CConstaterende datOverBetuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

21-07-06 Beantwoording technische vragen kadernota 2022 raad (versie 25 juni 2021).docx

Gemeenteraadsvergadering 6 juli 2021, gemeente OverBetuweBij agendapunt: Kadernota 20229.519 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Beantwoording technische vragen Kadernota 2022

Inhoud 1. 1.1 Technische vragen CDA ......................................................................................................................................................................2 2. 1.2 Technische vragen GBO....................................................................................................................................................................10 3. 1.3 Technische vragen D66 .....................................................................................................................................................................14

1

1.1 Technische vragen CDA CDA 1

2

Vraag Op pagina 6 wordt gesteld dat de Raad zou moeten streven naar sturing op weerstandsratio in combinatie met BBV indicator solvabiliteit in plaats van een minimum AR. Is er bij het sturen op de ratio en indicator nimmer sprake van een minimum AR? Om zaken te kunnen opvangen moet er toch wel enige reserve zijn, hoe kijkt het College daar tegen aan? Hoe kijkt het College aan tegen de mogelijke plannen van de Provincie om de spoorlijn TielArnhem te elektrificeren? Op welke wijze kan Overbetuwe een bijdrage leveren aan dit mogelijke voornemen?

3

Inmiddels is duidelijk dat de Rijksoverheid 1,3 miljard euro extra ter beschikking stelt aan de gemeente inzake de jeugdzorg. Welke effect heeft die beschikbaarstelling voor Overbetuwe en hoe werkt dat door in de Kadernota dan wel begroting ten aanzien van het nu becijferde tekort voor 2022?

4

Op pagina 19 wordt opgemerkt dat de ombuigingen een effect zullen hebben op inwoners, bedrijven, maatschappelijke instellingen en medewerkers van de gemeente. Graag een toelichting van de verwachte effecten van de voorstellen op voornoemde

Antwoord Dit is geen technische vraag. Het hebben van een algemene reserve is noodzakelijk. Echter de noodzakelijk omvang ervan is gerelateerd aan diverse factoren. Met de sturing op de weerstandsratio en de solvabiliteit wordt de omvang van de algemene reserve gerelateerd aan het actuele risicoprofiel respectievelijk aan het vreemd vermogen. Toename van het risicoprofiel leidt tot een hoger weerstandsvermogen (als onderdeel van de algemene reserve). Bij een eventuele toename van de leningenportefeuille (vreemd vermogen) is een hogere algemene reserve nodig voor eenzelfde solvabiliteitsratio. Overigens is het aan de raad om te bepalen of u de landelijke normen voor deze indicatoren blijft hanteren of dat u kiest voor een gemeentelijke norm. Dit is geen technische vraag. Met de brief Motie spoorlijn Arnhem-Tiel (21uit07639) bent u geïnformeerd over de verkenning die de provincie heeft uitgevoerd naar de spoorlijn Tiel –Arnhem en het vervolgproces. De provincie geeft aan dat ze korte termijn geen prioriteit geven aan de verdere uitwerking. Een vervolgonderzoek naar het elektrificeren is op korte termijn niet aan de orde. Zodra zich nieuwe ontwikkelingen voordoen zal het college bezien hoe ze een bijdrage kunnen leveren. Een eerste globale berekening komt uit op een voordeel van zo’n 3,5 miljoen voor Overbetuwe.

De aanname hierbij is dat het bedrag inderdaad volledig wordt toegevoegd aan de AU en de wijze van verdeling evenredig is aan de extra middelen jeugdhulp voor 2021. Er moeten echter nog afspraken worden gemaakt over de wijze van uitkeren en verdelen, dus dit bedrag is nog allerminst zeker. Naar verwachting zal hierover voor 1 juli duidelijkheid worden gegeven en het resultaat zal vervolgens worden verwerkt in de septembercirculaire 2021. Gezien alle onzekerheden en risico’s die verder spelen (bijvoorbeeld met betrekking tot het effect van het gewijzigde woonplaatsbeginsel) doen we op dit moment nog niets met de aangekondigde middelen voor jeugdzorg. Op weg naar de begroting proberen wij zekerheid van het Rijk en van de toezichthouder te krijgen over of en zo ja, hoe we de aanstaande middelen voor jeugdzorg in de meerjarenraming mogen verwerken. Het effect van de taakstelling op de organisatie is op pagina 40 en 41 van de kadernota toegelicht. In hoofdstuk IV (Ombuigingsvoorstellen) zijn per ombuigingsvoorstel de maatschappelijke gevolgen in beeld gebracht.

2

5

6

7

groepen? Door het wegvallen van mogelijk provinciale subsidie voor gemeentelijke monumenten zou het gedane voorstel tot ombuiging niet gestand gedaan moeten worden. Dat zou onwenselijk zijn. Graag een toelichting waarom dat onwenselijk zou en welk effect zou het wegvallen van gemeentelijke en provinciale subsidie hebben voor eigenaren van gemeentelijke monumenten? In het kader van planmatig ramen voor de openbare ruimte en de recent discussie over verjaring van in gebruik name van gemeentelijke gronden door inwoners, rijst de vraag hoeveel gronden de gemeente nog heeft die door inwoners worden gebruikt en of overdracht van die gronden aan de inwoners niet wenselijk is. Hoe kijkt het College hiertegen aan? Is een vrijval van € 300,000 voor kunstgras (pagina 28) ook een zeer voorlopige schatting?

8

Tijdens de technische vragenronde in het kader van spoor2 is bekend geworden dat voor de investering om te oogsten voor kwaliteit mensen en processen € 300,000 niet geheel onderbouwd was. € 250,000 zou ook toereikend zijn. Graag een nadere onderbouwing waarom € 300,000 geïnvesteerd moet worden

9

Ten aanzien van de fietsagenda wordt opgemerkt dat de budgetten niet toereikend zijn. Welke budgetten moeten ter beschikking worden gesteld om de volledige agenda te kunnen uitvoeren? Betekent de constatering op pagina 35 dat delen van de agenda niet worden

De subsidie wordt verstrekt met als doelstelling dat een bijdrage wordt geleverd voor de meerkosten van het regulier onderhoud. We hebben gekozen dit voorstel niet te doen zodat eigenaren van een gemeentelijk monument nog gebruik kunnen maken van deze voor hen enige subsidie die deels ook provinciaal wordt betaald. Door het wegvallen van de subsidie kan het gevolg zijn dat sommige restauratiewerkzaamheden om financiële redenen worden uitgevoerd over meerdere jaren. Gemiddeld wordt per aanvraag een bedrag van 2000 euro bijgedragen. Dit komt uit op een 15 % van de restauratiekosten en wordt naar rato verdeeld. Is geen technische vraag. Voor deze vraag wordt verwezen naar de beantwoording van S561 Schriftelijke vragen over verjaring diverse percelen gemeentegrond.

In de Kadernota 2022 wordt gesproken over een gedeeltelijke vrijval van de kapitaallastenreserves die voor enkele velden gevormd zijn omdat de jaarlijkse kapitaallasten dalen. Het daarbij vermelde bedrag van € 200.000 (en dus niet € 300.000) is inderdaad een zeer voorlopige schatting. Het bedrag van 300.000 is een raming voor de genoemde investering. In zijn presentatie van 15 juni jl. aan leden van de raad heeft de gemeentesecretaris toegelicht dat deze investering nodig is om strategisch personeelsbeleid te voeren zodat we de kwaliteit van onze organisatie en van onze mensen op niveau kunnen houden. Daarnaast is het nodig om te investeren om te kunnen oogsten en hiermee de formatie op het niveau te brengen van de Berenschotnorm. De raming van 300.000 is gemaakt op basis van de kennis die we nu hebben. Met het voortschrijden van de tijd zullen de plannen steeds concreter worden en daarmee ook de ramingen. Mocht blijken dat de organisatie met het sturen op het maken van alleen noodzakelijke kosten onder de huidige ramingen kan blijven, zullen we dat rapporteren in de bestuursrapportages. Er is nu geen zicht op hoeveel budget er nog nodig is om de volledige agenda uit te kunnen voeren. We zijn bezig met de uitwerking van acties uit de fietsagenda. Hiervoor gebruiken we de bestaande budgetten. Daarnaast zijn we de fietsagenda aan het herprioriteren.

