CConstaterende datOudewater
Koppel je AI →
Document · PDF

rv Beslissing op bezwaar en toekenning dwangsom wegens niet tijdig beslissen (114179).pdf

Gemeenteraad 28 september 2023, gemeente OudewaterBij agendapunt: 13: Raadsvoorstel Beslissing op bezwaar en toekenning dwangsom wegens niet tijdig beslissen (114179)973 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Opsteller Timmerman, Ellen Vergadering van 5 september 2023 Kenmerk Z/22/051376 / D/23/114179 Portefeuillehouder Ivo ten Hagen Portefeuille Vastgoed Onderwerp Beslissing op bezwaar en toekenning dwangsom wegens niet tijdig beslissen.

Inleiding Een inwoner van Oudewater heeft, mede namens Stichting Statenbad Oudewater (SSO), op 28 februari 2022, bezwaar gemaakt tegen het raadsbesluit van 24 februari 2022 over - kort gezegd - de realisatie, de exploitatie en het beheer van een nieuw zwembad in Oudewater. Het bezwaarschrift is in handen gesteld van de bezwaarschriftencommissie van de gemeente Oudewater (hierna: de commissie). De commissie heeft geadviseerd het bezwaar niet-ontvankelijk te verklaren omdat de besluiten niet op rechtsgevolg gericht zouden zijn. Nadat uw raad op 5 juli 2022, conform dit advies, het bezwaar niet-ontvankelijk heeft verklaard hebben bezwaarmakers beroep ingesteld bij de rechtbank Midden-Nederland. Bij uitspraak van 1 maart 2023 heeft de rechtbank geoordeeld dat het bezwaar ten onrechte niet-ontvankelijk is verklaard en dat alsnog op het bezwaar moet worden beslist omdat het DAEB-besluit wel op rechtsgevolg is gericht. Het bezwaarschrift is vervolgens, samen met een aanvullend bezwaarschrift, opnieuw in handen gesteld van de commissie voor advies. Op 24 mei 2023 heeft de commissie bezwaarmakers gehoord. In haar advies van 6 juli 2023, ontvangen op 13 juli 2023, heeft de commissie geadviseerd om het bezwaar opnieuw niet-ontvankelijk te verklaren. Het advies geeft aan dat bezwaarmakers geen belanghebbenden zijn en geen procesbelang hebben.

Uw raad dient nu een beslissing op het bezwaar te nemen. De commissie heeft hiertoe een nieuw advies aan u gegeven. De argumentatie in dit voorstel is gericht op dit laatste advies.

De raad besluit 1. het bezwaar tegen het raadsbesluit d.d. 24 februari 2022 over de realisatie, exploitatie en beheer en ouderhoud van een zwembad in Oudewater niet-ontvankelijk te verklaren; 2. het verzoek om proceskostenvergoeding af te wijzen; 3. een dwangsom van € 1.442,-. toe te kennen wegens het niet tijdig beslissen op dit bezwaar.

De bevoegdheid van de raad komt voort uit de volgende wet- en/of regelgeving Artikel 7:10 van de Algemene wet bestuursrecht (bevoegdheid tot nemen beslissing op bezwaar);

Artikel 4:17 van de Algemene wet bestuursrecht (bevoegdheid tot toekennen van een dwangsom).

Beoogd effect Beslissen op een door een inwoner en SSO ingediend bezwaar.

