B1. Jaarstukken 2025 Oudewater RAAD.pdf
Tekst van het document
Status
6.1.1 De gemeente Oudewater bouwt voldoende nieuwe woningen.
De doelstelling van de oplevering van minimaal 30 woningen is behaald.
6.1.1.1 Er worden in de gemeente Oudewater minimaal 30 woningen per jaar opgeleverd.
In 2025 zijn er 79 woningen opgeleverd, waardoor het aantal van 30 woningen ruimschoots wordt behaald.
6.1.1.2 Voorbereiden van de ontwikkeling van circa 400 woningen in meerjarig perspectief.
Met de voorbereiding van ten minste 2 grote ruimtelijke ontwikkelingen: Statenland (maximaal 120) en Het wassende water (maximaal 500) woningen wordt deze doelstelling behaald. Ook dragen de kleinere projecten: Oranjepark 2 en de ontwikkeling van het Stadskantoor hierin bij.
6.1.2. Het aandeel woningen voor middeninkomens op Statenland is vergroot.
Het ruimtelijk kader voor het project Statenland moet nog worden vastgesteld. In het concept van het ruimtelijk kader wordt er voorzien in het aandeel van woningen voor middeninkomens. Het woningbouwprogramma van Statenland zet in op: 10% middenhuur en 20% op het middeldure koopsegment.
6.1.3 Een kader voor goede huisvesting en maatschappelijke ondersteuning voor arbeidsmigranten.
Het proces voor een nieuw Woonprogramma van Oudewater is gestart. Hierin zullen kaders worden gesteld voor de huisvesting van aandachtsgroepen waaronder arbeidsmigranten.
6.1.3.2 Uitvoeren van het plan van aanpak rondom huisvesting en ondersteuning van arbeidsmigranten. 6.1.4 / 3.10.1 Voldoende woningaanbod voor inwoners met specifieke woonbehoeften.
48
De verwachting is dat dit in 2027 wordt opgepakt.
Kamers met aandacht: Kamers met Aandacht is een woonoplossing voor jongeren van 18 tot 23 jaar. Het gaat om jongeren die een zorgorganisatie verlaten en niet thuis, maar ook nog niet helemaal zelfstandig kunnen wonen. Kamers met Aandacht koppelt jongeren aan mensen die een kamer over hebben.
Bij advisering in projecten aangeven dat woningen levensloopbestendig/zorggeschikt worden gebouwd, Collega wonen en zorg is betrokken bij maken van heldere definities in het regionale woonzorgonderzoek (levensloopbestendig/zorggeschikt) omdat deze nog wel eens verschillen. We zien echter de problematiek rondom dakloosheid toenemen i.v.m. de krapte op de woningmarkt. Vanuit het Actieplan Dakloosheid zijn middelen beschikbaar. Binnen Oudewater bekijken we momenteel hoe we deze kunnen inzetten om bij te dragen aan een opvanglocatie voor inwoners die (tijdelijk) dakloos raken en een lichte hulpvraag hebben. 6.1.4.1 / 3.10.1.1 Stimuleren van zorggeschikt/levensloopbestendig wonen en doorstroming. Hiertoe onderzoeken van mogelijkheden van wooncoaching/advisering en ondersteuning bij woonwensen.
Het volkshuisvestingsprogramma onderzoekt de mogelijkheden voor wooncoaching. Het programma zal naar verwachting begin 2026 worden vastgesteld.
3.12.1.2 / 6.1.4.3 Regionale afspraken maken omtrent passend wonen van kwetsbare doelgroepen in Oudewater. Woonzorginitiatieven toetsen aan de hand van de uitkomsten van het regionale woonzorgonderzoek.
Woonzorg initiatieven worden getoetst naar aanleiding van het regionale woonzorg onderzoek van Companen. In samenwerking met de U10 worden regionale afspraken gemaakt.
6.1.4.2 Op basis van de herijkte woonvisie in 2025 prestatieafspraken maken met de Wulverhorst over de huisvesting van bijzondere doelgroepen.
Het Volkshuisvestingsprogramma zal naar verwachting in 2026 worden vastgesteld. Met de Woningraat zijn in 2025 meerjarige prestatieafspraken gemaakt waarin afspraken gemaakt zijn over het huisvesten van bijzondere doelgroepen.
OPGAVE RUIMTELIJKE ONTWIKKELING Maatschappelijk effect 6.2 Er komt een uitbreiding van woongebieden voor inwoners en werkgebieden voor ondernemers. Resultaat/inspanning
Status
6.2.1 Het omgevingsplan voor Statenland is onherroepelijk.
Het planproces voor de woningbouwontwikkeling Statenland is als gevolg van stagnatie bij planproces vaststelling bestemmingsplan Tappersheul 3 pas in maart 2025 hervat en feitelijk opnieuw herstart. Op basis van de huidige planning van het project wordt een wijziging op het Omgevingsplan in 2027 verwacht.
6.2.1.1 Stedenbouwkundig plan voorleggen aan de gemeenteraad. 6.2.2 Visie t.b.v. de ontwikkeling in Hekendorp voorgelegd aan de gemeenteraad.
49
Planning gewijzigd. Het stedenbouwkundig plan wordt pas in 2026 verwacht. De aanpassing van het omgevingsplan wordt pas in 2027 verwacht. De ambtelijke capaciteit is ingezet voor andere projecten. Wel is vanaf eind 2025 een voorstel opgesteld voor een aanpak van deze verkenning. Hiervoor zijn ook gesprekken geweest met inwoners. Op basis van een RIB heeft de gemeenteraad besloten om geld beschikbaar te stellen voor het burgerinitiatief Red de Boezem.
6.2.2.1 Met de inwoners van Hekendorp in gesprek gaan om de behoefte te inventariseren. Dit in combinatie met de ontwikkeling van een nieuw verenigingsgebouw ("Nieuwe Boezem") . 6.2.3 Omgevingsplan voor Kerkwetering onherroepelijk.
6.2.3.1 Opstellen stedenbouwkundig plan, inrichtingsplan en de definitieve verkaveling.
De ambtelijke capaciteit is ingezet voor andere projecten. Wel is vanaf eind 2025 een voorstel opgesteld voor een aanpak van deze verkenning. Hiervoor zijn ook gesprekken geweest met inwoners. Op basis van een RIB heeft de gemeenteraad besloten om geld beschikbaar te stellen voor het burgerinitiatief Red de Boezem. Het omgevingsplan wordt naar verwachting in 2027-2028 voor vaststelling voorgelegd aan de raad. In 2026-2027 wordt het ruimtelijk kader uitgewerkt in een stedenbouwkundig plan. Na vaststelling kan vervolgens de ruimtelijke procedure worden doorlopen.
In 2026 wordt het ruimtelijk kader uitgewerkt in een globaal plan. Dit kan vervolgens uitgewerkt worden in een stedenbouwkundig plan (2026-2027).
6.2.4 In 2024 besluit de raad over de stedenbouwkundige uitgangspunten Oranjepark II, daarna stelt De Woningraat een beeldkwaliteitsplan op.
Het beeldkwaliteitsplan is door het college op 17 december 2025 vrijgegeven voor participatie. De participatiebijeenkomst heeft plaatsgevonden op 20 januari 2026.
6.2.4.1 De Woningraat gaat een beeldkwaliteitsplan opstellen, de raad stelt deze vast.
Het beeldkwaliteitsplan wordt behandeld in de raadsvergadering van 12 maart 2026.
OPGAVE OMGEVINGSPLAN Maatschappelijk effect 6.3 Er komt meer ruimte voor maatschappelijk initiatief. Burgers en ondernemers kunnen straks meedenken en meebeslissen over de inrichting van de fysieke leefomgeving. De Omgevingswet maakt de vergunningverlening voor de initiatiefnemer ook eenvoudiger, overzichtelijker en sneller. NB dit maatschappelijk effect wordt pas ná deze bestuursperiode bereikt. Resultaat/inspanning 6.3.1 Een gebiedsdekkend omgevingsplan nieuwe stijl. 6.3.1.1 Het omgevingsplan opbouwen, na inwerkingtreding van de omgevingswet per 1 januari 2024.
6.3.2 Raamverordening fysieke leefomgeving vastgesteld.
50
Status Zie 6.3.1.1.
2025 stond in het teken van de voorbereidingen voor de opbouw van het omgevingsplan. De projectgroep is opgestart, een plan van aanpak is gevormd, medewerkers zijn getraind en er is nieuwe software aanbesteed. Verder zijn de zogenoemde bruidsschatregels (rijkregels die gemeenten moeten overnemen in het omgevingsplan), opgenomen in het omgevingsplan en zijn alle bestemmingsplannen geinventariseerd. Daarnaast heeft de gemeenteraad de Verordening Fysieke Leefomgeving vastgesteld (zie 6.3.2.). Tot slot zijn themasessies geweest in college en raad over de aanpak van de opbouw van het omgevingsplan. In 2025 is gestart met het omzetten van de bestemmingsplannen voor de woongebieden naar het omgevingsplan. Ook in 2026 gaan we hiermee verder.
Op 25 september 2025 heeft de gemeenteraad de Verordening Fysieke Leefomgeving vastgesteld.
6.3.2.1 Voorbereidingen treffen voor de verordening Fysieke Leefomgeving.
Zie 6.3.2.
6.3.2.2 De verordening Fysieke Leefomgeving voorleggen aan de gemeenteraad
Zie 6.3.2.
