RAADSVOORSTEL vaststellen RES 1.0.pdf
Tekst van het document
Raadsvoorstel Datum raadsvergadering
: 30 september 2021
Zaaknummer
: 262515
Onderwerp:
: Vaststellen RES 1.0
De raad wordt voorgesteld 1. Akkoord te gaan met de inhoud van de RES 1.0 en het daarin opgenomen bod om 1,35 TWh opwekking van duurzame energie in de Achterhoek te realiseren in de periode tot 2030; 2. Ten behoeve van de bijdrage van Oude IJsselstreek aan het onder 1 genoemde bod: a. Blijvend medewerking te verlenen aan de bestaande en in aanbouw zijnde windmolens die bijdragen aan onze lokale gemeentelijke doelstellingen en deze aan te wijzen als bijdrage voor de RES-opgave voor windenergie; b. Blijvend medewerking te verlenen aan de reeds vergunde en geselecteerde initiatieven voor grootschalig zon op land en deze aan te wijzen als bijdrage voor de RES-opgave voor zonne-energie; c. Blijvend inspanning te leveren om de ontwikkeling van zon op dak in Oude IJsselstreek te faciliteren en te stimuleren; d. Lokaal mede-eigenaarschap van initiatieven voor duurzame energie waar mogelijk te stimuleren; 3. De RES 1.0 Achterhoek vast te stellen; 4. Instemmen om met de RES-gemeenten toe te werken naar een hernieuwd akkoord van Groenlo, waarin de opwekkingsopgave en de besparingsopgave met elkaar zijn verweven.
Aanleiding Op 28 juni 2019 heeft het kabinet het klimaatakkoord gepubliceerd. Het is de Nederlandse uitwerking van de internationale klimaatafspraken van Parijs uit 2015. In het klimaatakkoord is bepaald dat regio’s samen moeten werken aan een energiestrategie, de Regionale Energie Strategie (RES). In de RES moet worden opgenomen hoeveel de regio gaat bijdragen aan de nationale opgave om in 2030 35 TWh aan grootschalige zonne-energie en windenergie op land op te wekken. In juni 2020 hebben de colleges van alle acht gemeenten in de Achterhoek, gedeputeerde staten van provincie Gelderland en het dagelijks bestuur van Waterschap Rijn en IJssel de Concept-RES Achterhoek vastgesteld. Het bod van de Regio Achterhoek was 1,35 TWh aan zon en wind. De gemeenteraad is over de Concept-RES Achterhoek geïnformeerd middels een memo op 16 juni 2020 (zaak nr. 100539, Concept-RES Achterhoek). In november 2020, maart 2021 en mei 2021 zijn door de projectorganisatie RES Achterhoek regionale informatieavonden voor raadsleden georganiseerd. Op die avonden zijn de raden geïnformeerd over de voortgang van het opstellen van de RES 1.0. De RES 1.0 is nu gereed. Het bod van 1,35 TWh uit de concept-RES is onveranderd gebleven. Naast de opgave voor een bijdrage aan de realisatie van zon- en windenergie ligt er de opgave om een Regionale Structuur Warmte (RSW) op te nemen in de RES.
De Regionale Structuur Warmte in deze RES 1.0 brengt de vraag en het aanbod van warmte op basis van bestaande bronnen in kaart. Ook wordt er aandacht gegeven aan kansrijke koppelingen van de warmtevraag en –aanbod. Dit geeft inzicht in potentiële kansen voor collectieve warmtenetten in de regio. Naast collectieve warmtenetten zijn er ook individuele warmteoplossingen nodig. Er wordt een doorkijk 1
gegeven op welke manier de Achterhoek stap voor stap aardgasvrij kan worden en aandacht gegeven aan mogelijke warmtekansen in de toekomst.. De RES 1.0 is het resultaat van een intensief traject van samenwerking tussen de Achterhoekse gemeenten en consultatie van en participatie door een grote verscheidenheid aan stakeholders. De RES 1.0 is geen juridisch bindend document. Het is een regionaal richtinggevend document dat de door de regio gekozen koers weergeeft voor de toekomstige energiestrategie in de Achterhoek. Deze koers wordt alleen werkelijkheid als deze wordt overgenomen in planfiguren die wel juridische doorwerking hebben. Bijvoorbeeld in omgevingsvisies of programma’s. De RES 1.0 is gemaakt tegen de achtergrond van vigerend gemeentelijk beleid voor de productie van duurzame energie. Lopende initiatieven binnen gemeenten worden dan ook getoetst aan het bestaande beleid, de RES heeft hier geen invloed op. Lopende initiatieven kunnen wel een bijdrage leveren aan het regionale bod. Tot slot wordt opgemerkt dat de RES 1.0 geen eindproduct is. De energiesector blijft zich ontwikkelen en de transitieopgave ook. Het RES-traject gaat ook door, elke twee jaar wordt de RES herzien. Zo ontstaat een dynamisch instrument dat de actuele ontwikkelingen kan meenemen.
