rv Uitbreiden delegatiebevoegdheid wijziging omgevingsplan (183987).pdf
Tekst van het document
Raadsvoorstel Opsteller Chaudron, Ton Vergadering van 7 oktober 2025 Kenmerk Z/25/083855 / D/25/183987 Portefeuillehouder Bernadette Schomaker Portefeuille Ruimtelijke ordening en Volkshuisvesting, inclusief implementatie Omgevingswet Onderwerp Raadsvoorstel inzake uitbreiden delegatiebevoegdheid wijziging omgevingsplan
Inleiding De nieuwe Omgevingswet heeft naast doelstellingen als onder meer een snellere besluitvorming, betere en integrale belangenafweging ook geleid tot een verandering van bevoegdheden van de bestuursorganen met onder meer: • De raad kan bepaalde (BOPA) aanvragen omgevingsvergunning aanwijzen voor bindend adviesrecht en participatieplicht • De raad stelt de Omgevingsvisie en het Omgevingsplan vast • Het college stelt de Omgevingsprogramma’s vast • Het college beslist op de aanvragen omgevingsvergunningen, inclusief de BOPA’s • De raad kan wijzigingen van het Omgevingsplan delegeren aan het college. • De raad kan het vaststellen van een voorbereidingsbesluit delegeren aan het college. Dat vereist ook dat raad en college goed in verbinding met elkaar staan als het gaat om een zorgvuldige uitvoering van de wet. In september 2023 heeft u een besluit genomen over de delegatie aan ons college van de bevoegdheid tot vaststelling van een wijziging van het Omgevingsplan (D/23/115999). Dat besluit was aan u voorgelegd in verband met de toen verwachte en ook daadwerkelijk geëffectueerde inwerkingtreding van de Omgevingswet per 1 januari 2024. Het besluit uit 2023 omvat delegatie van: 1. De bevoegdheid tot vaststelling van een wijziging van het Omgevingsplan in verband met verwerken van de van in afwijking van het omgevingsplan verleende omgevingsvergunningen (BOPA's); 2.
De bevoegdheid tot vaststelling van een wijziging van het Omgevingsplan in verband met het verwerken van beleidsregels naar planregels indien daartoe toestemming is verleend op grond van door de gemeenteraad vastgestelde beleidskaders, waarbij de raad per raadsinformatiebrief wordt geïnformeerd over de wijze van verwerking, tenzij de raad anders heeft besloten; 3. De bevoegdheid tot het nemen van een voorbereidingsbesluit, onder voorwaarde dat het besluit van het college in de eerstvolgende raadsvergadering wordt bekrachtigd. Er wordt momenteel gewerkt aan de opbouw van het Omgevingsplan. Hierover bent u nader geïnformeerd via een presentatie tijdens het Forum Ruimte van 16 september jl.. Aan de hand van de ervaringen die het werken aan de opbouw opleveren volgt ons voorstel om u te verzoeken het raadsbesluit uit 2023 uit te breiden met de volgende gevallen: 1. voor het wijzigen van het plan in verband met het verwerken van wijzigingsbevoegdheden en uitwerkingsverplichtingen vanuit de nog geldende bestemmingspannen; 2. voor het wijzigen van het plan in verband met het verwerken van instructieregels van het Rijk en/of Provincie;
3. voor het wijzigen van het plan in verband met het verwerken van juridisch-technische wijzigingen, redactionele aanpassingen en correcties; 4. voor het wijzigen van het plan in verband met het verwerken van aanwijzingen van erfgoed tot gemeentelijk monumenten. Deze wijzigingen zijn louter "technische" wijzigingen van aard. Onder het kopje Argumenten gaan wij verder in op de voorgestelde aanvullingen ca.
De raad besluit A. Het raadsbesluit van 28 september 2023, nr. D/23/115999 in te trekken. B. Aan het college op grond van de artikelen 2.8 en 4.14, lid 5 van de Omgevingswet te delegeren de bevoegdheid tot wijzigen van het Omgevingsplan voor de volgende gevallen: 1. de bevoegdheid tot het verwerken van in afwijking van het omgevingsplan verleende omgevingsvergunningen naar het omgevingsplan; 2. de bevoegdheid tot het verwerken van door de raad vastgesteld beleid in regels in het nieuwe Omgevingsplan onder voorwaarde dat: a. de raad bij het vaststellen van het beleid heeft aangegeven dat het college het beleid moet omzetten naar regels in het Omgevingsplan, en b. het college de raad informeert via een raadsinformatiebrief — tegelijk bij het besluit tot terinzagelegging van het ontwerp wijzigingsplan — over de wijze van verwerking van het beleid in het Omgevingsplan; 3. De bevoegdheid tot het nemen van een voorbereidingsbesluit, onder voorwaarde dat het college de raad direct na besluitvorming hiervan in kennis stelt via een raadsinformatiebrief; 4. De bevoegdheid tot het wijzigen van het plan in verband met het verwerken van wijzigingsbevoegdheden en uitwerkingsverplichtingen vanuit de nog geldende bestemmingspannen; 5. De bevoegdheid tot het wijzigen van het plan in verband met het verwerken van instructieregels van het Rijk en/of Provincie; 6.