6.3.3 Het kader voor nieuwe ruimtelijke initiatieven/ afwegingskader is vastgesteld door de gemeenteraad.
Het doel is om het afwijkingenbeleid in 2026 vast te stellen.
OPGAVE MAATSCHAPPELIJK VASTGOED Maatschappelijk effect 6.4 Het maatschappelijk vastgoed van de gemeente wordt optimaal gebruikt. Resultaat/inspanning
Status
6.4.1 Een programma op vastgoed, waaronder gebruik, verhuur, financiën en onderhoud van maatschappelijk vastgoed.
Doordat Oudewater en Woerden één lijn willen houden in het ontwikkelde beleidsstuk, is besloten de vaststelling van het accommodatiebeleid uit te stellen. Het beleidsstuk werd niet voldoende rijp bevonden voor vaststelling.
6.4.1.1 Startnotitie - om te komen tot een Integraal programma vastgoed voorleggen aan het college.
Het project om te komen tot een integraal programma vastgoed, in de vorm van een accommodatiebeleid, loopt.
6.4.1.2 Uitwerking van het programma op vastgoed maken, op basis van het integrale programma voor het Stadskantoor. Onderdeel hiervan is de tijdelijke huisvesting voor een deel van de huurders van de bovengenoemde panden.
Het programma is in hoofdlijnen in beeld. Een deel van de functies is in transitie naar een nieuwe locatie, welke middels een verbouwing gereed wordt gemaakt. Voor het resterende deel van het programma worden verschillende oplossingsrichtingen onderzocht.
6.4.1.3 Uitwerking van het programma op vastgoed maken, op basis van het integrale programma voor de Klepper en het Cultuurhuis. Onderdeel hiervan is de tijdelijke huisvesting voor een deel van de huurders van de bovengenoemde panden.
Het programma is uitgewerkt, maar nog niet sluitend belegd. De eerste delen zijn reeds in uitvoer, de tijdelijke huisvestingslocatie wordt geschikt gemaakt middels een verbouwing. De niet belegde delen verkeren in een onderzoeksfase.
3.1.1.4 / 6.4.1.4 Als betrokkenen in het te ontwikkelen concept ‘huiskamer van de stad’ meedenken over behoeften aan ontmoetingsplekken en hoe deze aldaar in te vullen. 6.4.2 Het Stadskantoor is verkocht.
6.4.2.1 Erfpachtovereenkomst sluiten 6.4.2.2 Levering Stadskantoor aan kopende partij
51
Inspanning doorlopend totdat de 'Huiskamer' gerealiseerd is.
Stadskantoor is verkocht aan Habion.
De erfpachtovereenkomst is gesloten. Levering vindt niet plaats in 2025 maar in 2026 na onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning.
6.4.3 De nieuwe "Klepper" wordt kostprijsdekkend geëxploiteerd.
6.4.3.1 Sluiten van een intentieovereenkomst met de geselecteerde ontwikkelaar.
De intentieovereenkomst met Promad Ontwikkeling B.V. is getekend op 16 oktober 2024. De intentieovereenkomst met Promad Ontwikkeling B.V. is getekend op 16 oktober 2024. T.b.v. de herontwikkeling van De Klepper is eind 2025 de intentieovereenkomst met Promad Ontwikkeling BV verlengd tot uiterlijk 1 maart 2026.
6.4.3.2 Verkoop- en huurovereenkomsten afsluiten.
De verkoop- en huurovereenkomsten zijn nog niet gesloten. Eerst wordt getoetst of het verbouwplan — gegeven de hogere monumentale waarden — nog in voldoende mate kan voldoen aan het programma van eisen en het financiële kader. Na een positieve uitkomst kan het verbouwplan worden uitgewerkt en kan alsnog tot verkoop worden overgegaan.
6.4.3.3 Notarieel transport + monitoring realisatie en ingebruikname.
Het notarieel transport en de monitoring van de realisatie zijn afhankelijk van de afronding van het afsluiten van de verkoop- en huurovereenkomsten. Deze inspanning schuift door naar 2027.
6.4.4 Transformatie van het Cultuurhuis. 6.4.4.1 Uitwerking tijdelijke huisvesting van gebruikers Stadskantoor. 6.4.4.2 Verkoop gemeentelijk deel voor realisatie appartementen.
52
Op dit moment kan er nog geen definitief antwoord worden gegeven. Dit is pas mogelijk zodra de haalbaarheid volledig is getoetst en de definitieve exploitatiekosten en opbrengsten bekend zijn.
Op 21 april 2026 wordt het Cultuurhuis opgeleverd. Verbouwing start in februari 2026.
Tijdelijke huisvesting gemeente zal een aantal jaren plaats vinden. Dit betekent dat verkenning voor realisatie van appartementen nog niet in 2026 is voorzien.
Specificatie taakvelden Bedragen x €1.000 Exploitatie
Begroting 2025 na wijziging
Werkelijk 2025
Verschil
3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur
957
722
7.4 Milieubeheer
39
39
0
8.1 Ruimte en leefomgeving
0
422
-422
Baten
8.2 Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen)
235
0
0
0
659
673
-14
1.655
1.857
-202
3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur
957
722
235
5.5 Cultureel erfgoed
94
58
37
7.4 Milieubeheer
70
101
-32
8.1 Ruimte en leefomgeving
56
461
-405
8.2 Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen)
249
15
234
8.3 Wonen en bouwen
1.277
1.125
152
Totaal Lasten
2.702
2.482
219
0.10 Mutaties reserves
204
219
-15
Totaal Onttrekkingen
204
219
-15
0.10 Mutaties reserves
90
90
0
Totaal Stortingen
90
90
0
-933
-497
-436
8.3 Wonen en bouwen Totaal Baten Lasten
Onttrekkingen
Stortingen
Gerealiseerd resultaat
53
Verschillenanalyse Hieronder worden de belangrijkste verschillen toegelicht. Taakveld
Omschrijving
Mutatie baten t.o.v. begroting 2025
Bedrag x voordeel € 1.000 nadeel +
3.2
Fysieke infrastructuur
Grondexploitaties bedrijventerreinen Tappersheul lll nadeel boekwaarde. Het totaaloverzicht is opgenomen in de paragraaf grondbedrijf.
235
8.1
Ruimtelijke ordening
Kostenverhaalprojecten, betreft inkomsten die ontvangen worden van initiatiefnemers door middel van kostenverhaal. Nadeel ten opzichte van de laste 39K, dit betreft de afsluiting en het verlies op kostenverhaalprojecten.
-422 Voordeel
Totaal mutaties baten
-202 Voordeel
Diversen
Taakveld
Nadeel
-15 Voordeel
Omschrijving
Mutatie lasten t.o.v. begroting 2025
Bedrag voordeel nadeel +
3.2
Fysieke infrastructuur
Tappersheul lll (zie tegenpost aan batenzijde). Het totaaloverzicht is opgenomen in de paragraaf grondbedrijf.
-235 Voordeel
8.1
Ruimtelijke ordening
Kostenverhaal is neutraal met de batenzijne met uitzondering van de winsten en verliezen bij de afgesloten projecten. Nadeel is 39K voor het projecten Westkade 2 Hekendorp, Noord-IJsselkade en Wijngaardstraat.
460
8.2
Grondexploitaties (niet bedrijventerreinen)
De kosten voor Kerkwetering (Wassende water) zijn opgenomen in het bestaande projectbudget, daarom blijft het aangevraagde budget in de voorjaarsrapportage over in 2025.
-250 Voordeel
8.3
Wonen en bouwen
Betreft resterend meerjarig projectbudget voor de omgevingswet. Dit voordeel zal als besteedbaar budget worden opgenomen in de voorjaarsrapportage 2026.
-91 Voordeel
8.3
Wonen en bouwen
In 2025 zijn weinig ontwikkelingen geweest in de koopgarant woningen en daarom is het budget niet volledig benut.
-37 Voordeel
Totaal mutaties lasten
-219 Voordeel
Totaal mutaties baten en lasten
-421 Voordeel
Diversen
Taakveld
-66 Voordeel
Mutatie reserves t.o.v. begroting 2025
Totaal mutaties reserves
54
Nadeel
Bedrag x voordeel € 1.000 nadeel + 0
PROGRAMMA 7 ALGEMENE INKOMSTEN Portefeuillehouder
Thema
Vincent Bos
Financiën
Omschrijving De taakvelden binnen het programma Algemene inkomsten zijn: Taakveld
Omschrijving
0.5 Treasury
Rente en dividenden
0.61/0.62 OZB
OZB woningen en niet-woningen
0.64 Belasting overige
Overige belastingen
0.7 Algemene Uitkering
Algemene uitkeringen Gemeentefonds
0.8 Overige baten en lasten
Reserveringen / algemene stelposten
Maatschappelijk effect 7.1 Houdbare Gemeentefinanciën: stabiele financiële (vermogens)positie. Resultaat/inspanning
Status
7.1.1 Baten en lasten zijn reëel en structureel in evenwicht.
Begroting 2025 is sluitend vastgesteld. De jaarrekening laat een positief resultaat zien.
7.1.1.1 Begroot en realiseer een structureel saldo van baten en lasten rond de nullijn. 7.1.2 Het weerstandsvermogen is verbeterd (minimaal 1).
