CConstaterende datOudewater
Koppel je AI →
Document · PDF

B2. Nota van beantwoording zienswijze Omgevingsvisie Oudewater (na college).pdf

Gemeenteraad 9 juni 2022, gemeente OudewaterBij agendapunt: 11: RV Omgevingsvisie Oudewater20.510 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 14.10 Verkeerssituatie Indeling J. Vierberghenweg tussen Oudewater en Waarder veranderen en snelheid omlaag brengen naar 60km/uur. Volg hierbij voorbeeld van N228 naar Gouda. Reactie De gemeente is in gesprek met buurgemeenten en de provincie om te kijken wat de mogelijkheden zijn op de J. Vierbergenweg. Concrete verkeersmaatregelen vallen buiten het globale abstractieniveau van de Omgevingsvisie. De opmerking wordt doorgeleid aan het team verkeer binnen de gemeente. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 14.11 Verkeersveiligheid Maatregelen treffen weg binnen bebouwde kom Papekop vanaf rotonde tot aan einde bebouwde kom bord thv Papekopperdijk 11. De snelheid van het verkeer moet er hier echt uit!! Tijdens Schouw oktober 2021 nogmaals met Wethouder Kok en verkeersdeskundige aangegeven. Wordt al 12 jaar NIET serieus genomen!!! Reactie Concrete verkeersmaatregelen vallen buiten het globale abstractieniveau van de Omgevingsvisie. Verkeerskundig gezien is het hier niet gewenst om maatregelen te treffen. Dit is na een eerdere schouw ook gecommuniceerd met het Dorpsplatform. De opmerking wordt doorgeleid aan het team verkeer binnen de gemeente. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 14.12 Gaswinning Aandacht besteden en actie ondernemen mbt plannen gasveldje Papekop.

Reactie Op pagina 79 van de ontwerp Omgevingsvisie is hierover reeds een passage opgenomen. Verdere uitwerking volgt in het Omgevingsplan. Dit vergt nader onderzoek, waarbij samengewerkt zal worden met gemeente Woerden. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 14.13 Verduurzaming woningen Huishoudens Papekop gasvrij maken, dus weg met Propaangastank! Regelen subsidies. Reactie Woningeigenaren zijn zelf verantwoordelijk voor het isoleren en duurzaam verwarmen van hun woning. Hiervoor zijn diverse rijkssubsidies beschikbaar en er is de mogelijkheid van financiering via het Nationaal Warmtefonds. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 14.14 Financiële onderbouwing Als laatste ontbreekt in de stukken uitleg mbt financiële plaatje. Reactie 22/47

De Omgevingsvisie heeft geen financieel karakter. De visie heeft een agenderend karakter en geeft daarmee een kader voor de concretisering van ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden voor de komende 10 a 20 jaar. Financiële middelen zullen de komende jaren per concreet plan worden gegenereerd, deels via de gemeentelijke begroting en deels via andere betrokken partijen bij de desbetreffende ontwikkeling. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.

15. Stichting Landgoed Linschoten 15.1 Participatieproces Omgevingsvisie Hierbij wil de stichting opmerken dat zij de gang van zaken tijdens het eerdere participatieproces betreurt; de stichting is niet actief benaderd en geïnformeerd over de ontwikkeling van de OntwerpOmgevingsvisie en de mogelijkheid om aan het bijbehorende participatieproces te kunnen deelnemen. Om die reden wil de stichting in deze reactie op de onderstaande thema’s alvast het volgende inbrengen. Reactie Voor iedereen in de gemeente Oudewater bestond de mogelijkheid om deel te nemen aan het participatieproces voor de Omgevingsvisie. De berichtgeving en de uitnodiging om deel te nemen is via de gangbare kanalen voor ruimtelijke plannen, namelijk huis aan huisbladen en via de gemeentelijke website bekend gemaakt. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 15.2 Uitbreiding woningbouw en bedrijventerreinen In de Ontwerp-Omgevingsvisie worden mogelijkheden gegeven voor uitbreiding van woonwijken en bedrijventerreinen. Ondanks dat deze uitbreidingen een klein schaalniveau kennen, gaan deze ontwikkelingen ten koste van het landschap van het Groene Hart, dat telkens weer een stukje kleiner wordt. Dit vindt de stichting een ongewenste ontwikkeling. Reactie Het enerzijds koesteren van het Groene Hart en anderzijds de druk op de woning-/ bedrijvenmarkt vormt altijd een groot spanningsveld.

Met een beperkte uitbreiding wordt enerzijds voorzien in de marktbehoefte, maar daarnaast wordt ook geïnvesteerd in een verbeterde overgang tussen de kernen en het open landschap van het Groene Hart. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 15.3 Kernrandzones Doordat de invulling van deze kernrandzones in de Ontwerp-Omgevingsvisie nog niet is geconcretiseerd, zou de stichting het waarderen om aan de gesprekken over een nadere invulling van deze zones deel te nemen. Daarbij kan het interessant zijn om gezamenlijk te bekijken of het mogelijk is om de recreatieve paden op het Landgoed Linschoten en de paden die worden voorgesteld in de kernrandzones op elkaar aan te laten sluiten. Hier liggen mogelijk kansen. Reactie Dank voor uw suggestie en verzoek. De Omgevingsvisie is een globale visie op hoofdlijnen voor de ruimtelijke ontwikkeling van Oudewater en vormt het kader voor de uitwerking en concretisering van ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden voor de komende 10 a 20 jaar. Uitwerking hiervan naar 23/47

concrete plannen en maatregelen vindt pas plaats in samenwerking en in overleg met de betrokken partijen en de belanghebbenden. Dit geldt ook voor de kernrandzones en wij willen op dat moment graag met u en anderen in gesprek over de kansen en mogelijkheden voor de ontwikkeling van recreatieve paden en routes. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 15.4 Landbouwverkeer buitengebied Wegen en dijken in het buitengebied zijn momenteel veelal te klein voor het steeds groter en zwaarder wordende landbouwverkeer, waardoor met regelmaat gevaarlijke situaties ontstaan. De stichting mist hier echter een visie van de gemeente op dit thema. In het bovengenoemde beleidsplan van de stichting is ook het zware landbouwverkeer in relatie tot de smalle wegen op het landgoed benoemd. De oplossing wordt hier gevonden door een interne ontsluiting te gaan realiseren. Wellicht is het nuttig om deze oplossingsrichting eens met elkaar te bespreken, zodat de gemeente kan onderzoeken of dit een oplossingsrichting voor de gemeente kan zijn. Reactie De Omgevingsvisie is een globale visie op hoofdlijnen voor de ruimtelijke ontwikkeling van Oudewater en vormt het kader voor de uitwerking en concretisering van ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden voor de komende 10 a 20 jaar.

Uitwerking hiervan naar concrete plannen en maatregelen vindt pas plaats in samenwerking en in overleg met de betrokken partijen en de belanghebbenden. Concrete verkeersmaatregelen vallen buiten de scope van de Omgevingsvisie. De opmerking wordt doorgeleid aan het team verkeer binnen de gemeente. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 15.5 Circulaire, natuurinclusieve landbouw Het is denkbaar dat op korte termijn de huidige verdienmodellen moeten gaan wijzigen naar meer duurzame modellen. Ook Stichting Landgoed Linschoten besteedt in haar Beleidsplan hieraan aandacht, onder andere door de omvorming naar circulaire natuurinclusieve landbouw. Omdat dit onderwerp dus ook op de agenda van de stichting staat, willen we meer afstemming met de gemeente Oudewater. Reactie In onze omgevingsvisie benadrukken wij het belang van toekomstbestendige verdienmodellen voor agrariërs. Daarbij is het in eerste instantie aan de agrariërs zelf om, binnen de planologische randvoorwaarden, te bepalen hoe dat verdienmodel eruitziet. Wij staan ervoor open om gezamenlijk te verkennen welke stappen wij op dit gebied kunnen nemen. Bij de omvorming naar circulaire natuurinclusieve landbouw is een grote hoeveelheid partijen betrokken. Wanneer dit onderwerp aan de orde is zullen we met alle partijen, inclusief Landgoed Linschoten, in gesprek gaan.

