23-06-27.20 Relevant stuk 2. Gespreksnotitie Toekomst Rekenkamerfunctie t.b.v. rondetafelgesprek 4 april 2023
Tekst van het document
Gespreksnotitie over ‘Toekomst Rekenkamerfunctie’ Inleiding Uiterlijk 1 januari 2024 zal de rekenkamercommissie als gevolg van de invoering per 1 januari 2023 van de Wet versterking decentrale rekenkamers moeten worden omgezet naar een rekenkamer. Dit betekent een uitbreiding van de bevoegdheden van de rekenkamer, maar ook het afscheid nemen van de interne leden, vaststelling van een nieuwe verordening en de installatie van externe leden. Dit kunnen de huidige externe leden zijn, maar dat hoeft niet. Het is aan de gemeenteraad om te bepalen hoe - binnen de eisen die wetgever stelt vorm te geven aan de Overbetuwse rekenkamer. Dit is ook een moment om te bepalen of de wijze waarop de huidige rekenkamercommissie functioneert (nog) aansluit bij de wensen en behoeften van de gemeenteraad. Het rekenkamerwerk is niet alleen leuk en interessant, maar ook buitengewoon belangrijk voor de controlerende rol van de raad en de mogelijkheid om de beleidsuitvoering van de gemeente Overbetuwe periodiek te laten onderzoeken door een onafhankelijk extern gezelschap.
De rekenkamer stelt zich daarom bij onderzoeken de vraag: ‘Bereikt het gemeentebestuur de doelen die ze heeft vastgesteld en wordt het geld op een goede wijze besteed?’ Het takenpakket van de gemeentelijke overheid is de afgelopen jaren fors toegenomen, net als de verwachtingen die de inwoners hebben over het vermogen van gemeenten om bij te dragen aan hun geluk of bij te dragen aan de oplossing van hun problemen. Meer taken dus en tegelijkertijd grotere verwachtingen. Een goede rekenkamer kan behulpzaam zijn bij het stellen van realistische ambities en bij het controleren van de beleidsuitvoering. Zie hieronder de gespreksonderwerpen: 1. Welke Rekenkamermodel? Hoeveel externe leden? Er kan worden gekozen worden uit verschillende modellen (zie bijgevoegd stappenplan). Het voorzittersmodel, bestaande uit een voorzitter en een of meerdere vaste rekenkamerleden, komt het meest overeen met de huidige rekenkamercommissie. Dit is in Nederland ook de meest gangbare vorm. Niet te klein en niet te groot en minder kwetsbaar bij tussentijdse vacatures. Het is de raad die bepaalt uit hoeveel leden de rekenkamer bestaat. De raad benoemt de leden en de voorzitter voor een periode van zes jaar. De huidige voorzitter heeft laten weten graag te willen aanblijven als voorzitter. De twee externe leden stoppen na een periode van resp. 6 en 12 jaar.
Keuze: → Voorzittersmodel: een voorzitter en twee externe leden? 2. Relatie raad en rekenkamer De aanwezigheid van interne leden zorgt nu nog voor een belangrijke informatiestroom vanuit de raad richting de rekenkamercommissie. De interne leden doen zelf geen onderzoek, maar dragen wel ideeën aan en beslissen mee over de onderwerpen waarnaar onderzoek wordt gedaan. Het is belangrijk een goede relatie met de raad na te 1
streven zodat de informatie-uitwisseling met de raad niet stopt. Een goede verbinding tussen rekenkamer en de raad is voor het rekenkamerwerk noodzakelijk om goed zicht te houden op de Overbetuwse context en het onderzoek goed af te stemmen op de lokale wensen en behoeften. Omdat er in de toekomst geen interne leden meer zijn, zal dit dus op een andere wijze moeten worden vormgegeven. Het werk van de rekenkamer is alleen dan mogelijk indien de rekenkamer voeling kan blijven houden bij de wensen en behoeften van de gemeenteraad aan wiens controlerende taak de rekenkamer een bijdrage levert. Eenmaal per jaar een gesprek met de fracties of fractievoorzitters is weliswaar heel waardevol, maar te dun om van echte voeling te kunnen blijven spreken. Hiervoor zou kunnen worden aangesloten bij reeds bestaande gremia. Denk hierbij aan de auditcommissie of het seniorenconvent. Ook zou kunnen worden overwogen om een klankbordgroep/begeleidingscommissie in te stellen, met raads- en/of burgerleden waarmee periodiek overleg plaatsvindt. Dit betekent echter wel weer een extra gezelschap dat bemenst moet worden. Keuze: → Deze rol beleggen bij een bestaand gremium of een klankbordgroep instellen bestaande uit vier raads- en/of burgerleden, waarvan twee leden afkomstig uit de oppositie en twee leden uit de coalitie? De raad benoemt leden van de klankbordgroep. 3.