Wat wordt met beslissing bereikt De RES regio Achterhoek levert een bijdrage aan het Nationale klimaatakkoord door onder andere een RES-bod te doen van 1,35 TWh tot 2030 onderverdeeld in windenergie zon op land en grootschalige zon op dak. Door akkoord te gaan met de RES 1.0 onderschrijft de gemeente Oude IJsselstreek dit bod en committeert zich aan actieve betrokkenheid bij realisatie ervan, zowel binnen de gemeentegrenzen als in samenwerking met de andere gemeenten in de regio.
Argumenten om in te stemmen met voorgestelde beslissing(en) 1.1. Met 1,35 TWh dragen we bij aan de nationale opgave om in 2030 35 TWh aan grootschalige energie op te wekken In het klimaatakkoord is bepaald dat de 30 RES-regio’s een regionale structuur warmte moeten opstellen en samen 35 TWh aan grootschalige zonne- en windenergie moeten opwekken. Ter illustratie: 35 TWh komt ongeveer overeen met 2.000 windmolens van 5,5 MW (ashoogte van 175 meter) of 45.000 hectare zonnepanelen. De verdeling tussen de regio’s en de verhouding tussen zon en wind is vrij. Het nationaal programma RES (npRES) gaat ervan uit dat de overheden hier gezamenlijk uitkomen. De opgave waar de regio’s in Nederland voor staan is om concreet aan te geven hoeveel hernieuwbare energie zal worden gerealiseerd en daarbij locaties en een tijdpad aan te geven. Het gaat hierbij om duurzame elektriciteit en duurzame warmte. Met het bod van 1,35 TWh neemt de gemeente Oude IJsselstreek samen met de zeven andere Achterhoekse gemeenten een deel van deze nationale opgave voor onze rekening. 1.2. We streven naar een optimale verhouding tussen wind en zon De Achterhoek wil zich maximaal inzetten voor zon op dak. Daarom is het aandeel zon op dak in de energiemix zo groot mogelijk gemaakt. Het streven is om 0,35 TWh aan grootschalig zon op dak te realiseren.
Meer dan 0,35 TWh zon op dak lijkt op dit moment niet realiseerbaar. Dit betekent dat de overige 1,00 TWh met zonne- en windparken opgewekt moet worden. Wind en zon zijn niet uitwisselbaar. Wind en zon vullen elkaar over de dag en over het jaar goed aan. Als de zon ’s nachts onder is kan het wel waaien. Harde wind gaat veelal gepaard met bewolking. Windstil weer is vaak zonnig. In het winterhalfjaar staat de zon minder lang aan de hemel, terwijl het in dat jaargetijde gemiddeld wat harder waait. Door wind en zon te combineren neemt de stabiliteit van het netwerk toe. De bedrijfstijd van een windturbine in een jaar is ongeveer 3500 uur, die van zonnepanelen ongeveer 950 uur. De energie-infrastructuur wordt bij windmolens dus ruim drie keer zo goed benut als bij zonnepanelen. Andersom geformuleerd: windenergie levert met dezelfde infrastructuur meer dan drie keer zoveel energie op tegen ongeveer dezelfde kosten. Deze kosten komen voor rekening van de energiegebruiker. Een indicatie van de kosten voor de 1,0 TWh die in de Achterhoek moet worden opgewekt door zon op land en wind kan dit illustreren: 2
• Alleen zon op land: € 330 mln. • Alleen wind: € 90 mln. • Wind en zon op land gecombineerd: € 70 mln. Uit kostenefficiëntieoogpunt is het dus verstandig te streven naar een optimale mix tussen wind en zon. Uitgaande van 0,35 TWh zon op dak, betekent dit dat in een vanuit kostenperspectief ideale situatie nog behoefte is aan 0,79 TWh wind en 0,21 TWh zon op land. Een deel hiervan is al gerealiseerd door onder andere de uitvoering van het RODE-beleid (bij ons: Uitnodigingskader) in de afgelopen jaren. 1.3. Alle Achterhoekse gemeenten leveren een bijdrage aan dit RES-bod De bijdragen van de verschillende gemeenten zijn als volgt bepaald. In eerste instantie is gekeken welke plannen voor grootschalig zon wind, zon op land en zon op dak al per gemeente gerealiseerd zijn. Daar is per gemeente de opwekkingscapaciteit van de harde pijplijnplannen bij opgeteld. Daaruit is de opgave berekend, die nodig is om tot 1,35 TWh te komen. Op Achterhoekse schaal resteert een opgave van 0,248 TWh grootschalig zon op dak, 0,618 TWh wind en 0,013 TWh zon op land. De restopgave voor wind is in de RES gedefinieerd per gemeente. Daarvoor is eerst in beeld gebracht op welke locaties in de Achterhoek geen belemmeringen (zoals woningen) bestaan om windmolens te plaatsen. Ook is gekeken of het netwerk van Liander voldoende aansluitmogelijkheden heeft.