De bevoegdheid tot het wijzigen van het plan in verband met het verwerken van juridisch-technische wijzigingen, redactionele aanpassingen en correcties; 7. De bevoegdheid tot het wijzigen van het plan in verband met het verwerken van aanwijzingen van gemeentelijke monumenten. C. Dit besluit treedt in werking op de dag na bekendmaking op Overheid.nl c.q. het gemeenteblad.
De bevoegdheid van de raad komt voort uit de volgende wet- en/of regelgeving De gemeenteraad is op grond van de artikelen 2.8 en 4.14, lid 5 van de Omgevingswet bevoegd de bevoegdheid tot vaststelling van een wijziging van het Omgevingsplan te delegeren aan het college.
Beoogd effect Doel van dit besluit is te komen tot een voor het bestuur, de organisatie maar zeker ook voor de inwoner, werkbare praktische werkwijze die leidt tot snellere besluitvorming met inachtneming van de door uw raad gestelde kaders.
Argumenten A. Het raadsbesluit van 28 september 2023, nr. D/23/115999 in te trekken.
Voor de duidelijkheid is het gewenst het raadsbesluit van 28 september 2023, D/23/115999, ten aanzien van de delegatiebevoegdheid in te trekken en te vervangen door een geheel nieuw besluit met de aangewezen gevallen. B. Aan het college op grond van de artikelen 2.8 en 4.14, lid 5 van de Omgevingswet te delegeren de bevoegdheid tot wijzigen van het Omgevingsplan: Voor de volledigheid willen wij hier nogmaals bevestigen dat de voorgestelde uitbreiding van de delegatiebevoegdheid betrekking heeft op wijzigingen van louter technische aard. Daarmee wordt ook de reeds in 2023 ingezette bestuurlijke lijn gevolgd en zullen wijzigingen die enige politiek gevoelige en bestuurlijke beleidsruimte bevatten tot de bevoegdheid van uw raad horen. Hieronder wordt ingegaan op de onder "Inleiding" voorgestelde 4 gevallen van uitbreiding van de delegatiebevoegdheid. voor het wijzigen van het plan in verband met het verwerken van wijzigingsbevoegdheden en uitwerkingsverplichtingen vanuit de nog geldende bestemmingsplannen. De onder 1. genoemde wijzigingen van het Omgevingsplan betreffen de reeds door u in een - nu nog geldend bestemmingsplan opgenomen wijzigingsmogelijkheid van een bestemming van bijvoorbeeld "kantoren" of "agrarische doeleinden" naar "wonen".
Daarbij zijn door u bij de vaststelling van het bestemmingsplan voorwaarden gesteld en is het een collegebevoegdheid om - indien aan de voorwaarden wordt voldaan - tot de gewenste wijziging te besluiten. Met deze delegatiebevoegdheid wordt daarmee de reeds bestaande lijn voortgezet. voor het wijzigen van het plan in verband met het verwerken van instructieregels van het Rijk en/of Provincie. De onder 2. genoemde wijzigingen van het Omgevingsplan zijn directe afgeleide "opdrachten" van Rijk en Provincie om bepaalde regels op te nemen in het Omgevingsplan waarbij er geen bestuurlijke ruimte is tot wijziging of aanpassing van dergelijke instructieregels. voor het wijzigen van het plan in verband met het verwerken van juridisch-technische wijzigingen, redactionele aanpassingen en correcties. De onder 3. genoemde wijzigingen kunnen gerubriceerd worden als "ondergeschikte" wijzigingen die geen bestuurlijke inhoud of ruimte kennen. Goed voorbeeld daarvan is een wijziging van het nu bestaande "van rechtswege" Omgevingsplan met betrekking tot de zogenaamde Vangnetregeling Omgevingswet. De Vangnetregeling Omgevingswet is een regeling van de minister van BZK die de Omgevingswet op een aantal punten aanvult. De regels gelden van rechtswege en vult de initiële regeling op een aantal punten aan.