7.1.2.1 Financiële meevallers worden toegevoegd aan de Algemene Reserve. 7.1.3 De reservepositie is verbeterd.
7.1.3.1 Maximale resultaten behalen op grondexploitaties op toekomstige bouwlocaties.
Begroting 2025 is sluitend. Tussentijds is er gestuurd bij Voorjaarsrapportage en Najaarsrapportage.
Het weerstandsvermogen is verbeterd. Als gevolg van het positieve jaarresultaat verbeterd deze verder.
Het positieve jaarresultaat wordt mogelijke bestemmingen toegevoegd aan de Algemene Reserve.
Door het positieve jaarresultaat verbetert de reserve positie.
Hierover wordt de gemeenteraad jaarlijks geïnformeerd door vaststelling van de MPG (Meerjarige Prognose Grondexploitaties).
7.1.4 De schuldquote is verlaagd richting signaalwaarde 130%.
Door een verdere verbetering van de investeringsplanning (tijd, geld en capaciteit) wordt de schuldquote verlaagd.
7.1.4.1 Er worden minder nieuwe investeringen gedaan.
Investeringen zijn beter afgestemd op beschikbare middelen en capaciteit.
7.1.4.2 / 7.1.5.2 Er wordt gezocht naar co-financiering.
Er wordt actief gezocht naar co-financiering hetgeen het aantrekken van geldleningen verlaagd.
55
7.1.4.3 Investeringen realistischer in de tijd zetten (plannen).
Door meer te werken teamplannen wordt de beschikbare capaciteit beter ingezet en afgestemd op het werk dat moet gebeuren.
7.1.5 De solvabiliteitsratio is verhoogd richting signaalwaarde 20%.
Dooreen betere afstemming tussen beschikbare middelen en capaciteit wordt de solvabiliteit verhoogd.
7.1.4.2 / 7.1.5.2 Er wordt gezocht naar co-financiering.
Er wordt actief gezocht naar co-financiering hetgeen het aantrekken van geldleningen verlaagd.
Maatschappelijk effect 7.2 Gezond financieel bewustzijn. Resultaat/inspanning
Status
7.2.1 In raadsvoorstellen met financiële effecten wordt een dekkingsvoorstel opgenomen.
Via de financiële toetsing van de voorstellen wordt hierin voorzien.
7.2.1.1 Instructies en voorlichting.
Via de Groene Hart academie wordt voorlichting gegeven en cursussen aangeboden.
7.2.1.2 Toetsing van de voorstellen op naleving.
De inrichting van het bestuursproces voorziet in de toetsing van de voorstellen.
7.2.2 De Financiële Verordening wordt nageleefd en gehandhaafd.
De vastgestelde Financiële verordening geldt als toetsingskader voor de voorstellen die aan het college en raad worden voorgelegd.
7.2.2.1 Richtlijnen/instructies opstellen en personeel informeren/ voorlichten.
Nieuw en zittend personeel worden actief en op aanvraag geïnfomeerd.
7.2.2.2 Toetsing op naleving van de financiële kaders.
Interne processen voorzien in de toetsing op de naleving van de financiële kaders die zijn vastgesteld.
56
Specificatie taakvelden Bedragen x €1.000 Exploitatie
Begroting 2025 na wijziging
Werkelijk 2025
Verschil
Baten 0.5 Treasury
45
120
0.61 OZB woningen
2.298
2.302
-4
0.62 OZB niet-woningen
1.067
1.078
-12
0.64 Belastingen overig
-75
33
22
11
22.070
21.775
295
0.8 Overige baten en lasten
0
61
-61
3.4 Economische promotie
29
47
-18
25.542
25.405
137
0.5 Treasury
141
115
26
0.61 OZB woningen
67
64
3
0.8 Overige baten en lasten
57
343
-286
0.7 Algemene uitkeringen en overige uitkeringen gemeentefonds
Totaal Baten Lasten
0.9 Vennootschapsbelasting (VpB)
0
0
0
265
523
-257
0.10 Mutaties reserves
4
0
4
Totaal Stortingen
4
0
4
25.273
24.882
390
Totaal Lasten Stortingen
Gerealiseerd resultaat
Verschillenanalyse Hieronder worden de belangrijkste verschillen toegelicht:
57
Taakveld Omschrijving
Mutatie baten t.o.v. begroting 2025
Bedrag voordeel nadeel +
0.5
Treasury
Saldo financieringsfunctie
-51
voordeel
0.7
Algemene uitkeringen en overige uitkeringen gemeentefonds
Algemene uitkeringen en overige uitkeringen gemeentefonds
295
nadeel
0.8
Overige baten en lasten
Onvoorzien - BTW suppleties voorgaande jaren
-61
voordeel
Diversen
-46
voordeel
Totaal mutaties baten
137
nadeel
Taakveld Omschrijving
Mutatie lasten t.o.v. begroting 2025
Bedrag voordeel nadeel +
0.5
Treasury
Treasury
-26
voordeel
0.8
Overige baten en lasten
Onvoorzien - naheffingsaanslag BTWcompensatiefonds (BCF)
343
nadeel
0.8
Overige baten en lasten
Reserveringen
-57
voordeel
Diversen
-3
voordeel
Totaal mutaties lasten
257
nadeel
Totaal mutaties baten en lasten
394
nadeel
Mutatie reserves t.o.v. begroting 2025
Bedrag voordeel nadeel +
Diversen
-4
Totaal mutaties reserves
-4
Taakveld
58
voordeel
PROGRAMMA 8 OVERHEAD Portefeuillehouder
Thema
René van den Hoogen
Personeel en organisatie - Automatisering & Informatievoorziening
Omschrijving Dit programma biedt inzicht in de overheadkosten van de gemeente Oudewater. Volgens de BBVregelgeving worden deze lasten (en baten) apart inzichtelijk gemaakt. Het betreft een meer financieeltechnisch programma waaraan geen specifieke programmadoelen zijn gekoppeld. Taakveld
Omschrijving
0.4 Overhead
Tot dit taakveld behoren de kosten van overhead, d.w.z. alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van medewerkers in het primaire proces: - leidinggeven primair proces (hiërarchisch) - financiën, toezicht en controle gericht op de eigen organisatie, waaronder planning & control, verantwoording en auditing - personeel en organisatie en organisatie- en formatieadvies - inkoop (incl. aanbesteding en contractmanagement) - juridische zaken - bestuurszaken - informatievoorziening en automatisering - facilitaire zaken en huisvesting - documentaire informatievoorziening - managementondersteuning en secretariaten primair proces
Specificatie taakvelden Bedragen x €1.000 Exploitatie
Begroting 2025 na wijziging
Werkelijk 2025
Verschil
0.4 Overhead
60
50
10
Totaal Baten
60
50
10
0.4 Overhead
6.465
6.369
95
Totaal Lasten
6.465
6.369
95
0.10 Mutaties reserves
174
0
174
Totaal Onttrekkingen
174
0
174
0.10 Mutaties reserves
12
0
12
Totaal Stortingen
12
0
12
-6.242
-6.319
77
Baten
Lasten
Onttrekkingen
Stortingen
Gerealiseerd resultaat
59
Verschillenanalyse Taakveld Omschrijving Mutatie baten t.o.v. begroting 2025
Bedrag voordeel nadeel +
Diversen
10
nadeel
Totaal mutaties baten
10
nadeel
Taakveld Omschrijving Mutatie lasten t.o.v. begroting 2025
Bedrag voordeel x € 1.000 nadeel +
0.4
Overhead
Algemene bestuursvoorlichting - Het door de gemeenteraad beschikbaar gestelde budget (€ 40.000) voor het amendement 'Doorpakken voor Hekendorp' (begrotingsraad 7 november 2025) is op deze plek in de begroting geland en in 2025 niet besteed. Het budget komt in 2026 alsnog beschikbaar ter ondersteuning van het Comité Red de Boezem. Verder bleek het niet nodig om kosten voor het participatieplatform door te belasten aan projecten (totaal begroot €10.000). Alle kosten konden in 2025 gedekt worden uit het beschikbare algemene budget.
-57 voordeel
0.4
Overhead
Overig
-38 voordeel
Mutatie lasten t.o.v. begroting 2025
-95 voordeel
Totaal mutaties baten en lasten
-85 voordeel
Taakveld
Taakveld
Mutatie reserves t.o.v. begroting 2025
Bedrag voordeel x € 1.000 nadeel +
0.10
Onttrekking
174
0.10
Storting
-12 voordeel
Totaal mutaties reserves
162
60
nadeel
nadeel
BBV-INDICATOREN Inleiding Alle gemeenten zijn verplicht om een aantal specifieke beleidsindicatoren op te nemen in Begroting en Jaarrekening. Deze zogenaamde BBV-indicatoren gaan bijvoorbeeld over het aantal winkeldiefstallen, het schoolverzuim onder jongeren of het aantal nieuwgebouwde wonen. Samen geven ze een indruk van de prestaties van de gemeente op terreinen als veiligheid, onderwijs of woningbouw. De indicatoren zijn door het Rijk geselecteerd en reflecteren dus niet noodzakelijkerwijs de speerpunten van college en raad. Hieronder volgen de BBV-indicatoren. Ze zijn grofweg gegroepeerd per thema: 1) bedrijfsvoering/dienstverlening, 2) fysiek/ruimte, 3) sociaal. De gegevens zijn grotendeels afkomstig van Waarstaatjegemeente.nl, met per indicator een nadere bronvermelding. Er is voor gekozen om waar mogelijk de cijfers over de afgelopen vijf jaar te laten zien, dus van 2021 tot en met 2025. In sommige gevallen zijn deze cijfers echter nog niet bekend, of enkel voor Nederland en niet voor Oudewater. In die gevallen staat er g.g. (geen gegevens) in de tabel.