De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 15.6 Wandelpaden en recreatiegebieden Op de themakaart zijn recreatieve paden ingetekend op het eigendom van Landgoed Linschoten zonder dat de stichting hierover is geïnformeerd. Dit vindt de stichting niet alleen opmerkelijk, maar ook jammer. Het zou productiever zijn om in overleg te bekijken welke mogelijkheden er zijn om het recreatienetwerk verder uit te breiden en op elkaar aan te laten sluiten. Ook hier liggen meekoppelkansen. Reactie 24/47

We hebben zoekgebieden op de kaart aangeven, waar we graag meer wandelverbindingen zouden willen realiseren. Dit zijn dus zeker niet de routes zoals we die voor ogen hebben. Graag gaan we met het Landgoed Linschoten in gesprek om samen te kijken naar de mogelijkheden. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 15.7 Opwek duurzame energie Vanwege de grote landschappelijke impact die grootschalige windenergie heeft, stemt het de stichting positief dat het gevaar dat het landschap hierdoor wordt aangetast voorlopig lijkt te zijn afgewenteld. Echter, dit neemt niet weg dat hierover een consistente lange termijnvisie moet worden opgesteld. Stichting Landgoed Linschoten wil graag samen met de gemeente Oudewater meewerken aan zo’n visie. Reactie In het Afwegingskader energie is opgenomen dat het grensgebied met Lopik een mogelijk zoekgebied voor windturbines is voor de periode na 2030. Daarbij is aangegeven dat hier regionale afstemming voor nodig is. Het opstellen van een lange termijnvisie op windenergie zal dus in regionaal verband opgepakt worden wanneer duidelijk is of en zo ja hoe groot de opgave voor de periode na 2030 wordt. Dat hangt mede af van landelijke beleidskeuzes. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.

15.8 Zichtassen Landgoed Linschoten Eén van de belangrijke kernkwaliteiten van Landgoed Linschoten zijn de vrije zichtassen die voortvloeien uit het landschapsontwerp van het historische parkdoor Zocher. Als deze zichtassen worden aangetast zal dit een ernstige aantasting zijn van de op het landgoed aanwezige landschappelijke, cultuurhistorische waarden. Ondanks dat de Ontwerp-Omgevingsvisie hiervoor nog geen aanleiding geeft en de kans klein lijkt dat een ontwikkeling binnen de gemeente Oudewater invloed heeft op de zichtassen, valt dit niet geheel uit te sluiten. Gezien de grote waarde die aan het vrijhouden van de zichtassen wordt gehecht, verzoekt Stichting Landgoed Linschoten om de zichtassen in de Omgevingsvisie op te nemen. Dit zal ongetwijfeld bij gaan dragen aan het beschermen van de zichtassen. Reactie Dank dat u ons attent maakt op de aanwezige zichtassen. De Omgevingsvisie is een globale visie op hoofdlijnen voor de ruimtelijke ontwikkeling van Oudewater en vormt het kader voor de uitwerking en concretisering van ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden voor de komende 10 a 20 jaar. Uitwerking hiervan naar concrete plannen en maatregelen vindt pas plaats in samenwerking en in overleg met de betrokken partijen en de belanghebbenden.

Bij concrete uitwerking zullen we rekening houden met de cultuurhistorische waarde van deze zichtassen en een integrale belangenafweging maken, waarbij u ook in de gelegenheid zult zijn om mee te denken. Deze zienswijze leidt tot aanpassing van de Omgevingsvisie. De desbetreffende kaart met zichtassen is toegevoegd onder bijlage 2 kaartmateriaal.

16. Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden (HDSR) 16.1 Bodem- en waterstructuur

25/47

Wij ondersteunen volledig het principe om ruimtelijke ontwikkelingen te enten op de bestaande bodem- en waterstructuur (blz. 31). Dit is onze expertise en als wij hierin kunnen adviseren zijn we bereid dit te doen. Reactie Bij de uitwerking van opgaven en gebieden zal er worden samengewerkt met betrokken partijen om plannen concreet en uitvoerbaar te maken. Wij maken graag gebruik van het aanbod van de HDSR om hierin vanuit ieders rol en betrokkenheid samen aan te werken. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 16.2 Recreatie Het is ons niet geheel duidelijk wat wordt bedoeld met een betere verbinding tussen de Hollandse IJssel en de Lange Linschoten (blz 34.) hierover zouden we graag nog wat meer informatie ontvangen. Reactie Tussen de IJssel en de Lange Linschoten zoeken we naar mogelijkheden om wandelverbindingen te creëren. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 16.3 Woningbouw en uitbreidingslocaties bedrijventerreinen Wij denken graag mee met de uitbreidingen rondom bedrijfsterreinen (blz. 40) en woningen (blz. 52) vanuit onze expertise zoals genoemd onder (1). Reactie Wanneer er concrete plannen worden gemaakt voor de uitwerking van de woningbouw of bedrijventerreinen zal er ook ruimte worden geboden voor participatie.

Dat is het moment dat betrokkenen bij de planvorming betrokken worden en wij hopen dat wij dan op u kunnen rekenen. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 16.4 Vervolgproces uitwerking Omgevingsvisie We willen erop wijzen dat op verschillende momenten (o.a. blz 60) gesproken wordt over bijdrages aan een opgave. Als waterschap zijn er verschillende opties, zoals de Impulsregeling, om een bijdrage te krijgen voor zaken rondom klimaatadaptatie. Reactie Bij de uitwerking van opgaven en gebieden zal er worden samengewerkt met betrokken partijen om plannen concreet en uitvoerbaar te maken. Wij maken graag gebruik van het aanbod van de HDSR om hierin vanuit ieders rol en betrokkenheid samen aan te werken en daarbij gebruik te maken van de verschillende opties die het waterschap te bieden heeft. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 16.5 Vervolgproces uitwerking Omgevingsvisie Als laatst nog een advies: hoewel de visie bijzonder compleet en volledig is kan het goed zijn om al in een visie bepaalde keuzes te maken. Wij denken graag mee over een verdere uitwerking van de visie en kunnen adviseren rondom de te maken keuzes. Reactie 26/47

Bij de uitwerking van opgaven en gebieden zal er worden samengewerkt met betrokken partijen om plannen concreet en uitvoerbaar te maken. Wij maken graag gebruik van het aanbod van de HDSR om hierin vanuit ieders rol en betrokkenheid samen aan te werken. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.

17. Inwoners uit Oudewater (5 ondertekeningen) 17.1 Spelfout Pagina12; Het “trouw” museum wordt genoemd. Kunt u aangeven waar dit is? Of wordt hier het “Touw” museum bedoeld? Reactie De spelfout Trouwmuseum wordt aangepast en gewijzigd in Touwmuseum. De zienswijze leidt tot aanpassing van de Omgevingsvisie. Op pagina 12 wordt het woord Trouwmuseum vervangen door het woord Touwmuseum. 17.2 Bedrijfslocaties in de linten Pagina 15: Op de plattegrond op blz.15 wordt aan de Goudsestraatweg een “indicatief ruimtegebruik van industrie” weergegeven. Is uw visie dat er hier op de Goudsestraatweg (meer) industrie zal mogen ontwikkelen? Dan zijn wij daar geen voorstander van en vragen u dit in het definitieve plan mee te nemen. Reactie De icoontjes langs de linten op pagina 15 van de Omgevingsvisie geven op een abstracte wijze het huidige ruimtegebruik weer. Aangezien de linten verschillende functies huisvesten is met de icoontjes indicatief weergegeven, welke functies zich langs de linten bevinden. Het is dus niet per definitie zo dat er aan de Goudsestraatweg meer industrie mag worden ontwikkeld. Wel willen wij gemeente breed nagaan of de kwaliteit van de linten kan worden versterkt door hier en daar beperkte ontwikkelingen mogelijk te maken, waarbij onder andere kan worden gedacht aan woningbouw, kleinschalige bedrijvigheid en recreatie.

