zoals historisch landschap, monumenten en dorpsgezichten. Het resultaat is een cultuurhistorische waardenkaart. Op basis hiervan maken we een plan van aanpak voor geactualiseerd erfgoedbeleid in samenspel met het omgevingsplan Overbetuwe. Mede vanuit de verstedelijkingsstrategie en de strategische agenda middengebied zoeken we in de ontwikkeling van het integrale erfgoedbeleid de samenwerking met gemeente Lingewaard. In voorbereiding op de implementatie van de Omgevingswet onderzoek we hoe de gemeente Overbetuwe de cultuurhistorische waarden vanaf 2024 via erfgoedbeleid kan borgen. In het kader van 80 jaar Market Garden in 2024 en 80 jaar vrijheid in 2025 werkt de provincie Gelderland aan de contouren van het programma ’80 jaar leven in Vrijheid’. Binnen dit programma staat ‘80 jaar vrijheid’ centraal met als basis de Tweede Wereldoorlog. De intentie is om dit programma in 5 Gelderse regio’s: Achterhoek/Liemers, Airborne Region, Rijk van Nijmegen, Veluwe en Rivierengebied uit te voeren in de periode september 2025 – augustus 2025. De provincie stelt hiervoor financiële middelen beschikbaar maar verwacht daarbij wel een cofinanciering door derden en gemeenten bij de realisatie van projecten.

Bij de programmabegroting zal voldoende duidelijk zijn welk bedrag zal moeten worden begroot.

6 | Informatie en kennissamenleving 6.1 | Toegang tot diensten en producten In 2024 werken we verder aan het verbeteren van (de toegang tot) onze diensten en producten, zoals bijvoorbeeld de digitale dienstverlening via onze websites. Zo werken we continu aan het toegankelijk houden van onze diensten en producten (conform het Tijdelijk Besluit Digitale Toegankelijkheid). De Wet Modernisering Elektronisch Bestuurlijk Verkeer (WMEBV) is nog niet vastgesteld door de Eerste Kamer en daardoor is niet definitief duidelijk aan welke eisen we moeten voldoen. We volgen de ontwikkelingen en passen deze toe. Voor de ondersteuning van onze processen richting inwoners lichten we ons applicatielandschap door op het moment dat hier meer over bekend is. De invoering van de WMEBV kan gevolgen hebben voor de wijze waarop we de toegang tot onze diensten en producten verder doorontwikkelen. De realisatie van de applicatie iParticipatie (voor aanvragen van inwoners voor levensonderhoud) en de invoering van de Persoonlijke Internet Pagina hangen af van de definitieve vaststelling van wetgeving en de analyse die komend jaar plaatsvindt. Tot slot voeren we de verdere fasen van de Wet Open Overheid in.

6.2 | Verantwoord werken met gegevens In 2024 gaan we verder met het verantwoord werken met gegevens. Omdat de technische randvoorwaarden nog niet conform planning gereed zijn, lopen we wat vertraging op en is er mogelijk ook vertraging in de benodigde activiteiten en geplande investeringen. Vooralsnog blijft het te bereiken resultaat qua planning ongewijzigd (2025 en 2026). We trekken op met programma 3.2, waarbij we de doelstelling om per dorp dashboards beschikbaar te stellen combineren met de ambitie uit dit programma om in 2025 dashboards beschikbaar te stellen aan onze inwoners. 13

6.3 | Digitaal en procesmatig werken We verankeren digitaal en procesmatig werken nog meer in onze organisatie. Dit doen we onder andere door proces- en zaakgericht werken vanuit technisch perspectief door te ontwikkelen, maar ook vanuit organisatorisch perspectief te kijken wat nodig is. Dit betekent dat we inzetten op het optimaliseren en vastleggen processen en het borgen van eigenaarschap in de organisatie. In 2023 starten we met de aanbesteding van een nieuw zaaksysteem. De implementatie van het nieuwe systeem volgt in 2024. Het organisatiebreed mogelijk maken een gekwalificeerde elektronische handtekening te gebruiken schuiven we daarmee door naar 2025, omdat dit aan het zaaksysteem is gekoppeld. Vanwege het toenemende aantal applicaties en de extra werkzaamheden die daardoor ontstaan zijn, is er in 2022 voor gekozen om de formatie voor functioneel beheer in het sociaal domein tijdelijk uit te breiden. Deze inzet is structureel nodig om de uitvoering in het sociaal domein te borgen.