De Vangnetregeling bevat onder andere aanvullingen voor de regels van de bruidsschat, de overgedragen regels vanuit het Rijk, in het omgevingsplan. De regels in de Vangnetregeling die aanvullend zijn op de bruidsschatregels gelden naast de bruidsschat en wijzigen de bruidsschat niet. Ze zijn geen onderdeel van het omgevingsplan en zijn ook niet zichtbaar op Regels op de kaart van het Omgevingsloket. De gemeente heeft de opdracht gekregen vooraf aan of tijdens de omzetting van de bruidsschat naar het integrale omgevingsplan de vangnetregeling mee te nemen. Momenteel hebben wij nog geen omzetting gedaan. Het Rijk adviseert in ons geval de aanvullingen ongewijzigd toe te voegen aan hoofdstuk 22 van het omgevingsplan. Het voordeel hiervan is dat de aanvullingen integraal onderdeel worden van het omgevingsplan en worden zichtbaar op Regels op de Kaart. Daarnaast kunnen we de aanvullingen niet meer vergeten als we de bruidsschat gaan verwerken in het omgevingsplan. Dit is dus geen wijziging waarbij sprake is van een bestuurlijke afwegingsruimte, maar wel een inhoudelijke wijziging van het omgevingsplan. Immers is de Vangnetregeling nu geen onderdeel van het omgevingsplan en zijn het op dit moment geen gemeentelijke regels. Het rechtsgevolg van het opnemen van de regels uit de vangnetregeling is dat deze regels ook in juridische zin onderdeel gaan uitmaken van het omgevingsplan.
Na instemming van uw raad met de voorgestelde aanvullingen van het delegatiebesluit, zal deze wijziging van de verwerking van de Vangnetregeling in het najaar van 2025 aan het college worden voorgelegd en bij vaststelling worden gepubliceerd. voor het wijzigen van het plan in verband met het verwerken van aanwijzingen van erfgoed tot gemeentelijk monument. De onder 4. genoemde wijzigingen van het Omgevingsplan kunnen ook gerubriceerd worden als "voortzetting van de reeds bestaande bestuurlijke lijn". Op dit moment is via de door u vastgestelde "Erfgoedverordening" geregeld dat door ons college een besluit tot de aanwijzing van een gemeentelijk monument wordt genomen. Straks zal - als de regels van de erfgoedverordening worden opgenomen in het Omgevingsplan de aanwijzing van een gemeentelijk monument via een wijziging van het Omgevingsplan geregeld moeten worden. Om te voorkomen dat iedere aanwijzing dan via uw raad dient te verlopen en aan te sluiten op de reeds gebruikelijke bestuurlijke afspraak zoals vastgelegd in de verordening wordt voorgesteld ook deze wijziging via de aanwijzing van gemeentelijke monumenten te delegeren aan ons college.
Voorbereidingsbesluit Ten aanzien van de in het raadsbesluit onder 3 opgenomen bevoegdheid tot het nemen van een voorbereidingsbesluit is een aanpassing noodzakelijk door het schrappen van de bekrachtiging van het besluit door uw raad. Dergelijke bekrachtiging is alleen mogelijk bij een situatie die als mandatering kan worden beschreven. De essentie van een delegatiebevoegdheid is echter dat u die bevoegdheid overdraagt aan ons college. Dat is anders dan bij een mandatering van een bevoegdheid. Dan blijft het bestuursorgaan het bevoegd gezag, maar wordt in naam van dat bestuursorgaan gehandeld. De Omgevingswet biedt geen mogelijkheid tot mandatering, vandaar dat wij voorstellen de bekrachtiging te schrappen maar uiteraard zal het door ons noodzakelijk geachte voorbereidingsbesluit wel aan u worden ter kennisname worden toegezonden via een raadsinformatiebrief.
Kanttekeningen n.v.t.
Financiën n.v.t.
Uitvoering Uiteraard blijven wij het proces bewaken om de uitvoering van het besluit te monitoren en te evalueren. Indien nodig zal nadere aanpassingen worden voorgesteld aan uw raad.
Communicatie Het nieuwe besluit zal worden bekend gemaakt op de voorgeschreven wijze in het Gemeenteblad en in de organisatie worden toegepast.
Samenhang met eerdere besluitvorming Zie raadsbesluit D/23/115999
Bijlagen • D/25/195188 - Raadsbesluit uitbreiden delegatiebevoegdheid wijziging Omgevingsplan • D/23/115999 - Raadsbesluit delegatie vaststelling Omgevingsplan