CConstaterende datOverBetuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

22-05-24.16 Relevant stuk 3, Bijlagenboek bestemmingsplan

Gemeenteraadsvergadering 24 mei 2022, gemeente OverBetuweBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan “Heteren, Park Julianaweide”21.764 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Bestemmingsplan Bijlagen

Heteren, Park Julianaweide

Bestemmingsplan Heteren, Park Julianaweide Gemeente Overbetuwe Status:

Ontwerp

Datum:

Maart 2022

IMRO-Idn: NL.IMRO.1734.0357HTRNjulianawd-ONTD

Heteren, Park Julianaweide

Datum Maart 2022

Correspondentieadres Postbus 11 6662 AA ELST

Telefoon 0481 362 300

E-Mailadres info@overbetuwe.nl

bestemmingsplan Heteren, Park Julianaweide

Bijlagen Bijlage 1

Stedenbouwkundig plan

Bijlage 2

Aanmeldnotitie m.e.r.-beoordeling

Bijlage 3

Bodemonderzoek

Bijlage 4

Akoestischonderzoek

Bijlage 5

Verkennend ecologisch onderzoek

Bijlage 6

Aanvullend ecologisch onderzoek

Bijlage 7

AERIUS-berekening

Bijlage 8

Watertoets

Bijlage 9

Bureauonderzoek archeologie

Bijlage 10

Vooronderzoek NGE

Bijlage 11

Verslag participatietraject

(ontwerp)

1

Heteren Park Julianaweide

a t e l i e r

DUTCH september 2021

Inhoudsopgave Ligging plangebied 3 Uitgangspunten4 Concept5 Stedebouwkundig plan 6 Vogelvlucht7 Woningtypologieën8 Impressie van centrale weide 9 Impressie vanaf de Flessestraat 10 Te slopen bebouwing 11 Perceelsgrootte uitgeefbaar 12 Verkeer Voetgangers 13 Verkeer Auto 14 Verkeer Parkeren 15 Ondergrondse restafvalcontainer 16 PV-panelen17 Materialisering openbare ruimte 18 Groen Bomen  22 Groen Natuurinclusiviteit 24 Beeldkwaliteit Groen, dorps en herkenbaar als ‘Park Julianaweide‘ Beeldkwaliteit Detaillering, kleuren en materialen Beeldkwaliteit detaillering, kleuren en materialen Voorbeeldpaletten Beeldkwaliteit vormgeving Oriëntatie Beeldkwaliteit vormgeving Architectonische accenten Beeldkwaliteit vormgeving Appartementengebouw Beeldkwaliteit vormgeving Woonstoepjes Beeldkwaliteit vormgeving Rijwoningen Beeldkwaliteit vormgeving Afwisselende kaprichtingen Beeldkwaliteit vormgeving Erfscheidingen

2

25 26 27 28 29 30 30 31 31 32

Ligging plangebied Kaart ligging plangebied

Het plangebied ligt in het zuidoosten van Heteren en beslaat zo’n 17.000 m2. Het is naast het zalencentrum en café De Bongerd gelegen. In de directe omgeving zijn een sportveld, twee basisscholen en een winkelcentrum te vinden. Op een iets grotere afstand zijn twee kerken gevestigd.

15 min. lopen

Centrum Heteren

Op de Flessestraat zijn er twee buslijnen aanwezig. Buslijn 56 loopt vanaf Heteren richting Driel en Arnhem. Buslijn 237 is een buurtbus en loopt vanaf Heteren richting onder meer Randwijk, Zetten en Andelst. Ten oosten van de rotonde langs de Achterstraat stopt ook nog buslijn 54 richting Renkum.

5 min. lopen

De A50 is vanuit het plangebied uitstekend bereikbaar. 12 min. lopen

Legenda Sportveld 5 min. lopen

Kerk 1 min. lopen

1 min. lopen

Buurtcentrum/zalencentrum School Winkelcentrum Bus 56 richting Driel en Arnhem

Autoroute Bus 56 richting Heteren centrum (rondje via Steenovenlaan)

Voetgangersroute Busroute Bushalte 0m

Snelweg A50 3 min. met de auto

100 m 50 m

200 m

3

Bus 54 richting Renkum

Uitgangspunten Uitgangspuntenkaart

Te slopen bebouwing Aanvullende groene inham aan Flessestraat De Flessestraat is een brede dorpsstraat met groene inhammen van verschillende dieptes. Hier is een iets diepere groene inham op zijn plaats. Hierdoor kunnen de bestaande volwassen bomen eventueel behouden worden en ontstaat er het begin van een parkachtig groen wijkje. Achterkanten tegen bestaande achterkanten Door de achtertuinen van de nieuwe woningen tegen de achtertuinen van de bestaande woningen te plaatsen worden rommelige en sociaal onveilige situaties voorkomen. Door de grillige vorm van het plangebied kan dit niet op alle plekken gerealiseerd worden. Deze uitzonderingen dienen een mooie groene erfscheiding te krijgen van voldoende hoogte en diepte.

Kamperfoeliestraat

Doorsteek voor voetgangers en fietsers Richting Julianaweg en bestaand sportveld.

Parkeren zo veel mogelijk uit het zicht De groenplekken die als verblijfsgroen worden ingericht dienen gevrijwaard te blijven van parkeren. Parkeerplaatsen dienen zoveel mogelijk achter de bebouwing en op eigen terrein te liggen. Parkeerplaatsen die wél in de openbare ruimte terecht komen kunnen het beste in de buurt van de Bongerd gesitueerd worden.

Julianaweg

P

Flessestraat

Dubbel gebruik weg langs zalencentrum De weg langs het zalencentrum wordt doorontwikkeld naar een groenere woonstraat.

Bebouwing met de voorkant naar de Flessetraat De Flessestraat is een mooie dorpsstraat. Door de bebouwing aan de oostkant van het plan op deze straat met haar brede groenstroken te oriënteren, wordt het groen geen anonieme reststrook, maar onderdeel van een gebruikte buitenruimte. Bebouwing met de voorkant richting zalencentrum De weg langs het zalencentrum verandert naar een groenere woonstraat. Dat de voorkant van de bebouwing langs deze straat zich oriënteert richting het noorden is onderdeel daarvan. 0m

Boterhoeksestraat

40 m 20 m

80 m

4

Concept Stap 1 Door het plangebied zal een verkeerslus ontworpen worden die het autoverkeer zal ontsluiten en het midden van het plangebied vrij zal spelen.

Kamperfoeliestraat

Julianaweg

In dit vrijgespeelde gebied zullen twee groenvoorzieningen komen. De grootste komt langs de Flessestraat, een kleinere groenvoorziening zal in het midden van het plangebied komen.

Flessestraat

Stap 2

Stap 3 De bebouwing zal bestaan uit een centraal bouwblok, geörienteerd op de beide groenvoorzieningen. Aan de randen zal er bebouwing komen die op het plangebied geörienteerd zullen zijn.

Boterhoeksestraat

stap 1 Één lus

stap 2 Centraal groen + Flessestraat groen

stap 4 Parkeerhoven = groene straten

stap 5 Spelen, ontmoeten, wadi’s en wandelpad Julianaweg

Stap 4 Het parkeren zal voornamelijk op eigen terrein en op binnenplaatsen worden opgelost. Hierdoor ligt het parkeren zo veel mogelijk uit het zicht en is er in de openbare ruimte meer plaats voor recreatie. Stap 5 Het verblijf in de openbare ruimte zal op meerdere manieren ingevuld worden. Zo wordt er een langzaamverkeersroute ontworpen die de Flessestraat met de Julianaweg verbindt. Bovendien komen er meerdere speelvoorzieningen. stap 3 Centraal bouwblok en rug-aan-rug tuinen aan de rand

5

Stedebouwkundig plan Plankaart

De uitgangspunten en het concept hebben geresulteerd in het hiernaast afgebeelde ontwerp. Het centraal in het plangebied gelegen bouwblok bestaat uit 20 rijwoningen en 19 appartementen. Het parkeren vindt voornamelijk op het binnenterrein plaats. Het appartementengebouw is onder andere georiënteerd op de Flessestraat en vormt een belangrijk herkenningspunt. De bebouwing aan de Flessestraat is tevens gericht op het tussen de Flessestraat en de bebouwing gelegen groen. In deze groenvoorziening zijn bestaande bomen opgenomen. Rondom deze bomen zijn wadi’s ontworpen die fungeren als speel- en verblijfplekken, maar bij regenval dienen als wateropslagpunten. Hetzelfde geldt voor het ten westen van het centraal gelegen park. In het noordelijke deel van deze groenvoorziening is een speelvoorziening voor kinderen van nul tot zes jaar ontworpen. De bebouwing aan de randen van het plangebied bestaat uit 5 rijwoningen aan de noordzijde, 2 twee-onder-éénkapwoningen aan de westzijde en 6 twee-onder-éénkapwoningen en twee vrijstaande woningen aan de zuidzijde. Deze woningen zijn ontworpen met de achtertuinen richting de bestaande bebouwing. Hierdoor ontstaat een geleidelijke overgang tussen de twee. Hoewel de verkeerslus een tweerichtingsweg is, is de weg drie meter breed.