7 | Financiën en bedrijfsvoering 7.1 Financiën We dragen zorg voor een structureel sluitende begroting, ook in 2024. De hoge inflatie en de krapte op de arbeidsmarkt maken dat de uitgaven van onze materiële en personele budgetten en investeringen snel toenemen. We houden dit in balans door hier voldoende middelen voor op te nemen en zo nodig te herprioriteren. Daarnaast onderzoeken we in hoeverre we het ontstane tekort in 2026 in de meerjarenbegroting kunnen dichten. We sluiten hierbij aan bij de initiatieven op landelijk niveau. Over 2023 gaat het college de financiële rechtmatigheidsverklaring afgeven bij de jaarrekening conform de nieuwe regelgeving van het Rijk. We streven naar een weerstandsratio tussen de 1,4 en 2,0. Op deze wijze zijn de risico’s voldoende beheersbaar met de beschikbare middelen. We verwachten voor 2024 binnen deze bandbreedte uit te komen. We doen omvangrijke investeringen in de komende jaren zoals het zwembad, de Wanmolen en onderwijshuisvesting. Deze investeringen hebben effect op de verhouding tussen ons eigen vermogen en vreemd vermogen, omdat we meer geld zullen gaan lenen. Er is daardoor beperkte ruimte voor nieuwe investeringen.

7.2 | Bedrijfsvoering Onze bedrijfsvoering is het fundament waarop wij de doelstellingen van onze gemeente op een efficiënte en effectieve manier realiseren. Eerder in deze kadernota is al aangegeven dat we inzetten op het optimaliseren van processen Hiernaast versterken wij onze procesbeheersing op de volgende ontwikkelingen;  De invoering van de nieuwe ICT- infrastructuur draagt bij aan de continuïteit van de bedrijfsvoering. Ook in 2024 blijven we inzetten op de realisatie van een goede omgeving 14

voor de verdere digitalisering van onze processen en de benodigde beveiliging van onze informatie. De implementatie van het nieuw financieel systeem waar we vanaf 2024 mee gaan werken, draagt bij aan meer grip op onze financiële processen. Daarnaast beschikken wij over steeds meer data die we gebruiken om eventueel bij te sturen tijdens de PDCA-cyclus. In het kader van de Wet Open Overheid (WOO), maar ook de Archiefwet en de aanstaande modernisering daarvan, investeren wij in het verder op orde brengen van het informatiebeheer.

Met name als gevolg van de toename van het aantal WOO verzoeken en de toenemende complexiteit hiervan investeren wij in extra juridische ondersteuning voor een snelle en goede afhandeling van de WOO verzoeken (hiervoor verwijzen wij naar het P&O deel van deze kadernota). De krapte op de arbeidsmarkt vormt een risico bij het behalen van onze doelstellingen. Daarom zetten wij in op arbeidscommunicatie en het blijven boeien en binden van de medewerkers.

8 | Algemeen bestuur 8.1 | Regionale samenwerking De Groene Metropoolregio (GMR) werkt met een regionale agenda 2023-2024. Deze agenda is in juli 2022 met de bijbehorende begroting 2023-2026 vastgesteld. Met de periode van twee jaar voor de regionale agenda is tegemoetgekomen aan de breed gedragen wens vanuit veel gemeenteraden. Dit betekent dat de inzet door de GMR op de vijf opgaven voor 2024 vastligt. Wanneer actuele ontwikkelingen het wenselijk of noodzakelijk maken aanpassingen voor te stellen in de agenda voor 2024, dan worden deze in de conceptbegroting GMR 2024-2027 expliciet opgenomen.

8.2 | Verbonden partijen Onze doelstelling is dat verbonden partijen efficiënt en effectief bijdragen aan het realiseren van onze bestuurlijke doelstellingen en taakuitvoering. We evalueren in 2024 of de oorspronkelijke gemeentelijke doelstelling tot deelname aan een verbonden partij is behaald en nog steeds actueel is. De resultaten van deze evaluatie worden zo nodig verwerkt in de Nota verbonden partijen.

