CConstaterende datOverBetuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

21-11-07.06 Relevant stuk 1, Programmabegroting 2024 DEFINITIEF

Gemeenteraadsvergadering 7 november 2023, gemeente OverBetuweBij agendapunt: Programmabegroting 202429.216 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

64

65

Conclusie: De ratio van het weerstandsvermogen van de gemeente Overbetuwe is voor 2024 1,94 en daarmee ruim voldoende. In de begrotingsperiode 2024-2027 is echter een dalende tendens waarneembaar als gevolg van een aantal grote investeringen (o.a. Wanmolen Zetten, Multifunctioneel Sport Complex Elst, onderwijs huisvesting) en de verwerking van de mogelijke daling van de algemene uitkering in 2026 en 2027. Uitgaande van de signaleringswaarden, zoals deze door de toezichthouder worden gehanteerd, vallen de ratio’s voor 2024 in de categorie ''neutraal'' en ''minst risicovol''. In 2025 zakt de solvabiliteit al naar de categorie “meest risicovol”. Vanaf 2026 zakt ook de netto schuldquote en de structurele exploitatieruimte naar de categorie “meest risicovol”.

66

III. Onderhoud kapitaalgoederen Inleiding In de openbare ruimte bevinden zich veel zaken die eigendom van de gemeente zijn. Deze eigendommen kunnen als volgt worden ingedeeld: - infrastructuur: wegen, water en riolering - voorzieningen: groen (o.a. bomen), verlichting, sportvelden, speelvoorzieningen - gebouwen: scholen, sport- en welzijnsaccommodaties, huisvesting gemeente en brandweer Al deze eigendommen, die ook wel kapitaalgoederen worden genoemd, moeten door de gemeente worden onderhouden. De door de gemeenteraad vastgestelde kwaliteitsniveaus worden in deze paragraaf toegelicht.

Welke afspraken zijn over het onderhoud van de kapitaalgoederen gemaakt? De gemeenteraad heeft beleids- en beheerplannen vastgesteld die de uitgangspunten bevatten voor dat onderhoud. Het Integraal Kwaliteitsplan Openbare Ruimte (IKP OR) is het beleidsdocument waarin de kwaliteit van de openbare ruimte is vastgelegd. Daarnaast staan de kwaliteitseisen t.b.v. inrichting en beheer openbare ruimte hierin vermeld. Het vervolg is dat er op basis van de beleidsuitgangspunten van het IKP OR de nieuwe integrale beheerplannen worden opgesteld. In de plannen die op termijn ter vaststelling aan het college worden aangeboden worden naar aanleiding van het kwaliteitsniveau de beheermaatregelen concreter geformuleerd. Datum Geplande Beleidsdocument vaststelling actualisatie [1] Integrale Beheerplannen Openbare Ruimte

14-12-2010

2023-2024

Beheerplan wegen 2014 - 2018 (integrale beheerplannen)

17-03-2015

2023-2024

Gemeentelijk Rioleringsplan

04-12-2017

2025

Leidraad Inrichting Openbare Ruimte (LIOR)

21-03-2023

2028

Evaluatie Beleidsplan Licht in Overbetuwe

06-02-2018

2023

Beleidsplan Speelvoorzieningen

23-05-2012

2027

Nota Voorziening groot onderhoud gemeentelijke accommodaties

11-04-2013

2023-2024 (vaststelling nieuwe DMJOP's)

Gemeentelijke accommodaties niet zijnde gebouwen (sportvelden, veldmeubilair, sportinventaris).

28-10-2008

2023-2024

Visie op vastgoed

20-02-2018

2024

[1] Het jaartal geeft weer in welk jaar de actualisatie leidt tot een voorstel aan de gemeenteraad. [2] Zie ook de opmerkingen over de bekostigingssystematiek riolering in de paragraaf lokale lasten.

67

Kwaliteitsniveaus In het Kwaliteitsplan Beheer Openbare Ruimte (IKP OR) is gewerkt met drie kwaliteitsniveaus te weten laag, basis en goed[3]. De beschrijving van de kwaliteitsniveaus op verschillende aspecten zijn in het hierna opgenomen overzicht uitgewerkt. Kwaliteitsniveau

Laag

Basis

Hoog

Wettelijke voorschriften Het onderhoudsniveau Het onderhoudsniveau voldoet niet (of nietvoldoet voldoende aan geheel) aan de minimaal de vereiste wettelijke vereiste wettelijke voorschriften voorschriften

Het onderhoudsniveau voldoet ruimschoots aan de vereiste wettelijke voorschriften

Duurzaamheid Door het lage De levensduur is de (Vervangingstermijnen) onderhoudsniveau wordt gebruikelijke de levensduur van het vervangingstermijn van kapitaalgoed korter dan het kapitaalgoed gebruikelijk

Door het hoge onderhoudsniveau wordt de levensduur van het kapitaalgoed verlengd

Opbouw achterstallig onderhoud

Achterstallig onderhoud komt periodiek voor

Achterstallig onderhoud komt incidenteel voor

Achterstallig onderhoud komt niet voor

Milieu effecten

Het onderhoudsniveau van het kapitaalgoed is zodanig dat in onvoldoende mate efficiënt en zuinig met natuurlijke hulpbronnen wordt omgegaan

Het onderhoudsniveau Het onderhoudsniveau van het kapitaalgoed is van het kapitaalgoed is zodanig dat in voldoende zodanig dat in ruime mate efficiënt en zuinig mate efficiënt en zuinig met natuurlijke met natuurlijke hulpbronnen wordt hulpbronnen wordt omgegaan omgegaan

Oordeel inwoners (schaal 1,0-10,0)

Score 1,0 - 5,5

Score 5,5 – 7,0

Score 7,1 – 10,0

Veiligheid (objectief)

Door de wijze van onderhoud bestaat een gerede kans op ongelukken

Door de wijze van onderhoud bestaat weinig kans op ongelukken

Door de wijze van onderhoud bestaat een zeer geringe kans op ongelukken

Gevoelswaarde inwoners (subjectief)

Inwoners ervaren de openbare ruimte (m.b.t. het betreffende kapitaalgoed) als onveilig en onvoldoende leefbaar

Inwoners ervaren de openbare ruimte (m.b.t. het betreffende kapitaalgoed) als voldoende veilig en leefbaar

Inwoners ervaren de openbare ruimte (m.b.t. het betreffende kapitaalgoed) als zeer veilig en leefbaar

Klachten

De gemeente ontvangt veel klachten over het kapitaalgoed

De gemeente ontvangt De gemeente ontvangt weinig klachten over het geen klachten over het kapitaalgoed kapitaalgoed

Claims

Grote kans op gegronde Weinig kans op schadeclaims gegronde schadeclaims

[3] In de overzichten is het kwaliteitsniveau “goed” gewijzigd in “hoog”.

68

Geen kans op gegronde schadeclaims

In plannen vastgelegde kwaliteitsniveaus van het onderhoud Naam beleids/beheersplan

Datum Kwaliteitscriteria (laag, basis of hoog) raadsbesluit

Beheerplan Openbare Ruimte

14-12-2010

Wegen: basisniveau Groen Binnen bebouwde kom: basis/hoog niveau Buiten bebouwde kom: basisniveau Bedrijventerreinen: basisniveau Straatreiniging Centra en bebouwde kom: basisniveau Buiten bebouwde kom: basisniveau Bedrijventerreinen: basisniveau Openbare verlichting: basisniveau Straatmeubilair Binnen bebouwde kom: basisniveau Buiten bebouwde kom: basisniveau Bedrijventerreinen: basisniveau

Integraal Kwaliteitsplan Openbare Ruimte

2021

In 2021 is het IKP OR vastgesteld. Hierin is de strategie, de bekostiging en het beleid van de verschillende beheerdisciplines voor de openbare ruimte op hoofdlijnen uitgewerkt. Het doelmatig en eigentijds beheer moet leiden tot een aantrekkelijke leefomgeving waarin inwoners prettig kunnen wonen en werken. Het nieuwe IKP zorgt dat voor bestuur, de organisatie en de inwoners duidelijk is wat men mag verwachten van het beheer van de openbare ruimte. Het vastgestelde IKP OR is uitgangspunt voor het kwaliteitsniveau van de openbare ruimte en de basis voor de uitwerking in beheerplannen.