Auto’s kunnen elkaar passeren door even gebruik te maken van het trottoir-à-niveau van anderhalve meter aan weerszijde van de straat. De totale weg is dus zes meter breed. De wandelstroken worden afwijkend gematerialiseerd. De optisch smalle ontsluitingsweg geeft een kleinschalige, dorpse uitstraling en zal leiden tot een lage snelheid, wat op zijn beurt resulteert in een zeer kindvriendelijke buurt. Park Julianaweide zal een buurt worden met een zeer groene uitstraling, waar volop ruimte is voor ontspanning en recreatie. De informele, dorpse sfeer zal een prettig leefklimaat met zich meebrengen en een kwaliteitsimpuls voor het plangebied en de omgeving betekenen.

0m

20 m 10 m

40 m

6

Vogelvlucht Vogelvlucht impressie

De kapvormen zijn indicatief.

7

Woningtypologieën Vogelvlucht woningtypologieën

In het plangebied zijn verschillende woningtypologieën ontworpen, bestaande uit 2 vrijstaande woningen, 8 twee-onder-een-kap woningen, 25 rijwoningen en 19 appartmenten. Dit diverse aanbod zal voor een levendige en gevarieerde buurt zorgen. De variatie in kappen zal resulteren in een duidelijke woningoriëntatie, maar zal bovendien bijdragen aan de informele, dorpse sfeer van de buurt.

Legenda 2 vrijstaande woningen 8 twee-onder-een-kap woningen 25 rijwoningen 19 appartementen + 54 woningen

De kapvormen zijn indicatief.

8

Impressie van centrale weide Impressie vanaf ontsluitingsweg

Dit beeld is bedoeld om een indruk te geven van de beoogde sfeer van dit plan. Verschillende aspecten komen daardoor niet 100% overeen met de details van het huidige plan. De indeling en materialisering van de weg is bijvoorbeeld al preciezer uitgewerkt. Zie het hoofdstuk over materialisering.

9

Impressie vanaf de Flessestraat Impressie vanaf Flessestraat

Dit beeld is bedoeld om een indruk te geven van de beoogde sfeer van dit plan. Verschillende aspecten komen daardoor niet 100% overeen met de details van het huidige plan. De indeling en materialisering van de weg is bijvoorbeeld al preciezer uitgewerkt. Zie het hoofdstuk over materialisering.

10

Te slopen bebouwing Kaart te slopen bebouwing

25 m2

Te slopen schuur

Deels te slopen gebouw

339 m2

Te slopen gebouw

11

1.007 m2

Perceelsgrootte uitgeefbaar VO-1 0 5

Kaart perceelsgrootte

282 m2

147 m2

p.p Telbaar 17,0 3,0 1,7 88,0 4,0 1 1 3 ,7

146 m2

anvtseteenl v(t+ eee) lv/(e+tee)l w /(P+tea)eirn/kwietge ri(nw p-)i:lgeaian(t-is)g:en(-)t:e v eel0(,+6) /0p,at6erk0w pe, 6eaerip n kpeliagerark(tp-es)le:anraptslaeantsen houding rverhouding keerverhouding Defacto parkeerverhouding 2,2 2,2 pp/won. 2,2 pp/won. pp/won.

Telratio 0,85 0,50 0,85 1,00 1,00

145 m2

p.p. p.p.p.p. p.p p.p p.p.p.p Telbaar In Telbaar ontwerp Telbaar anotsnientnwoienrtpw o netrw p Pearprkeerp laatsenIn iontwerp n In o nontwerp tIn w eontwerp rp Telratio Telratio Telratio nubbele le(dubbele oprit,oprit, zonder oprit, zonder Eigen garage) zonder terrein garage) garage) (dubbele 20 oprit, 20 20 zonder 0,85 garage) 0,850,85 17,017,0 2017,0 ange noprit, (lange oprit, zonder oprit, zonder garage Eigen zonder garage terrren )garage ) (lange ) 6oprit,6 zonder 6 0,50 garage 0,500,50 ) 3,0 3,06 3,0 enkele oprit, (enkele oprit, zonder oprit, zonder Eigen garage) zonder garage) terrein garage) (enkele2oprit, 2 zonder 2 0,85 garage) 0,850,85 1,7 1,72 1,7 ren Haaksparkeren 88 88 88 1,001,001,00 88,088,0 8888,0 ren Langsparkeren 4 4 4 1,001,001,00 4,0 4,04 4,0 1 1 3 ,171120 31, 71 3 , 7 120 120120

Uitgeefbare grond (gem per woning) 394 m2 303 m2 201 m2 142 m2 131 m2 36 m2

287 m2

p.p. p.p.p.p. p.p. Uitgeefbare Uitgeefbare Uitgeefbare grond grond grond anrtestaeelnisreteraelirnseearleisnePraernkeerp laatseAantal n teAantal rewon. aAantal lisewon. renParkeernorm won. Parkeernorm Parkeernorm Nodig Aantal Nodig Nodig won. Uitgeefbare Uitgeefbare Parkeernorm Uitgeefbare grond grond grond Nodig (gem(gem per(gem Uitgeefbare woning) per per woning) woning) grond ning woning Vrijstaande woning 2 2 2 2,7 2,7 2,7 5,4 5,42 5,4 7882,7 788 m2 788 m2 m2 5,4 394 394 m2 394 788 m2 m2 m2 ningen en 2^1 kapwoningen 8 8 8 2,6 2,6 2,6 20,820,8 820,8 24262,6 2426 m2426 m2 m220,8 303 303 m22426 303 m2 m2 m2 gen kt markt naast markt naast Bongerd naast Bongerd Rijenwoningen Bongerd markt5 naast 5 Bongerd 5 2,4 2,4 2,4 12,012,0 512,0 10072,4 1007 m21007 m2 m212,0 201 201 m21007 201 m2 m2 m2 gen kt markt Bouwblok markt Bouwblok Bouwblok Rijenwoningen markt 16Bouwblok 16 16 2,4 2,4 2,4 38,438,4 1638,4 22752,4 2275 m2275 m2 m238,4 142 142 m22275 142 m2 m2 m2 gen sociaal al sociaal Rijenwoningen sociaal 4 4 4 2,0 2,0 2,0 8,0 8,04 8,0 5252,0 525 m2 525 m2 m2 8,0 131 131 m2 131 525 m2 m2 m2 nten Appartementen 19 19 19 1,5 1,5 1,5 28,528,5 1928,5 6821,5 682 m2 682 m2 m228,5 36 m2 36 682 m2 36 m2 m2 31, 1 3 , 1 7703 54 54 54 142,6 142,6 142,61 1 3 ,111 54 142,6 7703 m27703 m2 m21 1 3 , 1 7703 m2

0 , 6 p arkeerp laatsen 2,2 pp/won.

125 m2 683 m2

118 m2 118 m2 158 m2 296 m2

158 m2

294 m2

151 m2

305 m2

306 m2

307 m2

204 m2

305 m2

119 m2

12

158 m2

119 m2

40 m

111 m2

162 m2

10 m

Door afrondingsverschillen wijken de totalen in de tabel soms af van de som van de percelen op de kaart.

118 m2

161 m2

20 m

305 m2

111 m2

119 m2

0m

304 m2

118 m2

119 m2

204 m2

392 m2

151 m2

396 m2

Verkeer Voetgangers Kaart verkeer voetgangers

In het ontwerp is een langzaamverkeersroute opgenomen die de Julianaweg met de Flessestraat verbindt. Door het plangebied zijn meerdere noord-zuid verbindingen opgenomen die vrij liggen van de auto ontsluiting.

Legenda Primaire verbinding Secundaire verbinding Achterpaden

0m

20 m 10 m

40 m

13

Verkeer Auto Kaart verkeer auto

Het autoverkeer wordt door het plangebied ontsloten door middel van een verkeerslus. Deze weg is een smalle tweerichtingsweg die het plangebied een knusse, dorpse sfeer geeft. Tevens zorgt de smalle weg voor een lage snelheid, wat resulteert in een veilige buurt. Middels deze ontsluitingsweg zijn de twee ontworpen parkeerhoven te bereiken. Deze liggen uit het zicht. Dit geeft het gebied een rustige, groene uitstraling.