15

Financieel deel In het financiële deel beschrijven we de financiële ontwikkelingen en onzekerheden die we verwachten voor de komende vier jaar, hoe we die verwerkt hebben en wat dit betekent voor onze financiële positie. Tot slot informeren we u zoals gebruikelijk over personeel en organisatie.

1 Meerjarenperspectief De ontwikkeling van het financiële meerjarenperspectief ziet er als volgt uit: (bedragen x € 1.000)

2024

2025

2026

2027

Meerjarenperspectief Kadernota 2024

-951

807

-6.723

-7.640

Incidentele lasten en baten

985

75

0

0

Structureel perspectief Kadernota 2024

34

882

-6.723

-7.640

Hierbij is rekening gehouden met reeds genomen raadsbesluiten tot en met april 2023, de actualisatie van de uitgangspunten, de onvermijdelijke claims en een aantal voorstellen om tot een sluitend perspectief te komen voor 2024 en 2025. Het begrotingstekort kent in 2026 e.v. een forse toename door de terugvallende baten uit het gemeentefonds. Oorzaak hiervan is dat de kabinetsplannen reiken tot en met 2025. We stellen geen bezuinigingstaakstelling voor 2026 en 2027 voor. Het ligt in de lijn der verwachting dat er vanuit het Rijk nadere voorstellen zullen volgen op welke wijze deze tekorten zullen worden gedekt. De meicirculaire 2023 geeft hier wellicht meer zekerheid over. De effecten van de meicirculaire 2023 zijn nog niet bekend. Zodra deze bekend zijn, zullen wij, overeenkomstig de afspraken met de raad, u hierover informeren. Er is nog een aantal onzekerheden die het saldo van de meerjarenbegroting 2024-2027 beïnvloeden, met name de ontwikkeling van de algemene uitkering. De onzekerheden zijn in beeld gebracht in onderdeel 4 “Risico’s, kansen en onzekerheden”. In de volgende paragrafen leggen we de opbouw, de achtergronden en de duiding van het verwachte financiële perspectief 2024-2027 uit. Het actualiseren van het financiële perspectief is opgebouwd uit een viertal onderdelen die we hierna toelichten.

Het betreft de effecten van de genomen raadsbesluiten (1.1), de effecten van de nieuwe jaarschijf 2027 (1.2), actualisatie uitgangspunten (1.3), claims (1.4) en aanvullende voorstellen voor een sluitend meerjarenperspectief (1.5).

1.1 Raadsbesluiten tot en met mei 2023 Het vertrekpunt van dit meerjarenperspectief 2024-2027 is het meerjarenperspectief conform de Programmabegroting 2023. Sindsdien zijn er door de Raad een aantal wijzigingen vastgesteld die leiden tot een actualisatie van de meerjarenbegroting: (bedragen x € 1.000) Meerjarenperspectief na begrotingsraad november 2022 Raadsbesluiten t/m mei 2023 met meerjarige effecten Multifunctioneel centrum Wanmolen Zetten Beleidsplan schulddienstverlening 2023-2026 Financieel effect 1e Bestuursrapportage 2023 Meerjarenperspectief na genomen raadsbesluiten

16

2024

2025

2026

2027

868

3.012

-4.204

-4.204

-155 71 -226 -1.093

-128 71 -199 -895

-338 -147 -191 -903

-338 -147 -191 -903

-380

1.989

-5.445

-5.445

1.2 Effecten nieuwe jaarschijf 2027 De Kadernota 2024 is het eerste document waarbij jaarschijf 2027 onderdeel is van het meerjarenperspectief. Als startpunt is jaarschijf 2027 gelijk aan jaarschijf 2026, maar op de volgende onderdelen wijkt 2027 af: (bedragen x € 1.000) Meerjarenperspectief na genomen raadsbesluiten

2024

2026

2027

-380

1.989

-5.445

-5.445

0 0 0 0 0 0 0 0 0

0 0 0 0 0 0 0 0 0

0 0 0 0 0 0 0 0 0

-2.387 1.975 -292 200 -72 -28 -10 -28 -104

-380

1.989

-5.445

-6.163

Incidentele posten 2026 geschrapt in 2027 Accres 2027 t.o.v. 2026 Structureel ramen compensatie jaarschijf 2026 Lagere extra middelen hervormingsagenda jeugd Lagere besparingen hervormingsagenda jeugd Areaal beheerplannen 2027 (uitgangspunt is jaarlijks 72K) Ambitie Boven-Linge (Uitvoeringsplan jaarschijf 2027) Vervangingsplan kunstgrasvelden Ontwikkelingen aantallen doelgroepenvervoer Meerjarenperspectief jaarschijf 2027 geactualiseerd