Niet passende of grootschalige bedrijvigheid in de linten wordt geweerd. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 17.3 Drijvend bouwen Pagina 40; Wat houdt het onderzoek in naar “drijvend bouwen ”Veënetie”? Wanneer de gemeente een dergelijk optie overweegt, is dat strijdig met de uitgangspunten van uw visie (goed leven en wonen). Wordt een dergelijke optie overwogen, ook buiten de rode contouren, door de gemeente? Zie ook onze opmerkingen onder pagina 51. Reactie Drijvend bouwen houdt in dat het water een belangrijke rol krijgt bij de ontwikkeling van een nieuw gebied. De bebouwing zal bij drijvend bouwen veelal meegaan met het niveau van het water. Er is naar deze oplossing gekeken, omdat er sprake is van een bodem die zich kenmerkt met een hogere waterstand en inklinkende veengronden. Uit oogpunt van duurzaamheid wordt met drijvend bouwen de noodzaak tot ophogen en bemalen beperkt. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 27/47

17.4 Kaartmateriaal Pagina 44: Wat betekenen de paarse lijnen langs de IJssel op de 2e plattegrond? Reactie De paarse lijnen staan voor de recreatieve waarden. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 17.5 Kaartmateriaal Pagina 49; we vragen ons af wat de icoontjes betekenen die langs de Goudsestraatweg ingetekend staan. Graag uitleg. Reactie Zie legenda, wonen in het buitengebied. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 17.6 Woningbouw Pagina 51; De verwachting is dat er tot 2040 ongeveer 600 inwoners bij komen in Oudewater. Daarnaast is er provinciale goedkeuring voor het bouwen van 760 woningen tot 2040. Vraag; is hiermee de noodzaak om te bouwen buiten de “rode” contouren -tot 2040- nog aanwezig? Pagina 15; Kader onderaan; “daarnaast zal de lobby richting provincie blijven doorgaan om de rode contouren te verruimen.“. Wij merken op dat dit haaks lijkt te staan op andere hieronder staande argumenten. Argumenten uit het Participatieverslag (PV) tegen woningbouw en ontwikkeling in ons -lees Goudsestraatweg- buitengebied, welke wij onderschrijven. •

• •

•

•

“Het kleinschalige karakter verdient prioriteit in uitdagingen waar Oudewater voor staat, zie bijvoorbeeld de opgaven ten aanzien van woningbouw en (wind)energie. Hoe zorgen we ervoor dat deze urgente ontwikkelingen geen afbreuk doen aan het kleinschalige karakter van Oudewater? (blz. 10 PV-2ekader) “We zien Oudewater graag als eiland. Het karakter van een eiland met een visueel duidelijke leegte tot de snelweg en andere kernen is een belangrijke, in stand te houden waarde. (blz. 12 PV-1ekader) Oudewater kent een open karakter met veel groen en dat moet zo blijven. De rust die ervaren wordt is van groot belang: het geluid van een snelweg of een spoorlijn is (in veel gebieden) niet dominant. In Oudewater kan men nog gewoon genieten van het prachtige polderlandschap (blz. 12 PV-2ekader) Geschikte locaties voor woningbouw lijken vooral aan de randen van Oudewater te liggen. In het buitengebied kunnen incidenteel woningen toegevoegd worden ,maar de agrarische ondernemers geven aan dat meerdere woningen bij elkaar minder wenselijk zijn. De reden hiervoor is dat dit de mogelijkheid om te ondernemen in het buitengebied belemmert. Nieuwe bewoners hebben steeds minder gevoel bij het agrarische ondernemerschap, waardoor er bijvoorbeeld minder begrip is wanneer er in drukke tijden ook ‘s nachts gewerkt moet worden (blz.

22 PV-kader) Grootschalig bouwen in het buitengebied verdient niet de voorkeur (blz. 25 PV).

Reactie De Omgevingsvisie is een globale visie op hoofdlijnen voor de ruimtelijke ontwikkeling van Oudewater en vormt het kader voor de uitwerking en concretisering van ruimtelijke 28/47

ontwikkelingsmogelijkheden voor de komende 10 a 20 jaar. De noodzaak voor het bouwen buiten de rode contouren is benoemd voor de langere termijn. Enerzijds vanwege de de groei van de bevolking, maar ook wordt er ingespeeld op de trend van huishoudensverdunning en de doorstroming op de woningmarkt (denk hierbij aan mensen die een gezinswoning achterlaten voor een appartement). Uitwerking hiervan naar concrete plannen en maatregelen vindt pas plaats in samenwerking en in overleg met de betrokken partijen en de belanghebbenden. Een zorgvuldige belangenafweging per locatie, ook met betrekking tot het landschap, is hierbij nodig. Bouwen zal gefaseerd plaatsvinden binnen de schaal en maat van Oudewater met circa 30 woningen per jaar. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 17.7 Duurzame energie opwek Uit het document concept afwegingskader, waar in de visie naar verwezen wordt als het over zonnevelden gaat; begrijpen wij de kaart op pagina 22 en 23 goed; dat er in ons woongebied rondom de Goudsestraatweg-tot 2030 geen plannen zijn voor zonnevelden of windmolens (hernieuwbare energie)? Graag uw antwoord. Reactie Dit klopt voor grootschalige zonnevelden en windturbines. De raad heeft besloten kleine zonnevelden (maximaal 1 ha) voor eigen gebruik wel toe te staan in de lintbebouwing. Ook kleine windmolens tot maximaal 20 meter as-hoogte zijn toegestaan.

De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.

18. Inwoner uit Papekop 18.1 Duurzame energie opwek Als eerste willen wij dat er geen onderzoek wordt gedaan naar mogelijkheden voor zonnevelden onder de hoogspanningslijnen en de landschappen ten zuiden en noorden van de hoogspanningslijn. Ook niet tussen Diemerbroek en de Spoorlijn. Het strookt namelijk niet met de opmerkingen dat de zonnevelden niet in het zicht moeten liggen. De hoogspanningslijnen lopen vlak achter de lintbebouwing van de Diemerbroek en aan de andere kant kijken de bewoners en ook al het recreatieverkeer direct op de strook tussen Diemerbroek en de spoorlijn. Ons dringende verzoek is dan ook om dit uit de Omgevingsvisie te halen. Reactie In het Afwegingskader is opgenomen dat de grootschalige zonnevelden onder de hoogspanningslijn (Zone F10 – Hoogspanningslijn) alleen mogelijk zijn als de aangrenzende zone reeds wordt opengesteld. In het Afwegingskader is opgenomen dat als richtlijn een afstand van 200 meter aangehouden wordt tussen zonnevelden en bebouwd gebied, tenzij er sprake is van bestaande visuele onderbrekingen. Het milieueffectrapport bij de provinciale Omgevingsvisie en -verordening geeft aan dat zonnevelden in het open landschap tot op 1 kilometer afstand visuele impact kunnen hebben. Dat betekent dat het volledig uit zicht plaatsen van zonnevelden in gemeente Oudewater veelal niet haalbaar is.

