RV Zienswijze op concept Ontwerpbegroting 2023 GGDrU (60440).pdf
Tekst van het document
Raadsvoorstel Zienswijze Gemeenschappelijke Regeling
Opsteller Waanders, Wieke Vergadering van 17 mei 2022 Kenmerk Z/22/046239 / D/22/060440 Portefeuillehouder Walther Kok Portefeuille Publieke gezondheidszorg Onderwerp Zienswijze op concept Ontwerpbegroting 2023 GGDrU
Samenvatting De uitgangspunten in de Kaderbrief 2023 en de hiervoor afgegeven zienswijzen zijn verwerkt in de Ontwerpbegroting 2023 van de Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst regio Utrecht (GGDrU). Wij stellen de raad voor om kennis te nemen van de concept Ontwerpbegroting 2023 en een zienswijze te geven op deze Ontwerpbegroting 2023.
Gevraagd besluit 1. Kennis te nemen van de Ontwerpbegroting 2023 van de Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst regio Utrecht (GGDrU); 2. De zienswijze (met kenmerk D/22/060445) vast te stellen, waarin de volgende aandachtspunten zijn opgenomen: a. de raad verzoekt de GGDrU nogmaals om binnen de bestaande financiële kaders te blijven; b. de raad verzoekt de GGDrU om de positie van de algemene reserve te bewaken. 3. De geprognotiseerde gemeentelijke bijdrage voor 2023 van € 408.750,00 te verwerken in de conceptprogrammabegroting 2023, inhoudende een verhoging van € 1.640,00 ten opzichte van de meerjarenraming 2023-2026; 4. Deze zienswijze middels bijgevoegde brief (met kenmerk D/22/060445) te sturen aan het dagelijks bestuur van de GGDrU.
Waarom wordt dit voorstel nu voorgelegd Het Algemeen Bestuur van de GGDrU wil de Begroting vaststellen in de bestuursvergadering van 6 juli 2022. Voor die datum kan de gemeenteraad een zienswijze indienen.
Kanttekeningen en risico's Argumenten 2.1. De zienswijze (met kenmerk D/22/060445) vast te stellen, waarin de volgende aandachtspunten zijn opgenomen: a. de raad verzoekt de GGDrU nogmaals om binnen de bestaande financiële kaders te blijven; b. de raad verzoekt de GGDrU om de positie van de algemene reserve te bewaken; De uitgangspunten in de Kaderbrief 2023 en de hiervoor afgegeven zienswijzen zijn verwerkt in de Ontwerpbegroting 2023 van de Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst regio Utrecht (GGDrU). Na de Kaderbrief 2023 heeft echter een herberekening plaatsgevonden van de weerstandscapaciteit. De verwachting is dat door vertragingen in het Ombuigingsplan de Algemene Reserve naar verwachting de komende jaren zal teruglopen naar een saldo van circa €850.000. Dit nadert het minimum niveau van de benodigde weerstandscapaciteit op basis van de huidige risico-
inventarisatie. GGDrU vaart hiermee scherp aan de wind en heeft weinig tot geen ruimte over om additionele tegenvallers zelf op te vangen. Het is dus van groot belang dat de GGDrU stuurt op voldoende reserve. 3.1. De geprognotiseerde gemeentelijke bijdrage voor 2023 van € 408.750,00 te verwerken in de conceptprogrammabegroting 2023, inhoudende een verhoging van € 1.640,00 ten opzichte van de meerjarenraming 2023-2026; De Ontwerpbegroting 2023 resulteert in een hogere bijdrage van de gemeente Oudewater dan waar in de begroting van 2023 mee rekening is gehouden. U wordt voorgesteld de ophoging à € € 1.640,00 te verwerken in de programmabegroting 2023, zodat deze in lijn is met de gevraagde bijdrage. De extra kosten passen Dit past binnen de financiële kaders voor het opstellen van de programmabegroting 2023-2026 die door het college is vastgesteld op 25 april 2022. Hierin is vermeld dat de gemeenschappelijke regelingen op basis van de begroting van de desbetreffende GR worden geraamd. Indien deze nog niet bekend is, dan wordt de bijdrage verhoogd met het CPI (ConsumentenPrijsIndex). 4.1. Deze zienswijze middels bijgevoegde brief (met kenmerk D/22/060445) te sturen aan het dagelijks bestuur van de GGDrU. Hiermee wordt de GGDrU officieel op de hoogte gesteld van uw zienswijze. Kanttekeningen 2.1.
