(technische en politieke) vragen PO bij RV Volkshuisvestingsprogramma Oudewater en Uitvoeringsagenda
Tekst van het document
Onderwerp Datum Toelichting Door
Volkshuisvestingsprogramma 14 mei 2026 Agendapunt 6 forum samenleving 18 mei 2026 Fractie Progressief Oudewater
Geacht college, Een aantal vragen vanuit Progressief Oudewater over het raadsvoorstel volkshuisvestingsprogramma Z/25/088217 / D/ 26/216279 met bijlagen. De woonvisie had een termijn: 2020 – 2025. 1. Staat er voor het volkshuisvestingsprogramma ook een revisie termijn? Leidende principes 2. In hoeverre verschilt leidinggevende principe 6 van principe 3? 3. Hoe verhouden de principes zich ten opzichte van elkaar? Hoe wordt omgegaan met de leidende principes? Plancapaciteit 4. Is het college het met ons eens dat de geschetste planning voor de bouw Het wassende water/ Kerkwetering niet realistisch is? Gesproken wordt namelijk op pagina 15 van 250 woningen voor 2030 opgeleverd. Is het niet beter daar eerlijk over te zijn en uit te gaan van start oplevering van totaal 250 woningen vanaf 2030 en later? 5. Is er een visie op groei van Oudewater? 6. In de plancapaciteit ontbreekt in onze ogen een plan dat realistish en haalbaar is op korte termijn, namelijk Archipel. Het laatste half jaar heeft het ontwikkelteam een enorme vooruitgang geboekt. Het plan heeft meerdere unieke eigenschappen heeft namelijk: snel realiseerbaar, innovatief, klimaatbestendig en 100% in betaalbare segment. Het plan heeft inmiddels ook een innovatiesubsidie binnengehaald.
Is het college het met ons eens dat dit een realistisch plan is dat opgenomen moet worden in de plancapaciteit zeker omdat de andere plannen voor 2030 geen woningen zullen opleveren? Keuze maken in kleinschalige bouw binnenstedelijk Kleinschalige bouw binnenstedelijk, zoals bouw in tuinen of kleine percelen zonder woonbestemming geeft een verdere verdichting en verstening van de stad, geeft doorgaans aanleiding tot veel bezwaar onder omwonenden en vraagt heel veel capaciteit van de ambtelijke organisatie terwijl de opbrengst gering is. Wij denken daarbij aan de ontwikkeling aan de Westkade, aan de ontwikkeling aan het Plesmanplantsoen en de ontwikkeling aan de Linschoterzandweg 61. 7. Kan in dit woonprogramma of in de uitvoeringsagenda een keuze gemaakt worden om geen prioriteit meer te geven aan kleinschalige projecten in de binnenstad zodat schaarse capaciteit ingezet wordt voor projecten die substantieel bijdragen? Zet meer in op sociale huur Het huidige percentage sociale huur in de woningvoorraad is 20,9%. Landelijk beleid is dat iedere gemeente 30% sociale huur in de woningvoorraad heeft. Met het huidige programma maken we geen inhaalslag en blijven we ook toekomstige jaren ruim onder de 30% sociale huur zitten. Ook zien we dat er grote behoefte is aan sociale huur. 8.
Wat is de argumentatie van het college om niet te kiezen voor hogere percentages in de programmering waardoor ook in Oudewater de 30% sociale huur van de totale woningvoorraad realistisch wordt? 9. Waarom kiest het college op voorhand al om geen eis te stellen in het programma aan percentage sociale huur op projectniveau? 10. Hoe verhoudt dit beleid zich ook tot de wens tot gemengd wonen? Splitsen woningen leidt niet per se tot doorstromen en ontrekt eensgezinswoningen Splitsen zou in onze ogen niet mogen betekenen dat goede eensgezinswoningen aan de markt worden onttrokken en omgebouwd worden tot slecht of matig ingedeelde kleine woonunits die verhuurd worden in de vrije sector. Dit leidt ook niet tot doorstroming binnen Oudewater.
1
11. Op welke manier waarborgt het college dat splitsen waarde toevoegt aan de woningvoorraad in de gemeente? Waar is het grondbeleid? Goedkoper bouwen begint met een scherp grondbeleid van de gemeente, mogelijk in samenwerking met de Provincie. 12. Waar wordt de gemeentelijke visie op het grondbeleid vastgelegd? Financien voor meer capaciteit Afgelopen periode is al een aantal maar vanuit de raad financien beschikbaar gesteld om capaciteit te verruimen. Dit heeft nog niet echt toonbaar geleid tot een versnelling. Ook is de huidige aangegeven planning opgenomen in het woonprogramma in beginsel al niet realistisch gegeven bezwaarprocedures en de ervaren complexiteit van projecten. Zo is op statenland nog een en ander op te lossen rond de skeelerbaan en de opvang van Oekrainers. 13. Hoe zeker weet het college dat extra capaciteit werkelijk versnelling geeft van de beoogde projecten? Is durven kiezen op basis van verwachtte realisatie niet veel passender? Met vriendelijke groeten, Fractie Progressief Oudewater Annemarie van ’t Veen Tijs Hulst
2