De gemeente hecht aan een zorgvuldige landschappelijke inpassing. Mede daarom laat een consortium onder leiding van de Provinciaal Adviseur Ruimtelijke Kwaliteit laat momenteel ontwerpend onderzoek uitvoeren naar het landschappelijk ontwerp van zonnevelden in onder andere gemeente Oudewater. De gemeente gaat de uitkomsten hiervan gebruiken voor de kwaliteitsbeoordeling van initiatieven. Initiatiefnemers kunnen de uitkomsten gebruiken om hun parkontwerp te verbeteren. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 29/47

18.2 Duurzame energie opwek Wat betreft de RES zijn er tot 2030 geen Mega windmolens gepland in Oudewater. Over de periode daarna is alles nog onzeker. Wij zouden in de Omgevingsvisie willen laten opnemen dat er eerst goed, nieuw en recent onderzoek moet worden gedaan naar de gezondheidseffecten van Mega windmolens. En dat de Europese richtlijnen moeten worden aangehouden. Daarnaast zouden wij willen zien dat er een voorwaarde in komt te staan dat (vaak buitenlandse) investeerders / projectontwikkelaars van zonnevelden niet de capaciteit van het net opsnoepen waardoor bedrijven die zon op dak willen geen mogelijkheden meer hebben omdat het netwerk vol zit (zie actuele tvreportage Pointer). De zonnelader dient gevolgd en gestimuleerd te worden en prioriteit te krijgen. Reactie Het Rijk voert de komende jaren een milieueffectbeoordeling voor windturbines uit. De gemeente volgt deze ontwikkelingen. In het Afwegingskader grootschalige duurzame energie is opgenomen dat er voorafgaand aan het besluit om na 2030 een zoekgebied voor windturbines open te stellen opnieuw advies gevraagd wordt aan GGDrU en ODRU over de normstelling. Op basis van dit advies en de uitkomsten van de milieueffectbeoordeling door het Rijk zal de gemeente de normen zo nodig aanpassen. Op dit moment hanteert de gemeente de richtlijnen van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO-richtlijnen). Zie ook reactie 11.3.

Zonnevelden en zon op dak maken gebruik van andere netvlakken dan zonnevelden. Tot ongeveer 200 panelen kan zon op dak aangesloten worden op het laagspanningsnet (3 x 80 Ampère aansluiting), boven 200 panelen worden deze aangesloten op de middenspanningsringen. De capaciteit van de middenspanningsringen in gemeente Oudewater is beperkt. De gemeente is in overleg met Stedin over verzwaring. Middenspanningsringen volgen over het algemeen de weginfrastructuur. Het verzwaren van de middenspanningsringen duurt 2 tot 3 jaar in buitengebieden en vergt het openbreken van stoepen en straten, met bijbehorende coördinatie met andere beheerders van kabels en leidingen, gemeente, afstemming met inwoners en instellen van omleidingsroutes. Het uitbreiden van de middenspanningsringen vergt ook investeringen van de netwerkbeheerder, die tot een stijging van de netwerkkosten voor inwoners kunnen leiden. Stedin geeft aan dat de kosten voor verzwaring van een middenspanningsringen gemiddeld Euro 300.000 per kilometer bedragen. De doorlooptijd kan langer worden en de kosten kunnen stijgen als er sprake is van een Natura2000 gebied of andere stikstofbeperkingen. Het uitbreiden van de capaciteit van de middenspanningringen neemt echter slechts een van de knelpunten voor zon op dak weg.

Andere mogelijk knelpunten zijn onder andere kosten van de aansluiting, dakconstructie, aanwezigheid van asbest, investeringsruimte dak eigenaar, en het kunnen afsluiten van een (brand)verzekering. Zonnevelden tot ongeveer 10 ha worden aangesloten op een middenspanningsstation, deze concurreren in Oudewater in zeer beperkte mate met zon op dak. Gemeente Oudewater heeft in het Afwegingskader opgenomen dat een initiatiefnemer dient te bestaan uit een grondeigenaar, een projectontwikkelaar en een (coöperatieve) vereniging die zorg kan dragen voor ten minste 50% lokaal eigendom. De projectontwikkelaar kan ook een coöperatieve of regionale ontwikkelaar zijn. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 18.3 Onderhoud nieuw groen en recreatie Als er nieuwe ideeën en plannen voor de fysieke leefomgeving worden bedacht m.b.t. groen en recreatie (zie kernrandzones en versterken hoofdgroen structuren), moet hier eerst naar worden gekeken of dit op lange termijn ook goed kan worden onderhouden met zekerheid van budget. Eerst onderhoud en veiligheid van huidige leefomgeving op een hoger peil brengen voordat nieuwe projecten worden ontwikkeld.

30/47

Reactie Bij nieuwe plannen kijken we vooraf ook naar de langere termijn wat betreft onderhoud en veiligheid. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 18.4 Denkrichtingen bedrijventerrein Met betrekking tot onderzoek naar uitbreiding Industrieterrein willen wij u verzoeken om geen onderzoek te doen naar de mogelijkheden in Papekop (noordkant spoor) en dit uit de Omgevingsvisie te halen. Wij vinden een industrieterrein in zo’n klein dorp niet passend en vrezen voor de verkeersveiligheid en op langere termijn een grotere uitbreiding van zo’n industrieterrein, waardoor de leefbaarheid in Papekop zal verslechteren. Papekop wordt dan een industrieterrein in plaats van een dorp. Daarnaast hoorden wij onlangs van de veiligheidsdeskundige van de gemeente Oudewater (tijdens een gesprek waarbij ook de wethouder aanwezig was) dat de Joh. van Vierbergenweg tussen de Tappersheul en eind Papekopperdijk volgens de verkeersrichtlijnen veel te smal is (6 i.p.v. 7,5 m). Reactie In de ontwerp-Omgevingsvisie van Oudewater zijn drie denkrichtingen voor uitbreiding van het bedrijventerreinareaal benoemd. Aan alle drie de denkrichtingen voor uitbreiding van bedrijventerrein zitten voor- en nadelen. Nader onderzoek naar de locaties is nodig om deze vooren nadelen op een goede wijze in beeld te brengen.

Los van technische aspecten, zoals bereikbaarheid en landschappelijke inpassing, zal tijdens het onderzoek naar deze locaties ook het draagvlak in de samenleving worden getoetst. De zienswijze leidt tot aanpassing van de Omgevingsvisie. Alle passages waarin ‘onderzoekslocatie bedrijventerrein’ in de ontwerp-visie wordt genoemd worden aangepast tot ‘denkrichting bedrijventerrein’. Dit omdat het woord denkrichting meer recht doet aan de status van hetgeen er bedoeld wordt, namelijk een eerste denkrichting die via nader onderzoek en via participatie nader onderzocht wordt vanaf de periode 2025 en verder. Pas daarna ontstaan er mogelijk onderzoekslocaties die nader worden onderzocht en uitgewerkt. 18.5 Kaartmateriaal Daarnaast nog de volgende opmerking: Kaarten en legenda’s zijn vaak onduidelijk en (details) slecht leesbaar en niet te begrijpen wat er nu mee bedoeld wordt. Verzoek om dit te laten aanpassen. Reactie Het formaat van de kaarten en de legenda zijn ontworpen om voldoende gangbaar en leesbaar te zijn op een computerscherm. De legenda verandert niet qua detailniveau of qua informatie, bij het nader inzoomen op de kaart via een computerscherm. De Omgevingsvisie is desgewenst op papier in te zien op het gemeentehuis. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.

19. LTO Noord 19.1 Natuur, biodiversiteit en dierenwelzijn In de Omgevingsvisie wordt regelmatig gesproken over het vergroten en verbeteren van biodiversiteit, het oog hebben voor en verbeteren van dierenwelzijn en het natuurinclusief maken 31/47

van de leefomgeving. Wij merken dat dit populaire begrippen zijn. Echter is ons onduidelijk wat de definitie is die de gemeente aan deze begrippen geeft. Kan de gemeente aangeven wat de definitie van deze begrippen voor de gemeente zijn? En waar denkt de gemeente aan als zijde biodiversiteit wil vergroten of het dierenwelzijn wil verbeteren? En wat betekent dit voor de agrarische sector en het verdienmodel van agrarische ondernemers? Wij willen u vragen om de consequenties voor de agrarische sector bij elk besluit omtrent biodiversiteit of dierenwelzijn te bespreken met de agrarische sector. Reactie Biodiversiteit is de verscheidenheid aan dieren, planten en habitatten. Dierenwelzijn houdt in of een dier in staat is zich aan zijn levensomstandigheden aan te passen en daarmee een toestand kan bereiken waarin hij goed kan leven in een gebied (invasieve exoten buiten beschouwing gelaten) en natuur inclusief gaat over het aanbrengen van ruimte en groen in de openbare ruimte, agrarisch land, tuin of erf waardoor meer dieren zoals insecten, vogels en vleermuizen meer kans krijgen om zich te vestigen. Hierdoor ontstaat meer biodiversiteit.