Een goede verdeling over de regio voorkomt aansluitproblemen en daarbij moet e.e.a. ook voor 2030 aangesloten kunnen worden. Uit de netwerkanalyse kwam naar voren dat de huidige onderstations voldoende capaciteit bieden, mits voor een complementaire zon-windverhouding wordt gekozen en de windenergie over de onderstations wordt verdeeld. Met de overblijvende gebieden is restrictief omgegaan om uiteindelijk het karakteristieke gesloten landschapsbeeld van de Achterhoek zo min mogelijk te beïnvloeden. Dat heeft geleid tot een keuze voor concentratie van windturbines binnen een beperkt aantal zoekgebieden. Dit heeft een samenhangende strategie opgeleverd met een bijdrage per gemeente naar draagkracht van het landschap. De bijdrage aan windenergie die de gemeenten in het kader van de RES 1.0 bieden bedraagt in totaal 0,546 TWh, exclusief een bijdrage van Winterswijk, die niet is opgenomen vanwege het moratorium op wind tot 2023 in Winterswijk. Ten opzichte van de huidige situatie worden met dit bod grote stappen gezet in de richting van de vanuit systeemefficiëntie en kosteneffectiviteit gewenste windbijdrage, alhoewel deze nog niet is bereikt. De verdeling van de windopgave per gemeente is de uitkomst van een lang en moeizaam traject. Het bod van 1,35 TWh wordt hiermee regionaal nog niet helemaal gedekt.
Indien andere gemeenten hun bijdrage niet gaan verhogen, zal dat bij het opstellen van de RES 2.0 weer gaan spelen. De resterende energieproductie om tot 1,35 TWh te komen kan worden opgevuld met energie uit zonneparken, hoewel het vanuit netwerkefficiëntie en kosten wel voordeel biedt om ook extra windenergie toe te voegen. Voor Oude IJsselstreek betekent dit overigens op dit moment dat reeds voldaan is aan de windopgave, zie 2.1. De restopgave voor zon op land is niet per gemeente gedefinieerd. Deze zal vrijwel zeker worden opgevangen binnen de ruimtelijke kaders van de individuele gemeenten waarin daartoe de ruimte wordt geboden. Zo lopen binnen Oude IJsselstreek op dit moment diverse procedures voor zonnevelden (eerste en tweede tranche zonnevelden). Dat geldt ook voor de andere gemeenten. Voor zon op dak is evenmin een verdeling per gemeente gemaakt. In het nog op te stellen regionale plan van aanpak zal dit aan de orde komen. 2.1. De huidige windenergie projecten in de gemeente tellen mee als (voldoende) bijdrage voor de RES 1.0 In paragraaf 8.2 van de RES 1.0 staat de verdeling voor de bijdrage van windenergie verdeeld over de gemeenten. Wij kiezen ervoor om in het kader van de RES windenenergie te ontwikkelen op de zuidflank van de gemeente waar nu al windturbines zijn geplaatst. De bijdrage van onze gemeente voor productie van windenergie die is toegezegd is 0,12 TWh.
