CConstaterende datOverBetuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

21-04-20.11 Relevant stuk 2 Eigen Kracht jeugdwet

Gemeenteraadsvergadering 20 april 2021, gemeente OverBetuweBij agendapunt: Actualiseren Wmo- en jeugdverordening1.495 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Onderwerp: Beleidsregel Eigen Kracht jeugdwet gemeente Overbetuwe 2020 Ons kenmerk: 20BWB00075 Burgemeester en wethouders van de gemeente Overbetuwe; gelezen het advies van de Participatieraad Overbetuwe van 14 november 2020; gelet op artikel 4:81 e.v. van de Algemene wet bestuursrecht; gelet op artikel(en) 10 van de Verordening Jeugdhulp gemeente Overbetuwe 2020 ; b e s l u i t e n: vast te stellen de

Beleidsregel Eigen Kracht jeugdwet gemeente Overbetuwe 2020 Artikel 1 Begripsomschrijvingen Deze beleidsregel verstaat onder: a. bovengebruikelijke hulp: is hulp die naar algemeen aanvaarde opvattingen meer is dan in redelijkheid van iemand kan worden gevraagd. b. eigen kracht: de eigen mogelijkheden en het probleem oplossend vermogen van de jeugdige en/of ouders(s) om zelf of met personen uit het sociaal netwerk de opgroei en/of opvoedingsproblemen op te lossen. c. gebruikelijke hulp: hulp die naar algemeen aanvaarde opvattingen in redelijkheid mag worden verwacht van de echtgenoot, ouders, inwonende kinderen of andere huisgenoten. d. jeugdige: persoon die: 1. de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, 2. de leeftijd van achttien jaar heeft bereikt en ten aanzien van wie op grond van artikel 77c van het Wetboek van Strafrecht recht is gedaan overeenkomstig de artikelen 77g tot en met 77gg van het Wetboek van Strafrecht, of 3.

de leeftijd van achttien jaar doch niet de leeftijd van drieëntwintig jaar heeft bereikt, en voor wie de voortzetting van jeugdhulp als bedoeld in onderdeel e sub 1, die was aangevangen, of voor wie het college vóór het bereiken van de leeftijd van achttien jaar heeft bepaald dat een voorziening op het gebied van jeugdhulp noodzakelijk is of voor wie, na beëindiging van jeugdhulp die was aangevangen vóór het bereiken van de leeftijd van achttien jaar, binnen een termijn van een half jaar hervatting van de jeugdhulp noodzakelijk is; e. ouder: gezaghebbende ouder, adoptiefouder, stiefouder of een ander die een jeugdige als behorend tot zijn gezin verzorgt en opvoedt, niet zijnde een pleegouder; f. sociaal netwerk: tot het sociale netwerk worden de personen uit de huiselijke kring en andere personen met wie iemand een sociale relatie onderhoudt gerekend, zoals mantelzorgers, buren, (mede) leden van een vereniging etc.

*20BWB00075*

Artikel 2 Toepassingsbereik Deze regeling geldt voor ouders en hun jeugdigen woonachtig in de gemeente Overbetuwe. Artikel 3 Afwegingskader eigen kracht 1. Om te bepalen of de gebruikelijke zorg onder de ‘eigen kracht’ valt, zijn onderstaande vragen van belang: a. Is de ouder in staat de noodzakelijke hulp te bieden? b. Is de ouder beschikbaar om de noodzakelijke hulp te bieden? c. Leidt het bieden van hulp door de ouder tot overbelasting? d. Ontstaan er financiële problemen in het gezin als de hulp door de ouder wordt geboden? Indien de vragen 1a en 1b met ‘ja’ kunnen worden beantwoord en de vragen 1c en 1d met ‘nee’, dan is er sprake van voldoende eigen kracht. In andere situaties is er sprake van onvoldoende eigen kracht. 2.

Onder eigen kracht wordt ook verstaan dat ouders voldoende inkomen hebben om voor hun kind te zorgen. Indien de financiële situatie van het gezin om wat voor reden onder druk komt te staan dan zal in overleg gekeken worden welke mogelijkheden er zijn om hieraan het hoofd te bieden. Voor een beoordeling van de financiële situatie van ouders wordt gebruik gemaakt van de Nibud-rekentool: persoonlijk budgetadvies. De mogelijkheid om te beschikken over een voldoende inkomen is van belang bij de vraag of er sprake is van voldoende eigen probleemoplossend vermogen.

Artikel 4 Afwegingskader gebruikelijke hulp als onderdeel van eigen kracht Het afwegingskader van gebruikelijke zorg is als volgt: - De zorgplicht (gebruikelijke zorg) voor kinderen van 0 tot en met 4 jaar: o kunnen niet zonder toezicht van volwassenen. o hebben begeleiding en stimulans nodig bij hun psychomotore ontwikkeling. o moeten volledig verzorgd worden; aan- en uitkleden, eten en wassen. o zijn tot 4 jaar niet zindelijk. o hebben begeleiding nodig bij hun sport/spel- en vrijetijdsbesteding, hebben dit niet in verenigingsverband. o zijn niet in staat zich zonder begeleiding in het verkeer te begeven. -

De zorgplicht (gebruikelijke zorg) voor kinderen van 5 tot en met 11 jaar: o hebben een reguliere dagbesteding op school. o kunnen niet zonder toezicht van volwassenen. o hebben toezicht nodig (en nog maar weinig hulp) bij hun persoonlijke verzorging. o hebben begeleiding en stimulans nodig bij hun psychomotore ontwikkeling. o zijn overdag zindelijk en 's nachts merendeels ook. o sport- en hobbyactiviteiten in verenigingsverband, gemiddeld 2x per week. o hebben bij hun vrijetijdsbesteding alleen begeleiding nodig in het verkeer wanneer zij van en haar hun activiteiten gaan.

