CConstaterende datOudewater
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel 'Integraal Ruimtelijk Perspectief (IRP) U16'.pdf

Gemeenteraad 16 december 2021, gemeente OudewaterBij agendapunt: 9: Integraal Ruimtelijk Perspectief (IRP)2.971 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Opsteller Doggenaar, Reinard van Vergadering van Kenmerk Z/21/029574 / D/21/039158 Portefeuillehouder Bob Duindam Portefeuille Regionale Samenwerking en Toekomstvisie Lopikerwaard Onderwerp Integraal Ruimtelijk Perspectief (IRP) U16

Inleiding De gemeente Oudewater is gelegen in de regio Utrecht. Economisch gezien één van de meest competitieve regio's van Europa én, mede daardoor, één van de snelst groeiende regio's van Nederland. Deze groei stelt ons op regionaal niveau voor uitdagingen. Er is een tekort aan verschillende woningen, waardoor wachtlijsten en woningprijzen blijven oplopen. Bedrijventerreinen lopen vol en de verwachting is dat er tot 2040 tenminste 80.000 banen bij komen. De groei van de regio zorgt voor toenemende infrastructurele knelpunten en het mobiliteitssysteem loopt verder vast als er geen actie wordt ondernomen. Daarbovenop hebben wij de uitdaging om te voldoen aan landelijke doelstellingen op het gebied van energie en de gewenste transitie naar een duurzame en circulaire economie. Los van al deze ontwikkelopgaven wordt het behoud van culturele en landschappelijke waarden in onze regio belangrijk gevonden. Kortom; wij staan op regionaal niveau voor een enorme puzzel om bovenstaande opgaven, die niet eens allesomvattend zijn, een plek te geven. Een integrale visie Om op een goede manier met bovenstaande opgaven om te gaan zijn lokaal én regionaal keuzes nodig. Op lokaal niveau maken wij deze keuzes voor de periode tot aan 2040 in onze gemeentelijke omgevingsvisie. Op regionaal niveau werken wij in U16-verband samen aan een Integraal Ruimtelijk Perspectief.

Een perspectief waarin wij op regionaal niveau afspraken maken over hoe de regio er in de toekomst uitziet en wat wij daarin belangrijk vinden. Het perspectief kan worden gezien als een integrale ruimtelijke visie voor de regio Utrecht op het gebied van groen en landschap, wonen, werken, mobiliteit en energie. Deze visie is vanuit lokaal beleid opgebouwd, zonder voorbij te gaan aan onze regionale opgaven. Door op regionaal niveau goed met elkaar af te stemmen wat onze lokale behoeftes zijn, kunnen wij verstandig omgaan met de beschikbare ruimte. Wij vinden het belangrijk, dat de hoge leefkwaliteit van onze regio in de toekomst wordt behouden. Onze regio moet een fijne plek blijven om te wonen, werken en recreëren, en waar ruimte is voor groene en duurzame intitiatieven. In het IRP vertellen wij een eensgezind en duidelijk verhaal, zonder voorbij te gaan de identiteit en diversiteit van de verschillende gemeenten. Op deze manier laten wij zien waar we voor staan en samen naartoe werken. Status van het IRP Wat in het IRP staat is de uitkomst van een intensief en gezamenlijk proces van 16 gemeenten. Met lokaal beleid en ambities als basis en met regionale keuzes komen we tot een optimale ontwikkeling van de regio als geheel. Door instemming van de 16 gemeenteraden ontstaat er lokaal commitment op de integrale regionale ontwikkelrichting tot 2040.

Het perspectief sluit aan op de gemeentelijke omgevingsvisies en bijbehorend beleid en programma's. Andersom passen deze lokale beleidsdocumenten in dit integrale perspectief voor de regio. Op deze manier zorgen wij voor een wisselwerking tussen het lokale beleid en de regionale ambities. Wij willen met elkaar de ambities en doelen van het IRP realiseren, omdat dit zowel onze lokale als regionale opgaven ten goede komt. Het IRP heeft geen wettelijk juridische status, zoals een gemeentelijke of provinciale omgevingsvisie. Realisatie, inclusief de planologische verantwoordeljkheid, ligt bij de deelnemende gemeenten. Het IRP vormt daarnaast geen eindbeeld, maar een ontwikkelrichting voor de komende 20 jaar. De inhoud van het IRP kan in de toekomst veranderen, omdat bijvoorbeeld nadere concretisering nodig is of een verandering in (lokale) omstandigheden een actualisatie vereist. Een eventuele actualisatie van het IRP zal aan de gemeenteraden worden voorgelegd. Zienswijzen verwerkt in IRP