Hierbij gaan we na welke acties de hoogste prioriteit hebben. We kijken hierbij o.a. naar verkeersveiligheid en combinatiemogelijkheden met andere projecten zoals bijvoorbeeld de Linge- en dijkversterkingsprojecten.

3

10

uitgesteld of vindt er fasering van de uitvoering plaats? Door COVID hebben wij anders moeten aankijken naar de inrichting van ons werk als raad en organisatie. Zijn daar lessen uit te trekken die geïmplementeerd kunnen worden en waarvan een structureel effect te verwachten valt?

Vervolgens zullen we gefaseerd verder gaan met de uitvoering van de fietsagenda. Voor nieuw budget zal een voorstel aan de raad worden voorgelegd. Raad: voor informerende bijeenkomsten kan prima gekozen worden voor digitale bijeenkomsten. Dat kan structureel worden ingezet. Als er geen andere parallelle sessies zijn scheelt dit gebruik van het gemeentehuis en inzet van bodes. Raad: het wordt als prettig ervaren dat niet alleen de raadsvergadering, maar ook de voorrondes worden gestreamd en gearchiveerd. Dit kan ingezet worden, maar kost incidenteel en structureel geld. (zie reactie college in de TIC van 23 februari op de motie Parallelle livestreams) Raad: Als het echt moet kan er digitaal via ibabs vergaderd worden, inclusief streamen. De raad vergadert liever fysiek, maar technisch is dit mogelijk en kan dus ingezet worden. Voor het organisatiedeel: zie beantwoording vraag 26 CDA.

11

COVID heeft effect op elke geleding van onze samenleving. Is al te bepalen welke structurele effecten de pandemie heeft op onze inwoners, bedrijven, verenigingen en culturele en evenementenorganisaties?

12

Pagina 7 Programma 1: Openbare orde en veiligheid, digitale dreiging, hebben we hiervan de risico’s voor OVB afdoende in kaart? Zijn onze data en persoonsgegevens (AVG) goed geborgd? M.b.t. handhaving, intensiever gedurende COVID, nu afschalen?

13

Pagina 7 Programma Verkeer, vervoer en waterstaat, punt duurzame mobiliteit: Wordt er bij het opstellen van het integraal Parkeerplan goede rekening gehouden met een dichter

Uit recente landelijke en provinciale publicaties komt naar voren dat de verwachtingen over het herstel van de economie steeds positiever zijn. Uit cijfers van de provincie Gelderland van de werkgelegenheid in 2020 lijkt dat de impact van de coronacrisis op de werkgelegenheid beperkt is. Er zijn vooral kleine banen en uitzendbanen verloren gegaan. Daarentegen zijn het aantal grote banen in 2020 gegroeid waardoor de totale werkgelegenheid toenam. Een aantal sectoren en bedrijven zullen de komende jaren de naweeën ondervinden van de coronacrisis. We zien dit effect echter nog niet bij bedrijven in OverbetuweDe komende periode/jaren zal bekend worden wat de invloed is geweest van corona op de Overbetuwse werkgelegenheid en het bedrijfsleven. We zien de effecten op de andere sectoren nog onvoldoende. Wel gaan wij ons deze maand buigen over onze mogelijkheden om bij te dragen aan herstel. Dat kan zijn door beleidsmatig tot aanpassingen te komen gericht op herstel, dan wel maatregelen te treffen of activiteiten te ontplooien. Zodra hier meer zicht op is zullen wij u dit meedelen. Uiteraard anticiperen wij op initiatieven van het Rijk en Provincie. Wat betreft digitale dreigingen is gemeente Overbetuwe continu alert op nieuwe ontwikkelingen.

Het is helaas niet mogelijk om 100% veiligheid te garanderen, maar wij investeren gezamenlijk met ICT Lingewaard in het versterken van onze weerbaarheid. Dit doen we door o.a. onafhankelijk onderzoek uit te (laten) voeren specifiek gericht op de bescherming van gevoelige data en persoonsgegevens. Vervolgens implementeren we maatregelen, zoals het afsluiten van verwerkersovereenkomsten. Hierbij worden we ook vanuit de VNG ondersteund. Daar waar afschaling van de handhaving van de Coronavoorschriften verantwoord is, zal dit gebeuren. De ontwikkeling van het aantal laadpalen heeft effect op parkeren in het openbare gebied.. Er wordt een plan opgesteld over de laadinfra. Daarnaast wordt er een parkeernota opgesteld. Bij het opstellen van beide plannen zal er afstemming plaatsvinden..

4

14

15

16

netwerk van laadpalen voor elektrische auto’s en fietsen? Pagina 7 Verkeer, vervoer en waterstaat: In de actieagenda van het ambitiedocument ‘Overbetuwe 2030 sociale, slimme en schone mobiliteit’ (vastgesteld op 8 december 2020) zijn onze ambities en opgaven geformuleerd. Naast de inwoners bedrijven en provincie is ook de Groene Metropoolregio als opgenomen. Welke mogelijkheden worden er gezien wanneer er aan een of meerdere opgaven toch niet wordt deelgenomen om alle voorgenomen acties uit te voeren? Pagina 8 Door Corona is er extra aandacht voor onderwijsachterstanden middels de NPOgelden, deze gelden gaan direct richting de scholen. Hoe ziet het college de omschreven inzet van deze gelden in regionaal verband omwille van de effectiviteit? Er wordt geschreven over de inzet op een versterking van de samenhang tussen onderwijs en jeugdhulp. Die versterking betreft preventie en vroegsignalering in het (regulier) onderwijs, en een betere verbinding van onderwijs (leerplicht/zorgplicht) en dagbesteding. Worden hier geen gelden ingezet van onderwijs voor het tekort in de jeugdzorg? Pagina 8 Programma 3 Economische zaken, Ondernemersvriendelijke dienstverlening: Is hier recent al eens onderzoek naar gedaan hoe de Overbetuwse ondernemers dit ervaren? En ook diegenen die voor een andere Gemeente hebben gekozen om zich te vestigen?

Overbetuwe werkt samen nu samen met de Groene Metropoolregio aan een bereikbare regio. Samen hebben we ambities op het gebied van duurzame mobiliteit en bereikbaarheid. Als we niet deelnemen aan de opgave Verbonden regio dan kunnen we niet meedoen met de uitvoering van acties die een bijdrage leveren aan onze opgaven uit het Ambitiedocument

Uitvoering van ons onderwijsachterstandenbudget zoals bij vraag 18 toegelicht past binnen de hiervoor begrote middelen. Zowel onderwijs als gemeenten ontvangen de komende 2,5 jaar NPO-gelden. De spil van het investeringsprogramma wordt gevormd door interventies die scholen op basis van een eigen analyse (schoolscan) van de situatie op de school inzetten. De gelden kunnen gebruikt worden om in samenwerking met scholen, kinderopvang, (jeugdgezondheids)zorg en andere partijen activiteiten aan te bieden om de vaardigheden van leerlingen op cognitief, executief, sociaal en emotioneel vlak aanvullend te stimuleren. Dit in aanvulling op en ter ondersteuning van de middelen die scholen zelf krijgen. Beschikbare budgetten en oormerken worden waarschijnlijk in juli bekend gemaakt. Landelijk maar ook in de regio wordt de verbinding gelegd en ligt de focus op duurzame effectieve inzet van middelen. Wij zetten in op het bevorderen van lokale samenwerking tussen schoolbesturen, samenwerkingsverbanden, kinderopvangorganisaties, (jeugdgezondheids)zorg, sociaal werk en andere lokale kernpartners om te komen tot een duurzame en integrale aanpak. In 2020 heeft MKB Nederland de MKB vriendelijkheid van de gemeenten in Nederland onderzocht. Dit is een onderzoek dat één keer per twee jaar wordt gedaan.

De resultaten van 2020 geven aan dat de tevredenheid van de Overbetuwe ondernemers op hetzelfde niveau is gebleven in vergelijking van de vorige onderzoeken. Overbetuwe hoort de afgelopen jaren consequent bij de 10% MKB vriendelijkste gemeenten van Nederland. De vergelijking met andere gemeenten kan niet gemaakt worden omdat deze gegevens nog niet beschikbaar zijn. Er is geen inzicht in de ervaringen van ondernemers die gekozen hebben om in een andere gemeente zich te vestigen..

