21-07-06 Kadernota 2022
Tekst van het document
Kadernota 2022
9
2 5 Corsa nummer: 21bij08764
Foto: Foto Suzan
1 3
Inhoud I.
Inleiding ........................................................................................................................................... 5
II.
Programmadeel ............................................................................................................................... 7 Beleidsvoornemens per programma ................................................................................................... 7 Programma 1 Openbare orde en veiligheid .................................................................................... 7 Programma 2 Verkeer, vervoer en waterstaat................................................................................ 7 Programma 3 Economische zaken .................................................................................................. 8 Programma 4 Onderwijs.................................................................................................................. 8 Programma 5 Cultuur, sport en recreatie ....................................................................................... 8 Programma 6 Sociale voorzieningen en maatschappelijke dienstverlening ................................. 11 Programma 7 Volksgezondheid en milieu ..................................................................................... 14 Programma 8 Ruimtelijke ordening en volkshuisvesting ..............................................................
15 Programma 9 Financiën en bedrijfsvoering .................................................................................. 16 Programma 10 Algemeen bestuur ................................................................................................ 17
III.
Financieel deel ........................................................................................................................... 19
1.
Algemeen................................................................................................................................... 19
2.
Financiële positie ....................................................................................................................... 23 Omvang algemene reserve............................................................................................................ 23 Financiële indicatoren ................................................................................................................... 23
3.
Opbouw financieel perspectief conform Document Ombuigingen ......................................... 25
4.
Risico’s, kansen en onzekerheden ............................................................................................. 33
5.
Financieel technische uitgangspunten begroting 2022 ............................................................ 37
6.
Personeel en organisatie ........................................................................................................... 39 Ontwikkeling p-budget .................................................................................................................. 40
IV.
Ombuigingsvoorstellen ............................................................................................................. 43
79Overzicht Quick wins ..................................................................................................................... 44 Overzicht Ambities ............................................................................................................................ 73 Overzicht Lastenverzwaring en inkomens verhogende maatregelen ............................................... 95 Bijlage 1: Financieel effect beleidsplan sociaal domein .................................................................. 103 Bijlage 2: Uitgangspunten begroting 2022 ...................................................................................... 107 Bijlage 3: Overzicht structurele en incidentele lasten en baten .................................................... 109 3
4
I. Inleiding Met dit document biedt het college de gemeenteraad de kadernota 2022 aan. Het college is van mening dat zij met deze kadernota een robuuste basis biedt voor Overbetuwe om ook de komende jaren een financieel gezonde gemeente te blijven. In deze kadernota verwachten we een structureel begrotingsoverschot voor de jaren 2023 en verder. Het begrotingsjaar 2022 vertoont nog een tekort. Zoals gebruikelijk gaan we ook in deze kadernota in op de beleidsvoornemens en financiële kaders; we leggen u hiermee de uitgangspunten voor die van belang zijn voor het opstellen van de meerjarenbegroting. De kadernota staat dit jaar echter in het teken van het doorvoeren van noodzakelijke ombuigingen. Immers, uw raad heeft de opdracht gegeven om te komen tot een begroting die meerjarig structureel in evenwicht is. Gezien het financiële perspectief ontkomt onze gemeente er niet aan om daartoe besparingen door te voeren. De ambtelijke organisatie heeft de afgelopen maanden een traject doorlopen waarbij de mogelijkheden voor het doorvoeren van ombuigingen zijn onderzocht. Deze voorstellen zijn opgenomen in deze kadernota en met de vaststelling daarvan geeft de raad deze voorstellen mee als kader voor de inrichting van de meerjarenbegroting vanaf 2022.
Bij het opstellen van de ombuigingsvoorstellen is het uitgangspunt steeds geweest dat bezuinigingen zo min mogelijk effect hebben op goed wonen, leven en werken in Overbetuwe. In de voorstellen worden daarom verenigingen en kwetsbaren ontzien, en de gemeente blijft ook investeren in de samenleving.
Leeswijzer Deze kadernota kent de volgende opbouw: het eerste deel is het programmadeel waarin op basis van het Coalitieprogramma 2018-2022 en de Uitvoeringsagenda 2018-2022 de beleidsvoornemens per programma kort worden toegelicht. Vervolgens beschrijven we in het financiële deel de opbouw van het verwachte financiële perspectief, de financiële ontwikkelingen en onzekerheden die we verwachten voor de komende vier jaar, op welke wijze we die verwerkt hebben en wat dit betekent voor onze financiële positie. Tevens informeren we u zoals gebruikelijk over personeel en organisatie. Als laatste onderdeel treft u in deze kadernota de ombuigingsvoorstellen aan, verdeeld naar quick wins, ambities en lastenverzwaring en inkomens verhogende maatregelen. Als bijlage zijn toegevoegd de uitwerking van het beleidsplan Sociaal Domein, de uitgangspunten begroting 2022 en het overzicht incidentele lasten en baten.
Beslispunten kadernota 2022: 1. De kadernota 2022 vaststellen 2. De financiële uitgangspunten conform bijlage 2 vaststellen waaronder: De lasten en baten zijn gebaseerd op constante prijzen; De lasten van de kunstgrasvelden zijn gebaseerd op de kortere levensduur van de toplagen van deze velden en de langere levensduur van de onderliggende funderingen De afschrijvingstermijn voor investeringen in de openbare ruimte is 40 jaar met uitzondering van investeringen die een kortere levensduur hebben; 3. Vaststellen dat de kosten van het Sociaal Domein voor de onderdelen WMO (basisvoorzieningen en individuele voorzieningen), Jeugd wet en Participatiewet, gelijk zijn 5
aan de daadwerkelijk gemaakte kosten 2020 minus de in dat jaar geldende taakstelling die door de raad is vastgesteld. 4. Het onderhoudsniveau voor de openbare ruimte bepalen op basis op orde 5. Ten aanzien van de financiële beleidsuitgangspunten a. Het streven naar een jaarlijks begrotingsoverschot van € 1 miljoen vervangen door het sturen op structureel evenwicht; b. Het sturen op een minimale omvang van de algemene reserve vervangen door de sturing op de weerstandsratio in combinatie met de BBV indicator solvabiliteit;
6
II. Programmadeel Beleidsvoornemens per programma In het Coalitieprogramma 2018-2022 ‘Overbetuwe in bloei’ hebben we een voorzet gegeven om de gemeentelijke ambities uit te werken naar 10 thema’s t.b.v. uitvoering in de periode tot en met 2022. Deze ambities hebben wij vervolgens verder uitgewerkt in de ‘Uitvoeringsagenda 2018-2022’. De financiële vertaling daarvan voor het komende begrotingsjaar 2022 (en periode 2022-2024) geven we een plek in de 10 programma’s in de Programmabegroting 2022. Hieronder lichten we onze beleidsvoornemens per programma in het kort toe. Programma 1 Openbare orde en veiligheid Veiligheid De basis voor het huidige veiligheidsbeleid ligt vast in het Integraal Veiligheidsplan 2021-2022. In dit plan, dat is vastgesteld in de raadsvergadering van 8 december 2020, zijn de volgende prioriteiten benoemd: aanpak ondermijnende criminaliteit, terugdringen en bestrijden High Impact Crimes, versterken verkeersveiligheid (vergroten bewustwording en gedragsverandering) en het vergroten van de weerbaarheid van digitale dreiging. Naast deze prioriteiten zijn er de zogenaamde overige veiligheidsthema’s. Deze zijn in sterke mate ‘going concern’ en blijven dus continue onderdeel uitmaken van de uitvoering van het integraal veiligheidsbeleid. Ook in 2022 zullen onze activiteiten gericht zijn op het creëren van een balans tussen preventie en repressie.
