CConstaterende datOudewater
Koppel je AI →
Document · PDF

B08. ODRU bijl2 Vastgestelde Begroting 2023- AB 7 juli 2022 - INT20.1011-1819.pdf

Gemeenteraad 29 september 2022, gemeente OudewaterBij agendapunt: 6: Ingekomen stukken14.720 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Niet gevonden in dit document.

Aantal fte begroting 2022

Aantal fte 2e bijgestelde begr. 2022

%

Aantal fte begroting 2023

%

%

Productie

114,59

78%

109,44

78%

109,44

78%

Overhead

31,96

22%

30,93

22%

30,93

22%

Totaal

146,55

100%

140,37

100%

140,37

100%

TABEL 9: FTE VERHOUDING PRODUCTIE & OVERHEAD

•

Flexibilisering De ODRU streeft ernaar om een flexibele organisatie met beperkte financiële risico’s te zijn voor de eigenaar gemeenten. De personeelsplanning dient goed aan te sluiten op de DVO’s, die met de eigenaar gemeenten zijn afgesloten. Deze bepalen de financiële ruimte van de ODRU; zorgvuldige personeelsplanning en realisatie van de planning is van het grootste belang om aan de overeengekomen verplichtingen te voldoen. De DVO’s vertalen zich in Uitvoeringsprogramma’s (UVP). Daarmee zijn zowel de financiële ruimte, als de verplichting ten aanzien van de te leveren diensten op voorhand bekend. De ODRU maakt zelf keuzes over de inrichting van de organisatie en de verdeling van de beschikbare formatieruimte. In de praktijk is de formatie nooit volledig ingevuld en wordt het vrijkomende budget toegevoegd aan het inhuurbudget.

Omgevingsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

21 Akkoord secretaris:

Begroting 2023

•

Ontwikkeling Als kennisintensieve en hoogwaardige uitvoeringsorganisatie is kwaliteit van de medewerkers een minimale vereiste voor een kwalitatief goede uitvoering van de dienstverlening. Mede door de inwerkingtreding van de Omgevingswet en de wet Kwaliteitsborging Bouwen, worden de kwaliteitseisen aangescherpt. In de praktijk betekent dit dat de ODRU moet voldoen aan de kwaliteitscriteria 3.0. Alle medewerkers dienen minimaal te voldoen aan de kennisvereisten voor hun eigen functie. Daarnaast leidt de Omgevingswet ertoe dat medewerkers zich verder dienen te ontwikkelen in competenties, houding en gedrag. Hiervoor wordt een plan van aanpak ontwikkeld.

•

Productiviteit Bij de berekening van het aantal declarabele uren is uitgegaan van 1.360 uur per declarabele fte. Het uitgangspunt binnen de organisatie is dat de formatieve overhead en bezetting onder de 25% blijft. Van de overhead levert 6,1 fte van de formatieve overhead een bijdrage aan de uitvoering. Voor wat betreft de interne uren wordt per medewerker onderscheid gemaakt in individuele en collectieve uren. De individuele uren per afdeling kan het afdelingshoofd bestemmen voor bijvoorbeeld werkoverleg, opleiding, etc. De collectieve interne uren kunnen worden ingezet voor organisatie-brede projecten (bijvoorbeeld ICT-projecten, organisatieontwikkeling). Afstemming over de besteding van de interne uren vindt plaats met het afdelingshoofd.

Berekening declarabele uren

Uren

Beschikbaar (36 uur x 52 weken)

1.872

Af: verlof

-166

Af: ziek (beschikbare uren - verlof x 5%)

-86

Af: feestdagen Beschikbaar

-60 1.560

Af: intern basis (individueel)

-75

Af: intern (collectief)

-125

Declarabele uren

1.360

TABEL 10: BEREKENING DECLARABELE UREN

•

Arbeidsverzuim In de begroting is rekening gehouden met een arbeidsverzuim van 5%. Vanuit HRM wordt in samenwerking met de afdelingshoofden de nodige aandacht besteed aan het zoveel mogelijk voorkomen van ziekteverzuim en het adequaat begeleiden van ziekteverzuim.

4.3.4

Duurzaamheid

De ODRU levert met inhoudelijke expertise en een groot regionaal netwerk een bijdrage aan het realiseren van de gemeentelijke en landelijke duurzame opgaven en ambities. De energietransitie en klimaatverandering blijven ook de komende jaren een aanzienlijke inspanning van ons en de gemeenten vragen. Nederland wil uiterlijk in 2050 klimaatneutraal zijn. Een CO2 neutrale maatschappij kan alleen worden bereikt door middel van een stapsgewijze aanpak en voortdurende aandacht, een reële planning en voldoende financiële middelen. planning en voldoende financiële middelen. Landelijke aanscherping CO2 doelstelling 2030 In het coalitieakkoord 2021-2025 is het doel voor de reductie van CO2 in 2030 aangescherpt tot tenminste 55%. Om dit doel te halen, wordt het landelijk beleid gericht op een hogere opgave, namelijk ca. 60% CO2 reductie in 2030. Belangrijke thema’s uit het coalitieakkoord zijn onder meer de aansluiting tussen klimaatbeleid en circulariteit en het steviger aanpakken van milieucriminaliteit en milieurisico’s. De regering streeft niet alleen naar klimaatneutraal, fossielvrij en circulair, maar ook naar het vergroten van de biodiversiteit.

Omgevingsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

22 Akkoord secretaris:

Begroting 2023

Inventarisatie Ook de komende jaren zullen we te maken krijgen met nieuwe maatschappelijke en technologische ontwikkelingen. Die hebben wij op dit moment nog niet allemaal in beeld. In 2022 gaan wij ons hierop oriënteren en maken we plannen voor de uitvoering. We maken daarbij onderscheid tussen diverse duurzaamheidsthema’s. Of dit financiële gevolgen heeft is op het moment van schrijven nog niet bekend. We verwachten vooralsnog dat de invoering van Omgevingswet de grootste impact zal hebben. Gevolgen nieuwe en gewijzigde producten Het AB heeft op 30 september 2021 besloten dat de ODRU voor alle gemeenten toezicht op de energielabel C-verplichting voor kantoren houdt en na de inwerkingtreding van de Omgevingswet het integraal toezicht op de energiebesparingsplicht blijft houden. In de loop van 2022 maken we afspraken met de gemeenten over de uitvoering en het benodigde budget hiervoor. Verduurzaming van onze bedrijfsvoering Het thema Duurzaamheid betreft natuurlijk ook onze eigen bedrijfsvoering. We hebben de ambitie om in 2030 CO2 neutraal te zijn. De CO2 footprint is de meetlat waarlangs we onze uitstoot leggen. Vooralsnog ligt de primaire focus op de uitstoot veroorzaakt door woon-werkverkeer en het eigen energiegebruik van de kantoorlocaties. Het tweede speerpunt is het verduurzamen van het inkoopbeleid.

Aan te schaffen goederen en materialen worden op basis van duurzaamheidscriteria geselecteerd. Ook op de natuur- en duurzaamheidslocaties is er veel aandacht voor duurzame inkoop en duurzaamheid in het algemeen. Mogelijk zijn de maatregelen die door de ODRU moeten worden getroffen om de geschetste ambitie waar te maken niet alleen beleidsmatig en vergen zij ook een financiële investering. Dat is op dit moment nog niet bekend en we proberen dit zo veel mogelijk te beperken door deze investeringen te koppelen met de reguliere investeringstrajecten. Onderbouwing van de kosten Het is nog onzeker of en in welke mate wijzigingen in de taken en werkzaamheden van de ODRU met betrekking tot de energietransitie, klimaatadaptatie en circulariteit een structurele impact op de begroting 2023 hebben. We hebben daarom nog geen afspraken met de gemeenten kunnen maken en geen inschatting van de structurele kosten in de begroting 2023 opgenomen. In de loop van 2022 maken we de impact van nieuwe en gewijzigde taken zoveel mogelijk concreet en inzichtelijk. Dat doen we ook met het te verwachten aantal nieuwe producten en productieafspraken hierover per gemeente. 4.4

Overige Paragrafen

De overige verplichte paragrafen zoals verbonden partijen, lokale heffingen en grondbeleid zijn niet van toepassing op de ODRU. Voor onze eigenaar gemeenten hebben we in bijlage 6 een overzicht opgesteld met de belangrijkste kengetallen die overgenomen kunnen worden in hun paragraaf verbonden partijen.

Omgevingsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

23 Akkoord secretaris:

Begroting 2023

5.

begroting 2023, meerjarenbegroting 2024 – 2026

5.1

Overzicht van de baten en lasten 2023

Vanuit de voorschriften van het BBV onderkennen wij vier taakvelden waarin we de baten en lasten kunnen verdelen. Dit zijn: • Volksgezondheid & Milieu (V&M); hieronder vallen alle taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving op het gebied van milieu en de adviestaken. • Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Stedelijke Vernieuwing (VHROSV); hieronder vallen alle bouwtaken en advisering op het gebied van RO. • Onderwijs; hieronder vallen de taken op het gebied van Natuur- en Milieu Educatie (NDC). • Overhead; hieronder vallen de werkzaamheden en lasten m.b.t. de overhead en de kosten voor het programma Omgevingswet. Overzicht van Baten en Lasten 2023

Baten

Lasten

Saldo

11.882.000

8.206.500

3.675.500

2.834.000 793.000

1.383.500 620.000

1.450.500 173.000

(per taakveld in euro's)

Milieu taken (V&M) Bouwen en RO (VHROSV) Natuur- en Milieu Educatie (Onderwijs) Overhead

-

Algemene dekkingsmiddelen

-

-

-

Onvoorzien

-

5.000

-5.000

15.509.000

15.509.000

-

Begroot saldo van baten en lasten Begroot resultaat

5.294.000 -5.294.000

-

TABEL 11: OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN 2023 PER TAAKVELD

5.2

Toelichting op overzicht van baten en lasten

Uit het overzicht van baten en lasten in tabel 11 komt naar voren dat ruim 50% van de kosten, ofwel circa € 8,2 miljoen van de totale kosten, direct wordt besteed aan de uitvoering van taken van op het gebied van Volksgezondheid en Milieu. Dit betreft voornamelijk vergunningverlening, toezicht en handhaving. Daarnaast wordt bijna € 1,4 miljoen besteed aan VHROSV voor de ODRU. Dit om bouwtaken voor de gemeenten IJsselstein, Montfoort3 en De Ronde Venen mogelijk te maken. Tot slot wordt er ook nog voor een bedrag van € 620.000 besteed aan onderwijstaken. Voor de ODRU gaat het om taken die we uitvoeren in het kader van Natuur- en Milieu Educatie. Onder de overhead vallen niet alleen de personele lasten van overhead maar ook huisvesting en lasten zoals beschreven in de notitie overhead conform het BBV. Conform AB besluit is in de begroting 2023 een deel van de ICT lasten verplaatst van de overhead naar de productieve taakvelden en zijn de indirecte personeelslasten volledig op het taakveld overhead begroot. Hiermee voldoet ODRU aan de eisen van het BBV.

