RV Zienswijze Kaderbrief GGDrU 2023.pdf
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL
Opsteller Waanders, Wieke Vergadering van 25 januari 2022 Kenmerk Z/22/036890 / D/22/049238 Portefeuillehouder Walther Kok Portefeuille Publieke gezondheidszorg Onderwerp Zienswijze Kaderbrief 2023 GGDrU
Samenvatting Wij stellen de raad voor om kennis te nemen van de concept Kaderbrief 2023 van de Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst regio Utrecht (GGDrU) en een zienswijze te geven op de concept Kaderbrief. De zienswijze wordt betrokken bij het opstellen van de Ontwerpbegroting 2023 van de GGDrU.
Gevraagd besluit 1. Kennis te nemen van de concept kaderbrief GGDrU 2023 van de Gemeentelijke Gezondheidsdienst regio Utrecht; 2. De zienswijze (met kenmerk D/22/049249) vast te stellen, waarin de volgende aandachtspunten zijn opgenomen: a. het bewaken van de uitvoering van basistaken, ondanks de benodigde inzet voor de bestrijding van het COVID-19 virus; b. de oproep om binnen de bestaande financiële kaders te blijven. 2. Deze zienswijze middels bijgevoegde brief (kenmerk D/22/049249) te sturen aan het dagelijks bestuur van de GGDrU.
Waarom wordt dit voorstel nu voorgelegd In maart 2022 zijn de verkiezingen voor de gemeenteraad. In 2023 is er dus een nieuw bestuur. Deze kaderbrief is daarom beleidsarm, zodat het nieuwe bestuur via de bestuursagenda 2023-2027 kan aangeven welke ontwikkeling zij voor GGDrU ziet in de komende jaren. In de kaderbrief staan de kaders die als basis dienen voor het uitwerken van de ontwerpbegroting 2023. De uiteindelijke cijfermatige effecten van kaderstelling, feitelijk de rekenexercitie waarmee onder meer de inwoner- en kindbijdrage wordt bepaald, volgt bij het maken van de ontwerpbegroting 2023. De gemeenteraden worden in de gelegenheid gesteld om hun zienswijze over de algemene financiële en beleidsmatige kaders in de kaderbrief naar voren te brengen. Alle zienswijzen worden betrokken bij het opstellen van de Ontwerpbegroting van 2023. Argumenten 2.1. De zienswijze (met kenmerk D/22/049249) vast te stellen, waarin de volgende aandachtspunten zijn opgenomen: a. het bewaken van de uitvoering van basistaken, ondanks de benodigde inzet voor de bestrijding van het COVID-19 virus; Er is nu nog onzekerheid over wat het virus gaat doen de komende tijd. De verwachting is dat de bestrijding van het COVID-19 virus onderdeel wordt van de reguliere GGD-taak 'Infectieziektebestrijding'. Hiernaast is het van belang dat
de overige taken van de GGDrU die zich richten op het beschermen van inwoners tegen gezondheidsrisico's, en het bevorderen van gezondheid door aandacht voor gezond gedrag en preventie, doorgang kunnen blijven vinden. b. de oproep om binnen de bestaande financiële kaders te blijven. Naast de onzekerheid over de ontwikkeling van COVID-19 en de benodigde inzet van de GGDrU hiervoor, is er een aantal andere ontwikkelingen en onzekerheden welke mogelijk financiële gevolgen hebben voor 2023. Deze staan beschreven onder 'kanttekeningen en risico's'. Aandacht is nodig voor het efficiënt en in afstemming tussen gemeenten en GGDrU uitvoeren van huidige en nieuwe taakaspecten. 2.1. Deze zienswijze middels bijgevoegde brief (kenmerk D/22/049249) te sturen aan het dagelijks bestuur van de GGDrU. Hiermee wordt de GGDrU officieel op de hoogte gesteld van uw zienswijze.
Kanttekeningen en risico's 1. Inzet bestrijding COVID-19 virus GGDrU is vanaf februari 2020 tot en met 2021 intensief betrokken bij de bestrijding van het COVID-19 virus Er is nu nog onzekerheid over wat het virus gaat doen de komende tijd. De verwachting is dat de bestrijding van het COVID-19 virus onderdeel wordt van de reguliere GGD-taak 'Infectieziektebestrijding'. De financiële impact voor gemeenten is tot nu toe beperkt. Immers: het Rijk bekostigt de extra werkzaamheden van de GGDrU. 2. Onzekerheid voornemens nieuwe kabinet Daarnaast is er onzekerheid over de voornemens van het nieuw te vormen kabinet, de gemeenteraadsverkiezingen en hebben gemeenten aangegeven financieel in zwaar weer te zitten. De kaderbrief 2023 heeft daarom een sober karakter. 3. Er zijn diverse ontwikkelingen en onzekerheden met mogelijke financiële gevolgen Naast de ontwikkelingen van corona zijn er meer ontwikkelingen die geschetst worden in de Kaderbrief. Deze ontwikkelingen hebben mogelijk financiële gevolgen. Hoe groot deze zullen zijn is momenteel nog niet duidelijk. Die zijn afhankelijk van de voortgang en van besluitvorming op landelijk en op regionaal niveau. De ontwikkelingen en onzekerheden zijn: a.