In het voorjaar van 2021 zijn alle raden van de bij de U16 aangesloten gemeenten, inclusief aspirantleden, in de gelegenheid gesteld om een zienswijze in te dienen op het concept IRP. Alle raden hebben hiervan gebruik gemaakt. De zienswijzen hebben het IRP verrijkt en, waar nodig, aangescherpt. De zienswijzen zijn, om recht te doen aan de inbreng van de raden, zo goed mogelijk in het IRP verwerkt. Er is een overzicht gemaakt om inzichtelijk te maken op welke wijze de zienswijzen zijn verwerkt. Het document 'Overzicht zienswijzen raden op concept IRP - verwerking en verantwoording' is terug te vinden in de bijlagen bij dit voorstel. Op pagina 11 en 12 van het overzicht is weergegeven hoe de zienswijze van de Oudewaterse raad in het IRP is verwerkt. Integratie RES en IRP Een groot aantal raden vraagt in hun zienswijze aandacht voor het ontbreken van het thema energie in de integrale afwegingen. Een aantal raden heeft daarbij aangegeven, dat een vaststelling van het IRP zonder een afweging over de ruimtelijke gevolgen van de energieopgave ondenkbaar is. Om recht te doen aan deze zienswijze is de RES 1.0, inclusief de zoekgebieden, opgenomen in het IRP. Uit een analyse van de zoekgebieden in de RES blijkt dat er geen harde botsingen plaatsvinden tussen de zoekgebieden en andere thema's in het IRP.

Wel ligt er een grote opgave voor het samen laten oplopen van energieopwekking en groen en landschap. Daarnaast is het maatschappelijk draagvlak voor energieopwekking een specifiek aandachtspunt. De RES 1.0 wordt in oktober 2021 aan de raden voorgelegd. Dat is dus nog voordat besluitvorming over het definitieve IRP in de raden plaatsvindt, maar wel nadat het IRP een maand eerder in september is aangeboden aan de colleges met het verzoek dit voor te leggen aan hun raden. Met de besluitvorming op het IRP consolideren we de RES 1.0 in het perspectief en de integrale uitwerkingen voor de toekomst. Actualisaties op de RES 1.0. worden meegenomen in de volgende fase van het REP. Kwalitatieve beoordeling Het IRP is voor een kwalitatieve beoordeling langs het Beoordelingskader, dat eerder met de raden is gedeeld, gelegd. In de bijlage 'Toetsing IRP aan aangepast beoordelingskader REP' treft u de beoordeling aan. Het doel van deze beoordeling is om inzicht te krijgen in hoeverre het perspectief voldoet aan de kwaliteiten, die de samenwerkende gemeenten in de regio Utrecht voorstaan. Het beoordelingskader kan niet worden gezien als een meetlat waar het IRP simpelweg langs gelegd kan worden om tot een afgewogen oordeel te komen. Het beoordelingskader is een instrument, dat helpt om inzichten te verschaffen.

Hiermee wordt het gesprek bij de besluitvorming ondersteund en verkrijgen wij aanknopingspunten en aanbevelingen voor uitwerkingen in de volgende fase van het REP; het integraal programmeren. De toets op het concept IRP laat in zijn algemeenheid een positief beeld zien en vraagt op onderdelen om nadere uitwerking en concretisering. Deze onderdelen worden meegenomen bij de uitwerking op programma, gebieds- en projectniveau.

De raad besluit In te stemmen met het Integraal Ruimtelijk Perspectief (IRP) van de U16 inclusief uitvoeringsstrategie voor de toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen van de regio Utrecht tot 2040.

De bevoegdheid van de raad komt voort uit de volgende wet- en/of regelgeving Artikel 147 tweede lid jo. artikel 108 Gemeentewet.

Beoogd effect Het IRP beoogt een samenhangende ruimtelijke ontwikkeling op regionaal niveau op het gebied van wonen, werken, mobiliteit, groen en energie te bewerkstelligen.