3 Op dit moment vinden gesprekken plaats tussen gemeente Montfoort en ODRU over de formele overdracht van

bouwtaken door Montfoort. Ten tijde van het opstellen van de begroting 2023 is dit (nog) niet geformaliseerd en derhalve niet opgenomen in de begroting 2023. Omgevingsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

24 Akkoord secretaris:

Begroting 2023

Realisatie 2021

Begroting 2022

Directe personeelskosten

10.233.983

11.751.500

2e Begrotings wijziging 2022 846.000

Inhuur derden

4.705.925

-

2.956.500

2.956.500

-

643.500

169.000

812.500

653.500

86.000

10.000

96.000

86.000

1.298.500

230.000

1.528.500

1.266.500

640.000

11.500

651.500

651.500

176.255

341.000

-118.000

223.000

341.000

-

5.000

-

5.000

5.000

18.220.276

14.765.500

4.105.000

18.870.500

15.509.000

2e Bijgestelde Begroting 2022 105.000

Lasten (in euro's)

Indirecte personele lasten

725.305

Bestuurskosten

83.386

Algemene kosten

1.415.649

Huisvestingskosten

544.919

Kapitaallasten Diversen Totaal structurele lasten

2e Bijgestelde Begroting 2022 12.597.500

Begroting 2023 12.505.500

47.766

105.000

2e Begrotingswijziging 2022 -

Baten eigenaar gemeenten UVP

17.557.900

14.406.000

3.541.000

17.947.000

15.293.000

Baten aanvullende opdrachten

829.494

-

745.500

745.500

-

110.000

-

110.000

110.000

1.000

-

1.000

1.000

-

-

-

-

-

-

-

-

18.748.177

14.622.000

4.286.500

18.809.500

15.509.000

527.901

-143.500

677.250

38.000

0

Baten (in euro's)

Realisatie 2021

Directe personele baten

Overige goederen en diensten

111.460

Huisvestingsbaten

60

Kapitaalbaten

-

Diversen Totaal structurele baten

Begroting 2022

124.447

Saldo van structurele baten en lasten

Begroting 2023 105.000

TABEL 12: OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN 2023

5.2.1

Lasten

5.2.1.1 Directe personeelskosten Deze kosten bestaan uit salaris- en sociale lasten vast personeel en bedragen ongeveer € 12.5 miljoen. Bij de berekening van deze lasten is uitgegaan van de formatie in 2022 na de tweede Begrotingswijziging van 2022. In de directe en indirecte personele lasten is ook een stelpost voor personele uitgaven opgenomen. Met DVO ophogingen zoals verwerkt in de tweede Begrotingswijziging 2022 heeft de ODRU besloten de vaste toegestane formatie nog niet uit te breiden, in afwachting van de effecten van de terugname van bouwtaken door gemeente Montfoort en het herziene formatieplan. Daarom is een stelpost opgenomen met de te verwachten directe en indirecte personele lasten als gevolg van DVO ophogingen. In de derde begrotingswijziging 2022 zullen de effecten van de DVO verlaging van Montfoort worden verwerkt en zal de nieuwe toegestane vaste formatie worden vastgesteld en financieel vertaald. Verder zijn in lijn met eerdere jaren de eindschaal niveaus voor 2022 inclusief cao-wijzigingen en een opslag van 2,0% aangehouden. Reden om te kiezen voor de eindschaal niveaus is dat circa 80% van de medewerkers is ingeschaald op eindschaal niveau. De resterende ruimte wordt vanuit het voorzichtigheidsprincipe aangehouden voor de opvang van overuren, consignatietoeslag, piketdienst en Omgevingsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

25 Akkoord secretaris:

Begroting 2023

verkoop van verlof. In 2023 houden we rekening met een stijging van de cao en sociale lasten met 2,0%. Voor nadere gegevens: zie bijlage 1 formatieoverzicht. De salarislasten voor de overhead komen uit op 2,94 miljoen (23%) en blijven daarmee onder de norm van 25%. 5.2.1.2 Inhuur derden Hieronder vallen de inhuurkosten van medewerkers en het uitbesteden van werk aan derden. De hoogte van het inhuurbudget bij de uitvoerende taken is nul, immers de vaste formatie is nauwkeurig afgestemd op de DVO’s. Bij de vaststelling van de UVP’s over 2023 kan een verhoging ervan aan de orde zijn. Bijstelling van het budget dient te gebeuren via een begrotingswijziging. 5.2.1.3 Indirecte personeelskosten Indirecte personeelskosten bestaan uit: opleidingskosten, reiskosten woon- en werkverkeer, verzekering personeel, personeelsadministratie, OR kosten en overige kosten. Voor 2023 bedragen deze ongeveer € 653.500. Met het oog op lage reiskostenvergoedingen na corona, is deze post lager ingeschat. Hierbij is rekening gehouden met mogelijke nieuwe onkostenvergoedingen zoals een thuiswerkvergoeding of een vergoeding ter stimulering van duurzaam reizen. 5.2.1.4 Bestuurskosten Het budget voor bestuurskosten in 2023 komt uit op € 86.000. Dit omvat accountantskosten, externe advieskosten en overige bestuurskosten.

5.2.1.5 Algemene kosten Onder deze post zijn onder andere de ICT-, telefonie-, inkoop-, portokosten en kosten voor kantoorartikelen verantwoord. Het beschikbare budget bedraagt € 1.266.500. 5.2.1.6 Huisvestingskosten Voor de kosten van huisvesting is in totaal € 651.500 gebudgetteerd. Een deel van de kosten is direct toe te rekenen aan de NDC-locaties. De meeste kosten staan opgenomen als overheadkosten. 5.2.1.7 Kapitaallasten De kapitaallasten zijn naar raming € 341.000 in 2023. De laatste jaren is er een tendens dat software bij de leverancier wordt geplaatst. Dit heeft tot gevolg dat er minder hoeft te worden geïnvesteerd in hardware (storage, opslag en servers). Hierdoor zijn de kapitaallasten niet evenredig meegestegen na de contractuitbreidingen per 2019 en later. De licentiekosten nemen als gevolg hiervan wel toe. Deze zijn opgenomen als onderdeel van de algemene kosten. Conform de gehanteerde uitgangspunten blijven de investeringen binnen de 3% van de kosten. Een staat van activa is opgenomen in bijlage 3. 5.2.1.8 Diversen Conform de voorschriften vanuit de BBV is voor de post onvoorzien in 2023 een bedrag opgenomen van € 5.000.

