Raadsvoorstel 'Beleid klimaatbestendig Oudewater 2050'.pdf
Tekst van het document
Raadsvoorstel Indiener Versteeg, Lotte Vergadering van Kenmerk Z/21/004491 / D/21/004386 Portefeuillehouder Bas Lont Portefeuille Riolering Onderwerp Raadsvoorstel beleid klimaatbestendig Oudewater 2050
Inleiding Wij stellen de gemeenteraad voor om het Beleid klimaatbestendig Oudewater 2050 vast te stellen. Dit beleid is de lokale uitwerking van de ‘Regionale Adaptatie Strategie’ (RAS) van het netwerk Water&Klimaat (voorheen 'Het water innovatie netwerk' (Winnet) en Coalitie Ruimtelijke Adaptatie (CRA)). De belangrijkste uitgangspunten zijn het stellen van concrete doelen op gebied van klimaatbestendigheid en het hanteren van inrichtingseisen en -principes tijdens nieuwbouw en reconstructie projecten.
De raad besluit Om het Beleid klimaatbestendig Oudewater 2050 vast te stellen.
De bevoegdheid van de raad komt voort uit de volgende wet- en/of regelgeving De raad is bevoegd om over dit voorstel een besluit te nemen op grond van artikel 108 j. 147 Gemeentewet.
Beoogd effect Het weer in Nederland (en daarmee ook in Oudewater) is steeds moeilijker te voorspellen. Gaat er teveel regen komen? Valt er te weinig regen? Krijgen we een hittegolf of een storm? Door de klimaatverandering krijgen we vaker van deze weersextremen. Sinds 2014 is ons land zich aan het voorbereiden op deze verandering. Daarbij richten we ons op 4 thema’s: wateroverlast, droogte, hitte(stress) en overstroming. Het Rijk heeft gezegd dat we in 2050 voorbereid moeten zijn op deze weersextremen. Wateroverlast Nederland staat erom bekend dat het vaak regent. Door de klimaatverandering verandert de aard van de buien. We krijgen buien waarbij het heel hard regent in een korte tijd: een piekbui. De rioolcapaciteit is niet toereikend voor dit type buien. Daardoor blijft er water op straat staan, kan het water uit de tunnels niet snel genoeg weg en in het ergste geval: loopt het bij inwoners de voordeur binnen of kunnen de hulpdiensten er niet langs. Droogte
Als er gedacht wordt over het bouwen van huizen of aanleggen van wegen en riolering denken veel mensen waarschijnlijk aan materialen. Er zijn stenen of asfalt nodig, dakpannen en machines om het werk te doen. Maar het bouwen van wijken begint bij de bodem waar op gebouwd wordt. De bodem moet namelijk de weg of een huis kunnen dragen en moet dus sterk en stevig zijn. Een groot gedeelte van de bodem van gemeente Oudewater is stevige grond. Maar bestaat voor grofweg de helft (inclusief buitengebied) uit slappe veen. Deze slappe veen is geen stevige bodem. Veen heeft de eigenschap te zakken (inklinken, oxideren). Dit wordt bodemdaling genoemd. Alles wat direct op of in deze slappe bodems gebouwd wordt, zoals de weg en het riool, zakt. Als er voor langere periode te weinig regen valt (droogte), versnelt de bodemdaling. Na verloop van tijd krijg je kuilen in de weg, op straat en in tuinen staat water of knappen rioolbuizen omdat het hoogteverschil tussen huis en riool te groot wordt. Dat betekent dat inwoners de tuin vaker moeten ophogen en dat we als gemeente vaker terug moeten komen om de weg en het riool op te hogen. Als er door droogte meer bodemdaling is, moeten we vaker het riool repareren. Daarmee heeft de gemeente meer beheer- en onderhoudskosten en inwoners vaker overlast. Dat moeten we zo lang mogelijk voorkomen en uitstellen.
