September 2020 - Startnotitie Transitievisie Warmte.pdf
Tekst van het document
Startnotitie Transitievisie Warmte Oude IJsselstreek
20 augustus 2020 Conny Huijskes, Sandra van Vliet
Inleiding In de meeste huishoudens is aardgas nu nog een vanzelfsprekende keuze voor verwarmen en koken. Daar komt de komende 30 jaar verandering in. Niet in één keer, maar geleidelijk en gefaseerd, door middel van een wijkgerichte aanpak. In het Klimaatakkoord staat dat gemeenten de regierol krijgen bij de wijkgerichte aanpak. Hoe wij, en andere gemeenten, dit gaat oppakken en in welke wijk we wanneer aan de slag gaan, wordt vastgelegd in de Transitievisie Warmte. In het Klimaatakkoord is afgesproken dat iedere gemeente voor het eind van 2021 een Transitievisie Warmte heeft. De Transitievisie Warmte is een majeur beleidstraject, waarvoor een startnotitie op z’n plaats is. Belangrijk is te realiseren dat warmtetransitie de persoonlijke levenssfeer van mensen beïnvloedt. Dat schept de verantwoordelijkheid voor een zorgvuldig proces om het vertrouwen van mensen te verdienen. Maatschappelijk draagvlak in dit project cruciaal, naast inzicht in de technische mogelijkheden om de warmtetransitie te realiseren. Het traject hoeft pas in 2050 afgerond te zijn. Het Rijk stimuleert gemeenten wel om voor 2030 wijken van het gas af te halen en zo ervaring op te doen. De gemeente Oude IJsselstreek heeft vooralsnog niet het streven om vóór 2030 al een wijk af te koppelen van het aardgas. We willen alleen op basis van vrijwilligheid wijken of delen daarvan afkoppelen.
In dit document wordt het een en ander toegelicht over de Transitievisie Warmte. Eerst worden de aanleiding, de achtergronden en de wettelijke verplichtingen geschetst. Vervolgens wordt het doel benoemd. Onder het kopje “kansen, knelpunten en uitgangspunten” worden relevante zaken waar rekening mee gehouden moet worden beschreven. Tot slot wordt het proces op hoofdlijnen aangegeven in 7 stappen. Er wordt een voorstel gedaan voor de aanpak in de gemeente Oude IJsselstreek waarin de procedure, de planning, de rol van betrokkenen is aangegeven.
Aanleiding, achtergronden en wettelijke verplichting Klimaatakkoord, mondiaal en nationaal In 2015 heeft Nederland in Parijs ingestemd met het mondiale VN-Klimaatakkoord. Net als andere landen moet Nederland een flinke inspanning leveren om de opwarming van de aarde te beperken van 1.5 tot maximaal 2 graden Celsius. Hoe we dit gaan doen op nationaal niveau is vastgelegd in een nationaal Klimaatakkoord dat op 28 juni 2019 werd gepresenteerd. Het einddoel is dat in 2030 de uitstoot van broeikasgassen met 49 % is verminderd t.o.v. 1990. In 2050 is dit 95 %. De energietransitie is een essentieel onderdeel van het Klimaatakkoord. Energietransitie betekent de overgang van energiegebruik uit fossiele brandstoffen, zoals aardgas, naar volledig duurzame energie uit bijvoorbeeld zon, wind, water en biomassa. Onderdeel van de energietransitie is de warmtetransitie, oftewel een transitie naar een aardgasvrije gebouwde omgeving. Dit is een enorme opgave, en het heeft een grote impact op de eigenaren en gebruikers van de bijna 7 miljoen woningen en 1 miljoen andere gebouwen in Nederland. Het is een exercitie waarbij er aanpassingen in bijna alle gebouwen gedaan moeten worden. Zo gaan we in grote getalen onze individuele gasgestookte cv-ketels omruilen voor een
2
vorm van duurzame warmte. In veel gevallen moeten tegelijkertijd ook de woningen zelf worden aangepast. Het streven is om in 2030 al een kwart miljoen huizen aardgasvrij te hebben. Andere redenen Naast de nationale en internationale afspraken zijn er ook andere redenen waarom Nederland op den duur naar een andere duurzame warmte bron wil. Zo heeft de provincie Groningen heeft last van aardbevingen als gevolg van de jarenlange aardgaswinning. Als gevolg hiervan heeft het kabinet in 2018 besloten helemaal te stoppen met het oppompen van het Groningse aardgas. Daarnaast is om geopolitieke redenen het wenselijk om geen of maar beperkt aardgas te importeren en zelf als land zo veel mogelijk in je eigen energiebehoefte te voorzien. Wettelijke verplichting; regierol gemeenten en samenhang plannen Gemeenten hebben een belangrijke regierol in de warmtetransitie. Het Klimaatakkoord omvat verschillende niveaus van planvorming. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor planontwikkeling op regionaal, gemeentelijk en wijkniveau. Deze plannen hangen nauw met elkaar samen en beïnvloeden elkaar, met name doordat ze periodiek worden herzien. Het gaat om: Regionale Energiestrategie (RES) Transitievisie Warmte (TVW) Wijkuitvoeringsplannen (WUP) De wettelijke grondslag voor deze plannen wordt opgenomen in de nieuwe Omgevingswet.