Argumenten 1.1. De zienswijze van de gemeente Oudewater is goed verwerkt in het defintieve IRP; Via de zienswijzeprocedure hebben de raden de mogelijkheid gekregen om voorafgaand aan de besluitvorming hun zienswijze op het IRP te geven. De zienswijzen hebben geleid tot aanscherpingen en vormen de basis voor het definitieve IRP dat nu voorligt. In bijlage 2 'Overzicht zienswijzen raden op concept IRP – verwerking en verantwoording' is weergegeven hoe de zienswijzen per gemeente zijn verwerkt. De zienswijze van de Oudewaterse gemeenteraad is op een goede manier verwerkt in het definitieve IRP. De ontwikkellijnen en ambities in het IRP sluiten daarmee inhoudelijk aan op het huidige Oudewaterse beleid.

1.2 Het IRP is volgens de eerder vastgestelde kaders uitgewerkt; Kaderstellend hebben de raden eind 2019 kennisgenomen van de Uitgangspuntennotitie en in het voorjaar 2020 met de Contour REP ingestemd. Deze Contour REP bevat rondom alle ruimtelijke thema’s kansrijke zoekrichtingen en onderzoeksvragen voor de regionale ruimtelijke ontwikkeling en is een belangrijke basis geweest voor de uitwerkingen in het IRP. Verder is in het najaar 2020 het (geactualiseerd) Beoordelingskader vastgesteld door de raden, waarmee de kwalitatieve beoordeling kon plaatsvinden op de uitwerkingen in het IRP. 1.3 De onafhankelijke toets op het IRP laat een positief beeld zien op de indicatoren van het Beoordelingskader; Het IRP is langs het vastgestelde en aangescherpte Beoordelingskader ter beoordeling gelegd. In bijlage 3 'Toetsing IRP Aangepast beoordelingskader REP' treft u het oordeel aan. De toets op het IRP laat in zijn algemeenheid een positief beeld zien. Voor de meeste doelstellingen (zowel hoofd, als subdoelen) is veel aandacht in het IRP. Op sommige criteria scoort het IRP neutraal (nul) of is het nog onduidelijk (vraagteken). Het is echter niet haalbaar op alle onderdelen uit het kader positief te scoren. Daarnaast zullen sommige onderdelen uit het IRP in een volgende fase nog nader moeten worden uitgewerkt.

1.4 Met dit IRP staan de regiogemeenten voor elkaars opgaven en zijn we een sterke en betrouwbare gesprekspartner voor de andere overheden en stakeholders; Gelet op het intensieve en zorgvuldige proces dat 16 gemeenten met elkaar hebben doorlopen, hebben wij met dit IRP een gedragen basis voor de ontwikkelrichting van de regio. Wat in het IRP staat is de uitkomst van een gezamenlijk proces. Samen vinden we dit de beste manier om een plek te geven aan de regionale opgaven die voor ons liggen. We vinden dit niet alleen voor het eigen grondgebied van de gemeente, maar we vinden dit ook voor de regio als geheel. Alle gemeenten staan voor de opgaven van alle gemeenten. Omdat gemeenten voor elkaars opgaven staan, kunnen wij eenduidig en sterker optreden naar andere bestuurslagen, zoals het Rijk en de provincie. Het is daarbij belangrijk om consistent en eensgezind het IRP als basis te gebruiken voor het regionale verhaal. Met het IRP willen wij vanuit eigen ambities meesturen op de ambities en keuzes die Rijk en provincie maken op de eerder genoemde thema's: groen en landschap, wonen, werken, bereikbaarheid, groen en energie. Door eensgezindheid uit te stralen willen wij onze invloed op de keuzes van Rijk en provincie vergroten.