Beheerplan Wegen 17-03-2015 2014 - 2018

Wegen

Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP)

De gemeente moet voldoen aan de gemeentelijke watertaken zoals beschreven in de Wet milieubeheer en de Wet op de waterhuishouding. Deze taken vormen de basis van het GRP 2018-2022. Uitgangspunten bij het opstellen van het GRP waren:

04-12-2017

basisniveau

1. Risico gestuurd rioolbeheer. Dit houdt in dat rioolvervanging niet langer bepaald wordt aan de hand van de technische afschrijving, maar aan de hand van inspectiegegevens en de situering van het riool. Met het risico gestuurd rioolbeheer wordt de verwachte vervangingsopgave over een langere periode uitgespreid. Tijdens de planperiode kan, op basis van nieuwe inspectieresultaten blijken dat de uitgangspunten voor de kostenramingen van dit GRP niet meer volledig juist zijn. Het is de verwachting dat dit slechts beperkte wijzigingen zullen zijn. 2. De financiële consequenties van de investeringen en werkzaamheden worden voor een periode van 20 jaar berekend. 3. In de meerjarenramingen van het GRP wordt rekening gehouden met een jaarlijkse loon- en prijsstijging van 1,5%. Ter compensatie hiervan wordt het riooltarief jaarlijks met 0,5% verhoogd. 4. Een kostendekking van 100%, waarbij rekening wordt gehouden met de in te calculeren rente over de voorziening riolering. 5. De minimumomvang van de voorziening riolering bedraagt € 1.000.000. 6. Het (resterende) saldo van de voorziening wordt in 10 jaar

69

Naam beleids/beheersplan

Datum Kwaliteitscriteria (laag, basis of hoog) raadsbesluit

ingezet ter verlaging van de rioolheffing van 2018 tot en met 2027. 7. De uit de jaarrekening blijkende exploitatievoordelen worden gebuikt ter verlaging van de rioolheffing. Het na te streven kwaliteitsniveau kan worden bepaald op “basis”. In 2021 is er een start gemaakt met de evaluatie van het GRP 2018-2022. Op basis van de bevindingen heeft de gemeenteraad in 2023 het huidige GRP met twee jaar verlengd. Het is belangrijk om de aansluiting te vinden met de omgevingswet/visie. De vertaling van dit beleid daarvan is nog niet klaar. Daarnaast zijn er nog projecten/werkzaamheden uit het huidige GRP die nog niet zijn afgerond. Beleidsplan Licht in 06-02-2018 Overbetuwe

Zowel voor de beheerskaders (masten, armaturen, etc.) als voor de beleidskaders (sociale veiligheid, verkeersveiligheid, etc.) is in het plan vastgelegd dat het na te streven kwaliteitsniveau “basis” is. Uitgangspunt is: Openbare verlichting voor de verkeersveiligheid en op hoofdfietsroutes (plus). Dit betekent alleen openbare verlichting buiten de bebouwde kom als dat voor de verkeersveiligheid nodig is (bijvoorbeeld bij kruispunten en verkeersgevaarlijke situaties als bochten, obstakels ed.) en er geen betere alternatieven zijn zoals markering, reflectie e.d. Op alle hoofdfietsroutes (en plus routes) is oriëntatieverlichting behalve op de Drielse Rijndijk, de Randwijks Rijndijk en de Waaldijk vanwege de flora en faunawetgeving, dit is namelijk Natura2000 gebied.

Beleidsplan 15-02-2022 Speelvoorzieningen

Onderhoud en beheer van speelvoorzieningen gaat uit van wettelijke (veiligheids)voorschriften. Met behulp van inspecties wordt dit geborgd. Er is een grens aan de financiële ruimte voor het onderhoud en beheer. Met behulp van een meerjaren renovatieplan wordt wijk- en kerngericht gewerkt aan renovaties van speelruimte. In 2022 is het nieuwe speelbeleid 'Samen(spel) in Overbetuwe' aangeboden aan de gemeenteraad.

Nota voorziening groot onderhoud gemeentelijke accommodaties

Het gaat hier om de gemeentelijke gebouwen voor welzijn en sport, de schoolgebouwen en de overige gebouwen (huisvesting bestuur en ambtenaren, brandweer, enz.). De basis onder de onderhoudsbegrotingen is gelegen in door derden opgestelde meerjarenonderhouds-planningen. In 2018 zijn er nieuwe meerjarige onderhoudsplannen (MJOP’s) gemaakt. Voor de gebouwen met de gebruiksfuncties sport, welzijn en kantoor zijn de plannen inmiddels omgevormd tot DMJOP’s, waarbij duurzaamheid een belangrijk uitgangspunt is. We gaan kritisch om met het onderhoud. Indien op basis van de (D)MJOP’s vervanging noodzakelijk is, bekijken we eerst kritisch of vervanging daadwerkelijk nodig is. Incidenteel komt achterstallig onderhoud voor. Wij gaan op een afgewogen manier met de financiële middelen om. Op basis hiervan kan het na te streven onderhoudsniveau worden aangemerkt als “basis”. In 2020 hebben we een concreet voorstel voor verduurzaming van een aantal gebouwen met zonnepanelen gemaakt, waarvan de uitvoering in 2021 heeft plaatsgevonden. In 2022 zijn we gestart met het verder actualiseren van de DMJOPS. Deze zijn in eind 2023/begin 2024 gereed. In de nieuwe DMJOPS sluiten we aan bij thema’s zoals, energie en warmtetransitie, klimaatadaptie en biodiversiteit. Zo wordt er straks geld gereserveerd voor de verdere verduurzaming van de gebouw gebonden installaties.

De nieuwe DMJOPS zullen aan de raad worden voorgelegd.

70

11-04-2013

Naam beleids/beheersplan

Datum Kwaliteitscriteria (laag, basis of hoog) raadsbesluit

Gemeentelijke accommodaties niet zijnde gebouwen (voetbalvelden, veldmeubilair en sportinventaris)

28-10-2008

Bij de voetbalvelden bekijken we jaarlijks kritisch welk onderhoud daadwerkelijk nodig is. We hebben hiervoor geen meerjarenonderhoudsplannen gemaakt. Op 7 september 2021 heeft de gemeenteraad de sport- en beweegnota vastgesteld. In deze nota is o.a. afgesproken dat een nieuwe tarievenstructuur wordt onderzocht. Dit onderzoek wordt in 2023 afgerond. Daarnaast wordt een actuele kostendekkende vergoeding voor het veldonderhoud vastgesteld. De aanbesteding van het meerjarenonderhoud voor de voetbalvelden en veldmeubilair is afgerond. De aanbesteding loopt tot en met 28 februari 2025. In de aanbesteding is zowel het groot als klein onderhoud meegenomen. Op basis van het meerjarenonderhoud zijn de kunstgrasvelden van HCOB en Spero vervangen. De sportinventaris wordt jaarlijks gekeurd. Hiervoor is in 2018 de aanbesteding afgerond. Aan de hand van de jaarlijkse keuring bekijken we of vervanging nodig is of dat onderhoud voldoende is. Ook controleren we middels jaarlijkse inspecties het veldmeubilair. Aan de hand hiervan bekijken we welk veldmeubilair aan vervanging toe is. Op basis hiervan kan het na te streven onderhoudsniveau worden aangemerkt als “basis”.

Visie op Vastgoed

20-02-2018

In maart 2021 is de raad geïnformeerd over de stand van zaken rondom de uitwerking van de Visie op Vastgoed. Een aantal pijlers zijn nader uitgewerkt. In 2023 wordt de Visie op Vastgoed geëvalueerd. Deze evaluatie wordt aan de raad aangeboden.

Financiële consequenties Het integraal kwaliteitsplan Openbare Ruimte (IKP OR) is vastgesteld. In dit plan is nader ingegaan op de benodigde en beschikbare budgetten. Aan de hand hiervan zijn er extra middelen beschikbaar gesteld en zijn deze middelen meegenomen in de begroting. De volgende stappen zijn het realiseren van de ambities vastgelegd in het IKP. Om deze ambities te realiseren wordt er een ingroeimodel voorgesteld. Om te groeien van tempo 1 naar 2. Deze middelen zijn in het Uitvoeringsprogramma 2022-2026 (UP). Daarnaast moeten we het gewenste kwaliteitsniveau in de gehele openbare ruimte, wat voortkomt uit het IKP OR, verder uitwerken in de integrale beheerplannen. Het reguliere onderhoud is reeds opgenomen in de begroting maar met name het groot onderhoud en de vervangingen en vernieuwingen moeten volgens de BBV ook worden meegenomen in de begroting. Hierbij stappen we af van het programma nieuwe lasten. Vanaf 2023 is er daarom een structureel bedrag opgenomen in de begroting. Aangezien er nog diverse projecten uit het oude PNL in uitvoering zijn, wordt er een ingroeimodel gehanteerd. In het UP is in 2023 een structureel bedrag opgenomen van € 600.000 met een jaarlijkse stijging van € 200.000 oplopend naar € 1.200.000 in 2026. Voor het te plegen groot onderhoud zal een voorziening gevormd worden met de uitwerking van de beheerplannen als basis.

Eind 2023 / begin 2024 komen deze plannen in de raad en zal de voorziening officieel gevormd worden.

71

Begroot Jaar 2024 Voorz. /BR Voldoende vaststelling (bedragen x beschikbaar omvang? € 1.000)

Omschrijving

Plan

Wegbeheer

Beheerplan Wegen

2015

5.855 Neen

N.v.t.