Legenda Primaire verbinding Secundaire verbinding

0m

20 m 10 m

40 m

14

Verkeer Parkeren VO-1 0 5

Kaart verkeer parkeren Parkeerp laatsen te realiseren Vrijstaande woning 2^1 kapwoningen Rijenwoningen markt naast Bongerd Rijenwoningen markt Bouwblok Rijenwoningen sociaal Appartementen

Parkeerp laatsen in o n tw erp Eigen terrein (dubbele oprit, zonder garage) Eigen terrren (lange oprit, zonder garage ) Eigen terrein (enkele oprit, zonder garage) Haaksparkeren Langsparkeren

Aantal won. Parkeernorm 2 2,7 8 2,6 5 2,4 16 2,4 4 2,0 19 1,5 54 142,6

p.p. Nodig 5,4 20,8 12,0 38,4 8,0 28,5 1 1 3 ,1

p.p. In ontwerp 20 6 2 88 4 120

p.p Telbaar 17,0 3,0 1,7 88,0 4,0 1 1 3 ,7

Parkeerp laatsen te v eel (+ ) / te w ein ig (-): Defacto parkeerverhouding

Telratio 0,85 0,50 0,85 1,00 1,00

Uitgeefbare grond 788 m2 2426 m2 1007 m2 2275 m2 525 m2 682 m2 7703 m2

Uitgeefbare grond (gem per woning) 394 m2 303 m2 201 m2 142 m2 131 m2 36 m2

0 , 6 p arkeerp laatsen 2,2 pp/won.

Legenda 28 parkeerplaatsen op eigen terrein 92 parkeerplaatsen op openbaar terrein

0m

20 m 10 m

40 m

15

Ondergrondse restafvalcontainer Voor het appartementengebouw is een ondergrondse restafvalcontainer vereist. De maximale toegestane loopafstand vanaf het appartementengebouw tot de ondergrondse afvalcontainer bedraagt 75 meter. De afstand wordt gerekend vanaf de grens waar het perceel grenst aan de openbare ruimte tot aan de ondergrondse restafvalcontainer. Op de kaart is te zien dat het appartementengebouw ruimschoots binnen de vereiste 75 meter ligt.

75 m

Legenda Perceelsgrens Entree appartementengebouw Maximale loopafstand van 75 meter

0m

20 m 10 m

40 m

16

PV-panelen Kaart duurzaamheid

Op de daken van de woningen zullen zonnepanelen worden gerealiseerd. Hierbij zijn een aantal uitgangspunten opgesteld: 1. Op platte daken (appartementen) liggen de zonnepanelen uit het zicht. 2. Bij de oost-west georiënteerde woningen zullen de zonnepanelen aan de zijde van het parkeerhof liggen, zodat deze vanaf de straat uit het zicht liggen. 3. Bij de noord-zuid georiënteerde woningen liggen de zonnepanelen aan de zuidzijde van de kap. Op deze manier wordt zoveel mogelijk stroom opgewekt. 4. De ligging van de zonnepanelen bij de vrijstaande- en twee-ondereen-kapwoningen is per woning verschillend en afhankelijk van de kapvorm. De woningen worden met een gemiddelde GPR-score van 7,0 gerealiseerd.

Legenda Ligging zonnepanelen

0m

20 m 10 m

40 m

17

Materialisering openbare ruimte De rijweg voor auto’s van de u-vormige weg door Park Julianaweide zal gematerialiseerd worden in een geel-rood-bruine menging van klinkers, waarbij gebakken klinkers het uitgangspunt is. Dit contrasteert met de geasfalteerde Flessestraat en zal daarom de eigenheid van de buurt benadrukken. Tevens zorgt de rode kleur voor een warme, sfeervolle uitstraling. Aan weerszijde van de ontsluitingsweg komen wandelstroken van 1,5 meter. Door deze stroken wordt de ontsluitingsweg optisch versmald, wat de snelheid van het autoverkeer omlaag zal brengen. In deze

strook worden de bestaande rode betonklinkers die voor de Bongerd liggen hergebruikt. Deze worden aangevuld met bruine betonklinkers, zodat er een roodbruine menging ontstaat. De rijbaan en de wandelstroken liggen op hetzelfde niveau. De zijn echter anders gematerialiseerd, waardoor ze voor de gebruiker goed te onderscheiden zijn: een gebakken klinker, in een meer gele mening en een keperverband enerzijds; een betonklinker, in een bruinere menging en een halfsteens verband anderzijds. De exacte uitvoering en materialisering wordt in het inrichtingsplan uitgewerkt. De parkeerplaatsen die aan de u-vormige weg liggen zullen worden uitgevoerd in halfopen verband in dezelfde klinkers als de rijbaan.

De voetpaden zullen worden uitgevoerd in gele gebonden halfverharding, bijvoorbeeld ‘Graustabiel’. Dit geeft een zachte, warme uitstraling die past bij een park. Het is zeer belangrijk dat het materiaal niet ‘naar binnen gelopen‘ wordt de huizen in. De binding in de halfverharding zal dit voorkomen: er treedt dan geen verstuiving op bij droog weer, of verpapping bij nat weer. Mocht het geen gebonden halfverharding gevonden worden die hier naar wens aan voldoet, dan kan een alternatieve ‘parkachtige verharding worden toegepast.

Profiel 1

Profiel 1

18

Het pad naar de Julianaweg en naar het bestaande sportveld aan de Kamperfoeliestraat is een wandelpad van twee meter breed. Omdat deze aan beide kanten grenst aan een bestaande tuin is er een risico dat de respectievelijke eigenaren daar een rommelige erfafscheiding plaatsen en/of deze slecht onderhouden. In dit profiel zijn daarom hagen opgenomen die aan de publieke kant van de erfafscheiding staan. Dit zorgt voor een mooie uniforme uitstraling langs het pad. Ter hoogte van voortuinen hebben deze hagen een heuphoogte, ter hoogte van de zij- en achtertuinen komen deze tot boven ooghoogte. De exacte hoogte wordt in het inrichtingsplan bepaald.

Profiel 2

Het profiel van het toegangslaantje naar het parkeerhof in het midden van het bouwblok is vier meter breed. Dat is breed genoeg voor ruim één auto. Dit past bij de lage hoeveelheid verkeer die hier gebruik van maakt: mocht het uitzonderlijke geval zich voordoen dat er tegelijk auto’s in én uit het parkeerhof willen rijden, dan hoeven ze maar kort op de ander te wachten. De breedte zorgt er ook voor dat auto’s hier niet te snel gaan rijden. Er is aan beide kanten een strook van 0,75m grond publiek gehouden, zodat de weg eventueel verbreed kan worden naar 5,5m mocht dat onverhoopt noodzakelijk blijken.

Profiel 3

Profiel 2

Profiel 3

Parkeren eigen terrein

19

Plankaart materialisering

31

Kaart

32 33 34

35

Materialisering

28 36 t/m 54

27

Gebonden gele halfverharding (bijv. Graustabiel of stabilizer)

26 25

Grijze tegels (halfsteensverband, 30x30cm)

30 29

Grijze klinkers , deels hergebruikt (nu bij Bongerd), deels nieuwe. (keperverband, dikformaat) Betonklinkers: deels rode hergebruikte (nu bij Bongerd), deels bruine nieuwe. (halfsteensverband, keiformaat)

9

24

20

23

19

22

18

21

17

10 11

12

13

5

4

3

14 15

16

Bij voorkeur gebakken klinkers, rood-bruine-gele menging, (keperverband, dikformaat) Grasbetontegels

8

Aansluitingen Flessestraat nader uit te werken.

0m

20 m 10 m

40 m

20

7

6

2

1

Profiel 4

Profiel 4

21

Groen Bomen Foto ligging bomen (bron: Google Maps)

Het is de ambitie van dit plan om zo veel mogelijk bestaande bomen te behouden. Het is immers zonde om volwassen bomen te kappen. De vanuit een ecologisch oogpunt (1: diversiteit in soorten en leeftijden), vanuit een duurzaamheid oogpunt (2: opslag CO2) en vanuit een esthetisch oogpunt (3). Een nieuwbouwwijk oogt immers in het begin vaak kaal omdat het groen nog moet groeien. De aanwezigheid van volwassen bomen helpt daarbij enorm om een wijk snel een minder ‘net gebouwd‘-uiterlijk te geven. Bij de uitwerking van dit stedenbouwkundig plan naar een inrichtingsplan zal een finale selectie gemaakt worden die bepaald welke bomen wel/ niet behouden worden. Deze selectie zal de volgende zaken tegen elkaar afwegen: 1. Is de boom gezond? 2. Is de boom niet te oud of te jong? 3. Staat de boom in op de plek van het mogelijke activiteitenveld en is dit veld belangrijker dan het behoud van deze boom? 4.Kan er bij het behouden van de boom nog altijd voldoende waterberging gerealiseerd worden? 5. Interfereert met het wortelsysteem met nieuwe bebouwing en/ of wegen? Dusdanig dat de overlevingskans van de boom te laag wordt.

