Onderbouwing voor wijzigingen in de APV gemeente OIJ.pdf
Tekst van het document
Onderbouwing voor wijzigingen in de APV gemeente Oude IJsselstreek
Artikelen die wijzigingen ten behoeve van de inwerkingtreding van de Omgevingswet Artikel 1:1, Definities Artikel 1:2, Beslistermijn Artikel 1:4, Voorschriften en beperkingen Artikel 1:5, Persoonlijk karakter van vergunning of ontheffing Artikel 1:6, Intrekking of wijziging van vergunning of ontheffing Artikel 6:1, Het plaatsen van voorwerpen op openbare plaatsen in strijd met de publieke functie daarvan Artikel 6:2, Aanleggen, beschadigen en veranderen van een weg Artikel 6:3, Maken, veranderen van een uitweg Artikel 2:18, Voorzieningen voor verkeer en verlichting Artikel 2:20, Veiligheid op het ijs Artikel 2:23, Evenement Artikel 2:26, Exploitatievergunning openbare inrichting Artikel 2:37, Speelgelegenheden Artikel 2:44, Rijden over bermen Artikel 2:58, Houden van hinderlijke of schadelijke dieren Artikel 2:62, Bijen Artikel 2:69, Begripsbepalingen Artikel 4:15, Ventverbod Artikel 5:38, Crossterreinen Voormalig artikel 1:9 Lex silencio positivo van toepassing Artikel is in 2015 opgenomen in andere artikelen. Om deze reden is het artikel niet meer nodig. Voormalig artikel 1:10 Lex silencio positivo niet van toepassing Artikel in 2015 opgenomen in andere artikelen. Om deze reden is het artikel niet meer nodig. Artikel 2:23 Evenement Momenteel is de termijn voor het aanleveren van een evenementenaanvraag 8 weken voor zowel A- als Bevenementen.
In de praktijk (vooral na de coronajaren) is gebleken dat de 8 weken termijn voor een Bevenement niet voldoende is. De aanvragen die worden ingediend zijn soms niet compleet, waardoor de aanvrager de gelegenheid moet krijgen om de aanvraag aan te vullen. Hier gaat meestal 2 weken overheen. Vervolgens wordt de aanvraag voor advies uitgezet. In principe hebben de hulpdiensten hier 2 weken voor nodig, maar als de hulpdiensten aangeven dat er inhoudelijk nog veel aanpassingen moeten worden gedaan, lopen de termijnen op voor het evenement en ook de publicatie ervan. Daarnaast is het tijdens de drukke evenementenperiode de termijn van advisering door de hulpdienst langer dan de 2 weken. Ook door de komst van de Wet Elektronische Publicaties en de bezwaartermijn (6 weken) van de Awb is het bij A- en B-evenementen een termijn van 8 weken niet haalbaar. Daarnaast, bij een C-evenement met 14 weken lukt het halen van de termijn alleen indien er ook direct een complete aanvraag en veiligheidsplan ligt en de adviezen binnen twee weken binnen zijn, zodat de Multi Disciplinaire Overleggen tijdig gepland kunnen worden. In de praktijk is gebleken dat dit vrijwel niet voorkomt. De aanvragen worden telkens te laat en onvolledig ingediend waarbij steeds verzocht moet worden om aanvulling en aanpassing van de aanvraag en daarmee het evenement.
Tot slot verhoudt de 8 weken termijn zich niet tot de inzet van de politie op basis van hun roosterplanning. En hoewel de afdeling vergunningen voor B- en C-evenementen een evenementenkalender bijhouden is het geen verplichting voor de organisator om een jaar van te voren het evenement hier op te zetten. Er gelden landelijke regels om de brandveiligheid op plaatsen als evenemententerreinen (campings en jachthavens) te bevorderen. Deze regels staan in het Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen (Bbgbop). De regels zijn sinds 1 januari 2018 landelijke regels. Daarvoor stonden ze nog in gemeentelijke verordeningen.
In de structuur van de huidige APV hebben inwoners altijd een vergunning nodig als er een evenement evenementen, dat normaal onder een melding zou vallen, leges moet betalen indien het evenement plaatsvindt op Op grond van de huidige APV moeten voor fiets- en wandelactiviteiten, ongeacht de grootte (van o.a. de VVV/STROIJ) een aanvraag voor een evenement worden aangevraagd. Een groot deel van de binnen onze gemeente georganiseerde wandel- en/of fietstochten vinden jaarlijks plaats. Voor deze tochten hoeven er geen verkeersmaatregelen (afsluitingen) te worden getroffen. Doordat de deelnemers op eigen initiatief deelnemen aan deze tochten en de VVV-polissen hiervoor afsluiten, is de kans op calamiteit laag met weinig risico's. Daarbij gaat het niet om een grote groep deelnemers. De deelnemende groepen vertrekken daarnaast op verspreide tijden ter voorkoming van ontstoppingen. Tot slot zorgen deze aanvragen voor een administratieve werkdruk bij zowel de gemeente als de organisatoren. Voor de aanvragen worden leges in rekening gebracht. Dit betekent dat de VVV eerst deze leges moet betalen en dit vervolgens kan verrekenen bij de STROIJ die onder de subsidieregeling valt. Door het opnemen van dit artikel hoeft de APV niet te worden aangepast bij nieuwe soorten evenementen.