Het bestaande windpark aan de Papenkampseweg in Netterden en het park in aanbouw, Den Tol in Netterden, leveren gezamenlijk deze bijdrage. Oude IJsselstreek voldoet hiermee nu al aan de opgave vanuit de RES 1.0. 2.2 De huidige initiatieven voor zon op land in de gemeente tellen mee als (voldoende) bijdrage voor de RES 1.0 3
De gemeente heeft in 2019 en 2020 het beleid voor zon op land vastgesteld in het Uitnodigingskader lokale duurzame energieopwekking. Er zijn twee tranches zonnevelden in gang gezet en van hieruit zijn meerdere zonnevelden in procedure. Deze initiatieven passen in ons Uitnodigingskader en ook binnen de RES. Als de initiatieven uit de eerste en tweede tranche worden gerealiseerd heeft de gemeente in het kader van de RES 1.0 voldoende inspanningen geleverd voor zon op land. Voor de opgave van zon op land is in de RES 1.0 geen afspraak gemaakt voor verdeling tussen de gemeenten. Er zijn in veel gemeenten, net als bij ons, al lopende initiatieven. De RES gaat ervanuit dat de opgave voor zon op land gehaald wordt zonder aanvullende afspraken. Vooralsnog wordt uitgegaan van een productie van zon op land van 0,21 TWh. Mocht richting RES 2.0 blijken dat de groei van windenergie en zon op dak achterblijft, dan kan dat betekenen dat de opgave voor zon op land wordt bijgesteld. 2.3 Voor de opgave van zon op dak is het van belang om met de regio een plan van aanpak uit te werken om zon op dak nog meer te stimuleren Bij zon op dak wordt optimaal gebruik gemaakt van de ruimte en hoeven zonneparken niet landschappelijk te worden ingepast. Het verlies aan natuur, biodiversiteit en landbouwgrond is daarom klein.
Vanwege deze voordelen heeft de Achterhoek zichzelf een hoge doelstelling gesteld van 0,35 TWh zon op dak in 2030. Oude IJsselstreek zet zich al sinds 2018 actief in voor zon op dak met het project zonnige bedrijfsdaken (incl. agrariërs). Inmiddels is 0,014 TWh zon op dak in onze gemeente voorzien. Toch komt zon op dak lang niet altijd makkelijk van de grond. De totale Achterhoekse restopgave voor zon op dak is nog 0,248 TWh. Bedrijfsdaken en daken van agrarische bebouwing bieden in principe voldoende oppervlakte om de restopgave zon op dak te realiseren. De ervaring leert echter dat zon op dak op veel praktische obstakels stuit. Bijvoorbeeld een nadeel is dat de daken nogal verspreid liggen door de Achterhoek, dat deze niet altijd geschikt zijn om het gewicht te dragen, dat ondernemers een dak met zonnepanelen niet eenvoudig verzekerd krijgen en het netwerk niet geschikt is om alle op daken opgewekte stroom te verwerken. Ook is het rondkrijgen van een rendabele businesscase niet altijd mogelijk. Om de doelstelling voor zon op dak te behalen moeten dus nog de nodige hobbels worden genomen. Liander heeft daartoe een inpassingsladder ontwikkeld, die de kans op realisatie van zon op dak zo groot mogelijk maakt. Die ladder kan mede gebruikt worden om een gezamenlijk plan van aanpak te ontwikkelen. In de RES 1.0 wordt een voorzet gegeven voor deze aanpak (paragraaf 6.1).
2.4 Lokaal eigenaarschap is van belang Om meer lokaal eigenaarschap te realiseren is het van belang om met de regio een strategie uit te werken. Lokaal eigenaarschap of financiële participatie bij een te realiseren energieproject gaat uit van vergaande betrokkenheid van inwoners of lokale bedrijven. Algemeen wordt onderkend dat dit nuttig en ook nodig is voor het tijdig realiseren van de energietransitie. In het klimaatakkoord is afgesproken om ernaar te streven dat minimaal 50% van de productie van hernieuwbare energie (wind en zon) in handen komt van de lokale omgeving. Dit kunnen inwoners, bedrijven en coöperaties, zoals bijvoorbeeld Agem, zijn. In ons Uitnodigingskader wordt mede-eigenaarschap ook gunstig beoordeeld. Er zijn veel manieren om aan dit uitgangspunt vorm te geven. De aanpak om lokaal eigenaarschap te realiseren is in alle gemeenten nu nog anders. Het is van belang om in de hele Achterhoek een gelijk speelveld te creëren voor alle partijen. In een regionaal plan van aanpak lokaal eigendom kunnen deze aspecten afgestemd en uitgewerkt worden. 3.1 In de RES 1.0 Achterhoek staan gezamenlijke afspraken In de RES 1.0 Achterhoek staan gezamenlijke afspraken. De RES-partners hebben naar elkaar uitgesproken dat zij staan voor de RES 1.0 Achterhoek. Daarmee is bij alle partijen commitment ontstaan om in te stemmen met de RES. De verwachting is dat dat ook zal gebeuren.