-

De zorgplicht (gebruikelijke zorg) voor kinderen van 12 tot en met 17 jaar: o hebben geen hulp (en maar weinig toezicht) nodig bij hun persoonlijke verzorging. o hebben geen voortdurend toezicht nodig van volwassenen; o kunnen vanaf 12 jaar enkele uren alleen gelaten worden; o kunnen vanaf 16 jaar dag en nacht alleen gelaten worden; o kunnen vanaf 18 jaar zelfstandig wonen o sport- en hobbyactiviteiten in verenigingsverband, onbekend aantal keer per week. o hebben bij hun vrijetijdsbesteding geen begeleiding nodig in het verkeer. *20BWB00075*

o o

hebben tot 18 jaar een reguliere dagbesteding op school/opleiding. hebben begeleiding en stimulans nodig bij ontplooiing en ontwikkeling (bv. huiswerk).

Artikel 4 Overgangsrecht Een jeugdige die voor het inwerking treden van deze beleidsregel een besluit heeft gekregen op grond van de verordening Jeugdhulp Gemeente Overbetuwe 2018 houdt recht op deze voorziening tot de op de beschikking vermelde einddatum of tot het moment dat het college een nieuw besluit heeft genomen, waarbij het besluit waarmee deze voorziening is verstrekt, wordt ingetrokken dan wel gewijzigd. Bij de toepassing van deze beleidsregel wordt een overgangsperiode van in ieder geval drie maanden na dit nieuwe besluit gehanteerd. Artikel 5 Hardheidsclausule Indien toepassing van deze regels leidt tot een situatie van onredelijke of onbillijke aard dan kan het college besluiten hiervan af te wijken. Artikel 6 Inwerkingtreding Deze beleidsregel treedt in werking op de dag na de datum van bekendmaking. Artikel 7 Citeertitel Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel Eigen Kracht jeugdwet gemeente Overbetuwe 2020. Aldus besloten in de vergadering van 22 december 2020. Burgemeester en wethouders, de gemeentesecretaris,

de burgemeester,

P.J.E. Breukers.

R.P. Hoytink-Roubos .

*20BWB00075*

TOELICHTING Artikel 2 Deze beleidsregel gaat over de afweging of de ouders voldoende eigen kracht hebben om hun kind de dagelijkse zorg en begeleiding in de thuissituatie te kunnen bieden. Artikel 3 Lid1: De Jeugdwet gaat ervan uit dat ouders zelf in principe verantwoordelijk zijn voor het gezond en veilig opgroeien van hun kind. Dat staat niet alleen in de Jeugdwet, ook artikel 1:247 Burgerlijk Wetboek kent dit uitgangspunt. De gemeente onderzoekt samen met de ouders of zij als ouders van een kind met een beperking, aandoening of stoornis de uitdagingen in de thuissituatie zelf voldoende op kunnen pakken, eventueel met de inzet van het sociaal netwerk. Met het stellen van de vragen in lid 1 beoordeelt de gemeente de verhouding tussen de draaglast en de draagkracht van het gezin en het sociaal netwerk. Wanneer het gezin, eventueel met inzet van het netwerk, de uitdagingen thuis aankan, dan wordt er geen maatwerkvoorziening voor deze hulp toegekend. Zoals artikel 10 van de Verordening Jeugdhulp bepaalt, valt de gebruikelijke zorg die in artikel 4 van deze beleidsregel is benoemd altijd onder de eigen kracht. Van ouders wordt verwacht dat ze deze zorg zelf aan hun kind verlenen.

Lid 2: Als sprake is van boven gebruikelijke hulp doordat het kind vanwege zijn beperking of stoornis extra verzorging en/of begeleiding nodig heeft en ouders kunnen met inzet van hun eigen middelen of door een financiële opoffering die zij kunnen dragen die hulp zelf regelen, dan is dat een grond om de eigen kracht als voldoende te beoordelen. Er wordt niet alleen naar de financiële mogelijkheden gekeken, maar ook naar de omstandigheden van het gezin. Het brengen van financiële offers kan onder omstandigheden namelijk ook nadelig voor het kind zijn. Financiële draagkracht gaat dus niet over de vraag of ouders voldoende inkomen hebben om zelf jeugdzorg in te kopen als dit nodig is, want dit druist in tegen de zorgplicht die gemeenten hebben. En is ook niet in overeenstemming met het uitgangspunt van de jeugdwet dat ouders voor ontvangen jeugdzorg geen eigen bijdrage verschuldigd zijn. De financiële draagkracht van ouders wordt onderzocht als tijdens het gesprek blijkt dat deze onder druk staat. Het Nibud kent richtlijnen en een rekentool om inzicht te krijgen in de inkomsten en uitgaven: het persoonlijk budgetadvies. Dit middel is bij benadering het meest objectieve instrument om inzicht te krijgen in de persoonlijke uitgaven. Dit is ook in een recente uitspraak van de Centrale Raad van Beroep als voldoende deugdelijk gevonden (ECLI:NL:RBROT:2019:52).

Bij onvoldoende eigen kracht kent de gemeente (jeugd)hulp toe die bij de situatie past, in de vorm van hulp in natura of een pgb. Eerst wordt gekeken of hulp in natura passend is. Als dit niet het geval is, wordt een pgb ingezet.

*20BWB00075*

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=OverBetuwe&id=0dde236a-ae80-4932-8092-099c6ba896b7