23-02-28.02 RTGC uitgangspunten dorpsprofielen, Eindrapportage Dorpsprofiel Valburg.pdf
Tekst van het document
Dorpsprofiel Valburg Samenwerken in het sociaal domein Voor u ligt het dorpsprofiel Valburg. Een uitnodiging aan bewoners en maatschappelijke partners om samen met de gemeente sociale vraagstukken in het dorp op te pakken. De gemeente wil Valburg steunen bij het oplossen van sociale vraagstukken. En hierbij zo goed mogelijk aansluiten bij de sociale vraagstukken in het dorp en het oplossend vermogen van het dorp; wat bewoners hieraan zelf willen en kunnen doen. Als bewoners deze vraagstukken zelf niet kunnen oplossen, wil de gemeente samen met maatschappelijke partners de bewoners zo effectief mogelijk ondersteunen. Dit moet leiden tot een goed samenspel. Om dit waar te maken is dit dorpsprofiel opgesteld. Dit bevat een analyse van de sociale vraagstukken in Valburg en een agenda met doelen en activiteiten, van en voor het dorp. Per activiteit gaan we in op het oplossend vermogen van het dorp, is benoemd wat bewoners zelf kunnen en willen oppakken en wat samen met maatschappelijke partners of de gemeente opgepakt kan worden en wat dat van de gemeente vraagt. Leeswijzer: dit dorpsprofiel begint met een gecomprimeerde versie van de rapportage. De geïnteresseerde lezer kan de uitgebreide dorpsanalyse en achtergrondinformatie over Valburg vinden in deel II.
Dorpsanalyse: vraagstukken en oplossend vermogen in Valburg
1
Dorpsagenda: Waar willen we komende tijd aan werken? De analyse is vertaald naar een aantal doelen die de dorpsraad, maatschappelijke partners en gemeente de komende jaren in Valburg willen bereiken. 1. Voorzieningenniveau verbeteren Reden: bewoners ervaren dat enkele cruciale voorzieningen ontbreken – voor ontmoeting, zorg en jongeren. Dit beïnvloedt het woongenot, de mogelijkheid om oud te worden in het dorp en de sociale samenhang. Het behouden van de sterke samenhang die Valburg nu kenmerkt is van groot belang voor het zelfoplossend vermogen van het dorp. 2. Ouderen kunnen langer op prettige wijze oud worden in Valburg Reden: de vergrijzende bevolking vraagt om steeds meer onderlinge steun, maar een kleiner aantal mensen kan en wil mantelzorg leveren of vrijwilligerswerk doen. Samen met de beperkte voorzieningen voor gezondheidszorg en ontmoeting, belemmert dit de mogelijkheden om op prettige wijze zelfstandig oud te worden in Valburg. En als zelfstandig wonen niet meer gaat is er geen woonzorgvoorziening beschikbaar. 3. Inzet vrijwilligers vergroten en verbreden Reden: al zet een aanzienlijk deel van de bewoners zich in voor Valburg, het wordt steeds moeilijker om opvolgers te vinden voor (structureel) vrijwilligerswerk. Er rust veel vrijwilligerswerk op dezelfde schouders.
4. Eenzaamheid een halt toeroepen Reden: de zorg bestaat dat eenzaamheid groeit, als gevolg van vergrijzing en kinderen die op afstand wonen. Maar ook onder 18 tot 30 jarigen komt eenzaamheid relatief vaak voor. Eenzame mensen kunnen onvoldoende op dorpsbewoners terugvallen als er een zorgvraag ontstaat. Dit vergroot de kwetsbaarheid en het beroep op professionele zorg groeit.
5. Mantelzorgers ondersteunen Reden: de combinatie van vergrijzing en een kleiner aantal mensen dat mantelzorg zal kunnen verlenen, zorgt voor een toenemende druk op mantelzorgers. Het risico op overbelasting is nog groter, omdat mantelzorgers in Valburg vaak ook ander vrijwilligerswerk doen.
6. Gezondheid stimuleren Reden: bij een deel van de bewoners komt overgewicht voor. Een op de zes volwassenen heeft een chronische aandoening. Een lage sociaal-economische status (SES) vergroot de kans hierop. Juist de combinatie van lage SES en slechte gezondheid vormt een risico; dit vergroot de kans op lagere zelfredzaamheid, participatie, welzijn en eenzaamheid.
2
Activiteiten – wat kunnen we hiervoor doen? Per doel is een aantal activiteiten uitgewerkt. Deze activiteiten zijn benoemd door de dorpsraad en maatschappelijke partners. Per activiteit wordt aangegeven hoe deze uitgevoerd kan worden en door wie. Zo wordt duidelijk hoe het samenspel tussen het dorp, de maatschappelijke partners en de gemeente georganiseerd kan worden en wat ieders rol is. Uit de dorpsanalyse blijkt dat Valburgers over het algemeen behoorlijk zelfredzaam zijn en dat er een sterke sociale samenhang is. Dat biedt een goede basis om samen met burgers en professionals tot innovatieve oplossingen te komen. Als we weten wat het dorp zelf wil en kan, kan de gemeente het door haar gesteunde aanbod van activiteiten, zorg en ondersteuning optimaal aan laten sluiten bij de vragen die zich in het dorp daadwerkelijk aandienen. Per activiteit beschrijven we daarom in dit hoofdstuk: 1. Hoe sluit het aan bij het oplossend vermogen van het dorp: wat zou het dorp willen en kunnen doen? Als bewoners iets wel ‘willen’ maar niet ‘kunnen’ oppakken, vraagt dit immers om een andere inzet van de gemeente dan wanneer zij het zelf ook kunnen uitvoeren.
De inschatting van het oplossend vermogen zoals die in dit activiteitenoverzicht wordt gegeven (wat kan en wil het dorp) is gemaakt op basis van de gesprekken met sleutelfiguren in het dorp; dit zal in een latere fase nog wel getoetst moeten worden bij een bredere vertegenwoordiging uit het dorp. 2. Het speelveld waarin de activiteit plaatsvindt. Staat de bewoner aan het roer? Of gaan alle partijen samen aan de slag? Of arrangeert de gemeente en kiest de bewoner van welke aanbieder hij gebruik maakt? Of subsidieert de gemeente een activiteit? In een latere fase wordt bekeken welke financiële middelen per activiteit nodig zijn en welk instrument de gemeente inzet om de samenwerking vorm te geven.
Doel 1: Voorzieningenniveau verbeteren Activiteit: ontwikkeling van een plek voor diensten en voorzieningen; met een laagdrempelige voorziening voor ontmoeting en dagbesteding Bewoners zijn al bezig met het ontwikkelen van een multifunctioneel centrum in Valburg. Hier kunnen gezondheidszorgvoorzieningen als een prikpost, spreekuur huisarts en fysiotherapie een plek vinden. Ook wordt er ruimte geboden aan diverse verenigingen. Het MFC is dé ruimte voor activiteiten die in het dorp plaatsvinden, waaronder welzijnsactiviteiten als Breek de Week. Er wordt een laagdrempelige voorziening voor ontmoeting en dagbesteding georganiseerd. Wat zou het dorp kunnen doen: Een aantal dorpsbewoners werkt aan de realisatie van het MFC, inclusief de exploitatie. Zij werken daartoe een businesscase uit en betrekken de noodzakelijke partners die hun activiteiten in het MFC onderbrengen. De bewoners vervullen een actieve rol in de exploitatie, zoals bemensing van de bar, enz. Bewoners worden uitgenodigd om ideeën in of vanuit het MFC verder vorm te geven. Verenigingen brengen zoveel mogelijk hun activiteiten daadwerkelijk onder in het MFC.
3
Wat vraagt dit van maatschappelijke partners: Welzijn: onderbrengen van activiteiten in het MFC, zoals Breek de Week en Eetcafé. Samen met bewoners een laagdrempelige voorziening realiseren voor ontmoeting en dagbesteding. Zorgverleners: prikpost, spreekuur en behandelingen in MFC aanbieden. Wat vraagt dit van de gemeente: De gemeente begeleidt de bewoners al bij de realisatie van het MFC; financiering MFC via een subsidie; bewonersactiviteiten blijven ondersteunen via kleine subsidies indien nodig. (Ruimtelijke) procedures om realisatie mogelijk te maken (omgevingsvergunning, bestemmingsplan) Aanjagen van slimme combinaties van functies Speelveld: “samen aan de slag” + “inwoners aan zet” voor activiteiten die in / vanuit MFC plaatsvinden Welke ideeën zijn er nog meer om het voorzieningenniveau te verbeteren: Onderzoeken hoe bestaande voorzieningen versterkt kunnen worden, door slimme combinaties van functies te bedenken. (Bijv. het inrichten van een afhaal- en inleverpunt van de bibliotheek in de dorpssupermarkt of de inzet van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt in de winkel om extra middelen te genereren) Samen met bewoners andere nieuwe voorzieningen ontwikkelen, zoals een zorgcoöperatie, vervoersdienst, enz.