Openbaar groen

Integraal Kwaliteitsplan Openbare Ruimte

2021

2.081 Neen

N.v.t

Straatreiniging

Beheerplan Openbare Ruimte

2010

28 Neen

N.v.t.

Water

Waterplan gemeente Overbetuwe

n.v.t.

195 Maakt deel uit van GRP

Zie GRP

Riolering

GRP 2018-2022

2017

Straatverlichting

Beleidsplan Openbare Verlichting

2018

505 Neen

N.v.t.

Speelvoorzieningen Speelruimteplan

2022

147 Neen

N.v.t.

Schoolgebouwen

Nota voorziening groot onderhoud gemeentelijke accommodaties Basis is het M.O.P. 2021

2013

76 Ja

Ja

Gebouwen voor Nota voorziening huisvesting bestuur groot onderhoud en ambtelijk gemeentelijke apparaat accommodaties Basis is het M.O.P. 2021

2013

35 Ja

Ja

Gebouwen voor welzijn en sport

Nota voorziening groot onderhoud gemeentelijke accommodaties Basis is het M.O.P. 2021

2013

77 Ja

Ja

Accommodaties niet zijnde gebouwen (sportvelden, veldmeubilair, sportinventaris)

Sportnota (nog vast te stellen)

2019

152 Neen

Ja

Totaal

2.482[4] Ja

Ja

11.633

[4] Excl. de onttrekking uit de voorziening. Voor de gemeentelijke gebouwen zijn de ramingen voor onderhoudslasten uit het meerjarenonderhoudsplan op het overzicht vermeld. Op de taakvelden van de gemeentelijke gebouwen zijn namelijk ook overige niet onderhoudsgerelateerde exploitatielasten verwerkt

72

IV. Financiering Beleidskader Het financieringsbeleid is vastgelegd in het Treasurystatuut en gebaseerd op de wet Financiering Decentrale Overheden (Wet Fido). De uitvoering van het financieringsbeleid wordt gedaan door de treasuryfunctie, binnen de kaders van het Treasurystatuut. De Wet Fido geeft de wettelijke kaders voor de treasuryfunctie. Een belangrijk uitgangspunt van deze wet is dat een gemeente voorzichtig moet omgaan met publieke middelen. Dit uit zich onder andere in de beheersing van renterisico’s. Hierbij gelden als wettelijke normen de kasgeldlimiet en de renterisiconorm op langlopende leningen. Daarnaast zijn decentrale overheden zijn verplicht om deel te nemen aan schatkistbankieren, maar kunnen niet lenen bij de schatkist. Het schatkistbankieren verplicht gemeenten om hun overtollige financiën onder te brengen bij het Rijk. Tot een bepaald bedrag mogen gemeenten hun overtollige financiën wel buiten de schatkist van het Rijk houden. Voor onze gemeente bedraagt dit drempelbedrag in 2024 € 2.614.000. Het schatkistbankieren wordt door de gemeente gebruikt voor tijdelijke geldoverschotten.

Marktontwikkelingen Vanwege de aanhoudende hoge inflatiecijfers verkrapt de ECB haar monetair beleid. De inflatie blijft zowel dit jaar als in 2024 duidelijk boven de doelstelling van de ECB. De centrale bank zal het monetaire beleid waarschijnlijk nog iets verkrappen. De rentetarieven zullen met name in de kortere looptijden nog wat oplopen. Vanwege de recessieangst en de verschillende impact die de renteverhogingen op de diverse eurolanden hebben zullen de renteverhogingen mogelijk begrensd zijn. De verwachting voor de 10 jaars NL rente op staatsobligaties is, dat deze over 2024 gemiddeld circa 3,25% zal zijn. De korte geldmarktrente (3-maands Euribor) zal naar verwachting oplopen naar 4,0%. Deze rentetarieven worden gezien als risicovrije rentes.

Leningenportefeuille De verwachte additionele financieringsbehoefte van de gemeente in 2024 bedraagt € 29,5 miljoen, waaronder € 7,5 miljoen aan herfinanciering. Daarmee wordt voorspeld dat de leningenportefeuille zal toenemen tot circa € 113 miljoen per ultimo 2024. De geldstromen die voortkomen uit investeringen in projecten en de verkopen van grondcomplexen bepalen in grote mate de omvang van de financieringsbehoefte. Als de investeringen en of de opbrengsten, voornamelijk uit grondverkopen, afwijken van wat in de begroting is opgenomen, dan zal het beroep op de kapitaalmarkt daarop worden aangepast. Mutaties leningenportefeuille (bedragen x €1.000)

Bedrag

Gemiddelde rente

Raming leningenportefeuille per 1-1-2024

100.437

1,58%

Nieuwe langlopende leningen

20.000

4,00%

Reguliere aflossingen

7.516

1,84%

Vervroegde aflossingen

n.v.t.

Renteaanpassingen (oud percentage)

0

Renteaanpassingen (nieuw percentage)

0

Raming leningenportefeuille 31-12-2024

112.921

2,14%

73

Rente In de begroting 2024 wordt rekening gehouden met een totaalbedrag aan toegerekende rente van afgerond € 2,4 miljoen. De totale boekwaarde van de investeringen bedraagt per 1 januari 2024 € 196 miljoen. Volgend schema geeft inzicht in de rentelasten externe financiering, het renteresultaat en de wijze van rentetoerekening. De methode van rentetoerekening is voorgeschreven door de commissie Besluit Begroten en Verantwoorden.

Bij de gehanteerde rentesystematiek wordt de betaalde rente omgeslagen over de investeringen. Voor deze renteomslag wordt 1,5% (omslagrente) gehanteerd over 2024. Voor de bepaling van het rentetarief voor nieuw aan te trekken lang lopende leningen wordt 4,0% gehanteerd en voor de reserves en voorzieningen wordt 1,5% gehanteerd. Voor het aantrekken van kort lopende leningen is 4,5% gehanteerd. Het gepresenteerde verwachte rentenadeel van € 93.000 betekent dat de gehanteerde omslagrente van 1,5% over de investeringen hoger is dan het verwachte rentepercentage dat over de financiering zal worden betaald (1,45%). Het verschil bevindt zich binnen de toegestane bandbreedte, wat betekent dat een reëel rentepercentage wordt toegerekend aan de investeringen. Door de oplopende marktrente werd bij het opstellen van de Kadernota 2024 gedacht dat het omslagpercentage zou moeten stijgen naar 2,0% door de fors stijgende marktrentes voor kort en lang geld. Bij het opstellen van de begroting 2024 is nog eens kritisch gekeken naar alle factoren die van invloed zijn op de berekening van het omslagpercentage. Dat heeft ertoe geleid dat het omslagpercentage uiteindelijk toch ongewijzigd op 1,5% is gebleven.

Risicobeheer De belangrijkste financiële risico’s bij de uitvoering van het treasurybeleid zijn koersrisico’s, renterisico's en kredietrisico's. Hieronder wordt weergegeven in hoeverre deze risico’s zich bij onze gemeente voordoen en hoe de gemeente deze risico's beheerst. Koersrisico Het risico dat de financiële activa in waarde vermindert door negatieve koersontwikkelingen. Het koersrisico op uitgezette gelden is nihil. De gemeente heeft een netto schuld. Tijdelijke overtollig geld wordt conform de regels van het schatkistbankieren ondergebracht bij het Rijk via een rekening courant. Renterisico Het gevaar van ongewenste veranderingen van de (financiële) resultaten van de gemeente door rentewijzigingen. Voor korte en lange financiering gelden de Fido-normen kasgeldlimiet en de renterisiconorm. Beide worden hierna toegelicht: Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet bepaalt de maximale omvang van de kortlopende leningen (looptijd korter dan één jaar). Bij het overschrijden van de kasgeldlimiet zal onze gemeente de korte

74

leningen omzetten naar langlopende leningen, behalve bij incidentele tijdelijke overschrijdingen. De kasgeldlimiet mag niet met meer dan twee achtereenvolgende kwartalen worden overschreden. Over het algemeen zijn kortlopende leningen goedkoper dan langlopende leningen en dus op korte termijn financieel aantrekkelijk. Op de lange termijn is er een renterisico, immers er is een de kans dat de herfinanciering duurder uitpakt. De kasgeldlimiet is gelimiteerd tot 8,5% van de exploitatiebegroting van de gemeente.

Uit de tabel blijkt dat de gemeente onder de vastgestelde normering voor de kasgeldlimiet blijft. Renterisiconorm De renterisiconorm heeft als doel om het renterisico bij herfinanciering van de langlopende leningen te beheersen. Hoe meer de aflossing van de schuld in de tijd wordt gespreid, hoe minder gevoelig de begroting wordt voor renteschokken bij herfinanciering. De renterisiconorm houdt in, dat de jaarlijks verplichte aflossingen en de renteherzieningen niet meer mogen bedragen dan 20% van het begrotingstotaal.