2025

1.3 Actualisatie uitgangspunten Jaarlijks actualiseren we in de kadernota de gehanteerde uitgangspunten. Het financieel effect hiervan is in onderstaande tabel in beeld gebracht. In hoofdstuk 4 is een overzicht van deze uitgangspunten opgenomen. (bedragen x € 1.000) Meerjarenperspectief jaarschijf 2027 geactualiseerd Prijsstijgingen algemeen Prijsstijgingen subsidies Loonstijgingen Belastingen en heffingen Verbonden partijen Verhoging rente investeringen naar 2% (voorlopig) Inschatting compensatie via algemene uitkering (meicirculaire 2023) Meerjarenperspectief na actualisering uitgangspunten

2024

2025

-380 -1.988 -317 -870 392 -1.588 -600 3.500 -1.851

2026

1.989 -1.988 -317 -870 392 -1.597 -900 3.500 209

-5.445 -1.988 -317 -870 392 -1.607 -900 3.500 -7.235

2027 -6.163 -1.988 -317 -870 392 -1.622 -900 3.500 -7.968

1.4 Claims In de laatste stap brengen we in beeld wat onvermijdelijke claims zijn voor de begroting 2024 en verder. Met onvermijdelijk wordt bedoeld dat een (financiële) aanpassing plaats moet vinden door reeds genomen besluiten van de raad of bijvoorbeeld externe wet- of regelgeving. Op grond van de externe en interne ontwikkelingen geven we in bijgaand overzicht de onvermijdelijke claims weer. De nummering verwijst naar het desbetreffende taakveld. (bedragen x € 1.000) Meerjarenperspectief na actualisering uitgangspunten 1. Toename reisdocumenten netto voordeel (0.2) 2. Fuwa trajecten (0.4) 3. Verlaging productieve uren a.g.v. harmonisatie verlof (0.4) 4. Invoering Toeristenbelasting en forenzenbelasting (0.64) 5. Dijkversterking Heteren-Arnhem (kapitaallasten) (2.1) 6. Actualisatie huisvestingsplan onderwijs (4.2) 7. Ventilatie scholen (kapitaallasten) (4.2) 8. Aanvullend budget (vervangende) nieuwbouw Ds. Van Lingenschool (kapitaallasten) (4.2) 9. Basisschool De Meeuwenberg Driel (kapitaallasten) (4.2) 10. Nota recreatie en toerisme (5.7) 11. Doelgroepenvervoer (aanpassing ingroeipad zero emissie) (diverse) 12. VGGM (versterking bedrijfsvoering, alg. gezondsheidszorg en JGZ) (diverse) Meerjarenperspectief Kadernota 2024

17

2024

2025

2026

2027

-1.851 55 -100 -140 -75 0 -30 0

209 55 -100 -140 26 -5 0 -55

-7.235 55 -100 -140 26 -5 0 -55

-7.968 55 -100 -140 26 -5 0 -55

0 0 -26

-49 -1 -26

-49 -1 -26

-49 -1 -26

73

160

119

0

-257 -2.351

-167 -93

-212 -7.623

-277 -8.540

Toelichting op de claims 1. Toename reisdocumenten netto voordeel We verwachten een toename van opbrengsten van de reisdocumenten door meer uitgiften. De looptijden zijn in het verleden aangepast en dat leidt nu tot een toename in de komende jaren. We verwachten ook meer personele inzet, per saldo rekenen we met een structureel voordeel van € 55.000. 2. Fuwa trajecten Als gevolg van de jaarlijkse functiewaarderingsrondes en daaruit volgende verhogingen, nemen de verwachte salariskosten toe met € 100.000. 3. Verlaging productieve uren a.g.v. harmonisatie verlof We verwachten een afname van de productieve uren 1,75 fte vanaf 2024 in verband met de verloftoename (Verlofharmonisatie) conform het cao-akkoord 2021 en 2023. 4. Invoering Toeristenbelasting en forenzenbelasting We gaan ervan uit dat de Verblijfsbelasting per 1/1/2025 wordt ingevoerd en dat de opbrengsten hiervan, toereikend zijn om het aanvullende budget uit de Nota Toerisme en Recreatie te dekken. Zie ook punt 10. De effecten van de besluitvorming van de Raad zullen we zonodig meenemen bij het opstellen van de Begroting 2024. 5. Dijkversterking Heteren- Arnhem (kapitaallasten) In 2024 start het Waterschap met de dijkversterking Heteren- Arnhem. Zoals bij de Waaldijk, zullen kosten zoveel mogelijk ten laste van het waterschap gebracht worden.

