Raadsvoorstel VNOG jaarstukken 2022 en programmabegroting 2024-2027.pdf
Tekst van het document
Raadsvoorstel Datum raadsvergadering
: 29 juni 2023
Zaaknummer
: 589837
Onderwerp:
: Jaarstukken 2022 en programmabegroting 2024-2027 VNOG
De raad wordt voorgesteld 1. Kennis te nemen van de voorlopige jaarstukken 2022 VNOG; 2. Geen zienswijze in te dienen op de programmabegroting 2024-2027 VNOG.
1
Aanleiding 1. Voorlopige jaarstukken - ter kennisname Conform de huidige Wet gemeenschappelijke regelingen heeft het dagelijks bestuur de plicht om de raden van de deelnemende gemeenten de voorlopige jaarstukken ter kennisname aan te bieden. Het zijn nog voorlopige stukken, omdat de aanleiding van bijvoorbeeld de accountantscontrole nog wijzigingen in de jaarstukken kunnen worden aangebracht. Op 1 juni 2023 zullen de definitieve jaarstukken worden behandeld door het Dagelijks Bestuur (DB). Het Algemeen Bestuur (AB) behandelt de definitieve jaarstukken, inclusief accountantsverklaring, op 22 juni 2023. Het AB stelt dan de stukken vast en neemt een besluit over de bestemming van het resultaat. De VNOG verwacht een resultaat van ca. €2,36 miljoen minder uitgaven dan begroot. VNOG heeft, in verband met Covid-19 en de Oekraïne crisis, niet alle voornemens kunnen uitvoeren en uitgaven kunnen doen zoals die in de begroting 2022 waren opgenomen. Inmiddels is er een principeakkoord gesloten over de CAO veiligheidsregio’s. Voor 2023 zijn er onvoldoende middelen aanwezig; het tekort bedraagt ruim 2 miljoen euro. Voor de dekking hiervan wordt gedacht aan het verwachte voordelig saldo uit de jaarrekening van 2022. 2.
Concept programmabegroting 2024-2027 - ter zienswijze In de programmabegroting zijn de inhoudelijke en financieel-technische uitgangspunten uit de op 15 december 2022 door het Algemeen Bestuur vastgestelde Kadernota 2024-2027 verwerkt, alsook de toen vastgestelde begrotingswijziging ‘demarcatie huisvesting’. De eerder afgesproken meerjarige investeringen in het materieel dekkings- en spreidingsplan zijn in deze begroting technisch verwerkt conform kadernota. De programmabegroting is opgebouwd conform de Opgaven van de VNOG, zoals vastgelegd in de Toekomstvisie (vastgesteld AB 15 januari 2020) en het regionaal Beleidsplan (vastgesteld AB 10 december 2020). Bij de totstandkoming van deze beide documenten zijn de raden nauw betrokken geweest.
Wat wordt met beslissing bereikt - De raad krijgt inzicht in de bedrijfsvoering en resultaten van de VNOG en kan hierop invloed uitoefenen door haar zienswijze in te dienen; - Een tijdig vastgestelde begroting 2024; - Door geen zienswijze in te dienen op de conceptbegroting 2024-2027 gaat de gemeenteraad, in lijn met de eerder vastgestelde toekomstvisie, akkoord met de gemeentelijke bijdrage van €2.339.000,- in
2024. Argumenten om in te stemmen met voorgestelde beslissing(en)
2
1.1 Er wordt een positief jaarresultaat 2022 verwacht Er wordt een positief resultaat verwacht van €2,36 miljoen. Gedurende de eerste maanden van 2022 speelde nog steeds Covid-19. Dit drukte een stempel op de activiteiten van de VNOG. VNOG moest veel energie stoppen in de bestrijding van de crisis. Daarnaast drukte de crisis ook op de activiteiten van de VNOG. Daarnaast begon in februari 2022 de vluchtelingenstroom vanuit Oekraïne. Hier heeft de veiligheidsregio een grote coördinerende rol op zich genomen. Daar waar door COVID-19 al de nodige druk was ontstaan op de levering van onder andere grondstoffen, chips en energie (en daarmee op leveranciers en aanbestedingstrajecten), versterkte de Oekraïne crisis deze onstabiele situatie. De hele wereld merkt dit: prijzen stijgen, de rente stijgt en vertragingen treden op door schaarste. Er doet zich voor VNOG een dubbel beeld voor: enerzijds zijn er op dit moment incidentele voordelen, anderzijds zijn er voorzienbare oplopende structurele kosten. 1.2 Positief saldo besteden aan stijgende loonkosten Er is een principeakkoord gesloten over de CAO veiligheidsregio’s. Hiermee zullen de personeelskosten stijgen. Deze extra kosten zijn niet meegenomen in de programmabegroting 2023 en zijn daarmee niet begroot. Het tekort bedraagt ruim 2 miljoen euro.