Er zijn allemaal slimme technieken om de weg minder zwaar te maken van piepschuim en lavastenen tot het vervangen van veen door vaste grond met zand. Door goed rekening te houden met de bodem onder onze bestaande infrastructuur, maar ook voor onze nog nieuw te bouwen wijken en bedrijventerreinen voorkomen we veel overlast en extra kosten in de toekomst. Te weinig regen geeft ook problemen aan bomen, planten en ander groen. Als het lang droog is, daalt de grondwaterstand, waardoor water moeilijker bereikbaar is. Hitte Naast te veel of te weinig regen, wordt het ook warmer. De negatieve effecten van een hete periode merken we vooral in gebieden waar veel gebouwd is: woonwijken, bedrijventerreinen en de binnenstad. Deze omgevingen met veel gebouwen, asfalt en stenen, houden de warmte in de stad. Daardoor slapen inwoners ’s nachts minder lekker en kunnen ze zich overdag minder concentreren door de hitte. Er zijn ook dingen die we niet direct kunt zien of voelen. Bijvoorbeeld dat de kans op een dijkdoorbraak toeneemt of dat er minder soorten planten en dieren zijn. We merken nu al dat dit een effect heeft op Oudewater. Bij het ontwerpen van de woonwijken en binnenstad is namelijk geen rekening gehouden met een veranderend klimaat. We zijn niet klimaatbestendig. Voorbeelden kennen we al.
Bewoners aan de Lange Burchwal die water tot over de drempel hadden en de extra zorg die onze (jonge) bomen nodig hadden tijdens de droogte in 2018. Waarom wordt dit voorstel nu voorgelegd? De samenwerking Water & Klimaat heeft gezamenlijk de Regionale Adaptatiestrategie (RAS) opgesteld (zie JOIN document d/21/004397). Deze wordt op 28 januari 2021 feestelijk omarmd door alle partners, inclusief Oudewater. De RAS is de gezamenlijke blik op klimaatadaptatie maar er is lokale uitwerking nodig. De doelen vragen in Oudewater namelijk een andere aanpak dan bijvoorbeeld op de Utrechtse Heuvelrug. Om in 2050 klimaatbestendig te zijn moeten we in projecten nu maatregelen nemen. De straten en wijken die nu worden aangepakt zullen namelijk over 40 jaar pas opnieuw worden ingericht. De RAS biedt hiervoor bouwstenen. Dit Beleid klimaatbestendig Oudewater 2050 legt ze vast voor onze gemeente. Als er met al deze bouwstenen geen (financiële) rekening gehouden wordt, kost het achteraf veel geld om een wijk alsnog klimaatbestendig te maken. Om deze doelstelling op een efficiënte en effectieve manier te behalen, moeten we nu aan de slag! Nu kunnen we klimaatbestendige buurten bouwen, nu kunnen we efficiënt knelpunten oplossen via de geplande reconstructies en als we in 2050 genoeg schaduw willen hebben, moeten we nu op slimme plekken bomen planten.
Daarmee maken we werk met werk en daarmee kosteneffectief. De zogenoemde ‘stresstesten’ hebben inzicht gegeven in de knelpunten die Oudewater ervaart. Waar blijft regenwater mogelijk staan? Welke gebieden zijn kwetsbaar voor hitte of voor overstroming? Maar deze stresstesten bieden geen handvatten over de inrichting bij een project. Om in nieuwbouwprojecten en reconstructies rekening te houden met de weersverandering, is het belangrijk dat iedereen weet wat van hen verwacht wordt. Deze verwachting is uitgesproken in dit Beleid klimaatbestendig Oudewater 2050. Hierin worden ambities en doelen uitgesproken aan de hand van een inschatting in ‘klimaatlabels’. Deze labels geven een indicatie in hoe goed een bepaalde straat/wijk is ingericht met oog op het toekomstige weer. Het loopt (net zoals een energielabel) van A t/m E, waarbij je in de A variant, volledig klaar bent voor de weersextremen! Om onze gestelde doelen te halen, geven we projectontwikkelaars en -leiders inrichtingseisen en inrichtingsprincipes mee. Zo weten zij precies aan welke voorwaarden ze moeten voldoen om voorbereid te zijn op de toekomst.
