21-09-07.11 relevant stuk 2 Waarde van sport en bewegen in Overbetuwe
Tekst van het document
Waarde van sport en bewegen in Overbetuwe Hoe scoort Overbetuwe in vergelijking met het landelijk gemiddelde? Percentage huishoudens dat doet aan:*
4,7%
9,5%
41,3% 4%
8,6%
gemiddeld
gemiddeld
Hardlopen
28%
37%
26%
gemiddeld
gemiddeld
Fitness
Wandelen
Wielrennen/MTB
0,76 km 2,6
gemiddeld
2,2
17,5
gemiddeld
21,1 gemiddeld
Score op beweegvriendelijke omgeving* 35,2%
31,5% gemiddeld
Aantal publieke sportaccommodaties*
64%
73% 63%
Fietsgebruik (afstand <7,5km)*
Gemiddelde afstand tot accommodatie*
(p. 10.000 inw.)
gemiddeld
73%
gemiddeld
% tevreden over Speel-Sportvoorzieningen**
48,7%
47,2% gemiddeld
€148
Percentage niet-sporters**
30,3% 25,3%
gemiddeld
€260
gemiddeld
Gemeentelijke lasten recreatie, cultuur, sport p/inw**
Aangesloten bij sportvereniging**
63% gemiddeld
mensen dat Percentage hhaaaaltltL**** de norm 63%
€ 2.738.660 Baten Sport&Bewegen (als 10% meer de norm haalt) negatief t.o.v. landelijk gemiddelde
0,83 km
positief t.o.v. landelijk gemiddelde
* Bron: volksgezondheidenzorg.info | ** Bron: waarstaatjegemeente.nl Let op! Bij het onderzoek dat aan deze berekening ten grondslag ligt, zijn een aantal aannames gedaan. Zie het artikel over de sociaaleconomische waarde van sporten en bewegen op allesoversport.nl
Toelichting
(p. 10.000 inw.)
73%
gemiddeld
48,7%
gemiddeld
Fietsgebruik (afstand <7,5km)*
25,3%
gemiddeld
€260
gemiddeld
63% gemiddeld
- versie december 2018 -
dat mensen L Percentage haalt** de normhaalt** 53%
Baten Sport&Bewegen (als 10% meer de norm haalt)
Per gemeente, % huishoudens waarin aan hardlopen/wielrennen/wandelen of fitness wordt gedaan (2015): Naast zwemmen is dit de top 5 meest beoefende sporten (2017).
Aantal sportaccommodaties (2017): Het betreft het aantal accommodaties per 10.000 inwoners, niet de grootte van accommodaties.
Score op beweegvriendelijke omgeving (2017): Deze kernindicator scoort de publieke ruimte in de fysieke woonomgeving (op een vijfpuntsschaal) op de mogelijkheid tot sporten en bewegen. De veronderstelling is dat een beweegvriendelijke omgeving (dus een hogere score) het beweeggedrag positief beïnvloedt.
Gemiddelde afstand tot accommodatie (2015): In km, de gemiddelde Nederlander woont op ruim 800 meter van de dichtstbijzijnde sportvoorziening, gemeten over de weg.
% niet-sporters (2016): Percentage mensen dat minder dan 1 keer per week sport.
Fietsgebruik (2010-2013):
Speel- & sportvoorzieningen (2014-2018):
Het percentage fietsgebruik per gemeente, bij afstand < 7,5 km. Het betreft verplaatsingen per fiets waarin de gemeente als vertrekplaats is aangemerkt.
% (zeer) tevreden uit de meest recente burgerpeiling (indien aanwezig op www. waarstaatjegemeente.nl). Het gemiddelde is berekend over de data uit 2017.
Gemeentelijke lasten recreatie, sport, cultuur (2018):
% inwoners aangesloten bij sportvereniging (2017)
% mensen dat de beweegnorm haalt (2016):
Euro per inwoner, via CBS (IV3).
Aantal inwoners van de gemeente dat een lidmaatschap heeft bij 1 of meer sportbonden, gedeeld door het totale aantal inwoners in de gemeente.
Percentage personen ouder dan 19 jaar dat voldoet aan de Nederlandse Norm Gezond Bewegen. dat mensen L** Percentage ha alt** de norm haalt
Baten sport & bewegen: Het gepresenteerde bedrag laat zien dat wanneer 10% van de mensen die niet voldoen aan de beweegnorm dit wel structureel zou doen, dit leidt tot jaarlijks gemiddeld x euro aan maatschappelijke baten over de hele levensloop van deze groep. Berekening: --
Er is gekeken naar het aantal personen dat nu niet aan de beweegnorm voldoet (in 2 groepen: 5-24jr en 25-54jr) en hier is 10% van genomen. -- Dit is vermenigvuldigd met de gemiddelde sociaal-economische waarde van sport en bewegen uit het rapport ‘De sociaal-economische waarde van sport en bewegen’. -- Vervolgens zijn deze bedragen omgerekend naar jaarlijkse baten op basis van een discontovoet van 3% en een gemiddelde resterende levensverwachting van 67jr (voor de 5-24 jarigen) en 42jr (voor de 25-54 jarigen) (uitgaande van een gemiddelde levensverwachting van 81,5 jaar) en bij elkaar opgeteld. Let op: --------
Het gepresenteerde bedrag is tot stand gekomen op basis van enkele aannames en betreft dus een indicatie. Lees het artikel ‘Wat is de sociaaleconomische waarde van sporten en bewegen’ voor meer informatie. Het is niet reëel om te verwachten dat deze winst direct in jaar 1 volledig zichtbaar wordt. Mogelijk valt de waarde zelfs pas na 30 jaar (het voorkomen van ziekten is bijvoorbeeld niet gelijk verdeeld over de overgebleven levensjaren). Een deel van de ‘inactieve mensen’ voldoet ongetwijfeld wel deels aan de beweegnorm, daarmee kan het zijn dat effecten worden overschat. Gemeenten hebben verschillende sociaaleconomische kenmerken die significant af kunnen wijken van het Nederlands gemiddelde (hierdoor kan bv. de impact op arbeid in euro’s groter of kleiner zijn) en het risico op afwijkingen neemt toe bij afname van de omvang van gemeenten. De arbeidsbaten veranderen indien inwoners van gemeenten veel/weinig voor werk pendelen naar andere gemeenten. Het totale effect op arbeid is niet per se anders, maar wel het effect binnen de gemeentegrenzen. De waarde is een contante waarde, verdisconteerd tegen 3%. © maart 2019