Doel 2: Ouderen kunnen langer op prettige wijze in Valburg blijven wonen Activiteit: Kleinschalige woonvoorziening voor langdurige zorg Om het mogelijk te maken om oud te worden in Valburg - ook als de gezondheid je in de steek laat - is een woonvoorziening waar zorg geleverd wordt welkom. Te denken valt aan een beschutte woonvorm waar zorg en ondersteuning wordt geboden. Wat zou het dorp kunnen doen: in overleg met de gemeente, op zoek gaan naar een locatie. Met zorg- en vastgoedpartijen verkennen wat de mogelijkheden zijn en welke eisen aan een gebouw gesteld worden. Samen met deze partijen een haalbaarheidsplan opstellen. Wat vraagt dit van maatschappelijke partners: Woonstichting Valburg of andere vastgoedpartij: realisatie en verhuur van de woonvoorziening. Zorgverleners: meedenken bij realisatie (uitgangspunten gebouw, huur, enz.); mede-opstellen van een haalbaarheidsplan; bieden van zorg. Wat vraagt dit van de gemeente: Begeleiden van de bewoners bij de realisatie van de woonvoorziening; Locatie en ruimtelijke procedures regelen. Speelveld: “samen aan de slag”
4
Activiteit: Mantelzorgers werven Om het reservoir aan mantelzorgers uit te breiden, stimuleren ambassadeurs andere bewoners om mantelzorg te gaan bieden. Er is bijzondere aandacht voor jongeren, omdat zij het bieden van mantelzorg minder vanzelfsprekend vinden. Wat zou het dorp kunnen doen: Een aantal mantelzorgers wordt - in samenwerking met maatschappelijke partners - opgeleid tot ambassadeur en gaat mantelzorgers werven. Wat vraagt dit van maatschappelijke partners: Welzijn: wervingsmethoden ontwikkelen en ambassadeurs opleiden en begeleiden Wat vraagt dit van de gemeente: Vanuit het Knooppunt mantelzorg worden al mensen geworven. Het knooppunt kan indien nodig steun bieden om bijvoorbeeld wervingsmateriaal te maken dat door bewoners kan worden gebruikt. Het Knooppunt kan nog meer dan nu aandacht besteden aan het betrekken van jongeren bij mantelzorg. Speelveld: “samen aan de slag” Welke ideeën zijn er nog meer om langer in Valburg blijven wonen mogelijk te maken: Pilot om zorg op afstand te organiseren met domotica zoals beeldbellen. Vrijwilligers trainen in het herkennen van ‘zorgsignalen’ van ouderen. Bundelen van krachten van organisaties, waarbij bewoners en organisaties elkaars kennis en mogelijkheden beter benutten. Senioren verleiden om zelf hun woning aan te passen, via de inzet van ambassadeurs (bewoners die zelf hun woning al aangepast hebben).
Doel 3: Inzet vrijwilligers vergroten en verbreden Activiteit: Nieuwkomers en mensen die niet of nauwelijks actief zijn werven / betrekken Om de betrokkenheid van nieuwkomers in het dorp te vergroten, benaderen het dorp en de maatschappelijke partners hen gericht en vragen hen om activiteiten mee te organiseren. Wat zou het dorp kunnen doen: Nieuwe bewoners krijgen een welkomstpakketje en hen wordt verteld wat voor verenigingen en activiteiten er zijn in Valburg. Ze worden uitgenodigd om bij verenigingen en activiteiten langs te komen. Daarnaast worden via school ouders en kinderen geworven voor vrijwilligerswerk. Wat vraagt dit van maatschappelijke partners: School: kinderen en hun ouders stimuleren om activiteiten mee te organiseren en om lid te worden van een vereniging. Wat vraagt dit van de gemeente: Goed kijken naar bestaande projecten en aanvullen, zoals:
5
Bewoners die vrijwilligers willen werven, krijgen van de gemeente een signaal als er een verhuizing plaats vindt, zodat zij langs kunnen gaan bij nieuwe bewoners; Bestaand budget voor welkomstpakket promoten.
Speelveld: “de gemeente subsidieert” Welke ideeën zijn er nog meer de inzet van vrijwilligers te vergroten en verbreden: Lijst met alle initiatieven, verenigingen, enz. op mededelingenbord / website / dorpskrant Stimuleren dat meer vrijwilligers meedoen aan activiteiten en ondernemers hierbij betrekken. Hen ook waarderen, bijvoorbeeld via een feest. Waarbij jongeren niet vergeten worden! Anders werven van vrijwilligers, omdat het vrijwilligerswerk en vrijetijdsbesteding verandert. Vrijwilligers slimmer inzetten, zoals het fuseren van sportverenigingen in een omnivereniging zodat er maar 1 bestuur nodig is.
Doel 4: Eenzaamheid een halt toeroepen De activiteiten zoals benoemd bij de andere doelen dragen ook bij aan dit doel. Het is daarbij dan wel van belang dat er bijzondere aandacht is voor het betrekken van bewoners die eenzaamheid ervaren. Wat zou het dorp kunnen doen: Bij het organiseren van activiteiten extra oog hebben voor eenzame bewoners, bijvoorbeeld door hen gericht te benaderen om mee te doen. Activiteiten opzetten ter bestrijding van eenzaamheid, zoals een maatjesproject. Bijzondere aandacht besteden aan ouderen en 18 tot 30-jarigen. Wat vraagt dit van maatschappelijke partners: Bij het uitvoeren van hun inzet, in het bijzonder oog hebben voor eenzaamheid en bewoners die dit ervaren verbinden aan hun activiteiten en die van bewoners. Activiteiten organiseren voor eenzamen die geen interesse hebben in deelname aan dorpsactiviteiten. Wat vraagt dit van de gemeente: bewoners en maatschappelijke partners stimuleren en faciliteren om bovenstaande te doen. Speelveld: “samen aan de slag”
Doel 5: Mantelzorgers ondersteunen Activiteit: mantelzorgers ondersteunen Om overbelasting van mantelzorgers te voorkomen, bieden bewoners en maatschappelijke partners een helpende hand, adviezen en beloning aan. Meer aandacht hebben voor jonge mantelzorgers die in het gezin iemand hebben die lange tijd zorg en ondersteuning nodig heeft. Wat zou het dorp kunnen doen: bewoners die veel mantelzorgers spreken, krijgen training in het signaleren van signalen van overbelasting. Zij houden in de gaten of mantelzorgers het volhouden. Als
6
dit niet het geval is, benaderen zij bewoners die hen kunnen helpen. En ook de dorpsondersteuner of ouderenwerker pakt dit op. Wat vraagt dit van maatschappelijke partners: Welzijn: leert de bewoners die een oogje in het zeil willen houden methoden aan om overbelasting te signaleren. Daarnaast beheert zij een mantelzorgknooppunt, met dorpsondersteuner of ouderenwerker. Zij zijn een luisterend oor, vraagbaak en organiseren ondersteuning vanuit het dorpsnetwerk of professionele steun. Zij hebben bijzondere aandacht voor mensen in de risicogroepen (lage sociaal-economische status, alleenstaande ouders, enz.). Wat vraagt dit van de gemeente: Financiering Knooppunt mantelzorg continueren. Aanscherpen opdracht Knooppunt mantelzorg: meer aandacht voor jonge mantelzorgers. Speelveld: “samen aan de slag”
Doel 6: Gezondheid stimuleren Activiteit: wandel- en sportactiviteiten De maatschappelijke partners werven een aantal mensen die graag wandel- of sportactiviteiten willen organiseren, in het bijzonder voor mensen met een lage sociaal-economische status (SES) en ouderen. Zij werven weer anderen om deel te nemen en vragen hen om weer een bekende mee te nemen. Wat zou het dorp kunnen doen: Wandel- en / of sportactiviteit organiseren en hiervoor deelnemers werven via o.a. ’t Kriekske. Sportverenigingen kunnen activiteiten organiseren. Wat vraagt dit van maatschappelijke partners: Welzijn: zoeken van enthousiaste organisatoren, meedenken over welke activiteiten passen bij ouderen. Wat vraagt dit van de gemeente: Ondersteuning bieden aan initiatieven, met focus op initiatieven voor mensen met lage SES en ouderen. Speelveld: “de gemeente subsidieert” Welke ideeën zijn er nog meer om gezondheid te verbeteren: Promotie ‘dorpsommetjes’ Promotie beweegtuin
7
Deel II. Uitgebreide rapportage dorpsprofiel Valburg Op de voorgaande pagina’s trof u de bondige versie van het dorpsprofiel Valburg aan. Omdat dit het resultaat is van een pilot, is ook dit tweede deel toegevoegd. Hierin is de nodige achtergrondinformatie te vinden, zoals de uitgebreide dorpsanalyse en de enquêteresultaten. Deze informatie is van belang voor een eventueel vervolg van de pilot. Dit tweede deel bestaat uit: Beknopte achtergrondinformatie over sociale vraagstukken en publieke gezondheid (hoofdstuk 2). Deze is de onderlegger van de (aanpak van) de dorpsanalyse en het dorpsarrangement. De dorpsagenda Valburg met dorpsanalyse en activiteiten (hoofdstuk 3). Een aanzet voor de dorpsarrangementen (hoofdstuk 4) Stappenplan met een toelichting op de gevolgde werkwijze van het opstellen van het dorpsprofiel ten behoeve van uitvoering in andere kernen. Geleerde lessen zijn hierin opgenomen (hoofdstuk 5). In de bijlagen zijn de enquêteresultaten, het Wmo-gebruik, een overzicht van de in Valburg aanwezige voorzieningen en activiteiten.
