21-04-20 A11 TIC; Dierenwelzijnsbeleid, bijlage 3b.pdf
Tekst van het document
Dierenwelzijn en diergezondheid
Schuilstallen in het buitengebied
Een wei met soortgenoten of andere diersoorten is nog altijd de beste plek voor landbouwhuisdieren. Vanuit het oogpunt van dierenwelzijn en ook vanuit het oogpunt van diergezondheid. Onderzoek heeft aangetoond dat dieren die veel kunnen bewegen en de hele dag door kunnen grazen, minder gezondheidsklachten hebben en bovendien vrij zijn van stereotiep gedrag. Nu dit inzicht steeds meer doorbreekt en dierhouders in toenemende mate bewust omgaan met het thema dierenwelzijn, groeit de vraag naar schuilstallen. Een schuilstal beschermt dieren niet alleen tegen zon, wind en regen. Een schuilstal biedt ook een plek om de dieren op verantwoorde wijze te verzorgen en te voeren en ze in geval van een dierziekte onderdak te verschaffen. De wet is er duidelijk over: het Besluit Houders van Dieren schrijft voor dat een dier, als het niet binnen wordt gehouden, bescherming moet worden geboden tegen slechte weersomstandigheden, gezondheidsrisico’s en zo nodig roofdieren. Naast wettelijke voorschriften zijn er ook richtlijnen voor een goede praktijk. Voorbeeld hiervan is de “Codex Landbouwhuisdieren houden zonder winstoogmerk”, waarin de hobbymatige en kleinschalige houders aan het begrip “beschermwaardigheid van het dier” een concrete invulling hebben gegeven. Daarin staat onder meer dat de meeste dieren beschutting nodig hebben.
“Als je in de wei geen stalletje mag bouwen, moet je daar maar geen dieren houden”
Dit zou betekenen dat veel weilanden ongeschikt zijn voor het houden van bijvoorbeeld schapen, koeien en paarden. Een verdere verschraling van het platteland en verlies aan landschappelijke kwaliteit liggen in het verschiet. Dieren in de wei dragen immers bij aan het landelijke karakter van het buitengebied.
Het KNMI voorspelt meer zon en meer regen
MORGEN ANDER WEER
Inleiding
Lang niet alle kleinschalige houders van paarden, ezels, koeien, schapen of geiten hebben hun dieren direct bij huis lopen, maar in een verderop gelegen weiland. Hoewel deze dieren het hele jaar door buiten kunnen blijven, is enige vorm van beschutting wel noodzakelijk. Zodra er veel regen valt of de zon onbarmhartig schijnt, is het voor dieren in een wei zonder schuilmogelijkheid geen pretje. Door veranderingen in het klimaat – hogere temperaturen, zeer natte periodes in zomer en winter – zien steeds meer houders het welzijn en de gezondheid van hun dieren in de knel komen. Velen denken dat een schuilstal niet mag of kan. Maar er zijn wel degelijk mogelijkheden. Een aantal gemeenten staat het plaatsen van schuilstallen toe. Ook provincies kunnen schuilstallen in het buitengebied mogelijk maken. Zo heeft Friesland de Verordening Romte Fryslân aangepast. Daar mag een dierhouder nu een stal met drie wanden van maximaal 30 vierkante meter plaatsen.
Een wei met soortgenoten is nog altijd de beste plek voor landbouwhuisdieren
Nederland heeft een grillig klimaat. De weersomstandigheden kunnen plotseling en voor lange tijd verslechteren. Niet iedereen is in de gelegenheid de dieren bij een hoosbui even naar de stal op het erf te halen. Daarvoor is de afstand tussen erf en weiland vaak te groot. Ook hebben lang niet alle stallen op het erf een uitloopmogelijkheid. Dit zou kunnen betekenen dat dieren die bij wisselvallige weers“Als omstandigheden naar “huis” worden gehaald, langdurig binnen staan. je de dieren
beschutting wilt geven, haal je ze maar naar huis”
Wat kan de gemeente doen?
Eenvoudig is het niet en soms kan het enige tijd duren, maar gemeenten hebben zeker mogelijkheden serieus naar de plaatsing van een schuilstal te kijken. Wie met een aantal medestanders eenzelfde verzoek indient, vergroot zijn kansen op succes. Schakel eventueel de gemeenteraad. Vraag ook de provinciale overheid om bouwen buiten het bouwblok toe te staan. Een gemeente die zijn inwoners serieus neemt: inventariseert de behoefte aan schuilstallen; stelt een beleidsnotitie op, waarin de randvoorwaarden worden vastgelegd, zoals omvang, materiaalkeuze, landschappelijke inpassing; gaat na wat het meest voor de hand ligt: schuilstallen onder voorwaarden toelaten in een bepaald gebied of een uitzondering maken voor een individuele dierhouder; brengt de burgers die het aangaat daarvan op de hoogte.
“Als we één Goed voorbeeld doet goed schuilstal toestaan, volgen. Een gemeente die dan is het eind zoek” schuilstallen onder bepaalde voorwaarden toelaat, hoeft niet bang te zijn voor een ongewenste precedentwerking. Een verbod op schuilstallen werkt juist verrommeling van het landschap in de hand. Her en der verschijnen illegale gebouwtjes van bedenkelijke kwaliteit.
Deze brochure is een uitgave van het Landelijk Kennisnetwerk Levende Have. Meer informatie is te vinden op www.levendehave.nl. Daar staat ook een overzicht van gemeenten die schuilstallen toestaan. Op de website zijn tevens bouwtekeningen van schuilstallen verkrijgbaar. Redactie: Jinke Hesterman/Landelijk Kennisnetwerk Levende Have Fotografie: Dierenbeeldbank © Juni 2016 – Stichting Levende Have