Zelf uitvoeren onderzoek? De huidige externe leden voeren als de expertise in huis is zelf onderzoek uit. Hiervoor ontvangen de leden een vast bedrag per uur. De afweging om de uitvoering van onderzoek uit te besteden dan wel zelf te hand te nemen wordt door de rekenkamercommissie zelf gemaakt. Zelf uitvoeren van onderzoek heeft als voordeel dat de kosten hiervan relatief laag zijn en de kennis over de verschillende aandachtsgebieden en de Overbetuwse context binnen de rekenkamer wordt versterkt. Hierover zal een standpunt moeten worden ingenomen en de spelregels moeten worden vastgelegd in de verordening, evenals de uurvergoeding voor het in eigen beheer doen van onderzoek. Keuze: → Zelf uitvoeren van onderzoek als de expertise aanwezig is bij de rekenkamer? 4. Invulling secretariaatsfunctie Goede ondersteuning is van groot belang om het rekenkamerwerk goed en professioneel te kunnen doen. Zeker omdat het lidmaatschap van een rekenkamer meestal een nevenfunctie is. De meeste rekenkamers hebben een (ambtelijk) secretaris die de rekenkamer ondersteunt en adviseert. De secretaris is een belangrijke schakel tussen rekenkamer, ambtelijke organisatie, griffie, college, raad en onderzoekers. De huidige plaatsvervangend raadsgriffier vervult de rol van ambtelijke secretaris.
Daar rekenkamerwerk over het algemeen als nevenfunctie wordt ingevuld is zij binnen de organisatie het aanspreekpunt en degene die de meeste coördinerende taken voor haar rekening neemt. De rekenkamercommissie benadrukt de meerwaarde van de inzet van een medewerker van de griffie in de rol van ambtelijke secretaris. Invulling door een medewerker van de griffie is wettelijk mogelijk en ligt daarnaast ook voor de hand. 2
Keuze: → Invulling secretariaatsfunctie door de plaatsvervangend raadsgriffier? 5. Budget Het budget van de rekenkamercommissie ter grootte van € 45.000 is sinds jaar en dag ongewijzigd. Het budget blijkt toereikend te zijn dankzij de zelfwerkzaamheid van de externe leden. Gemiddeld kunnen hiervoor drie à vier onderzoeken per jaar worden opgepakt en gerealiseerd. Kiezen voor een andere vorm of voor een andere bezetting of een andere ambitie kan leiden tot meer of minder activiteiten op grond van het huidige budget. Om efficiënt te kunnen functioneren moet de rekenkamer weten waar het aan toe is. Daarom wordt geadviseerd om een budget vast te stellen voor bijvoorbeeld vier of zes jaar. Zes jaar, verbonden aan de periode van benoeming van de leden, of voor vier jaar met een eventuele heroverweging halverwege de (raads)periode. Gelet op de gestegen inflatie wordt in overweging gegeven om het budget jaarlijks te indexeren op basis van de consumentenprijsindex (CPI) of periodiek te herijken. Keuze: → Bij gelijkblijvende ambities het huidige budget met ingang van 1 januari 2024 verhogen met € 5.000 en vaststellen voor een periode van 6 jaar met een jaarlijkse indexering?
3