1.5 De uitvoeringsstrategie in het IRP maakt op hoofdlijnen inzichtelijk hoe we van een perspectief tot integraal programmeren en realisatie komen; Met het IRP weten we wat we willen, nu moeten we nog scherp krijgen hoe we dat kunnen realiseren. Deze strategie en aanpak op de uitvoering of realisatie is de kern van wat onze regio de komende jaren te doen staat. De uitvoeringsstrategie maakt op hoofdlijnen helder hoe het IRP op een samenhangende manier uit te voeren is. Dit vergt enerzijds het werken in allianties aan de uitvoering en realisatie van integrale ruimtelijke opgaven voor de U16 regio en anderzijds een integraal regionaal programma om de regionale keuzes aan te scherpen, de randvoorwaarden op orde te brengen en de samenhang en integraliteit te bewaren in de uitvoering. De gemeenten zijn in de lead om de uitwerking en daarna de uitvoering van de onderdelen van het IRP waar te maken. De U16 voorziet hierbij in regionale ondersteuning, coördinatie en monitoring. 1.6 Een regionale aanpak op de uitvoering helpt om benodigde middelen voor de uitvoering van het IRP naar de regio te halen. Het belangrijkste is om het IRP tot realisatie brengen. Het is cruciaal om belemmeringen voor de uitvoering weg te nemen.

Het IRP en de uitvoeringsstrategie zijn onze gezamenlijke regionale basis voor de toekomst, waarmee wij de regie houden over de samenwerking onderling en met het Rijk, de provincie en andere partners. Het IRP vormt de basis voor het ontwikkelen van een integraal regionaal programma en een realisatiestrategie. Als regio zijn wij op deze manier een betrouwbare en herkenbare partner voor onder andere het Rijk en de provincie. Daarnaast zijn wij voorbereid wanneer zich kansen voordoen voor de financiering van onze ambities. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het Nationaal Groeifonds, de Woonimpuls en eventuele toekomstige geldstromen voor de financiering van groen en mobiliteit. Landelijk gaan in dergeljike fondsen en subsidiemogelijkheden jaarlijks tientallen tot honderden miljoenen euro's om.

Kanttekeningen 1.1. Afstemming tussen de provincie Utrecht en de U16 is nodig, omdat de provincie Utrecht start met een regionale programmering voor wonen en werken op basis van de provinciale omgevingsvisie (POVI); De provincie werkt met regionaal programma voor wonen en werken op basis van de POVI. Het gaat dan weliswaar geografisch gezien om een bredere scope en om een meer sectorale aanpak, maar het vereist afstemming en/of samenwerking tussen de U16 en de provincie. Als U16 hebben wij hier aandacht voor en zetten wij in op aansluiting van het regionale programma van de provinicie op de inhoud van het IRP. 1.2. Het behalen van de ambities van het IRP is mede afhankelijk van investeringen en medewerking van andere partijen; Voor de benodigde investeringen is de regio mede afhankelijk van andere partijen. Dit maakt het behalen van de ambities onzeker. Ondanks het feit dat er nog onvoldoende zicht is op (Rijks)financiën, is er een grote maatschappelijke urgentie,

denk bijvoorbeeld aan de woonopgave, om de ambities uit het IRP tot uitvoering te brengen. In de volgende fase van het IRP zal daarom aandacht zijn voor een integraal regionaal programma, investerings- en lobbystrategie. Via dit programma en de investerings- en lobbystrategie willen wij onderdelen, zoals de groen-, mobiliteits- en woningbouwopgave, die onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn, kunnen realiseren. 1.3. Sommige opgaven in het IRP moeten nader worden geconcretiseerd; Op een aantal punten vraagt het IRP om concretisering, zoals het vervolg op de RES 1.0, de zoeklocaties naar regionale bedrijventerreinen, de omgang en investeringen in de mobiliteitsmaatregelen en de concrete programmering van vitaliteit, waarbij ook integrale afwegingen een rol spelen. Het perspectief is adaptief, wat betekent dat het nog concreter wordt ingevuld en aangescherpt op basis van de (lokale) ontwikkelingen en uitwerkingen in de uitvoeringsfase. In de vervolgfase, het integraal programmeren, worden deze onderdelen geconcretiseerd, integraal afgewogen en vertaald in een adaptief ontwikkelpad. De eerste actualisatie van het IRP is voorzien na een periode van twee jaar. Voor de periode daarna wordt nog onderzocht wat een passende termijn is voor periodieke actualisatie van het document. 1.4.