In bijlage 1 meer toelichting over de verschillende plannen en de relatie tussen de verschillende plannen. Rol Transitievisie Warmte Elk van de drie genoemde plannen speelt een eigen rol in de energietransitie. De RES gaat om strategische keuzes: voor welke soorten duurzame energie kiest de regio en hoeveel en waar wordt die duurzame energie (n.m. elektriciteit) opgewekt. En: welke alternatieve warmtebronnen zijn in de regio beschikbaar en hoe worden die verdeeld. De Transitievisie Warmte geeft het tijdspad aan voor het aardgasvrij maken per wijk: wanneer kunnen welke wijken van het aardgas worden afgekoppeld. Als er wijken vóór 2030 gepland staan, moet de gemeente van het Rijk voor die wijken ook al de mogelijke warmte-alternatieven uitwerken. Het wijkuitvoeringsplan vertaalt de informatie en keuzes uit de RES en de Transitievisie Warmte naar een praktische uitvoering. Opleverdatum Transitievisie Warmte De Transitievisie Warmte moet uiterlijk eind 2021 klaar zijn. De coronacrisis heeft geen effect op die datum, minister Wiebes heeft daarover in een kamerbrief van 19 juni het volgende geschreven: “Besluitvorming over de transitievisies warmte kan doorgaan ondanks de uitgestelde inwerkingtreding van de Omgevingswet per 1 januari 2022. In het Klimaatakkoord is afgesproken dat gemeenten hun transitievisies warmte uiterlijk eind 2021 vaststellen.
Gemeenten kunnen op grond van hun autonome bevoegdheid tot het vaststellen van beleidsplannen de transitievisie warmte vaststellen. Als een transitievisie warmte wordt vastgesteld die voldoet aan de eisen voor een programma onder de Omgevingswet, komt deze te gelden als een
3
programma onder de Omgevingswet.” (bron: kamerbrief over Gevolgen COVID-19 voor het klimaat- en energiebeleid, 19 juni 2020)
Om zeker te zijn dat we voor eind 2021 de Transitievisie Warmte klaar hebben en voldoende tijd hebben voor onder meer zorgvuldige bewonersparticipatie, gaan we in september 2020 van start.
Doel van het project Met de Transitievisie Warmte maken gemeenten het tijdspad voor de warmtetransitie inzichtelijk. Bepaald wordt wanneer elke wijken van het aardgas worden afgekoppeld. De volgorde voor het afkoppelen van de wijken wordt gezamenlijk bepaald op basis van gedegen analyses waarin technische, financiële en sociaaleconomische criteria worden meegenomen. Het is een participatief proces waarin bestuurders, stakeholders (in- en extern) en de inwoners worden betrokken. Als er wijken zijn die voor 2030 gepland staan, maakt de gemeente ook al de mogelijke warmte-alternatieven bekend. Het doel is om vóór eind 2021, een Transitievisie Warmte op stellen in de vorm van een document dat: is gebaseerd op de richtlijnen die vanuit het Rijk zijn gegeven; is gebaseerd op zorgvuldige participatie door bewoners en relevante organisaties ; geschikt is voor het uitwerken van wijkuitvoeringsplannen ; voldoet aan de afspraken uit het Klimaatakkoord ; voldoet aan de eisen voor een programma onder de Omgevingswet .