We helpen waar nodig en pakken aan waar dat moet. Handhaving De basis voor het handhavingsbeleid vormt het in 2021 nieuw vast te stellen samenhangende handhavingsbeleid. Het nieuwe beleid vormt de kapstok voor het handhavingsjaarprogramma 2022. Hierin wordt concreet aangegeven welke toezichts- en handhavingstaken in de fysieke leefomgeving in 2022 worden uitgevoerd en waar de focus op ligt. Programma 2 Verkeer, vervoer en waterstaat Vervoer vervult een sleutelrol in het bereikbaar, aantrekkelijk en leefbaar houden van onze gemeente, zowel voor onze inwoners als onze bedrijven. We zetten in op een compleet, samenhangend en veilig verkeers- en vervoersnetwerk waarin iedereen in Overbetuwe zich van A naar B kan verplaatsen op een manier die past bij zijn of haar reisbehoefte. In het ambitiedocument ‘Overbetuwe 2030 sociale, slimme en schone mobiliteit’ (vastgesteld op 8 december 2020) zijn onze ambities en opgaven geformuleerd. De ambities en opgaven geven richting aan hoe we om gaan met de ontwikkelingen die op ons afkomen zoals het aanbieden van vervoer op maat (van aanbodgericht naar vraaggericht), de transitie naar duurzame mobiliteit en de toename van verkeersdruk waardoor de bereikbaarheid onder druk komt te staan. In 2022 gaan we aan de slag met de uitvoering van de actieagenda.
Dit doen we samen met onze inwoners, bedrijven, Groene Metropoolregio Arnhem Nijmegen en provincie. We geven verder uitvoering aan de fietsagenda uit de fietsnota ‘Overbetuwe fietst verder’, naar een optimaal fietsnetwerk tussen de kernen. De optimalisatie van de fietsroute langs de Boven-Linge maakt hier onderdeel van uit. De heroverwegingsvoorstellen van het college hebben geen effect op deze werkzaamheden. 7
Programma 3 Economische zaken Gedurende de gehele coalitieperiode zetten wij de komende jaren in op 3 speerpunten: Ondernemersvriendelijke dienstverlening Voor de vestiging van bedrijven en vragen van het bedrijfsleven zoeken wij naar maatwerkoplossingen en denken mee met de ondernemers. We zetten maximaal in op lokaal ondernemerschap en stimuleren startende ondernemers. Samenwerking In de regio en lokaal zoeken wij de samenwerking om te zorgen dat er een sterk ondernemersklimaat is in Overbetuwe. Dit betekent met omliggende gemeenten gezamenlijk de regio promoten. Binnen onze eigen gemeente pakken we samen met ondernemersnetwerken diverse projecten op. Sterke en vitale werklocaties We vinden het eveneens van belang dat de gemiddelde hoge kwaliteit van onze werklocaties (bedrijventerreinen, centra en het buitengebied) op peil gehouden wordt en toekomstbestendig is. Door regelgeving, veranderend consumentengedrag en duurzaamheidsopgave is het erg belangrijk om hier samen aan te werken. In 2021 is het economisch uitvoeringsprogramma 2019-2022 geactualiseerd. Lopende projecten zijn afgesloten en nieuwe projecten zijn toegevoegd. Ook voeren wij met u het gesprek over de wensen ten aanzien het economisch beleid. Wij richten onze daarbij vooral op een goede aansluiting tussen ons lokaal beleid op die van de regio. In 2022 zal een nieuw beleidsdocument worden opgesteld.
Programma 4 Onderwijs Onderwijs Door Corona is er extra aandacht nodig voor onderwijsachterstanden. We benutten de regionale samenwerking om deze aandacht te realiseren. Wanneer er middelen voor het verhelpen van onderwijsachterstanden beschikbaar komen vanuit het Rijk, benutten we die in regionaal verband omwille van de effectiviteit. We zetten in op een versterking van de samenhang tussen onderwijs en jeugdhulp. Die versterking betreft preventie en vroegsignalering in het (regulier) onderwijs, en een betere verbinding van onderwijs (leerplicht / zorgplicht) en dagbesteding. Op dat laatste punt voorzien we winst in de integraliteit van dienstverlening en de dagbesteding. Huisvesting onderwijs Ter uitvoering van strategisch meerjarig huisvestingsplan onderwijs (SHP) zullen de voorbereidingen plaatsvinden voor de bouw van twee nieuwe scholen voor basisonderwijs, nl. De Meeuwenberg in Driel en SamSam in Oosterhout. De overige onderdelen die zijn opgenomen in het SHP zijn verwerkt in de voorliggende kadernota. Programma 5 Cultuur, sport en recreatie Sport In 2021 staat de besluitvorming over de sport- en beweegnota (2021-2025) gepland. De uitvoering van de sportnota start in 2021 en loopt parallel met de uitvoering van het Overbetuws Sportakkoord. Zowel de sportnota als het Overbetuws Sportakkoord kent dezelfde thema’s en bijbehorende 8
ambities. In de sportnota is verder uitgewerkt hoe die ambities te bereiken en op basis van welke indicatoren de gemeentelijke inspanningen in de uitvoering worden geëvalueerd. Daarnaast is in de sportnota aansluiting gevonden op de ambities vanuit het Gelders Sportakkoord. Een kanttekening bij de uitvoering van de sport- en beweegnota is dat die wordt beïnvloed wanneer het ombuigingsvoorstel voor Overbetuwe Beweegt wordt gehonoreerd. Overbetuwe Beweegt benoemen we als onze belangrijkste- en grootste partner in de uitvoering, die we een stevige positie geven in de lokale sportinfrastructuur door als activator en verbinder op te treden richting o.a. inwoners en sport- en beweegaanbieders. Cultuur In 2022 staan te realiseren ambities uit de Cultuurvisie op de agenda. Als gevolg van Corona heeft de sector kunst en cultuur zware klappen te verduren. De inzet van Overbetuwe is om een bijdrage te leveren aan dit herstel vanuit de beleidskaders en speerpunten die de cultuurvisie biedt. Recreatie en toerisme In 2022 worden samen met Lingewaard de laatste actiepunten uit de huidige beleidsnota Recreatie en Toerisme 2017-2022 gerealiseerd. Dan vindt ook de realisatie en vaststellen van de nieuwe gezamenlijke beleidsnota Recreatie en Toerisme 2023-2028 plaats. Centraal daarin staat de promotie van De Betuwe, een dijk van een landschap.
Verder zetten we in op de realisatie van de acties binnen speerpunt ‘Duurzaam Toerisme’ van de Groene Metropoolregio. Ook staat het afronden van Gelderland Herdenkt gepland. Hierin zijn tal van projecten opgenomen, ook in Overbetuwe, die als onderdeel van de pijlers herdenken, beseffen (educatie) en beleven (ervaren) een (blijvende) herinnering achter moeten laten. Spelen In 2021 staat besluitvorming over het vernieuwde speelbeleid gepland. Vanaf 2022 is de uitvoering van dit plan voorzien. In Overbetuwe beslissen inwoners mee over de inzet van speelbudgetten in grote speelprojecten per kern. Dat zorgt voor meer cohesie en draagvlak voor de besluiten op speelgebied. Voor de uitvoering van de plannen zijn extra middelen nodig t.b.v. de Participatie projectcoördinator (per 2022) en Verbetering Jongeren ontmoetingsplekken (per 2023). Deze kunnen binnen de huidige budgetten worden gedekt mits er budgetten voor vervangingsinvesteringen beschikbaar worden gesteld vanuit het IKP OR. Tevens zullen in 2021 nog beheers- en onderhoudsplannen worden opgesteld, waar onder de vervangingsinvesteringen voor de speeltoestellen. Het speelbudget maakt geheel deel uit van de in de IKP OR opgenomen middelen. In het IKP OR is voor vervangingsinvesteringen een bedrag genoemd van € 3,4 miljoen per jaar.