5

17

18

19

Pagina 8 Sterke en vitale locaties: hebben we als OVB nog expansie opties voor de nabije en verre toekomst? Naast Park 15, waar liggen concreet nog mogelijkheden?

Pagina 8 Programma onderwijs, onderwijsachterstanden: hebben we de concrete problemen goed in beeld? Welke aanpak wordt hier samen met de scholen op losgelaten? Zal COVID bijdragen naar een hybride vorm in de toekomst? Andere vraag m.b.t. onderwijs, gevolgen demografische ontwikkelingen voor jonger -, maar zeker ook ouderonderwijs?

Pagina 9 Overbetuwe Beweegt benoemen we als onze belangrijkste- en grootste partner in de uitvoering en als de activator en verbinder voor onze inwoners. Er ligt een ombuigingsvoorstel. Graag een toelichting van de verwachte effecten van de voorstellen op Overbetuwe

Na jaren van overaanbod van bedrijfskavels is het aantal beschikbare bedrijfskavels nu beperkt. Er zijn nog enkele bedrijfskavels beschikbaar op Park15 (Oosterhout), De Aam en De Merm Oost (Elst). Op een aantal locaties op of nabij de Aam zijn nog beperkte mogelijkheden om nieuwe (eigendom: zowel gemeentelijk als particulier) bedrijfskavels te ontwikkelen. Voorbeeld hierbij is de ontwikkelvisie Elst Centraal waarin benoemd staat de ontwikkeling van 4 bedrijfskavels. Naast deze ontwikkelingen heeft gemeente Overbetuwe op dit moment geen concrete plannen voor uitbreiding van bedrijventerreinen. In de actualisatie van de Omgevingsvisie in 2022 moet - mede op basis van de Verstedelijkingsstrategie - worden geborgd wat de uitbreidingsmogelijkheden zijn van de Overbetuwse bedrijventerreinen. Op basis hiervan moet de gemeente de keuze maken welke rol zij hierin oppakt, faciliterend en/of zelf ontwikkelend. We zetten in op een doorlopende zorg- en ontwikkellijn en verstevigen van de samenhang tussen onderwijs en jeugdhulp. Die versterking betreft preventie en vroegsignalering in de voorschoolse periode, (speciaal) basisonderwijs en (speciaal) voortgezet onderwijs en een betere verbinding van kinderopvang en onderwijs met kernpartners (o.a. leerplicht, schoolmaatschappelijk werk, jeugd- en gezinscoaches, samenwerkingsverband PO en VO).

In 2019 zijn wij samen met kinderopvang, onderwijs en samenwerkingsverband Passend Wijs gestart met de herijking van het onderwijsachterstandenbeleid met als doel een kwaliteitsslag te maken. Hiervoor is een conceptdocument opgesteld. Covid-19 heeft ervoor gezorgd dat de aandacht tijdelijk uit moest gaan naar andere zaken. Door Covid-19 komt ons onderwijsachterstandenbeleid in een nieuw daglicht te staan. De opgelopen onderwijsvertraging en toenemende sociaal- emotionele problemen onder jeugdigen maken helder dat het van groot belang is om te komen tot nieuw beleid. Samen met kinderopvang, onderwijs en kernpartners streven we naar een verbeterde beleidsmatige inkleding van een nieuw onderwijskansenbeleid in plaats van onderwijsachterstandenbeleid. We zetten ons in om het volgende te realiseren: Inzet om doorgaande leer- en ontwikkellijn te bewerkstelligen en te werken aan taalachterstanden; Deskundigheidbevordering anderstaligen voor kinderopvang en onderwijs; Ontwikkeling projecten door op een andere, meer brede manier naar onderwijskansen te kijken. Op dit moment onderzoeken wij reeds de inrichting en de effectiviteit van de organisatie van Overbetuwe Beweegt. Doel van dit onderzoek is om onze inwoners beter te verbinden aan een gezonde leefstijl en sport tegen lagere kosten.

Daartoe formuleren we op dit moment kritische prestatie indicatoren om de voortgang en opbrengst van onze partners beter te kunnen monitoren en daarop eventueel bij te sturen.

6

Beweegt (ook in het licht van onze verantwoordelijkheid t.a.v. de volksgezondheid, zoals beschreven op p. 14). 20

21

22

23

24

Pagina 11 Gesteld wordt dat besparingen in de loop der tijd oplopen en de investeringen afnemen, hetgeen leidt tot een grotere besparing. Vanaf 2024 wordt een positief saldo van € 100.000 berekend. Met andere woorden de maatregelen brengen meer op dan nodig om op uitgavenniveau 2020 uit te komen. Op welke wijze komen deze besparingen/voordelen terug ten goede van de zorg voor onze burgers? Pagina 15 Milieustraat: Er wordt gesproken over 1 circulair ambachtscentrum (CA) te realiseren; graag een toelichting ten aanzien van dit punt in het licht van de groene metropoolregio, de opgave die er ligt en de ontwikkeling van het westelijk deel van Overbetuwe. Pagina 15 Milieustraat: In het amendement van 6 oktober 2020, 20rv000073, wordt opgemerkt dat een onderzoek moet worden gedaan naar de consequenties, kosten en randvoorwaarden voor het openhouden van locatie Andelst. Hoe ver is dat onderzoek gevorderd? Pagina 15 Milieustraat: Wat zijn de kosten die het opstellen van een projectplan voor een CA en het nadere onderzoek naar een CA behelzen en in de jaren 2022, 2023, 2024 en 2025 een effect hebben op de begroting? Pagina 16 Ruimtelijke ordening en Volkshuisvesting, Omgevingswet: zijn de begrote kosten voor de impact van deze wet die integraal doorwerkt op alle domeinen niet aan de lage kant?

Wanneer uw raad het ombuigingsvoorstel overneemt zullen wij, samen met Overbetuwe Beweegt, onderzoeken welke programma’s en activiteiten eventueel geen doorgang meer kunnen vinden. Wij letten er daarbij op dat de effectiviteit voor met name jongeren zo klein mogelijk is. Wij doen dit ook vanuit de ambities zoals verwoordt in de Sport- en beweegnota die de gemeenteraad op 14 juli bespreekt tijdens een politieke voorronde. De effecten van de 18 maatregelen zijn met nadruk indicatief, bovendien hebben we te maken met een open einde financiering. Ons uitgangspunt is dat inwoners altijd de ondersteuning krijgen die ze nodig hebben, onze begroting is hier niet leidend in. Om te kunnen waarborgen dat onze inwoners in de toekomst ook de juiste ondersteuning kunnen krijgen, is het essentieel dat we nu investeren in sterke sociale basisvoorzieningen, het versterken van gemeenschapszin zodat inwoners hun netwerk meer benutten en tot slot in het verbeteren van onze ondersteuningsstructuur. De ambitie om toe te groeien naar een circulair ambachtscentrum vraagt nader onderzoek. Ook de locatie van een CA wordt meegenomen in het nader onderzoek. Hierbij zullen we zeker kijken naar alle bestaande afspraken en mogelijkheden.

Om de volgende stap te zetten om op termijn een circulair ambachtscentrum te realiseren is een projectopdracht opgesteld. De ambitie om toe te groeien naar een circulair ambachtscentrum vraagt nader onderzoek en studie en vanzelfsprekend ook kosten met zich meebrengen. Deze wordt deze maand aan het college aangeboden. Streven is om in januari 2022 de resultaten van het onderzoek aan de gemeenteraad te kunnen aanbieden. Wij verwachten op dit moment dat deze kosten onder het drempelbedrag blijven waarover het college kan beslissen en die u middels een begrotingswijziging worden aangeboden. Dat geldt evengoed voor de bedrijfsmatige verbeteringen voor de huidige milieustraten. Wij zullen u in de verschillende rapportages in de P&C-cyclus informeren over de stappen die gezet worden en de kosten die hiermee gemoeid gaan Zoals op bladzijde 26 is beschreven, is voor 2022 aanvullend € 140.000,- als incidenteel budget noodzakelijk. Het uitstel van de inwerkingtreding leidt hierbij niet tot grote financiële afwijkingen, omdat we zo veel mogelijk vasthouden aan de bestaande planning (weinig uitfaseren). Voor wat betreft de structurele effecten van de Omgevingswet verwijzen we ook naar bladzijde 26. Het is op dit moment niet mogelijk om een goede inschatting te maken van de structurele effecten

7

25

Pagina 16, Hoogspanningsdossier: wat is het tijdspad om leidingen onder de grond weg te werken?