8

6 7

4

3

1

5

2

Foto ligging bomen (bron: Google Maps)

17

16

15

14

13

12

10

9 11

22

8

Kaart situatie bomen

Ondankt het zorgvuldige afwegingskader (zie voorgaande pagina), is het onvermijdbaar om een aantal bomen de kappen of te verplaatsen. Bijgaande selectie van welke bomen behouden worden is met name gebaseerd op het formaat van de bomen: de grootste bomen worden behouden. Zoals eerder aangegeven: bij de uitwerking van het inrichtingsplan kan deze selectie nog doorontwikkeld worden door voortschrijdend inzicht. Boom Boom 1 Boom 2 Boom 3 Boom 4 Boom 5 Boom 6 Boom 7 Boom 8 Boom 9 Boom 10 Boom 11 Boom 12 Boom 13 Boom 14 Boom 15 Boom 16 Boom 17 Boom 18 Boom 19

Grootte kroon 6 meter 6 meter 12 meter 12 meter 16 meter 10 meter 13 meter 12 meter 12 meter 12 meter 6 meter 9 meter 6 meter 3 meter 6 meter 8 meter 3 meter 5 meter 5 meter

Wat te doen? kappen kappen behouden behouden behouden kappen behouden behouden behouden behouden kappen kappen kappen kappen kappen behouden kappen kappen kappen

Reden verharding talud wadi afscherming afscherming afscherming ruimte wadi afscherming afscherming afscherming afscherming talud wadi talud wadi eigen terrein verharding eigen terrein afscherming wadi eigen terrein eigen terrein

1

2

3 4

5 6

7 8

19 18

9 10 11

Bomen:

12 13

Nieuwe bomen

14

15 Bestaande bomen activiteitenveld

16 17

Bestaande bomen

Te kappen bomen

23

Groen Natuurinclusiviteit Kaart natuurinclusiviteit

Kleurrijke bloemenweides

Bloemenrijke wadi’s

Bloemenweide in wadi’s

Informele verharding

0m

Natuurlijke elementen

20 m 10 m

40 m

24

Beeldkwaliteit Groen, dorps en herkenbaar als ‘Park Julianaweide‘ De basisambitie van dit plan is om qua bouwkorrel en ‘look & feel’ voort te borduren op het dorpse karakter van Heteren. De algemene signatuur van de architectuur en buitenruimte valt daarom te omschrijven als groen en dorps. Dat dorpse zit hem in de verschillende (kleinschalige) woontypes en in de verschillende soorten openbare ruimte. Daarbovenop biedt de locatie en de grootte van het plan een uitgelezen kans om een extra bijzondere en herkenbare buurt binnen het dorp te maken. Dit zal enerzijds gebeuren door de samenhangende groene parkachtige inrichting en anderzijds door samenhangende architectuur en materialisatie. In dit plan leggen we vast dàt er een coherente architectuur en materialisatie komt, maar de precieze invulling daarvan zal bij de architectonische uitwerking aan bod komen. De hiernaast afgebeelde referentiebeelden tonen het groene karakter en de ‘normaliteit‘ die gezocht wordt in de vormgeving van de gebouwen. Qua materialisering zullen de ontwerpen van de diverse woningtypes een sterke overeenkomst krijgen, zodat iedereen in Heteren naar ‘Park Julianaweide’ zal refereren als ‘dat groene buurtje met die (bijvoorbeeld) rode bakstenen woningen’.

25

Beeldkwaliteit Detaillering, kleuren en materialen Agodorp Ter Apel: historisch voorbeeld samenhang door materialisatie

Wat maakt “Park Julianaweide“ tot een herkenbaar parkachtig wijkje? Zeer gevarieerde wijk Het wijkje kent veel variatie wat betreft soorten buitenruimte, types woningen en bouwkundige elementen zoals kapvormen en kaprichtingen. Deze variatie draagt bij aan de ‘dorpse’ sfeer. Coherentie door groen en materialisatie We willen er een herkenbaar parkachtig wijkje van te maken, waarmee bewoners en dorpsgenoten zich op positieve manier identificeren. Daardoor is de samenhang van de inrichting en architectuur van groot belang. Een groot deel van de herkenbaarheid van deze wijk zit hem natuurlijk in de hoeveelheid groenruimte en de kwalitatieve inrichting daarvan. Echter: de materialisatie van de gebouwen kan de doorslaggevende coherentie brengen die van deze ontwikkeling een echt samenhangend wijkje maakt. Het appartementengebouw kan daarbij afwijken om aansluiting te zoeken met naastgelegen gebouwen van een gelijke schaal. Één materiaalpalet voor alle woningen Het doel is dat er naar deze buurt wordt gerefereerd als ‘dat’ mooie wijkje in het groen. Dit bereiken we onder andere door alle woningen in hetzelfde palet van materialen uit te voeren. Dit palet zal nader worden bepaald in het ontwerp van de woningen. Het zal uit de volgende onderdelen bestaan:

1. Hoofdmateriaal. Dit zal waarschijnlijk baksteen zijn. Bij voorkeur uit de buurt van Heteren om recht te doen aan de historie van baksteenproductie in de regio. 2. Ondersteunend materiaal. (zie voorbeeldpaletten) Dit zal op maximaal (ongeveer) 1/3 van de gesloten geveldelen toegepast worden. De mate van toepassing kan ook variëren tussen de woningen. Dit kan een andere tint of kleur baksteen zijn, maar ook een warm, houtachtig materiaal. 3. Dakpannen. Een donkere dakpan is tegenwoordig een zeer voor de hand liggende keuze om niet te veel contrast op te zoeken met de PV-panelen. 4. Accenten: goten, lijsten, deuren / kozijnen. Hierbij gaat het om materiaal en kleur. Qua kleur kan er natuurlijk onderscheid gemaakt worden tussen draaiende en niet-draaiende delen. Voorbeelden In deze beeldkwaliteitsparagraaf zal het palet nog niet vastgelegd worden. Dat zal bij de vormgeving van de woningen gebeuren. We geven op de pagina’s hierna wel een aantal voorbeelden. Metselwerk Voor het materiaalgebruik wordt uitgegaan van metselwerk als basismateriaal. Door het toepassen van verbijzonderingen in het metselwerk wordt gedifferentieerd en eigenheid gegeven aan een bouwvolume.

Criteria Vormen alle gebouwen in het plan een architectonisch samenhangend geheel? Zijn bakstenen de primaire materialisatie? Is er één samenhangend pallet voor alle gebouwen van het wijkje? 26

Beeldkwaliteit detaillering, kleuren en materialen Voorbeeldpaletten

De getoonde referentiebeelden op deze pagina zijn bedoeld als voorbeelden van een samenhangend materiaalpallet. De beelden zijn niet bedoeld als richtlijn qua architectonische detaillering.

27

Beeldkwaliteit vormgeving Oriëntatie Kaart woningoriëntatie

De oriëntatie van woningen is van belang om de structuur van het plan te benadrukken of te accentueren. De bebouwingsoriëntatie geeft aan waar de ‘voorkant‘ van een woning zit. In de voorkanten zitten de entrees en ramen. Een tweezijdige oriëntatie betekent dus dat er aan de zijkant van het gebouw geen blinde gevel is. Zo is ervoor gekozen om de hoek van het appartementencomplex aan de noordoostzijde een tweezijdige oriëntatie te geven. Dit toont aan dat dit gebouw de overgang tussen de bebouwing aan de Flessestraat en Park Julianaweide is. Hetzelfde geldt voor de bebouwing aan de zuidoostzijde. Om een vergelijkbare reden heeft de hoekwoning aan de westelijke groenvoorziening een tweezijdige oriëntatie. Dit toont het einde van het park aan en geeft een optische begeleiding richting de zuidelijke ontsluitingsweg. Alle bebouwing aan de groenruimtes zijn dus op deze velden georiënteerd. Dit geeft de twee groenruimtes een duidelijke afbakening en zorgt voor sociale controle. Criteria Hebben gebouwen met een tweezijdige oriëntatie voor beide gevels een volwaardig gevelontwerp dat ervoor zorgt dat er geen monotone blinde muren zijn? Hebben gebouwen met een tweezijdige oriëntatie een zijgevel met voldoende openingen?