Uit de tabel blijkt dat de renterisiconorm in 2024 niet zal worden overschreden. Derivaten Derivaten worden in de markt onder meer afgesloten ter afdekking van renterisico’s. De gemeente Overbetuwe maakt geen gebruik van derivaten. Kredietrisico’s De gemeente loopt financieel risico omdat er leningen zijn verstrekt aan derden en omdat we garant staan voor derden. Voor de beheersing van het kredietrisico is inzicht in de verstrekte leningen en garantstellingen nodig. In de financiële verordening en het Treasurystatuut is

75

bepaald dat uitzettingen en garanties alleen plaatsvinden, inzien zij een publieke taak dienen. Onze gemeente zal in het begrotingsjaar 2024 over een bedrag van € 8,1 miljoen aan uitgezette leningen per 1 januari 2024 kredietrisico lopen: - Hypothecaire leningen verstrekt aan personeel van € 38.188 (betreffen restanten van de opgeheven regelingen). - Lening aan Stimuleringsfonds Volkshuisvesting (SVn) van € 7,3 miljoen. Rente en aflossing zijn afhankelijk van het aantal Startersleningen. Het betreft revolverende fondsen; rente en aflossing worden aangewend voor nieuwe leningen. - Lening aan De Vereniging tot instandhouding en Exploitatie van “Ons Dorpshuis’’ (de Hoendrik) van € 541.618. - Overige leningen aan verenigingen, scholen en personeelsregelingen voor een totaalbedrag van totaal € 191.356. In de afgelopen jaren hebben er op verstrekte leningen door de gemeente geen wanbetalingen plaatsgevonden. Ook voor 2024 wordt het kredietrisico op de uitgezette leningen laag geacht.

76

V. Bedrijfsvoering Inleiding In de paragraaf Bedrijfsvoering wordt ingegaan op de bedrijfsvoering disciplines personeel & organisatie, communicatie, informatiemanagement & informatiebeveiliging en planning & control. Een goede en efficiënte bedrijfsvoering ondersteunt de gemeentelijke organisatie bij het doelmatig en effectief uitvoeren van gemeentelijke taken voor inwoners, bedrijven en instellingen en het bestuur. De ontwikkelingen staan niet stil, daarom zetten we in 2024 verder in op het optimaliseren en professionaliseren van de bedrijfsprocessen. Zodat wij flexibel in kunnen spelen op veranderingen en ontwikkelingen die de komende jaren op ons afkomen.

Organisatie & Personeel Organisatieontwikkeling In 2024 geven we verder vorm aan de organisatieontwikkeling die in 2020 in gang is gezet via de destijds vastgestelde Organisatievisie en koers Overbetuwe. Onze visie geeft aan wie we willen zijn en waar we naar toe willen groeien. We werken aan deze organisatieontwikkeling door sturing op houding en gedrag en door sturing op resultaten. Deze sturing vindt plaats op diverse niveaus en hiervoor worden het organisatieplan, de domein-plannen, teamplannen en individuele werk- en ontwikkelplannen ingezet. In het organisatieplan staan strategische, domeinoverstijgende opgaven op het vlak van organisatieontwikkeling die extra aandacht behoeven in een jaar. De inhoud hiervan wordt in Q4 2023 bepaald voor het kalenderjaar erop. In datzelfde kwartaal worden domein- en teamplannen opgesteld, met daarin de specifieke ontwikkelpunten voor de domeinen en teams. In deze plannen staat zo specifiek mogelijk welk resultaat beoogd wordt, door wie en met welk tijdspad. Waar mogelijk, verbinden we indicatoren met een norm aan deze beoogde resultaten. Een reeds ingezette ontwikkeling die in 2024 wederom aandacht verdiend is ‘participatie'. We willen als gemeente inwoners beter betrekken, om aan te sluiten op de behoeften en ervaringen die er in onze samenleving zijn en zo een groter draagvlak voor beleid en besluiten creëren.

Dat beleid bij voorkeur samen mét inwoners wordt gemaakt, waarbij altijd het algemeen belang voor ogen wordt gehouden. Dit betekent iets voor de gewenste vaardigheden, houding en gedrag van onze medewerkers. De kernwaarden van onze organisatie (eigenaarschap, resultaatgericht, zelfbewust en coöperatief) zijn daarbij leidend in ons handelen. Tevens geven we in 2024 opvolging aan (een deel van) de aanbevelingen uit twee uitgevoerde evaluaties in 2023. Dit betreft de evaluatie van de hoofdstructuur & verfijning, organisatievisie en koers en de evaluatie van de systematiek van het personeelsbudget. Eventuele financiële effecten van de opvolging van deze aanbevelingen worden op een later moment gerapporteerd. Personeel Strategische Personeels Planning (SPP) In 2024 ligt het accent op het verder uitvoering geven aan de vaststelde actiepunten en het structureel borgen van SPP in onze P&C-cyclus. Zoals eerder aangegeven dit met als doel onze medewerkers te faciliteren bij de gewenste ontwikkeling en onze formatie te optimaliseren zodat we onze maatschappelijke opgaven kunnen blijven realiseren.

77

Krappe arbeidsmarkt De krapte op de arbeidsmarkt blijft ook voelbaar bij onze organisatie. Diverse inspanningen op landelijk, regionaal en lokaal niveau (bijv. SPP-traject, optimalisatie arbeidsmarktcommunicatie) blijven we verrichten om de effecten te minimaliseren. De risico’s die hieruit voortvloeien zijn opgenomen in de paragraaf weerstandsvermogen in deze begroting. CAO De huidige CAO heeft een looptijd tot 1 januari 2024. De Cao onderhandelingen zijn inmiddels gestart. Zodra het CAO akkoord 2024 bekend is gaan we uitvoering geven aan de lokale effecten en worden de financiële effecten gerapporteerd in de bestuursrapportages. In deze begroting is al rekening gehouden met structureel 3% premie- en loonontwikkeling vanaf 2024. Functiewaardering Zoals eerder gerapporteerd is het in de huidige krappe arbeidsmarkt van groot belang om aansluiting te houden bij de salarisinpassing van functies op de arbeidsmarkt. Gezien de organisatie- en arbeidsmarkt-ontwikkelingen is de verwachting dat wij ook in 2024 via de jaarlijkse functie-waarderingsronde een aantal functies anders gaan inpassen en de functionele schaal hoger gaan vaststellen. Voor deze ontwikkeling wordt vooralsnog een beroep gedaan op structureel € 100.000. Over de definitieve financiële effecten van dit functiewaarderingstraject rapporteren wij in de reguliere bestuursrapportages.

Verlofharmonisatie en verlofsparen Effecten Verlofharmonisatie In het cao-akkoord 2021 en 2023 zijn afspraken gemaakt over verlofharmonisatie en verloftoename. Dit betekent minimaal 3,5 fte afname (2023 1,75 fte en 2024 1,75 fte) van de productieve uren terwijl het werkvolume ongewijzigd blijft. In de Kadernota 2022 is hierover een signaal afgegeven en in de Bestuursrapportage 2023 is gerapporteerd over de effecten voor 2023. Vanaf 2024 is het extra structurele nadeel € 140.000. Regeling vervroegd uittreden (RVU) en verlofsparen In het cao-akkoord 2021 zijn afspraken gemaakt over Verlofsparen en in het cao-akkoord 2023 over een Regeling Vervroegd Uittreden. Op basis van de huidige inzichten is de verwachting dat een aantal medewerkers hiervan gebruik gaat maken. Over de financiële effecten wordt in de bestuursrapportages 2024 gerapporteerd. (Preventief) verzuim Verzuim heeft continue aandacht binnen het management. De ingezette koers (nauwe samenwerking tussen management, P&O en Arbodienst), de uitkomsten van de Risico Inventarisatie en Evaluatie (RI&E) en nieuwe inzichten (o.a. uit evaluaties) zijn ingrediënten die we gaan benutten om nog meer grip te krijgen op (preventief) verzuim. In onderstaand overzicht is de ontwikkeling van het ziekteverzuim% (excl. zwangerschapsverlof) weergegeven. 2020 2021 2022

2023

2024

Norm Overbetuwe

5,4%

5,8%

6,5%*

6,5%*

6,5%*

Werkelijk Overbetuwe

6,7%

6,7%

8,4% 7,6% **

N.n.b.

Landelijke gemeente

5,5%

5,8%

6,7%

N.n.b.

N.n.b.

Landelijk gemeenten 20.000 - 50.000 inwoners

5,4%

5,8%

6,5%

N.n.b.

* Norm bijgesteld op basis van de VNG-personeelsmonitor 2022 ** Werkelijk t/m augustus 2023.

78

N.n.b.