Kansen, knelpunten en uitgangpunten Hieronder de probleemstelling (kansen en knelpunten) en de uitgangspunten die zich voordoen bij het opstellen van de Transitievisie Warmte.
Ondersteuning door Rijksoverheid Aangezien alle gemeenten voor dezelfde uitdaging staan is in het Klimaatakkoord afgesproken dat er ondersteuning voor de gemeenten moet zijn. Deze bestaat vooralsnog uit een tweetal kennisplatforms (Expertise Centrum Warmte ECW en Programma Aardgasvrije Wijken PAW). Er zijn richtlijnen ontwikkeld waar een Transitievisie Warmte aan moet voldoen. In bijlage 2 meer informatie hierover. Regionale samenwerking In de regio wordt op het gebied van de energietransitie al veel samengewerkt. Daardoor zijn er op regionaal niveau kansen om op bepaalde onderdelen van de Transitievisie Warmte gezamenlijk op te trekken. Hiervoor is het “Regiovoorstel samenwerken aan de warmtetransitie” van 20 februari 2020 opgesteld. Er is inmiddels een regionale warmtewerkgroep gestart, die veel informatie verzamelt en deelt. Ook is ervoor gekozen om de technische-financiële en sociaal-economische analyses die nodig zijn voor de Transitievisie Warmte gezamenlijk uit te voeren. Dit heeft het voordeel dat de hele Achterhoek werkt met dezelfde analyses. Bovendien is het financieel gunstiger.
4
Budget In december 2019 heeft het Rijk per gemeente al € 202.101.- beschikbaar gesteld voor het maken van de Transitievisie Warmte en om een begin te maken met de wijkuitvoeringsplannen. Het bedrag is door de raad in een bestemmingreserve gezet. De kosten voor met maken van de Transitievisie Warmte kunnen betaald worden uit deze bestemmingsreserve Klimaatmiddelen. Inhuur expertise De Transitievisie Warmte is een tamelijk omvangrijk project, waar we nog geen ervaring mee hebben. Het is immers de eerste keer dat we deze opstellen. Daar komt bij dat de Transitievisie Warmte ten grondslag ligt aan de uitvoeringsplannen die we daarna moeten maken, dat participatie belangrijk is en dat de beschikbare tijd beperkt is. Om binnen de beschikbare tijd een kwalitatief hoogwaardig product te kunnen maken waar we mee verder kunnen, laten we ons bijstaan door een extern bureau dat ervaring heeft met het proces en het opstellen van Transitievisie Warmte. Maatschappelijke impact; communicatie en participatie Naast inzicht in de technische en financiële mogelijkheden om de warmtetransitie te realiseren, is maatschappelijk draagvlak voor dit project cruciaal. We zijn ons zeer bewust dat we met deze visie en de daarop volgende wijkuitvoeringsplannen bij de mensen achter de voordeur komen. Iedereen krijgt ermee te maken, al is er voor het totale traject 30 jaar de tijd.
Zorgvuldige communicatie en participatie is dan ook van cruciaal belang om tot een gedragen en realistische visie te komen. We zullen bij de keuze voor het externe adviesbureau de ideeën en presentatie omtrent participatie zwaar laten meewegen. We maken een communicatie- en participatieplan en nemen de inwoners in het gehele traject mee. Beleid in ontwikkeling: gaten in beschikbare kennis Het aardgasvrij maken van de gebouwde omgeving is relatief nieuw; veel zaken zijn op dit moment nog niet bekend of uitgekristalliseerd. Zo worden er nieuwe wetten geschreven of komen er aanpassingen aan bestaande wetgeving, en zijn er ontwikkelingen in de financieringsmodellen en beschikbare technieken. Een deel van dit probleem ondervangen de eerdergenoemde platforms ECW en PAW, alle ontwikkelingen worden daar op de voet gevolgd. Dit neemt niet weg dat de Transitievisie Warmte die we in 2021 opleveren een aantal onzekerheden zal bevatten. Dat geldt echter voor elke gemeente. Om die reden wordt de Transitievisie Warmte tenminste elke 5 jaar herzien, het proces biedt daarmee ruimte voor het implementeren van voortschrijdend inzicht. Nog geen wijken verplichten om voor 2030 van het gas af te gaan Het traject hoeft pas in 2050 afgerond te zijn. In 2050 is de gemeente aardgasvrij. Het Rijk stimuleert gemeenten wel om voor 2030 wijken van het gas af te halen en zo ervaring op te doen.