In het najaar zijn alle beheers- en onderhoudsplannen bekend en zullen besluiten genomen worden over de totaal benodigde vervangingsinvesteringen. Beheer openbare ruimte Het Integraal Kwaliteitsplan Openbare Ruimte (IKP OR) is beleidsmatig door de gemeenteraad vastgesteld. Het IKP OR begint bij een goede kwaliteit waarin het onderhoud netjes wordt verzorgd. Deze kwaliteit, uitgaande van de voorkeur basis op orde, is geraamd in de kadernota (€ 345.000). Maar uiteindelijk vraagt het integraal Kwaliteitsplan om een bredere blik, zo hebben onze inwoners en ondernemers ons massaal geholpen bij het maken van de ambitie- en inrichtingskeuzes. Ook de Omgevingsvisie heeft hierin de nodige uitgangspunten meegegeven. Er liggen belangrijke opgaven zoals klimaatadaptatie, biodiversiteit en gezondheid die een plek vragen in de openbare ruimte. Dit 9
heeft geleid tot dit IKP OR dat ons als gemeente aanspoort om de openbare ruimte te blijven zien als een waardevol bezit en een plan dat onze inwoners uitdaagt om ook hun steentje bij te (blijven) dragen. Het college kijkt ernaar uit om komende jaren samen nog meer waarde toe te voegen aan de openbare ruimte. Denk aan de maatregelen die we gaan nemen om via het beheer de biodiversiteit te verbeteren en door bij vervangingsprojecten samen met onze inwoners te werken aan een gezonde, veilige en toekomstbestendige openbare ruimte. Kortom, aan het mooier maken van onze gemeente. Het tempo van realisatie van deze ambities is afhankelijk van de beschikbare financiële middelen. Voor de realisatie van de ambities in het laagste tempo is er een investering van € 200.000,00 per jaar noodzakelijk (zie tabel 7 van het IKP OR). Hiervoor is geen ruimte in het financieel perspectief. In de komende jaren zal er dus naar alternatieve financiële dekkingsmiddelen gezocht moeten worden. Een oplossingsrichting hierin is om de ambitie- en inrichtingskeuzes in te bedden in de beschikbare middelen van de ontwikkelingsprojecten en de vervangingsprojecten. Omdat ieder project uniek is, zal men per project samen met de inwoners en ondernemers moeten gaan kijken welke ambitie- en inrichtingskeuzes haalbaar zijn.
Mocht er helemaal geen ruimte binnen het project zijn om deze ambities te realiseren, kunnen we ruimte elders in de gemeente ter beschikking stellen om hier door de ontwikkelaar een compensatie te laten realiseren. Stand van zaken financieel effect IKP OR (Bedragen x € 1.000)
Regulier onderhoud Areaaluitbreiding Vervangingsinvesteringen (bandbreedte) Ambities
1
2022 254 72 85-175
2023 254 144 170-350
2024 254 216 255-525
2025 254 288 340-700
200
200
200
200
Geraamd in KN Ja Ja Nee 1 Nee
Zie hoofdstuk ”Risico’s, kansen en onzekerheden”
10
Programma 6 Sociale voorzieningen en maatschappelijke dienstverlening Beleidsplan Sociaal Domein Kader De uitgaven in het sociaal domein zijn hoger en groeien sneller dan begroot; met name de uitgaven aan individuele voorzieningen voor de Wmo en Jeugdwet. De raad heeft uitgesproken deze toename van kosten te willen terugdringen en beheersen. Eind 2020 zijn daartoe door de raad 18 maatregelen vastgesteld die gezamenlijk gericht zijn op het beheersbaar maken en terugdringen van uitgaven in het sociaal domein. Deze maatregelen zorgen én voor kostenbeheersing én passen binnen de kaders en doelen van het beleidsplan sociaal domein (vastgesteld 10-11-2020). Het beleidsplan heeft integrale dienstverlening voor het hele sociaal domein (naast Wmo en Jeugdwet ook de Participatiewet en wet Schuldhulpverlening) als doel. Alle financiële maatregelen zijn, conform de opdracht van de raad, in lijn met het beleidsplan geformuleerd. Dat betekent dat ook maatregelen geformuleerd zijn die (mede) betrekking hebben op de dienstverlening en financiën Participatiewet en wet Schuldhulpverlening. Door de inhoudelijke verbinding tussen beleidsplan en financiële maatregelen kunnen inhoudelijke en financiële doelen gelijk oplopen en integraal afgewogen worden: kwaliteit van dienstverlening en kostenbeheersing.
Deze afweging gebeurt binnen de kaders van de wettelijke bepalingen en verantwoordingsvereisten die hierbij gelden. Uitgangspunt 1 Voor de meerjarenbegroting is het beoogde meerjarig kostenniveau 2022-2025 in ieder jaar gelijk te stellen aan de daadwerkelijk gemaakte uitgaven 2020 minus de in dat jaar geldende taakstelling die in de begroting 2020 door de raad is vastgesteld. Dit is de operationalisering van het voornemen dat door de raad bij de vaststelling van de 18 maatregelen is uitgesproken. Uitgangspunt 2 Conform het beleidsplan sociaal domein, dit uitgangspunt toe te passen op de uitgaven op basisvoorzieningen en individuele voorzieningen voor Wmo, Jeugdwet en Participatiewet. In bijlage 1 “Financieel effect beleidsplan sociaal domein” is het financieel effect op het niveau van de onderliggende kostenplaatsen in beeld. Maatregelen De 18 maatregelen zijn ingezet om te waarborgen dat de uitgaven passen binnen de uitgangspunten. De maatregelen hebben impact op de begroting sociaal domein als geheel en prioritering van de inzet van middelen gebeurt op basis van integrale afweging. Waar we eerder werkten met deelbudgetten werken we vanaf 2022 met een totaal budget zodat we de synergievoordelen over de verschillende aandachtsvelden kunnen verdelen. De maatregelen geven het volgende resultaat aan besparingen: Besparing per maatregel per begrotingspost
11
2022 -1560 630 -930
TOTAAL Besparing TOTAAL Investering Saldo maatregelen
2023 -1920 460 -1460
2024 -2230 400 -1830
2025 -2230 400 -1830
De besparing die hier getoond wordt is ten opzichte van een meerjarenbegroting 2022-2025 zonder maatregelen. De maatregelen dempen de kostenstijgingen en brengen daarmee het kostenniveau op het niveau van realisatie 2020. Hierbinnen zijn de investeringen én middelen voor risicobeheersing verdisconteerd. Met andere woorden, er wordt enige marge aangehouden om eventuele tegenvallers op te vangen. De risico’s zijn hieronder gepresenteerd. Te zien is dat de besparingen in de loop der tijd oplopen en de investeringen afnemen, hetgeen leidt tot een grotere besparing. We voorzien vanaf 2024 een positief saldo van € 100.000; met andere woorden de maatregelen brengen meer op dan nodig om op uitgavenniveau 2020 uit te komen. Per maatregel is een realisatieplan opgesteld; samen vormen deze het maatregelenplan. Daarin zijn kosten, baten, specifieke risico’s en mitigerende maatregelen beschreven voor de betreffende maatregel. Via de kwartaalrapportage sociaal domein wordt de raad geïnformeerd over de voortgang van de maatregelen. Effect op kadernota Toepassing van deze grondslag en het effectueren van de maatregelen heeft het volgende effect op de kadernota: Jaar Actuele raming o.b.v de uitgangspunten
2022
2023
2024
2025
35.462
34.962
34.962
34.962
2
“oude raming” 2021-2024
35.214
34.813
34.913
34.913
Positief saldo maatregelen
0
0
100
100
-248
-149
51
51
Financieel effect kadernota 2022
Risico’s Instemmen met de beslispunten gebeurt met inachtneming van de volgende risico’s: 1. De kadernota is gebaseerd op de realisatie 2020. Voor 2020 geldt dat het, door Corona, een atypisch jaar was. De jaren 2021 en verder staan in het teken van herstel na Corona. Risico is dat de aannames die aan de kadernota ten grondslag liggen en welke gebaseerd zijn op realisatie 2020, niet valide blijken te zijn. Dit risico is niet te kwantificeren. 2. Door realisatie 2020 als uitgangspunt te hanteren worden inflatiecorrecties niet expliciet meegenomen; de maatregelen (zoals het lokaal maken van meerjarige afspraken met aanbieders) moeten de effecten hiervan dempen. In totaal is omtrent € 30 miljoen van de begroting sociaal domein 3. Door realisatie 2020 als uitgangspunt te hanteren worden volumestijgingen niet expliciet meegenomen; gelet op de bevolkingsopbouw in Overbetuwe is dit aannemelijk. De aanname is dat het aantal jeugdigen stabiliseert volgens CBS-cijfers; en het aantal ouderen (kosten Wmo nemen exponentieel toe per leeftijdscategorie vanaf 70) beperkt stijgt. Dit risico is niet te kwantificeren. 2
We doelen hier op de raming uit de begroting 2021-2024
12
4. Voor de Participatiewet geldt dat Overbetuwe in een financieringssystematiek van SZW valt waarbij het budget volledig wordt verdeeld via een objectief verdeelmodel. Op basis van realisatie en conjuncturele verwachtingen vindt echter ook op macro niveau bijstelling plaats. Dit kan leiden tot een lager macrobudget en daardoor ook een lager gemeentelijk budget. Om binnen het budget te blijven dient Overbetuwe ieder jaar beter te presteren in voorkomen instroom en bevorderen uitstroom Participatiewet dan op macro niveau het geval is en door het verdeelmodel wordt voorspeld. Dit risico is ter grootte van € 150k; vanuit de aanname dan een bestandsafname op peildatum van 10 per jaar zorgt voor het beoogde resultaat van de maatregel. 5. Er is een groot voordeel ingeboekt door toepassing van het Woonplaatsbeginsel Jeugdwet. Er is nieuwe regelgeving die effect heeft op de mogelijkheid het Woonplaatsbeginsel toe te passen. Deze zorgt voor dit voordeel. Aanname is dat deze nieuwe regelgeving niet leidt tot een aanpassing van het landelijke verdeelmodel dat voor de Jeugdwet wordt gehanteerd. De omvang van dit risico is € 500k. 6. In 2020 zijn incidentele voordelen ingeboekt. Door het hanteren van realisatie 2020 als uitgangspunt voor de kadernota worden deze voordelen meegenomen. Aanname is dat zich komende jaren wederom eenmalige, of mogelijk structurele, voordelen zullen voordoen.