Mocht een van de partijen niet instemmen, dan zal de RES in principe toch worden aangeboden. Uiteraard gebeurt dat in onderling overleg. 4.1 De energietransitie behelst niet alleen duurzame energieopwekking maar zeker ook energiebesparing Op 1 maart 2023 moet de RES 2.0 gereed zijn. De RES 1.0 richt zich, naar opdracht vanuit het rijk, vrijwel uitsluitend op duurzame energieopwekking. De energietransitie omvat echter ook de besparingsopgave. Door de opwekkingsopgave en de besparingsopgave in samenhang met elkaar te bezien in plaats van als losse onderdelen creëren we een samenhangende regionale strategie op de gehele energietransitie. In een nieuw akkoord van 4
Groenlo kunnen we hier afspraken over maken. In de RES 2.0, die op 1 maart 2023 gereed moet zijn, zal dit samenkomen.
Kanttekeningen a. Is een regionaal bod van 1,35 TWh niet te hoog of te laag? 1,35 TWh komt overeen met de berekeningen zoals opgenomen in de Regionale Uitvoeringsagenda Duurzame Energie Achterhoek uit 2016. Ten behoeve van de concept-RES is opnieuw gekeken naar de hoeveelheid elektriciteit die moet worden opgewekt om de Achterhoek energieneutraal te maken. Uit die hernieuwde berekeningen blijkt dat in een volledig energieneutrale Achterhoek veel meer elektriciteit moet worden opgewekt dan 1,35 TWh. Belangrijke reden voor dit verschil is dat bij de Regionale Uitvoeringsagenda alleen is gekeken naar de gebouwde omgeving, terwijl bijvoorbeeld de volledige elektrificatie van de transportsector niet in beeld was. Ook blijkt de besparing op elektriciteitsgebruik veel minder dan werd ingeschat en levert biomassa een veel geringere bijdrage. 1,35 TWh is daarmee een reële bijdrage aan de energietransitie en zeker niet te hoog. b. Waarom gaan we niet uit van een optimale verhouding tussen wind en zon op nationale schaal? Het Rijk zet vooral in op windenergie op zee. In het klimaatakkoord is afgesproken om in 2030 84 TWh hernieuwbare elektriciteit te produceren uit wind en zon. 60% daarvan (49 TWh) komt op zee en 40% (35 TWh) op land. De 35 TWh op land is niet verder uitgesplitst in wind en zon. De regio’s mogen hier zelf over beslissen.
Vanuit het oogpunt van systeemefficiëntie is het van belang om productie en verbruik zo dicht mogelijk bij elkaar te realiseren en ook op regionale en lokale schaal te streven naar een optimale verhouding tussen zon en wind. c. Zijn er geen andere energiebronnen dan wind en zon? Snelheid is geboden. De klimaatverandering gaat harder dan verwacht en voorspeld tijdens het afsluiten van het klimaatakkoord in Parijs. De uitstoot van CO2 dient daarom met spoed te worden gereduceerd. Daarom wordt gekozen voor bewezen productietechnieken, die direct een significante bijdrage kunnen leveren aan de energieproductie. Andere technieken, zoals thermische energie uit afvalwater of uit oppervlaktewater of kernenergie staan nog in de kinderschoenen of duren te lang om te realiseren. Opslagtechnieken voor elektriciteit, zoals waterstof, zijn nog in ontwikkeling en alleen van invloed op de energiedistributie en niet op de productie. Deze oplossingen kunnen na 2030 wel een rol gaan spelen. d. De ambitie voor zon op dak is te laag. Een conservatieve schatting van de maximale realistische potentie voor grootschalig zon op dak bedraagt 0,49 TWh. In de RES is een doelstelling opgenomen om in 2030 0,35 TWh gerealiseerd te hebben, dat is ruim 70% van het potentieel. Dit is een ambitieuze en geen eenvoudige opgave. De realisatie van zon op dak kent behoorlijk wat obstakels.
