B1. raadsbrief kaderbrief 2026 (D-25-168207).pdf
Tekst van het document
Onderwerp: brief aan raden bij Kaderbrief 2026 Geachte raadsleden, Voor u ligt de Kaderbrief van GGD regio Utrecht voor het jaar 2026. De Kaderbrief vormt het startpunt van het proces van plannen, begroting en verantwoording 2026 (P&C 2026). In deze begeleidingsbrief gaan we in op: •
Het waarom van de Kaderbrief
•
Bestuurlijk traject richting begroting 2026 en verder
•
Het zienswijze proces
De Kaderbrief geeft een beeld van de te verwachte trends en ontwikkelingen die relevant zijn voor publieke gezondheid voor het begrotingsjaar 2026. Enerzijds in de vorm van het technisch begrotingskader en anderzijds door aandacht te geven aan ontwikkelingen waarvan de inschatting is dat deze ook een vertaling nodig hebben in de begroting 2026, óf dat er gedurende 2025 nog een besluit moet worden genomen over hoe GGDrU in 2026 om zal gaan met deze trends en ontwikkelingen. Niet alleen financieel technisch (in de begroting), maar vooral over het uitvoeren van specifieke taken of aanpassen van werkwijzen ten behoeve van publieke gezondheid. Bestuurlijke traject richting begroting 2026 en verder Gemeenten hebben moeilijke beslissingen te maken in het hier en nu, gezien de financiële ontwikkelingen die de gemeentebegroting (gaan) treffen. Daarom is in het najaar van 2023 door het bestuur van GGDrU besloten tijdig in dialoog te gaan over de verwachte financiële ontwikkelingen voor 2026 (‘ravijnjaar 2026’) en verder. Om zoveel mogelijk recht te doen aan de verschillende geluiden van de 26 bestuurders is een zorgvuldig traject doorlopen. Daarin zijn concrete mogelijkheden besproken om een bestuurlijke keuze te kunnen maken over de inhoudelijke en financiële richting voor GGDrU vanaf 2026 en verder.
GGDrU is zich bewust van de financiële positie van gemeenten en het feit dat gemeenten keuzes moeten maken in de uitvoering van taken. Daarom is er ook kritisch naar het eigen takenpakket gekeken. Bij het opstellen van de Kaderbrief 2026 en Begroting 2026 is soberheid en doelmatigheid een belangrijk uitgangspunt zoals u dat van GGDrU gewend bent. Taken GGDrU GGDrU voert wettelijke taken en vrij uitvoerbare taken uit voor gemeenten. De zogeheten A-taken zijn wettelijke taken voor gemeenten waarbij de uitvoering verplicht belegd dient te worden bij de GGD. B- taken zijn wettelijke taken voor gemeenten, waarbij de uitvoering niet verplicht bij een GGD belegd hoeft te worden. C- taken zijn taken waarbij gemeenten zelf hebben aangegeven deze bij GGDrU te beleggen middels maatwerkfinanciering. Hier zit geen wettelijke verplichting aan vast. De meeste manoeuvreerruimte voor individuele gemeenten zit op C-taken omdat die niet wettelijk zijn vastgelegd. Tegelijkertijd is het maatwerk/C-taken ook dusdanig versnipperd over de gemeenten in de regio dat het lastig is hier een collectieve bezuiniging op te vinden die alle gemeenten helpt in hun eigen bezuinigingsopgave.
Daarnaast ziet het bestuur een belangrijke rol weggelegd voor GGDrU als het gaat om de drie maatschappelijke opgaven waar gemeenten voor staan: de mentale gezondheid van jeugd, vergrijzing en een gezonde en veilige leefomgeving.
Algemeen Bestuur als opdrachtgever en eigenaar GGDrU Als uitkomst van de bestuurlijke gesprekken is er door het AB besloten te kiezen voor een inhoudelijke doorontwikkeling met een financiële taakstelling om concrete invulling te kunnen geven aan die toekomstbestendige GGD, binnen de financiële mogelijkheden. Enkele overwegingen ten grondslag aan het genomen AB besluit: -
-
Een collectieve bezuiniging bij GGDrU is het wenselijke scenario (of percentage) voor de ene gemeente en het onwenselijke scenario voor de ander. Dit komt door de ongelijke afname van dienstverlening van GGDrU en doordat de bezuinigingsopgave per gemeente verschilt De impact van de bezuinigingen op de meest kwetsbare groepen in de regio zoveel mogelijk te voorkomen GGDrU vaart al jaren scherp aan de wind. Het bestuur heeft in de periode 20162022 GGDrU verzocht financiële knelpunten binnen eigen begroting op te lossen. Met het project ‘basis op orde’ en het ombuigingenplan heeft GGDrU de afgelopen jaren de geconstateerde financiële knelpunten en noodzakelijke investeringen zoveel als mogelijk binnen de eigen begroting opgevangende huidige context waarin de minister van VWS ervoor kiest om 300 miljoen te bezuinigen op de GGD’en en pandemische paraatheid waardoor al significant op de GGD’en wordt bezuinigd. Waarbij gemeenten niet bijplussen voor rijkstaken op wat het Rijk bezuinigt.
