CConstaterende datOudewater
Koppel je AI →
Document · PDF

B10 - Ingekomen stuk College van B&W Oudewater - Beantwoording technische vragen CDA-fractie inzake raadsvoorstel 'Bijdrage Oudewater aan RES'.pdf

Forum Ruimte 2 maart 2021, gemeente OudewaterBij agendapunt: 4.: Raadsvoorstel 'Bijdrage Oudewater aan regionale energiestrategie U16'1.133 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beantwoording technische vragen D/21/010829 Z/21/006180

Vragen gesteld door:

Leendert Oosterom

Van de Fractie(s) :

CDA

Op datum:

26 februari 2021

Naar aanleiding van:

Raadsvoorstel bijdrage regionale energiestrategie U16

Datum beantwoording:

26 februari 2021

Opsteller:

Krispijn Beek

Beantwoording van de vragen: Vraag 1: Hoe is de 19 GWH uur aan bod tot stand gekomen? Op basis van welk energieverbruik? Antwoord: Dit is gebaseerd op extrapolatie van het elektriciteitsverbruik van 2018 naar 2030. Voor deze extrapolatie is gebruik gemaakt van de verwachte toename in elektriciteitsverbruik uit de Klimaat en Energieverkenning 2020 (KEV 2020) van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL). Vraag 2: In welk raadsbesluit komt de veelgenoemde opmerking: ‘de raad heeft besloten bereid te zijn ook 'iets voor de regio' te willen doen.’? Antwoord: Deze opmerking is gebaseerd op een passage uit het regionaal position paper Lopikerwaard (20.02492), dat samenhangt met de door de raad vastgestelde Omgevingsagenda Lopikerwaard (20R.00298). In het regionaal position paper Lopikerwaard is de volgende passage opgenomen: “Wij leveren een volwaardige bijdrage aan de Regionale Energiestrategie (RES) door in ieder geval op te wekken voor de eigen behoefte van de Lopikerwaard. Pas wanneer alle mogelijkheden binnen de regio zijn benut (besparing, warmte, opwek) zijn wij bereid te kijken naar mogelijkheden voor additionele collectieve opwek in ons gebied” Dit is tijdens de inloop- en informatieavonden, en in het raadsvoorstel “Bijdrage aan de regionale energiestrategie U16” uitgelegd als “we leveren onze eigen bijdrage en doen iets voor de regio”.

Vraag 3: Bij punt 4.5 wordt beweerd dat de windturbines in Houten in Oudewater niet zichtbaar zijn. Op basis van welke analyse wordt dat gesteld? Het vermoeden bestaand namelijk dat deze wel zichtbaar zijn vanuit delen van onze gemeente. Antwoord: Dit is gebaseerd op eigen waarneming. Het is mogelijk dat er locaties binnen de gemeentegrens zijn vanaf waar ze wel waarneembaar zijn. Dit verandert de strekking van de boodschap niet dat windturbines ook op kortere afstand dan de maximaal zichtgrens aan het zicht onttrokken kunnen worden door obstakels, zoals beplanting of bebouwing. Vraag 4: Hoe ingewikkeld is het om de netcapaciteit op het zogenoemde middenspanningsringen uit te breiden? Om zo meer zon op dak mogelijk te maken. Pagina 1 van 3

Antwoord: Het uitbreiden van de capaciteit van de middenspanningsringen neemt slechts een van de knelpunten voor zon op dak weg. Middenspanningsringen volgen over het algemeen de weginfrastructuur. Het verzwaren van de middenspanningsringen duurt 2 tot 3 jaar in buitengebieden en vergt het openbreken van stoepen en straten, met bijbehorende coördinatie met andere beheerders van kabels en leidingen, gemeente, afstemming met inwoners en instellen van omleidingsroutes. Het uitbreiden van de middenspanningsringen vergt ook investeringen van de netwerkbeheerder, die tot een stijging van de netwerkkosten voor inwoners kunnen leiden. Stedin geeft aan dat de kosten voor verzwaring van een middenspanningsring gemiddeld Euro 300.000 per kilometer bedragen. De doorlooptijd kan langer worden en de kosten kunnen stijgen als er sprake is van een Natura2000 gebied of andere stikstofbeperkingen. Binnen de Lopikerwaard wordt samen met de gebiedscommissie Utrecht-West, provincie Utrecht en Stedin onderzocht of er manieren zijn om te komen tot vraagbundeling van dakeigenaren, waardoor netverzwaring voor Stedin beter planbaar wordt en de aansluitkosten voor individuele dakeigenaren lager worden.

