CConstaterende datOudewater
Koppel je AI →
Document · PDF

2021.10.05 Beantwoording artikel 32-vragen CDA-fractie inzake 'Vervolgvragen intentieovereenkomst SBZO'.pdf

Forum Ruimte 26 oktober 2021, gemeente OudewaterBij agendapunt: 7.: Ter inzage liggende stukken1.718 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSINFORMATIEBRIEF met beantwoording artikel 32 vragen

Van college van burgemeester en wethouders Vergadering van Kenmerk Z/21/026170 / D/21/034621 Portefeuillehouder Bob Duindam Portefeuille Ruimtelijke Ordening Opsteller Beumers, Richard Onderwerp Beantwoording Schriftelijke vragen art. 32 RvO van CDA inzake Vervolgvragen intentieovereenkomst SBZO

Beantwoording van de vragen In vervolg op onze vragen d.d. 11 juni 2021 en uw beantwoording d.d. 6 juli 2021 met kenmerk Z/21/017248/D/21/027512 heeft de CDA-fractie onderstaande (vervolg)vragen over de afgesloten intentieovereenkomst met SBZO. Risico’s voor gemeente: 1. In alle ontvangen stukken missen wij een totaaloverzicht van de risico’s die de gemeente loopt bij de realisatie en exploitatie van het nieuwe zwembad en welke beheersmaatregelen per risico hiervoor zijn om dit risico sterk te verkleinen dan wel tot nul te reduceren. Heeft de gemeente/het college deze risico analyse gemaakt ? Zo ja, dan ontvangen wij die graag. Zo nee, waarom is dat niet gedaan en is het college bereid dit alsnog te doen? Antw. Op dit moment wordt gewerkt aan een integrale risico-analyse van de projecten van Statenland, Zwembad en Skeelerbaan tezamen op basis van de laatste inzichten. Dit omdat de onderlinge verbondenheid groot is. Ook zijn er al beheersmaatregelen getroffen en worden er doorlopend diverse risico’s verder verkleind of scherper in beeld gebracht. Door het sluiten van de intentieovereenkomst met SBZO is het speelveld zo veel mogelijk afgebakend en is bekend welke risico’s we in kaart moeten brengen.

De CDA-fractie heeft in ieder geval al de volgende vragen over de volgende onderwerpen: 1. De gemeente gaat garant staan voor de lening van 2,5 mio euro gedurende 50 jaar. Dit is een (veel) langere afschrijvingstermijn dan de gemeente hanteert. Ook is dit een (veel) langere termijn dan de gegarandeerde exploitatietermijn. Welke risico’s zijn hier voor de gemeente aan verbonden? In welke omstandigheden is het mogelijk dat de gemeente alsnog deze lening moet gaan aflossen? Antw. Er bestaat het risico dat SBZO op enig moment niet meer de exploitatie van het zwembad doet. Dit betekent dan dat het zwembad terug gaat naar de gemeente en de gemeente dan ook verantwoordelijk wordt voor de lening en exploitatie. 2. In de correspondentie met SBZO is regelmatig te lezen: "Zoals bekend is ons toegezegd dat wij geen financieringslasten hebben. Dit is ook ons uitgangspunt.". Kan het college ons een integraal financieringsoverzicht verstrekken voor de totale investering en de dekking hiervan? Antw. De benoemde correspondentie is verouderd daar er bij de intentieovereenkomst wel afspraken zijn gemaakt over financieringslasten. Wij zullen u voorafgaand aan bijeenkomst eind oktober/begin november u een integraal financieel overzicht in hoofdlijnen toesturen. 3. We hebben grote waardering voor de inzet van SBZO als initiatiefnemer om een nieuw zwembad te realiseren. Doch