De bestuursopdracht zal in nauwe samenwerking met gemeenten worden vormgegeven en concretere invulling geven aan de verschillende rollen van GGDrU om gemeenten optimaal te ondersteunen in deze drie opgaven. Belangrijke randvoorwaarden daarbij zijn: -
De uitwerking van deze bestuursopdracht leidt niet tot structurele meerkosten in de toekomst Een taakstelling van 300k wordt ingeboekt vanaf 2026 via een bezuiniging op de gemeentelijke bijdrage en is verwerkt in de voorliggende Kaderbrief 2026 De inzet is dat de doorontwikkeling van GGDrU leidt tot effectievere preventieve maatregelen, waardoor het op andere plekken in de keten of levensloop besparingen oplevert binnen het gemeentelijk domein Er worden incidentele middelen beschikbaar gesteld om deze opdracht/transformatie mogelijk te maken binnen de begroting van GGDrU
Ook wordt in de verdere uitwerking het aangenomen amendement van de subregio ZOU meegenomen. Daarin is verzocht om meer scherpte en focus aan te brengen op de rol en dienstverlening van GGDrU passend bij de inhoudelijke en financiële opgaven waar gemeenten voor staan. Daarnaast is gevraagd Rijksbezuinigingen expliciet in beeld te houden. Zoals te doen gebruikelijk draagt GGDrU zorg voor het separaat registreren van kosten en opbrengsten vanuit het Rijk en vanuit gemeenten, conform de verantwoordingssystematiek.
Daarnaast is besloten gemeenten de ruimte te laten te bezuinigen op het individuele maatwerk indien dit nodig wordt geacht op basis van de betreffende financiële situatie. De precieze impact op de dienstverlening van GGDrU en het collectief van gemeenten is afhankelijk van de keuze die individuele gemeenten hierin maken. Gemeenten zijn daarom gevraagd: -
-
Tijdig, en uiterlijk 13 december 2024, de voorgenomen opzeggingen aan GGDrU door te geven Zodat in het AB van januari 2025 een collectief weegmoment kan plaatsvinden. o Waarbij de impact zoveel als mogelijk inzichtelijk wordt gemaakt op basis van de voorgenomen opzeggingen van individuele gemeenten voor het maatwerk vanaf 2026. Waarna gemeenten kunnen besluiten om eventueel individueel maatwerk 2026 aldanniet definitief op te zeggen per 1 april 2025. Gezien het bestuurlijke traject en GGDrU hecht aan een zorgvuldig proces is eenmalig afgeweken van de opzegtermijn van 1 jaar. Dit betekent dat in plaats van vóór 1 januari 2025, vóór 1 april 2025 schriftelijk opgezegde intensiveringen en/of maatwerkafspraken met ingang van het kalenderjaar 2026 opgezegd moeten worden.
Opbouw kaderbrief In de kaderbrief worden specifiek de kaders vermeld die als basis dienen voor het uitwerken van de begroting 2026. Daarnaast komt in hoofdstuk 3 een aantal ontwikkelingen aan bod, die van invloed zijn of kunnen zijn op de (ontwerp)begroting 2026. De begroting van GGDrU is een meerjarenprogrammabegroting met één programma: 'Publieke Gezondheid'. In de begroting wordt het programma Publieke Gezondheid, in aansluiting op de concept Bestuursagenda 2023-2027, verder uitgewerkt in ambities bij de volgende onderwerpen: •
Een gezonde en veilige leefomgeving
•
Kansrijk opgroeien
•
Langer en gezond zelfstandig
•
Een wendbare en vitale organisatie
In de kaderbrief is een financiële doorkijk op basis van de tot nu toe bekende kengetallen opgenomen. De uiteindelijke cijfermatige effecten van kaderstelling, feitelijk de rekenexercitie waarmee onder meer de inwoner- en kindbijdrage wordt bepaald, volgt bij het maken van de (ontwerp)begroting 2026. Zienswijze Graag stellen wij u in de gelegenheid om uw zienswijze over de algemene financiële en beleidsmatige kaders naar voren te brengen. Alle zienswijzen worden betrokken bij het opstellen van de (ontwerp)begroting van 2026. Wij verzoeken u uw zienswijze uiterlijk vrijdag 14 maart 2025 aan GGDrU kenbaar te maken. Het proces daarna ziet er als volgt uit: • • •
26 maart 2025: vaststelling Kaderbrief 2026 inclusief zienswijzen in het algemeen bestuur 2 april 2025: bespreking (ontwerp)Begroting 2026 inclusief de zienswijzen op kaderbrief in het dagelijks bestuur 9 april 2025: verzending (ontwerp)Begroting 2026 voor zienswijze aan gemeenteraden
•
9 juli 2025: vaststelling (ontwerp)begroting 2026 in het algemeen bestuur
De gemeenten hebben op deze manier twee momenten om invloed uit de oefenen op de kaderstelling van de bestuurlijke keuzes voor GGD regio Utrecht. Zo kunnen de 26 gemeenten gezamenlijk hun rol als eigenaar en opdrachtgever van deze GGD waarmaken. Het is daarnaast ook mogelijk om GGDrU aan te laten sluiten bij een raadsvergadering, om raadsleden via een presentatie mee te nemen in wat GGDrU doet voor de gezondheid van inwoners in de gemeente. De betrokken wethouder kan dit met GGDrU afspreken.
Met vriendelijke groet,
Marc Sprenger Directeur Publieke Gezondheid GGD regio Utrecht