CConstaterende datOudewater
Koppel je AI →
Document · PDF

A51 - Ingekomen stuk Derde - Windenergie in het Groene Hart - Voorzorgsbeginsel.pdf

Gemeenteraad 10 juni 2021, gemeente OudewaterBij agendapunt: 6.: Lijst van ingekomen stukken1.977 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Lugt, Arjen van der

CC: Onderwerp: Bijlagen:

Harry van Noord <harryvannoord@gmail.com> dinsdag 18 mei 2021 11:11 !Griffie-oudewater; Wim Knol; Judith de Vor; Elly van Wijk; René van den Hoogen; Vincent Bos; Lugt, Arjen van der; OW-Bestuurssecretariaat; Vries, Danny de Andre de Wit; bestuur@weidevogelbescherming-montfoort.nl; Karl Flieger Windenergie in het Groene Hart: Voorzorgsbeginsel Essay windmolens en Groene Hart.pdf; NOVI-Kaart Beschermde Gebieden.pdf

Categorieën:

Ingekomen stuk

Van: Verzonden: Aan:

Geachte dames en heren, Het Rijk heeft in 2020 een mooi doel geformuleerd: een schoon en duurzaam Nederland in 2050. In de nota Nationale Omgevingsvisie (NOVI) heeft men precies beschreven hoe dat er dan uit moet komen te zien. De Randstad is dan een soort "ring" van aan elkaar geknoopte grote steden met het Groene Hart als oase van rust in het midden. Daarom is dit gebied in de nota ook aangewezen als "Waardevol landschap" waarvan "Versterken en beschermen van unieke landschappelijke kwaliteiten" het hoofddoel is. Dit zijn citaten uit de NOVI zélf. Op de kaart (ook uit de NOVI) kunt u zien om welk gebied het gaat. Plaatsing van windturbines is daarmee natuurlijk in de verste verte niet in overeenstemming. Ik wil u daarom vragen om even wat tijd vrij te maken om het -korte- essay dat ik daarover heb opgesteld, door te nemen. Daarin kunt u lezen waarom ik meen dat de het Rijk, met een prachtig einddoel voor ogen, desondanks uiteindelijk een onwerkbaar plan heeft gemaakt dat het uiteindelijke doel juist tégenwerkt en waarmee men bovendien de lokale bestuurders in het Groene Hart met een onmogelijke opgave heeft opgezadeld. Een opgave waarvoor echter wél een oplossing bestaat. Een oplossing die zowel het einddoel weet te redden als de belangen (waaronder de gezondheid!) van uw inwoners/kiezers beschermt.

En daarbij speelt het Voorzorgsbeginsel een hoofdrol, omdat het gaat over de plicht van de (lokale) overheid om haar inwoners te beschermen tegen maatregelen die mogelijk onevenredige schade toe kan brengen.. Ik dank u bij voorbaat voor de moeite en wens u veel wijsheid in dit dossier. Met vriendelijke groet H.J.M. van Noord Lopik oud-voorzitter Werkgroep Windkracht 10

1

Op naar een groenere wereld In deze tijden van hittegolven en smeltende poolkappen zijn er nog maar weinigen die denken dat we gewoon kunnen doorgaan met het op de oude voet opwekken van energie. De wereld moet naar een duurzamere en dus “groenere” omgang met de aarde en haar hulpbronnen toe. Ook Nederland onderschrijft dit en dat is mooi.

Een groener Nederland wordt geschetst Omdat ook Nederland moet “vergroenen” heeft de landelijke overheid besloten om eerst te omschrijven hoe een duurzaam Nederland er in de toekomst (2050) uit moet zien. Dat leidde tot de “Nota Omgevingsvisie” (NOVI), waarin wordt geschetst hoe in 2050 de leefomgeving eruitziet én hoe we dat kunnen bereiken.

Waar moet aan worden gewerkt om dat te bereiken? De NOVI noemt vier categorieën. Voor elk ervan zijn principiële beleidskeuzes geformuleerd: 1. Klimaat en energie 2. Duurzame economie 3. Stad en Regio 4. Landelijk gebied

Welke beleidsuitgangspunten gelden voor die onderwerpen? 1. Klimaat en energie De belangrijkste beleidskeuze hier is: ontwikkeling van windmolens en zonnevelden. En óók de plek waar de molens moeten komen wordt uitgezocht. Ik citeer: “Om de klimaatdoelstellingen voor 2050 te behalen kiezen wij ervoor het grootste gedeelte van de energieproductie te realiseren door middel van windparken op de Noordzee.” Duidelijke taal. Er moeten windmolens komen maar toch het allerliefst zo veel mogelijk op zee. Op land dus bij voorkeur niet of in elk geval zo weinig mogelijk. 2. Duurzame economie De belangrijkste beleidskeuze is hier: Aandacht voor een goede verhouding tussen arbeid en het welbevinden van de mens. Ik citeer: “Een sterk en internationaal concurrerend vestigingsklimaat vereist niet alleen goede verbindingen en ruimte voor mensen en bedrijven om te werken en te ondernemen, maar vraagt ook een goede kwaliteit van leven: een leefomgeving die de inwoners een ruim en hoogwaardig keuzepalet biedt van voorzieningen op het gebied van wonen, bewegen, recreëren, ontmoeten en ontspannen.” Kern hiervan is dat in de toekomst de leefomgeving in alle opzichten aangenaam, schoon én duurzaam moet zijn. 3. Stad en Regio De beleidskeuze hier is: Een helder onderscheid tussen stad en platteland.

