CConstaterende datOude IJsselstreek
Koppel je AI →
Document · PDF

Uitnodigingskader lokale duurzame energie opwekking 2020.pdf

Raadsvergadering 26 januari 2023, gemeente Oude IJsselstreekBij agendapunt: 3: Kleinschalige windmolens10.244 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

27

Tabel 2: Inpassingsmatrix wind

Ashoogte

Binnen waardevol landschap

Binnen kansgebied

Binnen kansgebied met waarde bestemmingsplan buitengebied

Op (toekomstige) bedrijventerreinen

Aanvullende opmerkingen: Voor alle categorieën gelden de algemene criteria voor inpassing.

V Ja

V Ja

V Ja, mits - rekening houdend met de waarde bij de inpassing

V Ja

X Nee, tenzij - er bijzondere omstandigheden zijn

V Ja, mits - onderdeel van het erfensemble

V Ja, mits - onderdeel van het erfensemble - rekening houdend met de waarde bij de inpassing

V Ja

Eén stuk per erf, bij meer wordt het maatwerk in overleg

X Nee, tenzij - er bijzondere omstandigheden zijn

V Ja, mits… (maatwerk)

V Ja, mits… (maatwerk) - rekening houdend met de waarde bij de inpassing

V Ja, mits… (maatwerk)

Alle initiatieven voor grotere windmolens worden als maatwerk elk afzonderlijk beoordeeld binnen de wettelijke milieuvoorschriften. Het gaat dan alleen om initiatieven in het zuid- en zuidwestelijke deel van de gemeente.

In huidige bestemmingsplan Buitengebied: < 15 m tiphoogte Mini windmolens

< 25 m ashoogte kleine windmolens

> 25 m ashoogte grote windmolens

28

Tot een (tip)hoogte van 15 meter toegestaan binnen het bouwvlak van bedrijfsmatige bestemmingen (voor agrarische- en niet-agrarische bedrijven).

Inpassingscriteria mini en kleine windmolens De inpassingkaart geeft aan waar de mogelijkheden zijn. Voor de mini- en kleine windmolens zijn de volgende inpassingscriteria van toepassing: o De molens voldoen aan de wettelijke milieunormering voor geluid, slagschaduw e.d.; o Solitaire opstelling alleen gekoppeld aan erven of bedrijfsgebouwen (dus onderdeel van het erfensemble); o Rekening houden met zichtlijnen in het landschap vanaf huizen, wegen en paden, monumentale gebouwen; o Rekening houden met en plaatsen binnen bestaande landschapsstructuren (zoals kavelgrenzen, paden, steilranden, essen en beplantingselementen); o Kansen benutten van het behoud, versterken en/of herstellen van (historische) landschapskarakteristieken en -structuren; o Paden en wegen die openbaar zijn blijven openbaar; o In het bouwwerk is rekening gehouden met de fauna in het gebied; o De afstand tot de woning, of bebouwing als geen woning aanwezig is, mag niet meer zijn dan 100m; Participatiecriteria mini en kleine windmolens Voor mini en kleine windmolens gelden dezelfde minimale eisen voor procesparticipatie als bij zonnevelden (zie 3.3) met de afwijking dat bij kleine windmolens de omwonenden in een straal van 1 km betrokken moeten worden. Er gelden geen richtlijnen voor financiële participatie.

Inpassingscriteria grote windmolens Windenergieprojecten voor grote windmolens (>25 m) worden afzonderlijk beoordeeld. De ruimtelijke afweging voor initiatieven van grote windmolens vallen buiten dit kader. Ze worden als maatwerk afzonderlijk behandeld en volgens de reguliere RO procedures. Wel moeten deze initiatieven voldoen aan de richtlijnen voor participatie zoals beschreven voor grote zonnevelden (zie 3.3). Initiatieven die in het waardevolle gebied vallen zijn niet bij voorbaat uitgesloten maar moeten we een aanzienlijke meerwaarde bieden voor het gebied. Als enkele molens van een park in het kansgebied vallen in het waardevolle gebied, zal de gemeente hier individueel over beslissen.

3.7 Gemeentelijk beoordelingsproces biomassa Initiatieven voor energieopwekking uit biomassa volgen de onderstaande procedure. In het principeverzoek omschrijft de initiatiefnemer de criteria uit 3.7 (volgens bijlage 7). Bij een positieve beoordeling gaat het initiatief een reguliere projectprocedure in. Deze is inclusief een ruimtelijke onderbouwing en waar noodzakelijk een m.e.r.-procedure en de daarbij benodigde onderzoeken. Dit kader behandelt voornamelijk het ruimtelijke aspect en de participatie. In het geval van biomassa komt de vraag van de duurzaamheid van het materiaal erbij dat als input wordt gebruikt. De gemeente neemt dit aspect mee in de toetsing van een initiatief.