1. Bedrijfsvoering/dienstverlening (programma's 1 en 7) Indicator
Eenheid
Bron
Locatie
Formatie
fte per 1.000 inwoners
Eigen gegevens
Oudewater
0,2
0,2
0,2
0,2
0,2
Bezetting
fte per 1.000 inwoners
Eigen gegevens
Oudewater
0,1
0,1
0,2
0,2
0,2
Apparaatskosten
€ per inwoner
Eigen gegevens
Oudewater 703 668
686
832
929
Externe inhuur
% van personeelskosten (incl.inhuur) besteed aan inhuur
Eigen gegevens
Oudewater 62,6 50,4 60,7 67,0 68,8
Overhead
% van totale lasten
Eigen gegevens
Oudewater 16,4 15,9 18,7 17,8 18,8
Demografische druk
% inwoners jonger dan 20 én ouder dan 64 CBS-ABF per 100 inwoners 20-65 jaar
Oudewater 78,9 80,0 79,7 79,9 80,4
Vernielingen en misdrijven
per 1.000 inwoners
Oudewater
3,5
3,4
2,9
3,4
3,9
Nederland
6,1
6,0
5,8
5,7
5,7
Oudewater
2,0
1,5
1,5
1,0
2,4
Nederland
1,4
1,4
1,3
1,2
1,2
Oudewater
0,0
0,0
0,5
0,5
0,5
Nederland
1,8
2,3
2,5
2,2
2,1
Oudewater
2,0
2,5
1,5
2,0
2,4
Nederland
4,4
4,5
4,2
4,4
4,6
Oudewater
7
3
7
15
8
Nederland
8
8
9
9
10
Diefstallen uit woning Winkeldiefstallen Geweldsmisdrijven Verwijzingen Halt Jongeren met jeugdreclassering
per 1.000 inwoners per 1.000 inwoners per 1.000 inwoners per 1.000 jongeren (12-17 jaar) % van alle jongeren 12-23 jaar
CBS CBS CBS CBS Halt CBS
Jongeren met een delict voor de rechter
% van alle jongeren 12-21 jaar
Gemeentelijke woonlasten eenpersoonshuishouden
Gemiddeld betaalde som van OZB, reinigingsheffing en rioolheffing in €
COELO
Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishouden
Gemiddeld betaalde som van OZB, reinigingsheffing en rioolheffing in €
COELO
61
CBS
2021 2022 2023 2024 2025
Nederland 70,1 70,3 70,3 70,4 70,7
Oudewater
gg
gg
gg
gg
gg
Nederland
0,3
0,3
0,3
0,4
gg
Oudewater
gg
gg
gg
gg
gg
Nederland
1
1
1
gg
gg
Oudewater 1007 1106 1.140 1.245 1.270 Nederland
733 823
860
928
957
Oudewater 1039 1162 1.201 1.275 1.298 Nederland
810 905
942 1.014 1.050
2. Fysiek/ruimte (programma 2, 4 en 6) Indicator
Eenheid
Bron
Locatie
Omvang huishoudelijk restafval
kg per inwoner
CBS
Oudewater
142
136
131
148
gg
Nederland
164
152
148
148
gg
Banen
per 1.000 inwoners (15-64 jaar)
Oudewater 733,6 764,3 794,6 800,4
gg
Nederland 807,6 827,6 839,9 850,2
gg
Oudewater 51,7 52,5 53,3 53,0
gg
Nederland
53,4 53,9 54,3 54,5
gg
Oudewater 211,2 220,2 228,4 230,7
gg
Nederland 165,5 174,4 183,1 191,4
gg
Functiemenging
CBS/LISA
Verhouding tussen banen en woningen, >50 = meer banen dan woningen
CBS BAG/LISA
Vestigingen van bedrijven
per 1.000 inwoners (15-64 jaar)
LISA
Hernieuwbare elektriciteit
% van totale elektricieit
Nieuw gebouwde woningen
Aantal per 1.000 woningen
2021 2022 2023 2024 2025
waarstaatjegemeente.nl Oudewater 17,6 28,2 BAG
gg
gg
gg
gg
gg
gg
Nederland
24,9 32,5
Oudewater
0,7
9,2 13,2 25,3
gg
Nederland
8,9
9,3
gg
9,1
8,4
3. Sociaal (programma's 3 en 5) Indicator
Eenheid
Bron
Locatie
Netto arbeidsparticipatie
% van de werkende beroepsbevolking (15-75 jaar)
CBS
Oudewater 73,4 74,9 75,7 76,2
gg
Nederland
gg
Werkloze jongeren
% onder 16-22-jarigen
CBS
Kinderen in uitkeringsgezin
% kinderen tot 18 jaar
CBS
Personen met een bijstandsuitkering
per 10.000 inwoners
CBS
Lopende re-integratievoorzieningen
per 10.000 inwoners (15-64 jaar)
CBS
2021 2022 2023 2024 2025 70,4 72,2 73,1 73,2
Oudewater
gg
gg
gg
gg
gg
Nederland
2
1
2
2
gg
Oudewater
4
4
4
4
gg
Nederland
6
6
6
6
gg
Oudewater 148,0 128,0 117,7 117,4 115,9 Nederland 349,5 297,9 280,7 280,4 281,2
Jongeren met jeugdhulp
% van alle jongeren tot 18 jaar
CBS
Jongeren met jeugdbescherming
% van alle jongeren tot 18 jaar
CBS
Oudewater 174,7 175,5 158,6 159,1
gg
Nederland 197,7 197,7 191,5 203,1
gg
Oudewater 10,3 10,3 10,6 11,2
gg
Nederland
13,2 13,5 13,9 14,0
gg
Oudewater
1,2
0,7
0,9
0,8
gg
Nederland
1,2
1,2
1,1
1,0
gg
Oudewater
540
510
510
540
480
Nederland
702
710
720
Cliënten met een maatwerkvoorziening Wmo
per 10.000 inwoners
CBS GMSD Wmo
660
gg
Niet-sporters
% bevolking 18+ die minder dan 1x per week sport
GGD/RIVM/CBS Oudewater
gg 47,8
gg 42,1
gg
Nederland
gg 46,4
gg 42,5
gg
Voortijdig schoolverlaters zonder startkwalificatie (vsv-ers)
% deelnemers aan onderwijs
DUO/Ingrado
Oudewater
1,1
0,9
1,8
1,0
gg
Nederland
1,9
2,4
2,3
2,3
gg
Absoluut verzuim
Aantal niet ingeschreven leerplichtigen per 1.000 leerlingen
DUO/Ingrado
Oudewater
gg
gg
gg
gg
gg
Nederland
2,7
4,2
6,3
6,7
gg
Aantal leerplichtigen met veelvuldig verzuim per 1.000 leerlingen
DUO/Ingrado
Oudewater
13
14
17
11
gg
Nederland
20
24
27
28
gg
Relatief verzuim
62
PARAGRAFEN PARAGRAAF 1 LOKALE HEFFINGEN 1. Wat is het doel van deze paragraaf? Deze paragraaf geeft inzicht in het beleid voor en de inkomsten uit lokale heffingen in 2025. Hieronder volgt eerst een uitleg van de drie verschillende soorten heffingen en een aantal wettelijke kaders die daarbij gelden. Daarna staat een financieel overzicht van de opbrengsten uit de lokale heffingen met vervolgens nadere aandacht voor de verschillende belastingen, heffingen en rechten. Tot slot volgt de lokale lastendruk, die laat zien wat een inwoner in 2025 betaalde aan de drie belastingen met de hoogte opbrengsten, en een financiële vergelijking met een aantal andere gemeenten.
2. Wettelijk en gemeentelijk kader Inwoners en bedrijven betalen voor drie soorten gemeentelijke belastingen: 1. Belastingen: betalingen waar de gemeente geen directe dienst of voorziening tegenoverstelt. Voorbeelden zijn de OZB en de parkeerbelasting. 2. Heffingen: betalingen voor specifieke taken of voorzieningen van de gemeente. Voorbeelden zijn de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. 3. Rechten: betalingen voor individuele diensten of producten van de gemeente (zoals een paspoort of bouwvergunning). Voorbeelden zijn de leges burgerzaken en de omgevingsvergunningen. Elke belasting bestaat uit een groot aantal verschillende tarieven. Zo vallen onder de noemer ‘parkeerbelasting’ niet alleen parkeertarieven per zone, maar bijvoorbeeld ook tarieven voor verschillende typen parkeervergunningen. Bij ‘leges burgerzaken’ gaat het bijvoorbeeld om de tarieven voor huwelijksvoltrekking, variërend per dag of tijdstip, of tarieven voor het aanvragen van een paspoort. De verschillende tarieven zijn op 11 december 2025 vastgelegd in de belastingverordening en te vinden via Gemeenteraad 11 december 2025 20:00:00, Gemeente Oudewater. Voor deze belastingen gelden een aantal landelijke en lokale bepalingen.
63
•
Heffingen en rechten mogen niet meer dan kostendekkend zijn. Dit betekent dat de gemeente niet meer inkomsten uit de heffing of het recht mag ontvangen dan de kosten die ze ervoor maakt. Bij belastingen mag dit wel, en is de gemeente vrij om te bepalen waar ze de opbrengsten voor gebruikt.