Hoe is dit voorstel tot stand gekomen? In het voortraject hebben we verschillende risicodialogen gevoerd. Zoals beschreven in de stappen die het Rijk hanteert. Bij deze risicodialoog zijn er intern sessies geweest met onder andere beheerders, planologen, stedenbouwkundige en projectleiders. Daar hebben we bepaald welke gevolgen van klimaatverandering we acceptabel vinden en welke niet. Verder zijn er in het kader van de risicodialoog gesprekken gevoerd met de Woningraat en een aantal hoveniers uit de omgeving. Tijdens deze gesprekken is het thema geïntroduceerd en zijn de samenwerkingsmogelijkheden geïnventariseerd. Om de communicatiedoelstellingen te bepalen is gebruik gemaakt van de ‘Ons Water Leefstijlvinder’. Deze leefstijlvinder is gebaseerd op openbare data, kwalitatief onderzoek door middel van verschillende groepsgesprekken en kwantitatief onderzoek door middel van een vragenlijst. Samenwerking met andere gemeenten Gemeente Oudewater werkt in het samenwerkingsverband Water&Klimaat (voorheen ‘Het water innovatie netwerk’ en Coalitie Ruimtelijke Adaptatie) samen met 13 andere gemeenten in de regio Utrecht, het hoogheemraadschap (HDSR), de provincie Utrecht en de veiligheidsregio Utrecht.
In dit samenwerkingsverband worden op thema klimaatbestendigheid best practices gedeeld, is de Regionale Adaptatie Strategie (RAS) opgesteld, hebben we de inwonerswebsite www.klimaatklaar.nl en hebben we een lobby voor rijksgelden en -subsidies. Wat willen we bereiken? Door het scheppen van duidelijke kaders en voorwaarden is Oudewater in 2050 ingericht zodat we kunnen omgaan met de weersextremen door klimaatverandering. Dat betekent de volgende uitgangspunten: 1. In 2050 is er bij een bui van 70 (bestaand) of 90 (nieuwbouw) mm per uur geen schade aan panden. 2. In 2050 ervaren we geen verkeershinder omdat er minder dan 10 cm water op straat staat na een bui van 70 (bestaand) of 90 (nieuwbouw) mm per uur. 3. In 2029 is de kans op overlijden in Oudewater na overstroming van de Lek 1 : 1 000 000. 4. Vanaf 2021 wegen we af of we overstromingsrobuust moeten bouwen bij nieuwbouw. 5. Vitale en kwetsbare functies kunnen snel herstellen doordat belangrijke installaties niet in de kelder of op begane grond staan. 6. In 2050 voelt in bestaand gebied 40% van de straat overdag 'normaal'. Dit is gelijk aan de gevoelstemperatuur in het buitengebied. In nieuwbouw gebieden voelt het in 40% van het gebied, 'koeler' dan de gevoelstemperatuur in het buitengebied. 7. Door een goede inrichting van onze wijken hebben we in 2050 in bestaand gebied maximaal 21 warme nachten per jaar.
In nieuwbouw gebieden maximaal 14. 8. Vanaf 2021 passen we in openbaar gebied in zettingsgevoelige gebieden zettingsarme* / -vrije** maatregelen toe. 9. In 2050 zijn onze woningen 'een beetje kwetsbaar' voor lage grondwaterstanden. 10. In 2050 hebben we minimaal de kwaliteit 'zichtbaar' in ons watersysteem. 11. In 2050 hebben inwoners en bedrijven veel kennis over het nemen van maatregelen om klimaatbestendig te zijn. 12. In 2050 staan inwoners en bedrijven zeer positief tegenover het zelf nemen van maatregelen om klimaatbestendig te zijn. 13. In 2050 nemen inwoners en bedrijven zelf maatregelen om klimaatbestendig te zijn. * Zettingsarm is een techniek waarbij je zo min mogelijk bodemdaling hebt. ** Zettingsvrij is een techniek waarbij je helemaal geen bodemdaling meer hebt.