De VNOG denkt eraan om met het verwachte voordelige saldo in 2022 de stijgende personeelskosten 2023 te dekken. Het AB stelt op 22 juni 2023 de jaarstukken vast en neemt dan ook een besluit over de bestemming van het resultaat.
2.1 Wettelijke taken uitvoeren en achterstanden wegwerken
De VNOG zal in 2024 in ieder geval haar wettelijke taken gaan uitvoeren: rampenbestrijding, brandweerzorg, risico- en crisisbeheersing, bevolkingszorg en geneeskundige hulpverlening. Om deze taken te kunnen uitvoeren verricht VNOG ook alle voorbereidende en administratieve werkzaamheden die hierbij horen. Daarbij zal VNOG, indachtig haar missie ‘samen werken aan veiligheid’, de samenwerking met de vele partners opzoeken. De rode draad in de begroting 2024-2027 zijn de Opgaven van de VNOG uit het regionaal beleidsplan 2021-2024 en de hieronder liggende toekomstvisie 2020-2026. Deze opgaven zijn: - Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en (langdurige) crises; - Zelfredzaamheid & risicobewust; - Vakbekwaam & deskundig; - Sterke informatiepositie; - Een gezonde financiële basis en betrokken medewerkers. 2.2 De veiligheidsregio’s krijgen een steeds grote rol bij langdurige crisissen. De afgelopen jaren heeft de VNOG een steeds grotere rol gekregen bij langdurige crisissen. Denk hierbij aan Covid-19 en de vluchtelingenstroom vanuit Oekraïne. De VNOG heeft hierbij een coördinerende functie gehad naar zowel gemeenten als het Rijk. Hierdoor werden er regionale afspraken gemaakt en konden ervaringen met elkaar worden uitgewisseld. Deels kwam door deze langdurige crisissen het reguliere werk in de knel. Inmiddels zijn de achterstanden waar mogelijk ingelopen.
Het Rijk voorziet dat komende crisissen langduriger zullen zijn, met een grote maatschappelijke impact en dat de veiligheidsregio’s hier een belangrijke rol in gaan spelen. Dit wordt ook meegenomen in de wijziging van de gemeenschappelijke regeling. Het Rijk wil daarom de crisisbeheersing en informatiepositie van de veiligheidsregio’s versterken en hun flexibiliteit om in te spelen op actuele crises. In de periode 2023 t/m 2026 verhoogt het Rijk daarom stapsgewijs structureel haar bijdrage aan de veiligheidsregio’s (de BDUR, Brede Doeluitkering Rampenbestrijding). VNOG heeft in 2023 de besteding van de eerste tranche ingezet op basis van een meerjarig bestedingsplan om zo te voldoen aan de verwachtingen van het Rijk en de nieuwe vragen waar de samenleving mee komt. In deze begroting 2024 wordt de besteding van de tweede tranche in een separate paragraaf toegelicht. 2.3 Overige belangrijke thema’s voor 2024 - Het regionaal beleidsplan 2021-2024 loopt af. Om deze reden moet er in 2024 een nieuw regionaal beleidsplan opgesteld worden. In 2024 zal de VNOG met de gemeenten het traject voor het nieuwe beleidsplan doorlopen, waaronder ook de wettelijke consultatie van de raden; - Naar aanleiding van de wijziging van de Wet gemeenschappelijke regeling zal de gemeenschappelijke regeling van de VNOG moeten worden bijgewerkt en in 2024 worden vastgesteld.
De raden moeten de colleges toestemming geven de gemeenschappelijke regeling aan te gaan; - VNOG moet voldoen aan de overige veranderende wetgeving en goede aansluiting daarop regelen (bijvoorbeeld de Omgevingswet, inrichting vrijwillig brandweerbestel etc.); 3
- De samenwerking en verbinding met partners en stakeholders worden versterkt, dichtbij (zoals met de deelnemende gemeenten als dragers van de organisatie), maar ook verder weg (regionaal, interregionaal, landelijk, internationaal); − VNOG gaat verdere stappen zetten op het gebied van duurzaamheid en energietransitie; − Innovatie staat op de agenda: verder onderzoeken, uittesten en invoeren van nieuwe innovatieve mogelijkheden, ter ondersteuning van de uitvoering van de Opgaven; − VNOG blijft het eigen personeel door ontwikkelen, zowel repressief als ondersteunend, qua kennis en vaardigheden, opdat VNOG de vragen van de samenleving blijvend kan beantwoorden en duurzame inzetbaarheid, met oog voor vitaliteit voor medewerkers, wordt gerealiseerd; − VNOG voert de, als gevolg van de wereldmarktsituatie, bijgestelde planningen uit voor de aanschaf van materieel en materiaal, opdat het eindbeeld van de Toekomstvisie in 2026 wordt gehaald; − VNOG heeft blijvende aandacht voor veiligheidsvraagstukken omtrent informatie, gegevensbeheer en privacy om zo te voldoen aan wettelijke vereisten en verder door te groeien naar een hoger volwassenheidsniveau op dit terrein.