Legenda Oriëntatie voorzijde Tweezijdige oriëntatie

0m

20 m 10 m

40 m

28

Beeldkwaliteit vormgeving Architectonische accenten Kaart kapvormen

De architectonische accenten dragen bij aan de sfeer, uitstraling en aan de oriëntatie van de woningen. Daarnaast zorgen ze voor variatie in het straatbeeld en kunnen ze gestalte geven aan de buitenruimte. Er is voor gekozen om een aantal hoekwoningen een prioriteit te geven. Door hier bijvoorbeeld een dwarskap toe te passen krijgen deze rijen een duidelijk einde en worden de hoeken van het blok geaccentueerd. Er zijn natuurlijk ook andere manieren om zo’n accent te plaatsen. Vanwege de formele geleding van het volume is de symmetrie zeer belangrijk. Daardoor is het ook voorstelbaar dat er bij deze volumes een accent in het midden geplaatst wordt, (bijvoorbeeld door dwarskap of hoogteaccent). Voor de bebouwing aan de zuidelijke rand geldt dat er geen eentonig straatbeeld moet ontstaan. Dit kan bijvoorbeeld bereikt worden door variaties in de kaprichting. Dit zal resulteren in een gevarieerd straatbeeld en benadrukt de dorpse uitstraling. Criteria De criteria zijn per woningtype uitgewerkt, zie de volgende pagina’s

Legenda Overgang appartementen naar rijwoningen & gezamelijke gestalte richting Flessestraat 1e prioriteit: formele beëindiging volume of symmetrisch accent (bijvoorbeeld door dwarskap of hoogteaccent) 2e prioriteit: mogelijk subtielere beëindiging van bouwvolume (bijvoorbeeld kapvorm, metselverband, accenten etc.) Gevarieerde kaprichting

0m

20 m 10 m

40 m

29

Beeldkwaliteit vormgeving Appartementengebouw

Beeldkwaliteit vormgeving Woonstoepjes

Appartementengebouw Qua vormgeving hoort het appartementengebouw bij twee werelden tegelijk. Enerzijds sluit het aan op de iets grotere korrel die terug te vinden aan de Flessestraat: scholen, het centrumproject en het naastgelegen (sport)zalencentrum & café de Bongerd. Om aan te sluiten bij deze wereld heeft het een volume van drie lagen met een plat dak. Anderzijds is het gebouw natuurlijk ook onderdeel van het nieuwe woonwijkje: specifiek van het centrale bouwblok van het plan. Omdat het qua functie (wonen) hierbij hoort en om een stigma van een woongebouw met sociale woningen te voorkomen, is het belangrijk dat het appartementengebouw hetzelfde gematerialiseerd wordt als de andere woningen. Als onderdeel van centrale bouwblok is het logische als de architectonische geleding van het appartementenvolume verfijnd wordt met richting het ritme van de korte rijen. Naast van de ‘twee werelden’, zijn er nog een aantal andere zaken van belang: een verticale ramen zijn belangrijk voor de doelstelling de kleinere woonkorrel. Daarnaast dienen de appartementen op de begane grond een voordeur te hebben aan de straat- of plantsoenzijde van het gebouw. Tot slot is het belangrijk dat entreehal goed herkenbaar is en meer is dan een verkeersruimte om voldoende cachet te geven aan het gebouw.

Woonstoepjes De woningen die aan het groen staan, zullen geen voortuin hebben, maar een zogenaamd ‘stoepje’. Dit is een dorpse variant van het Delftse stoep. Het betreft een privé stoep met een diepte één meter. Het doel is om de bewoners een verblijfsruimte te geven aan de groene openbare ruimte van park Julianaweide. De privé stoep kan, zoals op de referentiebeelden te zien is, naar eigen behoefte worden ingericht met bijvoorbeeld plantenbakken of bankjes. Qua architectuur is het de uitdaging om verder handen en voeten te geven aan dit dorpse stoepje: hoe zorg je ervoor dat de binnenruimtes hierop aansluiten en hoe kan de entree goed bijdragen aan de overgang naar privéruimtes? Criteria Is het appartementengebouw uitgevoerd in drie bouwlagen en heeft het een plat dak? Heeft het ontwerp een gelaagdheid waarbij het herkenbaar is als één gebouw, maar ook aansluit op de schaal van de wijk? Hebben begane grond appartementen een voordeur aan het groen? Is de entree architectonisch goed herkenbaar als entree? Is de entreehal meer dan enkel een verkeersruimte? Heeft deze bijvoorbeeld cachet door vides en interessante zichtlijnen naar buiten? Sluit de materialisatie van de ‘stoepjes’ aan op de paden van het park? Hebben de ‘stoepjes‘ geen erfscheiding tussen openbaar en privé? Heeft de entree een goed ontworpen overgang van openbaar naar privé? 30

Beeldkwaliteit vormgeving Rijwoningen

Beeldkwaliteit vormgeving Afwisselende kaprichtingen Rijwoningen Om te voorkomen dat de rijwoningen eentonig en enkelzijdig georiënteerd worden, zullen er op verschillende plekken volume accenten aangebracht worden. Dit kan zijn om een prominente hoek te beaccentueren of het einde van een zichtlijn prominent te maken. De uitvoering van deze volumeaccenten is niet vastegelegd en kan op verschillende manieren gerealiseerd worden. De hiernaast afgebeelde referenties dienen daarvoor ter inspiratie. Hierin is bijvoorbeeld te zien dat een tussen- of hoekwoning een andere kaprichting heeft, een verspringing in de rooilijn heeft of een afwijkend volume heeft. Afwisselenden kaprichtingen De vrijstaande- en twee-onder-één-kapwoningen zullen afwisselende kaprichtingen hebben, waarbij het uitgangspunt is dat maximaal twee dezelfde kapvormen naast elkaar mogen voorkomen. Wat resulteert is een afwisselende, informele en dorpse uitstraling. Criteria Heeft het volume een overtuigend begin en einde? Is het geen geëxtrudeerde balk? Hebben vrijstaande woningen en de twee-onder-één-kapwoningen een gevarieerde kaprichting?

31

Beeldkwaliteit vormgeving Erfscheidingen Kaart erfscheidingen

Erfscheidingen hebben een grote invloed op het kwaliteitsgevoel van de woning, openbare ruimte en daarmee de uitstraling van de hele wijk. Aan de belangrijke buitenruimtes worden daarom hoge of lage hagen toegepast. De parkeerhofjes en de achterpaden zijn daarentegen van secundair belang ten aanzien van het kwaliteitsgevoel van de wijk. Het is hier vooral van belang dat er een nette niet-rommelige erfscheiding komt. Deze kunnen dan dus wat soberder uitgevoerd worden. De hagen aan de voorzijde van de woningen hebben een heuphoogte. Hierdoor doet de voortuin mee met de openbare buitenruimte en blijven de woningen zichtbaar. Waar een achtertuin grenst aan een belangrijke buitenruimte mag de haag hoger zijn om de privacy te waarborgen: boven ooghoogte. De erfscheidingen aan de parkeerhoven en aan de achterpaden kunnen soberder uitgevoerd worden, bijvoorbeeld met hederaschermen. Ook voor deze geldt dat deze een hoogte mogen hebben tot boven ooghoogte om de privacy te waarborgen. De erfscheidingen tussen private percelen worden door de eigenaren zelf bepaald en aangelegd. Criteria Hebben de ontwerpen de erfscheidingen in de juiste positie en hoogte?

Legenda Beheer privaat

Beheer publiek Lage haag (heup hoogte) Hoge haag of poort (boven oog hoogte) Sobere groene erfscheiding & poorten (bijv. Hedera scherm) 0m

20 m 10 m

40 m

32

atelier

DUTCH

Architectuur Stedenbouw Landschap De Steiger 24 | 1351 AB Almere Postbus 1181 | 1300 BD Almere T 036 - 533 34 24 | M 06 - 5380 1133 info@atelierdutch.nl | www.atelierdutch.nl www.facebook.com/atelierdutch

15 september 2021 S-HET-2015016 Rob van der Velden David de Kool Bob Hartman

Aanmeldnotitie (vormvrije) mer-beoordeling

Aveco de Bondt BV Burgemeester van der Borchstraat 2, 7451 CH Holten Postbus 64, 7450 AB Holten T +31 548 85 33 33 www.avecodebondt.nl

Rapport project projectnummer projectverantwoordelijke

Ontwikkeling Park Julianaweide te Heteren 193409 Jeroen Hendriks

opdrachtgever

Veluwezoom Verkerk

contactpersoon

S. van der Kamp

status

Definitief

auteur

J.W. Hendriks

paraaf gecontroleerd

R. Arendsen

datum

22 september 2021

referentie

193409_R_HGS_0014

Inhoudsopgave Inhoudsopgave

2

1

Inleiding

3

1.1 1.2 1.3

Aanleiding Toetsingskader Leeswijzer

3 3 3

2

Procedurele en inhoudelijke aspecten (vormvrije) m.e.r. beoordeling

4

2.1 2.2 2.3

Wet en regelgeving Toetsing aan de m.e.r.-verplichtingen Procedure en betrokken partijen

4 5 6

3

De (vormvrije) m.e.r.-beoordeling

7

3.1 3.2 3.2.8 3.2.9

De kenmerken en plaats van de activiteit Kenmerken van het potentiele effect Externe veiligheid Verkeer

7 11 15 15

4

Beoordeling van de effecten

15

datum

22 september 2021

referentie

193409_R_JHS_0014

1

Inleiding

1.1 Aanleiding Woningstichting Heteren is voornemens op het huidige agrarische perceel aan de Flessestraat te Heteren een woonontwikkeling bestaande uit in totaal 54 woningen te realiseren. Voorgenomen ontwikkeling is niet mogelijk op basis van het vigerende bestemmingsplan ‘Heteren Indoornik’. Voor dit plan is momenteel een bestemmingsplan in voorbereiding, wat het juridischplanologische kader vormt voor het plan. In deze notitie is de toetsing aan het Besluit milieueffectrapportage (m.e.r.) opgenomen. Het Besluit m.e.r. is essentieel om te kunnen bepalen of bij de voorbereiding van een plan of een besluit een m.e.r.-procedure moet worden doorlopen. 1.2 Toetsingskader Uit de eerste toetsing is gebleken dat sprake is van een (vormvrije) m.e.r.-beoordeling (zie hoofdstuk 2). Het bevoegd gezag dient te besluiten of het mogelijk maken van de ontwikkeling al dan niet leidt tot belangrijke/significante negatieve milieueffecten die noodzaken tot het doorlopen van een m.e.r.-procedure (opstellen milieueffectrapportage). Onderhavige rapportage betreft de aanmeldnotitie (vormvrije) m.e.r.-beoordeling op basis waarvan het bevoegd gezag dat besluit kan nemen. 1.3 Leeswijzer In hoofdstuk 2 wordt in de eerste plaats in gegaan op de huidige wet- en regelgeving omtrent milieueffectrapportages. Vervolgens wordt beoogde plan, de activiteit, getoetst aan deze wetgeving.