26

Pagina 16 Programma Financiën en Bedrijfsvoering: wat is de lering/zijn de ervaringen van de COVID periode? Wordt thuiswerken structureel? Wat m.b.t. flexwerken? Effect hiervan op de werkprocessen en de output?

27

Pagina 30 Tarieven voor afvoeren afval bij evenementen wordt als ambitie genoemd, wordt bij de organisatie van de Nijmeegse Vierdaagse, een van de grootste evenementen in Overbetuwe ook de kosten voor de afvoer van al het afval verhaalt of ligt dit wel bij de gemeente? Pagina 33 Herverdeling gemeentefonds. Waarom is de kans reëel dat herverdeling Gemeentefonds negatief voor ons uitpakt?

28

29

30

Pagina 57 Voorstel 1.13 Klantentevredenheidsonderzoek (quick wins): Heeft Kurtosis voldoende expertise voor de uitvoering van zo’n onderzoek. Is de kwaliteit en onafhankelijkheid van dit onderzoek voldoende geborgd? Pagina 59 1.15 Bijzondere bijstand - anders

van de nieuwe wet op alle domeinen. Dit hangt van een aantal factoren af; gemeenten hebben namelijk tot 2029 de tijd om op basis van keuzes het eigen beleid vorm te geven. Deze keuzes hebben hun doorwerking in leges, werkprocessen, formatie, etc. Vandaar dat we de structurele effecten van de Omgevingswet onder het risicoprofiel hebben geschaard (zie bladzijde 33). In de komende jaren wordt het financiële effect steeds concreter en weten we ook of dit aan de lage kant is. We hebben onderzoek laten doen naar alternatieve tracés. De totale kosten voor de gemeente komen uit op ca. 4,5 miljoen. Aan het eind van het jaar wordt duidelijk of de provincie ook gaat bijdragen aan de verkabelingstrajecten in de provincie. Zodra dit duidelijk is zullen we een projectplan met een planning voor u opstellen. Covid heeft ons de volgende leerpunten opgeleverd: - Thuiswerken kan in veel situaties en is effectief voor de situaties waarin je productie moet draaien, of geconcentreerd moet werken. - Thuiswerken is lastig voor die situaties waarin je ideeën moet ontwikkelen met meerder partners - Thuis KUNNEN werken is fijn, maar thuis MOETEN werken valt veel collega’s zwaar. We zullen ook na Covid als organisatie in een meer hybride situatie blijven werken. De maat ‘daar waar het werk je nodig heeft’ is daarbij leidend. We werken al grotendeels digitaal en plaats onafhankelijk.

Daar waar nodig, zetten we verdere stappen in het digitaliseren van processen. De gemeentelijke ( kantoor) locaties, zullen de plaatsen zijn waar ontmoeten, creëren en verbinden de boventoon voert. We verwachten dat deze hybride manier van werken in positieve zin bijdraagt aan onze output. Al meerdere jaren draagt zowel de gemeente als de stichting Vierdaagse een deel van de kosten voor afvalverwerking. Dit is bekrachtigd in een in 2018 afgesloten convenant tussen gemeente en Stichting. Het convenant loopt tot en met 2022. Vanaf 2023 zijn nieuwe/andere afspraken met de stichting mogelijk.

Uit voorlopige berekeningen die door het rijk zijn gepubliceerd bleek dat Overbetuwe met een nadeel van € 22 per inwoner behoorde tot de zogeheten nadeelgemeenten bij de herverdeling. Gelet op voornoemd bedrag per inwoner is de kans reëel dat de uiteindelijke definitieve herverdeling negatief voor ons uitpakt. Kurtosis heeft een zeer uitgebreide expertise en ervaring met de verwerking van data binnen het sociaal domein. Kurtosis is een onafhankelijk bedrijf net zoals BMC die eerder deze onderzoeken uitvoerde. Kurtosis voert voor meerdere gemeenten in Nederlands klanttevredenheidsonderzoeken uit binnen het sociaal domein. Nee, hier wordt niet gedoeld op “scheef wonen”. Daar hebben we geen invloed op en zien we ook

8

31

organiseren: Wordt hier bedoeld dat woningcorporaties gevraagd gaat worden om wat te doen aan het zogenaamde ‘scheef wonen’? En geeft u in feite al aan dat het moeilijk wordt om hierover concrete afspraak te maken? Is de ombuiging van 75k mede hierdoor niet te ambitieus? In de Kadernota ontbreekt informatie t.a.v. het Zwembad in Zetten. a. In welke fase bevindt dit proces zich? b. Wanneer is er meer duidelijkheid over mogelijkheden voor behoud zwembad in Zetten? U heeft in eerdere beantwoording op schriftelijke vragen bij de programmabegroting 2021 aangegeven dat in er in Q1 2021 meer duidelijkheid zou zijn. c. Kunnen wij in het kader van de verdere ontwikkeling van het westelijk gedeelte van Overbetuwe en met de laatste informatie over bezettingscijfers de behoefte met één zwembad wel voldoende bedienen? ls en blijft het haalbaar om zonder wachtlijsten in de toekomst al onze opgroeiende Overbetuwse kinderen op tijd te voorzien van een mooi en belangrijk zwemdiploma? d. Het contract met de Drie Essen verloopt in 2023. Het nieuwe zwembad in Elst zal in 2025 opgeleverd worden. Betekent dit dat de gemeente ook na beëindiging van het contract de subsidie van 230K zal verstrekken (tot het moment dat het nieuwe zwembad in Elst wordt opgeleverd)?

niet als onze taak. Als gemeente verstrekken we vaak bijzondere bijstand voor de inrichting van een woning wanneer een statushouder een woning in onze gemeente toegewezen krijgt. Nu wordt daar in voorzien door een geldbedrag toe te kennen. We zien dat dat geld niet altijd doelmatig wordt ingezet. Door de woninginrichting in natura te verstrekken besteden we het geld doelmatiger. Het bedrag is niet ambitieus aangezien we voor komend jaar een verwachte taakstelling hebben van circa 100 statushouders. Zetten: A. Het proces bevindt zich in de afrondende fase. B. De besluitvorming ten aanzien van Zetten, wordt tegelijkertijd aangeboden met het raadsvoorstel voor de nieuwbouw van het Multifunctionele Sportcentrum te Elst, zijnde voorbereide raad op 21 september en raadsvergadering op 5 oktober. C. De laatste informatie van bezettingscijfers zijn niet maatgevend i.v.m. Corona. De stichtingskosten van een zwemvoorziening in Zetten zijn geactualiseerd en tevens zijn de visie van exploitant de Drie Essen en van de verenigingen stichting Zwemsport Valburg gevraagd op deze stichtingskosten en de betreffende configuratie van de varianten. D. Het contract verloopt inderdaad in 2023. In de kadernota is de subsidie niet duurzaam opgenomen. Dat betekent dat de subsidie ook zal verlopen in 2023. Op 5 oktober besluit de gemeenteraad over het multifunctioneel sportcentrum.

Daaraan is een besluit over de toekomst van de Drie Essen gekoppeld conform het raadsbesluit van 1 oktober 2019. In de kadernota 2022 is de financiële consequentie van het verschuiven van de planning naar 2025 wel voor het MFC Elst (780K) verwerkt maar abusievelijk niet voor de subsidie (230K)van het zwembad van Zetten. Deze bijdrage zal naar aanleiding van uw raadsbesluit op 5 oktober alsnog in de begroting worden verwerkt.

9

1.2 Technische vragen GBO GBO 1

2

Vraag Extra uitkering jeugdzorg (807.000) is in de meerjarenbegroting opgenomen vanaf 2023. Waar opgenomen in de begroting 2022 (en resultaat 2021)? Hoe staat dit in verhouding tot de extra voorziening die de raad voor 5 jaar beschikbaar heeft gesteld?

Ambities: Hier wordt genoemd: Fietsagenda, woonwagenlocaties, hoogspanningsdossier, sportbeleid en speelbeleid. Er worden geen budgetten aangehangen. Betekent dit dat deze plannen niet doorgaan, of alleen als raad specifiek besluit? Hoe kunnen ze alsdan gefinancierd worden? Is er al een voorlopige inschatting te maken van de kosten en het effect op de financiën?