Zo is voor 2021 een eenmalige extra uitkering voor bekostiging Jeugdzorg toegezegd door het kabinet. De omvang van dit risico is € 250k; zijnde het totaal aan eenmalige voordelen. Passende inrichting en passende voorzieningen De doelstelling om ondersteuning van inwoners (jong en oud) dichtbij, betaalbaar, bereikbaar en kwalitatief goed te organiseren blijft onverminderd van kracht. Investeren in voorliggende mogelijkheden van inwoners en het versterken van gemeenschapszin voegen we hier aan toe. In 2020 zijn we gestart met Sociaal Team Overbetuwe (STO); de inrichting hiervan is omvangrijk en raakt een groot deel van onze opgaven in het sociale domein. We willen een omslag realiseren van een volume gestuurd stelsel naar een stelsel waarin de mogelijkheden en de resultaten voor de inwoner centraal staan. Voorkomen dat mensen in de problemen komen, eigen mogelijkheden van inwoners versterken, sterke kernen waar mensen elkaar helpen en algemene en collectieve voorzieningen die aansluiten op de behoefte. We werken hierbij samen met onze partners. Naast de implementatie van het STO zullen we verder investeren in voorliggende voorzieningen en samenwerking met ketenpartners om grip te krijgen op de groeiende uitgaven op het gebied van jeugdzorg en Wmo. Hierdoor denken wij beter in staat te zijn om onze opgaven te realiseren binnen de kaders.
Met als resultaat een betere ondersteuning voor onze inwoners én betaalbare ondersteuning. Zodat zij die ondersteuning nodig hebben, dit ook in de toekomst kunnen blijven ontvangen. Participatiewet We hebben heb re-integratiebeleid herijkt. We richten ons nog meer dan voorheen op het voorkomen van werkloosheid en een beroep op een uitkering. We bieden trajecten op maat voor inwoners die werkloos dreigen te raken. Daarnaast begeleiden we ondernemers die in zwaar weer terecht komen. Dit naast onze blijvende inzet voor de groep inwoners waarbij participatie in de samenleving voorlopig het hoogst haalbare is. Verschil met voorheen is dan ook bij die groep we met
13
de werkplekken goede afspraken maken om inwoners uit die groep op den duur stappen naar een grote mate van participatie te laten maken. Wet inburgering De nieuwe Wet Inburgering treedt in werking op 1 januari 2022. Doel van de nieuwe wet is dat inburgeringsplichtigen zo snel mogelijk meedoen in Nederland. En dat ze zo snel mogelijk participeren naar vermogen bij voorkeur via betaald werk. De gemeente gaat inburgeringsplichtige nieuwkomers begeleiden bij hun inburgering. Zij krijgen een inburgeringstraject op maat aangeboden. Dit gebeurt aan de hand van een brede intake, en via een persoonlijk Plan Inburgering en Participatie. De gemeente begeleidt ook gezinsmigranten en overige migranten. Inburgeringsplichtigen leren de Nederlandse taal op een niveau waarmee ze zich goed kunnen redden in Nederland. Zo kunnen zij sneller deelnemen aan de Nederlandse samenleving. En hebben zij betere kansen op de Nederlandse arbeidsmarkt. Een combinatie van leren van de taal en participeren in de Nederlandse samenleving is een belangrijk onderdeel van het nieuwe inburgeringsstelsel. Het volgen van een stage of (vrijwilligers)werk zijn daar voorbeelden van. Armoedebeleid Met het armoedebeleid richten we ons op het vergroten van deelname aan het maatschappelijke leven en zelfredzaamheid.
Dit doen we door samenwerking met lokale partijen, een integrale benadering en stress sensitieve dienstverlening gebaseerd op het “werken vanuit de bedoeling”. Schuldhulpverlening Preventie en vroegsignalering van schulden doen we steeds meer vanuit het STO in samenwerking met ketenpartners. Schuldhulpverlening is een specialistisch vakgebied. In 2021 worden de keuzen gemaakt waarmee we bepalen hoe de verhouding tussen zelf doen en het uitbesteden van werkzaamheden eruit gaat zien in 2022. Programma 7 Volksgezondheid en milieu Volksgezondheid Bij Volksgezond richten we op “Health in all policies” (Gezondheid op alle beleidsterreinen). De algemene gezondheidstoestand van onze inwoners hangt samen met ons dagelijks leven. Dat wat we eten en drinken, waar we wonen, hoe we werken en hoe we onze vrije tijd doorbrengen kan zowel positieve als negatieve effecten op onze gezondheid hebben. We zetten daarbij steeds meer in op Positieve Gezondheid en preventie. Gezondheid is meer dan niet ziek zijn. Positieve gezondheid zorgt ervoor dat we verder kijken dan gezondheid alleen. De nadruk ligt op veerkracht, eigen regie en welbevinden en het voorkomen van ziekten. Onze inzet is gericht op de volgende ontwikkelingen: Komen tot een Preventieakkoord voor Overbetuwe gericht op rookvrij, overmatig alcoholgebruik, overgewicht en bewegen.
Door dit aan te pakken kan de gezondheid van inwoners verbeteren. Ouderengezondheidszorg verder bevorderen door 75-plus huisbezoeken te intensiveren, goede mantelzorg te bieden, ontwikkeling naar dementievriendelijke gemeente en in het sportakkoord de ouderen als specifieke doelgroep benaderen. Publieke gezondheid als thema binnen de omgevingswet en daarmee het samenbrengen van de thema’s van het fysieke en sociale domein. Aandacht voor infectieziekte bestrijding in het Rijksvaccinatieprogramma. 14
Verzachten van de gevolgen van Corona door een eenmalige subsidie van het steunpakket voor welzijn en leefstijl. Duurzaamheid In 2022 werken we vanuit een in 2021 geactualiseerde routekaart aan de ambities op het gebied van duurzaamheid. Wij zullen ons in tegenstelling tot de nog lopende routekaart niet alleen richten op hernieuwde energie en energiebesparing, maar ons ook richten op circulaire economie, biodiversiteit, mobiliteit en klimaatadaptatie. Duurzaamheid zal op elk beleidsterrein een belangrijk onderdeel gaan uitmaken van de beleidsvoorstellen. Te denken valt dan aan vastgoed, openbare ruimte e.d. Ook zal er een vervolg worden gegeven aan de Transitievisie Warmte. In 2022 wordt gestart met de wijkuitvoeringsplannen Milieustraat De raad staat (in meerderheid) achter de doelstelling om, op termijn, een circulair ambachtscentrum (CA) te realiseren, als vervanging van de huidige milieustraten. De doelstellingen om te komen tot een volledige circulaire verwerking zijn passend binnen de duurzame toekomst van de gemeente maar ook ambitieus. Het proces om te komen tot een circulair ambachtscentrum vergt grote investeringen (5-7 miljoen euro) en verdient een zorgvuldige afweging in tijd, geld en mogelijkheden. Om de volgende stap te zetten om op termijn een circulair ambachtscentrum te realiseren zal een projectplan worden opgesteld.