Argumenten De essentie van ‘Klimaatbestendig Oudewater 2050’ is: 1. Het volgen van de landelijke doelstelling om uiterlijk in 2050 klimaatbestendig te zijn. In 2050 moet Nederland klaargestoomd zijn voor de klimaatverandering. Zoals ook onder het kopje ‘waarom wordt dit voorstel nu voorgelegd?’ staat dat de uitwerking in Oudewater een andere aanpak vereist dan op de Utrechtse Heuvelrug, maar dat geldt voor vrijwel iedere gemeente in Nederland. De uitwerking van de landelijke doelstellingen, vinden dan ook
op lokaal niveau plaats. Om gemeenten daarin te ondersteunen stelt het Rijk klimaatgelden beschikbaar. Een pot van honderden miljoenen die verdeeld worden onder werkregio’s. Om aanspraak te maken op deze gelden, is het belangrijk om ook de landelijke doelstelling te volgen. Waarin we met dit beleidsstuk de vraag beantwoorden ‘Wat is klimaatbestendig?’. Zie punt 2 voor verdere toelichting over de rijkssubsidies. 2. Het lokaal uitwerken van de Regionale Adaptatie Strategie (JOIN document d/21/004397). Sinds 1 januari 2020 werken 17 partners in de regio Utrecht zuidwest samen in het Netwerk Water & Klimaat. De partners van het netwerk hebben gezamenlijk een Regionale Adaptatie Strategie (voortaan RAS) opgesteld. De RAS bevat een visie en strategie om de regio uiterlijk in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust te maken. De RAS wordt tijdens de klimaattop op 28 januari 2021 door alle partners van het netwerk omarmd. De RAS is het resultaat van regionale samenwerking De RAS (en het proces dat daarvoor is doorlopen), past binnen het gedachtegoed van het Netwerk Water & Klimaat en de Omgevingswet. Bij het thema klimaatadaptie is het van belang dat we als overheden samenwerken, zowel met medeoverheden als maatschappelijke organisaties, bedrijven en inwoners. De RAS is het resultaat van deze samenwerking.
Met 17 partners één RAS maken, betekent echter ook compromissen sluiten en zoeken naar gemene delers. Het is immers geen lokaal beleid. De RAS verbindt klimaatbeleid in de regio De RAS verbindt regionale klimaat- en wateropgaven en maakt dat we één gezamenlijke basis voor beleid hebben. Daarmee scheppen we duidelijkheid richting onze stakeholders, zoals maatschappelijke organisaties, bedrijven, inwoners en andere overheidslagen zoals het Rijk. Ook kunnen we met de RAS makkelijker aansluiten bij regionale trajecten zoals het Ruimtelijk Economisch Programma (REP) en de Regionale Energiestrategie (RES). De RAS is de basis voor de aanvraag van impulsgelden vanuit Rijk Vanaf 1 januari 2021 kunnen gemeenten, provincies en waterschappen gebruik maken van de Impulsregeling klimaatadaptatie van het Rijk (Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie, DPRA), gericht op de uitvoering en versnelling van klimaatadaptatiemaatregelen. De bijdrage kan vanuit een zogenaamde ‘werkregio’ aangevraagd worden (en niet door individuele overheden). Het Netwerk Water & Klimaat vormt zo'n werkregio. Vanuit het Netwerk is reeds gestart met de voorbereidingen voor een aanvraag, met de RAS als basis. De RAS is richtinggevend De basis voor de RAS is de in 2019 ondertekende samenwerkingsovereenkomst van het Netwerk Water & Klimaat.
