CConstaterende datOudewater
Koppel je AI →
Document · PDF

B14. Rechtbank Middden-Nederland, afschrift uitspraak verzoek van Stichting 1575 om voorlopige voorziening (geredigeerd).pdf

Gemeenteraad 12 maart 2026, gemeente OudewaterBij agendapunt: 6: Vastellen wijze van afdoening van de Ingekomen stukken1.324 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

EAT de

1 1 FEB. 2026

Rechtspraak Rechtbank

Midden-Nederland

het

college van burgemeester

Postbus

100

3420

Oudewater

DC

en

wethouders

van

de gemeente Oudewater

Bestuursrecht

bezoekadres Vrouwe

Justitiaplein

3511

Utrecht

EX

1

correspondentieadres datum onderdeel

contactpersoon

10

februari 2026

t088

(geanonimiseerd)

rechtspraak.nl/Contact/MNL www.rechtspraak.nl

kenmerk

(geanonimiserd) (geanonimiseerd) mn

uw

kenmerk

Z/25/088000

bijlage(n) onderwerp

16005,

Team 3

ons

doorkiesnummer

Postadres: Postbus 3500 DA Utrecht

zaaknummer

UTR 25 / 7718

WOO Bij beantwoording ons

het verzoek

36 20000

van

Stichting

slechts één zaak behandelen.

1575

de datum

kenmerk vermelden. in uw

en

Wilt u brief

Geachte heer/mevrouw, Over

het verzoek om een voorlopige voorziening met zaaknummer UTR 25 / 7718 WOO deel ik u mee dat de voorzieningenrechter uitspraak heeft gedaan. Ik stuur u een kopie van de uitspraak. Indien in deze uitspraak wordt verwezen naar een uitspraak met een ECLI-nummer, is de tekst van de betreffende

uitspraak onder Tegen

deze

dat

gepubliceerd

nummer

uitspraak

staat

op

geen rechtsmiddel

www.rechtspraak.nl. open.

Als u naar aanleiding van deze brief vragen hebt, kunt u contact opnemen rechtbank op het hierboven vermelde doorkiesnummer. Als

u

de rechtbank belt of schrijft, verzoek

met

de administratie

ik u het zaaknummer te vermelden.

Hoogachtend,

de griffier

BEO92

Uw

persoonsgegevens

registratiesystemen

van

en

de

indien

van toepassing die van Rechtspraak

uw

cliënt worden,

voor zover

nodig,

voor een

goede procesvoering verwerkt

in

de

van

de

uitspraak RECHTBANK

MIDDEN-NEDERLAND

Bestuursrecht

ij

Zn

zaaknummer:

UTR

uitspraak

de

van

voorzieningenrechter van

uit Oudewater, de

Stichting 1575,

(gemachtigde:

25/7718

J.L.M.

10 februari

2026 in de Sadik

tussen

stichting

Sluijs),

en

college van burgemeester en wethouders (gemachtigde: mr. (geanonimiseerd) het

van

de gemeente Oudewater

Inleiding In deze

uitspraak beslist de voorzieningenrechter op het verzoek om

voorziening

de

van

een

voorlopige

stichting.

7 augustus 2025 heeft de stichting bij het college een verzoek op grond van de Wet open overheid (Woo) ingediend. In dit verzoek vraagt de stichting om openbaarmaking van

Op

documenten

informatie

en

met

betrekking tot verschillende onderwerpen,

over

de

periode

jaar 2014 tot en met 2025. Deze onderwerpen zijn als volgt: (1) Advies- en juridische kosten nieuw zwembad, (2) ontslagvergoeding voormalig gemeentesecretaris van

het

(geanonimiseerd) BN 3)

stedenbouwkundige

juridische kosten project Statenland, (4) intentieovereenkomst SBZO, (5) (geheime) ruimtelijke en financiële onderbouwing sportlocatie Tapperheul Ill en (6) kosten verbonden aan juridische en bestuurlijke procedures Tapperheul III. en

met

Het college heeft in beslist op onderdeel

college een college

besluit van 12 december 2025 (het bestreden besluit) ten dele in zijn geheel op onderdeel 6. Van deze onderdelen heeft het aantal documenten (deels) openbaar gemaakt. Onderdeel 1, 3 en 5 heeft het

buiten

zijn

4 en

behandeling gesteld.

Verder staat in het besluit dat het

college

over

onderdeel

2 en aanvullend op onderdeel 4 nog een besluit zal nemen. Eén van de redenen daarvoor is dat de gemeenteraad nog een beslissing moet nemen of de eerder opgelegde geheimhouding van en

de intentieovereenkomst heeft bezwaar

gemaakt.

opgeheven

Ook verzoekt

kan worden. de

De

stichting om

stichting een

is het hiermee niet

voorlopige voorziening

eens

te

treffen. Omdat

het verzoek

zitting. mogelijk.

kennelijk ongegrond is doet de voorzieningenrechter uitspraak zonder lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat voorzieningenrechter legt hierna uit waarom het verzoek kennelijk ongegrond

Artikel 8:83, derde

is.