Uitkomsten Evaluatie systematiek P-budget (P-budget) In april 2023 is uw Raad geïnformeerd over de aanvang van de evaluatie systematiek personeelsbudget (P-budget). In mei t/m september 2023 is door het externe bureau Berenschot de evaluatie systematiek P-budget uitgevoerd. Over de uitkomst van deze evaluatie wordt / is uw Raad geïnformeerd tijdens de informatiebijeenkomst Organisatieontwikkelingen d.d. 26 september 2023. Door middel van een Raadsbesluit wordt de uitkomst van de evaluatie aan uw Raad voorgelegd. Zoals aangegeven in de Kadernota 2024 zijn in deze begroting de uitgangspunten toegepast zoals opgenomen in de Kadernota 2022. Dit in afwachting van de evaluatie en uw besluit hierover. Ontwikkeling P-budget 2020 -2024 Onderstaand overzicht geeft inzicht in de financiële ontwikkeling van het P-budget vanaf 2020 t/m 2024. Jaar

2020

2021

2022

2023

Totale omvang P-budget o.b.v. primaire begroting

26,4 */**

26,3 */**

26,5 26,8*/**/*** 31,4*/**/*** */**/***

Totale omvang P-budget o.b.v. aangepaste begroting

26,0

26,8 **

26,9 ** 29,8 **

N.n.b.

Werkelijke uitgaven P-budget

25,6

26,0

27,1

N.n.b.

19,6****

2024

* 2020 t/m 2024: Is incl. 0,48 mlj. formatie uitvoering belastingsamenwerking Lingewaard (deze wordt volledig terugbetaald) door Lingewaard. En excl. budget uitvoering ICT samenwerking (0,7 mlj.) door gemeente Lingewaard. ** 2020 t/m 2024: De stijging P-budget is vooral te verklaren door salaris- en premieontwikkeling die voortvloeien uit CAO-akkoorden en landelijke vastgestelde premieontwikkeling (bijv. pensioenpremie) en bestuurlijke ambities (bijvoorbeeld Uitvoeringsprogramma 2022-2026 en diverse genomen raadsbesluiten). *** 2022 t/m 2024: inclusief taakstelling en premie- en salarisontwikkeling. **** 2023: Uitgaven t/m 20 september 2023.

De stijging (4,6 mlj.) van het P-budget 2024 t.o.v. 2023 is in hoofdlijnen als volgt te verklaren. - 2,5 mlj. waarvan 1,5 mlj. financiële effecten die voortvloeien uit het Cao akkoord 2023 en 1 mlj. (indicatief 3%) voor loon- en premieontwikkeling 2024 incl. functiewaardering (0,1 mlj.). - 0,9 mlj. * voor uitvoeren taken die voortvloeien uit het Uitvoeringsprogramma 2022-2026. - 1,1 mlj. * voor extra taken die voortvloeien uit landelijke of lokale afspraken (bijv. Beleidsplan schuldhulpverlening, Uitvoeringsakkoord verhoogde asielinstroom, 18 maatregelenpakket (gedeeltelijk). - 0,9 mlj. voor formatie Sociaal Domein omdat een aantal functies de afgelopen jaren incidenteel gefinancierd. De taken die bij deze functies horen zijn van structurele aard en zijn daarom nu opgenomen binnen de structurele personeelsformatie (P-budget). - minus 0,4 mlj. herschikking P-budget ten behoeve van bovenstaande formatie Sociaal Domein. De overige 0,5 milj. wordt door aanpassing van overige budgetten buiten het P-budget gedekt. - minus 0,4 mlj. taakstelling 2024 conform afspraak in de Kadernota 2022. *De beschikbare structurele uitvoeringsbudgetten voor deze taken worden overgeheveld naar het P-budget 2024 ten behoeve van formatie.

79

Indicator

Realisatie Realisatie Begroot 2021 2022 2022

Begroot Begroot Bron 2023** 2024

Formatie: aantal Fte per 1.000 inwoners

7,1

6,8*

6,8*

6,7*

7,3** Interne bron

Bezetting: aantal Fte per 1.000 inwoners

6,4

6,4

6,3

6,3

6,9 Interne bron

Apparaatkosten: kosten per inwoner

641,5

654,6

649,5

655,7

737,0 Interne bron

Externe inhuur tlv Pbudget

16%

17%

13%

15%

15% Interne bron

Externe inhuur tlv Pbudget incl overige budgetten

21%

25%

17%

19%

22% Interne bron

Overhead: % van totale lasten

13%

13%

14%

15%

15% Interne bron

*Excl. Formatie Uitvoeringsprogramma en diverse genomen raadsbesluiten. ** Incl. Formatie Uitvoeringsprogramma en diverse genomen raadsbesluiten.

Communicatie In 2023 heeft een analyse plaatsgevonden met betrekking tot de verdere professionalisering van communicatie. In 2024 gaan we proactief communiceren naar aanleiding van signalen uit de samenleving en worden alle medewerkers in de organisatie getraind om begrijpelijke taal te gebruiken in communicatie-uitingen. Daarnaast levert het cluster communicatie een bijdrage aan het programma ‘Anders werken met de Samenleving’, waarbij de ontwikkelde methoden en werkwijzen worden ingezet bij interactie met onze inwoners.

Informatiemanagement In 2024 zetten we verder in op het optimaliseren van processen, het fundament om inwonergericht en transparant te kunnen werken. Daarnaast blijven we doorbouwen aan het andere fundament van onze bedrijfsvoering, het realiseren van een robuuste digitale werkomgeving. Dit is nodig om verdere digitalisering van onze werkprocessen te faciliteren en te blijven voldoen aan de steeds complexere informatiebeveiligingseisen. De ingebruikname van een nieuw financieel systeem in 2024 draagt bij aan het verkrijgen van meer grip en minder administratieve lasten in onze financiële processen. De beschikbaarheid van meer data uit onze informatiesystemen helpt ons ook om beter te sturen, onder andere in de Planning&Control cyclus en op diverse beleidsterreinen. Tot slot investeren we in het verder op orde brengen van ons informatiebeheer, om zo te kunnen voldoen aan de eisen vanuit de Wet Open Overheid en de binnenkort te moderniseren Archiefwet, maar ook de interne wens tot een meer transparante overheid.

80

Informatieveiligheid Het onderwerp informatieveiligheid heeft steeds meer raakvlakken met de in- en externe activiteiten van de gemeente. De continuïteit van de dienstverlening, de privacy van inwoners, en de veiligheid van infrastructuur zijn belangrijke aandachtspunten. Om incidenten te voorkomen is een actieve aanpak nodig voor bescherming van de ICTsystemen en het bewust maken en houden van alle betrokkenen. De verwevenheid van ICT Infrastructuur en applicaties met de te leveren diensten zal daarom ook in de begroting een groeiend aandeel geven aan kosten voor ICT en daaraan gekoppeld ICT-beveiliging. Specifieke onderwerpen die in 2024 aandacht zullen krijgen zijn de inrichting van een managementsysteem voor informatieveiligheid om antwoord te geven op de groeiende auditdruk, doorgaande aandacht voor een (informatie)veilige werkcultuur in de organisatie, en het leren omgaan met ontwrichtende incidenten.

Planning & control 2024 is het tweede jaar dat het college van Burgemeester en Wethouders de financiële rechtmatigheidsverklaring gaat afgeven bij de jaarrekening. Het doel is om met een bepaalde mate van zekerheid vast te stellen dat de financiële handelingen hebben plaatsgevonden binnen de kaders van de raad en aan wet- en regelgeving. Dit realiseren we door te werken volgens het stuurmodel en het vaststellen van het interncontroleplan door het college. Daarnaast stelt de raad (via de auditcommissie) voor aanvang van het boekjaar de materialiteit van de rechtmatigheidsverklaring voor 2024 en het normenkader 2024 vast. Indien beleid in 2024 aangepast wordt, gaan we het normenkader 2024 met deze wijzigingen per einde boekjaar opnieuw laten vaststellen door de raad. In 2024 blijven we Power BI inzetten als ons centrale stuurinformatiesysteem en wordt de data steeds meer vanuit de bron gebruikt. Dit geeft als voordeel dat bij wisseling van leverancier de stuurinformatie intact blijft, omdat de koppeling vanuit het datawarehouse gemaakt wordt met de nieuwe leverancier.

Inkoop en contractmanagement De inkoopfunctie wordt verder doorontwikkeld zodat het beter aansluit bij het ambitieniveau van de gemeente. De gemeente wil met haar inkoop een betere bijdrage leveren aan de gemeentelijke doelstellingen. De resultaten uit de evaluatie van de huidige inkoopfunctie worden verwerkt in een nieuw op te stellen inkoopbeleid. Aanvullend is er een aantal grote inkooptrajecten gepland zoals de realisatie van MFC de Wanmolen en de vervanging van een aantal ICT applicaties zoals onder andere het zaak- en archiefsysteem.