Hoofdstuk 3 bevat de (vormvrije) m.e.r.-beoordeling. In hoofdstuk 4 worden de conclusies van de (vormvrije) m.e.r.-beoordeling verwoord in een advies aan het bevoegd gezag.

datum

22 september 2021

referentie

193409_R_JHS_0014

P 3/15

2

Procedurele en inhoudelijke aspecten (vormvrije) m.e.r. beoordeling

2.1

Wet en regelgeving

Het voorkomen van aantasting van het milieu is van groot maatschappelijk belang. De m.e.r.procedure is bedoeld om het milieubelang volwaardig en vroegtijdig in de plan- en besluitvorming in te brengen om belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu te voorkomen. Een m.e.r. is altijd gekoppeld aan een plan of besluit, bijvoorbeeld een structuurvisie, bestemmingsplan of omgevingsvergunning. De wettelijke eisen ten aanzien van de m.e.r. zijn vastgelegd in de Wet Milieubeheer en in het Besluit m.e.r.. Voor plannen en besluiten die belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu (kunnen) hebben wordt de m.e.r.-toets doorlopen. Er zijn drie gradaties in de zwaarte van de m.e.r.-toets. Figuur 1 geeft schematisch twee drempelwaarden weer die van belang zijn waarmee wordt beoordeeld of sprake is van: • een directe m.e.r.-plicht of • een (formele) m.e.r.-beoordelingsplicht of • een (vormvrije) m.e.r.-beoordelingsplicht

Figuur 1: schematische weergave m.e.r.-plicht of m.e.r.-beoordelingsplicht

Onderstaand zijn deze drie vormen nader toegelicht: ▪ m.e.r-plicht: voor activiteiten die zijn opgenomen op de C-lijst van het Besluit m.e.r. en de drempelwaarde daarvan overschrijden geldt de directe m.e.r.-plicht. Naast de C-lijst zijn ook plannen waarvoor een passende beoordeling opgesteld moet worden m.e.r.-plichtig en kunnen provincies in een provinciale verordening m.e.r.-plichtige activiteiten aanwijzen. Voor deze activiteiten moet een milieueffectrapportage worden opgesteld om de milieugevolgen van de activiteit op de leefomgeving in beeld te brengen zodat het bevoegd gezag in staat wordt gesteld om de milieugevolgen bij haar afwegingen te betrekken. Voor een zorgvuldige afweging bevat het rapport bovendien alternatieve oplossingen met bijbehorende milieueffecten. ▪ (formele) m.e.r.-beoordelingsplicht of plan-m.e.r.: voor activiteiten die zijn opgenomen op de D-lijst van het Besluit m.e.r. en de drempelwaarde overschrijden geldt de (formele) m.e.r. beoordelingsplicht. Indien de activiteit waarvan de drempelwaarde op de D-lijst wordt overschreden mogelijk wordt gemaakt door middel van een plan (kolom 3), dan geldt altijd en direct de plan-m.e.r.

datum

22 september 2021

referentie

193409_R_JHS_0014

P 4/15

▪

vormvrije m.e.r.-beoordeling: voor activiteiten die zijn opgenomen op de D-lijst van het Besluit m.e.r. maar niet de drempelwaarde overschrijden geldt de (vormvrije) m.e.r. beoordelingsplicht. De procedure en inhoud van de ‘vormvrije’ versie is nagenoeg gelijk aan de (formele) m.e.r.-beoordeling. Dat betekent dat voorafgaand aan de activiteit een besluit genomen moet worden of het opstellen van een milieueffectrapportage al dan niet noodzakelijk is. Dit besluit moet worden onderbouwd door middel van een (vormvrije) m.e.r.-beoordeling die aantoont dat de activiteit geen belangrijke nadelige gevolgen kan hebben voor het milieu c.q. leefomgeving. De inhoud van de beoordeling dient te voldoen aan de criteria zoals opgenomen in ‘bijlage III van de Europese MER richtlijn’. In hoofdstuk 3 wordt hier nader op ingegaan.

2.2 Toetsing aan de m.e.r.-verplichtingen Er is bij onderhavig plan geen sprake van een direct m.e.r.-plicht, voorgenomen activiteiten zijn niet opgenomen op de C-lijst, er hoeft geen passende beoordeling opgesteld te worden en de provincie heeft geen m.e.r.-plichtige activiteiten aangewezen. D-lijst De voorgenomen ontwikkeling betreft de realisatie van in totaal 54 woningen. Deze activiteit valt in kolom 1, onderdeel D11.2: De aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen. In de onderstaande tabel is de volledige tabel behorend bij dit onderdeel uit het Besluit MER overgenomen. Tabel 1: D-lijst, bijlage, besluit Milieueffectrapportage

Kolom 1 Activiteiten D11.2 De aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproj ect met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen.

Kolom 2 Gevallen

Kolom 3 Plannen

Kolom 4 Besluiten

In gevallen waarin de De structuurvisie, De vaststelling van activiteit betrekking heeft bedoeld in de het plan, bedoeld in op: artikelen 2.1, 2.2 en artikel 3.6, eerste lid, 1°. een oppervlakte van 2.3 van de Wet onderdelen a en b, 100 hectare of meer, ruimtelijke van de Wet 2°. een aaneengesloten ordening, en het ruimtelijke ordening gebied en 2000 of meer plan, bedoeld in dan wel bij het woningen omvat, of artikel 3.1, eerste ontbreken daarvan 3°. een lid, van die wet. van het plan, bedrijfsvloeroppervlakte bedoeld in artikel van 200.000 m2 of meer. 3.1, eerste lid, van die wet.

Drempelwaarde kolom 2 De drempelwaarde gaat uit van 2000 of meer woningen. Onderhavig plan voorziet in de realisatie van 54 woningen en blijft daarmee onder de drempelwaarde. Er is derhalve geen sprake van een (formele) m.e.r.-beoordeling, maar wel van een vormvrije m.e.r.-beoordeling. Conclusie Op basis van het vorengaande wordt geconcludeerd dat een vormvrije m.e.r.-beoordeling moet worden opgesteld. Uit de vormvrije m.e.r.-beoordeling zal blijken of niet alsnog een m.e.r.procedure op grond van het Besluit m.e.r. moet worden doorlopen. De vormvrije m.e.r. datum

22 september 2021

referentie

193409_R_JHS_0014

P 5/15

beoordeling wordt aangevraagd door middel van een aanmeldnotitie. De inhoud van de beoordeling dient te voldoen aan de criteria zoals opgenomen in ‘bijlage III van de Europese MER richtlijn’. In hoofdstuk 3 wordt hier nader op ingegaan. 2.3

Procedure en betrokken partijen

Betrokken partijen Bij deze m.e.r.-beoordelingsprocedure zijn de volgende partijen aan te merken als initiatiefnemer en bevoegd gezag. Woningstichting Heteren is initiatiefnemer van onderhavig plan. De gemeente Overbetuwe treedt op als bevoegd gezag. De gemeente moet een bestemmingsplan vaststellen om dit plan mogelijk te maken. Procedure De initiatiefnemer deelt aan het bevoegd gezag mede dat zij voornemens is een m.e.r.beoordelingsplichtige activiteit te realiseren. Dit doet de initiatiefnemer in deze aanmeldingsnotitie waarin zij de benodigde informatie opneemt op basis waarvan het bevoegd gezag een besluit kan nemen over de noodzakelijkheid tot het opstellen van een milieueffectrapportage. Het bevoegd gezag beslist binnen zes weken na ontvangst van deze aanmeldingsnotitie of er al of niet een milieueffectrapportage opgesteld dient te worden. Het vormvrije m.e.r.- beoordelingsbesluit vormt een bijlage bij het te nemen besluit: bestemmingsplan. Er staat bij een m.e.r.-beoordeling geen direct beroep en bezwaar open. Beroep en bezwaar vindt plaats in het kader van de procedure van het te nemen besluit (in dit geval het bestemmingsplan).