Participatie heeft enkel gedeeltelijk plaatsgevonden; Participatie met regionale stakeholders heeft plaatsgevonden binnen fase 3 en is deels gekoppeld aan de fase van het programmeren. Regionale stakeholders willen graag meedenken en -werken bij de vervolgstap: de realisatiestrategie en de uitvoering. Daanaast hebben wij partners nodig bij de planuitwerking en realisatie. De participatie met inwoners is gekoppeld aan de participatie op lokale omgevingsvisies en beleidsplannen met eigenaarschap bij gemeenten, waarbij de onderdelen uit het IRP aan de concrete lokale vraagstukken worden verbonden. Elke gemeente doorloopt hiervoor haar eigen proces. Het gesprek met inwoners en partijen rondom de uitvoering is een continu proces, dat ook in de vervolgfase om een passend vervolg vraagt. 1.5. De uitwerking en realisatie van het IRP is op onderdelen onzeker; Gemeenten en regionale stakeholders zien financiële risico’s en/ of onrendabele toppen op het vlak van binnenstedelijk bouwen, verdichten van bedrijventerreinen, verbeteren van de bereikbaarheid en investeringen in groen. Het IRP en de uitvoeringsstrategie moet daarom worden gezien als onze gezamenlijke regionale basis voor de toekomst, waarmee we de regie houden over de samenwerking onderling én met het Rijk, de provincie en andere partners.

Het IRP gebruiken wij om hoofdkeuzes scherper te maken en om de benodigde investeringen voor de uitvoering te verkrijgen.

Financiën Aan het IRP is een uitvoeringsstrategie gekoppeld, die nader wordt uitgewerkt in een concreet plan van aanpak voor fase 4; het integraal programma. Hiervoor is aan de 16 gemeenten een financiële bijdrage gevraagd voor de periode tot eind 2022. Voor deze bijdrage wordt de reguliere financiële verdeelsleutel van de U16 gehanteerd. Hierbij is de hoogte van de bijdrage aan het inwonersaantal van de gemeenten verbonden. De U16 heeft van de gemeente Oudewater de volgende financiële bijdragen gevraagd: - 2021: € 1.052,- 2022: € 10.518,De bijdrage voor 2021 wordt meegenomen in het rekeningresultaat. De gevraagde bijdrage voor 2022 leggen wij op een later moment via een separaat raadsvoorstel aan u voor.

Uitvoering Het IRP geeft een ruimtelijk perspectief op de toekomst van de regio Utrecht. Het IRP is echter nog geen concreet plan. De bij de U16 aangesloten gemeenten zijn verantwoordelijk voor de uitwerking en uitvoering van het IRP. In de volgende fase van het REP (fase 4) werken de gemeenten in U16-verband aan een integraal regionaal programma. Het programma zal zich richten op de uitvoering en realisatie van het IRP, waarbij concrete afspraken worden gemaakt over de rolverdeling en financiering van de gewenste ontwikkelingen. Met de besluitvorming over het IRP eindigt fase 3 van het REP. Moties en amendementen op het definitief IRP worden, net als nieuwe ontwikkelingen, in fase 4 'Integrale Programmering' opgepakt en meegenomen bij een nadere uitwerking op programma, gebieds- en projectniveau. Voor het fase 4 van het REP wordt op dit moment gewerkt aan een plan van aanpak, dat op een later moment met de gemeenteraden zal worden gedeeld.

Communicatie

Eind oktober/ begin november wordt een geschikt moment gezocht, op het moment dat alle colleges het IRP hebben vijrgegeven voor besluitvorming aan de raden, om gezamenlijk als 16 colleges de media op te zoeken en een feestelijk persoment te organiseren rondom de oplevering van het IRP aan de raden; De U16 zal per e-mail over het besluit van de Oudewaterse gemeenteraad over het IRP worden geïnformeerd.

Samenhang met eerdere besluitvorming - Raadsbesluit 'Ruimtelijke contour en beoordelingskader Ruimtelijk Economisch Perspectief en Programma' (20R.00639); - Raadsbesluit 'Zienswijze op concept Integraal Ruimtelijk Perspectief (IRP) van de U16' (Z/21/018104).

Bijlagen 1. Raadsbesluit Integraal Ruimtelijk Perspectief (IRP) U16 (D/21/039321); 2. Integraal Ruimtelijk Perspectief (D/21/039301); 3. Overzicht zienswijzen raden op concept IRP – verwerking en verantwoording (D/21/039303); 4. Toetsing IRP Aangepast beoordelingskader REP (D/21/039305); 5. Participatie Integraal Ruimtelijk Perspectief (D/21/039158).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.oudewater.nl/api/v1/meetings/429/documents/13414