De

zaaknummer:

UTR

Beoordeling

door de

L alleen

25/7718

ho

voorzieningenrechter

De

voorzieningenrechter treft op grond van artikel 8:81, eerste lid, van de Awb voorlopige voorziening als "onverwijlde spoed” dat vereist. Een voorlopige het karakter van een tussenmaatregel, in voorziening heeft zoals de term al zegt van de bodemzaak dit afwachting (in geval de beslissing op het bezwaar). De beoordeling die de voorzieningenrechter maakt, is dus voorlopig van aard en de rechtbank die in een later stadium in een eventuele bodemprocedure over de zaak beslist, is niet aan het oordeel van de voorzieningenrechter gebonden. een

—

2.

—

De

stichting heeft de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening het college wordt verboden om opnieuw waarbij samengevat weergegeven te of de geheimhouding op leggen geheimhouding te handhaven ten aanzien van de intentieovereenkomst met SBZO. Volgens de stichting beperkt de geheimhouding de mogelijkheid van de stichting om haar publieke taak uit te oefenen en belemmert de geheimhouding transparantie. Daarnaast verzoekt de stichting om een boete of dwangsom op te leggen voor de overschrijding van de beslistermijn op het Woo-verzoek. te treffen

—

—

3.

De voorzieningenrechter begrijpt hieruit dat de stichting met deze procedure wil bereiken dat zij zo spoedig mogelijk inzage krijgt in, onder andere, de intentieovereenkomst met SBZO.

De voorzieningenrechter ziet geen concrete onderbouwing waarom de stichting beslissing op haar bezwaar niet kan afwachten. Dat de stichting vindt dat zij geen controle kan uitvoeren, er onduidelijkheid bestaat over exploitatie/financiële risico’s en dat het college mogelijk over gaat tot andere besluiten met betrekking tot gunning van werkzaamheden of het sluiten van overeenkomsten, is onvoldoende om spoedeisend belang aan te nemen. De vrees dat het college overgaat tot het nemen van besluiten over gunning of over het afsluiten van overeenkomsten zijn geen onomkeerbare gevolgen als gevolg van het besluit dat het college genomen heeft op het Woo-verzoek van de stichting. de

4.

Omdat er geen sprake is van een spoedeisend belang, kan de voorlopige voorziening enkel nog worden getroffen als blijkt dat het bestreden besluit evident onrechtmatig is. Evident onrechtmatig houdt in dat ook zonder diepgaand onderzoek naar de feiten het

recht,

ernstig moet worden getwijfeld

of

rechtmatigheid van het besluit. De voorzieningenrechter ziet op basis van de stukken geen aanleiding om te oordelen aan

de

dat het besluit evident onrechtmatig is. Uit het bestreden besluit volgt namelijk dat het nog een besluit zal nemen over openbaarmaking van de intentieovereenkomst, nadat

bestreden

college de

gemeenteraad een beslissing over de opgelegde geheimhouding heeft genomen. Verder college toegelicht dat er inmiddels aan de gemeenteraad is gevraagd om te besluiten over het opheffen of handhaven van de geheimhouding. Dat dit enige tijd met zich meebrengt is niet ongebruikelijk. heeft het

3

De voorzieningenrechter ziet tot slot geen reden In de eerste plaats heeft de stichting geen beroep besluit. Het verzoek om een voorlopige voorziening

leggen.

de

gevraagde dwangsom op te ingesteld tegen het uitblijven van

om

hangt dus niet samen met zo’n zo’n verband op grond van artikel 8:81 van de Awb noodzakelijk is om het verzoek te kunnen behandelen. Het gaat in deze procedure alleen over het bezwaar tegen het deelbesluit van 12 december 2025. Het verzoek om een dus niet voorziening een

beroep, terwijl

over

de onderdelen

voorlopige

het verzoek waarop nog niet is beslist, zodat de zich daarover niet uitlaat. Voor zover de stichting vindt dat

gaat

van

voorzieningenrechter

er

zaaknummer:

UTR

25/7718

3

dwangsommen

moeten worden opgelegd om spoedig op haar bezwaar te beslissen, de overweegt voorzieningenrechter dat daargelaten dat er geen beroep tegen het uitblijven de termijn om op het bezwaar tegen het besluit van van een besluit op bezwaar voorligt —

—

12 december 2025 Tot slot is de

te beslissen

regeling

ook nog niet is verstreken. in de Awb over dwangsommen bij niet

tijdig beslissing op grond van de Woo niet van toepassing op besluiten op grond van de Woo en op beslissingen op bezwaar tegen deze besluiten. De stichting heeft dus geen recht op uitbetaling van verbeurde bestuurlijke dwangsommen als bedoeld in artikel 4:17 van de artikel 8.2

van

Awb. Conclusie

gevolgen

en

Het verzoek

is daarom

af. Voor

proceskostenveroordeling

een

kennelijk ongegrond.

De voorzieningenrechter bestaat geen aanleiding.

wijst het verzoek dus

Beslissing De

voorzieningenrechter wijst het verzoek

voorlopige voorziening

af.

gedaan door mr. B (geanonimiseerd) voorzieningenrechter, (geanonimiseerd) MN erifier. Uitgesproken in het openbaar op 10 februari 2026.

in

Deze

uitspraak

om

is

aanwezigheid

van

mr.

(geanonimiseerd)

griffier

(geanonimise rd)

voorzieningenrechter

De

griffier is verhinderd de uitspraak te ondertekenen. Een

afschrift

Tegen

deze

van

deze

uitspraak

is verzonden

aan

partijen op:

10 FEB 2026

uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

(geanonimise rd)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.oudewater.nl/api/v1/meetings/704/documents/21163