5.2.2

Baten

5.2.2.1 Directe personele baten De post directe baten is in 2023 geraamd op € 105.000. Deze raming is gebaseerd op ervaringen uit voorgaande jaren en betreft voornamelijk ziektewetuitkeringen en doorbelasting van interne personele kosten. 5.2.2.2 Gemeentelijke bijdragen eigenaar gemeenten Bij de berekening van de gemeentelijke bijdragen, die in totaal ruim € 15 miljoen omvatten, is uitgegaan van 155.260 contracturen. Dit zijn de DVO-uren, er zijn op dit moment geen meerjarige gecontracteerde uren. De gegarandeerde en tijdelijke uren worden gefactureerd tegen het uurtarief van € 98,50.

Omgevingsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

26 Akkoord secretaris:

Begroting 2023

Bijlage 4 bevat de raming van 155.260 uur, die is verdeeld over de eigenaar gemeenten conform de contracten. Het totaal aantal uren van de eigenaar gemeenten voor het jaar 2023 en volgende jaren is inzichtelijk gemaakt in tabel 13.

Uur type / jaar

2022*

2023

2024

2025

2026

DVO uren (G) + T-uren

163.500

155.260

155.260

155.260

155.260

Projectbudget uren (P) en balansuren (B)

22.000

-

-

-

-

Totaal gemeenten

185.500

155.260

155.260

155.260

155.260

Aanvullende uren

7.000

-

-

-

-

192.500

155.260

155.260

155.260

155.260

Totaal

* INCL. BIJGESTELDE BEGROTING 2022 TABEL 13: OVERZICHT MEERJARIGE CONTRACTUREN

200000 190000 180000 170000 160000 150000 140000 130000 2022*

2023

2024

2025

Uur type / jaar

DVO uren (G)

Tijdelijke uren (T)

Projectbudget uren (P)

Balansuren (B)

Aanvullende uren (A)

2026

*INCL. BIJGESTELDE BEGROTING 2022 FIGUUR 5: AANTAL UUR PER CONTRACTTYPE

5.2.2.3 Projecturen en aanvullende opdrachten In 2023 zijn er geen aanvullende uren begroot.

5.2.2.4 Overige goederen en diensten Voor deze niet uren gerelateerde opbrengsten is in 2023 € 110.000 geraamd. Voor Volkshuisvesting en Milieu gaat het voornamelijk om overige projectinkomsten en voor onderwijs gaat het om inkomsten vanuit de diverse NDC-locaties.

5.2.2.5 Huisvestingsbaten Dit betreft verhuur van de NDC-locatie ‘De Boswerf’.

5.3 Toelichting op de financiële positie 5.3.1 Investeringen & ontwikkelingen Investeringen vinden met name plaats voor ICT en Facilitaire voorzieningen. Al geruime tijd is binnen ICT een ontwikkeling gaande van het zelf aanschaffen van software en centrale hardware naar het afnemen van applicatiesoftware als een service (SAAS). Deze ontwikkeling beïnvloedt de investeringsbehoefte.

Omgevingsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

27 Akkoord secretaris:

Begroting 2023

In 2022 wordt onze werkplek apparatuur vervangen. Voor 2023 is gepland om een vervangingsinvestering te doen van meubilair, met name bureaustoelen. Verder lopen er projecten waarin veranderingen in de infrastructuur worden doorgevoerd. Hiervoor kan een beperkte investeringsvraag nodig zijn. Wanneer door groei van de organisatie of de eerdergenoemde verhuizing aanvullende investeringen nodig zijn, zal dit worden geformaliseerd via een begrotingswijziging.

5.4 Meerjarenbegroting 2024-2026 De meerjarenbegroting 2024 – 2026 sluit de komende jaren steeds met een positief saldo. In 2023 wordt er een resultaat verwacht van € 0,-. De meerjarenbegroting laat een structureel sluitend resultaat zien. Dit geeft de solide en betrouwbare financiële sturing van de ODRU weer. 2e Bijgestelde Begr. 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Directe personeelskosten

12.597.500

12.505.500

12.505.500

12.505.500

12.505.500

Inhuur derden

2.956.500

-

-

-

-

Indirecte personele lasten

812.500

653.500

653.500

653.500

653.500

Bestuurskosten

96.000

86.000

86.000

86.000

86.000

Algemene kosten

1.528.500

1.266.500

1.266.500

1.266.500

1.266.500

Huisvestingskosten

651.500

651.500

651.500

651.500

651.500

Kapitaallasten

223.000

341.000

341.000

341.000

341.000

5.000

5.000

5.000

5.000

5.000

Lasten (in euro's)

Diversen

18.870.500 15.509.000 15.509.000 15.509.000 15.509.000

Totaal lasten

2e Bijgestelde Begr. 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

105.000

105.000

105.000

105.000

105.000

Baten eigenaar gemeenten UVP

17.947.000

15.293.000

15.293.000

15.293.000

15.293.000

Baten aanvullende opdrachten

745.500

-

-

-

-

Overige goederen en diensten

110.000

110.000

110.000

110.000

110.000

1.000

1.000

1.000

1.000

1.000

Kapitaalbaten

-

-

-

-

-

Diversen

-

-

-

-

-

Baten (in euro's)

Directe personele baten

Huisvestingsbaten

Totaal baten

Begroting 2026

18.908.500 15.509.000 15.509.000 15.509.000 15.509.000

Saldo van baten en lasten

38.000

-

-

-

-

Incidentele lasten Uitvoering Koers (Ow)

273.517

-

-

-

-

Incidentele baten Uitvoering Koers (Ow)

165.500

-

-

-

-

Incidentele lasten Uitvoering Efficiëntie

63.000

-

-

-

-

Incidentele baten Uitvoering Efficiëntie

-

-

-

-

-

Incidenteel saldo van baten en lasten

-108.017

-

-

-

-

Geraamd saldo van baten en lasten

-70.017

-

-

-

-

Toevoeging aan reserve Uitvoering Koers

-

-

-

-

-

Onttrekking uit reserve Uitvoering Koers

35.017

-

-

-

-

-

-

-

-

-

Toevoeging aan reserve Efficiëntie

Omgevingsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

28 Akkoord secretaris:

Begroting 2023

Onttrekking uit reserve Efficiëntie

63.000

-

-

-

-

Begroot resultaat

38.000

-

-

-

-

TABEL 14: MEERJARENBEGROTING 2023-2026

Omgevingsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

29 Akkoord secretaris:

Begroting 2023

6.