Om gemeentelijke doelen tegelijk uit te kunnen voeren, is een gemeentelijk werkbudget van € 125.000 nodig. De Rijndijkversterking Heteren – Arnhem kent een andere opgave dan die van de Waaldijk. Er is zoals het er nu naar uitziet geen dijkverhoging nodig bij de Rijndijk. Het verkeersveiliger maken van de dijk is een belangrijke kans uit de gemeentelijke fietsagenda die we in de dijkversterkingsplannen in kunnen brengen. Om hier invulling aan te kunnen geven is budget nodig voor o.a. het opstellen van een Advies Weginrichting en daarbij behorende onderzoeken. Ook voor andere gemeentelijke doelen zoals op het gebied van landschap, recreatie en duurzaamheid is mogelijk (aanvullend) budget nodig. We zetten het ook in op participatie rond de gemeentelijke. Deze investering betekent een kapitaallast van € 4.569. 6. Actualisatie huisvestingsplan onderwijs De verwachting is dat met de actualisatie van het huisvestingsplan eenmalig rond de € 30.000 is gemoeid. De investeringsbedragen die uit het SHP voortvloeien worden te zijner tijd jaarlijks bij de Kadernota meegenomen. 7. Ventilatie scholen (kapitaallasten) De gemeente doet een bijdrage in de investeringen voor de verbeteringen van de ventilatie in de scholen. De investering voor de gemeente bedraagt € 0,9 miljoen en betekent een kapitaallast van € 55.041. 8. Aanvullend budget (vervangende) nieuwbouw Ds.

Van Lingenschool (kapitaallasten) Voor de vervangende nieuwbouw c.q. renovatie is al een bedrag van € 2.471.000 beschikbaar gesteld in de Kadernota 2023. Uit nader onderzoek blijkt dat renovatie geen optimaal en toekomstgericht resultaat biedt om een noodzakelijke verduurzaming te realiseren. Het voorkeurscenario is nu om te 18

kiezen voor een vervangende nieuwbouw. Omdat er ook gelijk wordt uitgegaan van een gebouw volgens ENG, is hiervoor -naast de gereserveerde investering voor het schoolgedeelte- een bedrag van € 1.340.975 noodzakelijk. Jaarlijkse lasten van extra kosten schoolgedeelte (€ 1.340.975) bedragen op basis van 2% annuïteit over 40 jaar € 49.020. De extra en aanvullende investering voor het gedeelte van de kinderopvang (180m²) bedragen € 670.000. Deze extra investering is budgettair neutraal omdat hier een jaarlijkse huurvergoeding ter hoogte van de kapitaalslasten tegenover staat. 9. Basisschool De Meeuwenberg Driel (kapitaallasten) Voor basisschool De Meeuwenberg Driel hebben we voor een tijdelijke verplaatsing c.q. inrichting van de speelruimte 40.000 euro nodig. Het gaat hierbij o.a. om het “teruggeven” van de tuin aan de nieuwe bewoners, hier een hek plaatsen, creëren van een nieuwe buitenspeelplaats op bijvoorbeeld trapveldje, plaatsen toiletten en attribuutopslag. Dit betekent een kapitaallast van € 1.462. 10. Nota recreatie en toerisme De raad heeft op 30 mei 2023 een Amendement aangenomen over het raadsvoorstel met betrekking tot de Nota toerisme en recreatie. De Raad heeft aangegeven dat zij in haar brede afweging van de Kadernota een besluit wil nemen over het recreatiebudget.