Het vergroten van de biodiversiteit willen we bereiken door bijvoorbeeld meer en gevarieerd groen te realiseren, anders te kijken naar het huidige groenbeheer, bewoners in dorp en stad te stimuleren om meer groen in hun tuin te maken en om te kijken of we met agrariërs de erven en het land kunnen vergroenen. Dit door bijvoorbeeld meer erfbeplanting te planten en te kijken of er op agrarisch land bijvoorbeeld kleine landschapselementen geplant kunnen worden zoals knotbomen, kruidenrijke randen of levende sloten. Het verbeteren van het dierenwelzijn volgt bij het verhogen van de biodiversiteit. Het gaat hier met name over dieren die in het wild leven en niet om vee en huisdieren. Voor de agrarische sector betekent dit dat we gezamenlijk willen kijken wat we als gemeenten en agrariërs kunnen doen om de biodiversiteit te vergroten. Een van de dingen die we al doen is dat de gemeenten samen met de ANV deelnemen aan het Platform Kleine Landschapselementen van de Provincie Utrecht. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 19.2 Milieuregelgeving Op pagina 8 wordt gesproken over het deel uitmaken van de milieuregelgeving in het Omgevingsplan. Is deze milieuregelgeving al bekend? Wat betekent dit voor de agrarische sector? De agrarische sector gaat graag in gesprek met de gemeente als de milieuregelgeving nader wordt ingevuld.

Reactie De Omgevingsvisie is een globale visie op hoofdlijnen voor de ruimtelijke ontwikkeling van Oudewater en vormt het kader voor de uitwerking en concretisering van ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden voor de komende 10 a 20 jaar. Uitwerking hiervan naar concrete plannen en maatregelen vindt pas plaats in samenwerking en in overleg met de betrokken partijen en de belanghebbenden. De huidige regelgeving gaat na inwerkingtreding beleidsneutraal over in het Omgevingsplan. Eventuele aanpassing hiervan kan in de komende jaren plaatsvinden. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 19.3 Recreatie in buitengebied Realisatie van groene uitloopgebieden en parken mag niet ten koste gaan van kostbare landbouwgrond. Verder mag landbouwverkeer geen hinder ondervinden van toenemend recreatief gebruik van het agrarisch gebied. Daarnaast biedt het ook kansen voor agrariërs om een neventak te realiseren. Wij willen u vragen om in gesprek te blijven met de agrarische sector voor wat betreft de (recreatieve) ontwikkelingen in het buitengebied. 32/47

Reactie De Omgevingsvisie is een globale visie op hoofdlijnen voor de ruimtelijke ontwikkeling van Oudewater en vormt het kader voor de uitwerking en concretisering van ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden voor de komende 10 a 20 jaar. Uitwerking hiervan naar concrete plannen en maatregelen vindt pas plaats in samenwerking en in overleg met de betrokken partijen en de belanghebbenden, waaronder de agrariërs. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 19.4 Agrarische transitie Op bladzijde 26 wordt duidelijk dat de gemeente de bodemdaling wil terugdringen, de biodiversiteit wil vergroten en het dierenwelzijn wil verbeteren. De gemeente stelt dat het daarom noodzakelijk is dat de agrarische sector een transitie doormaakt naar een toekomstbestendige, duurzame en circulaire sector en dat hiervoor nieuwe verdienmodellen noodzakelijk zijn. Wij onderschrijven dat de agrarische sector zijn steentje moet bijdragen om bodemdaling terug te dringen. Echter willen wij de gemeente meegeven dat ook in de toekomst het inkomen van de boer voornamelijk komt uit de productie van melk. We willen u vragen dit expliciet te noemen in de Omgevingsvisie. Reactie Eén van onze doelen in de Omgevingsvisie is het ondersteunen van een vitale landbouwsector als primaire beheerder van het buitengebied.

Wij vinden het belangrijk dat agrariërs de kans krijgen om een toekomstbestendig verdienmodel te ontwikkelen. Uiteindelijk is het in eerste instantie aan de agrariërs zelf om, binnen de planologische randvoorwaarden, te bepalen hoe dat verdienmodel eruitziet. Wij sorteren hier in onze visie niet op voor, door agrariërs te verbinden aan melkproductie voor hun inkomen. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 19.5 Waterhuishouding buitengebied Het waterpeil mag niet dusdanig stijgen dat het bijvoorbeeld niet meer mogelijk is om koeien te blijven weiden en de grond te kunnen bewerken. Het verhogen van het waterpeil kan daarnaast zorgen voor het kwijtraken van een waterbuffer. Er zullen overstromingen in stedelijk gebied ontstaan wanneer het water niet meer terecht kan in de waterbuffers die de veenweidegebieden op dit moment bieden. Wij willen de gemeente vragen hier rekening mee te houden. Het verhogen van het waterpeil heeft ook effect op het (rijke) bodemleven: met het onder water zetten van de gronden raak je dit bodemleven kwijt, dat is slecht voor de biodiversiteit. Met betrekking tot natte teelten: natte teelten hebben tot op heden nog niet bewezen dat het een goed alternatief verdienmodel kan bieden. Wij willen de gemeente daarom vragen terughoudend te zijn met betrekking tot natte teelten als alternatief verdienmodel voor de agrariër.

Reactie Het waterschap is verantwoordelijk voor het scheppen van de waterhuishoudkundige randvoorwaarden voor het bewoonbaar en leefbaar houden van het beheergebied door waterafvoer en peilbeheer. De omgang met waterbuffers valt binnen deze verantwoordelijkheid. Daarnaast benadrukken wij in onze Omgevingsvisie het belang van een toekomstbestendig verdienmodel voor agrariërs. Het woord toekomstbestendig houdt in dat er sprake moet zijn van een bewezen goed verdienmodel of een verdienmodel waarin de agrariër, los van opgedane ervaringen, voldoende vertrouwen heeft. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 19.6 Maaibeleid 33/47

Op bladzijde 27 wordt gemeld dat de gemeente de biodiversiteit wil vergroten door het creëren van robuuste groenstructuren. Wij vragen ons af wat dat betekent. Als het, onder andere, betekent dat bermen slechts eenmaal per jaar gemaaid worden, dan zijn wij hier negatief over. Tijdens de bijeenkomsten over de Omgevingsvisie hebben meerdere bewoners van de gemeente Oudewater aangegeven zich te storen aan het slechte bermbeheer. Dat geldt ook voor de agrariërs die in de gemeente gevestigd zijn. Het eenmaal per jaar maaien van bermen geeft de bermen een rommelige uitstraling. Ook zal dit zorgen voor een grotere onkruiddruk. Hier zal de agrarische sector hinder van ondervinden. Overwaaiend zaad van onkruiden naar nabijgelegen agrarische gronden zal tot gevolg hebben dat er meer gewasbeschermings-middelen nodig zijn om onkruid tegen te gaan. Dit is ongewenst. Wij pleiten derhalve voor minstens 2 keer per jaar maaien en daar waar het nodig is pleksgewijs. Reactie De vraag over het maaien van bermen is een beheervraagstuk en valt buiten de scope van de Omgevingsvisie. Bij klachten m.b.t. het maaibeleid kan contact opgenomen worden met het meldpunt van de gemeente. Robuuste groenstructuren kan op meerdere manieren vorm krijgen. Het kan bijvoorbeeld een kernrandzone zijn, een doorgaande bomenrij, watergang, een bloemrijke berm of een park zoal het Veenweidepark en het Broeckerpark.