SBZO blijft een stichting die geen vlees op de botten heeft om grote financiële tegenvallers in de realisatiekosten en exploitatiekosten op te vangen. Welke risico’s loopt de gemeente als zich financieel zwaar weer aandient die niet gedekt kunnen worden door SBZO zelf? Antw. De gemeente zal jaarlijks met SBZO overleg voeren over de prestaties. Indien SBZO in financieel zwaar weer zou komen zullen zij eerst keuzes moeten maken in hun bedrijfsvoering. Indien zij niet zelf financieel er uit komen, dan zal de gemeente mogelijk ook financiële keuzes mee moeten maken. Dit kan een extra bijdrage betekenen, en dit zal in de risico-analyse duidelijk worden. 4. Voor de realisatie van het zwembad draagt de gemeente al 2,5 mio euro bij voordat formeel alle planologische processen zijn doorlopen om over te gaan tot woningbouw op Statenland alsmede dat vast staat tegen welke kosten van de gemeente de skeelerbaan verplaatst wordt en hoe deze gedekt worden. Welke risico’s zijn hier voor de gemeente verbonden? Kan het college ons een integraal financieringsoverzicht verstrekken voor de totale investering en de dekking hiervan? Antw. Er is nog geen sprake van dat de gemeente al 2,5 miljoen Euro bijdraagt. Het is wel onze intentie dat te gaan doen maar de besluitvorming daarover ligt bij de raad.

Voorafgaand aan de raadsbijeenkomst eind oktober begin november zult u een integraal financieel overzicht in hoofdlijnen ontvangen Eigendom zwembadopstallen De zwembadopstallen komen na realisatie in eigendom van SBZO of een daaraan gerelateerde stichting. Echter de gemeente draagt 2,5 mio bij in de stichtingskosten en staat garant voor de lening van de overige 2,5 mio euro. 1. Waarom komt dan toch het geheel in eigendom van SBZO en behoudt de gemeente alleen de grond in eigendom en een preferente positie in de toekomst van het zwembad? Wat houdt een preferente positie in de praktijk in ?? Antw. De realisatie en exploitatie van het zwembad zal een volledige verantwoordelijkheid zijn van SBZO. Hiermee kan zij zelfstandig opereren om tot een optimale realisatie en exploitatie van het zwembad te komen. De preferente positie betekent dat de gemeente op het moment dat SBZO ophoudt te bestaan het zwembad, om niet, in eigendom krijgt en dat deze niet naar andere partij gaat. Grondopbrengst Statenland Het bij te dragen deel in de realisatiekosten van 2,5 mio euro is door het college gekoppeld aan de geprognosticeerde grondopbrengsten van Statenland als dat gebied in zijn geheel beschikbaar komt voor woningbouw.

Echter die grondopbrengsten worden pas gegenereerd op het moment dat woningbouw daadwerkelijk gebeurt en de betaling van de 2,5 mio bijdrage aan het zwembad vindt al plaats voordat planologisch geregeld/besloten is over de woningbouw op Statenland en welk woningbouwprogramma daar gerealiseerd wordt. Daarbij komt dat op het moment van deze vraagstelling ook nog geen overeenkomst tussen SVO en gemeente bestaat over het verplaatsen van de skeelerbaan en de kosten die daarbij voor rekening komen van de gemeente. De volgende vragen: 1. Voor welk woningbouwprogramma op Statenland is nu geraamd dat dit een opbrengst heeft van 2,5 mio euro? Graag verdelen in aantallen woningen, woningtypen en prijs/huurklasse en toetsing aan het gemeentelijk woningbouwbeleid. Antw. Voor de planvorming Statenland is het uitgangspunt dat voldaan wordt aan de gemeentelijke Woonvisie. Voorafgaand aan de raadsbijeenkomst zult u een overzicht ontvangen van het beoogde woningbouwprogramma en de verwachte opbrengst en de gehanteerde uitgangspunten. 2. Wat zou het betekenen voor het woningbouwprogramma op Statenland als we sturen op een budgetneutrale grondopbrengst van Statenland? Zijn er dan goedkopere woningen te realiseren en/of meer sociale huurwoningen? Antw. Het huidige uitgangspunt is dat Statenland voldoet aan de uitgangspunten van de Woonvisie. 3.