Antwoord In de septembercirculaire 2021 wordt de gemeente door het Rijk geïnformeerd over de toegekende middelen voor de begroting 2022. Deze worden opgenomen in de definitieve begroting 2022 Voor de jaren daarna geldt dat te nemen kabinetsbesluiten.de hoogte van het beschikbare bedrag bepalen. Deze besluiten zijn aangekondigd maar nog niet genomen dan wel gecommuniceerd.. De extra uitkering voor jeugdzorg voor 2021 en 2022 is opgenomen in de meicirculaire 2019 en de septembercirculaire 2020. Met het bedrag voor 2021 is rekening gehouden bij het bepalen van de hoogte van de bestemmingsreserve sociaal domein. De middelen vanaf 2022 hebben geen invloed op de bestemmingsreserve sociaal domein. We onttrekken aan deze reserve conform begroot. De extra geraamde middelen komen daardoor ten gunste van het begrotingssaldo. Woonwagenlocaties: Voor de woonwagenlocaties geldt dat hier nog geen budget aan gehangen is, omdat op dit moment nog niet duidelijk is wat de kosten hiervan zullen zijn. Voor het participatieproces, de ureninzet van de contactpersoon van de woonwagenbewoners en de planologische procedure zullen we voor het zomerreces budget aanvragen bij het College.

Het is niet mogelijk een inschatting te maken van de kosten voor de realisatie van de locatie, dit is erg afhankelijk van de inpassing op de locatie en de afspraken die we maken met de woningcorporatie met betrekking tot realisatie en beheer. Zodra wij een kostenraming hebben gemaakt (na het opstellen van het inrichtingsplan) en afspraken hebben gemaakt met de woningcorporatie, leggen uw raad een voorstel voor het toekennen van budget voor. Fietsagenda: Voor de uitvoering van de Fietsagenda is deels budget. Voor nieuw budget zal een voorstel aan de raad worden voorgelegd. Zie voor verder beantwoording de reactie op vraag 9 van het CDA. Hoogspanningsdossiers: de kosten van het ondergrond brengen van de hoogspanningsleidingen is afhankelijk van nadere inhoudelijke keuzes die nog gemaakt moeten worden en van de bijdrage die mogelijk de provincie Gelderland verstrekt. Zodra er zicht is op de tracés en de gemeentelijke kosten zal er een voorstel aan de raad worden voorgelegd. Sportbeleid: nieuw beleid betekent niet automatisch meer geld. Het sport- en beweegbeleid

10

voeren wij uit (nadat de raad het heeft vastgesteld) vanuit de bestaande budgetten. Speelbeleid: er is nieuw speelbeleid in ontwikkeling. Komend najaar leggen we dit voor aan de raad. In 2022 zal het nieuwe speelbeleid binnen de financiële kaders worden uitgevoerd. 3

4

5

Weerstand/reserve/risicobeleid: (5. kanttekeningen en risico’s punt 1.2) College geeft aan dat er (nog) geen inzicht is in het risicoprofiel. Met het college, baart ons dat ernstig zorgen. Een tijdig en actueel inzicht in risico en benodigde reserve (en weerstandsratio) is nodig. Kan het college toezeggen op de meest korte termijn de raad daarover inzicht te verschaffen, alsmede de raad bij voortduring hiervan op de hoogte tehouden? Een van de voorgestelde ombuigingen is het verminderen van de personeelsformatie. Daar tegenover staat een toename van het aantal taken in 2022, waaronder bv. de wet inburgering en omgevingswet. De vraag rijst of de voorgenomen taakstelling in het licht van de nieuwe wetgeving kan worden bereikt en zo ja ten koste van welke taken gaat die reductie dan gepaard. Los daarvan gaat GBO voor kwaliteit ipv. kwantiteit en we vragen ons af hoe het college dit ondanks het toekennen van extra middelen voor scholing kan borgen. A: Toeristenbelasting: Heeft college overleg gevoerd met Hoteleigenaren, Campings, B&Bs, etc? B: Bij de risico's staat dat er kans is op minder overnachtingen bij invoering van toeristenbelasting. Risico voor de eigenaren

De uitgangspunten van ons risicobeleid en de wijze waarop we dit beleid uitvoeren zijn beschreven in de “Nota Risicomanagement (2018). Eén van die uitgangspunten is dat er twee keer per jaar, bij de jaarstukken en de begroting, een integraal beeld geschetst wordt van de risico’s, de aanwezige weerstandscapaciteit en de ratio voor het weerstandsvermogen. De meest recente risicoanalyse en weerstandsratio worden u gepresenteerd bij de Jaarstukken 2020 die voor de Raadsvergadering van 6 juli a.s. zijn geagendeerd. De resultaten van de verdere professionalisering van het risicomanagement worden u gepresenteerd middels de reguliere Planning&Control documenten. Op dit moment voeren we een optimalisatieslag uit binnen risicomanagement, waarbij we de risico’s en beheersmaatregelen nog beter in beeld gaan brengen, mede voor de onderbouwing van de rechtmatigheidsverantwoording die door ons college voor boekjaar 2021 afgegeven gaat worden. Nieuwe wetgeving kan nieuwe taken voor de organisatie tot gevolg hebben. Veelal verstrekt het rijk daarvoor ook extra middelen (via de mei en septembercirculaires bekend gemaakt). Nieuwe wetgeving en mogelijke nieuwe taken die ook vragen om extra formatie staat los van het voorstel om te komen tot een vermindering van de personeelsformatie.

Wanneer blijkt dat er als gevolg van nieuwe wetgeving (of andere autonome ontwikkelingen) extra middelen nodig zijn (zoals formatie) zal dit via de gebruikelijke procedures aan de raad worden voorgelegd. De kwaliteit van onze organisatie en onze dienstverlening vinden we net als u van belang. In de kadernota is dan ook tevens een voorstel opgenomen om (naast de reguliere middelen in onze begroting voor opleidingen en trainingen) te investeren in het personeelsbeleid. Hiermee willen we in samenhang met de beoogde formatiereductie de kwaliteit van onze organisatie en van onze mensen op niveau kunnen houden. A: Nee, bij de voordracht van voorstel 3.2 ‘invoering toeristenbelasting en forensenbelasting’ is wel meegenomen dat in 2017, door de toenmalige portefeuillehouder, al eens met eigenaren van de verblijfsaccommodaties in de gemeente Overbetuwe gesproken is over invoering van toeristenbelasting. Op basis van het draagvlak en de financiële noodzaak is toen door de gemeenteraad besloten om toeristenbelasting niet in te voeren. De financiële situatie van de gemeente Overbetuwe was toen wezenlijk anders dan nu.

11

dus, minder voor de Gemeente. Heeft College deze risico's besproken met de eigenaren?

6

7

8

C: Kan het college zekerheid geven dat het opgehaalde bedrag ook ten goede komt van toerisme, dus dat ondernemers hier ook van profiteren? Openbare Ruimte Het risico is dat vervangingen soms niet kunnen worden uitgevoerd op het moment dat dit nodig zijn. In de toekomst richten wij ons meer op integrale beheer- en onderhoudsplannen. Hierin zit ook een vervangingsplan van de bestaande openbare ruimte. Dit kan niet, als er bijv fysieke risico’s ontstaan door onveilig geworden wegdek dan moet dit direct aangepakt kunnen worden De gemeente kan eventueel aansprakelijk gesteld worden Een van de ombuigingsvoorstellen is, dat het kaartje van het zwembad en daarmee ook het zwemonderwijs duurder worden. Deelt uw college de opvatting dat, gehoord een groot aantal ouders van kinderen, in dat geval de kwaliteit van het onderwijs op een hoger niveau moet komen te liggen? Op blz 2 van de aanbiedingsbrief (voorstel) wordt gesteld dat er 990.000 extra uit de reserve nodig is omdat de kunstgrasvelden (althans de toplaag) voortijdig moet worden vervangen, waardoor er een extra afschrijving van de resterende boekwaarde moet plaatsvinden. (onderdeel 4-2.3) Hier komt toch wel wat verbazing bij mij op. Kunstgrasvelden zijn al langer een punt van discussie en om nu een miljoen extra te onttrekken vind ik nog al wat. Sport en