1.1 Waarom nieuwe samenwerking? Wat is het dorpsprofiel Deze rapportage is het resultaat van de pilot om een dorpsprofiel voor Valburg op te stellen. Het is een zoektocht naar de wijze waarop de gemeente op een nieuwe manier de samenwerking met burgers en zorgaanbieders binnen het sociaal domein vorm kan geven. Het dorpsprofiel biedt hiervoor de basis. Het gaat in op de maatschappelijke opgaven in Valburg en de mate waarin bewoners, maatschappelijke partners en de gemeente kunnen samenwerken aan oplossingen. Hiermee vormt het dorpsprofiel een kader voor de gemeente om de benodigde samenwerking effectief te organiseren.
Waarom een dorpsprofiel De zoektocht naar nieuwe samenwerkingsvormen volgt uit de ambitie om de gemeente te ontwikkelen tot “een (nog) zorgzame(re) gemeente waarin bewoners (zo lang als mogelijk) zelfredzaam blijven of (weer) worden en waarin bewoners elkaar helpen waar dat nodig is” (Beleidsplan Sociaal Domein, 2017). De gemeente wil dit zo effectief mogelijk oppakken. Het door de gemeente gesteunde dienstenaanbod dient goed aan te sluiten bij de vragen die zich in het dorp daadwerkelijk aandienen. Hierbij is de wens om zowel de rol van de bewoner bij de aanpak van individuele en collectieve opgaven in het sociaal domein te optimaliseren, als ook de samenwerking met en tussen de maatschappelijke partners. Dit moet leiden tot meer keuzevrijheid, het versterken van burgerkracht en het zoveel mogelijk voorkomen van het doen van een beroep op formele zorg. Uitgangspunten hierbij zijn dat zorg, ondersteuning en participatie dichtbij, vindbaar, kwalitatief goed en betaalbaar zijn. Hierbij is een grote(re) betrokkenheid van de bewoners en goede samenwerking met partners in zorg en ondersteuning noodzakelijk. Dan hebben we het over cocreatie en overheidsparticipatie: bewoners bepalen zelf meer en meer hoe hun zorg en ondersteuning eruit moeten zien. De gemeente werkt ‘opgavegericht’, wat betekent dat zij zich richt op de opgaven die voor ieder dorp specifiek zijn.
Dit betekent dat de inzet van gemeente en maatschappelijke partners in het ene dorp anders kan zijn dan in het andere dorp: omdat de vraagstukken van dorp tot dorp verschillen,
8
maar ook omdat de (collectieve) zelfredzaamheid en dus het oplossend vermogen van de bewoners verschilt van dorp tot dorp. De gemeente zorgt tot slot voor een vangnet waar nodig. Dit alles moet leiden tot preventie, langer thuis wonen, doorontwikkeling van algemene voorzieningen en afschalen van de zorg. Deze werkwijze en uitgangspunten volgen uit het beleidsplan Sociaal Domein en de nota Samenspel, en sluiten nauw aan op het nieuwe coalitieakkoord.
Dorpsagenda Om de inzet van de gemeente en formele partners te bepalen en aanknopingspunten te vinden voor die nieuwe samenwerking, is het van belang om een goed beeld te hebben van de (sociale) vraagstukken die spelen in de verschillende kernen van de gemeente en van de veerkracht en vitaliteit van de dorpen. Dit zijn essentiële factoren voor het zelforganiserend en oplossend vermogen van de dorpsgemeenschap. De gemeente wil weten hoe dit in kaart te brengen is. Daartoe is een werkwijze ontwikkeld. Het resultaat hiervan is te lezen in de dorpsanalyse (hoofdstuk 3). Samen met vertegenwoordigers uit het dorp en maatschappelijke partners is op basis van deze analyse een dorpsagenda met activiteiten opgesteld (hoofdstuk 3 en vooral deel I) om het doel te bereiken: een zorgzaam dorp waarin bewoners zo lang als mogelijk zelfredzaam blijven of (weer) worden en waarin bewoners elkaar helpen waar dat nodig is.
Dorpsarrangement De activiteiten uit de dorpsagenda dienen te worden vertaald in een zogenoemd “dorpsarrangement” (hoofdstuk 4). Per activiteit is bekeken wat bewoners en maatschappelijke partners al dan niet gezamenlijk kunnen oppakken en welke rol van de gemeente hieraan ondersteunend is (zie deel I). Aan de hand hiervan kan de gemeente bepalen welk instrument zij inzet om te zorgen dat het door de gemeente gesteunde aanbod van activiteiten, zorg en ondersteuning in het sociaal domein goed aansluit bij de vragen die zich in het dorp daadwerkelijk aandienen en dat deze zo effectief mogelijk georganiseerd worden.
9
2 Sociale vitaliteit, welzijn en buurtparticipatie De gemeente Overbetuwe wil dat bewoners een actieve rol op zich nemen bij het bieden van oplossingen voor maatschappelijke vraagstukken. Uit onderzoek weten we dat niet alle bewoners in dezelfde mate in staat zijn om een dergelijke rol op zich te nemen, en dat ook op het niveau van dorpsgemeenschappen grote verschillen bestaan in de mate waarin mensen in staat zijn en bereid zijn om dat te doen. Een dorpsanalyse die dient als onderlegger voor een dorpsagenda moet daarom niet alleen een beeld geven van de maatschappelijke vraagstukken die spelen in een dorp, maar ook van de aanwezige randvoorwaarden voor burgerschap en participatie. De mate waarin mensen zich feitelijk inzetten voor hun omgeving, is afhankelijk van hun mogelijkheden (‘kunnen’) en van hun voorkeuren (‘willen’). Uit onderzoek weten we dat verschillende factoren van invloed zijn op het ‘willen’ en ‘kunnen’ van individuele bewoners en dorpsgemeenschappen.
Belangrijke factoren die van invloed zijn op het ‘kunnen’, zijn: Individueel welzijn / kwaliteit van leven: mensen die zich beter voelen, zijn vaker bereid om zich in te zetten voor de gemeenschap Participatie: mensen die al werken of vrijwilligerswerk doen, blijken vaker in staat om ook een rol te spelen bij het oplossen van maatschappelijke vraagstukken Zelfredzaamheid: mensen die in staat zijn om hun eigen problemen op te lossen, zijn vaker bereid en in staat om zich in te zetten voor anderen Of mensen zich ook ‘willen’ inzetten voor (medebewoners in) hun buurt, is natuurlijk afhankelijk van hun persoonlijke drive en motivatie – maar ook van de mate van buurtbinding. Voelen zij zich thuis in en verbonden met hun buurt? En gaan mensen in hun buurt op een prettige manier met elkaar om en weten ze elkaar te vinden in geval van nood? Belangrijk is ook of mensen het gevoel hebben dat hun inzet zinvol is: dat ze werkelijk invloed kunnen uitoefenen op de situatie zoals die is. Bovenstaande factoren – en met name de mate waarin bewoners in staat zijn om persoonlijk invloed uit te oefenen, worden beïnvloed door onderliggende zaken, zoals: Het sociale netwerk van mensen Sociaal-economische status (opleidingsniveau, inkomen) Leefstijl en lichamelijke gezondheid Veerkracht (het vermogen om zich aan te passen) Fysieke leefomgeving Et cetera.