De ambitie om toe te groeien naar een circulair ambachtscentrum vraagt nader onderzoek en studie en zal vanzelfsprekend ook kosten met zich meebrengen. Het projectplan zal meer zicht geven op de activiteiten die wij moeten ontplooien om dit nadere onderzoek in te richten. Grondstoffenbeleid In 2016 heeft de raad het uitvoeringsplan Afval 2017 vastgesteld. In dit plan zijn een aantal maatregelen opgenomen om te komen tot de landelijke doelstelling van 75% hergebruik van het huishoudelijk afval waardoor de hoeveelheid restafval afneemt tot maximaal 100 kilogram per inwoner in 2020. Een volgende stap is nodig om niet alleen de hoeveelheid fijn restafval, maar ook de hoeveelheid grof restafval, nog verder terug te dringen. Daarnaast heeft de raad 3 november 2020 een motie aangenomen om het gebruik van wasbare luiers te stimuleren. Om hier handen en voeten aan te geven is het noodzakelijk dat er nieuw afval(grondstoffen)beleid wordt geformuleerd. Hierbij is de vraag aan de orde welke ambitie de gemeente Overbetuwe heeft. Landelijk is de doelstelling voor 2025 maximaal 30 kilogram restafval per inwoner en volledig circulair in 2050. Het streven is om in de december 2021 het grondstoffenbeleidsplan beleidsmatig vast te laten stellen door de raad en we de uitvoering van het grondstoffenbeleid in 2022 ter hand nemen.
Programma 8 Ruimtelijke ordening en volkshuisvesting Woonagenda In 2022 beschikken we over een nieuwe Woonagenda Overbetuwe 2022-2025. De woonagenda bevat een concreet uitvoeringsprogramma, waar we in 2022 mee aan de slag gaan. We zetten hiermee in op verdere versnelling van woningbouw. Maar ook op thema's als verduurzaming van de bestaande woningvoorraad, flexwonen en (betaalbare) huisvesting voor bijzondere doelgroepen. We houden rekening met bouw van nieuwe woningen in alle kernen ten behoeve van het doorlopen van de wooncarrière van onze huishoudens én we leveren een bijdrage aan de regionale woningbouwopgave. Evenwichtig geprogrammeerd over de gemeente, conform regionale afspraken 15
en met voldoende aanbod voor verschillende doelgroepen. We willen het lopende overleg intensiveren dat we (via de prestatieafspraken) voeren met woningcorporaties én huurdersorganisaties over bijvoorbeeld monitoring van vraag en aanbod, doorstroming en ontwikkeling van de sociale huurwoningvoorraad. Ook werken we vanaf 2022 met meerjarige prestatieafspraken, waardoor we nog beter aansluiten op de opgaven en ambities uit de nieuwe woonagenda. Ruimtelijke Ordening en volkshuisvesting Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet gaat er veel veranderen. Zo nemen we o.a. afscheid van het bestemmingsplan en gaan we een omgevingsplan krijgen. We kijken kritisch welke beleidsregels of –nota’s we nog separaat en vooruitlopend op het Omgevingsplan gaan actualiseren. Omgevingswet Mogelijk wordt de Omgevingswet met een half jaar uitgesteld. Dat zou betekenen dat wij in 2022 nog steeds kunnen benutten voor de voorbereidingen die gemoeid gaan met de implementatie. Hiervoor zijn ook incidentele middelen opgenomen in de kadernota 2022. Wij zullen ons vooral richten op het maken van keuzes voor het Omgevingsplan. Ook zal een eerste aanvang worden gemaakt met de actualisering van de Omgevingsvisie, dit mede in het licht van de regionale verstedelijkingsstrategie. Woonwagenlocaties Naar de situering van 2 woonwagenlocaties in onze gemeente heeft onderzoek plaatsgevonden.
De gekozen locatie in Elst zal nader worden uitgewerkt. Voor het westelijk deel van de gemeente wordt een nieuw onderzoek gestart. Hoogspanningsdossier Nu de provincie Gelderland heeft aangegeven dat zij ook financieel zullen bijdragen aan het ondergronds brengen van de hoogspanningslijnen in de provincie kan er een nader voorstel worden voorbereid voor de 3 tracés in onze gemeente die ondergronds gebracht zouden kunnen worden. Op basis van een het plan van aanpak van Tennet zullen wij een en ander nader uitwerken en met een voorstel komen. Programma 9 Financiën en bedrijfsvoering Overbetuwe heeft zich ten doel gesteld om vanuit goed rentmeesterschap zorg te dragen voor solide en toekomstbestendige gemeentefinanciën. Als gevolg van stijgende kosten en dalende inkomsten moeten we keuzes maken; een belangrijk deel van deze kadernota behelst daarom voorstellen waarmee we het doel van solide en toekomstbestendige gemeentefinanciën kunnen borgen. Ook de gemeentelijke organisatie draagt sterk bij aan de bezuinigingen. Het college heeft besloten tot een taakstellende bezuiniging op de organisatie waarmee de formatie in lijn wordt gebracht met de Berenschotnorm. Tegelijkertijd kiest het college er voor om ook te investeren in de kwaliteit van de organisatie. De voorgestelde investeringen gaan naar een kwaliteitsimpuls voor medewerkers en processen en naar ICT.
Hiermee kan de organisatie een volgende stap zetten in de ontwikkeling naar een professionele bedrijfsvoering en een optimale informatievoorziening; we investeren in efficiëntere en kwalitatief betere processen, waarmee we de risico’s tijdig en meer gestructureerd kunnen beheersen en bijdragen aan betere dienstverlening binnen de organisatie en aan onze inwoners en ondernemers.
16
We investeren ook in onze medewerkers en geven daarmee een volgende impuls aan het strategisch HR beleid met als doel een aantrekkelijke werkgever te zijn en te blijven. Programma 10 Algemeen bestuur Interactievisie De veranderende rol van de gemeente als reactie op de veranderende samenleving zien we al terug op diverse terreinen. De interactie met de samenleving is een dynamisch proces, de interactievisie reikt een kader aan voor de omgang met deze dynamiek. De visie ‘Gemeente Overbetuwe: samenlevingsgericht, communicatief en betrouwbaar!’ geeft richting aan hoe de Gemeente Overbetuwe in deze ontwikkelingen handelt in interactie met de samenleving. Verder brengt de implementatie van de interactievisie samenhang in de diverse werkwijzen en instrumenten, zoals de interactiewijzer en de participatieparagraaf in college- en raadsvoorstellen, en de inzet van betrokkenheidsprofielen, dorpendeals, flexibel bestemmen, online platforms etc. Ook in de nieuwe visie op de gemeentelijke organisatie is uitgegaan van de visie op de interactie met de samenleving. Kerngericht werken/dorpsagenda’s Voor alle kernen streven we naar een dorpsagenda. De wijze van totstandkoming zal per dorp variëren en sluit aan op de uitgangspunten van de interactievisie en de omgevingswet. Uitgangspunt is de vitaliteit van gemeenschappen.