Naast de uitdagingen die Liander heeft op het gebied van versterking van het netwerk hebben we ook te maken met heel veel verschillende eigenaren, dakconstructies, financieringsconstructies etc. Om de doelstelling van 0,35 TWh te behalen zullen we een gezamenlijke strategie moeten ontwikkelen waarbij naar verwachting ook meer middelen en menskracht nodig zijn. e. Veel mensen hebben niet de middelen om financieel te participeren. Er bestaan verschillende vormen van participatie. Omwonenden kunnen mede-eigenaar worden van de onderneming of ze kunnen risicodragend financieel deelnemen in de onderneming. Daarnaast bestaan er mogelijkheden om een deel van de opbrengst via een omgevingsfonds ten goede te laten komen aan maatschappelijke doelen of om de direct omwonenden via een omwonendenregeling korting te geven op groene stroom. Bij een omgevingsfonds en een omwonendenregeling is wel sprake van participatie, maar dragen mensen financieel niet bij. De te kiezen vorm van participatie kan per initiatief verschillend zijn. Er zijn verschillende marsroutes naar 50% projectparticipatie. Nader onderzoek moet aantonen hoe participatie het best kan worden georganiseerd. f. Participatie betekent niet dat belanghebbenden automatisch instemmen met windturbines of zonneparken. Gemeente Oude IJsselstreek heeft participatie hoog in het vaandel staan.
Participatie is bedoeld om ervoor te zorgen dat de belangen van omwonenden en andere belanghebbenden bekend worden en hun standpunten en argumenten 5
goed kunnen worden meegewogen. Het is een illusie om te veronderstellen dat daardoor 100% draagvlak zal ontstaan voor een initiatief.
Kosten, baten, dekking De middelen voor het opstellen van de RES 1.0 komen tot op heden voornamelijk van het Rijk en van de provincie. Het budget is eindig. Tot eind 2021 is 4 miljoen toegezegd door het Rijk. De besluitvorming voor de periode 20222025 is aan het nieuwe kabinet. Indien er geen nieuwe middelen beschikbaar komen, kan de RES 2.0 niet opgesteld worden. Dit geldt overigens voor alle RES-regio’s. De verwachting is dat Rijk en provincie opnieuw middelen beschikbaar zullen stellen. Uitvoering Planning Na het zomerreces wordt de RES 1.0 door alle gemeenteraden uit de regio Achterhoek, provinciale staten en het algemeen bestuur van het waterschap behandeld. Indien alle raden, de staten en het waterschapsbestuur de RES 1.0 vaststellen, wordt deze daarna officieel aangeboden aan het NP RES. Indien één of meerdere gremia nog wijzigingen voorstellen volgt nader overleg, waarna een gewijzigde versie van de RES 1.0 in procedure wordt gebracht. De officiële aanbieding zal dan na de tweede behandeling door de gemeenteraden, provinciale staten en dagelijks bestuur van het waterschap plaatsvinden. Vervolg: de RES 1.0 is een tussenstap in de energietransitie in de Achterhoek en in Nederland. De volgende stap, de RES 2.0, wordt op 1 maart 2023 opgeleverd.
Op 1 januari 2025 moeten de benodigde vergunningen voor realisatie van de in de RES 1.0 opgenomen doelstellingen voor de opwek van zonne- en windenergie zijn verleend.
Bijlagen 1. RES 1.0 Achterhoek
Burgemeester en wethouders,
Marijke Verstappen Secretaris
Otwin van Dijk Burgemeester
6
Raadsvergadering d.d. 30 september 2021 ☐
conform voorstel
☐
zonder hoofdelijke stemming
☐
met algemene stemmen
☐
……stemmen voor……stemmen tegen
☐
aangenomen
☐
aangenomen met amendement…………
☐
aangehouden
☐
verworpen
☐
ter vergadering uitgereikt bij agendapunt
☐
in handen van B&W gesteld
☐
opmerkingen/toezeggingen……………….
☐
……………………………………………….
7