Een gedragen wijkuitvoeringsplan moet dan eind 2021 af zijn. Tussen een goedgekeurd wijkuitvoeringsplan en de daadwerkelijke tijdstip dat de gaskraan dicht gaat wordt een periode van 8 à 10 jaar gerekend (te informatie over de wijkuitvoeringsplannen in bijlage 3). De gemeente stimuleert al een aantal jaar om inwoners om op basis van vrijwilligheid gasloos te wonen. Er zijn meerdere projecten die in de gemeente lopen, bijvoorbeeld:
5
o
project NoM-renovaties; mensen krijgen advies om hun huis energieneutraal te renoveren;
o
alle nieuwbouw in de gemeente is gasloos;
o
nieuwbouw van de circulaire Heuvelstraat in Silvolde;
o
we proberen een Wijk van de Toekomst te starten in de gemeente, in deze wijk wordt samen met
o
de inwoners een stappenplan gemaakt om gasloos te worden. advies van het Agem Energieloket over gasloos wonen;
o
beschikbaarheid toekomstbestendig wonen lening.
Toch heeft de gemeente Oude IJsselstreek heeft vooralsnog niet het streven om vóór 2030 al een wijk af te koppelen van het aardgas. We willen alleen op basis van vrijwilligheid wijken afkoppelen. We stimuleren als gemeente dus wel het aardgasvrij maken van woningen en wijken maar gaan het voor 2030 niet verplichten.
Proces op hoofdlijnen en planning In grote lijnen bestaat het project uit 7 stappen. De onderstaande planning is globaal en indicatief en wordt tijdens het proces nader ingevuld. Betrokkenheid gemeenteraad Het college informeert de raad actief als er belangrijke wijzigingen in de planning zijn. De raad wordt op meerdere momenten betrokken in het proces. Momenten waarop de raad betrokken wordt zijn: Stap 1; de startnotitie ter informatie naar de raad en bespreken in de commissie FL. Begin stap 4; een presentatie aan en een gesprek met de raad over: - over het doel, de implicaties en de aanpak; - presenteren uitgevoerde analyses en geselecteerde criteria; - bespreken afwegingskader, bespreken weging van criteria. Eind stap 4; vaststellen van de criteria en de weging ervan door de gemeenteraad. Stap 6; presenteren en bespreken concept TVW. Stap 7; vaststellen TVW in gemeenteraad. Stap 1: voorbereiding (juli – september 2020) In deze fase zitten we nu. Het belang van de Transitievisie Warmte wordt duidelijk. Aanpak en doel TVW bespreken in het college. Selectie adviesbureau. Startnotitie maken voor college (1 september) en raad (16 sept/ 24 sept). Startnotitie ter informatie in de raad, en bespreken in de commissie FL Stap 2: introductie / verkennen (september – oktober 2020) In deze stap gaat het vooral om het uitlijnen van het proces.
Zo wordt de werkgroep samengesteld en worden er keuzes gemaakt in de detail aanpak. Ook wordt basis informatie verzameld.
6
Project start up, o.a. concrete afspraken over vorm, samenstellen projectgroep, frequentie en planning inwonersparticipatie. Verkennend gesprek met verantwoordelijke wethouder. Eerste bijeenkomst werkgroep. Communicatie- en participatieplan maken (voor het gehele traject). Optie; enquête over warmtetransitie, bijvoorbeeld via het platform Oude IJsselstreek spreekt.