•
De gemeente heeft bepaald dat heffingen en rechten in principe 100% kostendekkend zijn. Doel is dus om gemaakte kosten zoveel mogelijk te compenseren met inkomsten. Dit is vastgelegd in de Financiële Verordening. Uitzondering zijn een aantal leges voor burgerzaken die een maximum wettelijk tarief kennen, zoals rijbewijzen en reisdocumenten. 100% kostendekkendheid is daardoor niet haalbaar.
•
De gemeente heeft bij rechten de mogelijkheid tot kruissubsidiëring. Zoals gezegd vallen belastingen uiteen in verschillende tarieven. Rechten vallen uiteen in bepaalde typen, ‘groepen’ genoemd. Kruissubsidiëring betekent dat de gemeente voor een recht meer mag ontvangen dan het uitgeeft, zolang het geheel van die groep rechten maar onder de 100% blijft. De opbrengst uit het verstrekken van paspoorten kan bijvoorbeeld op 120% liggen, zolang de gemeente dit compenseert met lagere opbrengsten uit de leges voor de burgerlijke stand. Momenteel is hier in Oudewater echter geen sprake van. Bij alle heffingen liggen de opbrengsten namelijk lager dan de kosten.
•
Inwoners die leven onder 100% van de bijstandsnorm kunnen kwijtschelding aanvragen van de OZB, de rioolheffing en de afvalstoffenheffing. De gemeente heeft ervoor gekozen om hiermee de norm van het Rijk te volgen. Dit is vastgelegd in de Leidraad Invorderingswet 1990.
•
De gemeente is verplicht om in de hele Begroting overheadkosten op dezelfde manier toe te rekenen. Ook de berekening tussen lokale heffingen onderling moet dus hetzelfde zijn. In Oudewater is ervoor gekozen om overhead te berekenen op basis van de loonkosten (exclusief inhuur) van alle posten buiten de overhead. Dit komt neer op een percentage van 60%. Voor elke € 100 aan personele inzet voor een heffing komt er dus € 60 aan overheadkosten bij.
3. Geraamde opbrengsten De tabellen hieronder geven per belasting voor 2025 aan: 1. Hoe hoog de gemeentelijke lasten waren. Deze zijn uitgesplitst naar taakveld. 2. Hoe hoog de gemeentelijk baten waren. 3. Wat de kostendekkendheid is. Bedragen x € 1.000 Belastingen en heffingen
Baten rekening 2025
Baten begroting na wijz. 2025
Baten begroting 2025
Baten rekening 2024
A. Belastingen 1 Eigenaren woningen
2.308
2.298
2.228
2.202
Eigenaren niet-woningen
656
645
633
624
Gebruikers niet-woningen
441
422
417
409
2 Precariobelasting
22
33
33
51
3 Toeristenbelasting
47
29
29
29
3.474
3.427
3.340
3.315
1 Afvalstoffenheffing
1.421
1.408
1.408
1.280
2 Rioolheffing
2.153
2.133
2.133
1.678
Subtotaal B Bestemmingsheffingen
3.574
3.541
3.541
2.958
1 Leges burgerzaken
243
194
194
137
2 Begrafenisrechten
10
4
4
21
3 Marktgelden
22
28
28
23
4 Bruggelden
16
13
13
11
5 Omgevingsvergunningen
427
398
398
360
Subtotaal C Rechten
718
637
637
552
7.766
7.605
7.518
6.825
Subtotaal A Belastingen B. Bestemmingsheffingen
C. Rechten
Totaal
3A. Belastingen Ad 1 OZB De OZB (Onroerendezaakbelasting) is een belasting op onroerende zaken, zoals woningen, bedrijfspanden en percelen. Er zijn drie verschillende tarieven: één voor woningen, één voor de eigenaren van nietwoningen (bijvoorbeeld een bedrijf) en één voor de gebruikers van niet-woningen (bijvoorbeeld de huurder van een kantoorruimte). De hoogte van de belasting wordt vervolgens berekend op basis van de geschatte markwaarde (WOZ-waarde) van het onroerend goed op 1 januari 2024.
64
Bij een WOZ-waarde van € 300.000 en een tarief van 0,1% zou de OZB bijvoorbeeld € 300 bedragen. In de onderstaande tabel zijn de OZB-tarieven 2025 en 2024 opgenomen. De tarieven 2025 worden geheven als percentage van de WOZ-waarde per 1 januari 2024. Tarief OZB
Werkelijk 2025
Begroting 2025
Werkelijk 2024
0,1163%
0,1184%
0,1195%
a Eigenaren
0.3405%
0,3422%
0,3289%
b Gebruikers
0,2693%
0,2706%
0,2601%
1 Woningen a Eigenaren 2 Niet-woningen
Opbrengst OZB: Bedragen x € 1.000 Taakveld
Baten rekening 2025
Baten begroting na wijz. 2025
Baten begroting 2025
Baten rekening 2024
0.61
Eigenaren woningen
2.308
2.298
2.228
2.202
0.62
Eigenaren niet-woningen
656
645
633
624
0.62
Gebruikers niet-woningen
441
422
417
409
3.405
3.365
3.278
3.235
Totaal
De opbrengsten van de OZB zijn iets hoger dan begroot, dit wordt met name veroorzaakt door een hogere waardeontwikkeling. Bij de berekening van de tarieven is een schatting gemaakt van de waardeontwikkeling. De definitieve waardeontwikkeling is uiteindelijk hoger geworden. Daarnaast zijn er minder bezwaren toegekend dan waarmee bij de begroting rekening is gehouden.
Ad 2 Precariobelasting Precariobelasting is een belasting op het gebruik van openbare gemeentegrond. De belasting geldt bijvoorbeeld voor terrassen, reclameborden, kabels en leidingen. Bedragen x € 1.000 Taakveld
0.64
Opbrengst
Baten rekening 2025
Baten begroting na wijz. 2025
Baten begroting 2025
Baten rekening 2024
22
33
33
23
Ad 3 Toeristenbelasting Toeristenbelasting is een belasting op betaalde overnachtingen in Oudewaterse hotels, campings of andere accommodaties. De belasting geldt niet voor inwoners van de gemeente zelf. De hogere opbrengst wordt veroorzaakt door meer overnachtingen in de gemeente dan waarmee in eerste instantie is gerekend. Dit komt mede door het overstappen naar een nieuwe software, waardoor meer aanvragen worden geregistreerd.
65
Bedragen x € 1.000 Taakveld
3.4
Opbrengst
3B.
Baten rekening 2025
Baten begroting na wijz. 2025
Baten begroting 2025
Baten rekening 2024
47
29
29
43
Bestemmingsheffingen
Ad 1 Afvalstoffenheffing De afvalstoffenheffing is een belasting over het inzamelen en verwerken van afval. Onderstaande tabel geeft een overzicht van baten en lasten afvalstoffenheffing. Wanneer de baten hoger zijn dan de lasten, wordt het meerdere in de voorziening afvalstoffenheffing gestort. Bedragen x € 1.000 Taakveld
Rekening 2025
Baten begroting na wijz. 2025
Begroting 2025
Baten rekening 2024
1.289
Lasten 7.3
Afval
1.288
1.395
1.395
2.1
Verkeer en vervoer
0
0
0
0
6.3
Inkomensregelingen
29
31
31
27
btw-lasten te verhalen op btw-compensatiefonds
225
252
252
236
Storting in de Voorziening afvalstoffenheffing is +
106
-91
-91
118
1.648
1.587
1.587
1.670
1.482
Totale lasten Baten 7.3
Afvalstoffenheffing inclusief ledigingen
1.421
1.408
1.408
7.3
Overige baten
227
179
179
188
7.3
Totale baten
1.648
1.587
1.587
1.670
Saldo Kostendekkendheidsgraad
0
0
0
0
100%
100%
100%
100%
Dit resulteert in de volgende mutaties van de voorziening afvalstoffenheffing: Stand per 1-1-2025
€ 382.000
2025 storting
€ 106.000
2024 storting
€ 118.080
Ad 2 Rioolheffing De rioolheffing is een belasting over de drie gemeentelijke watertaken: 1. Het inzamelen en transporteren van stedelijk afvalwater; 2. Het inzamelen, transporteren en verwerken van hemelwater; 66
3. Het tegengaan van nadelige gevolgen van grondwater. Onderdeel van de watertaken rondom hemelwater en grondwater is ook het nemen van maatregelen voor de uitvoering van de thema’s wateroverlast en droogte. Om uitvoering te geven aan de verschillende thema’s en watertaken is, onder andere, het Programma Klimaatbestendige Openbare Ruimte (KbOR) opgericht. Meer informatie over KbOR, de verantwoordelijkheid en maatregelen die de gemeente neemt, en het beleidskader vindt u in het Actieplan Klimaatbestendig Oudewater 2050. In 2024 heeft de gemeenteraad een nieuwe stijging van de rioolheffing vastgesteld voor de periode 2025-2030. Voor de vervanging en het beheer en onderhoud van de riolering zijn aanvullende investeringen noodzakelijk. Het gevolg hiervan is dat de voorziening Riolering ook de komende periode zal toenemen om latere investeringen te dekken. Bedragen x € 1.000 Taakveld
rekening 2025
begroting na wijz. 2025
begroting 2025
rekening 2024
1.236
1.278
1.326
1.117
0
0
0
0
Lasten 7.2
Riolering
2.1
Verkeer en vervoer
2.4
Economische havens en waterwegen
150
168
168
151
btw exploitatie en op investeringen
182
204
204
200
Storting in de voorzienig riolering is +
640
489
441
544
2.208
2.139
2.139
2.012
Totale lasten Baten 7.2
Doorberekende kosten huisaansluitingen
55
6
6
22
7.2
Rioolheffingen woningen
2.153
2.133
2.133
1.990
Totale baten
2.208
2.139
2.139
2.012
Saldo (=mutatie reserve; min = onttrekking) Kostendekkendheidsgraad
0
0
0
0
100%
100%
100%
100%
Dit resulteert in de volgende mutaties van de voorziening riolering conform raadsbesluit GWP Oudewater 2020-2024: Stand per 1-1-2025
€ 5.238.000
2025 storting
€
640.000
2024 storting
€
544.206
Gemeente Oudewater heeft gekozen voor een grote stijging van de rioolheffing in de periode van 2020– 2023, zodat de rioolheffing daarna nagenoeg gelijk kan blijven. Echter bleken er nieuwe aanvullende investeringen noodzakelijk voor de vervanging, beheer en onderhoud van de riolering. In 2024 heeft de gemeenteraad een nieuwe stijging van de rioolheffing vastgesteld conform raadsbesluit Uitgangspuntennotitie programma Gemeentelijk Water en Klimaatbestendig 2025 -2029. Het gevolg hiervan is dat de voorziening Riolering ook de aankomende periode zal toenemen om latere investeringen te dekken.