29

Hieronder de schematische weergave van het beoordelingsproces:

Toetsing Vooroverleg met gemeente voor indiening principeverzoek

Inpassingskaart, Inpassingsmatrix, Inpassingscriteria, Procesparticipatie, Duurzaamheidstoets

Wettelijke Projectbesluit Procedure

Reguliere aanvraag Omgevingsvergunning bouwen

voor het verlenen van een omgevingsvergunning

(Ruimtelijke onderbouwing)

3.8 Uitnodigingskader Biomassa Inpassingskaart De Inpassingskaart is te vinden in bijlage 1. Inpassingsmatrix biomassa In de inpassingmatrix hieronder maken we onderscheid tussen biomassacentrales of –kachels (thermisch) en biomassavergisters. Biomassacentrales produceren warmte door het verbranden van organische stoffen zoals hout. Bij biomassavergisters worden organische stoffen vergist en ontstaat er biogas.

30

Tabel 3: Inpassingsmatrix biomassa

Type opstelling

Binnen waardevol landschap

Kansgebied

Binnen kansgebied met waarde bestemmingsplan buitengebied

Op (toekomstige) bedrijventerreinen

Biomassacentrale < 15 kW

V Ja, mits - onderdeel van het erfensemble

V Ja, mits - onderdeel van het erfensemble

V Ja, mits - onderdeel van het erfensemble

V Ja, mits - onderdeel van het erfensemble

Biomassacentrale < 0.5 MW

X Nee

X Nee

X Nee

V Ja, mits - onderdeel van het erfensemble

Biomassavergister

X Nee

V Ja, mits - onderdeel van het erfensemble

V Ja, mits - onderdeel van het erfensemble

X Nee

X Nee, tenzij… (maatwerk)

V Ja, mits… (maatwerk)

V Ja, mits… (maatwerk)

V Ja, mits… (maatwerk)

X Nee, tenzij… (maatwerk)

V Ja, mits… (maatwerk)

V Ja, mits… (maatwerk)

V Ja, mits… (maatwerk)

3

< 200 m /uur

Biomassavergister 3

< 700 m /uur

Industriële biomassavergister

Aanvullende opmerkingen: Voor alle categorieën gelden de algemene criteria voor inpassing.

Al mogelijk binnen bestemmingsplan Binnen het bouwvlak voor eigen gebruik Eigen gebruik bij particulieren of bij bedrijven buiten bouwvlak

Biomassa centrale op bedrijventerrein Binnen bouwvlak

Al mogelijk binnen bestemmingsplan Binnen het bouwvlak voor eigen gebruik Boerderijvergisters: - 1 of 2 vergistingssilo’s - mestvergister bij agrarisch bedrijf mag zonder maatregelen tegen geuroverlast Collectieve biomassavergisters: - 6 tot 12 vergistingssilo’s - Eisen voor ontsluiting van grondstoffen, restproducten en eventueel het biogas Alle initiatieven voor biomassavergisters <700 m3/uur worden als maatwerk elk afzonderlijk beoordeeld binnen de wettelijke milieuvoorschriften. Industriële biomassavergisters: -industriële organische reststromen -afhankelijk van de grootte en de milieucategorie moet per bedrijventerrein bekeken worden of vestiging op die locatie mogelijk is -hinderafstand ten opzichte van de dichtstbijzijnde hindergevoelige functie (zie regionaal koersdocument) Alle initiatieven voor industriële biomassavergisters worden als maatwerk elk afzonderlijk beoordeeld binnen de wettelijke milieuvoorschriften.

*Biomassavergisters zijn M.E.R. beoordelingsplichtig bij een capaciteit van 100 ton te vergisten biomassa per dag 31

Inpassingscriteria Biomassa heeft als categorie van duurzame energie opwekking een andere ruimtelijk impact dan zonnevelden en windmolens omdat de installaties vaak aangesloten zijn bij (agrarische) bedrijfsgebouwen. Er zijn daarom geen aparte inpassingscriteria opgenomen. Initiatieven zijn maatwerk en worden per plan beoordeeld. Wel wordt aandacht gevraagd voor de landschappelijke inpassing bijvoorbeeld door: o o o

Plaatsing binnen bestaande kavelgrenzen en groenstructuren; Rekening te houden met zichtlijnen in het landschap en/of vanaf huizen, wegen en paden; Een groene zone rondom de installaties.