Stap 3: uitvoeren analyses (regionaal), criteria bepalen en valideren (augustus 2020 - januari 2021) In het Klimaatakkoord is afgesproken dat de gemeenten zoveel mogelijk programmeren op basis van de laagste maatschappelijke kosten en kosten voor de eindgebruiker. Echter, de afweging welke buurten als eerste van het aardgas afgaan is niet alleen technisch-financieel van aard. Er zijn ook sociaaleconomische criteria van belang. Regionaal gaan we daarom verschillende analyses uitvoeren om die criteria te selecteren die in de Achterhoek van belang zijn. We sluiten aan bij de methode van het ECW. In november komen de analyses beschikbaar. Regionale data analyses, inventariseren en valideren (de criteria op basis waarop de wijkvolgorde wordt bepaald worden duidelijk Stap 4: volgordelijkheid wijken vaststellen door afstemmen en afwegen (december2020 – maart 2021) In deze fase wordt aan de vastgestelde criteria een gewicht toegekend. De criteria en de weging hiervan geven uiteindelijk een prioritering aan van de wijken. Het eindresultaat is de voorlopige planning: de volgorde waarin de wijken in de gemeente Oude IJsselstreek van het gas afgaan.
Aan het begin van deze stap een presentatie aan en een gesprek met de raad over : - over het doel, de implicaties en de aanpak; - presenteren uitgevoerde analyses en geselecteerde criteria; - bespreken afwegingskader, bespreken weging van criteria. In concept bespreken wat een logische en haalbare wijkvolgorde van afkoppeling (met stakeholders, cq. werkgroep). Concept wijkvolgorde bespreken met wethouder. Optie; 1ste bewonersavond, informerend en het gesprek aangaan met de bewoners. Eind stap 4; vaststellen van de criteria en de weging ervan door de gemeenteraad. Stap 5: bepalen globale uitvoeringsstrategie (april –juni 2021) De Transitievisie Warmte is een visie, in de visie willen we ook al aandacht geven aan hoe de uitvoering moet lopen. In de uitvoeringsstrategie wordt in grote lijnen vastgelegd hoe de uitvoering vormgegeven gaat worden. De uitvoeringsstrategie wordt in een later stadium verder uitgewerkt in de Wijkuitvoeringsplannen. Werksessies werkgroep, uitvoeren communicatie- en participatiestrategie, vooruitblik naar de WUP’s. Raming maatschappelijke kosten en baten, eindgebruikers kosten.
Stap 6: schrijven en presenteren concept Transitievisie Warmte (juni –sept 2021) Als de gemeente, in nauwe samenwerking met de stakeholders, is gekomen tot een voorkeursvolgorde wanneer wijken of buurten van het aardgas afgaan, kan de Transitievisie Warmte worden opgesteld. Het is belangrijk om zowel inhoudelijk als procesmatig te onderbouwen hoe de Transitievisie Warmte tot stand is
7
gekomen. Wie hebben hieraan meegewerkt (zowel interne en externe stakeholders), hoe sluit dit aan bij de overige beleidsplannen van de gemeente (denk hierbij ook aan de ontwikkeling van de Omgevingsvisie) hoe heeft het participatieproces eruit gezien en op basis van welke afwegingen is de gemeente tot dit beleid gekomen? Schrijven TVW. Uitvoeren botsproef; bots de TVW met de RES en andere regelingen? Presenteren concept TVW aan werkgroep. Presenteren concept TVW aan college en raad. Optie: 2de bewonersbijeenkomst. Stap 7: vaststellen Transitievisie Warmte (okt- dec 2021) De gemeenteraad zal de Transitievisie Warmte uiterlijk op 31 december 2021 vaststellen. De Transitievisie Warmte dient vervolgens (minimaal) iedere vijf jaar geactualiseerd te worden. Vaststellen TVW in gemeenteraad. Optie: communicatie, bewonersactie.