Onzekerheid over financiën inzet op Seksuele Gezondheid GGDrU biedt soa- en seksualiteitsconsulten en PrEP-zorg (Pre Exposure Profylaxe) en ondersteunt instellingen gericht op kinderen en jongeren (kinderopvang en scholen) bij relationele en seksuele vorming. Deze taken worden tot 2023 voornamelijk gefinancierd uit landelijke subsidieregelingen zoals de subsidie Aanvullende Seksuele Gezondheidszorg (ASG regeling), de subsidieregeling PreP en de Stimuleringsregeling Relaties en Seksualiteit (R&S). Gemeenten financieren daarnaast een klein deel via het maatwerk. In 2023 loopt de PrEP-regeling door, maar de stimuleringsregeling R&S vervalt waarschijnlijk in 2023. De huidige regeling Aanvullende Seksuele Gezondheidszorg (ASG) loopt, inclusief verlenging, tot en met 2022. In 2023 zal er een nieuwe regeling zijn waarbij de ASGtaken onderdeel worden van de Wet Publieke Gezondheid. De GGD-regio's gaan hiervoor samenwerkingsconvenanten met het RIVM aan. Het huidige landelijk beschikbare ASGbudget zal voor deze doeleinden ingezet blijven worden en hiernaast loopt zowel een landelijke als regionale lobby voor extra middelen. Het is vooralsnog onbekend of er sprake zal zijn van meer budget en een andere verdeelsleutel onder de regio's. Als het budget voor GGDrU niet wordt verhoogd, zal GGDrU andere beleidskeuzes moeten maken om de taak goed uit te kunnen blijven voeren. b.
Forensische geneeskunde: meer regionale samenwerking en capaciteitsproblematiek forensische artsen Vanuit GGD GHOR NL is het uitgangspunt dat per 1 juli 2022 de forensische geneeskunde (FG) in Nederland een optimaal georganiseerd vakgebied is: toegerust met actuele kennis en aantrekkelijk voor aankomend (forensisch) artsen. Uitgangspunt is om samen te werken in 10 politieregio’s. GGDrU werkt hiervoor samen met GGD Gooi- en Vechtstreek en GGD Flevoland; zij vormen samen Forensische geneeskunde Midden Nederland. De samenwerking loopt al, in 2023 zal nog gewerkt worden aan het goed neerzetten van het samenwerkingsmodel, met uniforme producten, functiehuis en procesafstemming. Voor GGDrU betekent dit een uitbreiding van taken. Nu voert zij vooral de lijkschouw uit, maar daar komen mogelijk ook forensisch medisch onderzoek (FMO) en medische arrestantenzorg (MAZ) bij. Punt van aandacht bij het functiehuis is de capaciteitsproblematiek bij forensische artsen. Deze problematiek is aan het toenemen omdat meerdere forensisch artsen die de pensioengerechtigde leeftijd ruimschoots zijn gepasseerd daadwerkelijk stoppen met de belastende 7x24 uurs inzet. De uitstroom in Midden-Nederland zal de komende jaren groter zijn dan de instroom. Het is van belang om de weinige forensisch artsen die nu in opleiding zijn een volwaardige baan met passende arbeidsvoorwaarden te bieden.
Anders is de kans groot dat zij het vakgebied gaan verlaten. c. Mogelijke verlenging contracten met COA GGDrU voert in opdracht van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) taken uit om de publieke gezondheid van asielzoekers op asielzoekerscentra (AZC's) te bevorderen. Deze taken hebben betrekking op uitvoering van de Jeugdgezondheidszorg, gezondheidsbevordering, TBC, hygiëne inspectie en advies en infectieziektebestrijding. De overeenkomst met het COA en de GGD-en loopt op 1 januari 2023 af, specifiek voor de JGZ/PGA loopt de overeenkomst tot en met 30 september 2022. Beide overeenkomsten hebben een optie om met twee keer twee jaar
verlengd te worden. Het COA neemt in 2022 een besluit over een mogelijke verlenging van deze overeenkomsten en van deze taken vanaf 1 januari 2023. Voor GGDrU geeft dit onzekerheid omdat er medewerkers zijn aangenomen die deze taken uitvoeren. De GGDrU dringt bij het COA aan op een tijdige besluitvorming over het verlengen of opnieuw aanbesteden van de lopende contracten. d. Verslechtering positie kwetsbare groepen vraagt versterking MAB Het afgelopen jaar was er een exponentiële groei van de meldingen bij het Meld- en Adviespunt Bezorgd (MAB). We verwachten dat dit zich voortzet in 2023. Verder gaat in 2023 de wet WAMS (Wet Aanpak Meervoudige problematiek Sociaal domein) in werking treden. Het wetsvoorstel moet regelen dat gemeenten in specifieke situaties de ruimte krijgen om te verkennen of mensen kampen met gestapelde problemen, en welke partijen nodig zijn om de problemen op te lossen. Doel: snellere en meer gecoördineerde ‘integrale’ hulp voor kwetsbare mensen. Bovenstaande ontwikkelingen stellen andere eisen aan de inrichting van het Meldpunt. Dit betekent dat er ingezet moet worden op herinrichting, kwaliteitsbewaking en versterking van het MAB. GGDrU verwerkt de resultaten uit deze programma’s in voorstellen voor het MAB voor 2022 en 2023. Deze inzet wordt via het maatwerk verrekend.