B: Nee, zie bovenstaande uitleg. C: In de kadernota staat onder ‘A2.7 Recreatie’ op blz. 88 een niet gekozen voorstel om de jaarlijkse kosten voor marketing en promotie van recreatie en toerisme te laten vervallen. In plaats daarvan stelt het college voor om die te dekken uit de in te voeren toeristenbelasting. Het beheer en onderhoud van de openbare ruimte bestaat uit alle activiteiten en maatregelen om de openbare ruimte voor een lange periode in stand te houden. Aan het eind van de levensduur wordt de openbare ruimte vernieuwd. Gedurende de levensduur wordt gesproken van onderhoud, aan het eind van de levensduur moet een vervangingsinvesteringen worden gepleegd. Onderhoud wordt meestal onderscheiden in dagelijks oftewel klein onderhoud en groot onderhoud. Bijvoorbeeld een onveilige situatie valt onder het dagelijks- of klein onderhoud. In de begroting zijn hiervoor middelen beschikbaar gesteld, Als klein onderhoud niet afdoende is, zullen we groot onderhoud moeten toe passen. Dus bijvoorbeeld een nieuwe deklaag. De vervangingsinvesteringen moeten in de begroting worden opgenomen maar hebben nog nooit in de begroting gestaan. Voorheen werden deze investeringen aangevraagd door middel van de post nieuwe lasten (PNL), Het zwemonderwijs voldoet aan de hoogste standaard van de NRZ (Nationale Raad Zwemveiligheid).

De Nationale Raad Zwemveiligheid verleent zwemlesaanbieders de Licentie Nationale Zwemdiploma’s wanneer aan alle kwaliteitscriteria is voldaan; dit wordt regelmatig onafhankelijk getoetst. Dit staat garant voor een hoog (zwem) niveau.

Bij de aanleg van de kunstgrasvelden is voor de totale investering (dus van ondergrond, veld, toplaag ed.) uitgegaan van een afschrijvingstermijn van 30 jaar. Inmiddels is gebleken dat de toplagen van deze velden een kortere levensduur hebben en al na 14 jaar (in plaats van de eerder gehanteerde 30 jaar) moeten worden vervangen. Voor dat onderdeel van de totale investering moet dus een inhaalafschrijving plaatsvinden. Het betreft ruim 10 velden en dus is de totale inhaalafschrijving een aanzienlijk bedrag.

12

9

10

sportvelden vergen inmiddels een fors budget. Dit is weliswaar incidenteel, en een voordeel voor het meerjarenperspectief, maar dan nog: een forse extra druk op de begroting 2022. In deze kadernota wordt nog uitgegaan van OZB-verhoging van 4 x 4% Is het nodig daar nog iets van te vinden of te zeggen. Het is een voorstel in de kadernota. Wellicht belangrijk aan te geven dat wij dit liever niet als harde beslissing zien bij de kadernota, maar pas willen beslissen bij de begrotingsbehandeling Zijn de cijfers uit de mei circulaire inmiddels voor Overbetuwe bekend en heeft u al een cijfermatig beeld van de jaarrekening 2020

Er wordt geen technische vraag gesteld, deze informatie is ter info.

Ja die zijn bekend. We informeren u hierover in de TIC “Meicirculaire 2021” (21BW000251).

13

1.3 Technische vragen D66 D66 1

Vraag Tekort in 2022: Is gesproken met de provincie over de voorgestelde raming en is bekend of de provincie akkoord kan gaan met het voorstel zoals dit er nu ligt? Zo nee, wanneer gaat dit gesprek dan wel plaatsvinden?

Antwoord Op woensdag 23 juni is er een gesprek geweest met de ambtelijk toezichthouder. Aangezien de toezichthouder alleen een vastgestelde begroting beoordeelt, heeft hij geen oordeel over de Kadernota. Om straks een goed oordeel te kunnen vormen vraagt hij op basis van de kadernota Aandacht voor het inzicht in het effect van de maatregelen uit het beleidsplan sociaal domein op de ramingen 2022 voor het Sociaal Domein. Dit inzicht brengen we voor de begroting in beeld. Inzicht in de onderbouwing van het verlengen van de afschrijvingstermijnen voor investeringen in de openbare ruimte. Deze onderbouwing brengen we op korte termijn voor hem in beeld. Aangezien we in juli nadere informatie verwachten over de herverdeling van het gemeentefonds en de verdeling van de extra gelden Jeugd voor 2022, volgt er in augustus een 2e afstemmingsmoment met de toezichthouder over de verwerking ervan in de meerjarenbegroting.

2

3

Beslispunt 2: de lasten en baten zijn gebaseerd op constante prijzen. Hoe realistisch is het om uit te gaan van constante prijzen (de verwachting is immers dat de inflatie gaat stijgen en dus hoger wordt dan de huidige aanname in de kadernota)? Is het mogelijk om op hoofdlijnen het effect van prijsstijgingen op de begroting in beeld te brengen bij de risico’s? Beslispunt 3: kosten WMO/jeugd gelijk aan 2020 – taakstelling. Toelichting: Op diverse plekken in de kadernota wordt ingegaan op de kosten voor sociaal domein en meer specifiek die voor WMO en jeugd: pagina 11: ‘de uitgaven in het sociaal domein zijn hoger en groeien sneller dan begroot’ en de forse tempering (van 3,2 mln naar 1,8 mln in 2024) van de verwachte opbrengsten van de ’18

Het blijft elk jaar een inschatting hoe de prijsinflatie zich daadwerkelijk gaat ontwikkelen. De raming die wij in de kadernota hebben opgenomen is gebaseerd op het Indexcijfer Materiele Overheidsconsumptie en berekend over de prijsgevoelige budgetten 2021. In aanloop naar de begroting onderzoeken we of de prijsgevoelige budgetten nog beïnvloed worden door de (heroverwegings)voorstellen uit de kadernota.

Realisatie van de uitgaven in 2020 blijft de meest passende indicator voor de te verwachten uitgaven in 2021, zeker gezien het beoogde effect van de 18 maatregelen die we hebben genomen. We blijven echter in grote mate afhankelijk van rijksbeleid en afhankelijk van het feit dat we te maken hebben met een open einde financiering,. Bij de monitor 2020 hebben we nog flink wat aannames moeten doen voor de te verwachten realisatie voor 2020. Pas bij het vaststellen van de jaarrekening kunnen we deze definitief vaststellen. Daarnaast hebben keuzes van het Rijk grote invloed op onze begroting, zoals blijkt bij de na afronding van de kadernota verschenen meicirculaire en bij de aangekondigde brief van het ministerie n.a.v. het akkoord met de VNG over

14

4

5

maatregelen’ en de vele overige risico’s genoemd op pagina 12 en 13. De raad heeft eerder besloten de budgetten te bevriezen op het niveau van 2020. Dit besluit is destijds gedaan op basis van bepaalde aannames (de verwachting was onder meer dat de toename van de kosten op het hoogtepunt zou zijn en niet verder zou stijgen). Ook hebben we als raad het uitgangspunt dat we realistisch moeten begroten. Vraag: Is op basis van de meest recente cijfers dit uitgangpunt nog steeds realistisch en zijn de aannames waarop het eerdere besluit is genomen nog steeds geldend of inmiddels (deels) achterhaald? Beslispunt 5 streven naar minimale omvang van de AR en structureel evenwicht. Er wordt aangegeven dat er gestreefd wordt naar sturen op minimale omvang van de AR, in combinatie met de BBV indicator solvabiliteit. Wat is de minimale omvang van de AR en kan deze in de tabel op pagina 23 worden opgenomen? Aan welke waarde moet de indicator voor solvabiliteit dan voldoen en wat is de waarde op basis van de cijfers in deze kadernota?

'' Door corona is er extra aandacht nodig voor onderwijsachterstanden. We benutten onze regionale samenwerking om deze aandacht te realiseren''. Wat wordt hiermee bedoeld? Welke invloed heeft de gemeente hierop? Klopt het dat de gemeente voornemens is om aan te sluiten bij de Gelijke Kansen Alliantie (GKA)?

de begroting Jeugdzorg 2022.