2.4 Onzekerheden in de wereld en de begroting Op dit moment wordt de wereld geconfronteerd met vele onzekerheden, snelle ontwikkelingen en uitdagingen op allerlei vlakken, zoals klimaat, energie, grondstoffen, prijzen, polarisatie en (wereldwijde) instabiliteit. Niemand kan overzien of voorspellen waar deze ontwikkelingen toe zullen leiden; voorstelbaar is dat deze een effect gaan hebben op de fysieke veiligheid. De ontwikkelingen zullen dan ook effect hebben op de uitvoering en kostenontwikkeling van deze en nog komende begrotingen. Kanttekeningen 2.1 Verhoging gemeentelijke bijdrage De gemeentelijke bijdrage aan de VNOG stijgt alleen als gevolg van de loon- en prijscompensatie en autonome ontwikkelingen. De bijdragen worden bij de gemeenten in rekening gebracht conform de percentages van het verdeelmodel 2021. Daarnaast krijgt de VNOG te maken met een stijgende rente. Dit heeft een groot effect en werkt door in hogere kapitaallasten, een snellere uitputting van de egalisatiereserve en dus in een eerdere en hogere stijging van de gemeentelijke bijdrage. Deze stijging van de bijdrage als gevolg van de kapitaallasten wordt nu voorzien in 2026 en 2027. Voor 2026 en 2027 wordt een reële stijging van de gemeentelijke bijdrage met 3 respectievelijk 2 miljoen (cumulatief 5 miljoen structureel) voorzien (bijlage 2, pagina 74).
Gemeenten staan ook voor een grote, deels dezelfde, (financiële) uitdagingen die naar verwachting ook de komende jaren verdere invloed gaan krijgen. In onderling overleg en met begrip voor elkaars positie wil de VNOG hierin samen met de gemeenten optrekken. In deze begroting heeft de VNOG, zoals aangekondigd in de Kadernota 2024-2027, enkele begrotingsposten structureel verlaagd met in totaal €600.000. De VNOG blijft de eigen uitgaven en de budgetten ook in de toekomst kritisch bezien.
4
Kosten, baten, dekking 1. Jaarstukken 2022 Uit de voorlopige jaarstukken van 2022 blijkt een positief resultaat van €2.360.352. De opbouw van dit positieve resultaat is in de onderstaande tabel op hoofdlijnen af te lezen.
2. Programmabegroting 2024-2027 De totale begroting van de VNOG komt op een bedrag van €53.276.000,-. Het aandeel van de gemeente Oude IJsselstreek hierin is 4,39%. De bijdrage stijgt met 7,7% ten opzichte van de bijdrage in 2023, van €2.172.000,- naar €2.339.000,- in 2024. Deze gemeentelijke bijdragen zal gedekt worden in de begroting 2024. Uitvoering Planning Op 1 juni 2023 zullen de definitieve jaarstukken worden behandeld door het DB. Het AB behandelt de definitieve jaarstukken, inclusief accountantsverklaring, op 22 juni 2023. Het AB stelt dan de stukken vast. Het AB neemt dan ook een besluit over de bestemming van het resultaat. De conceptbegroting 2023-2027 liggen nu ter zienswijze voor. Een zienswijze dient uiterlijk op 29 juni 2023 ontvangen te zijn door de VNOG. Indien de gemeenteraad een zienswijze wil indienen, zal deze zo spoedig mogelijk aan de VNOG worden toegezonden. Het AB stelt op 7 september 2023, met inachtneming van de ingediende zienswijzen, de begroting 2024-2027 definitief vast. De uiteindelijke verdeling van middelen is een bevoegdheid van het AB. Personeel N.v.t. Communicatie/participatie N.v.t. Evaluatie/verantwoording De jaarstukken en de programmabegroting maken onderdeel uit van de P&C-cyclus. Sinds 2022 wordt er gewerkt met een tussentijdse rapportage. De Halfjaarrapportage.
De eindrapportage vindt plaats via de jaarstukken: jaarverslag en jaarrekening 2024. Bijlagen 1. Begeleidende brief VNOG 2. Voorlopige Jaarstukken 2022 3. Programmabegroting 2024-2027 4. Infographic Begroting 2024-2027 in één oogopslag
5
Burgemeester en wethouders,
Ron Frerix Secretaris
Otwin van Dijk Burgemeester
6