Door inwoners te faciliteren bij dit proces, hopen we het eigenaarschap van inwoners te vergroten bij de opgaven in hun dorp of buurt. Dit betekent dat inwoners zelf aan zet zijn om het goede gesprek met elkaar, met maatschappelijke organisaties en lokale ondernemers, te voeren. We faciliteren dit gesprek, waarbij we het ritme van het dorp volgen. De gemeente houdt daarbij de verantwoordelijkheid voor de eigen wettelijke taken. Kinder- en jeugdparticipatie Jongerenparticipatie is als project gestart door Forte Welzijn in 2020, en krijgt meer vorm vanaf Q2 2021. De tijdelijke container als ontmoetingsplek bij station Elst is een voorbeeld van aansluiten bij de wensen van deze doelgroep. Kinderparticipatie: Door Corona heeft de kinderburgemeester afgelopen jaar niet alles kunnen doen wat beoogd was. Half juni 2021 gaat een nieuwe kinderburgemeester aan de slag. Bestuurlijke samenwerking Per 1 januari 2021 is de Groene Metropoolregio Arnhem Nijmegen van start gegaan. De ambities van de regio zijn verwerkt in een concept-regionale agenda 2022. De agenda is het inhoudelijk kompas om de ambities van onze regionale samenwerking in de komende jaren samen te bereiken. Hiertoe zijn de vijf centrale opgaven verder uitgewerkt, speerpunten concreter gemaakt en voorzien van acties en benodigde middelen.
Meedoen aan deze opgaven, vraagt om een extra investering die is opgenomen in het financieel perspectief van deze Kadernota.
17
18
III.
Financieel deel
In dit hoofdstuk beschrijven we de financiële ontwikkelingen en onzekerheden die we verwachten voor de komende vier jaar, op welke wijze we die verwerkt hebben en wat dit betekent voor onze financiële positie. Tot slot informeren we u zoals gebruikelijk over personeel en organisatie.
1. Algemeen In de loop van 2020 werd duidelijk dat de druk op de begrotingspositie alleen weggenomen kon worden door maatregelen te nemen. Dit inzicht was zowel bij de raad als college helder en werd nog eens bekrachtigd in een brief van de gemeenteraad aan Gedeputeerde Staten van Gelderland. In deze brief deelde de raad het voorgenomen proces om tot een structureel sluitende meerjarenbegroting te komen. Dit proces heeft geresulteerd in een kadernota met een financieel perspectief dat, op het eerste jaar na, structureel in evenwicht is. Om dit resultaat te bereiken is er een aanzienlijk pakket aan ombuigingsvoorstellen in deze kadernota opgenomen. Voorstellen waarvan het effect merkbaar zal zijn voor onze inwoners, bedrijven of maatschappelijke instellingen, maar ook voor onze medewerkers. Resultaat Op grond van deze kadernota voorzien we een structureel begrotingsoverschot voor de jaren 2023 en verder. Het begrotingsjaar 2022 vertoont nog een tekort. (bedragen x € 1.000) Structureel resultaat kadernota
2022 -432
2023 999
2024 461
2025 807
Dit meerjarenperspectief 2022-2025 is opgebouwd uit het resultaat dat al met de raad is gedeeld in het document “Ombuigingen” 3 aangevuld met een drietal aanvullende mutaties. a. Resultaat uit Document Ombuigingen Dit resultaat is een opstelsom van de volgende onderdelen:
De jaarschijven 2022-2025 uit de lopende meerjarenbegroting; De structurele doorwerking van de begrotingswijzigingen 2021 tot en met de 1e Berap 2021; Nieuwe ontwikkelingen en wetgeving Planmatig ramen en vervangingsinvesteringen Ombuigingen Verhoging van de onroerende zaakbelasting
Op basis van dit document voorzagen we het volgende perspectief: (bedragen x € 1.000)
2022
2023
2024
2025
Financieel perspectief van doc. Ombuigingen
-383
1.066
5
176
Incidentele lasten en baten
224
-673
-350
-175
Structureel perspectief van doc. Ombuigingen
-159
393
-345
1
3
Ten behoeve van de raadsbijeenkomst op 18 maart 2021
19
b. Aanvullende mutaties a. Vervallen ombuigingsvoorstel Monumenten Bij nader inzien blijkt dat met het vervallen van het gemeentelijke subsidie ook de bijdrage van de provincie vervalt. Dit betekent dat wij geen financiële bijdrage meer kunnen leveren aan de eigenaren van monumenten in onze gemeente. Dit is onwenselijk. b. Aanpassen ombuigingsvoorstel 1.9 Multifunctioneel sportcentrum Er is nog gedetailleerder gekeken naar de planning van de bouw van de multifunctionele sportaccommodatie. Bij een verwachte start bouw in Q4 van 2023 en een bouwtijd van 18 maanden vindt de oplevering plaats in het eerste kwartaal van 2025. Overeenkomstig de financiële verordening dienen de lasten in het daarop volgende jaar in de begroting te worden opgenomen. Wij kunnen daarom de lasten van € 780.000 euro vanaf 2026 opnemen. In het jaar van oplevering hoeft ook niet de helft van de lasten al te worden opgenomen zoals wij in de eerdere voorstellen hadden opgenomen. Aangezien de lasten van deze investering door de aanpassing buiten het perspectief van de kadernota vallen heeft deze ombuiging geen incidenteel effect meer op dit meerjarenperspectief. c. Aanpassen budget Sociaal Domein In programma 6 van deze kadernota is het financieel kader voor het sociaal beleidsplan gedefinieerd. Dit kader heeft voor de jaren 2022 en verder consequenties voor het financieel perspectief.
Dit alles leidt tot het volgende beeld: (bedragen x € 1.000) Financieel perspectief van doc. Ombuigingen
2022
2023
-383
1.066
-25
-25
2024
2025 5
176
Aanpassingen kadernota: Vervallen ombuigingsvoorstel Monumenten Aanpassen voorstel 1.9 Multifunctioneel centrum
-25
-25
390
780
Budgetaanpassingen Sociaal Domein
-248
-149
51
51
Totaal aanpassingen kadernota
-273
-174
416
806
Financieel perspectief kadernota 2022
-656
892
421
982
224
-673
-350
-175
780
390
107 999
40 461
Incidentele lasten en baten Incidentele lasten en baten uit doc.Ombuigingen Incidentele lasten en baten aanpassing voorstel 1.9 Totaal incidentele lasten en baten (bijlage 3) Structureel perspectief kadernota
224 -432
-175 807
Om dit resultaat goed te kunnen duiden, is een link naar de volgende onderwerpen van belang a. Sociaal Domein De uitgaven in het sociaal domein zijn hoger en groeien sneller dan begroot. De raad heeft uitgesproken deze toename van kosten te willen terugdringen en beheersen. Eind 2020 zijn daartoe door de raad 18 maatregelen vastgesteld die gezamenlijk gericht zijn op het beheersbaar maken en
20
terugdringen van uitgaven in het sociaal domein. In deze kadernota zijn de uitgangspunten die daarvoor nodig zijn geconcretiseerd en is het financieel effect ervan verwerkt. b. Integraal Kwaliteitsplan openbare ruimte Het Integraal Kwaliteitsplan openbare ruimte (IKP OR) is beleidsmatig door de gemeenteraad vastgesteld. Bij de vaststelling van het IKP OR heeft de raad geen financieel besluit genomen. Wel sprak de raad de voorkeur uit voor het onderhoudsniveau basis op orde. Het financieel effect van dit onderhoudsniveau is doorgerekend in deze kadernota. Daarbij hebben we ook de afschrijvingstermijnen voor investeringen in de openbare ruimte onderzocht. We zijn tot de conclusie gekomen dat de gehanteerde termijn van 20 jaar in veel gevallen korter is dan de levensduur van de meeste activa. De afschrijvingslasten in deze kadernota zijn gebaseerd op 40 jaar. Deze aanpassingen zijn verder geduid in het hoofdstuk “planmatig ramen en vervangingsinvesteringen”. c. Kunstgrasvelden In 2008 is er begonnen met de aanleg van kunstgrasvelden. De beschikbaar gestelde kredieten zijn afgeschreven in 30 jaar. De toplagen van deze velden hebben een kortere levensduur en de vervanging ervan was niet voorzien in de begroting. Deze vervangingen zijn, op basis van de componentenmethode, opgenomen in de kadernota.