Beslispunt 5 beoogt om niet meer te sturen op een minimale omvang van de algemene reserve en voortaan te sturen op de weerstandsratio in combinatie met de indicator solvabiliteit. Daarmee is er dus geen absolute minimale omvang van de reserve meer aan de orde. Op basis van de landelijke normering, die ook door de toezichthouder gehanteerd wordt geldt het volgende: > 50% minst risicovol 20% tot 50% neutraal <20% meest risicovol Het staat een gemeente vrij om te sturen op een eigen normering. Tot op heden heeft de raad van Overbetuwe die niet bepaald. Deze ratio is gekoppeld aan de balanspositie. Nadat de jaarrekening 2020 is afgerond kunnen we een prognose maken van de balanspositie voor 2022 en verder. Op basis hiervan presenteren we in de begroting 2022 de actuele ratio. Door Covid-19 komt ons onderwijsachterstandenbeleid in een nieuw daglicht te staan. De opgelopen onderwijsvertraging en toenemende sociaal- emotionele problemen onder jeugdigen maken helder dat het van groot belang is om te komen tot nieuw beleid. Samen met kinderopvang, onderwijs en kernpartners streven we naar een verbeterde beleidsmatige inkleding van een nieuw onderwijskansenbeleid in plaats van onderwijsachterstandenbeleid. Landelijk maar ook in de regio delen we kennis, leggen we de verbinding en ligt de focus op duurzame effectieve inzet van middelen.

Wij benutten onze samenwerking met de regionale samenwerkingsverbanden voor lokale vertaling om te komen tot een duurzame en integrale aanpak.

15

Bij dit onderdeel wordt aangegeven: ‘.. voorzien we winst in de integraliteit van dienstverlening en de dagbesteding’. Waar zitten dan de kansen op ‘winst’?

6

7

8

‘’Als gevolg van corona heeft de sector kunst en cultuur zware klappen te verduren. De inzet van Overbetuwe is om een bijdrage te leveren aan dit herstel vanuit de beleidskaders en speerpunten die de cultuurvisie biedt.’’ Zijn hier financiële middelen mee gemoeid en zo ja, hoeveel? Is genoemde inzet vraag gestuurd? Beheer openbare ruimte: In de tekst wordt een bedrag van 345.000 genoemd en in de tabel op de volgende pagina wordt voor regulier onderhoud 254.00 genoemd. 1 Hoe verhouden die bedragen zich tot elkaar? 2 Er wordt aangegeven dat in het najaar de beheers- en onderhoudsplannen bekend zijn. Lukt het dan nog op tijd om de kosten te verwerken in de begroting 2022 en verder? (op pagina 35 wordt weer gesproken over dat deze ter vaststelling in 2022 voorgelegd zouden worden). Mogen we aannemen dat als deze cijfers bekend zijn, ze meerjarig worden meegenomen?

Tabel 10 en 35: Is er in de KN nu wel of geen rekening gehouden met sterk oplopende vervangingsinvesteringen in de OR? Tabel zegt van niet, tekst op pag 35 suggereert van wel.

We oriënteren ons momenteel inderdaad op de mogelijkheid om aan te sluiten bij de Gelijke Kansen Alliantie (GKA) vanuit het ministerie van OCW. De GKA zet zich samen met scholen, gemeenten en maatschappelijke organisaties in voor het vergroten van kansen voor kinderen en jongeren. Het lijkt een mooie kans dit traject te verbinden met de opdracht van het Nationaal Programma Onderwijs om leervertragingen in te halen en het onderwijs te verbeteren. Met integraliteit van dagbesteding bedoelen we één van de 18 maatregelen: dagbesteding laagdrempelig en ontschot aanbieden. We zoeken hierbij ook aansluiting met het activeren van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt vanuit de Participatiewet; deze integrale benadering biedt kansen om dit efficiënter en effectiever voor de betreffende inwoners te organiseren Tijdens de Coronacrisis zijn door zowel het college als door de raad diverse ondersteuningsmaatregelen vastgesteld. Onderdeel van deze maatregelen was een uitgebreid scala aan ondersteuning aan de culturele sector in onze gemeente. Hierbij hebben we bijvoorbeeld de verantwoording van subsidies achterwege gelaten, huren kwijtgescholden of het theater financieel ondersteund. De bedragen die hiermee gemoeid zijn maken geen onderdeel uit de van de kadernota. De inzet van deze gelden is deels door de verstrekkingen van de provincie die gericht voor dit doel zijn verstrekt.

Het bedrag van 345.000 is niet correct. Dit bedrag moet worden aangepast in 326.000. Er wordt jaarlijks € 254.000 te weinig geraamd voor groot onderhoud van de openbare ruimte. Daarnaast moet rekening gehouden worden met de areaaluitbreiding. Dat betekent dat het onderhoudsbudget gemiddeld per jaar met € 72.000 moet stijgen. Voor 2022 wordt het budget voor het onderhoud van de openbare ruimte daarom verhoogd met het tekort van € 254.000 en areaaluitbreiding van 2021. In het totaal komt dat neer op een bijstelling van € 326.000. Nee, momenteel worden de integrale beheerplannen opgesteld. Door middel van de beheerplannen geven we invulling aan de verplichting van uit het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Vanuit het BBV dient te worden aangegeven om welke kapitaalgoederen het gaat, wat het ambitieniveau daarbij is en hoe het beheer, zowel operationeel als financieel, moet worden uitgevoerd. In het najaar zijn de eerste concepten van de integrale beheerplannen gereed. Dit houdt in dat we dus de kosten niet in deze kadernota voor het begrotingsjaar 2022 kunnen opnemen, maar in de kadernota voor het begrotingsjaar 2023 In de kadernota is geen rekening gehouden met de vervangingsinvesteringen.

De beheerplannen van de openbare ruimte moeten hier inzicht in gaan geven, hoe groot deze vervangingsinvesteringen zijn, en ook wanneer deze naar verwachting noodzakelijk zijn. Door de overgang van de PNL posten naar de vervangingsinvesteringen zien we dat we in 2022

16

Zo niet, betekent dit dan niet een te verwachte uitgavenpost die zeker is en moet worden meegenomen? 9

10

11

12

Tabel 10: Areaaluitbreiding leidt tot een kostenpost die net zo groot wordt als die voor regulier onderhoud. Hoe valt dit te verklaren? Het openbaar gebied wordt toch niet 2x zo groot? Van deelbudget naar totaal budget: Waarom zijn synergievoordelen afhankelijk van hoe omgegaan wordt met het budget? Wat zijn de consequenties van dit voorstel? Betekent het dat de raad minder vaak begrotingswijzigingen hoeft vast te stellen? Betekent het dat de Raad minder informatie krijgt over de onderliggende budgetten? Wat voor effect heeft dit besluit op de inhoud van de monitor sociaal domein? Tabel maatregelen: De titel van de tabel dekt niet de lading. Daarnaast wijkt het totaal bedrag af van het totaal dat in de laatste monitor sociaal domein is opgenomen. Welke informatie is het meest accuraat: in de kadernota of in de kwartaalrapportage? En als de kadernota de meest recente cijfers weergeeft, waardoor worden de verschillen veroorzaakt? Er wordt vermeld dat er per maatregel een realisatieplan is opgesteld. We willen, gezien de risico’s die genoemd worden graag inzage in deze plannen. Kunnen we deze ontvangen? Risico’s sociaal domein: Is het mogelijk om een indicatie te geven van de kans dat genoemde risico’s gevolgen hebben? (specifieker maken per risico)

nog veel rehabilitatie projecten uitgevoerd moeten worden waarvoor reeds budget beschikbaar is gesteld. In het najaar zijn de eerste concepten van de integrale beheerplannen gereed. Dit houdt in dat we dus de kosten van de vervangingsinvesteringen niet in deze kadernota voor het begrotingsjaar 2022 kunnen opnemen. maar in de kadernota voor het begrotingsjaar 2023. In de begroting zijn miljoenen opgenomen voor het totale beheer en onderhoud van de openbare ruimte. Dit is een veelvoud van de areaaluitbreiding

De afgelopen jaren hebben we gezien dat er veel verschuivingen tussen begrotingsposten zijn als gevolg van gewijzigd rijksbeleid, wijzigingen in de regionale inkoop en gemeentelijk beleid. De aansluiting tussen begroting en realisatie loopt daardoor scheef op deelbudgetten; en vertroebelt daarmee het beeld op het totaal budget. Door meer te consolideren ontstaat een beter inzicht en overzicht in bestedingen. Er ontstaan synergievoordelen wanneer de begroting ontschot gehanteerd kan worden; zie hiervoor het advies van de koepel adviesraden sociaal domein. De raad krijgt dezelfde informatie als nu, maar hoeft inderdaad minder vaak begrotingswijzigingen vast te stellen. De monitor sociaal domein heeft juist inzichtelijk gemaakt dat de kwaliteit van de informatie toeneemt bij consolidatie. De informatiepositie van de raad wordt sterker wanneer technische begrotingsvoorstellen achterwege kunnen blijven en de raad geïnformeerd wordt over de feitelijke realisatie. De te besparen bedragen van de 18 maatregelen waren een eerste, grove indicatie. We krijgen steeds beter zicht op de effecten van de maatregelen waardoor de bedragen steeds realistischer worden. Het meest accuraat zijn de cijfers in de kadernota, deze cijfers komen nagenoeg overeen met de cijfers in de eerste kwartaalrapportage..