81

VI. Verbonden partijen Inleiding 1. Inleiding Op grond van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV), titel 2.3., artikel 15, dient de gemeente in de begroting aandacht te besteden aan derde rechtspersonen, waarmee de gemeente een bestuurlijke en financiële band heeft. Er zijn immers bestuurlijke, beleidsmatige en/of financiële belangen en risico's, die uit gemeenschappelijke regelingen, deelnemingen in NV's, stichtingen of verenigingen of andere overeenkomsten kunnen voortvloeien. Om te spreken van een verbonden partij, dient de gemeente zowel een bestuurlijk als een financieel belang in de betreffende partij te hebben. De paragraaf verbonden partijen dient tenminste te bevatten: 1. de visie op verbonden partijen in relatie tot de realisatie van de doelstellingen die zijn opgenomen in de begroting; 2. de beleidsvoornemens omtrent verbonden partijen; 3. de lijst van verbonden partijen. 2. Bestuurlijk belang Onder bestuurlijk belang wordt verstaan: een zetel in het bestuur van een bestuurlijke participatie of het hebben van stemrecht. Het uitoefenen van bestuurlijke invloed op het bestuur van een bestuurlijk verbonden organisatie door de gemeente is er op gericht het publieke belang te dienen. In het nastreven van het publieke belang dient de reden gelegen te zijn van het aangaan van een relatie met een derde rechtspersoon. 3.

Financieel belang Alleen een bestuurlijk belang maakt een partij nog geen zogenaamde verbonden partij, daarvoor is ook een financieel belang vereist. Onder financieel belang worden niet alleen eigendomsrechten, zoals die voortvloeien uit het bezit van aandelen begrepen, maar ook constructies als het verstrekken van leningen, het verlenen van subsidies en het stellen van garanties. 4. Beleid verbonden partijen In de “Nota verbonden partijen” is een dwingend kader opgenomen voor de oprichting van en de deelneming in een publiekrechtelijke of privaatrechtelijke organisatie, maar ook voor de gemeentelijke vertegenwoordiging in deze organisaties. Bovendien geeft deze nota aan op welke wijze de interne controle, verantwoording en het toezicht met betrekking tot de verbonden partijen is geregeld. Het doel hiervan is de gemeenteraad inzicht te geven over de mate waarin de beoogde doelstellingen binnen de verbonden partijen worden gerealiseerd over goede borging van het publieke geld dat in de verbonden partijen omgaat en over adequate beheersing van de eventuele risico’s. Het gaat niet alleen om het bereiken van doelstellingen van de verbonden partijen zelf, maar ook om het bereiken van de doelstellingen die de gemeente met deelname in de verbonden partij heeft beoogd. Zowel financieel als inhoudelijke prestatieafspraken.

82

Financieel overzicht Nr Cat Verbonden partij Bijdrage (bedragen x € 1.000) 2024

Eigen vermogen 1 jan 31 dec

Vreemd vermogen 1 jan 31 dec

Gemeenschappelijke regelingen 1

A Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland Midden (VGGM) Veilig Thuis

5.172

6.619

6.178

46.701

46.242

405

350

350

2.154

1.705 *

1.104

803

803

5.447

5.122

2

A Omgevingsdienst Regio Arnhem (ODRA)

3

A Park Lingezegen

302

4.827

4.626

0

0

4

B Modulaire Gemeenschappelijke Regeling Sociaal Domein (MGR)

4.416

699

685

3.287

3.799 *

5

B Samenwerkingsverband Euregio Rijn/Waal

12

1.750

1.747

3.338

2.917 *

6

B Recreatieschap Overbetuwe

0

0

0

0

0*

7

B BVO Doelgroepenvervoer Regio Arnhem Nijmegen

2.474

0

0

10.750

12.000

8

B GR Regio Arnhem Nijmegen (Groene Metropoolregio)

465

100

100

4987

4713

0

0

0

0

0

Vennootschappen en coöperaties 9

A Commandiet Westeraam BV

10 B Bank Nederlandse Gemeenten (BNG)

0 5.062.000 4.615.000 143.995.000 107.459.000 *

11 B Vitens NV

0

600.300

649.500

1.387.800

1.446.600 *

4

0

0

3.619

3.386 *

Stichtingen en Verenigingen 12 B St. Samenwerkingsverband Glasvezelnetwerk (SSGA) Totale bijdrage verbonden partijen

14.354

* De omvang van het eigen- en vreemd vermogen is gebaseerd op de jaarstukken 2022.

83

VP Gemeenschappelijke regelingen

1. Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden (VGGM) VGGM: Onderdeel Veiligheid: geen relevante ontwikkelingen. Veilig Thuis: geen relevante ontwikkelingen. Doelstelling/openbaar belang

Draagt zorg voor de wettelijke gemeentelijke taken op het gebied van openbare gezondheidszorg, jeugdgezondheidszorg, preventie, veilig thuis, epidemiologie, hulpverlening op het gebied van de brandweer, geneeskundige hulpverlening bij rampen, ambulancehulpverlening, bevolkingszorg, GGD en de meldkamerfunctie van brandweer en ambulancedienst.

Bestuurlijk belang

DB: Burgemeester .P. Hoytink-Roubos AB: - Burgemeester R.P. Hoytink-Roubos (plv. locoburgemeester) - Wethouder C. Teunissen (geen plv.)

Deelnemende partijen

15 regiogemeenten: Arnhem, Barneveld, Doesburg, Duiven, Ede, Lingewaard, Nijkerk, Overbetuwe, Renkum, Rheden, Rozendaal, Scherpenzeel, Wageningen, Westervoort en Zevenaar

Risico’s

Groot. De algemene bedrijfsreserve (ABR ) wordt gebruikt om exploitatieoverschotten en verliezen te compenseren en de risicoparagraaf af te dekken. Aangezien deze partij zelf geen verdere mogelijkheden heeft om nadelige exploitatiesaldi op te vangen komen eventuele hogere tekorten geheel voor rekening van de deelnemende gemeenten.

Programma

Duurzame en gezonde samenleving, Leefbare en bereikbare samenleving, Inclusieve en participatiesamenleving.

2. Omgevingsdienst Regio Arnhem (ODRA) In 2024 wordt het tarief voor het eerst in 4 jaar verhoogd met 7 euro, van 92 euro naar 99 euro. Deze tariefstijging is noodzakelijk om de structurele effecten van de inflatie en de nieuwe, vastgestelde CAO 2023 op te kunnen vangen. De overhead kosten nemen af van 26,8% naar 25,1% waarmee deze voldoen aan het lange termijn doel dat de ODRA zichzelf heeft gesteld. De risico's voor de bedrijfsvoering zullen de komende jaren naar verwachting toenemen vanwege onder meer de krappe arbeidsmarkt, economische ontwikkelingen en vereisten vanwege wet- en regelgeving. Doelstelling/openbaar belang

De regeling is ingesteld ter gemeenschappelijke behartiging van de belangen van de deelnemers ter zake van vergunningverlening, toezicht en handhaving in het kader van het omgevingsrecht. Onder de belangen van de deelnemers wordt tevens begrepen het belang van een goede samenwerking tussen de omgevingsdiensten in Gelderland.

Bestuurlijk belang

AB: Wethouder A.T.L. van den Dam (plv. D.E.W. HorsthuisTangelder)

84

Deelnemende partijen

Provincie Gelderland en 10 regiogemeenten: Arnhem, Doesburg, Duiven, Lingewaard, Overbetuwe, Renkum, Rheden, Rozendaal, Westervoort en Zevenaar.

Risico’s

Zeer klein

Programma

Duurzame en gezonde samenleving

3. Parkorganisatie (Park Lingezegen) Park Lingezegen voert in 2024 haar reguliere taken uit. Deze taken bestaan uit de volgende onderdelen: - Beheer - Doorontwikkeling - Activeren netwerk en events - Communicatie Doelstelling/openbaar belang

De realisatie en coördinatie van het beheer Park Lingezegen

Bestuurlijk belang

AB: Wethouder W.H. Hol (plv. Wethouder D.E.W. HorsthuisTangelder) DB: Wethouder W.H. Hol

Deelnemende partijen

Gemeenten Arnhem, Lingewaard, Nijmegen en Overbetuwe

Risico’s

n.v.t.