Benodigde weerstandscapaciteit GGD-brede risico’s Op basis van de risico-inventarisatie bedraagt de benodigde weerstandscapaciteit €1.128.000. De beschikbare weerstandscapaciteit is €2.592.203. Daarmee is de verhouding (beschikbaar/nodig) 2,298. Hiermee zijn de genoemde risico’s financieel afdoende afgedekt. Uit het laatste bestuurlijk gedeelde Ombuigingenplan blijkt echter dat de Algemene Reserve naar verwachting de komende jaren zal teruglopen naar een saldo van circa €850.000 wat in de buurt komt van het minimum niveau van de benodigde weerstandscapaciteit op basis van de huidige risico-inventarisatie. GGDrU onderschrijft het attentiepunt dat de externe accountant hierover heeft gemaakt naar aanleiding van de eindejaarscontrole 2021, namelijk dat GGDrU hiermee scherp aan de wind vaart en weinig tot geen ruimte overhoudt om additionele tegenvallers zelf op te vangen. 2.2. Het Ombuigingsplan is nog in uitvoering (m.n. GGiD) Omdat de organisatie van de GGDrU niet robuust genoeg was, is in 2018 een verbeterplan gemaakt, het Ombuigingsplan (2018-2021). Uit extern onderzoek was gebleken dat ombuigingen voldoende financiën kunnen opleveren voor de intensivering van de ondersteunende organisatie van de GGD. De termijn van het Ombuigingsplan is inmiddels verlengd tot 2025. De voornaamste nog niet gerealiseerde ombuigingen zijn de intensiveringen en besparingen gerelateerd aan GGiD.
Vanwege de vertraging in de oplevering van GGiD is er nu, ten tijde van het opstellen van de ontwerpbegroting 2023, onzekerheid over het moment waarop de geplande intensiveringen en besparingen gerealiseerd kunnen gaan worden. Voor de nog niet gerealiseerde ombuigingen geldt dat er momenteel aan gewerkt wordt deze binnen afzienbare tijd te realiseren. De jaren 2020-2024 worden incidenteel afgedekt door de volledige inzet van de bestemmingsreserves Ombuigingen en GGiD en de gedeeltelijke inzet van de bestemmingsrerserve JGZ en de algemene reserve. 2.3. Bestrijding van seksueel overdraagbare aandoeningen De taken van Seksuele Gezondheid worden tot 2023 voornamelijk gefinancierd uit landelijke subsidieregelingen zoals de subsidie Aanvullende Seksuele Gezondheidszorg (ASG-regeling), de subsidieregeling PrEP (Pre Expositie Profylaxe, een medicijn ter preventieve behandeling van hiv) en de Stimuleringsregeling Relaties en Seksualiteit (R&S). Gemeenten financieren daarnaast een klein deel via het maatwerk. In 2023 loopt de PrEP-regeling door, maar de Stimuleringsregeling R&S vervalt in 2023. Dit heeft tot gevolg dat GGDrU minder financiële middelen heeft om te zorgen voor aandacht voor relationele en seksuele vorming van jongs af aan in alle 26 gemeenten. De huidige ASG-regeling loopt tot en met 2022.
In 2023 komt er een nieuwe regeling waarbij de ASG-taken onderdeel worden van de Wet Publieke Gezondheid. De GGD-regio’s gaan hiervoor samenwerkingsconvenanten met het RIVM aan. Het huidige landelijk beschikbare ASG-budget zal voor dezelfde doeleinden ingezet blijven worden. Regio Utrecht krijgt al langere tijd een te laag budget uit de ASG-regeling. Daarmee kan de inzet die nodig is in de provincie Utrecht niet worden gedaan. Er loopt zowel een landelijke als regionale lobby voor extra middelen. Het is vooralsnog onbekend of er sprake zal zijn van meer budget en een andere verdeelsleutel onder de regio's. Als het budget voor GGDrU niet wordt verhoogd, zal GGDrU andere keuzes moeten maken om de taak goed uit te kunnen blijven voeren. Een keuze kan bijvoorbeeld zijn om meer outreachend te werken om meer kwetsbare groepen te bereiken, ten koste van spreekuurplekken op de poli-locaties. 2.4. Ontwikkeling van Covid-19 onzeker GGDrU is vanaf februari 2020 tot en met 2022 intensief betrokken bij de bestrijding van het COVID-19 virus. In 2022 zullen onderdelen van het coronabedrijf worden ingevlochten in de reguliere organisatie. Het komende jaar zal duidelijker worden hoe het virus zich ontwikkelt, en hoe de bestrijding daarvan vorm krijgt. Dat geldt ook voor de financiering door het rijk; vooralsnog is alleen duidelijk hoe de financiering in 2022 is geregeld.