Of mensen het gevoel hebben dat zij invloed kunnen uitoefenen op de situatie zoals die is, hangt onder meer af van de houding die een gemeente inneemt ten aanzien van burgerinitiatieven: worden deze verwelkomd en gesteund door de gemeente, en komt de gemeente de met bewoners gemaakte afspraken na?
Welzijn en kwetsbaarheid Uit onderzoek blijkt een sterk onderling verband tussen zelfredzaamheid, participatie en individueel welzijn – alle zaken waar overheden met hun activiteiten binnen het sociaal domein op willen inspelen.
10
Mensen met een lage SES en een slechtere gezondheid vormen in dit verband risicogroepen: zij hebben vaak een lagere zelfredzaamheid, participeren minder, zijn vaker eenzaam en ervaren minder welzijn. Datzelfde geldt voor alleenstaande ouderen, overbelaste mantelzorgers en mensen die de Nederlandse taal niet machtig zijn. Interventies die gericht zijn op het verbeteren van het onderwijsniveau of de gezondheid, werken dus ook door op het individueel welzijn en de participatie van groepen – en daarmee indirect ook op het vermogen van mensen om zich in te zetten voor de gemeenschap. Werken aan het verbeteren van de gezondheidssituatie en het verminderen van kwetsbaarheid van bewoners dient daarmee een tweeledig doel: enerzijds bevordert het het individueel welzijn en de zelfredzaamheid van mensen, maar daarnaast is het een manier om het oplossend vermogen van de gemeenschap te versterken. De dorpsanalyse die in het kader van dit project is opgesteld, neemt het bovenstaande als uitgangspunt. Er is een vragenlijst uitgezet onder dorpsbewoners en zijn gesprekken gevoerd met sleutelfiguren in het dorp om een beeld te krijgen van hoe Valburg scoort op de verschillende aspecten van sociale vitaliteit – zowel op individueel niveau als op dorpsniveau.
Daarmee bieden we niet alleen inzicht in de belangrijkste maatschappelijke vraagstukken, maar ook in het oplossend vermogen van Valburg: de mate waarin bewoners ‘willen’ en ‘kunnen’ bijdragen aan oplossingen.
11
3 Dorpsagenda Valburg 3.1 Dorpsanalyse De dorpsanalyse geeft een beeld van de (sociale) vraagstukken die spelen in Valburg en van het oplossend vermogen van de bewoners. Het beeld is gebaseerd op een enquête onder dorpsbewoners en gesprekken met sleutelfiguren in het dorp. De analyse vormt de basis voor de dorpsagenda, waarin concrete activiteiten staan benoemd. In de bijlagen is informatie te vinden over onder meer de (toekomstige) bevolkingssamenstelling, het zorggebruik, de enquêteresultaten en de sociale kaart van het dorp. Profiel van Valburg Valburg is een gemoedelijk dorp met een open houding naar nieuwkomers, waar mensen voor elkaar klaar staan en de nodige activiteiten zelf oppakken. Je hoeft je er niet eenzaam te voelen en nieuwkomers horen erbij, als ze bereid zijn deel te nemen aan het lokale sociale leven. Ook naar mensen die zich niet aansluiten, wordt door de buurt omgekeken.
12
3.1.1 (Sociale) vraagstukken in Valburg De (financiële) zelfredzaamheid en gezondheidssituatie van het overgrote deel van de bewoners van Valburg is goed, en een groot deel van de bewoners heeft werk en/of doet vrijwilligerswerk. Bewoners zijn tevreden over de woonomgeving en veiligheid in het dorp. Zorgen zijn er vooral over het voorzieningennniveau en over het voorkomen van eenzaamheid. Aandachtspunten / zorgen:
Voorzieningenniveau past volgens bewoners bij de schaal van Valburg, maar: o
een goede ontmoetingsruimte ontbreekt
o
er zijn weinig gezondheidszorgvoorzieningen
o
voor jongeren is er weinig te doen
o
er is beperkt openbaar vervoer
‘Echt oud worden’ kan niet in Valburg; er is geen woonzorgvoorziening of dagbesteding, het dorp ligt afgelegen en er is beperkt openbaar vervoer beschikbaar. In combinatie met vergrijzing en ‘langer zelfstandig thuis wonen’ kan dit knelpunten opleveren.
Verdwijnen van de loketfunctie voor zorg- en welzijnsvoorzieningen, al was het gebruik laag
Eenzaamheid: één op de tien mensen ervaart een leegte of mist mensen om zich heen.
Isolement van statushouders: zij nemen nauwelijks deel aan activiteiten in Valburg.
Gezondheid: één op zes inwoners van Valburg heeft een langdurige ziekte of aandoening. Dit is overigens ruim lager dan gemiddeld in de gemeente.
De vertraging in de realisatie van een goede ontmoetingsplek / MFC. De energie voor activiteiten dreigt hierdoor weg te ebben en verenigingen zoeken hun heil buiten het dorp.
Onvoldoende woningen voor starters en lagere inkomens
Dalend kindertal risico voor draagvlak verenigingen.
Voorzieningenniveau beperkt De voorzieningen passen volgens bewoners bij de maat van Valburg, maar enkele cruciale voorzieningen ontbreken. Bewoners zijn erg blij dat de dorpssupermarkt terug is, maar uit de enquête blijkt een matige tevredenheid over het aanbod van met name zorgvoorzieningen en openbaar vervoer. Gebrek aan ontmoetingsruimte Inwoners ervaren dat er een gebrek is aan een goede ontmoetingsruimte in Valburg. Mogelijkheden voor ontmoeten zijn randvoorwaardelijk voor het hebben van een lokaal netwerk en een prettige omgang met medebewoners. ’t Kriekske voldoet onvoldoende, diverse activiteiten zijn hier niet mogelijk. Alternatieve locaties voor het onderbrengen van activiteiten en verenigingen zijn vooralsnog niet voorhanden; de samenwerking met de exploitant van het Wapen van Valburg verloopt niet goed en de uitbater van de Viersprong kan lang niet alle activiteiten herbergen. Een aantal dorpsbewoners heeft de handen ineen geslagen om een multifunctioneel centrum (MFC) op te starten. Doordat de realisatie op zich laat wachten, dreigt de energie uit het project te lopen. Voor een nieuw MFC zal opnieuw energie aangeboord moeten worden in de dorpsgemeenschap. Bovendien zijn sommige activiteiten al verhuisd naar een ander dorp, zoals de bridge.
13
Weinig zorgvoorzieningen In Valburg zijn nauwelijks zorgvoorzieningen. Er is bijvoorbeeld geen dagbesteding voor dementerende ouderen in het dorp, en de dichtstbijzijnde huisarts en apotheek zijn in Elst. Uit de gesprekken blijkt een behoefte aan een plek in Valburg waar de huisarts en eventuele andere zorgverleners spreekuur kunnen houden, zodat mensen die minder mobiel zijn minder moeite hoeven te doen om hier te komen. Zeker in het licht van de toenemende vergrijzing is dit een begrijpelijke wens. Het ‘kernpunt’ waar bewoners met vragen over zorg en welzijn terecht konden is onlangs gesloten, onder meer omdat er weinig gebruik van werd gemaakt. Bewoners geven aan dat er desondanks toch behoefte is aan een dergelijke voorziening voor mensen die zelf de weg naar zorg en ondersteuning niet goed kunnen vinden. Elst is voor kwetsbare bewoners ver weg. Hierbij is een aandachtspunt dat Valburgers niet snel komen met vragen en ook niet willen dat andere bewoners van hun problemen weten. Dat stelt eisen aan de vorm die een inlooppunt moet hebben wanneer hier opnieuw voor gekozen wordt: het moet laagdrempelig zijn, informeel en niet-stigmatiserend. Kansen om dit zo in te richten, bijvoorbeeld door het inlooppunt te combineren met een prikpost, kunnen beter benut worden.