Argumenten 1.1 De bezwaarschriftencommissie meent dat bezwaarmakers geen belanghebbenden zijn. De commissie heeft in haar advies aangegeven dat het raadsbesluit van 24 februari 2022, dat 12 beslispunten bevat, op één beslispunt na geen besluiten bevat die voor bezwaar vatbaar zijn. Voor deze besluiten geldt volgens de commissie dat geen sprake is van besluiten in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), omdat deze besluiten geen rechten of verplichtingen doen ontstaan voor bezwaarmakers of anderen, of deze teniet doen. Het besluit tot aanwijzing van de exploitatie en het beheer en onderhoud van de zwemvoorziening als Dienst van Algemeen Economisch Belang is volgens de commissie wel een besluit in de zin van de Awb. Hoewel bezwaar dus openstond tegen dit specifieke beslispunt is de commissie van mening dat bezwaarmakers geen belanghebbenden zijn in de zin van de Awb: iemand wiens belang rechtstreeks bij het besluit is betrokken. De commissie meent dat de inwoner geen belanghebbende is nu er - kort gezegd - geen verband is tussen het DAEB-aanwijzingsbesluit en de schade die hij als gevolg van het ontbinden van een eerder met de gemeente gesloten intentieovereenkomst stelt te hebben geleden.

Als het gaat om SSO meent de commissie dat zij geen belanghebbende is nu het concurrentiebelang dat SSO stelt te hebben zodanig ver verwijderd is van het DAEB-aanwijzingsbesluit dat van een rechtstreeks belang bij dat besluit niet gesproken kan worden. Er zijn geen omstandigheden die aanleiding geven om het advies van de commissie niet over te nemen. 1.2 De bezwaarschriftencommissie meent dat bezwaarmakers geen procesbelang hebben. Van procesbelang is sprake wanneer het doel dat een bezwaarmaker voor ogen heeft met het aanwenden van het rechtsmiddel kan worden bereikt. De commissie meent dat bezwaarmakers ook geen procesbelang hebben. Met hun bezwaar kunnen bezwaarmakers immers niet bereiken dat zij de partij worden die uitvoering kan geven aan het DAEBaanwijzingsbesluit. Vernietiging van het DAEB-aanwijzingsbesluit kan volgens de commissie ook niet tot schadevergoeding voor bezwaarmakers leiden. Er is immers geen direct verband tussen het DAEB-aanwijzingsbesluit en schade die de inwoner stelt te hebben geleden wegens het spaak lopen van onderhandelingen en overeenkomsten met de gemeente in het verleden dan wel eventuele schade van SSO. Vernietiging van het raadsbesluit leidt, tot slot, niet tot een wijziging van de positie van bezwaarmakers en heeft voor hen dus geen feitelijke betekenis.

Er zijn geen omstandigheden die aanleiding geven om het advies van de commissie niet over te nemen. 2.1 Er is geen aanleiding om de proceskosten te vergoeden. Voor vergoeding van de proceskosten bestaat, gelet op het niet-ontvankelijk verklaren van het bezwaar, geen aanleiding. 3.1 Door het verstrijken van de termijn voor het beslissen op het bezwaar is een dwangsom verschuldigd. Het moment van ontvangst van het advies van de commissie in combinatie met het reces hebben ertoe geleid dat niet tijdig kon worden beslist en dat het maximale bedrag aan dwangsommen verschuldigd is geworden.

Kanttekeningen Bezwaarmakers kunnen opnieuw beroep instellen tegen de beslissing op bezwaar.

Financiën Het bedrag van de verschuldigde dwangsom komt ten laste van het budget Algemeen juridische zaken, proces- en griffiekosten.

Uitvoering Na besluitvorming wordt de beslissing op bezwaar met bijlagen en de beslissing op de ingebrekestelling verzonden aan bezwaarmakers.

Communicatie N.v.t.

Samenhang met eerdere besluitvorming - Raadsbesluit d.d. 5 juli 2022 - D/22/064804.

Bijlagen - Bezwaarschrift (geanonimiseerd) - D/23/117773; - Aanvullend bezwaarschrift (geanonimiseerd) - D/23/117774; - Verslag hoorzitting d.d. 24 mei 2023 (geanonimiseerd) - D/23/118091; - Verweerschrift (geanonimiseerd) - D/23/117775; - Beslissing op bezwaar (geanonimiseerd) - D/23/117431; - Besluit op ingebrekestelling (geanonimiseerd) - D/23/117647; - Raadsbesluit - D/23/0114180.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.oudewater.nl/api/v1/meetings/544/documents/17095