De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 19.7 Kernrandzones Op bladzijde 34 spreekt de gemeente over overgangsgebieden tussen woongebieden en het open gebied. Deze gebieden worden ‘kernrandzones’ genoemd. In deze zones moet er ruimte zijn voor een combinatie van landschap, natuur, kleinschalige ontwikkeling van woningbouw en economie, zorg en recreatieve functies. Dit geeft druk op het agrarisch areaal rond de woongebieden is ongewenst. Het is belangrijk dat agrarisch areaal behouden blijft voor de agrarische sector. De transitie van de agrarische sector naar een sector die kringlopen zoveel mogelijk weet te sluiten vraagt om behoud van agrarisch areaal. Reactie Het doel van de kernrandzones is om een goede overgang tussen stad en land te realiseren waarbij belangen van stedelijke gebieden landelijke gebieden zorgvuldig worden afgewogen. Uitwerking hiervan naar concrete plannen en maatregelen vindt pas plaats in samenwerking en in overleg met de betrokken partijen en de belanghebbenden. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 19.8 Samenwerkingspartners Op bladzijde 34 komt tevens naar voren dat de gemeente bodemdaling wil aanpakken, de biodiversiteit verbeteren en circulaire landbouw wil stimuleren in samenwerking met de provincie en het waterschap.

In onze ogen dient de agrarische sector, meestal ook de grondeigenaar, ook genoemd te worden als samenwerkingspartner. Reactie Voor de agrarische sector betekent dit we dat we gezamenlijk willen kijken wat we als gemeenten en agrariërs kunnen doen om de biodiversiteit te vergroten. De zienswijze leidt tot aanpassing van de Omgevingsvisie. Op pagina 34 wordt aan de desbetreffende zin toegevoegd: “De grondeigenaren en de agrarische sector zijn hierbij belangrijke samenwerkingspartners”. 34/47

19.9 Woningbouwlocaties Op bladzijde 36 is een kaart weergegeven waarop de visie op hoofdlijnen is gevisualiseerd. Op de betreffende kaart is een locatie weergegeven waar de gemeente wil onderzoeken of er woningbouw gerealiseerd kan worden. Deze locatie heeft op dit moment een agrarische bestemming en is (deels) in eigendom van een agrarisch ondernemer. Het is belangrijk dat hierover nauw overleg plaatsvindt met de betrokken grondeigenaren. Verder zit er in de nabijheid van de zoeklocatie voor woningbouw een varkenshouderij. Het is voor het woon-/leefklimaat niet wenselijk om woningbouw te realiseren dicht bij een varkenshouderij. Ook geeft het beperkingen voor de ontwikkelingsmogelijkheden van dit agrarische bedrijf. Wij willen u verzoeken hier rekening mee te houden. Reactie De Omgevingsvisie is een globale visie op hoofdlijnen voor de ruimtelijke ontwikkeling van Oudewater en vormt het kader voor de uitwerking en concretisering van ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden voor de komende 10 a 20 jaar. Uitwerking hiervan naar concrete plannen en maatregelen, zoals milieucontouren vindt plaats in een later stadium en in samenwerking en in overleg met de betrokken partijen en de belanghebbenden. Als de uitwerking plaatsvindt, wordt er rekening gehouden met milieucontouren van de omliggende bebouwing. Uw opmerkingen zijn doorgegeven aan de projectgroep Ontwikkeling Kerkwetering.

De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 19.10 Denkrichtingen bedrijventerrein Op bladzijde 40 en 60 wordt duidelijk dat de gemeente het bedrijventerrein Tappersheul wil uitbreiden. De gemeente wil daarbij (onder andere) buiten de kernen opzoek gaan naar nieuwe locaties voor de uitbreiding. Dit geeft mogelijk druk op agrarisch areaal. Wij willen u vragen om met betrekking tot de uitbreiding van het bedrijventerrein Tappersheul het agrarisch areaal zoveel mogelijk te ontzien. Reactie In de ontwerp-Omgevingsvisie van Oudewater zijn drie denkrichtingen voor uitbreiding van het bedrijventerreinareaal benoemd. Aan alle drie de denkrichtingen voor uitbreiding van bedrijventerrein zitten voor- en nadelen. Nader onderzoek naar de locaties is nodig om deze vooren nadelen op een goede wijze in beeld te brengen. Los van technische aspecten, zoals bereikbaarheid en landschappelijke inpassing, zal tijdens het onderzoek naar deze locaties ook het draagvlak in de samenleving worden getoetst. De zienswijze leidt tot aanpassing van de Omgevingsvisie. Alle passages waarin ‘onderzoekslocatie bedrijventerrein’ in de ontwerp-visie wordt genoemd worden aangepast tot ‘denkrichting bedrijventerrein’.

Dit omdat het woord denkrichting meer recht doet aan de status van hetgeen er bedoeld wordt, namelijk een eerste denkrichting die via nader onderzoek en via participatie nader onderzocht wordt vanaf de periode 2025 en verder. Pas daarna ontstaan er mogelijk onderzoekslocaties die nader worden onderzocht en uitgewerkt. 19.11 Klimaat- en voedselbossen in uiterwaarden Op bladzijde 44 komt naar voren dat de gemeente de natuurwaarde in de uiterwaarden wil vergroten. Tevens wil de gemeente het in uiterwaarden mogelijk maken om een klimaat-of voedselbos te realiseren. Op dit moment ligt er grotendeels grasland in de uiterwaarden. Dit grasland heeft een agrarische bestemming. Wij pleiten voor het behoud van grasland met een 35/47

agrarische bestemming in de uiterwaarden. Dit grasland is ook goed voor het klimaat: grasland legt veel CO2vast en dient als waterbuffer. Reactie De Omgevingsvisie is een globale visie op hoofdlijnen voor de ruimtelijke ontwikkeling van Oudewater en vormt het kader voor de uitwerking en concretisering van ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden voor de komende 10 a 20 jaar. Voor voedselbossen is reeds een beleidslijn voedselbossen opgesteld, waarbij voorwaarden worden gesteld voor ligging, grootte, geen verkeersaantrekkende werking en geen toevoeging van bebouwing. Per aanvraag bekijken we aan de hand van het bestemmingsplan of een voedselbos op de desbetreffende locatie passend is. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 19.12 Zwaar verkeer buitengebied Op bladzijde 62 geeft de gemeente aan dat zwaar verkeer over de smalle en kwetsbare landwegen ongewenst is. De gemeente zal derhalve geen nieuwe ontheffingen meer afgeven voor zwaar verkeer. Tevens wil de gemeente onderzoek doen naar alternatieven voor zwaar transport op kwetsbare wegen. Wij willen u vragen om landbouwverkeer te ontzien, evenals toeleveranciers van de agrarische bedrijven en ander agrarisch bestemmingsverkeer. Reactie Ontheffingen vallen buiten de scope en abstractieniveau van de Omgevingsvisie. De agrarische bedrijven zijn gevestigd in het buitengebied en worden hierin inderdaad ontzien.

Uw opmerking wordt doorgeleid naar het team verkeer binnen de gemeente. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 19.13 Agrarische transitie Op bladzijde 74 wordt duidelijk dat de gemeente de transitie naar een circulaire landbouw, zoals die landelijk is ingezet, onderschrijft. Dit betekent dat de gemeente de biodiversiteit in de gemeente wil verhogen. De agrarische sector onderschrijft dat een transitie van de sector nodig is. Het is belangrijk dat bij elk mogelijk besluit hieromtrent wordt onderzocht wat de impact hiervan is op agrarische bedrijven. Bij elk mogelijk besluit moet een duurzaam economisch perspectief duidelijk zijn. De agrarische sector wordt in deze graag geconsulteerd. Reactie De Omgevingsvisie is een globale visie op hoofdlijnen voor de ruimtelijke ontwikkeling van Oudewater en vormt het kader voor de uitwerking en concretisering van ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden voor de komende 10 a 20 jaar. De Omgevingsvisie geeft een globale visie op de ontwikkeling van het landelijke gebied in Oudewater, waaronder agendering van de transitie van de landbouw naar een duurzamer alternatief. Uitwerking hiervan naar concrete plannen en maatregelen vindt pas plaats in samenwerking en in overleg met de betrokken partijen en de belanghebbenden. In onze Omgevingsvisie benadrukken wij het belang van toekomstbestendige verdienmodellen voor agrariërs.