Weinig te doen voor jongeren Buiten het verenigingsleven zoals voetbal, wordt er in Valburg weinig voor jongeren georganiseerd. Jongeren geven zelf ook dat er weinig voor hen is. Zelf pakken ze echter weinig op, ze lijken verdeeld te zijn. Hun betrokkenheid bij het dorp is niet hoog. In het panelgesprek met stakeholders en bewoners is besloten om hier geen prioriteit aan te geven in de dorpsagenda. OV en financiële diensten ’s Avonds en in het weekend rijdt er geen bus in Valburg; er is dan wel een belbus beschikbaar maar dit is niet bij iedereen bekend. Het gebrek aan openbaar vervoer is vooral voor jongeren en ouderen lastig; als mensen zelf niet mobiel zijn wordt het lastig om uit het dorp te komen. Bij een deel van de bevolking is hier wel begrip voor. Het dorp heeft geen pinautomaat; ook dit is met name voor ouderen en andere mensen die minder mobiel zijn een probleem. Er zijn in het recente verleden wel pogingen gedaan om een vrijwillige vervoersdienst op te zetten, maar tot nu toe is dit niet goed van de grond gekomen.
Eenzaamheid De interpretatie van eenzaamheid is lastig omdat het sterk persoonsgebonden is. Uit de enquête is af te leiden dat eenzaamheid in Valburg relatief weinig voorkomt. Negen op de tien mensen hebben regelmatig sociale contacten buitenshuis en ruim 95% voelt zich ‘nauw verbonden’ met mensen. Toch ervaart één op de tien mensen (soms) een leegte en mist een even grote groep (soms) mensen om zich heen. Bewoners geven wel aan dat eenzaamheid in het dorp wat lijkt te groeien, zeker onder de groeiende groep ouderen; hun kinderen wonen steeds vaker niet in de buurt en ook algemene ontwikkelingen als de individualisering hebben hun weerslag op Valburg. Voor mensen waar de familie niet in de buurt woont, zal bij een zwaardere zorgvraag eerder een beroep op de Wmo worden gedaan. Ook statushouders vormen in dit kader een aandachtsgroep: zij integreren in (zeer) beperkte mate in de samenleving en zijn bovendien ook financieel kwetsbaar.
Gezondheid In de enquête is alle bewoners ook gevraagd naar hun gezondheid. De overgrote meerderheid van de Valburgers is gezond. Ongeveer één op de zes volwassen bewoners heeft een langdurige ziekte of aandoening, 12% ervaart beperkingen in het dagelijks functioneren als gevolg van gezondheidsproblemen. Ruim 70% voldoet aan de norm voor gezond bewegen en 60% sport wekelijks. Overgewicht komt echter bij de helft van de mensen voor, bij 20% van deze groep is sprake van ernstig
14
overgewicht. Alcoholgebruik is matig te noemen, nog geen 5% drinkt meer dan 15 glazen alcohol per week. Net als elders in het land geldt ook in Valburg dat mensen met een lagere sociaal-economische status (SES) vaker een chronische aandoening hebben. De vergrijzing zal ervoor zorgen dat in de toekomst een groter deel van de bevolking van Valburg te maken heeft met gezondheidsproblemen; dit wordt overigens versterkt door betere gezondheidszorg waardoor aandoeningen steeds vaker chronisch zijn.
Mix leeftijdsgroepen en woningaanbod Er zijn relatief weinig sociale huurwoningen in het dorp, en er is ook weinig koopaanbod in lagere prijsklassen. Dit kan ervoor zorgen dat starters en jonge gezinnen geen plek kunnen vinden in Valburg en het dorp verlaten. Het blijkt overigens dat veel jongeren niet alleen om die reden vertrekken, maar vooral om elders te gaan studeren of werken – hierin is Valburg niet uniek. Op termijn kan hierdoor een gedifferentieerde verdeling van leeftijdsgroepen in Valburg onder druk komen te staan.
Kwetsbaarheid in Valburg Wie zijn de ‘kwetsbaren’ in Valburg? Landelijk en regionaal onderzoek van de GGD toont aan dat er een sterk verband is tussen (ervaren) gezondheid, participatie en sociaal-economische status (opleidingsniveau en inkomenssituatie). Eenzaamheid komt relatief veel voor onder 85+’ers, maar ook onder gezinnen met jonge kinderen en mensen met een chronische ziekte. Uit de enquête in Valburg blijkt dat eenzaamheid relatief veel voorkomt onder: Alleenstaanden en eenoudergezinnen Mensen met een lager inkomen Mensen met een chronische ziekte of aandoening Arbeidsongeschikten, werkzoekenden en mensen die een reïntegratietraject volgen 65’ers en 18-30 jarigen Er is ook een sterke relatie tussen de mate waarin mensen zich eenzaam voelen enerzijds en de mate waarin zij zich betrokken voelen bij hun buurtbewoners en de frequentie waarmee zij een praatje maken met hun buren anderzijds. Opvallend is dat mensen die zich eenzaam voelen, aangeven wel te kunnen terugvallen op familie in geval van nood, maar minder op vrienden of mensen uit de buurt. Mensen die lager scoren op ‘zelfredzaamheid’ zijn relatief vaak 65+ en/of alleenstaand. Hoog opgeleiden zijn over het algemeen zelfredzamer dan lager opgeleiden.
Voor het zelfzorgend vermogen en het zelforganiserend vermogen geldt een vergelijkbaar verband: dit is lager onder 65+’ers dan onder andere leeftijdsgroepen, en lager onder mensen met een lager opleidingsniveau. Een andere groep die als ‘kwetsbaar’ kan worden aangemerkt, zijn overbelaste mantelzorgers. Overbelasting komt vaker voor onder mantelzorgers boven de 45 jaar dan bij jongere mantelzorgers. Er is een sterk verband tussen zelforganiserend vermogen en weerbaarheid en de mate waarin mantelzorgers zich overbelast voelen.
15
3.1.2. Oplossend vermogen in Valburg De collectieve zelfredzaamheid is hoog in Valburg. De betrokkenheid bij het dorp en medebewoners biedt een goede basis om met burgers en professionals in de preventieve zorg tot innovatieve oplossingen te komen. Aandachtspunten / zorgen: Wordt er niet een té groot beroep gedaan op de zelfredzaamheid en inzet van vrijwilligers en buurtbewoners? Zwaardere zorg kan niet door buren of vrijwilligers geleverd worden Opvolging in het verenigingsleven / vrijwilligerswerk De bereidheid om deel te nemen aan activiteiten en leefbaarheidsinitiatieven is wisselend. Houding gemeente is positief, maar (te) afwachtend?
Grote collectieve zelfredzaamheid en participatie Bewoners van Valburg ervaren dat zij een deel van de gemeenschap zijn. Hoewel een belangrijk deel van de bewoners van buiten komt (een derde van de bevolking woont minder dan 5 jaar in het dorp), is de gehechtheid aan het dorp groot. Mensen helpen elkaar en hebben aandacht voor elkaar. Buren houden een oogje in het zeil als mensen op vakantie gaan en spreken elkaar aan bij overlast. Uit de interviews komt het beeld naar voren dat mensen ‘waarmee iets aan de hand is’ wel in beeld zijn bij dorpsgenoten. Het komt echter ook voor dat mensen steun van dorpsgenoten mijden, al dan niet uit schaamte. Rijk verenigingsleven, wisselend enthousiasme voor activiteiten In Valburg is een groot, sterk verenigingsleven. Vanuit de verenigingen wordt niet zozeer de onderlinge steun georganiseerd, wel zorgen ze voor de sociale cohesie die weer voorwaardelijk is voor deze steun. De intensiteit van deelname aan activiteiten en aan het verenigingsleven gaat op en neer. Bij een aantal verenigingen, zoals bij de tennisvereniging, is merkbaar dat het aantal jonge leden daalt, wat het draagvlak uitholt. Dit heeft niet zozeer te maken met een dalend aantal kinderen in het dorp, maar vooral doordat kinderen andere keuzes maken. Ze steeds minder vaak lid van meer dan één vereniging. Mede om deze reden klinkt in Valburg de roep om woningbouw.