Wij zullen afhankelijk van de besluitvorming van de Raad, de financiële effecten over 2023 verwerken in de 2e bestuursrapportage 2023 In 2024 zetten wij samen met de samenleving in op het uitvoeren van de nota recreatie en toerisme, die in mei 2023 is vastgesteld door de raad. Stijgende vaste lasten, aanvullende kosten voor het beheer en onderhoud van netwerken en realisatie van projecten uit de nota maken een structurele verhoging van het recreatiebudget noodzakelijk met € 26.000 per jaar, vanaf 2024 mee te nemen in de Kadernota 2024. 11. Doelgroepenvervoer (aanpassing ingroeipad zero emissie) Het ingroeipad voor de duurzaamheidsambitie gaat gepaard met minder kosten. De eerder begrote aanvullende kosten voor het vraagafhankelijk vervoer zullen niet optreden, zonder dat onze duurzaamheidsambitie niet gerealiseerd wordt. 12. VGGM (versterking bedrijfsvoering en basis op orde GGD) Op het gebied van de versterking bedrijfsvoering en basis op orde GGD zijn aanvullende middelen noodzakelijk op grond van de voorlopige begroting 2024. In 2024 wordt duidelijk wat nodig is voor de versterking van JGZ en AGZ verdere jaren.

1.5 Dekking structureel perspectief Het college stelt ten aanzien van de dekking van het structurele perspectief het volgende voor: (bedragen x € 1.000) Meerjarenperspectief Kadernota 2024 a. Niet toewijzen van inflatie voor 40% b. Kapitaallasten op 80% c. Temporiseren structurele uitgaven 2024 Structureel perspectief Kadernota 2024

We lichten bijgaande posten toe na de volgende tabel. 19

2024 -2.351 800 100 500 -951

2025 -93 800 100

2026 -7.623 800 100

2027 -8.540 800 100

807

-6.723

-7.640

Belangrijk is dat de meerjarenbegroting structureel sluitend is, onder andere doordat dit een element van toetsing is vanuit onze provinciaal toezichthouder. We corrigeren daarvoor het meerjarenperspectief voor incidentele baten en lasten. (bedragen x € 1.000) Meerjarenperspectief Kadernota 2024 Incidentele lasten en baten Structureel perspectief Kadernota 2024

2024 -951 985 34

2025 807 75 882

2026 -6.723 0 -6.723

2027 -7.640 0 -7.640

Toelichting op de dekkingsvoorstellen a. Toerekening inflatie In de huidige berekeningen gaan we er vanuit dat we een bedrag van € 1,9 miljoen aan inflatievergoeding voor inflatie-gerelateerde budgetten krijgen. Om mogelijk bestaande ruimte uit de begroting te halen stellen wij voor dat € 0,8 miljoen, niet toegekend wordt, wat een besparing oplevert van hetzelfde bedrag. b. Kapitaallasten De ervaring leert dat er jaarlijks een voordeel is op de post kapitaallasten (in 2022 ca. € 0,3 miljoen). Dit (incidentele) voordeel ontstaat omdat investeringen vertraging oplopen en de geraamde kapitaallasten zich nog niet voordoen. Het voorstel is om 80% van de geraamde kapitaallasten in de begroting op te nemen en 20% niet. Voor 2024 en verder staan aanzienlijke investeringen geraamd (onder andere de Wanmolen en MFSC Elst), en de kans is aanwezig dat niet alle investeringen tijdig gerealiseerd kunnen worden. c. Temporisering uitgaven 2024 In het uitvoeringsprogramma 2022 -2026 staan een aantal (structurele) uitgaven die we in 2024 naar verwachting later uitgaven omdat we tijd nodig hebben om bijvoorbeeld nieuwe medewerkers aan te trekken en het nieuwe beleid uit te voeren.