datum

22 september 2021

referentie

193409_R_JHS_0014

P 6/15

3

De (vormvrije) m.e.r.-beoordeling

De vormvrije m.e.r.-beoordeling is een toets van het bevoegd gezag (gemeente Overbetuwe) om te bepalen of er bij de voorgenomen activiteit mogelijke belangrijke nadelige milieugevolgen kunnen optreden. De beoordeling dient te worden uitgevoerd op grond van de criteria uit bijlage III van de Europese Richtlijn Milieueffectrapportage. Hierbij gelden drie thema’s: • de kenmerken van het project; • de plaats van het project; • de kenmerken van de potentiële effecten. 3.1 De kenmerken en plaats van de activiteit Bij het kenmerk van het project moet in het bijzonder in overweging worden genomen: A. de omvang van het project; B. de cumulatie met andere projecten; C. het gebruik van natuurlijke hulpbronnen; D. de productie van afvalstoffen; E. verontreiniging en hinder; F. het risico van zware ongevallen en/of rampen, waaronder rampen door klimaatverandering; G. risico’s voor de menselijke gezondheid (bijvoorbeeld als gevolg van waterverontreiniging of luchtvervuiling). Bij de mate van kwetsbaarheid van het milieu in de gebieden waarop het project van invloed kan zijn moet in het bijzonder in overweging worden genomen: H. het bestaande grondgebruik, I. relatieve rijkdom aan en beschikbaarheid, kwaliteit en regeneratievermogen van de natuurlijke hulpbronnen (met inbegrip van bodem, land, water en biodiversiteit) van het gebied, J.

het opnamevermogen van het natuurlijke milieu, met in het bijzonder aandacht voor de volgende typen gebieden: − wetlands, oeverformaties, riviermondingen − kustgebieden − berg- en bosgebieden − natuurreservaten en -parken − gebieden die in de nationale wetgeving zijn aangeduid of door die wetgeving worden beschermd; Natura 2000-gebieden die door de lidstaten zijn aangewezen krachtens Richtlijn 92/43/EEG en Richtlijn 2009/147/EG; − gebieden waar de milieukwaliteitsnormen al niet worden nagekomen − gebieden met een hoge bevolkingsdichtheid − landschappen van historisch, cultureel of archeologisch belang

datum

22 september 2021

referentie

193409_R_JHS_0014

P 7/15

Ad A. de omvang van het project Het plangebied is gelegen aan de Flessestraat in Heteren en heeft een oppervlak van circa 1,82 hectare. Het plangebied is gelegen in het stedelijk gebied van Heteren en wordt aan de oostzijde begrensd door de Flessestraat. Ten westen en zuiden van het plangebied zijn woningen en een autobedrijf gesitueerd en ten noorden van het plangebied bevindt zich een zalencentrum en sporthal.

Figuur 2: Plangebied

In figuur 3 is een situatieschets weergegeven van de toekomstige terreininrichting.

datum

22 september 2021

referentie

193409_R_JHS_0014

P 8/15

Figuur 3: Situatieschets

Het planvoornemen bestaat uit het realiseren van 25 rijwoningen, 19 appartementen, 8 tweeonder-een-kapwoningen en twee vrijstaande woningen. Daarnaast krijgt het woonperceel aan de Julianaweg 13 een nieuwe bestemming waarbij de bedrijfsbestemming van een bestaand bijgebouw gewijzigd wordt naar een woonbestemming. De voorgenomen ontwikkeling vormt naar aard en omvang geen aanleiding voor het opstellen van een milieueffectrapportage.

datum

22 september 2021

referentie

193409_R_JHS_0014

P 9/15

Ad B. cumulatie met andere projecten De realisatie van deze woonwijk betreft een op zichzelf staan project en maakt geen onderdeel uit van een grotere ontwikkelingslocatie. In de directe omgeving van het plangebied zijn geen andere grootschalige ontwikkelingen bekend die kunnen leiden tot een stapeling (cumulatie) van milieueffecten. Ad C. gebruik van natuurlijke hulpbronnen Onder natuurlijke hulpbronnen worden onder andere niet vernieuwbare bronnen, zoals fossiele brandstoffen verstaan, maar ook hernieuwbare bronnen, zoals hout, zon, rubber, drinkwater en zuurstof. Naast de reguliere materialen en hulpbronnen ten behoeve van realisatie van het plan en onderhoud aan de gebouwde omgeving worden geen natuurlijke hulpbronnen verwijderd dan wel gebruikt in het onderhavige plan. De woningen en appartementen worden bovendien niet meer aangesloten op aardgas (fossiele brandstof) en kennen een hoge energieprestatie. Het gebruik van natuurlijke hulpbronnen geeft geen aanleiding aanzienlijke gevolgen voor het milieu te veronderstellen, zodanig dat daarvoor een milieueffectrapportage dient te worden opgesteld. Ad D. de productie van afvalstoffen De productie van afvalstoffen is beperkt tot de bouwafvalstoffen tijdens de realisatie van onderhavig plan en toekomstige huishoudelijke afvalstoffen.

De productie van afvalstoffen vormen naar aard en omvang geen aanleiding voor het opstellen van een milieueffectrapportage. Ad E. verontreiniging en hinder Voor verontreiniging en hinder kunnen diverse aspecten relevant zijn, te denken aan bodemkwaliteit, luchtkwaliteit, waterkwaliteit, geluidhinder, verkeershinder, hinder in de vorm van verstoring van natuurwaarden door bijvoorbeeld stikstof, geluid en licht, etc. Ten aanzien van bovengenoemde aspecten wordt onder paragraaf 3.2, kenmerken van het mogelijke effect, beschreven wat de mogelijk effecten zijn. Ad F. het risico van zware ongevallen en/of rampen, waaronder rampen door klimaatverandering De realisatie en ingebruikname van de woningen en appartementen betreft geen risicovolle inrichting. Er liggen bovendien geen risicovolle inrichtingen in de directe nabijheid van het plangebied. Extreme weersomstandigheden zoals extreme temperaturen en veel neerslag komen steeds vaker voor door de klimaatverandering. Dit geeft aanleiding tot o.a. meer overstromingen op meer verschillende plaatsen, een hoger waterpeil van oppervlaktewateren en aanhoudende periodes van extreme droogte. In paragraaf 3.2.4 wordt daar verder op ingegaan als onderdeel van het aspect water. Ad G.

risico’s voor menselijke gezondheid Er is geen sprake van een vergunning plichtige (milieukundige) inrichting of een inrichting waarop het activiteitenbesluit van toepassing is. Onderhavig plan heeft geen relevante datum

22 september 2021

referentie

193409_R_JHS_0014

P 10/15

emissie van gevaarlijke/verontreinigende stoffen die schadelijk zijn voor de menselijke gezondheid. Ad H. het bestaande grondgebruik Het plangebied beslaat een oppervlak van circa 1,72 hectare en is momenteel in agrarisch gebruik. Binnen het plangebied was een loon- en grondverzetbedrijf aanwezig. Binnen het vigerende bestemmingsplan zijn er binnen het plangebied bedrijven in de categorieën 1 t/m 2 toegestaan. Ad I. relatieve rijkdom aan en beschikbaarheid, kwaliteit en regeneratievermogen van de natuurlijke hulpbronnen (met inbegrip van bodem, land, water en biodiversiteit) van het gebied Gezien het bestaande grondgebruik is er beperkt sprake van natuurlijke hulpbronnen in het gebied. De kwaliteit en het regeneratievermogen is eveneens beperkt. Ad J. het opnamevermogen van het natuurlijke milieu In het plangebied of in de omgeving van het plangebied bevinden zich enkele van de in de opsomming genoemde (potentieel) waardevolle gebieden, te weten: • gebieden die in de nationale wetgeving zijn aangeduid of door die wetgeving worden beschermd; Natura 2000-gebieden die door de lidstaten zijn aangewezen krachtens Richtlijn 92/43/EEG en Richtlijn 2009/147/EG; − Het plangebied is op ca. 1,5 km van de uiterwaarden van de Nederrijn gelegen, deze gronden maken onderdeel uit van het Gelders Natuurnetwerk. Daarnaast is het plangebied op ca.