Het voorstel is om de inhaalafschrijving die hiermee gemoeid gaat € 990.000 te dekken uit de algemene reserve. Voor de nadere duiding verwijzen we u naar het hoofdstuk “planmatig ramen en vervangingsinvesteringen”. d. Onzekerheden Er is nog een aantal onzekerheden die het saldo van de meerjarenbegroting 2022 kunnen gaan beïnvloeden, zoals de algemene uitkering, de ingangsdatum van nieuwe wetgeving en onderzoek op een aantal onderwerpen zoals de vervangingsinvesteringen. Deze onzekerheden zijn in beeld gebracht in onderdeel 4 “Risico’s, kansen en onzekerheden”.
21
22
2. Financiële positie Omvang algemene reserve Op basis van deze kadernota verwachten we dat de algemene reserve terugloopt naar € 7 miljoen. In deze prognose is rekening gehouden met: De bestemming van het voorlopige positieve resultaat van de jaarrekening 2020. Tot de vaststelling van de jaarrekening door de gemeenteraad is dit een onzekerheid van € 6 ton. Het verwachte rekeningtekort 2021. Dit resultaat (€ 597.000) is gebaseerd op de 1e Berap 2021, die in juni door de raad wordt vastgesteld. De onttrekking voor de eenmalige inhaalafschrijving voor de kunstgrasvelden van € 990.000 (zie hoofdstuk 3, onderdeel D. Planmatig ramen); Het meerjarige resultaat van deze kadernota. Hoewel we ons pas een echt oordeel kunnen vormen over de omvang van de algemene reserve als er een actueel inzicht is in het risicoprofiel, baart deze voorspelling ons wel zorgen. Richting de begroting gaan wij een scherper risicobeleid voeren overeenkomstig de uitgangspunten van de nota Risicomanagement. Wanneer blijkt dat aanvulling van de reserve noodzakelijk is, zullen wij u daarvoor een voorstel doen.
Verwacht verloop Algemene Reserve 20212025 12.000
Bedragen (x 1.000)
10.000 8.000 6.000
Begr 2021-2024
4.000
Kadernota 2022
2.000 0 Saldo 1-1- Saldo 1-1- Saldo 1-1- Saldo 1-1- Saldo 1-1- Saldo 1-12021 2022 2023 2024 2025 2026
Financiële indicatoren Begrotingsresultaat In 2016 is besloten om in de meerjarenbegroting te streven naar een jaarlijkse overschot van € 1 miljoen. Aangezien de focus voor de komende jaren is gericht op een structureel sluitende meerjarenbegroting, is ons voorstel om het streven naar een begrotingsoverschot te vervangen in het sturen op structureel evenwicht.
23
Als de ramingen in een begroting volledig en reëel zijn en nieuwe taken integraal afgewogen worden bij de kadernota is dit een goed uitgangspunt, mits er sprake is van een stelpost voor structurele onvoorziene lasten.
Voorstel: Het streven naar een jaarlijks begrotingsoverschot te vervangen door “het sturen op structureel evenwicht” Algemene reserve Voor de omvang van de algemene reserve hanteren we op dit moment een minimale norm van € 10 miljoen. De noodzakelijke omvang van een algemene reserve is afhankelijk van de kwaliteit van het risicomanagement, de begrotingsdiscipline en de ruimte om binnen de begroting onvoorziene tegenvallers op te vangen. Het sturen op een absoluut bedrag als minimale omvang geeft geen zekerheid over de toereikendheid. Hierin ontbreekt de relatie met het risicoprofiel en met de ruimte in de begroting om tegenvallers op te kunnen vangen. Deze elementen komen wel in beeld wanneer de omvang van de algemene reserve gekoppeld is aan de weerstandsratio en de solvabiliteitsratio. De weerstandratio geeft zicht op de verhouding tussen het eigen vermogen en het risicoprofiel. In de Nota Risicomanagement 2018 is hiervoor de streefwaarde “ruim voldoende” vastgelegd. Hier hoort een ratio bij die ligt tussen de 1,4 en 2,0. De solvabiliteitsratio geeft een beeld van de verhouding tussen het eigen vermogen en het totale vermogen. Hier wordt zichtbaar of er voldoende eigen vermogen is om aan alle verplichtingen te kunnen voldoen. Deze indicator is een van de wettelijke indicatoren.
Voorstel: Voor de omvang van de algemene reserve te sturen op de weerstandsratio en de BBV indicator solvabiliteit
24
3. Opbouw financieel perspectief conform Document Ombuigingen Dit hoofdstuk gaat over de opbouw, de achtergronden en de duiding van het verwachte financiële perspectief 2022-2025 zoals weergeven in het document Ombuigingen. Het verwachte financiële perspectief is uit diverse onderdelen opgebouwd. Deze onderdelen lichten we toe en we maken inzichtelijk op welke onderdelen specifieke besluitvorming van de gemeenteraad nodig is. Het actualiseren van het financiële perspectief is opgebouwd uit een zestal onderdelen. De cijfers in het onderdeel “planmatig ramen” zijn in een aantal gevallen gebaseerd op een wijziging van beleid. In die gevallen is er een besluit van de raad nodig. Deze beslispunten zijn in het sub-hoofdstuk “Financiële samenvatting” bijeengebracht. (bedragen x € 1.000) inc./str. Meerjarenraming uit de begroting 2021 A Actualisatie reeds besloten Aanpassing provincie: raming verkiezingen Septembercirculaire MFC Valburg en buitenruimte De Wanmolen Totaal B 1e berap 2021 Spoor 2a: reëel ramen d.d.
2 maart 2021 Spoor 2a aanvulling reëel ramen 1e Berap 2021 Decembercirculaire 2020 Totaal Financieel perspectief obv raadsbesluiten C Nieuwe ontwikkelingen en - wetgeving (was overige) Spoor 2a: Nieuwe wetgeving Omgevingswet Regionale samenwerking Veilig thuis Totaal Actuele stand 15 april 2021 Voorstellen 2022-2025 D Planmatig ramen, vervangingsinvesteringen Spoor 2 Voorlopige inschatting Planmatig ramen Verlengen afschrijvingstermijnen openbare ruimte Kunstgrasvelden (componenten methode) Totaal E OMBUIGINGEN Taakstelling op organisatie (incl. investering in productiviteit en kwaliteit) 1. 2. 3.
F
--> al verwerkt in meerjarenraming taakstelling* Quick wins Ambities Lastenverzwaring en inkomens verhogende maatregelen Totaal Totaal voorstellen Stand na ombuigingsvoorstellen Verhoging OZB (4x4%)
2022
2023
2024
2025
-1.358
-1.957
-3.618
-3.618
s s s i en s i en s
-50 727 -40 64 701
-59 -39 -40 -310 -448
-40 -102 -40 -12 -194
-50 -76 -40 -12 -178
i en s
-886 -254 4 -1.136 -1.793
62 -254 4 -188 -2.593
0 -254 4 -250 -4.062
35 -254 4 -215 -4.011
s i s s
-41 -140 -105 105 -181 -1.974
-41
-41
-41
-143 105 -79 -2.672
-143 105 -79 -4.141
-143 105 -79 -4.090
s s s
-326 800 474
-398 800 55 457
-470 800 9 339
-542 800 9 267
50 -300 365 200 471 786 1.260 -714 331
450 -300 1.626 350 481 2.607 3.063 391 675
800 -300 1.168 600 506 2.775 3.114 -1.028 1.033
1.100 -300 693 600 501 2.594 2.861 -1.229 1.405
-383
1.066
5
176
s i en s
s s i en s s s
s
Stand begroting na acceptatie ombuigingsvoorstellen en OZB
25
A. Raadsbesluiten tot en met april 2021 In de eerste maanden van dit jaar is er een aantal wijzigingen vastgesteld die leiden tot een actualisatie van de meerjarenbegroting. Het betreft de raming van de verkiezingen, het effect van de septembercirculaire en aanvullende kredieten voor MFC Valburg en de Wanmolen. B. Budgetaanpassingen project “Reëel ramen” In april ontving u de 1e berap 2021. In de berap zijn de resultaten van het onderdeel reëel ramen verwerkt. Dit onderdeel was een van de sporen van het ombuigingentraject. Het financiële effect voor 2021 is verwerkt in de bestuursrapportage die op 22 juni wordt vastgesteld. Het effect op de jaren erna is onderdeel van de kadernota 2022. C. Nieuwe ontwikkelingen en – wetgeving Informatiebeveiliging De aanpassing van de wettelijke eisen voor informatiebeveiliging vraagt om een versterking van de organisatie met 1 fte. Omdat dit onderdeel uitmaakt van de ICT samenwerking met Lingewaard, komt de helft van de formatie-uitbreiding voor rekening van onze gemeente. Omgevingswet De Omgevingswet treedt naar verwachting tussen 1 januari 2022 en 1 juli 2022 in werking. Deze nieuwe wet vraagt inhoudelijke keuzes van de gemeenteraad die effect hebben op de kwaliteit van de leefomgeving, tevredenheid van betrokkenen, maar ook op de interne werkprocessen, formatie en legesopbrengsten.