De gemeente Woerden onderzoekt in 2022 in hoeverre zij deze maatwerktaak nog vanaf 2023 wilt afnemen van de GGDrU of deze taak anders in wilt richten. e. Consequenties wijziging Wet gemeenschappelijke regelingen In de Eerste Kamer ligt een wetsvoorstel voor wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen voor. De wetswijziging heeft als doel het versterken van de democratische legitimering van gemeenschappelijke regelingen. De wetswijziging houdt op hoofdlijnen in: • Gemeenteraden kunnen een zienswijze geven op het ontwerp van de (wijziging van) gemeenschappelijke regeling. • Raden en inwoners kunnen meer mogelijkheden krijgen tot het uitbrengen van zienswijzen op besluiten van het algemeen bestuur. • De zienswijzetermijnen op begrotingswijziging(en) en bijbehorende data worden verruimd. • De informatieplicht naar raden wordt versterkt en actief gemaakt. • Er komt de mogelijkheid tot het instellen van een gezamenlijke raadscommissie adviserend aan het algemeen bestuur van de gemeenschappelijke regeling. Deze aanstaande wetswijziging heeft (financiële) consequenties voor GGDrU. Op een aantal punten moeten bestuur en raden principiële keuzes maken. Dit is een traject dat zorgvuldig en met goede (externe) begeleiding doorlopen moet worden. Structurele kosten worden in sterke mate bepaald door de uitkomsten van dat traject.
Indien de informatievoorziening naar raden intensiever wordt en de raden meer dan nu bij besluitvorming in het algemeen bestuur betrokken wensen te zijn, dan betekent dit ook intensievere begeleiding door GGDrU. De keuzes en consequenties worden door GGDrU in kaart gebracht en voorgelegd aan het bestuur.
Financiële gevolgen van verwerking lasten regeling in de gemeentelijke begroting In de Kaderbrief worden specifiek de kaders vermeld die als basis dienen voor het uitwerken van de ontwerpbegroting 2023. De uiteindelijke cijfermatige effecten van de kaderstelling, de rekenexercitie waarmee de inwoner- en kindbijdrage wordt bepaald, volgt dus bij het maken van de ontwerpbegroting 2023. In de kaders is een doorkijk gegeven van de gewogen gemiddelde verwachte indexatie in 2023 van 2,9% wat neerkomt op bijna €1.190.000. Deze inschatting moet ervoor zorgen dat na het bekend worden van de definitieve percentages de financiële gevolgen (verwerkt in een begrotingswijziging in 2023) beperkt zullen blijven. Ook is aangegeven dat er impact is van wijziging van inwoner- en kindaantallen. Daarvoor is berekend wat de impact is van de wijzigingen in inwoner- en kindaantallen tussen 1 januari 2020 en 1 januari 2021. Het effect van wijziging van kinderaantallen is over het algemeen groter dan dat van wijziging inwoneraantallen. In Oudewater daalt zowel het aantal inwoners als het aantal kinderen. De prognose op basis van de concept Kaderbrief 2023 is dat de bijdrage van Oudewater gaat stijgen van € 407.000,(bijdrage op basis van Begroting 2022) naar € 411.000,-. De verhoging van de bijdrage zal worden opgenomen in de Kadernota.
Vervolgproces De Kaderbrief 2022 wordt op 30 maart 2022 vastgesteld in de vergadering van het Algemeen Bestuur van de GGDrU. De ingediende zienswijzen worden daarbij betrokken. Op basis van de vastgestelde Kaderbrief wordt de ontwerpbegroting 2023 opgesteld en in april voor zienswijze aangeboden aan de gemeenteraden.
Bevoegdheid raad Artikel 44 lid 5 uit de Gemeenschappelijke regeling Gemeentelijke Gezondheidsdienst regio Utrecht Artikel 35 lid 3 Wet Gemeenschappelijke regelingen
Bijlagen D/22/049248 Concept Kaderbrief GGDrU 2023 D/22/049246 Raadsbesluit zienswijze op concept Kaderbrief GGDrU 2023 D/22/049249 Aanbiedingsbrief zienswijze op concept Kaderbrief GGDrU 2023