Programma

Leefbare en bereikbare samenleving

4. Modulaire Gemeenschappelijke Regeling Sociaal Domein regio Centraal Gelderland te Arnhem Ontwikkelingen 2024 Module Beheer * Binnen de beheerorganisatie worden voor de periode vanaf 2024 de mogelijkheid geboden om overige taken onder te brengen in het kader van het faciliteren van het regionale overleg en beleidsondersteuning. Vooralsnog wordt er in deze begroting nog geen financiële invulling gegeven aan deze mogelijkheid. Wanneer een Regionaal Portefeuillehoudersoverleg overige taken bij de MGR wil onderbrengen, zal de bijbehorende begroting worden overgeheveld naar de MGR. Als dit aan de orde is, wordt dit opgenomen in een begrotingswijziging 2024. Module inkoop: * De regio bereid een nieuwe Inkoop Zorg voor en er liggen extra verzoeken om taken uit te voeren binnen de module Inkoop. De module inkoop is hiermee gestart in 2023 en dit proces loopt door in 2024. Dit vraagt om uitbreiding van formatie in 2023 en 2024. Module Contractmanagement Inburgering (CMI) * De optie voor het inkopen van inburgeringstrajecten voor de samenwerkingsmodule contractmanagement Inburgeringstrajecten is toegevoegd. Dit is nu nog niet aan de orde en benodigde formatie hiervoor is niet opgenomen in de begroting. Module Werkgeversservicepunt Midden-Gelderland (WSP) * Het structureel onderbrengen van het Steunpunt SROI met bijdrage van gemeenten.

* Het WSP zal naast werkgeversbenadering dichter bij het aanbod van kandidaten gaan zitten om matches mogelijk te maken. In 2023 is er een nieuwe samenwerkingsovereenkomst gesloten met het UWV over de samenwerking tussen beide teams van het WSP (UWV deel en gemeenten). Het WSP-gemeentelijk deel zal de werkzaamheden voortzetten in 2024 met meer focus op de gemeentelijke opdracht.

85

Daarnaast blijft het WSP haar bijdrage leveren aan het regionale arbeidsmarktbeleid en wordt geanticipeerd op de mogelijke komst van de Regionale Werk Centra (RWC's). * Module WSP gaat in 2024 haar hardware vervangen. Dit is in de begroting meegenomen. Module Werkgeverschap SW (WgSW) * De module WgSW heeft eenzelfde ambitie als afgelopen jaar, namelijk het invullen van het formeel werkgeverschap van ca 1700 SW-medewerkers. Dit gebeurt op basis van de afspraken die gemeenten in 2023 opnieuw hebben vastgelegd met Scalabor en de MGR voor een periode van 3 jaar (2023-2025). Er zijn geen boventallige medewerkers van Presikhaaf Bedrijven meer in dienst van de MGR. Wel worden nog boven- en na-wettelijke uitbetalingen gedaan waarvoor een voorziening is getroffen. Module Regionaal Bureau Leerlingzaken Midden Gelre (RBL) * Eind 2022 is er door branchevereniging Ingrado een nieuwe formatierichtlijn gepubliceerd. De analyse hiervan heeft er voor 2023 toe geleid, de formatie voor leerplichttaken, waaronder ook kwalificatieplicht MBO te laten toenemen. In 2023 is een groeimodel gehanteerd voor het ophogen van de formatie en bijbehorende kosten. In 2023 wordt de uitwerking hiervan geëvalueerd om te bepalen wat nodig is in de formatie-uitbreiding leerplicht 2024. Deze verwachte ontwikkeling is nog niet verwerkt in de begroting 2024.

Extra Samenwerkingsmodule facilitering overige regionale taken Vanaf 1-1-2024 is deze nieuwe module toegevoegd. Wijziging regeling MGR Per 1 juli 2022 is de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) gewijzigd met als doel de democratische legitimatie en kaderstellende en controlerende rol aan de gemeenteraden te verstevigen. Voor 1 juli 2024 moeten de wijzigingen doorgevoerd zijn in de regeling. De MGR koerst op wijziging van de regeling per 1-1-2024, zodat ook een aantal andere wijzigingen, zoals de submodule steunpunt SROI en facilitering van extra module overige regionale taken per 1 januari geborgd is.. Verder ziet de gewijzigde WGR op strengere eisen die gesteld zijn aan de afspraken bij uittreding uit de regeling. Hierop is de regeling aangepast. Doelstelling/openbaar belang

Binnen deze Modulaire Gemeenschappelijke Regeling wordt op verschillende terreinen samen gewerkt in samenwerkingsmodules op het terrein van Zorg, Onderwijs en Participatie. De MGR bestaat uit een beheersorganisatie met de volgende modules: * Module Beheer * Module Inkoop * Module Contractmanagement Inburgering (CMI) * Module Werkgeversservicepunt Midden-Gelderland (WSP) * Module Werkgeverschap SW (WgSW) * Module Regionaal Bureau Leerlingzaken Midden Gelre (RBL) * Samenwerkingsmodule facilitering overige regionale taken (nieuw vanaf 2024!) Bestuurlijk worden de modules aangestuurd door bestuurscommissies, bestaande uit portefeuillehouders van de deelnemende gemeenten. De bestuurscommissies geven advies en leggen verantwoording af aan het Dagelijks Bestuur dat op zijn beurt weer verantwoording aflegt aan het Algemeen Bestuur van de MGR Sociaal Domein Centraal Gelderland (SDCG)

Bestuurlijk belang

AB: Wethouder A.T.L. van den Dam (plv. Wethouder C. B. A. Teunissen).

Deelnemende partijen

De 11 regio- gemeenten: Arnhem, Doesburg, Duiven, Lingewaard, Overbetuwe, Renkum, Rheden, Rozendaal, Wageningen, Westervoort en Zevenaar.

86

Risico’s

Risico beperkt zich tot de bepaalde (financiële) bijdrage. Risico is uittredende gemeente(n) en/of beëndiging deelname aan een samenwerkingsmodule dan wel submodule uit de GR. Frictiekosten worden toegerekend aan de uittredende partij, maar de verdeling t.a.v. overhead zal verhogen. Risico voor alle modules van de MGR op hogere indexeringen voor loonkosten en overige kosten dan waar in de primaire begroting rekening mee gehouden is. Uitvoeringsrisico dat maatschappelijke doelstellingen niet worden gehaald. Risico op onrechtmatigheid of fraude. Risico op geen passend personeel met expertise kunnen vinden voor het uitvoeren van de opdrachten. Risico op niet voldoen aan wet- en regelgeving voor gemeenten. Risico op incident / hack ICT beveiliging / AVG / ICT systeem niet beschikbaar.

Programma

Diversen

5. Eurgio Rijn-Waal Vanaf 2024 wordt de bijdrageregeling jaarlijks aangepast met de gemiddeld inflatie D/NL van de laatste 5 voorgaande jaren. De Euregioraad beslist jaarlijks over de hoogte van de ledenbijdrage in het kader van de vaststelling van de begrotingsstatuten. Verder geen relevante ontwikkelingen. Doelstelling/openbaar belang

Bevordering van de regionale grensoverschrijdende samenwerking

Bestuurlijk belang

Euregioraad: 1. Burgemeester R.P. Hoytink-Roubos 2. Raadslid: H. van der Heijden 3. Raadslid: G. Maaijen Plaatsvervangers Euregioraad: 1. Wethouder D.E.W. Horsthuis - Tangelder 2. Raadslid: Janita Hanekamp-Janssen 3. Raadslid: Dia Vennis

Deelnemende partijen

De Euregio Rijn-Waal is een Nederlands-Duits openbaar lichaam, gevestigd in Kleve, waarbij ca. 55 gemeenten en regionale overheden zijn aangesloten.

Risico’s

Gering

Programma

Algemeen Bestuur

87

6. Recreatieschap Over-Betuwe Actuele ontwikkeling: Gelet op de wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen moet de regeling voor 1 juli 2024 aangepast worden. Dit momentum wordt benut om een andere samenwerkingsvorm te onderzoeken met een minder zware bestuursstructuur. Doelstelling/openbaar belang

De belangen van de deelnemende gemeenten ten aanzien van openluchtrecreatie en het toerisme, het landschapsschoon en de natuurbescherming, voor zover het de behartiging van de belangen van de openluchtrecreatie betreft, op bovenlokaal niveau.

Bestuurlijk belang

AB: Wethouder D.E.W. Horsthuis- Tangelder (plv. wethouder A.H. Post), wethouder A.H. Post (plv. wethouder D.E.W. Horsthuis-Tangelder)

Deelnemende partijen

Gemeenten Arnhem, Lingewaard en Overbetuwe.

Risico’s

Gering Het Recreatieschap Over-Betuwe is één van de drie aandeelhouders van de B.V. Recreatie-maatschappij Rivierengebied. In het geval deze BV niet meer aan haar verplichtingen kan voldoen, gaat ze (uiteindelijk) zonder verdere verplichtingen van de aandeelhouders failliet.

Programma

Leefbare en bereikbare samenleving

7. BVO Doelgroepenvervoer Regio Arnhem Nijmegen (BVO DRAN) In 2024 wordt de gemeenschappelijke regeling BVO DRAN geactualiseerd conform de Wet gemeenschappelijke regelingen van 1 juli 2022. Doelstelling/openbaar belang

De samenwerking heeft als doel het aanvullend openbaar vervoer het leerlingenvervoer en het gemeentelijk maatwerkvervoer slimmer, efficiënter en klantvriendelijker te organiseren en beter af te stemmen op de mogelijkheden van de inwoners.