De ervaring leert echter dat woningbouw alleen in grote aantallen, gedurende een langere periode, leidt tot een duurzame toename van het kindertal en daarmee tot een groter draagvlak voor verenigingen en voorzieningen. Bovendien is ook in Valburg de landelijke trend zichtbaar dat mensen minder actief zijn binnen hun vereniging. Vanwege toegenomen welvaart en mobiliteit is de keuze aan activiteiten gegroeid. Daarnaast verandert de functie van verenigingen. Voor veel oudere leden staat het verenigingsleven centraal, terwijl het bij jongeren steeds meer draait om de activiteit van de vereniging. Zij nemen als een soort klant de dienst van de vereniging af. Dit ondermijnt de mate waarin leden vrijwilligerswerk willen verrichten. In Valburg is dit ook zichtbaar, het blijkt steeds moeilijker om opvolgers te vinden voor het vrijwilligerswerk.
Langer zelfstandig wonen mogelijk, tot zwaardere zorg nodig is “Je kunt een heel end oud worden in Valburg”, tot het moment dat er meer of zwaardere zorg nodig is. Mensen ondersteunen elkaar voldoende om zelfstandig wonen zonder zware zorgvraag mogelijk te maken. Er zijn de nodige basisvoorzieningen en activiteiten aanwezig, zoals Breek de Week en het eetcafé. Dit is door Forte geïnitieerd en wordt goed opgepakt door dorpsbewoners. Ander aanbod komt minder goed van de grond, zoals de vrijwillige vervoersdienst.
16
Er zijn zorgen over opvolging van vrijwilligers, terwijl de behoefte aan vrijwilligers door de vergrijzing juist groter zal worden. Dit weerspiegelt een landelijke ontwikkeling: vrijwilligers willen zich minder binden aan langdurig vrijwilligerswerk, maar zich liever kortdurend en projectmatig inzetten. Gevolg is dat er veel rust op dezelfde schouders. De vergrijzing biedt overigens ook kansen voor het vrijwilligerswerk, omdat er meer mensen met vrije tijd zijn, die steeds langer gezond zijn. Dorpsbewoners wijzen expliciet op het feit dat zwaardere zorg niet door vrijwilligers geboden kan worden, dit is geen alternatief voor professionele hulp. Juist bij psychosociale problematiek of zwaardere lichamelijke problematiek is professionele expertise noodzakelijk en is inzet van vrijwilligers of buren onwenselijk omdat het vaak over gevoelige privézaken gaat. De vergrijzing, in combinatie met de wens en noodzaak om langer zelfstandig thuis te wonen, stelt niet alleen eisen aan het zorgaanbod maar bijvoorbeeld ook aan de openbare ruimte.
Zijn er voldoende stoepen en zijn deze voldoende breed om met een rollator uit de voeten te kunnen? Zijn er bankjes om uit te rusten van een wandelingetje en een gesprekje aan te knopen met medebewoners? Opmerkelijk is dat veel bewoners het logisch en acceptabel vinden dat ouderen bij afnemende mobiliteit en gezondheid moeten verhuizen naar een kern met meer voorzieningen. Zij vinden het niet reëel om een hoog voorzieningenniveau in een klein dorp te verwachten.
Mate van invloed: rol gemeente roept vragen op Uit de enquête blijkt dat bewoners niet erg tevreden zijn over de mate waarin de gemeente bewoners van Valburg bij activiteiten betrekt of vraagt om een bijdrage aan leefbaarheid te leveren. Ook zijn zij niet zo positief over de houding van de gemeente waar het luisteren naar de mening van bewoners en het stimuleren van initiatieven in het dorp betreft. De scores op deze vragen zijn in Valburg beduidend lager dan in de rest van de gemeente. Uit de gesprekken in het dorp bleek dat de houding van de gemeente als positief maar afwachtend ervaren wordt. Ambtenaren zijn van goede wil maar tonen niet altijd evenveel daadkracht, met de achterblijvende realisatie van het MFC als duidelijkste voorbeeld. Ook al vinden inwoners het begrijpelijk dat ambtenaren aan regels vastzitten, ze vinden het wel frustrerend. Bewoners zijn er niet van op de hoogte dat de gemeente op een nieuwe wijze wil samenwerken met de dorpen. Ook de beschikbaarheid van subsidies voor bewonersinitiatieven (Fonds Maatschappelijke Initiatieven) is niet bekend onder de bewoners. Dit kan wederzijds leiden tot verkeerde verwachtingen. Het traject rondom het dorpsprofiel en de dorpsagenda is bij uitstek geschikt om hier aan te werken.
Zelfredzaamheid is goed Bewoners van Valburg zijn in hoge mate zelfredzaam. Zij kunnen zich goed redden en kunnen in grote mate terugvallen op vrienden en familie in geval van nood. Men weet ook goed zelf hulp in te schakelen. Aandachtspunt is dat de groep met een lagere financiële zelfredzaamheid lijkt te groeien. Dit betreft vaak verweduwde ouderen, maar ook statushouders. Het is de vraag hoe zich dit in de toekomst gaat ontwikkelen: enerzijds groeit de groep ouderen door de vergrijzing, anderzijds heeft de babyboomgeneratie de eigen financiën vaak goed geregeld. Wie zijn dan die dragende krachten, op wie men terug kan vallen? Ongeveer de helft van de Valburgers geeft in de enquête aan zich in het afgelopen jaar ‘intensief’ te hebben ingezet om buren te helpen,
17
voor de leefbaarheid van hun buurt of als vrijwilliger of mantelzorger. Er is een aanzienlijke overlap tussen de groepen: mensen die vrijwilligerswerk doen, geven ook vaak hulp aan hun buren of een familielid en zetten zich vaker in voor de leefbaarheid in de buurt. Het betreft relatief vaak mensen boven de 45 jaar, stellen zonder kinderen en gepensioneerden. Hoger opgeleiden en mensen met een hoog inkomen zijn iets oververtegenwoordigd onder de ‘actieven’. Opvallend is ook het gegeven dat mensen die al lang (meer dan 15 jaar) in Valburg wonen, zich veel vaker inzetten als vrijwilliger, mantelzorger of burenhulp dan mensen die kort (minder dan 5 jaar) in het dorp wonen. Opvallend is dat uit de enquête blijkt dat het bieden van burenhulp - in het bijzonder aandacht geven aan buren in een zorgwekkende situatie - relatief beperkt voorkomt in Valburg (in vergelijking tot het gemeentelijk gemiddelde). In gesprekken met bewoners komt echter een heel ander beeld naar voren, namelijk dat dit juist wél vaak voorkomt. Onderstaande figuur geeft een indruk van de overlap tussen de verschillende vormen van inzet voor de omgeving. 77% van de inwoners van Valburg heeft zich in het afgelopen jaar intensief dan wel incidenteel ingezet voor vrijwilligerswerk, burenhulp en/of activiteiten gericht op de leefbaarheid in de buurt.
Een aanzienlijk deel van de bevolking deed dit op meer dan één van de genoemde terreinen.
De figuur bevestigt het beeld dat het oplossend vermogen van Valburg groot is: een groot deel van de inwoners zet zich in voor de omgeving. De zorgen gaan ook hier dan ook vooral over de toekomst: Zijn er straks nog voldoende inwoners bereid te vinden om zich ook langdurig te committeren aan het doen van bestuurswerk, het organiseren van activiteiten of het bieden van hulp aan de groeiende groep ouderen? Nu al blijkt het soms lastig om voldoende mensen te vinden die activiteiten willen organiseren of bestuurswerk te doen voor de verenigingen. Onder invloed van maatschappelijke trends zoals de toegenomen arbeidsparticipatie van vrouwen, veranderingen in de vrijetijdsbesteding (minder langdurig verenigingslidmaatschap, vaker deelname aan incidentele activiteiten) en de vergrijzing kan het aantal schouders waarop het vrijwilligerswerk rust verder afnemen.
18
3.2 Dorpsagenda: aan welke doelen willen we werken? Op basis van de dorpsanalyse is een aantal doelen bepaald, die de gemeente, maatschappelijke partners en het dorp willen bereiken in de komende jaren. Zij vormen de dorpsagenda. De doelen zijn: 1.
Voorzieningenniveau verbeteren
2.
Ouderen kunnen langer op prettige wijze in Valburg blijven wonen
3.
Inzet vrijwilligers vergroten en verbreden
4.
Eenzaamheid een halt toeroepen
5.
Mantelzorgers ondersteunen
6.