GGDrU zal hiermee bij de inrichting van de organisatie zo veel mogelijk rekening houden. 2.5. Capaciteitstekort forensische artsen Vanuit GGD GHOR NL is het uitgangspunt dat per 1 juli 2022 de forensische geneeskunde (FG) in Nederland een optimaal georganiseerd vakgebied is: toegerust met actuele kennis en aantrekkelijk voor aankomend (forensisch) artsen. Uitgangspunt is om samen te werken in 10 politieregio’s. GGDrU werkt hiervoor samen met GGD Gooi- en Vechtstreek en GGD Flevoland; zij vormen samen Forensische geneeskunde Midden Nederland. De samenwerking loopt al, in 2023
zal nog gewerkt worden aan het goed neerzetten van het samenwerkingsmodel, met uniforme producten, functiehuis en procesafstemming. Voor GGDrU betekent dit een uitbreiding van taken. Nu voert zij vooral de lijkschouw uit, maar daar komen mogelijk ook forensisch medisch onderzoek (FMO) en medische arrestantenzorg (MAZ) bij. Punt van aandacht bij het functiehuis is de capaciteitsproblematiek bij forensische artsen. Deze problematiek is aan het toenemen omdat meerdere forensisch artsen die de pensioengerechtigde leeftijd ruimschoots zijn gepasseerd daadwerkelijk stoppen met de belastende 7x24 uurs inzet. De uitstroom in Midden-Nederland zal de komende jaren groter zijn dan de instroom. Het is van belang om de weinige forensisch artsen die nu in opleiding zijn een volwaardige baan met passende arbeidsvoorwaarden te bieden. Anders is de kans groot dat zij het vakgebied gaan verlaten. Er worden extra artsen en verpleegkundigen ingehuurd en geworven. 2.6. Reisadvies De vraag naar reisadvies was tijdens de coronapandemie sterk afgenomen. Nog niet duidelijk is of een nieuwe variant van Covid-19 gaat zorgen voor nieuwe reisbeperkingen, en of mensen hun oude reisgedrag weer oppakken. Dit zal blijken in de komende maanden. In 2021 is een businesscase voor reisadvies besproken in het Algemeen Bestuur. We hebben de aanbevelingen uit deze businesscase opgepakt.
Zo zijn er locaties gesloten en wordt de inzet van personeel nauwkeurig gestuurd en gemonitord, gericht op behoefte van de klant. 2.7. Mogelijke verlenging contracten met COA GGDrU voert in opdracht van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) taken uit om de publieke gezondheid van asielzoekers op asielzoekerscentra (AZC's) te bevorderen. Deze taken hebben betrekking op uitvoering van de Jeugdgezondheidszorg, gezondheidsbevordering, TBC, hygiëne inspectie en advies en infectieziektebestrijding. De overeenkomst met het COA en de GGD-en loopt op 1-1-2023 af, specifiek voor de JGZ/PGA loopt de overeenkomst tot en met 30 september 2022. Beide overeenkomsten hebben een optie om met twee keer twee jaar verlengd te worden. Het COA neemt in 2022 een besluit over een mogelijke verlenging van deze overeenkomsten en van deze taken vanaf 11-2023. Voor GGDrU geeft dit onzekerheid omdat er medewerkers zijn aangenomen die deze taken uitvoeren. De GGDrU dringt bij het COA aan op een tijdige besluitvorming over het verlengen of opnieuw aanbesteden van de lopende contracten. 2.8. Meld- en Adviespunt Bezorgd (MAB) De inzet van de GGDrU voor het MAB betreft een maatwerktaak. De gemeente Oudewater heeft sinds 2020 tevens het uitvoeren van het verkennend onderzoek (onderdeel van de Wet verplichte ggz) als extra maatwerktaak belegd bij het MAB.
