A09. Raadsinformatiebrief U10 Evaluatie 2025 Oudewater (208838).pdf
Tekst van het document
RAADSINFORMATIEBRIEF
Van college van burgemeester en wethouders Vergadering van 16 december 2025 Kenmerk Z/25/093244 / D/25/208838 Portefeuillehouder Agnes Jongerius Portefeuille Intergemeentelijke samenwerking Opsteller Schaafsma, Camilla Onderwerp U10 Evaluatie 2025 Oudewater
Kernboodschap In 2025 heeft een evaluatie plaatsgevonden van de U10 samenwerking. Uitkomst hiervan is dat de colleges de U10 samenwerking waarderen als overwegend kansrijk. We zijn tevreden met het behalen van de resultaten dusver, maar méér resultaten zijn hard nodig om de groei van onze regio op een gezonde en duurzame manier in goede banen te leiden. Daarom wordt de samenwerking verdergaand versterkt. De colleges hebben zich in de collegepeiling het meest kritisch uitgelaten over de mate waarin de U10 passend georganiseerd is. Hierbij wordt de kern van de besturingsfilosofie breed gewaardeerd: niet ‘zij van de regio’ versus ‘wij van de gemeenten’ maar ‘de regio, dat zijn we zelf’. Geconcludeerd kan worden dat het huidige samenwerkingsmodel, een lichtvoetige collegeregeling, niet ter discussie staat. Het uitgangspunt blijft dat de U10 een netwerkorganisatie is, waarin het leeuwendeel van het werk gedaan wordt door bestuurders en medewerkers van de deelnemende gemeenten. Als inherent nadeel van dit samenwerkingsmodel zien en ervaren we wel een gebrek aan bestuurskracht. Aanvullend op de uitgangspunten, werkwijze en afspraken zoals beschreven in de Uitvoeringsagenda Integraal Ruimtelijk Perspectief (IRP), dat in 2025 is vastgesteld in elk college, is het volgende vastgesteld om de bestuurskracht verdergaand te bevorderen: 1. Ontwikkelrichting inhoud: meer focus. a.
Leidend in iedere collegeperiode wordt een op de kernopgave gerichte en eenvoudig te communiceren MRU West Agenda (zie alinea 2a voor toelichting op MRU West). b. Bij het vaststellen van de MRU West Agenda wordt expliciet gemaakt wanneer de overweging plaats vindt om de focus op het ruimtelijk-economisch domein te verbreden met het sociaal domein. c. Bij het vaststellen van de MRU West Agenda wordt meteen duidelijk gemaakt wat de thema’s zijn waarvoor een bestuurlijk coördinator en een ambtelijk coördinator wordt aangesteld. 2. Ontwikkelrichting rolverdeling: meer helder. a. De naam U10 wordt gewijzigd in MRU West. MRU West is de netwerkorganisatie van zestien Utrechtse colleges van burgemeester en wethouders en is primair gericht op de samenwerking tussen de gemeenten rond onze kernopgave (het in goede banen leiden van de groei van onze regio) en secundair gericht op het verkrijgen van beleidsmatige en financiële steun van met name de decentrale medeoverheden: de provincie en waterschappen. MRU (Metropoolregio Utrecht) is de netwerkorganisatie van de MRU West, de Regio Amersfoort en de provincie Utrecht en is primair gericht op het verkrijgen van financiële en beleidsmatige steun van het Rijk en Brussel.
b. De rol van de burgemeesters wordt geëxpliciteerd: zij zijn procesregisseur voor het ter informatie meenemen van de raad op het schaalniveau van zowel de MRU West als de betreffende gebiedsalliantie. Ook vervullen een klankbordrol voor de voorzitter en vicevoorzitter van het Voorzittersoverleg, Burgemeestersoverleg en Regieoverleg. c. Er wordt duidelijk aangegeven hoe de organisatie komt tot de bemensing van bestuurlijke rollen. 3. Ontwikkelrichting werkwijze: meer eenduidig. a. Er komt meer eenduidigheid in de werkwijzen rond de Bestuurlijke Overleggen; het Voorzittersoverleg ziet hierop toe. b. Het aantal Bestuurlijke Overleggen wordt gereduceerd en gebundeld en er wordt gezorgd voor een betere verbinding tussen deze inhoudelijke overleggen en de bijeenkomsten die primair gericht zijn op relatievorming, inspiratie en kennisuitwisseling. c. Colleges worden gefaciliteerd en gestimuleerd hun raden meer eenduidig betrekken.
Toelichting In 2019-2020 is de U10 governance herijkt en hebben de indertijd twaalf deelnemende colleges van B&W op basis hiervan het bestuursconvenant Samenwerking U10 gemeenten ondertekend. In 2021-2022 is het Bestuursconvenant Samenwerking U10 gemeenten opnieuw ondertekend samen met de toetredende colleges van B&W van de gemeenten De Ronde Venen, Lopik, Montfoort en Oudewater. In artikel 20 van het convenant Samenwerking U10 gemeenten staat bepaald: • In 2025 vindt een evaluatie plaats van dit bestuursconvenant. Opvolgend wordt er iedere vijf jaar een evaluatie van de samenwerking op basis van dit bestuursconvenant uitgevoerd. • De evaluatie richt zich onder meer op: a. de bestuurlijke samenwerking; b. de behaalde resultaten; c. de organisatorische ondersteuning; d. de benodigde financiële bijdrage. Het doel van de Evaluatie 2025 is drieledig: 1. Leren van de werking van de governance in de afgelopen vijf jaar en op basis hiervan versterken van de bestuurlijke en organisatorische randvoorwaarden. 2. Vooruitzien naar de te verwachten ontwikkelingen in de komende vijf jaar en op basis hiervan versterken van de bestuurlijke en organisatorische randvoorwaarden. 3. Benutten van de gelegenheid om direct betrokken bestuurders en ambtenaren mee te nemen in een geactualiseerd beeld van het waarom en hoe van de U10.
In het eerste kwartaal van 2025 is via een Collegepeiling aan alle zestien colleges van B&W gevraagd om feedback op het functioneren van de U10. Om de resultaten uit de Collegepeiling te valideren, verrijken en verdiepen zijn gesprekken gevoerd met de (plaatsvervangend) voorzitters van de bestuurstafels en het bestuurlijk overleg IRP, de deelnemers aan het regieoverleg en enkele andere betrokken binnen en buiten het netwerk. Meestal waren dit individuele gesprekken, in sommige gevallen waren dit groepsgesprekken gericht op een of meerdere thema’s. Een overzicht van personen is opgenomen in bijlage 6.1 van het rapport. De uitkomsten hiervan als ook de aangepaste conceptversie zijn vervolgens herhaaldelijk in de verschillende gremia binnen de U10 als ook in de colleges besproken.
Financiën Het wordt haalbaar geacht om de drie ontwikkelrichtingen binnen de volgende financiële kaders te verwezenlijken: de vaste bijdragen wijzigen niet; de uitgangspunten voor tijdelijke bijdragen wijzigen niet; colleges reserveren prolongatie IRP-bijdragen 2028-2031. De totale bijdrage van Oudewater aan de U10 in 2026 is € 27.448 verdeeld over de volgende onderdelen: • Convenant samenwerking U10 gemeenten: € 14.920
• Mobiliteitsconvenant € 4.069 • Realisatie IRP € 8.459
Vervolg In de komende periode zal gestart worden met het implementeren en uitwerken van de genoemde ontwikkelrichtingen.
Bijlagen D25/208839 Rapport Evaluatie 2025