Gezondheid stimuleren
De eerste drie doelen zijn gebaseerd op de vraagstukken die nu of in de toekomst spelen in Valburg en vragen om oplossingen, zoals uit de analyse naar voren komen. Er is ook een aantal doelen geformuleerd die de gemeente dusdanig belangrijk vindt dat ze zijn opgenomen in de dorpsagenda, ook al vloeien zij niet rechtstreeks uit de dorpsanalyse als prangend vraagstuk voor het dorp. Dit geldt voor de doelen 4 t/m 6. In de beknopte versie van het dorpsprofiel (deel 1 van dit rapport) is de reden omschreven waarom wij tot deze doelen komen.
19
4 Dorpsarrangementen Op basis van de dorpsagenda kunnen dorpsarrangementen worden uitgewerkt. Deze zijn bepalend voor de instrumentkeuze van de gemeente: hoe kan zij het dorp en maatschappelijke partners ondersteunen en wat moet zij zelf doen. Ieder dorpsarrangement bestaat uit: 1. Omschrijving activiteit 2. Rol dorp, maatschappelijke partners en gemeente 3. Speelveld 4. Middelen 5. Instrument Op basis van het arrangement kan de gemeente ervoor zorgen dat het door de gemeente gesteunde aanbod van activiteiten, zorg en ondersteuning in het sociaal domein, goed aansluit bij de vragen die zich in het dorp daadwerkelijk aandienen. En ervoor zorgen dat dit zo effectief mogelijk georganiseerd wordt. De arrangementen zijn in deze fase niet volledig uitgewerkt. In deel I is de omschrijving van iedere activiteit te vinden; de rol van het dorp, de maatschappelijke partners en de gemeente en het speelveld. De gemeente bepaalt in een latere fase de middelen en instrumentkeuze. De uitwerking in deel I vormt een eerste aanzet. De activiteiten zijn bepaald op basis van gesprekken met de dorpsraad en een aantal maatschappelijke partners die in Valburg actief zijn. Het is echter goed mogelijk dat andere dorpsbewoners en andere organisaties ideeën hebben voor andere activiteiten die bijdragen aan de zes hoofddoelen uit de dorpsagenda.
Het is dus zaak om de agenda aan het dorp en de maatschappelijke partners voor te leggen als uitnodiging om zelf met voorstellen te komen voor activiteiten. De gemeente kan hier vervolgens waar nodig bij ondersteunen. De reden dat ervoor is gekozen om toch nu al de activiteiten op te stellen – als voorbereiding op de uiteindelijke dorpsarrangementen -, is dat wij wilden onderzoeken of deze werkwijze voldoende zicht biedt op de gewenste samenwerking, middelen en instrumentkeuze van de gemeente.
20
Bouwstenen dorpsarrangementen Ieder dorpsarrangement bestaat uit een aantal bouwstenen. Per activiteit wordt bepaald: 1. Wat willen en kunnen dorpsbewoners zelf doen? Want als bewoners wel ‘willen’ maar niet ‘kunnen’, is een andere inzet van gemeente en maatschappelijke partners gevraagd dan wanneer zij het zelf kunnen:
2. Het speelveld waarin de activiteit plaatsvindt (zie Nota Samenspel). Per activiteit kijken we wat bewoners en maatschappelijke partners al dan niet gezamenlijk kunnen oppakken en welke rol van de gemeente hieraan ondersteunend is. De Nota Samenspel onderscheidt vier speelvelden (deze worden in het kader hieronder nader toegelicht): a. de bewoner aan het roer; b. samen aan de slag; c. de gemeente arrangeert, de bewoner kiest; d. de gemeente subsidieert. Centraal staat het speelveld van de bewoner. Daar omheen zien we drie speelvelden met organisaties (maatschappelijke partners en de gemeente) die in een dienstbare relatie staan naar de bewoner ten behoeve van zijn maatschappelijke activiteiten en deelname. Speelvelden: de Nota Samenspel De gemeente wil binnen de speelvelden de volgende ambities bereiken: a) De bewoner aan het roer: de ambitie is om de maatschappelijke opgaven terug te geven aan bewoner en samenleving. De bewoner krijgt de ruimte om zelf te creëren, zelf te organiseren, zelf zijn ondersteuningsarrangementen samen te stellen en, waar nodig met hulp, deze zelf in te kopen. Instrumenten is het (klassiek) subsidiëren en het maatschappelijk aanbesteden.
b) Samen aan de slag: wij willen, naast de rol van de bewoners zelf, met de inzet van professionals de zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie van onze bewoners daar waar nodig optimaliseren en het beroep op zwaardere zorg voorkomen. Ook willen wij de betrokkenheid van bewoners in en bij de wijk maximaliseren en de participatie - in termen van deelname en inzet- van bewoners versterken. Meerdere organisaties leveren professionals die met elkaar, met de bewoners en met de gemeente inhoud en vorm geven aan een goede basiszorg en -ondersteuning
21
in of dichtbij alle kernen, die laagdrempelig en toegankelijk is. Instrument is maatschappelijk aanbesteden. c) De gemeente arrangeert, de bewoner kiest: in dit speelveld hebben we te maken met een groot aantal professionele 1e en 2e lijninstellingen die op verschillende wijzen producten, diensten of arrangementen bieden ter ondersteuning van bewoners (zowel algemeen toegankelijke voorzieningen als voorzieningen waarvoor een vorm van indicatie of besluit vereist is om toegang te krijgen). Wij willen concurrentie in contractering, geen beperking van het aanbod. Wij willen van een productgericht aanbod en werkwijze naar een vraag- en resultaatgerichte werkwijze. Dit wordt bereidt door een markt te reguleren waarop bestaande, maar ook nieuwe aanbieders worden toegelaten, mits zij voldoen aan een aantal criteria met betrekking tot o.a. kwaliteit. De bewoner kiest zelf zijn aanbieder. Instrument is bestuurlijk aanbesteden. d) De gemeente subsidieert: In dit speelveld willen we het goede behouden en ons laten leiden door de kansen. De vele kleine organisaties in dit speelveld kunnen subsidie blijven ontvangen. De grote subsidieontvangers passen beter in een ander speelveld. Binnen de gegeven gemeentelijke beleidskaders voeren de organisaties in dit speelveld gemeentelijk beleid uit of dragen daaraan bij.
We willen de kansen en mogelijkheden benutten om de maatschappelijke waarde van diverse activiteiten te vergroten. Instrument is klassieke subsidie met een aantal varianten, zoals ledensubsidies, activiteitensubsidies, waarderingssubsidies en startsubsidies. In de Nota Samenspel is een uitgebreide toelichting op de instrumenten te vinden. Bij het bepalen van de rol van de gemeente, kijkt zij naar de volgende aspecten: 3. Bij welke gemeentelijke beleidsdoelen een activiteit aansluit (zie bijlagen). Dit is van belang omdat soms de gemeente een activiteit urgent acht, ook al kijken dorpsbewoners of de maatschappelijke partners hier anders tegenaan. 4. De benodigde middelen. Aan de hand van de activiteit en het speelveld is een indicatie te geven van de benodigde financiële middelen. In deze fase zijn de middelen nog niet toegevoegd. 5. Het instrument dat de gemeente kiest om de samenwerking te ondersteunen. In de Nota Samenspel wordt uitgegaan van diverse vormen van subsidiëren en aanbesteden. Stap 3 tot en met 6 worden uitgewerkt nadat de definitieve dorpsagenda en activiteiten met het dorp zijn bepaald.
22
5 Proces Sociaal Dorpsprofiel Dit rapport is het resultaat van een zoektocht naar de wijze waarop de gemeente op een nieuwe manier de samenwerking met burgers en zorgaanbieders binnen het sociaal domein vorm wil geven. De werkwijze dient herhaalbaar te zijn voor de andere dorpen. Daartoe is een stappenplan toegevoegd met geleerde lessen.