De gehele geraamde grondopbrengst van Statenland wordt besteed aan de financiële bijdrage aan het zwembad. Op welke wijze wordt dan de verplaatsing van de skeelerbaan gefinancierd? Antw. Op dit moment is er geen dekking voor de verplaatsing van de skeelerbaan. De kosten voor de skeelerbaan maken onderdeel uit van het integraal financieel overzicht in hoofdlijnen. 4. Wat zijn de risico’s voor de gemeente als er geen overeenkomst komt met SVO over het verplaatsen van de skeelerbaan? Is de in de intentieovereenkomst overeengekomen bijdrage aan het zwembad dan nog mogelijk? Antw Indien er geen overeenkomst wordt gesloten met SVO dan heeft dit direct effect op de ontwikkeling van Statenland omdat er dan minder woningen gebouwd kunnen worden. Dit heeft vooral gevolgen voor de woningen op Statenland. Maar doordat er dan ook minder infrastructuur gerealiseerd kan en moet worden heeft dit ook een dempend effect op de ontwikkelingskosten van Statenland. Aanbesteding zwembad: In beantwoording op vraag 9 van het CDA (vragen/antwoorden 11 juni) stelt het college dat door de hoogte van de bouwsom en de beperkte inhoudelijke betrokkenheid van de gemeente, maar vooral als gevolg van het burgerinitiatief er geen noodzaak is tot Europese aanbesteding. Als CDA-fractie ontvangen wij graag een separate notitie op dit punt van een gespecialiseerd aanbestedingsjurist.

Mede door de grote financiële betrokkenheid van de gemeente (2,5 mio bijdrage in stichtingskosten en garantstelling voor de

lening van de overige 2,5 mio) bij de realisatie betwijfelen we sterk dat de stelling van college om niet openbaar dan wel Europees aan te besteden juridisch houdbaar is. Wij vragen dit mede in het licht van de accountantsverklaring van het afgelopen jaar en verzoeken daarbij het gemeentelijk aanbestedingsbeleid te beoordelen, alsmede relevante jurisprudentie op het terrein van subsidierecht. Antw. Onze aanbestedingsjurist is op dit moment zijn advies aan het opstellen met de laatste inzichten en in de intentieovereenkomst benoemde kaders. Wij zullen de conclusie met u delen. Maatschappelijke Kosten/baten analyse Het college is voornemens te onderzoeken of een aanvullende jaarlijkse bijdrage van 20.000,= in de exploitatiekosten te verstrekken is op basis van de in opdracht van SBZO uitgevoerde maatschappelijke kosten/baten analyse. Hiertoe wil het college prestatieafspraken maken tussen zwembad (SBZO?) en de Wulverhorst.

Vraag: Neemt het college in haar onderzoek/afweging/besluit ook mee dat als je op die manier extra subsidiebijdragen gaat verstrekken aan het zwembad dat ook andere Oudewaterse maatschappelijke organisaties/verenigingen/stichtingen een beroep kunnen doen op de gemeente als ze aannemelijk kunnen maken dat ook zij een toegevoegde waarde hebben bij het reduceren van bijvoorbeeld de WMO-kosten? Zo nee, waarom niet en zo ja, wat zijn dan de criteria voor een ieder om binnen een gelijk speelveld in aanmerking te komen voor een dergelijke extra subsidiebijdrage? Antw. Wij kijken verwachtingsvol uit naar andere MKB-Analyses die een dergelijk standpunt onderbouwen. Rapport TREEM Over het 2e opinion onderzoeksrapport van Treem de volgende vraag: 1. Het rapport wordt in hoofdstuk 5.2 afgesloten met 8 aanbevelingen. Welke acties, over welke aanbevelingen/conclusies heeft het college uitgezet richting SBZO en is daar inmiddels een reactie van SBZO van bekend? Antw. De aanbevelingen zijn besproken tussen gemeente en SBZO. SBZO heeft hier inmiddels al diverse acties op ondernomen. Realisatieovereenkomst Bij beantwoording van een aantal van onze vragen d.d. 11 juni wordt gemeld dat dit wordt uitgewerkt in een nog op te stellen realisatieovereenkomst.

Vraag: Wanneer en op welke wijze wordt de gemeenteraad betrokken bij de definitieve besluitvorming over deze realisatieovereenkomst? Naar onze mening gaat het om een zodanig majeur project met bijbehorende risico’s voor de gemeente dat het geen collegebevoegdheid is om deze realisatieovereenkomst, zonder voorafgaande besluitvorming van de gemeenteraad, te ondertekenen. Antw. Bij de komende raadsbijeenkomst zullen we u ook inzicht geven in het vervolgtraject. Dit betreft zowel de realisatie als de exploitatie. Vanzelfsprekend krijgt de gemeenteraad in de besluitvorming de rol die haar toekomt.

Bijlagen Vragen reglement van orde: D/21/034620

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.oudewater.nl/api/v1/meetings/422/documents/13087