3C. Rechten In de onderstaande tabellen is voor de verschillende rechten opgenomen wat de begrote baten en lasten zijn en wat de kostendekkendheid is.
67
Ad 1 Leges burgerzaken De leges burgerzaken zijn belastingen op gemeentelijke diensten zoals paspoorten en reisdocumenten. Sommige leges zijn niet voor 100% kostendekkend omdat er voorgeschreven wettelijke tarieven zijn. Voorbeelden hiervan zijn uittreksels burgerlijke stand, reisdocumenten en rijbewijzen. Bedragen x € 1.000 Taakveld
Rekening 2025
Begroting incl.wijz. 2025
Begroting 2025
Rekening 2024
Burgerzaken
570
530
530
553
Totale lasten
570
530
530
553
Baten
243
194
194
225
Saldo
-327
-336
-336
-328
Kostendekkendheidsgraad
43%
37%
37%
41%
Lasten 0.2
0.2
Verklaring verschil: Ad 2 Begrafenisrechten Begrafenisrechten zijn belastingen op het gebruik van een gemeentelijke begraafplaats, inclusief de onderhoudskosten die daarmee samen gaan. Bedragen x € 1.000 Taakveld
rekening begroting begroting rekening 2025 na wijz. 2025 2024 2025 Lasten
7.5
Begraafplaatsen
22
37
37
2
7.5
Baten
10
4
4
7
nb: in 2025 is in de kadernota eenmalig 35 k toegekend. Dat is niet gebruikt.
Verklaring verschil:
68
Saldo
-12
-33
-33
5
Kostendekkendheidsgraad
45%
11%
11%
350%
Bedragen x € 1.000 Taakveld
rekening 2025
begroting na wijz. 2025
begroting 2025
rekening 2024
Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen
39
45
47
52
Totale lasten
39
45
47
52
Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen
22
28
28
23
Totale baten
22
28
28
23
Lasten 3.3
Baten 3.3
Saldo
-17
-17
-19
-29
Kostendekkendheidsgraad
56%
62%
60%
44%
Ad 4 Bruggelden Voor iedere doorvaart van de Hoenkoopse brug wordt € 3 per vaartuig gerekend. Met de opbrengst hiervan wordt een deel van de brugbediening door medewerkers van Ferm Werk bekostigd. Bedragen x € 1.000 Taakveld
rekening begroting begroting rekening 2025 na wijz. 2025 2024 2025 Lasten
2.1
2.4
Verkeer en vervoer
87
49
49
48
Totale lasten
87
49
49
48
Baten
16
13
13
13
Saldo
-71
-36
-36
-35
Kostendekkendheidsgraad
18%
27%
27%
27%
nb : Hogere lasten ivm extra onderhoud aan de Hoenkoopse brug. De uurtarieven voor brugbediening voor medewerkers van Ferm Werk zijn in 2025 bijna verdubbeld. Hierdoor zijn de uitgaven fors hoger geweest dan begroot
Ad 5 Omgevingsvergunningen Onder de naam ‘omgevingsvergunningen’ heft de gemeente een belasting op activiteiten in de fysieke leefomgeving. Het gaat bijvoorbeeld om bouw, sloop of bomenkap. Binnen het taakveld omgevingsvergunning is de kostendekkendheid afhankelijk van de baten. In 2024 waren de inkomsten uit leges lager dan begroot - ingeschat, maar zijn de lasten gelijk gebleven. De kostendekkendheid voor 2024 is hierdoor nagenoeg 100%. Voor 2025 is deze 83%
69
Bedragen x € 1.000 Taakveld
Rekening 2025
Begroting incl.wijz. 2025
Begroting 2025
Rekening 2024
Wonen en bouwen
512
524
526
514
Totale lasten
512
524
526
514
Wonen en bouwen
427
398
398
523
Totale baten
427
398
398
523
Saldo
-85
-126
-128
9
Kostendekkendheidsgraad
83%
76%
76%
102%
Lasten 8.3
Baten 8.3
4. Lokale lastendruk De lokale lastendruk geeft weer wat een inwoner in 2025 betaalde voor de drie belastingen met de hoogte opbrengsten vergeleken met 2024. De bedragen zijn gebaseerd op een fictief huishouden in een woning met een gemiddelde waarde voor het belastingjaar 2025 van 441.000. Eventuele kwijtschelding van de afvalstoffenheffing is hierin niet meegerekend. Hetzelfde geldt voor de indexeringspercentages. Bedragen x € 1.000 Werkelijk meerpersoons 2025
Begroot meerpersoons 2025
Werkelijk meerpersoons 2024
1 OZB
512
522
501
2 Rioolheffing
409
409
382
3 Afvalstoffenheffing
317
343
322
1.238
1.274
1.205
Totaal
5. Vergelijking met andere gemeenten Onderstaande tabel geeft weer hoeveel inwoners van Oudewater in 2025 betaalden voor OZB, afvalstoffenheffing en rioolheffing in vergelijking met een aantal andere gemeenten. Belastingsoort 2025
Oudewater
Woerden
BodegravenReeuwijk
Montfoort
De Ronde Venen
OZB woningen
0,1163%
0,1162%
0,1242%
0,1099%
0,0726%
OZB niet-woningen
0.6098%
0,6609%
0,6792%
0,6984%
0,4898%
Eenpersoonshuishouden
€ 268
€ 279
€ 277
€ 244
€ 288
Meerpersoonshuishouden
€ 317
€ 348
€ 340
€ 398
€ 388
€ 409
€ 315
€ 368
€ 322
€ 244
Afvalstoffenheffing
Rioolheffing
70
PARAGRAAF 2 WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING 1. Wat is het doel van deze paragraaf? Deze paragraaf beschrijft in hoeverre de gemeente in staat is om risico’s op te vangen. Hiertoe gaat de paragraaf in op de ingeschatte risico’s (het risicoprofiel) en de beschikbare financiële buffer om deze risico’s op te vangen (de weerstandscapaciteit). Op basis van deze getallen kan vervolgens het weerstandsvermogen van de gemeente worden berekend. Daarnaast gaat deze paragraaf in op een aantal financiële kengetallen. Samen geven deze inzicht in de brede financiële positie van de gemeente. Oftewel: hoe financieel gezond de gemeente is.
2. Wettelijk kader en gemeentelijk beleid Het meest relevante wettelijke kader voor deze paragraaf is het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). Deze beschrijft dat de paragraaf minimaal in moet gaan op de weerstandscapaciteit, de risico’s en het beleid hierover, evenals een aantal kengetallen en hun onderlinge verhouding. Verder heeft de gemeente te maken met het toezicht van de provincie. Aan de hand van deze paragraaf beoordeelt de provincie of het lichte ‘repressief toezicht’ afdoende is of dat het zware ‘preventief toezicht’ vereist is. In het laatste geval gaat de gemeente niet langer volledig zelf over haar uitgaven, maar is voor alle grote uitgaven toestemming van de provincie nodig. In Nederland gebeurt dit zelden. In de Financiële Verordening staat hoe de gemeente Oudewater omgaat met risico’s en het weerstandsvermogen.
Beschikbare weerstandscapaciteit De gemeente heeft een financiële buffer om risico’s op te vangen: de beschikbare weerstandscapaciteit. De weerstandscapaciteit per eind 2025 is iets hoger dan per eind 2024, Dit komt door twee zaken: ten eerste zijn de positieve resultaten van 2024 toegevoegd aan de reserves. Aan de andere kant is er nu meer 'ruimte' om belastingen te verhogen . Dit komt doordat het OZB-percentage in Oudewater iets verlaagd is t.o.v. 2024, terwijl het landelijk vastgestelde 'redelijk peil' juist iets verhoogd is. Bedragen x € 1.000
Rekening 2025
Begroting 2026
Rekening 2024
Begroting 2025
Algemene reserve
incidenteel
8.703
8.877
7.806
7.863
Reserve Sociaal Domein
incidenteel
450
450
450
-
Stille reserves
incidenteel
-
-
-
-
Onvoorzien
structureel
-
-
-
-
Onbenutte belastingcapaciteit
structureel
700
700
264
264
Totaal
9.853
10.027
8.520
8.127
Totaal
De weerstandscapaciteit bestaat uit een aantal onderdelen: •
71
De algemene reserve is het deel van het eigen vermogen dat de gemeente zonder beperkingen kan gebruiken om tegenvallers op te vangen. Dit vormt het grootste deel van de weerstandscapaciteit van Oudewater. Hieronder vallen dus niet de bestemmingsreserves waarvoor in de Begroting een specifiek doel is opgenomen.