Belanghebbenden Het proces wordt begeleid door twee personen. Naast de beleidsmedewerker energietransitie neemt het externe adviesbureau de rol van procesregisseur op zich. Er wordt een werkgroep samengesteld die gezamenlijk de Transitievisie Warmte zal opstellen. Hierin zitten interne en externe belanghebbenden. De manier van werken wordt in stap 2 bepaald. Te betrekken belanghebbenden zijn tenminste: - de wethouders duurzaamheid en ruimtelijke ordening - het college - de gemeenteraad, commissie FL - ambtenaren: duurzaamheid, ruimtelijke ordening, volkshuisvesting, beheer openbare ruimte, vergunningen (bouwen), communicatie, sociaal domein e.d. - Wonion - Waterschap Rijn en IJssel - netbeheerder Liander - Agem - belangenorganisaties - inwoners - inwoners van de Wijk van de Toekomst
Bijlage 1: Bijlage 2: Bijlage 3:
Samenhang gemeentelijke plannen in de Warmtetransitie Beschikbare ondersteuning Rijksoverheid Wijkuitvoeringsplannen
8
Bijlage 1; Samenhang gemeentelijke plannen in de Warmtetransitie Regionale Energiestrategie (RES) De RES geeft invulling aan de afspraken uit het Klimaatakkoord die zijn gemaakt aan de sectortafels voor Elektriciteit en Gebouwde omgeving. In de RES van de Regio Achterhoek wordt de opgave vastgelegd voor de opwekking van elektriciteit in de Achterhoek. Daarnaast is in de RES een specifiek hoofdstuk opgenomen over warmte: de Regionale Structuur Warmte (RSW). In de RSW wordt ingegaan op de regionale warmtevraag, de warmtebronnen, de benodigde infrastructuur, de afstemming omtrent warmtebronnen en de bovenlokale kansen en uitdagingen op het gebied van warmtetransitie. Transitievisie Warmte (TVW) De Transitievisie Warmte wordt door de gemeente gemaakt en geeft het tijdspad aan voor het aardgasvrij maken per wijk: wanneer kunnen welke wijken van het aardgas worden afgekoppeld. Voor de wijken die voor 2030 gepland staan, maakt de gemeente ook al de mogelijke warmte-alternatieven bekend. De Transitievisie Warmte wordt samen met stakeholders gemaakt en moet eind 2021 door de gemeenteraad worden vastgesteld. De Transitievisie Warmte is geen star document en wordt ten minste elke vijf jaar herzien. Dit Plan van Aanpak beschrijft hoe de TVW van gemeente Oude IJsselstreek tot stand komt.
Wijkuitvoeringsplannen (WUP) Op basis van de planning in de Transitievisie Warmte wordt per wijk een verdiepingsslag gemaakt in een wijkuitvoeringsplan. Daarin bepaalt de gemeente samen met de betrokken stakeholders welke warmtebron en techniek voor de wijk geschikt is en op welke datum de levering van aardgas daadwerkelijk beëindigd wordt. Daarnaast zijn belangrijke onderdelen in het plan de financiering van de transitie en de communicatie & participatie. Het wijkuitvoeringsplan is nadrukkelijk een participatief proces waarin bewoners, vastgoedeigenaren en andere stakeholders tot een gedragen plan komen. Voor wijken waarvan de transitie voor 2030 gepland is, moet uiterlijk eind 2021 al een wijkuitvoeringsplan worden vastgesteld.
Figuur; relatie van de drie plannen die gemeenten moeten opstellen
9
Bijlage 2 Beschikbare ondersteuning Rijksoverheid De duurzame transformatie van de gebouwde omgeving is een enorme landelijke opgave. Aan deze transformatie zijn diverse aspecten verbonden, zoals technische, financiële en ook sociale. Aangezien alle gemeenten voor dezelfde uitdaging staan is in het Klimaatakkoord afgesproken dat er ondersteuning voor de gemeenten moet zijn in de vorm van een tweetal kennisplatforms (Expertise Centrum Warmte ECW en Programma Aardgasvrije Wijken PAW). De platforms maken gebruik van dezelfde informatie en er is een gedeeltelijke overlap. Het aardgasvrij maken van de gebouwde omgeving is relatief nieuw; veel zaken zijn op dit moment nog niet bekend of uitgekristalliseerd. Zo worden er nieuwe wetten geschreven of komen er aanpassingen aan bestaande wetgeving, en zijn er ontwikkelingen in de financieringsmodellen. Op de platforms ECW en PAW zijn de ontwikkelingen te volgen.