In 2022 wordt onderzocht in hoeverre de gemeente deze maatwerktaken nog vanaf 2023 wilt afnemen van de GGDrU of deze taak anders in wilt richten. Mogelijk heeft dit effect op de maatwerkkosten vanaf 2023. 2.9. Consequenties wijziging Wet gemeenschappelijke regelingen December 2021 is het wetsvoorstel voor wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen aangenomen. De wetswijziging heeft als doel het versterken van de democratische legitimering van gemeenschappelijke regelingen. De wetswijziging heeft (financiële) consequenties voor GGDrU. De mogelijke keuzes en consequenties worden in 2022 door GGDrU in kaart gebracht en voorgelegd aan het bestuur. GGDrU werkt hierin samen met de andere grote gemeenschappelijke regelingen in regio Utrecht: VRU en RUD/ODRU. In de jaren daarna worden de wijzigingen doorgevoerd.
Financiële gevolgen van verwerking lasten regeling in de gemeentelijke begroting De financiële impact van onder meer de loon- en prijsindex vertaalt zich in een mutatie van de inwoner- en kindbijdrage. Deze mutatie moet ervoor zorgen dat na het bekend worden van de definitieve percentages de financiële gevolgen (verwerkt in een begrotingswijziging in 2023) beperkt zullen blijven. Deze inwoner- en kindbijdrage ontwikkelen zich als volgt: Inwonerbijdrage 2021-0 Ontwerpbegroting € 5,722
Kindbijdrage 2021-0 € 121,01
Inwonerbijdrage 2022-0 Ontwerpbegroting € 5,881
Kindbijdrage 2022-0 € 124,628
Inwonerbijdrage 2023-0 Ontwerpbegroting € 6,007
Kindbijdrage 2023-0 € 129,457
De verhoging van de kind- en inwonerbijdrage komt voort uit: 1. De loonindex; deze wordt berekend op basis van de uitgangspunten van de Kaderbrief. Daarin is opgenomen dat de cao en de premie-ontwikkelingen van het werkgeversdeel worden gevolgd. Bij het ontbreken van een cao wordt de loonvoet sector overheid uit de meest recente gemeentecirculaire
toegepast. Bij het opstellen van deze begroting is de cao voor 2022 vastgesteld. De effecten op de salarislast zijn in deze begroting verwerkt. Deze cao is geldend tot en met 2022, daardoor is er voor het jaar 2023 gerekend met de loonvoet sector overheid voor het jaar 2023 uit de septembercirculaire 2021 à 2,3%. Naast bovengenoemde ontwikkeling is ook de mutatie in de werkgeverspremies van invloed op de loonindexatie. Zowel de pensioenpremies als de sociale verzekeringspremies dalen licht. Alle effecten op de loonindex samen leiden tot een stijging van de loonkosten van GGDrU van circa € 696k. 2. De prijsindex; hiervoor wordt uitgegaan van het Bruto Binnenlands Product, zoals opgenomen in de septembercirculaire 2021 van het Gemeentefonds. Bij begroting 2022-0 is gerekend met een prijsindex van 1,4%. Uit de septembercirculaire 2021 blijkt dat de prijsindex voor 2022 is bijgesteld naar 1,8%. Hierdoor passen we een correctie toe à 0,4%. Voor het jaar 2023 is de prijsindex 1,9% waardoor de totale prijsindex die toegepast wordt in de begroting 2023-0 uitkomt op 2,3%. Dit leidt tot een materiële kostenstijging van circa € 334k. De totale indexering komt hiermee uit op circa € 1.030K. Dit is lager dan aangegeven in de kaderbrief en dit wordt veroorzaakt door de lagere werkgeverslasten. Inwonerbijdrage 2022-0 5,881
Loon index 0,085
Prijs index 0,041
Inwonerbijdrage 2023-0 € 6,007
Specifiek voor de kindbijdrage geldt in 2023 nog een derde factor die van invloed is. Namelijk een tweetal extra uitkeringen in het gemeentefonds voor Prenataal huisbezoek (PHB) en de HPV vaccinatie voor jongens via het rijksvaccinatieprogramma: 3. Het wetsvoorstel ‘Prenataal huisbezoek door de jeugdgezondheidszorg (PHB JGZ)’ gaat naar alle waarschijnlijkheid in per 1 juli 2022. Hiermee wordt elke gemeente verplicht gezinnen in een kwetsbare situatie (dit betreft gemiddeld 16% van de kinderen) een prenataal huisbezoek (PHB) aan te bieden. JGZ begeleidt met een dergelijk bezoek aanstaande ouders naar het ouderschap en een optimale start voor hun kind. JGZ spant zich in om aan te sluiten op de regionale en lokale geboortezorgketen, om zo in samenwerking met hen en het brede sociaal domein kinderen al in een vroeg stadium meer kansen te geven om gezonder en gelukkiger op te groeien. Uit de septembercirculaire 2021 blijkt dat er in totaal structureel € 5,3 miljoen wordt toegevoegd aan de algemene uitkering van het Gemeentefonds. Voor de GGDrU gemeenten, exclusief gemeente Utrecht, komt dit neer op een uitkering van € 275.621. De uitkering gedeeld door het aantal kinderen per 1-1-2021 (209.077) in de regio komt dit uit op een verhoging van de kindbijdrage (KB) van € 1,318 per kind. 4.