•
De reserve Sociaal Domein is bedoeld ter dekking van eventuele tegenvallers in het sociaal domein. Omdat deze risico's ook mee worden genomen in het overzicht van de geïnventariseerde risico's, kan deze reserve ook meegenomen worden bij de bepaling van de weerstandscapaciteit. Er is namelijk nog geen concrete bestemming voor dit geld.
•
Sommige bezittingen van de gemeente zijn meer waard dan hoe ze in de boekhouding zijn opgenomen. De meerwaarde van die bezittingen heten stille reserves. De gemeente Oudewater waardeert deze vanwege hun speculatieve karakter op 0.
•
Het is een mogelijkheid om een post onvoorzien in de Begroting op te nemen ter dekking van onvoorziene begrotingsuitgaven. De gemeente Oudewater kiest hier niet voor.
•
Onbenutte belastingcapaciteit is het bedrag dat de gemeente kan verkrijgen door de OZB naar 120% van het landelijk gemiddelde te verhogen. Dit niveau wordt het 'redelijk peil' genoemd. Dit is in lijn met de artikel 12-norm van het Rijk die gebruikt wordt als een gemeente in zware financiële problemen komt. Onderstaande tabel laat de nadere berekening van dit bedrag zien.
Uit het overzicht blijkt dat er aanzienlijk meer incidentele dan structurele dekking is. Dat is geen probleem: de gemeente kan ook structurele risico’s dekken vanuit incidentele budgetten. Dit gebeurt door structurele risico’s dubbel mee te laten tellen bij de berekening. De insteek is dat de impact van een risico gaandeweg afneemt doordat de gemeente maatregelen neemt. De impact is dan in het eerste jaar 100%, in het tweede jaar 75%, in het derde jaar 25% en in het vierde jaar 0. Bij elkaar is dit 200%: vandaar het ‘dubbel’ mee laten tellen. Via deze route kan de gemeente dus ook structurele risico’s dekken vanuit incidentele budgetten. Bedragen x € 1.000
Baten begroting 2026
Tarief OZB
Totale WOZ-waarde
Eigenaren woningen
2.383
0,1087%
2.192.272
Eigenaren niet-woningen
673
0,3439%
195.696
Gebruikers niet-woningen
446
0,2756%
Totale baten
3.502
Art.12-norm
0,1648%
Maximale baten (0,1648% x totale WOZ-waarde)
161.829 2.549.797
4.202
Onderdekking rioolheffing
-
Onderdekking afvalstoffenheffing
-
Onbenutte ruimte (maximale totale baten)
700
Risico's Deze paragraaf biedt inzicht in het risicoprofiel van de gemeente. Dit is het geschatte totaalbedrag aan risico’s dat de gemeente loopt. Het risicoprofiel per eind 2025 van Oudewater ligt in lijn met de risico-inventarisatie zoals deze bij de Begroting 2026 is opgesteld. Het risico inzake urenschrijven is iets verlaagd, terwijl de risico's in de ontwikkeling van de Algemene Uitkering juist iets hoger wordt ingeschat. Onderstaande tabel toont de belangrijkste geïnventariseerde risico’s. Dit zijn risico’s die ook na toepassing van beheersmaatregelen worden ingeschat op € 100.000 of meer én waarvoor niet al een voorziening of reserve bestaat. Samen vertegenwoordigen ze 98% van het totaal. De risico’s kleiner dan € 100.000 zijn als aparte regel onderaan de tabel opgenomen. Risico
Omschrijven als
Geschatte kans van voorkomen
Zeer klein
Zeer onwaarschijnlijk
5%
Klein
Onwaarschijnlijk
25%
Gemiddeld
Aannemelijk
50%
Groot
Waarschijnlijk
75%
Zeer groot
Zeer waarschijnlijk
95%
Per risico is de maximale financiële impact en de kans dat het risico zich kan voordoen ingeschat.
72
Het weerstandsvermogen dient om risico’s af te dekken waarvoor nog geen voorziening is getroffen of waarvoor geen verzekering is afgesloten. De risico’s zijn navolgend gekwantificeerd en toegelicht. Program- Omschrijving ma
6
Toelichting
Beheersmaatregel
Maat- Impact Kans I/S Kans x regel (Bedrag * omvang uitge- x (Bedrag voerd € 1.000) x € 1.000)
Grondexploitaties
Binnen de grondexploitaties Projectbeheersing van de bestaan risico's op o.a. grondexploitaties, sturing op de kostenstijgingen, lagere (financiële) uitkomst. opbrengsten en langere exploitatieperiodes. In het MPG (Meerjarenperspectief Grondbedrijf) zijn deze risico's via een Monte Carlo simulatie berekend. (n.b. omdat er op dit moment maar één lopende grondexploitatie is, Tappersheul, met een verwachte ruim positieve uitkomst, is het risico op nihil gesteld).
Ja
2 en 6
Urenschrijven
In de begroting rekenen wij met een bepaald aantal uren dat declarabel is op investeringen, kostenverhaal en projecten. Het risico is aanwezig dat minder declarabele uren gemaakt worden dan begroot.
Opstellen teamplannen, sturing op declarabele uren en herijking van werkzaamheden.
Nee
100 75% S
150
3
Maatwerk jeugd
Toenemende kosten jeugdzorg Beheersing via periodieke Doordat jeugdzorgtaken ‘open monitor sociaal domein. Bij einde regelingen’ zijn, is geen afwijkingen worden zo mogelijk zekerheid te krijgen en geen maatregelen getroffen om de grens te stellen aan het aantal kostenstijging te beperken. aanvragen voor ondersteuning. Een specifieke oorzaak voor dit risico is dat andere organisaties dan de gemeenten (mn SAVE en de huisartsen) jeugdigen kunnen indiceren voor hulpverlening. Ook speelt hier de beperkte beschikbaarheid van aanbieders een rol, wat een opwaarts effect kan hebben op de tarieven.
Ja
400 50% S
400
3
WMO
Toenemende kosten door vergrijzing en door de aanzuigende werking door het abonnementstarief.
Mogelijke maatregel in het volume van de verstrekking, aantal uur per week dat Huishoudelijke hulp verstrekt wordt. Onderzoeken welke ruimte de wet biedt. Andere maatregelen onderzoeken met sociaal team.
Nee
400 50% S
400
2
IBOR - Riolering
IBOR budgetten zijn mogelijk ontoereikend bij noodzakelijk onderhoud.
Het mogelijk aanvullend benodigde onderhoudsbudget kan worden bijgeraamd in de begroting of tussentijdse P&C producten. Binnen de afspraken met de raad is hiervoor ruimte.
Ja
200 75% S
300
7
Gemeentefonds
Vanaf 2023 heeft een Geen beheersmaatregel, wel herverdeling van het periodieke monitoring bij gemeentefonds plaatsgevonden, verschijnen nieuwe circulaires. waarbij wij nadeelgemeente zijn. Hierdoor is van 2023-2025 de algemene uitkering in 3 stappen verhoogd met uiteindelijk structureel € 37,50 per inwoner. Op dit 'plafond' werd het voordeel bevroren t/m 2026 om de effecten nader te analyseren. Door nieuwe analyses op het verdelingsmodel kan een
Nee
200 50% S
200
73
0
Program- Omschrijving ma
Toelichting
Beheersmaatregel
Maat- Impact Kans I/S Kans x regel (Bedrag * omvang uitge- x (Bedrag voerd € 1.000) x € 1.000)
Afspraken met SBZO
Nee
400 50%
I
200
voordelig of nadelig effect ontstaan.
74
5
Zwembad
Hogere kosten voor nieuw zwembad door gestegen prijzen en vertraging project
7
Wethouderspensioenen De benodigde voorziening voor Geen wethouderspensioenen wordt actuarieel berekend en is sterk afhankelijk van de renteontwikkelingen. Een rentedaling kan zorgen dat een aanvullende storting nodig is om de voorziening voor wethouderspensioenen weer op het benodigde niveau te krijgen.
Nee
160 50% S
160
2
IBOR - Meldingen Openbare Ruimte
De toename in meldingen 1. Maatregelen voor het inlopen hebben een negatief effect op de van achterstanden in onderhoud effectieve inzet van middelen en per beheerdiscipline. personeel. Inzet van geld en 2. Communicatie over capaciteit voor meldingen heeft vertragingen en een negatief effect op de capaciteitsproblemen, om beschikbare middelen voor dubbele meldingen te regulier onderhoud. voorkomen.