Expertise Centrum Warmte (ECW) https://www.expertisecentrumwarmte.nl/default.aspx Het Expertise Centrum Warmte (ECW) ondersteunt de gemeenten technisch en economisch bij de warmtetransitie van de Nederlandse woningen en gebouwen. Een belangrijk instrument van het ECW is de Leidraad. Met behulp van de Leidraad kunnen gemeenten een afgewogen keuze maken welk warmte-alternatief voor welke wijk het meest passend is. De Leidraad bestaat uit 2 delen: o de Startanalyse, die is ontwikkeld door het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) o de Handreiking voor lokale analyse De Startanalyse is een technisch-economische analyse voor elke buurt of wijk in de gemeente. Hiervoor heeft PBL vijf warmtestrategieën uitgewerkt. Voor elke buurt of wijk in de gemeente is in de Startanalyse een eerste globale selectie gemaakt. Deze selectie is opgenomen in een gemeenterapport, waarbij per buurt of wijk inzicht wordt gegeven in de nationale kosten en de eindgebruikerskosten per strategie. De Startanalyse is een uitgangspunt en moet nog verfijnd worden met een lokale analyse per buurt of wijk. PBL helpt de gemeenten op weg met de lokale analyse met een Handreiking.
Programma Aardgasvrije Wijken (PAW): https://aardgasvrijewijken.nl/default.aspx Naast de ECW is er een tweede relevante website: het Programma Aardgasvrije Wijken (PAW). Hier is meer praktische informatie te vinden over hoe wijken aardgasvrij te maken. Op dit platform staat informatie over het Kennis- en Leerprogramma (KLP), de proeftuinen en diverse thema's die een rol spelen bij de aardgasvrije opgave. Op deze site worden thema’s die nog in ontwikkeling zijn behandeld. Procesmatige hulpmiddelen zijn: o de Handreiking Participatie Wijkaanpak Aardgasvrij o het Stappenplan Transitievisie Warmte. Het Stappenplan is ontwikkeld met gemeenten die al ervaring hebben en is geen vaste route maar meer een voorbeeld voor hoe een proces zorgvuldig aan te pakken.
10
Bijlage 3 Wijkuitvoeringsplannen Het maken van een Transitievisie Warmte is een begin, het echte werk om de gemeente aardgasvrij te maken moet dan nog beginnen. In de Transitievisie Warmte geven we een onderbouwde planning aan, en voor de wijken die vóór 2030 van het aardgas afgaan geven we ook de mogelijke warmte-alternatieven. In de wijkuitvoeringsplannen worden de plannen uitgewerkt en definitief gemaakt. Het maken van de wijkuitvoeringsplannen is geen onderdeel van dit document. Het is een apart traject en wordt per wijk of wijken die ongeveer tegelijkertijd aan de beurt zijn opgepakt. In het wijkuitvoeringsplan beschrijft een gemeente - na een doorlopen participatieproces in de wijk - de definitieve alternatieve energie-infrastructuur van een wijk en de einddatum wanneer deze van het aardgas afgaat. Daarbij is het een gezamenlijke verantwoordelijkheid van alle partijen dat dit een reëel, betaalbaar alternatief is voor eigenaren en bewoners. Dit biedt het kader waarbinnen gebouweigenaren, netbeheerders, warmtebedrijven, gemeenten, aanbieders van verduurzamingspakketten en andere partijen investeringsbeslissingen nemen. Om te komen tot het uitvoeringsplan heeft een gemeente ongeveer twee jaar nodig. Er zijn ook gemeenten die parallel aan de Transitievisie Warmte een of meerdere uitvoeringsplan(nen) opstellen.
Cruciaal binnen het uitvoeringsplan is de participatie van gebouweigenaren- en gebruikers. Het uitvoeringsplan op wijkniveau moet uiterlijk 8 à 10 jaar voor dato worden vastgesteld. Deze termijn is in het Klimaatakkoord aangegeven en is er op gericht dat inwoners vroegtijdig worden betrokken en kunnen anticiperen op de transitie.
Figuur; schematische weergave van de planning naar een aardgagsvrije gemeente
11