De 18 maatregelen vormen samen één geheel dat bijdraagt aan onze ambitie zoals beschreven in het beleidsplan sociaal domein. De afzonderlijke realisatieplannen moeten dan ook als zodanig gezien worden, bovendien zijn niet statisch maar continu in ontwikkeling. We zullen u bij de kwartaalrapportages steeds inzage geven in de voortgang van de maatregelen.

Wij denken dat wij een goed beeld hebben geschetst van te verwachten risico’s. We zullen u bij de bestuursrapportages steeds informeren over het optreden van deze risico’s en mitigerende maatregelen die wij nemen. Ook zullen wij u informeren over nieuwe risico’s wanneer wij die signaleren.

17

13

14

15

16

17

Risico 2: In de begroting is rekening gehouden met een inflatie van 1,4%. Het huidige inflatiecijfer is inmiddels hoger en de verwachting is dat dit nog verder gaat stijgen. Wordt het risico hiermee groter? Aangegeven wordt dat dit deels gecompenseerd wordt door lokaal meerjarige afspraken te maken. Wanneer is bekend wat dit voor effect heeft op de kosten en wat is het volume waarover we spreken als het gaat om lokale afspraken? Risico 3: Waarom is dit risico van volumestijging niet in te schatten? Het gaat toch om een demografische ontwikkeling (meer ouderen, aantal jongeren) die uit te rekenen is? In alle prognoses stijgt het aantal ouderen niet beperkt maar juist zeer sterk! Moeten we dit risico eigenlijk niet juist wel kwantificeren en meenemen? Of is dit niet meegenomen in verband met het uitgangspunt over gelijk blijven van de kosten tov 2020? Risico 5: Woonplaatsbeginsel Jeugdwet. Wanneer is hier meer duidelijkheid over? En is het dan ofwel een nadeel van 500k of zoals verwacht, of zijn er ook nog tussenvarianten mogelijk? Hoe groot is de kans dat dit gaat gebeuren? Groene Metropoolregio: In hoeverre is al rekening gehouden met gelden die binnen gehaald kunnen worden via de metropoolregio of bespaard kunnen worden? Denk bijv.

aan Woningbouwimpulsgelden, Regionale Investeringsagenda of de meekoppelkansen van onze milieustraat met een regionaal circulair grondstoffenstation. Resultaat: De tabel geeft andere bedragen weer dan de laatste bestuursrapportage, welke cijfers zijn het meest recent?

Er zijn regionaal afspraken gemaakt in de contracten met aanbieders over inflatie. Deze worden vanzelfsprekend gehonoreerd. Er zijn maatregelen ingezet om lokaal meerjarige afspraken te maken met aanbieders tegen lagere jaarlijkse kosten, op basis van een andere financieringsmodel en met minder administratieve lasten (beschikkingsarm werken). ;

Volumestijging is maar beperkt afhankelijk van demografische ontwikkelingen. Ook lokale en landelijke beleidskeuzes hebben invloed, denk aan de ambitie dat mensen langer thuis blijven wonen, het abonnementstarief en ons streven om meer basisvoorzieningen te creëren om inzet van maatwerkvoorzieningen te voorkomen dan wel uit te stellen. Zo zien we al jaren een stijging van jeugdhulp terwijl het aantal jongeren is afgenomen. We gaan ervan uit dat de piek bij jeugdhulp inmiddels bereikt is.

Over de effecten van de meicirculaire voor onze begroting informeren wij u met een afzonderlijke TIC

In algemene zin geldt dat de financiële inzet (meer) mogelijkheden creëert voor financiering vanuit partijen naar onze regio Arnhem-Nijmegen. Hoe dit verdeeld wordt over (publieke, private en maatschappelijke) partijen zal zich waarschijnlijk het komende jaar uitkristalliseren. Concreet is er op dit moment nog geen rekening mee gehouden.

Het resultaat van de kadernota is in de eerste tabel op pagina 19 gepresenteerd. Dit resultaat is opgebouwd uit twee elementen. 1. Het financieel resultaat van het document ombuigingen dat in maart jl. met de raad is gedeeld (pagina 25) 2. Een drietal aanvullende mutaties (pagina 20)

18

18

19

20

21

Multifunctioneel sportcentrum en Hart van Driel; Op basis van de aangepaste planning van beide projecten, vallen de structurele lasten bijna volledig buiten deze meerjarenbegroting. Graag zien wij wat het effect is op de begroting in de jaren ’26 en verder bij verder ongewijzigde situatie als deze plannen op dat moment in exploitatie worden genomen. Kunnen wij er van uit gaan dat het punt ‘go/no go’ van het MFC Elst in de huidige vorm nog dit jaar in de raad aan de orde komt, waarbij het meerjarig effect naar de middellange termijn op de financiën ook inzichtelijk wordt gemaakt? Is in deze kadernota uitgegaan van invoeringsdatum omgevingswet per 1 juli of per 1 januari 2022? En indien nog uit is gegaan van 1 januari, heeft de gewijzigde invoeringsdatum consequenties voor de kosten in 2022? Wanneer zal bekend zijn wat er met de opschalingskorting gebeurt? In Lingewaard scheelt dit jaarlijks 2 mln, is dat vergelijkbaar met wat het Overbetuwe kan schelen? Is in te schatten wat de kansen zijn dat deze korting vervalt? Fysieke projecten (pag 20 en 30): Wordt hier nu bedoeld dat er sprake is van voortschrijdend inzicht of moeten we hieruit begrijpen dat er geen of niet altijd stelposten worden opgenomen voor genoemde zaken omdat er geen inschatting van gemaakt kan

Het resultaat van het document Ombuigingen is in de tabel op pagina 25 in beeld gebracht. Onderdeel B. 1e Berap 2021 uit deze tabel sluit aan op de cijfers van de 1e bestuursrapportage 2021, te weten:. 2022 - € 1.136 2023 - € 188 2024 - € 250 2025 - € 215 De jaarlast voor het multifunctionele sportcentrum is geraamd op 780.000 en voor Hart van Driel 130.000. Wij bereiden op dit moment een voorstel voor om een raad een besluit te laten nemen over de multifunctionele sportaccommodatie. Wij richten ons op dit moment op de raad van 5 oktober 2021. Daarin zal een uitgebreide financiële paragraaf worden opgenomen.

In de kadernota is bij het bepalen van onze incidentele kosten voor 2022 uitgegaan van de invoeringsdatum van 1 januari 2022. Het uitstel van de inwerkingtreding zoals aangegeven op blz 26 leidt niet tot meerkosten, omdat we zo veel mogelijk vasthouden aan de bestaande planning (weinig uitfaseren). Zoals op bladzijde 26 is beschreven, is voor 2022 aanvullend € 140.000,- als incidenteel budget noodzakelijk. Het al dan niet schrappen van de opschalingskorting zal een besluit worden van het nieuwe kabinet en daarmee onderwerp van de formatie. Het voordeel van het volledig schrappen van de opschalingskorting zal vergelijkbaar zijn met dat van Lingewaard. Echter, de herverdeling van het gemeentefonds zal hierop ook een effect hebben, dus exacte bedragen zijn op dit moment lastig te bepalen. Nee, dit is niet altijd het geval, maar bij grotere projecten kunnen in de initiatieffase nog niet alle kosten in beeld zijn, bijvoorbeeld als het gaat om beheer en exploitatie.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=OverBetuwe&id=e43e6da5-d373-4d35-9320-74efde1d1e24