850 meter van het Natura 2000-gebied Rijntakken gelegen. In paragraaf 3.2.5 wordt ingegaan op de mogelijke effecten van het plan op deze gebieden. • landschappen van historisch, cultureel of archeologisch belang − Het plangebied heeft een hoge archeologische verwachtingswaarde. In paragraaf 3.2.6 wordt ingegaan op de mogelijke effecten van het plan op het archeologisch en cultureel belang. 3.2 Kenmerken van het potentiele effect Bij de potentiële aanzienlijke effecten van het project moeten in samenhang met de criteria van de punten 1 en 2 (de kenmerken van het project en de plaats van het project) in het bijzonder in overweging worden genomen: • de orde van grootte en het ruimtelijk bereik van de effecten; • de aard van het effect; • het grensoverschrijdend karakter van het effect; • de intensiteit en de complexiteit van het effect; • de waarschijnlijkheid van het effect; • de verwachte aanvang, de duur, de frequentie en de omkeerbaarheid van het effect; • de cumulatie van effecten met de effecten van andere projecten; • de mogelijkheid om de effecten doeltreffend te verminderen. Om een beeld te schetsen van de specifieke effecten wordt in de navolgende paragrafen per (milieu)thema het effect weergegeven en wordt vanwege de verwaarloosbare effecten niet specifiek stilgestaan bij de bovenstaande punten.

datum

22 september 2021

referentie

193409_R_JHS_0014

P 11/15

3.2.1 Geluid Met het planvoornemen worden geen functies gerealiseerd die geluid produceren. De geluidbelasting die met de verkeersgeneratie (ca. 355 mvt/etmaal) van de woonwijk gepaard gaat, is zeer gering. Het planvoornemen heeft daarmee geen effect op het milieu of op in de omgeving aanwezige functies. 3.2.2 Bodem Potentiele effecten ten aanzien van bodem zijn niet te verwachten. Er wordt geen activiteit mogelijk gemaakt die een mogelijk bodemrisico met zich mee brengt. Daarnaast is de milieuhygienische kwaliteit van de bodem is in beeld gebracht middels een verkennend bodemonderzoek. Uit dit onderzoek is gebleken dat de bodemkwaliteit geschikt is voor de voorgenomen nieuwbouw. 3.2.3 Luchtkwaliteit Potentiele effecten ten aanzien van luchtkwaliteit zijn met name gerelateerd aan de toename van het aantal verkeersbewegingen die het plan met zich mee brengt. Uit de ‘niet in betekenende mate’ (NIBM) tool blijkt dat het extra verkeer welke ontstaat met voorgenomen ontwikkeling onder de grens van 'niet in betekenende mate' blijft. De bijdrage bedraagt 0,29 µg/m³ aan NO2 en 0,06 µg/m³ aan PM10. Met voorgenomen ontwikkeling vindt er geen significante verslechtering van de luchtkwaliteit plaats.

3.2.4 Water Extreme weersomstandigheden zoals extreme temperaturen en veel neerslag komen steeds vaker voor door de klimaatverandering. Dit geeft aanleiding tot o.a. meer overstromingen op meer verschillende plaatsen, een hoger waterpeil van oppervlaktewateren en aanhoudende periodes van extreme droogte.

datum

22 september 2021

referentie

193409_R_JHS_0014

P 12/15

In de watertoets is onderzocht op welke wijze in het plangebied met het hemelwater omgegaan kan worden om zodoende wateroverlast te voorkomen. Ingezet wordt op waterberging en infiltratie in het openbaar gebied middels wadi’s. Geconcludeerd wordt dat ten aanzien van water geen belangrijke nadelige gevolgen zijn voor het milieu. 3.2.5 Flora en Fauna Potentiele effecten ten aanzien van flora en fauna zijn met name gerelateerd aan soortenbescherming binnen en direct rondom het plangebied en gebiedsbescherming van omliggende natuurgebieden. Soortenbescherming Aangezien de bebouwing in het plangebied potentie heeft als verblijfplaats voor vleermuizen, heeft er vleermuizenonderzoek plaatsgevonden. Daarnaast heeft aanvullend onderzoek plaatsgevonden naar de steenuil. Uit deze aanvullende onderzoeken is gebleken dat de voorgenomen ontwikkeling geen negatief effect heeft op beschermde soorten. Gebiedsbescherming Het plangebied maakt geen deel uit van het Natuurnetwerk Nederland (NNN) of een Natura 2000-gebied. Het dichtstbijzijnde element van het NNN ligt op ongeveer 1,5 km van het plangebied. Er is geen sprake van een afname van het oppervlak, of versnippering van het NNN. In de Provincie Gelderland kent het NNN geen externe werking. Negatieve effecten van voorgenomen ontwikkeling op (wezenlijke kenmerken en waarden van) het NNN zijn uit te sluiten.

Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied is Rijntakken op circa 850 meter. Van oppervlakteverlies en/of versnippering van kwalificerende habitattypen en/of leefgebieden van kwalificerende soorten is geen sprake. Eventuele verstoring door geluid, licht en trilling is niet aan de orde, gelet op de afstand tot het natuurgebied. De emissie van stikstof reikt echter verder vanaf het plangebied. De stikstofdepositie als gevolg van de realisatiefase (realisatie van de woningen en appartementen) en de gebruikersfase (toenemende verkeersgeneratie) is in beeld gebracht middels een AERIUS-calculatie. Uit de berekening blijkt dat vanwege de verkeersgeneratie van het plan er sprake is van een stikstofdepositie van 0,01 mol/ha/jaar op het Natura 2000-gebied Rijntakken. Omdat met deze waarde significant negatieve effecten niet direct kunnen worden uitgesloten, is onderzocht of intern salderen tot de mogelijkheden behoort. Van het totale projectgebied blijkt dat in ieder geval ca. 0,25 ha in aanmerking komt voor intern salderen. Uit de rekenresultaten met betrekking tot de referentiesituatie blijkt dat er vanwege het bemesten van grasland sprake is van een depositie van maximaal 0,06 mol/ha/jaar op de Natura 2000-gebieden ‘Rijntakken’ en ‘Veluwe’.

Wanneer de referentiesituatie met de beoogde situatie wordt vergeleken, blijkt dat er een positieve ontwikkeling ontstaat met betrekking tot stikstofdepositie, met resultaten nergens hoger dan 0,00 mol/ha/j. Voorgenomen ontwikkeling leidt niet tot een overtreding van de verbodsbepalingen uit de Wet natuurbescherming ten aanzien van Natura 2000. Verdere toetsing in de vorm van een datum

22 september 2021

referentie

193409_R_JHS_0014

P 13/15

verslechteringstoets of een passende beoordeling of het aanvragen van een vergunning op grond van de Wet natuurbescherming is niet aan de orde. Geconcludeerd wordt dat ten aanzien van flora en fauna geen belangrijke nadelige gevolgen zijn voor het milieu. 3.2.6 Archeologie en cultuurhistorie Potentiele effecten ten aanzien van archeologie en cultuurhistorie zijn met name gerelateerd aan verstoring van eventueel aanwezige archeologische waarden en aantasting van cultuurhistorisch waardevolle elementen binnen het plangebied. Archeologie Het plangebied heeft een hoge archeologische verwachtingswaarde. Er is een bureauonderzoek uitgevoerd. Uit het bureauonderzoek blijkt dat de archeologische verwachting in het plangebied samenhangt met de ligging op oeverafzettingen van de Herveld stroomrug. De Herveld stroomrug is actief geworden gedurende het Neolithicum en de oevers van de stroomrug zijn mogelijk vanaf dat moment gunstig geweest voor bewoning. In de directe omgeving van het plangebied zijn nog geen vindplaatsen bekend op de oevers van deze stroomrug, maar er zijn wel aanwijzingen bij onderzoeken, die hierop wijzen. In het plangebied kan de aanwezigheid van een vindplaats niet worden uitgesloten. Hierom geldt een hoge archeologische verwachting voor de periode Neolithicum – Late Middeleeuwen.

De verwachting op de Nieuwe tijd is laag omdat het plangebied op basis van topografische kaarten altijd in gebruik is geweest als akker, weiland en/of boomgaard. Het uitvoeren van een booronderzoek is noodzakelijk om de aanwezigheid van archeologische waarden uit te kunnen sluiten. Indien in het bestemmingsplan de archeologische waarde middels een dubbelbestemmingsplan planologisch wordt beschermd, kunnen negatieve effecten worden uitgesloten. Cultuurhistorie Binnen of in de directe omgeving van het plangebied zijn geen cultuurhistorisch waardevolle elementen gelegen welke met voorgenomen ontwikkeling aangetast kunnen worden. Geconcludeerd wordt dat ten aanzien van archeologie en cultuurhistorie geen belangrijke nadelige gevolgen zijn te verwachten als gevolg van de ontwikkeling. 3.2.7 Bedrijven en milieuzonering Potentiele effecten ten aanzien van bedrijven en milieuzonering zijn met name gerelateerd aan de afstand tussen milieuhindergevoelige bestemmingen en milieubelastende activiteiten. Het beoogde plan omvat uitsluitend woonbestemmingen. De functie wonen wordt niet gekenmerkt als een milieubelastende activiteit. Aangezien er grenzend aan het plangebied wel milieubelastende functies aanwezig zijn, een sporthal en zalencentrum, is er akoestisch onderzoek uitgevoerd.

Hieruit is gebleken dat de bedrijfsvoering van deze bedrijven door de woningbouw niet wordt belemmerd en dat er ter plaatse van het plangebied sprake is van een goed woon- en leefklimaat. Geconcludeerd wordt dat ten aanzien van bedrijven en milieuzonering geen belangrijke nadelige gevolgen zijn te verwachten als gevolg van de ontwikkeling. datum

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=OverBetuwe&id=181fb04d-5a2b-4b60-888b-71a45c10f210