Omgevingswet

6.1 Uitvoering geven aan de Omgevingswet Minister de Jonge heeft gecommuniceerd dat de Omgevingswet niet inwerking treedt op 1 juli 2022, maar naar verwachting op 1 januari 2023. Het programma Omgevingswet van de ODRU is erop gericht dat de gemeenten en de ODRU per die datum voldoende voorbereid zijn om de wet uit te voeren. Het programma Omgevingswet van de ODRU loopt in 2022 af. Verdere ontwikkeling die na inwerkingtreding nodig is, moet vorm krijgen vanuit de lijnorganisatie. De inwerkingtreding van de Omgevingswet is weliswaar een belangrijk richtpunt, maar dient ook te worden gezien in een breder perspectief van de transitie die tot en met 2029 plaatsvindt met betrekking tot de bescherming en ontwikkeling van de fysieke leefomgeving. De invoering van de Omgevingswet betekent niet alleen een integratie en vereenvoudiging van regelgeving, maar vraagt ook om een andere werkwijze van alle (overheids-)organisaties die betrokken zijn bij de bescherming en ontwikkeling van de fysieke leefomgeving. Kernbegrippen in de nieuwe werkwijze zijn (onder meer): integraal en gebiedsgericht werken, participatie en bestuurlijke afwegingsruimte. In dit verband zijn goede samenwerking in de keten en digitale ondersteuning belangrijke randvoorwaarden. De implementatie van de Omgevingswet is daarom van cruciaal belang voor de Omgevingsdienst en is één van de speerpunten in de koers van de ODRU.

De invoering van de Omgevingswet vraagt van de ODRU een fundamentele verandering: een verandering in zowel de cultuur als in de rol in relatie tot de gemeenten. De ODRU blijft partner en uitvoerder voor de gemeenten. Daarom levert zij ook een bijdrage aan de continue beleidscyclus van onze gemeenten. In 2023 gaat de ODRU voortbouwen op wat het programma Omgevingswet in de periode tot en met 2022 heeft opgeleverd in de volgende vier projecten van het programma: • Helderheid en afspraken over taken en rollen; • Bijdragen aan kennisinstrumenten; • (Digitaal) samen kunnen werken; • Ontwikkelen van kennis en anders werken. 6.2 Structurele impact De Omgevingswet brengt verandering in de taken van de gemeenten en de Omgevingsdienst. Het verandert niet alleen wat we doen, maar ook hoe we dat doen. Deze veranderingen leveren een wijziging op in de structurele bijdrage aan de ODRU. In februari 2021 hebben we in een notitie aan het Algemeen Bestuur een derde inschatting gemaakt, op basis van de op dat moment beschikbare informatie en kennis. De verwachting is, dat de structurele bijdrage (voor het aantal te maken uren en/of producten) stijgt met circa 13%. Een belangrijk deel wordt veroorzaakt door de uitvoering van nieuwe taken rondom bodem, milieu en VTH. Voor uitvoering van de bodemtaken krijgen gemeenten extra financiering vanuit het Rijk.

Op het moment van het opstellen van deze begroting is de omvang van deze financiële dekking voor gemeenten echter nog niet duidelijk. In alle verwachtingen hebben gemeenten en omgevingsdiensten te maken met grote onzekerheid over de daadwerkelijke impact van de Omgevingswet. Met de aanwezige kennis is het doel geweest om zo goed mogelijk inschattingen te maken van de impact van de wet op ons werk en ons hierop voor te bereiden. De echte impact wordt duidelijk wanneer de wet in werking treedt. De impact kan dan mee- of tegenvallen. Dit is een onzekerheid waar de ODRU en gemeenten op bedacht moeten zijn. 6.3 Bodemtaken Met de komst van de Omgevingswet is de verwachting dat bodemtaken die voorheen bij de provincie waren belegd, via de gemeenten bij de ODRU belegd kunnen worden. De ODRU bereidt zich voor om vanaf inwerkingtreding deze taken uit te kunnen voeren. Het Rijk is nog met het IPO en de VNG in overleg hoe de financiële stroom van het Rijk naar de regio voor de uitvoering van deze taken moet gaan lopen. Ook is de omvang van de Rijksmiddelen nog niet duidelijk. De ODRU is in gesprek met de provincie Utrecht om meer zekerheid te krijgen over deze financiering. Zonder dekkingsmiddelen kan de ODRU deze taken niet uitvoeren.

Omgevingsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

30 Akkoord secretaris:

Begroting 2023

7.

Geprognosticeerde balans 2023 – 2026

Balans - Activa (in euro's)

Balans 2021 (JR)

Balans 2022

Balans 2023

Balans 2025

Balans 2024

Balans 2026

Vaste activa

Materiele vaste activa - Investeringen met een economisch nut: - Verbouwingen

12.500

7.500

2.500

-

-

-

- Apparaten /installaties

382.268

750.302

862.649

952.524

1.051.575

1.037.423

394.768

757.802

865.149

952.524

1.051.575

1.037.423

Uitzetting rente looptijd < 1jaar - Vorderingen publiekrechtelijke lichamen - Vorderingen Overige instanties

458.331

450.000

450.000

450.000

450.000

450.000

381.090

10.000

10.000

10.000

10.000

10.000

- Uitzetting in 's Rijks schatkist

3.721.393

2.058.598

1.856.647

1.722.669

1.623.618

1.637.770

4.560.814

2.480.598

2.316.647

2.182.669

2.083.618

2.097.770

- Kassaldo

2.000

1.000

1.000

1.000

1.000

1.000

- Banksaldo

32.761

250.000

250.000

250.000

250.000

250.000

34.761

251.000

251.000

251.000

251.000

251.000

51.546

40.000

40.000

40.000

40.000

40.000

Vlottende activa

Liquide middelen

Overlopende activa - Overige nog te ontvangen bedragen, en vooruitbetaalde bedragen die ten lasten van volgende begrotingsjaren komen