Vraag 4: Hoeveel ruimte is er op dit moment op middenspanningsringen beschikbaar in de gemeente Oudewater? Antwoord: Zoals aangegeven in het raadsvoorstel voert Stedin hier momenteel nader onderzoek naar uit. Vraag 5: Als gemeente Oudewater in 2030 al kan voorzien in een duurzame opwek van 38 GWH, wat wordt er van na 2030 nog van ons verwacht in het RES traject? Antwoord: De verwachting is dat landelijk de vraag naar elektriciteit in de periode 2030-2050 met een factor 2 tot 3 toe zal nemen. Wat er van Oudewater wordt verwacht hangt mede af van landelijke keuzes over de elektriciteitsmix. In de Regionale Energie Analyse uit 2018 is berekend dat dat de regio RES-U16 in principe in haar eigen vraag naar elektriciteit en warmte kan voorzien. Of dit daadwerkelijk het doel blijft is een politieke keus. Vraag 6: Hoe groot is de kans dat de gemeente Oudewater voor de opwek van 19 GWH de hulp van buurgemeentes nodig heeft? En, hoe groot is de kans dat buurgemeentes extra opwek in Oudewater nodig hebben voor het halen van hun doelen in 2030? Antwoord: Gelet op de locaties van de netwerkstations en gebaseerd op de huidige inzichten is de kans groter dat Oudewater de hulp van buurgemeentes nodig heeft, dan dat Oudewater buurgemeentes kan helpen voor het halen van hun doelen in 2030. Het is mogelijk dat de nog lopende analyses van Stedin nieuwe inzichten opleveren.

Vraag 7: Welke rol heeft de raad in de onderhandelingen met de buurgemeentes? Bijvoorbeeld als blijkt dat Oudewater meer dan de geboden 19 GWH kan of moet opwekken? Antwoord: Technisch kan er in Oudewater meer opgewekt worden dan 19 GWh. In het Afwegingskader grootschalige energie opwek gaat Oudewater dit beperken door eisen en wensen te stellen aan initiatieven, door te bepalen welke zoekgebieden opengesteld worden voor initiatieven en door aan te geven hoeveel er maximaal opgewekt mag worden door initiatieven in een gebied. Het is mogelijk dat concrete initiatieven samen meer opwekken dan 19 GWh, maar dat daardoor kansen ontstaan voor koppeling met andere beleidsopgaven of voor een betere landschappelijke inpassing van een initiatief. Het college vraagt hierin mandaat van de raad. De andere mogelijkheid is dat Oudewater bij moet springen, omdat een andere gemeenten uit de Lopikerwaard zijn opgave niet weet te realiseren. Het college vraagt met dit raadsvoorstel mandaat om in een dergelijk geval in onderhandelingen met de buurgemeentes maximaal 38 GWh in 2030 op te wekken. Dat betekent ongeveer 25 hectare extra zonneveld. De verwachting is dat ook de buurgemeenten met een bandbreedte voor hun bijdrage aan de Lopikerwaard gaan werken. Bij een hogere bijdrage dan 38 GWh zal het college de raad betrekken. Pagina 2 van 3

Vraag 8: Hoeveel zon op veld verwachten we nodig te hebben voor het behalen van de 19 GWH bij een goede benutting van de daken en een redelijk aantal kleine windmolen? Hierbij niet meegenomen de mogelijke beperking van de middenspanningsringen. Antwoord: De verwachting is dat naast zon op dak en kleine windmolens ongeveer 15 tot 20 hectare zonneveld nodig is om 19 GWh aan duurzame elektriciteit op te wekken. Vraag 9: Zitten er in het huidige beleid voor kleine windmolens beperkingen op een totaal aantal of het gebruikt van een bepaald model? Antwoord: Kleine windmolens zijn momenteel beperkt tot een a twee kleine windmolens per agrariër. Er zijn geen beperkingen ten aanzien van een bepaald model, wel is de maximale tiphoogte beperkt tot 20 meter. De provincie hanteert een grens van 20 meter voor de ashoogte, waarmee de maximale tiphoogte ongeveer 25 meter is. Bijlagen: Technische vragen fractie CDA

Pagina 3 van 3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.oudewater.nl/api/v1/meetings/380/documents/11342