1. Dorpsanalyse Doel: kwantitatieve en kwalitatieve analyse van de leefbaarheid en vitaliteit van Valburg. De dorpsanalyse is het resultaat van “tellen en vertellen”. De volgende stappen zijn uitgevoerd: a) Monitor Sociale Kracht (MSK): alle bewoners ontvingen een brief met het verzoek tot deelname aan de MSK. De monitor biedt inzicht in de sociale context van het dorp en geeft antwoord op vragen als: Wat doen bewoners voor elkaar en voor de gemeenschap en waar zijn ze toe bereid? En hoe zit het met de zelfredzaamheid van bewoners? Ook veiligheid en leefbaarheid spelen een rol. De Monitor Sociale Kracht legt bloot aan welke knoppen de gemeente kan draaien om de sociale kracht te benutten en zo nodig te vergroten. De vragenlijst is verrijkt met enkele vragen over gezondheid, uit de gezondheidsmonitor van de GGD, om nadere uitspraken te kunnen doen op het gebied van gezondheid. b) Companen verwerkte de enquêteresultaten en vergeleek dit waar mogelijk met vergelijkbare gemeenten en de Burgerpeiling “Waar staat Overbetuwe”. Hieruit ontstond een beeld van de sociale kracht van Valburg. Daarnaast zijn ‘objectieve data’ zoals demografische gegevens en gegevens over het zorggebruik in kaart gebracht. c) Via “sneeuwbalgesprekken” zijn uitkomsten uit de MSK getoetst bij dorpsbewoners. Dit gaf de benodigde verdiepingsslag om het verhaal van Valburg te kunnen vertellen.
Op basis van alle informatie is de dorpsanalyse opgesteld. Hieruit blijkt de potentie van het dorp om zelf vraagstukken op te pakken, maar ook waar gaten vallen in de sociale aanpak van het dorp. Dit vormt de basis voor de dorpsagenda. Leerpunt: aan de Monitor Sociale Kracht is een aantal vragen over gezondheid toegevoegd. De inleidende tekst in de brief wekte andere verwachtingen, waardoor respondenten verrast waren over de persoonlijke vragen aan het einde. Dit kan de respons verlagen.
2. Dorpsagenda Doel: dorpsanalyse toetsen en dorpsagenda vormgeven. Werkwijze: we hebben een panel met maatschappelijke partners en de dorpsraad de dorpsanalyse voorgelegd. Met hen scherpten we de analyse aan en werkten we de dorpsagenda uit met de belangrijkste doelen. Per doel vroegen we hen om suggesties aan te dragen voor activiteiten, om het doel te bereiken. Deze activiteiten vormen de basis voor het dorpsarrangement. Leerpunten: er was een grotere opbrengst van het panel mogelijk. Het bleek moeilijk om de vertaalslag van de analyse naar concrete ideeën voor activiteiten te maken. Aandachtspunten: Meer aansluiten bij praktijk van alledag, gerichter vragen stellen.
23
Niet teveel vanuit theoretische modellen werken, maar open dialoog aangaan. Dit pas later modelmatig invullen. ‘Effecten / doelen’ hebben een te hoog abstractieniveau om te bespreken, leidt niet tot prikkelende discussie waar ideeën loskomen. Beperkt je tot een paar doelen en werk deze heel specifiek uit: wat is de interventie, hoe werkt deze precies, welke (neven)effect heeft dit? Juiste mensen er bij: Opbouwwerker, jongerenwerker (poten in de klei); niet (alleen) managementlaag. Ook iemand vanuit onderwijs. Breng mensen met expertise bij elkaar zodat zij een verdiepend gesprek kunnen voeren. Sfeer was goed, er was een goed gevoel; biedt een goede basis om verder te gaan. Belangrijk om vast te houden voor volgende keren: dergelijke bijeenkomsten in dorp organiseren, in plaatselijke kroeg.
3. Dorpsarrangement Doel: vertaling profiel in dorpsarrangement en afwegingskader / beslisboom aanbestedingsvorm. Iedere activiteit is vertaald in een aanzet tot een dorpsarrangement, op basis waarvan de gemeente haar rol kan bepalen. Vervolgens kan de gemeente bepalen welk instrumentarium zij in kan zetten om voldoende inzet van zorg en ondersteuning te garanderen, zoveel mogelijk aangesloten op het dorp. De vertaling van de activiteiten is in samenspraak met de projectgroep gedaan. Het vraagt om een uitnodigende omschrijving richting het dorp. De gemeente kan er zelf vervolgens middelen en instrumenten aan koppelen.
4. Terug naar het dorp De gemeente zal terug moeten naar het dorp om het doel te bereiken dat bewoners een grotere rol innemen in het sociaal domein. Want wat wil het dorp nu zelf echt oppakken? We hebben gesproken met de dorpsraad, maar contact met meer bewoners is noodzakelijk. Het voorstel is om het dorp uit te nodigen voor een interactieve sessie. Hier worden de activiteiten voorgesteld die – indien gewenst – met ondersteuning van de gemeente en maatschappelijke partners worden uitgevoerd. De gemeente kan deze vervolgens vertalen in het arrangement om haar rol en ondersteuning te bepalen. Voor een goede opkomst is het wel van belang om duidelijk te maken dat er middelen en andere vormen van ondersteuning beschikbaar zijn.
24
6 Bijlagen 6.1 Resultaten enquête Sociale Kracht Valburg In januari 2018 is een enquête uitgevoerd onder inwoners van Valburg. Alle huishoudens (van 18 jaar en ouder) hebben een uitnodigingsbrief ontvangen. Om een zo hoog en representatief mogelijke respons te behalen konden inwoners de enquête naar keuze online, op papier of telefonisch beantwoorden. Uiteindelijk hebben 277 mensen de vragenlijst ingevuld; dat is een respons van 35%. Er zijn (in vergelijking met de bevolkingsopbouw van het dorp) relatief weinig 18-29 jarigen en relatief veel 65+'ers onder de respondenten. Om die reden is een weegfactor toegepast, waarbij groepen die ondervertegenwoordigd zijn zwaarder meetellen in de respons - en groepen die oververtegenwoordigd zijn juist minder zwaar. Daarmee zijn de resultaten representatief voor de totale bevolking. Waar mogelijk, worden in dit overzicht ter vergelijking ook de resultaten vermeld van de Burgerpeiling Overbetuwe die in het najaar van 2017 onder begeleiding van de Rekenkamercommissie is uitgevoerd onder inwoners van de gehele gemeente. Verschillen van meer dan 5 procentpunt zijn met een kleurtje weergegeven: groen als Valburg positief afsteekt tegen het gemeentelijk gemiddelde, oranje waar Valburg negatief afsteekt tegen het gemeentelijk gemiddelde. Valburg 1. ZELFREDZAAMHEID
Totaal Overbetuwe (Burgerpeiling)
Zorgen voor zichzelf (% dat (bijna) geen problemen ervaart bij….) -boodschappen doen
97%
-huishoudelijke taken
95%
-administratie/financiën
96%
-het lopen, zitten en gaan staan
96%
-algemene dagelijkse activiteiten
98%
-de opvoeding van de kinderen
99%
-lichamelijke gezondheid
84%
-psychische gezondheid
92%
-het aangaan en onderhouden van sociale contacten
94%
Zelforganiserend vermogen: % dat kan terugvallen op hun van … als zij hulp of zorg nodig hebben -zeker terugvallen op hulp van familie
83%
65%
-zeker terugvallen op hulp van vrienden/kennissen
69%
47%
-zeker terugvallen op hulp van mensen in de buurt
36%
25%
-kan gemakkelijk (altijd/vaak wel) zelf hulp regelen
90%
-kan gemakkelijk (altijd/vaak wel) vrienden, familie of kennissen inschakelen als nodig
81%
25
Weerbaarheid: bent u iemand die… -snel (altijd/vaak wel) van slag is als iets tegenzit
8%
-altijd/vaak wel opziet tegen veranderingen
14%
-gemakkelijk (altijd/vaak wel) de draad oppakt als het even tegen heeft gezeten
92%
-altijd/vaak wel door moeilijke tijden heenslaan
91%
2. PARTICIPATIE
Valburg Overbetuwe
Mate van participatie -% dat werkt of als zelfstandige werkzaam is
73%
-% dat deelneemt aan een opleiding (voltijd)
6%
-% dat vrijwilligerswerk doet
56%
Mantelzorg (% dat zich in afgelopen 12 maanden intensief of incidenteel heeft ingezet voor mantelzorg ...)
38%
-aan een hulpbehoevend gezinslid of familielid
41%
-aan een vriend(in)/kennis
19%
-aan een buurtbewoner
14%
-aandeel mantelzorgers dat zwaar belast of overbelast is
14%
Burenhulp (% dat zich in afgelopen 12 maanden intensief of incidenteel heeft ingezet voor...) -Hulp aan buren
37%
65%
-aandacht voor buren in een zorgwekkende situatie
27%
32%
-vrijwilligerswerk