Ik citeer: “We versterken het Stedelijk Netwerk Nederland door de ontwikkeling van de stedelijke regio’s te ondersteunen en te zorgen voor goede onderlinge en externe verbindingen.“ (...) “Verstedelijking vindt plaats in de regio’s waar er vraag is en de grote open ruimten tussen de steden behouden hun groene karakter.” De toekomstige verhouding tussen stedelijk en landelijk gebied wordt hiermee duidelijk geschetst: wat groen is, moet groener worden én blijven en de stad wordt nog meer stad door de huidige grote steden aan elkaar te knopen met goede infrastructuur.

4. Landelijk gebied De belangrijkste beleidskeuze hier is: versterking van wat het platteland kenmerkt: erfgoed, natuur, agrarische arbeid en hun onderlinge verhouding. Ik citeer: “Unieke landschappelijke kwaliteiten worden versterkt en beschermd. Nieuwe ontwikkelingen in het landelijk gebied voegen landschapskwaliteit toe. Omgevingsbeleid wordt landbouwinclusief.” Dit houdt in dat de stadjes en dorpen, de rust, het landelijke aanzien compleet met boerderijen en koeien in de weiden en de activiteiten van de boeren moeten worden versterkt en beschermd.

Wat betekenen deze keuzes voor het Groene Hart? De overheid wil dat het Groene Hart in 2050 nóg groener is dan het nu al is. Compleet met stedenschoon, rustieke boerderijen, mooie natuur en activiteiten die in dienst staan van het agrarische karakter van het gebied. Het zal zijn omringd door steden die aan elkaar worden geknoopt door hoogwaardige snelwegen en spoorverbindingen. Om een vergelijking te maken: het Groene Hart wordt het “Central Park” van de Randstad; een toevluchtsoord voor de stedelingen en een plek waar het voor de bewoners goed leven en werken is. De nota bevat een kaart waarop de toekomst én de plaats die het Groene Hart daarin inneemt in één oogopslag duidelijk wordt:

Over het Groene Hart zegt de nota onomwonden het volgende:

“De aanwezigheid van groene ruimte in het Groene Hart, als contramal van de stedenring, is belangrijk voor de leefbaarheid en het vestigingsklimaat in het gehele gebied van de Randstad. De openheid vormt een belangrijk contrast met de grote steden eromheen.” Dit is duidelijke taal. Het Groene Hart moet open gebied blijven. Als tegenwicht voor de volle steden en om zo te zorgen voor een goed leven en economische voorspoed voor stad én platteland.

Waarom dan windturbines in het Groene Hart? Iedereen snapt dat groepen van 240 meter hoge windturbines niet bijdragen aan het gewenste en noodzakelijke groene en landelijke karakter. Dat die apparaten er nu mogelijk tóch komen, komt doordat de groene energie die een duurzaam Nederland nodig gaat hebben, nu eenmaal moet worden opgewekt. En in de Regionale Energie Strategie zijn die hoeveelheden op te wekken energie netjes over Nederland en dus óók het Groene Hart verdeeld. De som is gemaakt, de uitslag is bekend en de lokale bestuurders mogen daarna bedenken hoe ze die uitslag naar de praktijk moeten vertalen. En dáár gaat het dan uiteindelijk alsnog mis.

Windturbines in het Groene Hart: strijdig met de NOVI zélf De overheid wil in 2050 een nóg Groener Hart dan het nu al is, maar heeft in haar ijver om dat te bereiken een energieplan gemaakt waarin datzelfde Groene Hart gaat dienen als een soort energiefabriek, compleet met reusachtige machines. Met momenteel als enig resultaat dat lokale bestuurders in steden en dorpen als Berkenwoude, Krimpen, Woerden, IJsselstein, Oudewater, Montfoort en Lopik wanhopig proberen de schade te beperken door allerlei hete aardappels weg te schuiven naar een ander bordje. Windmolenplannen komen op en gaan ten onder om vervolgens elders weer op te duiken. Waardoor dus uiteindelijk, als er echt turbines komen, het kind (een mooi en duurzaam Nederland, met een prachtig Groene Hart) met het badwater zal zijn weggegooid.