In deze overeenkomst committeren de 17 partners zich aan samenwerking op de thema’s water en klimaat. Aangezien de RAS vooral richtinggevend van aard is, worden de colleges gevraagd om deze te onderschrijven en zich in te spannen om deze te vertalen naar lokaal beleid. In Oudewater is deze vertaling nu gedaan door beleid ‘Klimaatbestendig Oudewater 2050’. 3. Het stellen van concrete doelen om in 2050 klimaatbestendig zijn. Waarbij de gevolgen van hevige regenbuien, langdurige droogte, hete zomers en overstroming door dijkdoorbraak worden beperkt. Deze zijn vorm gegeven door inschattingen in ‘klimaatlabels’. Door het stellen van doelen beantwoordt gemeente Oudewater de vraag ‘Wanneer zijn wij klimaatbestendig?’. De concrete doelen geven aan waar onze openbare ruimte aan moet voldoen om toekomstige weerveranderingen aan te kunnen. 4. Het geven van overzicht van de omvang van de opgave per wijk of kern. Door het hebben van een overzicht laat het zien waar de prioriteiten liggen. Door in te zetten op deze prioriteiten gaan we zorgvuldig om met gemeente gelden en weten we waar de focus op moet liggen. Tegelijkertijd geeft het ook een beeld van de plekken waar we al goede dingen doen. 5. Het hanteren van inrichtingseisen en – principes (gewenst) voor bestaande bouw en nieuwbouw die zorgen voor het behalen van de concrete doelen bij punt 3.
Door het gebruik van de inrichtingseisen en -principes borg je klimaatbestendigheid in alle projecten. Daarmee zorgen we dat Oudewater in 2050 leefbaar en aantrekkelijk blijft. Inrichtingseisen zijn essentieel om toe te passen om doel (het klimaatlabel) te behalen. Inrichtingsprincipes zijn zeer wenselijk en aanbevolen, maar kan op verschillende manieren en daarom niet in beton gegoten. De meeste inrichtingseisen en -principes zijn bedoeld om anders te denken bij de inrichting van de leefomgeving. Zo is er een principe ‘Groen, tenzij…’ die ervoor zorgt dat er zoveel mogelijk groen in een project komt, tenzij hiervoor een andere
functie nodig is. Of geven we aan dat je bomen het beste aan de zuidkant van een straat neer moet zetten, zodat je schaduw hebt op de stoep en het fietspad. Met de borging van deze uitgangspunten, stellen we kaders en weten projectleiders en ontwikkelaars wat er van hen verwacht wordt ten aanzien van klimaatadaptatief inrichten. 6. Het hanteren van een restzettingseis van 40 cm na 40 jaar voor reconstructieprojecten en 30 cm na 60 jaar voor nieuwbouwlocaties als onderdeel van de inrichtingseisen. Met een restzettingseis leg je vast hoeveel bodemdaling je in een bepaalde periode maximaal accepteert. Waarmee je de levensduur van de weg en het riool verlengt. Omdat je minder vaak als gemeente terug hoeft te komen, beperk je de schade en overlast bij inwoners tot een minimum. Het is de meest kosteneffectieve wijze van werken. Bij het opstarten van een project op slappe bodem, helpt een restzettingseis om projectleiders na te laten denken over de slimste techniek. En doordat het is vastgelegd in beleid, helpt het in de onderhandeling naar inwoners. Door bij de aanleg van nieuwe buurten rekening te houden met bodemdaling, beperk je op lange termijn schade, klachten en overlast. Daarmee hou je de openbare ruimte heel en betaalbaar. 7. Het stellen van communicatiedoelen en -strategie om inwoners en bedrijven te stimuleren zelf maatregelen te nemen op privaat terrein.
Als gemeente kun je alleen maatregelen uitvoeren op eigen terrein. Het aandeel particulier gebied in de gemeente is ± 60%. Het is daarom noodzakelijk om ook maatregelen in deze gebieden te nemen om klimaatbestendig te zijn. Door communicatie bereiken we ook deze gebieden.