Gemeenten hebben tot 2029 de tijd om op basis van deze keuzes het eigen beleid vorm te geven. Wat de structurele effecten zullen betekenen voor gemeenten, is op dit moment nog niet in te schatten. In het onlangs verschenen rapport ‘Integraal Financieel Beeld’ (d.d. 11 maart 2021 Kokx DeVoogd) is getracht een eerste aanzet te geven van de structurele effecten. Maar ook in dit rapport zijn de bandbreedtes nog te ruim om een vertaling te kunnen maken. Met het mettertijd inzichtelijk worden van de nog te maken keuzes, wordt het financiële effect steeds concreter. Of dit effect positief of negatief uitpakt hangt samen met het te kiezen scenario (dienstverlenend, financieel gestuurd of een combinatie hiervan). Op dit moment is hier nog geen inschatting van te maken. In afwachting van de te maken keuzes brengen we de structurele effecten van de Omgevingswet onder in het risicoprofiel. Zie hiervoor hoofdstuk Financiële positie, onderdeel risico’s en onzekerheden. In 2022 zal het opstellen van het definitieve omgevingsplan, het opleiden van medewerkers en het open houden van de winkel in deze transitieperiode, een extra investering vergen. Een deel van deze kosten kan bekostigd worden uit het reeds beschikbare invoeringsbudget voor de Omgevingswet en budget voor actualisaties bestemmingsplannen. Aanvullende hierop is 140.000 euro als incidenteel budget noodzakelijk.
Regionale samenwerking Inmiddels is een kostenraming voor de regionale samenwerking bekend en daarom ook toegevoegd. De totale bijdrage voor Overbetuwe hiervoor is 335.000 euro; hiervan is 230.000 euro al beschikbaar in de begroting en daarmee is voor 2022 nog 105.000 euro nodig. Vanaf 2023 vervalt de incidentele subsidie van de provincie waardoor 38.000 euro extra nodig is en daarmee komt het extra bedrag op 143.000 euro. De gemeenteraden geven voor de zomer aan, aan welke opgaven ze de intentie
26
hebben om mee te doen. In het najaar wordt er een definitief besluit over deelname aan de opgaven genomen. Veilig thuis De jaarrekening 2020 en concept begroting 2002 van Veilig thuis laat zien dat zij structureel minder bijdrage nodig heeft voor het uitvoeren van haar taken. Dit levert voor Overbetuwe een meerjarig financieel voordeel op. D. Planmatig ramen en vervangingsinvesteringen In dit hoofdstuk worden de meer technische voorstellen omtrent het planmatig ramen en de vervangingsinvesteringen verder toegelicht per voorgestelde post. Planmatig ramen Bij de vaststelling van het IKP OR heeft de raad geen financieel besluit genomen. Bij de bespreking van het IKP OR heeft de raad de voorkeur uitgesproken voor basis op orde. Dit stemt overeen met het huidige beleidsniveau voor onderhoud van de openbare ruimte. Tevens is aangegeven dat op basis van het IKP OR in de heroverwegingsopgave voor spoor 2 de voorkeursscenario’s kunnen worden bepaald. Volgens het IKP wordt er jaarlijks € 254.000 te weinig geraamd voor groot onderhoud van de openbare ruimte. Daarnaast moet rekening gehouden worden met de areaaluitbreiding. Voor de berekening van de extra lasten in verband met areaaluitbreiding is voorlopig uitgegaan van realisatie in 2020 (€ 72.000). Dat betekent dat het onderhoudsbudget gemiddeld per jaar met € 72.000 moet stijgen.
Voor 2022 wordt het budget voor het onderhoud van de openbare ruimte daarom verhoogd met het tekort van € 254.000 en areaaluitbreiding van 2021. In het totaal komt dat neer op een bijstelling van € 326.000. In 2023, 2024 en 2025 wordt het budget jaarlijks verhoogd met de onderhoudslasten van de areaaluitbreiding (€ 72.000). Dit leidt tot de volgende reeks: 2023 € 398.000, 2024 € 470.000 en in 2025 € 542.000. Voorstel: Het onderhoudsniveau voor de openbare ruimte bepalen op basis op orde Verlengen afschrijvingstermijnen openbare ruimte De huidige afschrijvingstermijn voor investeringen in de openbare ruimte bedraagt 20 jaar. De technische en economische levensduur van de diverse onderdelen is echter langer. Voor riolering wordt in Nederland gemiddeld een afschrijvingstermijn van 60 jaar genomen, voor wegen is dat 40 jaar, lichtmasten is dat ook 40 jaar, voor de armaturen is dat 20 jaar en voor groen zit de gemiddelde afschrijvingstermijn tussen de 20 en 40 jaar. Er is een berekening gemaakt voor het oprekken/verlengen van de afschrijvingstermijn naar 30 en 40 jaar van de bestaande investeringen in de openbare ruimte. De gemeente past een annuïteitenmethode toe en voor de berekening is uitgegaan van een aangepaste rentevoet van 1,5%. In de begrotingsperiode leidt dit tot een gemiddeld voordeel van € 596.000 bij een verlenging naar 30 jaar en € 867.000 in 40 jaar.
Het voorstel is om over te gaan op 40 jaar met uitzondering van investeringen die een kortere levensduur hebben (bijvoorbeeld lichtarmaturen). Deze moeten nog nader bepaald worden. Hierdoor zal het financiële voordeel van € 867.000 in beperkte mate afnemen. In het totaaloverzicht van de bezuinigingen is daarom rekening gehouden met € 800.000.
27
Voorstel: Met ingang van 2022 investeringen in de openbare ruimte afschrijven in 40 jaar met uitzondering van investeringen die een kortere levensduur hebben. Kunstgrasvelden In 2008 is er begonnen met de aanleg van kunstgrasvelden. De kredieten die hiervoor beschikbaar gesteld zijn, werden in 30 jaar afgeschreven. De toplagen van deze velden hebben een kortere levensduur, de eerste ervan zijn inmiddels aan vervanging toe. Deze vervanging was nog niet voorzien in de begroting 2021. In deze kadernota zijn de vervangingslasten van de nieuwe toplagen gebaseerd op de componentenmethode. Dit betekent dat we voor de vervanging van het component ’toplaag’ een afschrijvingstermijn van 14 jaar gaan hanteren en in 2022 te maken krijgen met een inhaalafschrijving van de ‘oude’ investering van de toplagen. Door toepassing van de componentenmethode dalen de jaarlijkse lasten in eerste instantie aanzienlijk en wordt er vanaf 2023 enkele jaren zelfs een voordeel behaald omdat er in een inhaalafschrijving gepleegd moet worden van ongeveer € 1.290.000 op het component “toplaag”. De kapitaallasten zijn daardoor lager dan geraamd (ongeveer € 100.000). Dit voordeel ebt in de loop van de jaren langzaam weg. De incidentele last van de inhaalafschrijvingen kan uit de algemene reserve worden gedekt (€ 990.000) maar ook voor deel uit de kapitaallastenreserves die voor enkele velden gevormd zijn.