Daarbij is het in eerste instantie aan de agrariërs zelf om, binnen de planologische randvoorwaarden, te bepalen hoe dat verdienmodel eruitziet. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 19.14 Planologische randvoorwaarden Over het algemeen kunnen wij ons vinden in de passage op bladzijde 75 over de toekomst van een (vitale) landbouwsector in de gemeente. Wij zijn blij te lezen dat de gemeente de agrarische sector 36/47

van groot belang vindt voor de gemeente Oudewater, niet alleen in economische zin, maar ook als beheerder van het landschap. De gemeente meldt op dezelfde pagina dat wat betreft toekomstige ontwikkelingen van agrarische bedrijven, ontwikkelingen moeten voldoen aan de geldende planologische randvoorwaarden. Wij zijn benieuwd wat deze voorwaarden inhouden. Bij het formuleren van deze voorwaarden wordt LTO Noord graag betrokken. Wij juichen het stimuleren van de ontwikkeling van (recreatieve) nevenactiviteiten toe. Het moet echter niet tot beperkingen leiden voor omliggende agrariërs. Ook hierover gaan wij graag in gesprek met de gemeente. Reactie De Omgevingsvisie is een globale visie op hoofdlijnen voor de ruimtelijke ontwikkeling van Oudewater en vormt het kader voor de uitwerking en concretisering van ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden voor de komende 10 a 20 jaar. De Omgevingsvisie geeft een globale visie op de ontwikkeling van het landelijke gebied in Oudewater, waaronder agendering van de transitie van de landbouw naar een duurzamer alternatief. Uitwerking hiervan naar concrete plannen en maatregelen vindt pas plaats in samenwerking en in overleg met de betrokken partijen en de belanghebbenden. De geldende voorwaarden zijn opgenomen in de bestemmingsplannen voor het buitengebied.

Wanneer er een nieuw kader wordt vastgesteld (Omgevingsplan) zullen stakeholders worden benaderd om hierover input te leveren. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 19.15 Stikstof Op bladzijde 75 wordt verder gemeld dat de agrarische sector voor grote uitdagingen staat met betrekking tot, onder andere, het terugdringen van de uitstoot van stikstof. Als we deze passage vergelijken met de kaart die is weergegeven op bladzijde 97 dan blijkt dat de uitstoot van stikstof niet problematisch is in de gemeente Oudewater. Het buitengebied kleurt namelijk op de kaart helemaal blauw, wat derhalve een indicatie is dat stikstof geen probleem vormt. Wij willen u vragen om dit expliciet duidelijk te maken op bladzijde 75. Reactie De weergave van stikstof op de kaart op blz. 97 betreft de plaatselijke gehalten en gaat om luchtkwaliteit in relatie tot gezondheid. Het terugdringen van de uitstoot van stikstof, zoals genoemd in de visie, gaat om de belasting van natuurgebieden door stikstof. Dit komt voort uit nationaal beleid. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 19.16 Nieuwe intensieve veehouderij Ook wordt op bladzijde 75 gemeld dat er in het buitengebied van de gemeente geen ruimte is voor nieuwe niet-grondgebonden intensieve veehouderij.

Wat is hiervoor de reden? Diversiteit van sectoren is juist belangrijk om een kringlooplandbouw te realiseren. Wij willen u vragen om wel ruimte te geven aan de vestiging van nieuwe niet-grondgebonden intensieve veehouderij. Reactie De provincie Utrecht sluit nieuwe niet-grondgebonden intensieve veehouderij uit in de interim Omgevingsverordening. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 19.17 Duurzame energie opwek Op bladzijde 79 gaat de gemeente in op de energietransitie. Duidelijk wordt dat er in het buitengebied vooralsnog geen ruimte wordt gereserveerd voor grootschalige windmolens. Wel wil 37/47

de gemeente onderzoek doen naar locaties voor zonnevelden. LTO Noord pleit juist voor de opwek van duurzame energie middels (grootschalige) windmolens. LTO Noord is tegen zonnevelden op agrarische gronden. Agrarische gronden dienen te worden behouden voor de sector. Wel is het positief om te lezen dat er onderzocht wordt of er in de bermen van het spoor mogelijk zonneenergie mogelijk is. Reactie Het college neemt kennis van het standpunt van LTO Noord met betrekking tot zonnevelden en windturbines. De raad heeft dit standpunt meegenomen in de besluitvorming over het Afwegingskader en besloten om voor de opgave voor 2030 in te zetten op zon op dak en kleine windmolens, aangevuld met 1 of meerdere zonnevelden. Het college ziet in de reactie van LTO Noord geen aanleiding het standpunt ten aanzien van wind- en zonne-energie te herzien. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 19.18 Duurzame energie opwek Op pagina 80 wordt expliciet genoemd dat polder Hekendorp niet zal worden benut voor zonnevelden. Op de bijbehorende kaart in de bijlage wordt echter duidelijk dat dit wel mogelijk is. Graag zien we dat dit wordt aangepast waarbij op de kaart ook duidelijk wordt dat polder Hekendorp niet zal worden gebruikt voor zonnevelden. Reactie De Omgevingsvisie is op dit punt niet in overeenstemming met het Afwegingskader grootschalige duurzame energie.

De Omgevingsvisie wordt aangepast zodat deze wel in lijn komt met het Afwegingskader, polder Hekendorp is daarbij onderdeel van de zoekgebieden die onderzocht worden t.b.v. de opgave voor 2030. Wel heeft de raad een motie aangenomen waarin ze het college verzoekt om zich in te spannen om polder Hekendorp te ontzien. Deze motie wordt betrokken bij de uitwerking van het Afwegingskader. De zienswijze leidt tot aanpassing van de Omgevingsvisie. Pagina 80 in overeenstemming brengen met bijlage uit Afwegingskader grootschalige duurzame energie. 19.19 Klimaatadaptatie Op bladzijde 83 wordt de impact van klimaatverandering besproken. In de tekst wordt genoemd dat het riool niet berekend is op toename van het aantal piekbuien. Met betrekking tot de capaciteit van het riool willen wij de gemeente het volgende meegeven: lozingen middels riooloverstorten dienen sterk verminderd te worden. Het lozen van overtollig rioolwater zorgt voor vervuiling van het oppervlaktewater. Vervuiling van het oppervlaktewater zorgt voor problemen bij het vee en voor het waterleven in de sloot. Wij pleiten voor het plaatsen van een extra leiding naar de waterzuivering, vergroting van de opvangbassins en het ontkoppelen van hemelwaterafvoeren naar het riool. Verder is het belangrijk dat groen in de stad en groene daken worden gestimuleerd.

Verder wordt op deze bladzijde genoemd dat niet (meer) kwalitatief hoogwaardige landbouwgrond, dat uit het zicht ligt, kan worden gebruikt voor kleinschalige zonneopwek. Vaak is niet (meer) kwalitatief hoogwaardige landbouwgrond wel nodig voor voederwinning. Wij pleiten daarom voor het behoud van deze gronden voor de agrarische sector. Reactie Acties die wij uitvoeren onder de vlag 'Klimaatbestendig Oudewater 2050' is het aanleggen van een gescheiden riool en het creëren van extra mogelijkheden om regenwater op te vangen. Ook stimuleren wij het vergroenen van wijken en, o.a. via subsidies, groene daken. Het idee van 38/47

kleinschalige zonneopwek op uit het zicht liggende kwalitatief laagwaardige landbouwgronden wordt enkel als voorbeeld aangehaald. Indien deze gronden noodzakelijk zijn voor voederwinning, dan is dat een argument om mee te wegen bij de oordeelsvorming over een dergelijke ontwikkelrichting. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.