Met ingang van 1 januari 2022 worden naast meisjes ook jongens in het kader van het Rijksvaccinatieprogramma gevaccineerd tegen het Humaan Papillomavirus (HPV-virus). Daarnaast wordt de vaccinatieleeftijd verlaagd naar 10 jaar. Ten behoeve van deze taakuitbreiding is de algemene uitkering van het Gemeentefonds structureel opgehoogd met € 2,77 miljoen. Voor de GGDrU gemeenten, exclusief gemeente Utrecht, komt dit neer op een uitkering van € 176.327. De uitkering gedeeld door het aantal kinderen per 1-1-2021 (209.077) in de regio komt dit uit op een KB verhoging van € 0,843 per kind. Kindbijdrage 2022-0 124,628
Loon index
Prijs index
PHB
HPV
1,802
0,864
1,318
0,843
Kindbijdrage 2023-0 € 129,457
De bijdrage van de gemeente Oudewater aan de GGDrU voor 2023 is € 408.750,00. De mutaties vertalen zich in een hogere bijdrage van de gemeente Oudewater dan waar in de begroting van 2023 mee rekening is gehouden. De extra kosten worden opgenomen in de meerjarenbegroting 2023. Dit past binnen de financiële kaders voor het opstellen van de programmabegroting 2023-2026 die door het college is vastgesteld op 25 april 2022. Hierin is vermeld dat de gemeenschappelijke regelingen op basis van de begroting van de desbetreffende GR worden geraamd. Indien deze nog niet bekend is, dan wordt de bijdrage verhoogd met het CPI (ConsumentenPrijsIndex).
(Ontwerp)begroting 2022
Ontwerpbegroting GGD 2023
Begroting 2023
Basistaken Plus
271.001,00
271.705,00
271.001,00
Verschil te verwerken begroting -704,00
Basistaken (wettelijk) Intensivering
78.872,00
80.575,00
78.872,00
-1.703,00
1.888,00
1.930,00
1.888,00
-42,00
Maatwerk
55.349,00
54.540,00
55.349,00
809,00
Totaal
407.110,00
408.750,00
407.110,00
-1.640,00
Vervolgproces In de vergadering van het Algemeen Bestuur van 6 juli 2022 wordt de GGDrU Ontwerpbegroting 2023 vastgesteld. De ingediende (concept) zienswijzen worden daarbij betrokken. Na vaststelling van de Ontwerpbegroting 2023 wordt deze verzonden naar de Gedeputeerde Staten van de provincie Utrecht. Uiterlijke datum daarvoor is 1 augustus 2022.
Bevoegdheid raad De bevoegdheid van de raad is vastgelegd in: Artikel 44 lid 5 uit de Gemeenschappelijke regeling Gemeentelijke Gezondheidsdienst regio Utrecht Artikel 35 lid 3 Wet Gemeenschappelijke regelingen
Bijlagen D/22/060446 Ontwerpbegroting GGDrU 2023 D/22/060447 Brief bij Ontwerpbegroting GGDrU 2023 D/22/060448 Samenvattend overzicht zienswijzen Kaderbrief 2023 en reactie bestuur D/22/060442 Raadsbesluit zienswijze op concept Ontwerpbegroting GGDrU 2023 D/22/060445 (Aanbiedingsbrief) zienswijze op concept Ontwerpbegroting GGDrU 2023 Z/22/044809 D/22/058725 Raadsinformatiebrief Stand van zaken ontwikkeling GGiD GGDrU Z/22/036890 D/22/049248 Concept Kaderbrief GGDrU 2023 Z/22/036890 D/22/049246 Raadsbesluit zienswijze op concept Kaderbrief GGDrU 2023 Z/22/036890 D/22/049249 Aanbiedingsbrief zienswijze op concept Kaderbrief GGDrU 2023