1.6 Risico’s en kansen Financiële effecten nieuwe cao In april 2023 is een nieuwe cao afgesloten die financieel een effect betekent van ongeveer € 1,1 miljoen aan extra uitgaven. Uitgangspunt is dat de cao-verhogingen vergoed worden middels de Algemene Uitkering. De effecten hiervan zien we definitief bij de uitkomsten en doorrekeningen van de meicirculaire die eind mei 2023 verschijnt. Prijsinflatie In de 1e bestuursrapportage 2023 hebben we alle mogelijke financiële effecten van de prijsinflatie zowel incidenteel als structureel verwerkt, voor zover die nu bekend zijn. In de meicirculaire 2023 zullen via de Algemene Uitkering aanvullende middelen beschikbaar komen. Dan zal ook duidelijk zijn in hoeverre we aanvullende middelen ter beschikking krijgen om eventuele effecten gedurende dit jaar en verdere jaren nog te kunnen compenseren. De gemeente heeft een relatie met een groot aantal partijen waarmee ze samenwerkt en waaraan ze een jaarlijkse financiële bijdrage verstrekt. De cao-stijgingen en inflatie bij deze verbonden partijen hebben mogelijkerwijs effect op de werkelijke financiële inkomsten in 2023 en de doorwerking

20

daarvan naar de komende jaren. We gaan er vooralsnog van uit dat deze doorwerking past binnen de aanpassing van de Algemene Uitkering van onze gemeente. Rente-effecten De rente die de gemeente betaald over haar langlopende leningen is stijgende. Dit heeft impact op de rentelast in de begroting. In deze kadernota hebben we op grond van de huidige informatie een aanvullend bedrag aan rentelasten opgenomen van € 0,6 miljoen structureel in 2024 en vanaf 2025 € 0,9 miljoen structureel. Deze stijging wordt naast de marktontwikkelingen veroorzaakt door de toenemende financieringsbehoefte onder andere als gevolg van de besluitvorming rondom het MFSC Elst en de Wanmolen. Bij het opstellen van de begroting zullen we de meest actuele ontwikkeling meenemen. Heroverwegingen In de begroting 2024 en verdere jaren zijn structurele bezuinigingen meegenomen uit de vorige collegeperiode. In 2024 gaat het om € 0,9 miljoen in 2024 e.v. De invulling van deze structurele bezuinigingen is een aandachtspunt.

1.7 Financiële positie We presenteren in deze kadernota een sluitend financieel perspectief voor 2024 en 2025. Dit betekent voor deze jaren dat onze financiële positie robuust blijft op grond van de verwachte positieve resultaten bij de jaarrekening 2023 en het sluitende perspectief voor 2024 en 2025. We informeren de Raad hierover onder andere in de paragraaf Weerstandsvermogen bij de jaarrekening 2022 die begin juli 2023 in de Raad wordt besproken. Bij het opstellen van de begroting 2024 zullen we in overleg met de toezichthouder nagaan hoe we om moeten gaan met de verwerking van de financiële effecten op onze financiële positie en het weerstandsvermogen van de financiële resultaten over de jaren 2026 en 2027.

21

Personeel & Organisatie Organisatieontwikkeling In 2024 geven we verder invulling aan de ingezette organisatieontwikkeling. In 2020 stelden we onze “Organisatievisie en koers Overbetuwe” en “Interactievisie” vast. Daarin staat wat voor organisatie we willen zijn en hoe we met elkaar en met de samenleving omgaan. Om concreter te maken hoe we dat precies wilden doen, hebben we gewerkt met de Ontwikkelagenda 2021-2022. Een vervolg op deze Ontwikkelagenda is het Organisatieplan 2023. Hierin staan drie strategische, domeinoverstijgende opgaven op het vlak van organisatieontwikkeling waar de organisatie de focus op legt:  Basis op orde (sturing op dienstverleningsprocessen, borgen kernwaarden en verbeteren bestuurlijk-ambtelijk samenspel)  Boeien, binden en blijven ontwikkelen van medewerkers  Anders werken met de samenleving. Dit organisatieplan biedt daarmee het strategisch kader, samen met de organisatievisie, richting de domein-, team- en individuele werk- en ontwikkelplannen. Elk jaar actualiseren we het organisatieplan in de aanloop naar het volgende kalenderjaar. De eerste actualisatie zal dus plaatsvinden in het vierde kwartaal van 2023. In de eerste helft van 2023 hebben we de organisatiestructuur en organisatievisie geëvalueerd. Met de uitkomsten gaan we in 2023 en 2024 aan de slag.

Ontwikkeling Personeelsbudget (p-budget) De ontwikkeling van het p-budget 2024 bestaat uit de volgende onderdelen: Bedrag structureel € 870.000* nadeel € 100.000* nadeel € 140.000* nadeel

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=OverBetuwe&id=2533f2e5-a3ab-404e-819e-bd928eb93661