Bestuurlijk belang

Bestuur: Wethouder A.H. Post (plv. Wethouder C.B.A. Teunissen)

Deelnemende partijen

18 regiogemeenten: Arnhem, Berg en Dal, Beuningen, Doesburg, Druten, Duiven, Heumen, Lingewaard, Montferland, Mook en Middelaar, Nijmegen, Overbetuwe, Renkum, Rheden, Rozendaal, Westervoort, Wijchen en Zevenaar

Risico’s

Normaal. De BVO heeft geen eigen vermogen. Tekorten komen voor rekening van de deelnemende gemeenten.

Programma

Inclusieve en participatiesamenleving, Werkende en lerende samenleving

88

8. Gemeenschappelijke regeling Regio Arnhem Nijmegen (Groene metropoolregio). In de regionale agenda voor 2023-2024 staan de doelen die we met regionale samenwerking in deze periode willen bereiken en wat de bijdrage van de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen (GMR) is om dit te realiseren. De regionale agenda 2023-2024 is op 6 juli 2022 door het algemeen bestuur vastgesteld. Deze regionale agenda was voorzien van een begroting 2023-2026. De ambitie blijft in 2024 ongewijzigd: we zijn een bloeiend stedelijk netwerk, zonder de overdruk van de Randstad. Dat willen we zo houden. We verwachten dat onze regio nog verder zal groeien; in inwoners, in werkgelegenheid en in mobiliteit. We hebben een forse woningbehoefte van circa 35.000 extra woningen tot 2030. We zetten in op blijvend werk en huisvesting voor onze inwoners. We zien ook dat onze gekoesterde leefkwaliteit bedreigd wordt als we niet gezamenlijk sturen op de groei die op ons afkomt.

We willen daarom op regionaal niveau samenwerken, met de deelnemende gemeenten en onze partners met de vraag: hoe leiden we de groei gezamenlijk in goede banen, zodat de balans tussen stedelijke ontwikkeling en ontspannen leefkwaliteit in de regio behouden blijft? Doelstelling/openbaar belang Onze opgaven bevinden zich vooral op ruimtelijke ontwikkeling (waaronder wonen, landschap, verkeer en mobiliteit) en sociaaleconomische ontwikkeling (waaronder werkgelegenheid, bedrijvigheid, recreatie, toerisme en cultuur). Binnen de regio en richting Den Haag en Brussel profileren we ons als dé Groene Metropoolregio van Nederland en als (inter)nationale circulaire topregio 2050. Bestuurlijk belang

Lid AB: Burgemeester R. P. Hoytink-Roubos (plv wethouder A.T.L. van den Dam). Groene Groeiregio: D.E.W. Horsthuis-Tangelder Circulaire Regio: A.T.L. van den Dam Verbonden Regio: W.H. Hol Ontspannen Regio: A.H. Post Productieve Regio: D.E.W. Horsthuis-Tangelder

Deelnemende partijen

18 regio- gemeenten: Arnhem, Beuningen, Berg en Dal, Doesburg, Druten, Duiven, Heumen, Lingewaard, Montferland, Mook en Middelaar, Nijmegen, Overbetuwe, Renkum, Rheden, Rozendaal, Westervoort, Wijchen, Zevenaar

Risico’s

Indien bij de jaarrekening een tekort ontstaat, passen de deelnemende gemeenten het tekort bij. De verdeling van het tekort vindt plaats op overeenkomstige wijze als beschreven bij het bepalen van de inwonerbijdrage.

Programma

Algemeen bestuur

89

VP Vennootschappen en coöperaties

9. Commandiet Westeraam B.V. te Elst De Commandiet Westeraam B.V. wordt in 2023 geliquideerd, nu de GEM Westeraam Elst C.V. en de GEM Westeraam Beheer B.V. zijn geliquideerd. Doelstelling/openbaar belang

Als commanditaire vennoot deelnemen in de commanditaire vennootschap GEM Westeraam Elst C.V. Via de Commandiet neemt de gemeente voor 48 % deel in de inbreng van de commanditaire vennoten.

Bestuurlijk belang

Wethouder R. van den Dam vertegenwoordigt de gemeente als aandeelhouder Stemrecht tijdens de Algemene Vergadering van Aandeelhouders Directeur: Peter Breukers De directeur van de Commandiet tekent de jaarstukken van de GEM De ingelegde aandelenkapitalen in de GEM Westeraam Elst CV (€ 217.815) en de GEM Westeraam Beheer BV (€ 10.892) zijn inmiddels aan de gemeente teruggestort .

Deelnemende partijen

Gemeente Overbetuwe

Risico’s

Zeer klein.

Programma

Leefbare en bereikbare samenleving

10. Bank Nederlandse Gemeenten N.V. te Den Haag Er zijn geen relevante ontwikkelingen aangegeven door de BNG voor de periode tot en met 2024, die aanleiding zouden kunnen geven het aandeelhouderschap in de BNG te heroverwegen. Doelstelling/openbaar belang

Uitoefening van het bedrijf van bankier ten diensten van overheden door onder andere het aantrekken en uitzetten van gelden, het op andere wijze verlenen van kredieten, het stellen van garanties, het verzorgen van het betalingsverkeer, het verrichten van valutatransacties, het adviseren en bemiddelen bij de uitgifte van en de handel in effecten, het bewaren, beheren en administreren van effecten en andere vermogensbestanddelen ten behoeve van derden, alsmede het oprichten van en deelnemen in andere ondernemingen en/of rechtspersonen, wier doel in verband staat met of bevorderlijk is voor het hiervoor gestelde.

Bestuurlijk belang

Wethouder A.T.L. van den Dam vertegenwoordigt de gemeente als aandeelhouder. Stemrecht tijdens de Algemene Vergadering van Aandeelhouders De gemeente heeft zeggenschap in de BNG via het aandelenbelang van de gemeente in BNG, een stem per aandeel van EUR 2,50 nominaal. Dit is 0,04% van het totaal aantal uitstaande aandelen.

Deelnemende partijen

De Staat is houder van de helft van de aandelen. De andere helft is in handen van 11 provincies, 1 hoogheemraadschap en gemeenten.

Risico’s

Beperkt. Risico beperkt tot de nominale inleg van € 54.405 (21.762 aandelen)

90

Programma

Algemene dekkingsmiddelen

Dividend

€ 54.405

11. Vitens N.V. te Zwolle

Doelstelling/openbaar belang

Het verzorgen van de drinkwatervoorziening

Bestuurlijk belang

Wethouder A.T.L. van den Dam vertegenwoordigt de gemeente als aandeelhouder. Stemrecht tijdens de Algemene Vergadering van Aandeelhouders

Deelnemende partijen

107 gemeenten en 3 provincies

Risico’s

Beperkt. Risico beperkt tot het belang in aandelen (€ 34.717)

Programma

Algemene dekkingsmiddelen

Dividend

€0

VP Stichtingen en verenigingen

12. Stichting Samenwerkingsverband Glasvezelnetwerk Arnhem (SSGA) Geen relevante ontwikkelingen Doelstelling/openbaar belang

Een toegang tot SGGA is nodig om een robuuste en toekomstgerichte ICT-beheerorganisatie te verkrijgen door deze centraal te positioneren. Het beoogd effect is een verhoogde continuïteit van de informatievoorziening en (digitale) dienstverlening en mogelijkheid tot innovatie(ve) producten.

Bestuurlijk belang

Teammanager Informatie en Ondersteuning

Deelnemende partijen

27 deelnemers zoals gemeenten, scholen en andere non-profit organisaties

Risico’s

Risico is nihil.

Programma

Reguliere werkzaamheden

91

VII. Grondbeleid Inleiding In deze Paragraaf Grondbeleid wordt een beknopte toelichting gegeven op het te voeren grondbeleid van 2024 tot en met 2027.

Het gemeentelijk grondbeleid In februari 2018 is door de raad de Nota Visie op Grondbeleid 2018 vastgesteld. In deze nota zijn de (on-)mogelijkheden, risico’s en keuzen inzake het gemeentelijk grondbeleid beschreven en is aangegeven hoe dit beleid als sturingsmiddel en instrument bruikbaar is. Met de vaststelling van deze nota ligt het accent op facilitair grondbeleid, dat wil zeggen dat initiatieven tot ruimtelijke ontwikkelingen in hoofdzaak aan ontwikkelende partijen worden overgelaten en de gemeente zelf in beperkte mate opereert op de grondmarkt. De gemeente heeft daarbij een regisserende en (aan)sturende rol. Parallel aan de herziene Omgevingsvisie wordt er een geactualiseerde nota opgesteld die in 2024 voor vaststelling aan de gemeenteraad wordt aangeboden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=OverBetuwe&id=fad3ca8a-bbdd-407f-b32e-bf664c0cf752