Kanttekeningen Een restzettingseis van 40 cm na 40 jaar voor reconstructieprojecten en 30 cm na 60 jaar voor nieuwbouwlocaties als onderdeel van de inrichtingseisen. De maatregelen om aan de restzettingseis te voldoen vergen op korte termijn een investering. Omdat ieder project (en ondergrond van de locatie) net iets anders is, is het geven van een percentage niet mogelijk. Door vooraf onderzoek te doen kies je uiteindelijk altijd de variant die op lange termijn het goedkoopste is voor de hele aanleg, beheer en onderhoudscyclus (er wordt gekeken naar 100 jaar). De bebouwde omgeving van gemeente Oudewater is voor 10% op slappe grond gebouwd. De keren dat er andere technieken moeten worden toegepast zal dus beperkt blijven.
Financiën Klimaatbestendig De maatregelen die nodig zijn om Oudewater klimaatbestendig te maken worden op vier manieren gefinancierd. 1. In veel gevallen is iets klimaatbestendig inrichten geen duurdere inrichting van de openbare ruimte. Door tijdig de spelregels bij projectleiders te communiceren kan het in een project worden meegenomen. Daar zijn de inrichtingseisen en -principes de leidraad voor. Denk bijvoorbeeld aan het verlaagd aanleggen van groen, waar toch al groen zou komen. 2. In gevallen waar geen reconstructie gepland staat, maar waar wel maatregelen genomen moeten worden wordt een apart plan opgesteld. De maatregelen kunnen daarbij uit de huidige rioolheffing worden betaald. 3. Bij nieuwbouwprojecten komen de kosten om de inrichting klimaatbestendig te maken in de Grondexploitatie. Net zoals bij het eerste genoemde punt, is klimaatbestendig inrichten niet per definitie duurder. Het gaat over het bundelen van opgaves. Door bijvoorbeeld slim groen en tijdelijke waterberging te combineren blijven duurdere (technische) oplossingen uit. 4. Door de omarming van de RAS en de samenwerking van het Netwerk Water&Klimaat worden rijkssubsidie binnen gehaald, waardoor de kosten voor de gemeente minder worden. Restzettingseis Door zettingsarm te bouwen bij reconstructies wordt de levensduur van de weg verlengd.
Per project wordt inzichtelijk gemaakt wat de meest kosteneffectieve techniek is om zo overinvestering te voorkomen.
Voor zettingsarm/-vrij te bouwen bij nieuwbouw vallen de kosten voor bouwrijp maken van terreinen hoger uit. Door zettingsarm/vrij te bouwen bespaart de gemeente tot wel 50% op haar toekomstige beheer en onderhoudskosten. Dit voorstel heeft hiermee dus geen direct effect op de begroting.
Uitvoering Om de concrete doelen te behalen werken we met inrichtingseisen en -principes. Zo weet een projectleider en ontwikkelaar welke uitgangspunten worden gehanteerd. Door middel van een communicatie campagne inspireren en delen we kennis en voorbeelden met inwoners en bedrijven.
Communicatie Het inrichten van de openbare ruimte is één onderdeel van het klimaatbestendig maken van de gemeente. Een groot deel van de ruimte is privaat terrein. Dat betekent dat we samen moeten werken met bewoners en bedrijven. Dit doen we door in te zetten op drie pijlers: kennis, gedrag en houding. Door verschillende acties zoals de krachtportretten in de IJsselbode, het beschikbaar maken van de website www.klimaatklaar.nl en het verstrekken van subsidie voor de aanleg van groene daken/afkoppelen, enthousiasmeren we inwoners en laten we zien dat je met kleine stappen al verschil maakt. Vervolgproces De raad wordt op de hoogte gehouden van uitgevoerde acties.
Samenhang met eerdere besluitvorming 1. Het Gemeentelijk Waterbeleidsplan 2020 - 2024 (corsanummer 19.011374)
Bijlagen 1. Beleid klimaatbestendig Oudewater 2050 (geregistreerd als JOIN document d/21/004394) 2. Restzettingseis (geregistreerd als JOIN document d/21/004396) 3. Regionale Adaptatie Strategie Utrecht Zuidwest (geregistreerd als JOIN document d/21/004397)