20. Inwoner uit Papekop 20.1 Duurzame energie opwek 1) De klimaatverandering gaat ons aan het hart. Daarom hebben wij zelf diverse zaken aangepakt waaronder zonnepanelen op ons dak 2) Er moet wat gebeuren, maar het is belangrijk dat de energiewinst niet gaat naar buitenlandse investeerders, maar ten goede komt aan de bewoners zelf 3) Kleine windmolens in de achtertuin en zonnepanelen op eigen daken zijn te prefereren boven grote turbines en zonneweides op de weilanden 4) Want het landschappelijk schoon wordt reuze verstoord. Dat schreef ik al vorig jaar al aan de wethouder Bas Lont. Er wordt hier veel gewandeld en gefietst. De Limes route, die niet toevallig langs de Diemerbroek loopt, staat inmiddels als werelderfgoed op de kaart, waarom zou je dit natuurschoon bederven? 5) En ook niet onbelangrijk, al die fietsers en wandelaars brengen geld in het laatje. Ze eten in Oudewater, in de Dijketelg, slapen in de B en B’s aan de Diemerbroek 6) Onze sterkste bedenkingen betreffen de aanleg van zonneweides onder de hoogspanningskabels achter de Diemerbroek, of ten noorden of zuiden van die hoogspanningskabels, dan wel tusen spoorlijn en Diemerbroek dan wel ten noorden van de spoorlijn. Dat druist namelijk in tegen de belofte tijdens de inspraakavonden dat als er toch zonneweides moeten worden aangelegd deze niet in het zicht moeten liggen.

7) Kortom, even pas op de plaats en niet te snel keuzes maken die onomkeerbaar zijn. Dan zijn we verder van huis. Reactie In het Afwegingskader is opgenomen dat de grootschalige zonnevelden onder de hoogspanningslijn (Zone F10 – Hoogspanningslijn) alleen mogelijk zijn als de aangrenzende zone reeds wordt opengesteld. In het Afwegingskader is opgenomen dat als richtlijn een afstand van 200 meter aangehouden wordt tussen zonnevelden en bebouwd gebied, tenzij er sprake is van bestaande visuele onderbrekingen. Het milieueffectrapport bij de provinciale Omgevingsvisie en -verordening geeft aan dat zonnevelden in het open landschap tot op 1 kilometer afstand visuele impact kunnen hebben. Dat betekent dat het volledig uit zicht plaatsen van zonnevelden in gemeente Oudewater veelal niet haalbaar is. De gemeente hecht aan een zorgvuldige landschappelijke inpassing. Mede daarom laat een consortium onder leiding van de Provinciaal Adviseur Ruimtelijke Kwaliteit laat momenteel ontwerpend onderzoek uitvoeren naar het landschappelijk ontwerp van zonnevelden in onder andere gemeente Oudewater. De gemeente gaat de uitkomsten hiervan gebruiken voor de kwaliteitsbeoordeling van initiatieven. Initiatiefnemers kunnen de uitkomsten gebruiken om hun parkontwerp te verbeteren. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.

39/47

21. Inwoner uit Hekendorp 21.1 Woningbouwlocaties Hekendorp De Omgevingsvisie lijkt uit te gaan van een eigen woningbehoefte van Hekendorp zonder dat deze woningbehoefte wordt onderbouwd of gespecificeerd. De destijds door het dorpsplatform Hekendorp naar voren gebrachte behoefte aan kleinschalige uitbreiding van het dorp hing sterk samen met de wens de basisschool voor Hekendorp te behouden. Dit kan - hoe jammer wellicht ookinmiddels als niet meer realistisch worden beschouwd. Het idee van uitbreiding kan inmiddels niet meer vanuit de eigen woningbehoefte worden onderbouwd en is zeker niet vanzelfsprekend. Minimaal zou m.i. in de Omgevingsvisie opgenomen moeten worden dat uitbreiding slechts aan de orde is als dat uit onderzoek naar de eigen woningbehoefte van Hekendorp zou blijken. Reactie De onderbouwing van de woningbehoefte is opgenomen in de Dorpsvisie Hekendorp, welke weer is geintegreerd in de Woonvisie Oudewater. De Omgevingsvisie sluit aan op de Woonvisie. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 21.2 Woningbouwlocaties Hekendorp Wat betreft de uitbreiding van Hekendorp lijkt de Omgevingsvisie uit te gaan van een voorkeur voor een uitbreiding in westelijke richting. Deze keuze wordt niet onderbouwd en is ongewenst, vanwege de landschappelijke waarde van de locatie en het beeldbepalende zicht op en vanuit Hekendorp.

Uitbreiding in noordelijke richting ligt veel meer voor de hand. Dit zou meer aansluiten bij de huidige bebouwing. Deze locatie zou volgens mij en vele anderen als uitbreidingsmogelijkheid onderzocht moeten worden als een dergelijke uitbreiding al gewenst zou zijn. Bovendien roept de conceptOmgevingsvisie de vraag waarom de locatie aan de noordzijde van Goejanverwelle tussen Goejanverwelle 35 en de onlangs gerealiseerde nieuwbouw aan de Hekendorpse buurt nr. 1 niet in beschouwing wordt genomen als eventuele uitbreidingsmogelijkheid. Reactie De gebiedsbeschrijving voor Hekendorp geeft aan dat ontwikkeling in westelijke richting wordt gezocht. Dit om te bereiken dat de dorpskern enige compactheid krijgt in plaats van een almaar verder noordwaarts groeiend lint. Overigens sluit de Omgevingsvisie woningbouw in noordelijke richting niet uit. Bij verdere planontwikkeling zullen locatiekeuzes nader onderzocht en onderbouwd worden in overleg met belanghebbenden en betrokkenen. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 22.3 Woningbouwlocaties Hekendorp Meer in het algemeen vind ik het niet passend om op dit moment in de Omgevingsvisie vooruit te lopen op uitbreidingslocaties. In de participatiefase van de Omgevingsvisie is nadrukkelijk gevraagd of de Omgevingsvisie in zou gaan op (o.a.) uitbreiding van kleine kernen maar daar is het gesprek niet over gevoerd.

Eventuele uitspraken over uitbreiding behoeven derhalve eerst nader onderzoek naar behoefte en mogelijke locaties. Ook is een nader gesprek met de inwoners van Hekendorp zelf noodzakelijk. Reactie De Omgevingsvisie is een globale visie op hoofdlijnen voor de ruimtelijke ontwikkeling van Oudewater en vormt het kader voor de uitwerking en concretisering van ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden voor de komende 10 a 20 jaar. Uitwerking hiervan naar concrete plannen en maatregelen vindt pas plaats in samenwerking en in overleg met de betrokken partijen 40/47

en de belanghebbenden. Dit betekent dat de verschillende locaties nog uitgewerkt moeten worden waarbij inwoners door middel van participatie zullen worden betrokken. De behoefte is reeds onderbouwd in de Dorpsvisie Hekendorp en de Woonvisie Oudewater. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.

22. Inwoner uit Papekop 22.1 Denkrichtingen bedrijventerrein Begrijp ons niet verkeerd, natuurlijk is het voor een goed vestigingsklimaat én de toekomstbestendigheid van onze gemeente ook belangrijk, dat het voorzieningenniveau op peil blijft. Maar qua belasting van de natuur, de wegen, budget van de gemeente én onze leefomgeving in het algemeen is een uitbreiding op een andere locatie binnen de gemeentegrenzen niet zijnde Tappersheul ons inziens niet wenselijk. Niet wenselijk voor alle bewoners van gemeente Oudewater en in belangrijke mate ook niet wenselijk voor ons privé, gezien ons huisadres Papekopperdijk 8 is. Wij vragen u onze zienswijze mee te nemen in de besprekingen van de Omgevingsvisie en op later moment ook in de zoektocht naar uitbreiding van het bedrijventerrein. Reactie In de ontwerp-Omgevingsvisie van Oudewater zijn drie denkrichtingen voor uitbreiding van het bedrijventerreinareaal benoemd. Aan alle drie de denkrichtingen voor uitbreiding van bedrijventerrein zitten voor- en nadelen. Nader onderzoek naar de locaties is nodig om deze vooren nadelen op een goede wijze in beeld te brengen. Los van technische aspecten, zoals bereikbaarheid en landschappelijke inpassing, zal tijdens het onderzoek naar deze locaties ook het draagvlak in de samenleving worden getoetst. De zienswijze leidt tot aanpassing van de Omgevingsvisie.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.oudewater.nl/api/v1/meetings/462/documents/14446