Totaal Activa

5.041.889 3.567.400 3.472.796 3.426.193

3.426.193 3.426.193

TABEL 15A: GEPROGNOSTICEERDE BALANS 2023-2026 – ACTIVA

Omgevingsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

31 Akkoord secretaris:

Begroting 2023

Balans - Passiva (in euro's)

Balans 2021 (JR)

Balans 2022

Balans 2023

Balans 2024

Balans 2025

Balans 2026

Vaste Passiva

Eigen vermogen Reserves - Algemene reserve

703.429

703.429

703.429

703.429

703.429

703.429

- Bestemmingsreserve Koers

107.075

-

-

-

-

-

- Bestemmingsreserve PFAS

1.635

-

-

-

-

-

125.764

62.764

62.764

62.764

62.764

62.764

769.657

38.000

-

-

-

-

1.707.560

804.193

766.193

766.193

766.193

766.193

197.818

71.207

35.603

-

-

-

197.818

71.207

35.603

-

-

-

-

-

-

-

-

-

1.313.033

1.250.000

1.250.000

1.250.000

1.250.000

1.250.000

738.033

400.000

400.000

400.000

400.000

400.000

2.051.066

1.650.000

1.650.000

1.650.000

1.650.000

1.650.000

- Bestemmingsreserve 'Efficiëntie verbeteringen ODRU' Saldo rekening - Resultaat

Voorzieningen - Voorziening boventalligen

Vlottende passiva Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd <1jr - Rekening courant BNG - Crediteuren - Belastingen (BTW) en Premies

Tabel gaat verder op volgende pagina

Omgevingsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

32 Akkoord secretaris:

Begroting 2023

Overlopende passiva - Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume - De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren - Overige vooruitontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen (huurkorting)

17.698

10.000

10.000

10.000

10.000

10.000

1.014.469

1.000.000

1.000.000

1.000.000

1.000.000

1.000.000

53.278

32.000

11.000

-

-

-

1.085.445

1.042.000

1.021.000

1.010.000

1.010.000

1.010.000

5.041.889 3.567.400 3.472.796 3.426.193 3.426.193 3.426.193 Totaal Passiva TABEL 15B: GEPROGNOSTICEERDE BALANS 2023-2026 – PASSIVA

7.1

Toelichting op de geprognosticeerde balans

In deze paragraaf wordt de meerjarige geprognosticeerde balans 2023-2026 toegelicht per onderdeel. 7.1.1

Activa

7.1.1.1 Materiële vaste activa De balanswaarde van materiële vaste activa is begin 2023 naar verwachting gestegen tot ruim € 865.000 en zal daarna doorstijgen tot circa € 1.037.500 in 2026. Met name IT-vervangingsinvesteringen dragen bij aan deze stijging. De ODRU streeft naar een ideaalcomplex waarbij er een evenwicht bestaat tussen afschrijvingen en investeringen. Voor de komende jaren wordt gestreefd naar een investeringsbedrag per jaar van € 400.000. De kantoorinrichting meubilair en dergelijke is niet in de staat van vaste activa opgenomen omdat deze door de verhuurder (provincie Utrecht) zijn aangeschaft. Inmiddels is de inrichting toe aan vervanging en is derhalve opgenomen in de investeringsstaat en gepland om in 2023 vervangen te worden (zie ook bijlage 2). 7.1.1.2 Vlottende activa De balanswaarde van vlottende activa zullen naar verwachting de komende jaren uitkomen op circa € 2,5 miljoen. Dit is fors lager dan in voorgaande jaren op de geprognosticeerde balans was opgenomen. Dat komt met name door de post vorderingen publiekrechtelijke lichamen. Deze post is structureel lager omdat ODRU in samenspraak met zijn eigenaar gemeenten heeft afgesproken de voorschotfacturen over het eerste kwartaal in januari te factureren in plaats van in de maand ervoor.

Omgevingsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

33 Akkoord secretaris:

Begroting 2023

De verwachting is dat de liquide middelen en de overlopende activa, met respectievelijk € 251.000 en € 40.000 niet in waarde zullen veranderen op de balans.

7.1.2

Passiva

7.1.2.1 Eigen vermogen Zoals in de paragraaf weerstandsvermogen omschreven valt het huidige weerstandsvermogen van ODRU onder de vastgestelde bandbreedte van 1,0 en 1,4. Het AB zal worden voorgesteld om het jaarrekeningresultaat 2021 aan te wenden voor een extra dotatie aan de Algemene Reserve. Het weerstandsvermogen komt dan met 809.000 op 1,0 uit. Afwachtende het AB besluit is deze ophoging nog niet verwerkt in de geprognosticeerde balans van ODRU. De verwachting is dat er de komende jaren verder geen grote wijzigingen zullen optreden in het eigen vermogen. Door de doorloop van het programma Omgevingswet wordt in 2022 ook nog de bestemmingsreserve Uitvoering Koers aangewend voor de dekking van het programma. De bestemmingsreserve Efficiëntie verbeteringen ODRU zal in 2022 worden ingezet voor procesverbeteringen binnen ODRU. Voor 2023 wordt nog beleid gemaakt voor de verdere inzet van de reserve. 7.1.2.2 Voorzieningen In de begroting 2023 is een voorziening boventalligen op de balans opgenomen. Deze voorziening bestaat uit twee delen. Het eerste deel heeft betrekking op een boventallige vanuit de reorganisatie uit 2014 waarvoor de ODRU mogelijk een langdurige WW-verplichting heeft en het tweede deel heeft betrekking op de organisatiewijziging uit 2020.