Nee
80 75% S
120
3
Werk en inkomen
Doordat de door de gemeente * Adequaat begroten door zowel uitgevoerde taken op het gebied Ferm Werk als gemeente van werk & inkomen ‘open einde * juiste ervaringscijfers genereren regelingen’ zijn, is geen * prognoses opstellen zekerheid te krijgen en geen * juiste informatie verwerven over grens te stellen aan het aantal arbeidsmarktontwikkelingen en aanvragen om voor een uitkering instroom statushouders in aanmerking te komen. * actuele budgetoverzichten Daarnaast wordt begroot op bijhouden basis van een BUIG-budget dat * krachtige inzet op wij van het rijk ontvangen in april uitstroombeleid via van het voorgaande jaar. Dit prestatieafspraken en de wordt nadien nog 3x bijgesteld opgaven werk & inkomen en tot het definitieve bedrag. Dit kan integratie statushouders zowel positief als negatief * scherpe analyse van de uitvallen. kwartaalrapportages van FermWerk
Ja
120 50% S
120
1
Personeel en Organisatie
Kwalitatieve en/of kwantitatieve Constante aandacht van het mismatch tussen gevraagde management voor omvang en de omvang en competenties van de kwaliteit van de formatie en formatie ten opzichte van de sturing op inhuur. aanwezige omvang en Opleidingsmogelijkheden bieden, competenties. Ook ziekteverzuim zoals via de Groene Hart leidt tot hogere uitval van academie. medewerkers. Dit kan ook leiden tot hoge kosten voor inhuur.
Ja
80 50% S
80
7
Rente
Bij crisis/ inflatie is er kans op Temporiseren of verminderen een rentestijging hetgeen van investeringen en/of uitgaven. gevolgen heeft voor de begroting
Nee
80 50% S
80
1
Continuiteit ICT voorzieningen
Externe aanvallen (Hacking / 1. Aandacht voor gevaren van DDOS-aanvallen), bijv. phishingmails in de stroomstoringen. ICT architectuur organisatie. 2. is kwetsbaar met als gevolg een Uitwijkmogelijkheden inrichten 3. instabiele of niet werkende Analyse van ICT-architectuur 4. netwerkomgeving. Continuïteit Meer samenwerken in plaats van van dienstverlening en zelf ontwikkelen. 5. Crisisplan werkprocessen komt hiermee in schrijven en oefenen crisis. 6. gevaar. Aanpakken kwetsbaarheden.
Ja
160 50%
I
80
4
Onderwijshuisvesting
De gemeente heeft een wettelijke Indien een aanvraag wordt financiele taak ten aanzien van ingediend om de vergoeding van het herstel van constructiefouten de herstelkosten van de in schoolgebouwen. Als bij de constructiefouten: onderzoek bouw van nieuwe naar de vraag of er inderdaad
Nee
200 25%
I
50
Program- Omschrijving ma
Toelichting
Beheersmaatregel
schoolgebouwen sprake is van constructiefouten; dit kan (financiele) consequenties voor de gemeente hebben.
sprake is van constructiefouten. Daarnaast onderzoek naar de verhaalbaarheid van de kosten op aannemer, architect en/of eventuele rechtsopvolgers. Ook onderzoek naar de rol en de verantwoordelijkheid van de school als bouwheer en van de rol van de gemeente.
6
Claims ivm ruimtelijke ontwikkelingen
Ruimtelijke ontwikkelingen kunnen leiden tot claims bij de gemeente, die niet altijd verlegd kunnen worden naar ontwikkelende partijen.
Geen
Nee
80 50%
I
40
7
Leningen / Garantiestellingen
De gemeente staat garant voor Geen leningen aan instellingen met een maatschappelijk belang. Uitstaande leningen worden mogelijk niet terugbetaald of uitstaande garanties worden aangesproken doordat de betreffende partij in financiële problemen komt. Een groot deel van de garantiestellingen heeft betrekking op leningen aan woningcorporaties die via het WSW worden geborgd. Als gemeente hebben wij hierbij een achtervangpositie.
Nee
400 5%
I
20
2
IBOR - Openbare verlichting
Een deel van het verlichtingsareaal is sterk verouderd en de constructieve veiligheid is niet inzichtelijk.
Nee
80 25%
I
20
Juridische kwaliteit van het Geen handelen van de gemeente voldoet niet; kwaliteitsnormen worden niet altijd gehaald en regelgeving is niet (volledig) actueel, de gemeente voldoet niet aan alle wet- en regelgeving door achterstand implementatie wet- en regelgeving. Geen/minimale inzet op juridische kwaliteitszorg
Nee
80 25%
I
20
Overhead Juridische zaken
Lichtmasten ouder dan 40 jaar worden op basis van kriticiteit geprioriteerd en in een vervangingsprogramma opgenomen.
6
Legesopbrengsten
Teruglopende bouwactiviteiten of Geen uitstel van projecten kunnen leiden tot lagere opbrengsten van bouwleges.
Nee
80 25%
I
20
2
IBOR - Elektrische installaties
De elektrische installaties van de Geen gemeente (ook buiten IBOR) zijn niet aantoonbaar elektrisch veilig. Veilig werken cf. de regelgeving is niet mogelijk doordat geen Installatieverantwoordelijke binnen de gemeente is aangewezen en er geen handboek voor aanwezig is.
Nee
200 5%
S
20
Subtotaal risico’s groter dan of gelijk aan € 100.000 Subtotaal risico’s kleiner dan € 100.000 Totaal risico’s
75
Maat- Impact Kans I/S Kans x regel (Bedrag * omvang uitge- x (Bedrag voerd € 1.000) x € 1.000)
2.480 100 2.580
Niet kwantificeerbare risico's Niet alle risico’s zijn uit te drukken in geld. Dat wil niet zeggen dat zulke risico’s de gemeente niet kunnen schaden. Denk hierbij met name aan gebeurtenissen die imagoschade tot gevolg hebben, zoals bijvoorbeeld datalekken of achterstallig onderhoud van wegen. Het spreekt voor zich dat dergelijke risico’s om beheersmaatregelen vragen wanneer de impact ervan groot kan zijn. Het gaat bijvoorbeeld om: •
Juridische risico's / aansprakelijkheidsstelling
•
Gewenste maatschappelijke effecten van het beleid worden niet bereikt
•
Fraude- en integriteitsrisico's
•
Continuïteitsrisico's
Net als elke organisatie loopt de gemeente Oudewater risico op fraude. Hiervoor is een frauderisicoanalyse uitgevoerd en wordt in de organisatie aandacht besteed aan het onderwerp integriteit. Het ‘continuïteitsrisico’ is de kans dat de gemeente haar essentiële taken niet meer kan uitvoeren. Deze is momenteel beperkt gezien het positieve structurele Begrotingssaldo. Bovendien kennen gemeenten altijd het ‘vangnet’ van een artikel 12-status, waardoor de gemeente onder financiële curatele van het Rijk komt te staan (en dus niet failliet kan gaan). Aandachtspunt hierbij is wel de ontwikkeling van de schuldquote.
Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen is de verhouding tussen de financiële buffer van de gemeente en de financiële risico’s die ze loopt. Het laat zien in hoeverre de gemeente risico’s kan opvangen zonder direct te hoeven bezuinigen of beleid uit te stellen. De berekening is als volgt: Weerstandsvermogen = beschikbare weerstandscapaciteit / benodigde weerstandscapaciteit. In de Financiële Verordening is afgesproken dat het weerstandsvermogen minimaal op 1,4 moet liggen. Oftewel: de financiële buffer van de gemeente moet minimaal 1,4 keer groter zijn dan de financiële risico’s die ze loopt. Door deze marge te nemen, is de gemeente beter in staat om risico’s op te vangen. Het totaalbedrag aan kwantificeerbare risico’s bedraagt € 2.580.000. Uit de tabel blijkt dat er voor de risico’s voldoende dekking is vanuit de beschikbare weerstandscapaciteit. Het weerstandsvermogen bedraagt 3,8. Ook de komende jaren blijft het weerstandsvermogen naar verwachting boven de norm. Bedragen x € 1.000
Rekening 2025
Begroting 2026
Rekening 2024
Begroting 2025
Beschikbare weerstandscapaciteit
9.853
10.027
8.520
8.127
Ondergrens benodigde weerstandscapaciteit
2.580
2.870
4.065
4.095
Bovengrens benodigde weerstandscapaciteit (risico's x 1,4%)
3.612
4.018
5.691
5.856
3,8
3,5
2,1
2,0
Weerstandsvermogen ondergrens
Kengetallen Financiële positie Deze paragraaf gaat in op zes financiële kengetallen. Samen geven deze inzicht in de brede financiële positie van de gemeente, oftewel: hoe financieel gezond de gemeente is. Elk kengetal kent een aantal signaalwaarden die laten zien hoe veel of weinig risico de gemeente loopt. De signaalwaarden zijn vastgesteld in het Gemeenschappelijk Financieel Toezichtkader van de provincie. Hieronder volgt eerst een duiding van de huidige status van de kengetallen. Vervolgens zijn de kengetallen stuk voor stuk nader uitgelegd.
76
In de begroting 2025 werd uitgegaan van een schuldquote van 127%. In de jaarrekening komt deze uit op 80%. Deze ontwikkeling komt niet onverwacht: ook bij de jaarrekening 2024 en bij de begroting 2026 zagen we al een dalende trend in de schuldquote. De daling komt doordat enerzijds de schuld veel lager uitvalt dan begroot (-/- € 12 miljoen) door onder andere een achterblijvend investeringsniveau. Aan de andere kant blijven de totale baten ook harder groeien dan waar in de begroting rekening mee was gehouden (+ € 4 miljoen). Uitgangspunt blijft dat we sturen op een schuldquote die onder de 90% blijft. Kengetal
Rekening 2025 Begroting 2026 Rekening 2024 Begroting 2025