Participatiecriteria De participatiecriteria gelden alleen voor de biovergisters, niet voor de biomassacentrales. De gemeente eist bij dit soort initiatieven alleen de volgende minimale inspanning voor procesparticipatie: o o o

De initiatiefnemer toont aan contact te hebben gehad over het plan met de direct omwonenden binnen een straal van 400 meter; De initiatiefnemer organiseert een informatiebijeenkomst voor omwonenden in de Nederlandse taal; De gemeente stelt geen eisen voor financiële participatie maar staat er wel positief tegenover.

Duurzaamheidscriteria De afweging op het gebied van duurzaamheid is maatwerk. De gemeente volgt de landelijke discussie en gaat de nieuwste kennisstand in haar beoordeling meenemen. Een initiatiefnemer moet onder andere aan de volgende criteria denken (lijst niet uitputtend*****): o o o o

Gebruik van rest- en/of afvalstoffen; Gebruik van materiaal uit de regio (weinig transport); Klimaatneutraal materiaal, inclusief transport; Materialen zijn voor langere tijd beschikbaar (15 – 20 jaar).

******Zie ook de eisen van het rijk onder https://www.rvo.nl/onderwerpen/duurzaam-ondernemen/duurzame-energieopwekken/bio-energie/duurzaamheidseisen-biomassa.

32

4 Overig: planning, kosten en bestemmingsplan Procedurele kosten In de anterieure overeenkomst is opgenomen dat de initiatiefnemer verantwoordelijk is voor planschade. De gemeente hanteert leges voor het aanvragen van een omgevingsvergunning. Gemeente Oude IJsselstreek wil de haalbaarheid van duurzame energie opwekking initiatieven maximaal faciliteren door vigerende bouwleges te hanteren met daarbij 20% betaling voor, en 80% na toekenning van een Rijkssubsidie voor Duurzame Energie (nu SDE+). Planning tranches zon Bij zonnevelden worden twee tranches van 30 ha mogelijk gemaakt. Echter de exacte hoeveelheden passen zich wel in alle redelijkheid aan bij de specifieke plannen. De geselecteerde plannen kunnen gezamenlijk iets hoger of lager uitkomen. De ingediende en goedgekeurde plannen zijn leidend. Uiteindelijk gaat het om de hoeveelheid opgewekte energie (in MWh of GWh) uit de eigen doelstelling en de RES. Het aantal hectares is een middel om deze tastbaar te maken. De planning is als weergegeven in de tabel hieronder: Tabel 4: Planning tranches

Eerste tranche, reeds geselecteerd (ongeveer 30 ha)* Indienen principeverzoeken Tot 1 oktober 2019 Beoordeling principeverzoeken Uiterlijk 1 december 2019 Tweede tranche (ongeveer 30 ha)* Indienen principeverzoeken Tot 1 april 2021 Beoordeling principeverzoeken Uiterlijk 1 juni 2021 *de hoeveelheid hectares worden bepaald door de exacte plannen. De exacte hoeveelheid te realiseren hectares kunnen iets afwijken van 30 ha. Ten opzichte van de eerste versie van het uitnodigingskader is de opening van de tweede tranche verzet van najaar 2020 tot voorjaar 2021. De hoofdreden is een uitgebreide evaluatie van het kader en het beoordelingsproces op basis van de eerste tranche. Om het aangepast kader te gebruiken moet deze vastgesteld worden door de gemeenteraad.

Beoordeling bij specifieke gevallen De initiatieven worden beoordeeld door de gemeente; hiervoor zijn zorgvuldig afwegingscriteria opgesteld. Er kunnen zich echter specifieke situaties voordien die de gemeente zo op voorhand niet kon anticiperen. In deze gevallen heeft de gemeente de mogelijkheid om af te wijken van het Uitnodigingskader. Dit afwijkende oordeel moet goed worden gemotiveerd. Vastleggen in het bestemmingplan Voor zon initiatieven die worden geselecteerd voor het vergunningtraject wordt een projectbesluitprocedure gestart. Daarmee krijgt elk initiatief een vergunning voor bepaalde tijd voor planologisch strijdig gebruik. Voor mini-zonnevelden is naar aanleiding van de ingediende principeverzoeken in de eerste tranche een eigen traject beschreven. Op termijn zal die categorie worden opgenomen in een algemene planologische regeling in bestemmings- of omgevingsplan

33

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.oude-ijsselstreek.nl/api/v1/meetings/4512/documents/25503