De verwachting is dat de voorziening de komende jaren kan worden afgebouwd doordat boventallige medewerkers elders een werkkring vinden of geen recht meer hebben op een uitkering. Voor zover mogelijk zal de organisatie proberen de boventallige medewerkers hierbij zo goed mogelijk te begeleiden. 7.1.2.3 Vaste Schuld De verwachting is dat de komende jaren geen lening(en) nodig zijn voor de financiering van ODRU. 7.1.2.4 Overlopende passiva De verwachting is dat er bij de vlottende passiva geen grote wijzigingen zullen plaatsvinden. Onder overige vooruit ontvangen bedragen is de huurkorting opgenomen die is ontvangen van de provincie Utrecht. De ODRU heeft per 1 juli 2014 een huurovereenkomst afgesloten voor de periode van 10 jaar. In het contract is opgenomen dat over het eerste jaar (01-07-2014 t/m 30-06-2015) geen huur hoeft te worden betaald. Conform advies van de accountant is de huurkorting verdeeld over de gehele huurperiode van 10 jaar. Het gevolg hiervan is dat de korting als overlopende passiva is opgenomen. Vanaf 2016 wordt deze korting aangewend ten gunste van de huurkosten en loopt deze evenredig af in de jaren tot en met 2023.

7.2 Waarderingsgrondslagen Grondslagen van waardering en resultaatbepaling Voor zover niet anders vermeldt zijn de activa en passiva gewaardeerd tegen de nominale, c.q. inbreng waarde. De begroting is opgesteld in euro’s. Investeringen worden gewaardeerd tegen de werkelijke verkrijgingprijs, zijnde de aanschafwaarde exclusief BTW en eventueel verminderd met ontvangen bijdragen van derden, verminderd met de daarop toegepaste afschrijvingen op basis van de te verwachten economische en/of technische levensduur en met inachtneming

Omgevingsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

34 Akkoord secretaris:

Begroting 2023

van de bepalingen uit de financiële verordening van de Omgevingsdienst, zoals vastgesteld door het AB d.d. 28 september 2017. Op grond van het bovenstaande, en met inachtneming van de bepalingen zoals bedoeld in artikel 35 van het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten, worden de materiële vaste activa lineair afgeschreven in: • • •

15 jaar 10 jaar 3 – 5 jaar

: Technische installaties in bedrijfsgebouwen; : Verbouwingen; kantoormeubilair; : Software; automatiseringsapparatuur; telefooninstallaties.

Activa met een verkrijgingprijs van minder dan € 5.000 worden niet afzonderlijk geactiveerd. Activa worden voor 50% van de werkelijke jaarafschrijving afgeschreven in het jaar van aanschaf en/of technische/economische ingebruikname. Er wordt géén rekening gehouden met een restwaarde.

7.2.1 Europese Economische en Monetaire Unie (EMU) saldo Met het oog op een betere raming en beheersing van het EMU-saldo is in het BBV sinds 2018 een geprognosticeerde balans voorgeschreven. Dit betekent dat met ingang van 2018 in de begroting een geprognosticeerde (meerjaren)balans per 31 december is opgenomen. Het EMU-saldo is een saldo op kasbasis en gemeenten hanteren een stelsel van baten en lasten. Toch is beheersing van het EMU-saldo de afgelopen jaren steeds prominenter op de agenda komen te staan. Op grond van de in Europa gemaakte afspraken is in economisch slechte tijden een EMU-tekort toegestaan (de overheidsschuld mag groeien), maar in economisch goede tijden moet de overheidsschuld afnemen, en daarvoor is een EMU-overschot nodig. Rijk en decentrale overheden zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor de beheersing van het Nederlandse EMU-tekort. De uitsplitsing van deze macronorm naar de verschillende overheidslagen is dan ook een discussie tussen Rijk, gemeenten, provincies en waterschappen die nog volop gaande is. De uitkomst ervan beïnvloedt met name de ruimte die gemeenten hebben om investeringen te doen.

Omgevingsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

35 Akkoord secretaris:

BIJLAGE 1.

Formatieoverzicht 2023

Formatieoverzicht tbv Begroting 2023 Organisatie Directie en controller

Formatie 2e BGW 2022

Formatie 2023

(01-01-2022)

(01-01-2023)

Aantal FTE

kosten 2022 (Bijgestelde begroting)

Aantal FTE

kosten 2023

6,29

€

807.000

6,29

€

823.000

6,29

€

807.000

6,29

€

823.000

Bestuurondersteuning

3,07

€

224.000

3,07

€

228.500

Human Resources

2,56

€

207.500

2,56

€

211.500

Communicatie

1,20

€

109.500

1,20

€

112.000

Totaal management

Planning & Control

3,74

€

294.000

3,74

€

300.000

Bedrijfsbureau

20,17

€

1.487.000

20,17 €

1.516.500

Bedrijfsbureau – uitvoering

-6,10

€

-339.000

-6,10 €

-345.500

Totaal Staf en ondersteuning

24,64

€

1.983.000

24,64 €

2.023.000

Relatiemanagement

2,85

€

245.500

2,85

€

245.000

Integraal Toezicht & Handhaving

35,20

€

2.938.000

35,20 €

2.996.500

Beleid & Vergunningen

36,30

€

2.970.500

36,30 €

3.030.000

Expertise & Advies

28,99

€

2.523.500

28,99 €

2.574.000

Bedrijfsbureau – uitvoering

6,10

€

339.000

6,10

€

345.500

Totaal Uitvoering

109,44

€

9.016.500

109,44 €

9.191.000

Totaal ODRU

140,37

€ 11.806.500

140,37

Aantal FTE

kosten 2022

kosten 2023

Milieu Bouwen en RO (VHROSV)

87,02

7.299.500

7.439.000

15,42

1.228.500

1.253.500

Milieu-educatie en recreatie (onderwijs)

7,00

488.500

498.500

Overhead

30,93

2.790.000

2.846.000

Totaal

140,37

11.806.500

12.037.000

€ 12.037.000

*EXCL. STELPOST Á € 468.500 VOOR NOG TE BEPALEN FORMATIE

Per uniform taakveld

*EXCL. STELPOST Á € 468.500 VOOR NOG TE BEPALEN FORMATIE

Omgevingsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

36 Akkoord secretaris:

BIJLAGE 2.

