rv Zienswijze afstemmingsverordening Ferm Werk (124966).pdf
Tekst van het document
Raadsvoorstel Zienswijze Gemeenschappelijke Regeling
Opsteller Rutgrink, Arthur Vergadering van 14 november 2023 Kenmerk Z/23/064375 / D/23/124966 Portefeuillehouder Walther Kok Portefeuille Participatie, werk en inkomen armoedebeleid en schuldhulpverlening Onderwerp Zienswijze afstemmingsverordening Ferm Werk
Samenvatting Het dagelijks bestuur van Ferm Werk heeft in zijn vergadering van 20 januari jl. ingestemd met een voorstel voor wijziging van de Afstemmingsverordening (zie bijlage D/23/124985). Aanleiding daarvoor is de uitspraak van de Centrale Raad van beroep van 2 augustus 2022 (ECLI:NL:CRVB:2022:1780) waarin de CRvB oordeelt dat het aanleveren van documenten níet valt onder de inlichtingenplicht (art.17 lid 1 Pw) maar onder de medewerkingsplicht (art.17 lid 2 Pw). Conform onze gemeenschappelijke regeling wordt de gemeenteraad in de gelegenheid gesteld om een zienswijze kenbaar te maken ten aanzien van de verordening.
Gevraagd besluit 1. Kennis te nemen van het voorstel wijziging afstemmingsverordening (D/23/124985) van Ferm Werk. 2. Geen zienswijze uit te brengen en Ferm Werk hiervan middels de brief met kenmerk (D/23/124969) op de hoogte te stellen.
Waarom wordt dit voorstel nu voorgelegd Omdat de afstemmingsverordening wordt aangepast op het punt 'niet of onvoldoende nakomen van de medewerkingsplicht' wordt u op de hoogte gebracht van het voorstel om de afstemmingsverordening te veranderen overeenkomstig de bijgevoegde was- wordt tabel afstemmingsverordening 2015 GR Ferm Werk (zie bijlage D/23/124987), resulterend in de aangepaste afstemmingsverordening 2015 GR Ferm Werk (D/23/124986). Bij het aanpassen van de afstemmingsverordening wordt het volgende in acht genomen: 1. De mogelijkheid om de uitkering tijdelijk te verlagen als niet wordt voldaan aan de medewerkingsverplichting ontbreekt in de huidige verordening. In de Afstemmingsverordening zijn de regels vastgelegd met betrekking tot het verlagen van de bijstand, bedoeld in artikel 18, tweede lid en de periode van de verlaging van de bijstand, bedoeld in artikel 18, vijfde en zesde lid; Hierin staat dat het dagelijks bestuur de bijstand overeenkomstig de verordening verlaagt als de verplichtingen voortvloeiende uit deze wet niet worden nagekomen. Een uitzondering vormt de schending van de inlichtingenplicht (art.17 eerste lid Pw). Dit is boetewaardig gedrag. Een recente uitspraak van de Centrale Raad van Beroep bepaalt dat het niet inleveren van bewijsstukken geen schending van de inlichtingenplicht oplevert, maar valt onder schending van de medewerkingsplicht.
De huidige afstemmingsverordening van Ferm Werk biedt geen passende mogelijkheid om de uitkering te verlagen wegens het niet inleveren van bewijsstukken. 2. De hoogte van de afstemming moet passen bij de gedraging Het inleveren van bewijsstukken is nodig voor het bepalen van de hoogte van de uitkering en mogelijk van het recht op uitkering. In veel gevallen zal het gaan om het niet (of niet op tijd) inleveren van inkomstenformulier en/of loonstrook. Dat betekent niet per definitie dat het recht op uitkering moet worden ingetrokken. Bij het opstellen van de Afstemmingsverordening is in artikel 7b opgenomen dat bij het niet voldoen aan de medewerkingsplicht, de uitkering verlaagd kan worden met 20% gedurende 1 maand. Deze maatregel heeft betrekking op het niet verlenen van medewerking aan de re-integratie. Een sanctie van 20% voor de duur van 1 maand is vanwege het niet inleveren van bewijsstukken is buitensporig hoog. Voorgesteld wordt om deze gedraging te scharen onder de eerste categorie, waarbij een afstemming van 5 % gedurende 1 maand kan worden opgelegd. Dit komt overeen met het boeteregime, waarbij de boete ook 5 % bedraagt, als niet kan worden volstaan met een waarschuwing en het benadelingsbedrag lager is dan € 150,00.
Kanttekeningen en risico's N.v.t.
Financiële gevolgen van verwerking lasten regeling in de gemeentelijke begroting N.v.t.
Vervolgproces De uitkomst van de mogelijkheid tot het geven van een zienswijze wordt teruggekoppeld aan het bestuur van GR Ferm Werk.
Bevoegdheid raad De bevoegdheid van de raad is vastgelegd in: • Artikel 23 lid 4 Gemeenschappelijke regeling Ferm Werk. • Artikel 35 lid 3 Wet Gemeenschappelijke regelingen.
Bijlagen Zienswijzebrief afstemmingsverordening (D/23/124969) Voorstel en besluit wijziging afstemmingsverordening (D/23/124985) Concept afstemmingsverordening 2015 GR Ferm Werk (D/23/124986) Overzicht Was- wordt bij afstemmingsverordening (D/23/124987) Raadsbesluit (D/23/124989)