Een plan is een plan. Maar de mensen dan? Áls er windmolenparken in het Groene Hart komen, gaat het mooie toekomstperspectief van de overheid voor het Groene Hart alsnog ten onder aan pogingen om juist diezelfde toekomst te realiseren. Maar dat is niet het enige. Want de mensen voor wie die mooie toekomst is ontworpen en de pech hebben in de buurt van die molens te wonen, lijden schade. Forse schade. - De huizen worden minder waard. Hans Koster, hoogleraar Stedelijke economie en vastgoed aan de Vrije Universiteit heeft data geanalyseerd over de afgelopen 34 jaar. Het blijkt dat huizen binnen twee kilometer van windturbines gemiddeld 2 tot 5 % minder in waarde zijn gestegen dan elders. Zie: https://www.parool.nl/amsterdam/waardedaling-huizen-door-windmolens-in-en-rondamsterdam-het-maakt-veel-uit-waar-je-ze-neerzet~b6c519d3 - Er dreigt forse gezondheidsschade door het geluid van de turbines. Denk daarbij aan toename van hart- en vaatziekten, depressies, migraine en bloeddrukproblemen. Nog onlangs zijn in verband daarmee plannen voor windturbines bij woningen in Amsterdam geschrapt, na een brandbrief van 100 artsen. Zie: https://www.parool.nl/amsterdam/artsen-uit-noord-en-ijburg-windmolens-dicht-bijwoongebied-wel-degelijk-riskant~b2f95b17/)

Het lokale bestuur en zijn verantwoordelijkheden De gemeenteraad is gekozen door haar inwoners en heeft tot taak goed voor die mensen te zorgen. Maar men moet ook betrouwbaar en loyaal zijn voor partners waarmee men samenwerkt, zoals de hogere overheid. In de kwestie van de windturbines botsen die belangen. En daar is niks aan te doen. Want: óf ze komen, óf ze komen niet. Er is geen tussenweg. Er moet gekozen worden. Als nu duidelijk is dat windturbines in het Groene Hart de gang naar een Groener Hart juist tégenwerken en bovendien voor de eigen inwoners forse schade dreigt, lijkt mij de keus duidelijk. Er dient “nee’ te worden gezegd. Maar dan dreigt direct een conflict met de hogere overheden. Want: het Groene Hart moet voldoen aan de RES-afspraken ..

Machtsmiddel lokaal bestuur: het Voorzorgprincipe Mocht het lokale bestuur de belangen van de eigen inwoners/kiezers bovenaan willen zetten, dan heeft men dus argumenten nodig die niet alleen hout snijden maar óók juridisch verdedigbaar zijn, wil men de windturbines tegen kunnen houden. Welnu, dan kan, door zich te beroepen op het zogeheten Voorzorgprincipe. Dit is een moreel en politiek principe dat stelt dat: “als een ingreep of een beleidsmaatregel ernstige of onomkeerbare schade kan veroorzaken aan de samenleving of het milieu, de bewijslast ligt bij de voorstanders van de ingreep of de maatregel als er geen wetenschappelijke consensus bestaat over de toekomstige schade.” De (lokale) overheid moet dus voorkómen dat ze een beleidsmaatregel neemt die schade aan de eigen inwoners zou kunnen toebrengen. Zélfs al zou die te verwachten schade nog niet helemaal van tevoren vast staan. Want dat laatste maakt voor het Voorzorgprincipe dus niet uit. Welnu, dat er schade dreigt voor de inwoners is evident. En dus moet de overheid (in dit geval de gemeentelijke overheid) volgens dit principe ervoor zorgen dat de schade niet gaat optreden. En dus geen windturbines plaatsen. Met een beroep op deze juridische zorgplicht voor haar inwoners kan de gemeenteraad dus plaatsing van de turbines succesvol tegengehouden, is mijn stellige overtuiging.

En dan kan de landelijke overheid op basis van haar eigen uitgangspunten van de NOVI, vervolgens betere plekken uitzoeken en aldus de in de RES gemaakte vergissing herstellen. Mei 2021 H.J.M. van Noord Lopik

Nationale keuzes toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied Bodemdaling in veenweidegebieden (Bk 4.1) Rijk vraagt provincies om regionale veenweidestrategieen op te stellen Natuur op land en water (Bk 4.2) Beschermen en versterken van de biodiversiteit (Natuurnetwerk Nederland, grote wateren) Land- en tuinbouwgebieden (Bk 4.3) Mogelijk maken van een duurzaam en vitaal landbouw- en voedselsysteem, gebaseerd op kringlopen en natuurinclusiviteit Waardevolle landschappen en nationale parken (Bk 4.4) Versterken en beschermen van unieke landschappelijke kwaliteiten Verstedelijkte gebieden en infrastructuur ..........................................................................................................................................................................................................................................................................

De omcirkelde gedeeltes zijn de aardevolle Landschappen en Nationale Parken Daarvoor geldt Beleidskeuze (Bk) 4.4: “Versterken en beschermen van unieke en landschappelijke kwaliteiten” (Noot HvN)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.oudewater.nl/api/v1/meetings/393/documents/12051