Staat van activa

Jaar van aanschaf Omschrijving Investeringen verbouwingen 2014 Verbouwing NDC Locatie 'de Boswerf' Totaal Investeringen verbouwingen

Aanschaf Afschrijving waarde termijn

Investeringen apparaten/installaties 2017 Geluidsmeter 2017 Investering software (office 365/Join/HR) 2018 Investering monitoren & toetsenborden 2018 Investering software (OLO-koppeling/Inspectieview/platform jaarverslag) 2018 Investering kantoorinrichting 2018 Geluidsmeter 2019 Investering laptops 2019 Investering Kantoorautomatisering (servers, storage) 2019 Investering software (BI-tool, squit/join/afas koppelingen) 2020 Investering Transitie Kantoorautomatisering 2020 Investering software (migratie servers/oracle/signaaltoezicht app/webgIS/join/bodem) 2021 Investering kantoorinrichting (stoelen NME) 2021 Investering transitie Kantoorautomatisering 2021 2021 Investering software 2021 2022 Vervangen laptopts 2022 Vervangen telefoons 2022 Belcellen 9e verdieping 2022 Vervangen geluidsmeters 2022 Nieuwe website ODRU 2022 Switches Provinciehuis 2022 ODRU eigen fotomateriaal 2022 Invoering nieuw DMS systeem 2023 Vervangingsinvesteringen 2023 - IT 2023 Vervangingsinvesteringen 2023 - Overig Totaal apparaten/installaties TOTAAL

Omgevingsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

Afschrijving Boekwaarde Afschrijving 2023 2022 eind 2022

Boekwaarde eind 2023

50.000

10

5.000 5.000

7.500 7.500

5.000 5.000

2.500 2.500

12.876 53.880 42.035 35.944 44.729 9.923 35.196 178.239 62.941 23.456 96.298 11.828 56.346 52.329 286.000 90.000 20.000 15.000 60.000 25.000 13.000 70.000 300.000 100.000

10 5 5 5 10 10 3 5 5 3 5 10 3 5 3 3 10 10 5 5 3 5 3 5

1.288 5.388 8.407 7.189 4.473 992 5.866 35.648 12.588 7.819 19.260 1.183 18.782 5.233 47.667 15.000 1.000 750 6.000 2.500 2.167 7.000 216.198

5.794 4.203 3.594 24.601 5.458 53.472 18.882 3.909 48.149 10.054 28.173 47.096 238.333 75.000 19.000 14.250 54.000 22.500 10.833 63.000 750.302

1.288 4.203 3.594 4.473 992 35.648 12.588 3.909 19.260 1.183 18.782 5.233 47.667 30.000 2.000 1.500 12.000 5.000 4.333 14.000 50.000 10.000 287.653

4.506 20.128 4.465 17.824 6.294 28.889 8.871 9.391 41.863 190.667 45.000 17.000 12.750 42.000 17.500 6.500 49.000 250.000 90.000 862.649

221.198

757.802

292.653

865.149

37 Akkoord secretaris:

BIJLAGE 3.

Urenoverzicht eigenaar gemeenten

Gemeenten

DVO (G)

Bijdrage per gemeente

Gemeente Bunnik

4.359

€ 429.733

Gemeente De Bilt

8.507

€ 837.940

Gemeente De Ronde Venen

22.859

€ 2.251.612

Gemeente IJsselstein

15.626

€ 1.539.161

Gemeente Montfoort

9.856

€ 970.816

Gemeente Oudewater

4.300

€ 423.550

Gemeente Renswoude

3.310

€ 326.035

Gemeente Rhenen

4.425

€ 435.863

Gemeente Stichtse Vecht

15.923

€ 1.568.416

Gemeente Utrechtse Heuvelrug

10.178

€ 1.002.533

Gemeente Veenendaal

7.362

€ 725.157

Gemeente Vijfheerenlanden

13.100

€ 1.290.350

Gemeente Wijk bij Duurstede

4.716

€ 464.526

Gemeente Woerden

13.679

€ 1.347.382

Gemeente Zeist

17.060 155.260

€ 1.680.410 € 15.293.110

Wijzigingen ten opzichte van de begroting 2021 • Verhoging DVO gemeente De Bilt (3.953 uur) per 2022, via 2e BGW 2022. • Verhoging DVO gemeente Oudewater (254 uur) per 2022, via 2 e BGW 2022. • Verhoging DVO gemeente Rhenen (1.162 uur) per 2022, via 2e BGW 2022. • Verhoging DVO gemeente Veenendaal (371 uur) per 2022, via 2e BGW 2022, waarvan 319 uur een verschuiving betreft van langdurig tijdelijke uren naar DVO-uren. • Verhoging DVO gemeente Wijk bij Duurstede (943 uur) per 2022, via 2e BGW 2022.

Omgevingsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

38 Akkoord secretaris:

BIJLAGE 4.

Toelichting financiële kengetallen

Bron: Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties

Omgevingsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

39 Akkoord secretaris:

BIJLAGE 5.

Informatie verbonden partijen

Gemeenten zijn conform het BBV verplicht gegevens van hun verbonden partijen op te nemen in hun jaarstukken en begroting. In onderstaande tabel zijn enkele gegevens opgenomen en verwijzingen aangegeven waar betreffende gegevens zijn te vinden in deze begroting. Informatie verbonden partijen

beginbalans 2023

eindbalans 2023

Eigen vermogen

804.193

766.193

Vreemd vermogen

2.763.207

2.706.603

Resultaat

Geraamd resultaat bijgestelde begroting 2022

38.000

Geraamd resultaat begroting 2023

informatie te vinden op blz. blz. 31 blz. 31 en 32 blz. 23 en 0 27

Risicobeheersing

blz. 16

Financiële kengetallen

blz. 18

Inzicht in overhead en kosten

blz. 23

Omgevingsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

40 Akkoord secretaris:

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.oudewater.nl/api/v1/meetings/480/documents/14939