Er kan in de toekomst volstaan met aanpassing van ons beleid "Uitvoeringsregels Evenementen" Zie motivering lid 2 over de termijnen. Door het verwijderen van het voormalige lid 8 hoeft, indien het Uitvoeringsbeleid wordt aangepast, de APV niet opnieuw aangepast te worden. In lid 8 is namelijk al benoemd dat de burgemeester nadere regels kan vaststellen ten aan zien van evenementen en in het nieuwe lid 4 is bepaald de burgemeester nieuwe Artikel 2:25 begripsbepaling Door wijziging van de opstelling geven wij eerst de definitie aan de term openbare inrichting. Vervolgens wordt er aangegeven wat er absoluut als openbare inrichting gezien wordt en waar we dus vergunning aan willen rm "openbare inrichting" geven wij alvast aan welke soorten wij exploitatievergunningsplichtig willen maken. Indien er in de toekomst nieuwe soorten horeca bijkomen die niet in onze opsomming valt, kunnen wij terugvallen op het algemene term "openbare inrichting". Door afhaal ook expliciet toe te voegen aan de APV geven wij duidelijk aan dat deze ook vergunningsplichtig zijn. Momenteel is afhaal namelijk niet verbonden aan een exploitatievergunning wat betekent dat de geen mogelijkheden heeft om een toets te doen op grond van de Wet Bibob. Hoewel er veel geld omgaat in afhaal en vooral met contant geld wordt gewerkt, kan het zijn dat de gemeente hiermee onbedoeld mee werkt aan ondermijnende situaties.
Dit is zeer tegenstrijdig omdat er juist hard gewerkt wordt aan het tegengaan van dergelijke praktijken binnen de gemeente. De aangepaste definities komen nu overeen met de Alcoholwet. Hierdoor worden de vereisten van een exploitatievergunning gekoppeld aan de Alcoholwet. Dit zorgt ervoor dat het opnemen van de definities duidelijk maakt wat er van de ondernemers verwacht wordt. In de praktijk wordt het beschrijven van deze definitie in de APV gemist door zowel inwoners als ambtenaren. Artikel 2:26 Exploitatievergunning openbare inrichting In de huidige APV valt terras technisch gezien niet onder een openbare inrichting. Er wordt alleen een definitie gegeven aan een terras. Dit betekent dat indien een horeca lokaliteit niet vergunningsplichtig is, maar wel een terras heeft, er geen regulering is op terrassen. Met deze wijziging komt er betere regulering op de terrassen
Huidige bepaling is te beperkt. Door het lid meer uit te breiden zijn we voorbereid om de inwerkingtreding van de Omgevingswet en het bijbehorende omgevingsplan. Door het bundelen van alle weigeringsgronden wordt het duidelijk voor de ondernemer waaraan moet worden voldaan. Door het bundelen van alle uitzonderingen wordt het duidelijk voor de ondernemer waaraan moet worden voldaan. Tevens is het toevoegen van bedrijfskantines en - restaurant mogelijk voor de gemeente om zonder exploitatievergunning de kantines te gebruiken. Dit geldt niet alleen voor de gemeente, maar ook alle bedrijven binnen OIJ. Artikel 2:26a Inhoud exploitatievergunning en aanhangsel vergunning Voor regulering van de exploitatievergunning is een van de vereiste in de vergunning vergunning opgenomen leidinggevende te allen tijde aanwezig moet zijn. Wat de vereisten voor deze leidinggevende zijn, is nergens terug te vinden. We vallen momenteel terug op de algemene bepaling van artikel 1:4 van de APV. Bij toevoeging van een extra leidinggevende moet nu telkens de hele exploitatievergunning worden aangepast. Met het opnemen van dit artikel hoeft alleen het aanhangsel van een exploitatievergunning aangepast te worden.
Dit zorgt voor minder werkdruk bij de vergunningverlener en daarbij blijft de vergeven vergunning in stand, zonder dat er telkens de mogelijkheid tot indienen van bezwaar kan worden gedaan Artikel 2:26b Eisen aan de leidinggevenden Met het opnemen van deze vereisten wordt onze exploitatievergunning deels gelijkgetrokken met de Alcoholwet en krijgen wij hiermee meer grip op de regulering van leidinggevenden. Deze leidinggevende bevinden zich in een openbare inrichting waar geen alcohol wordt geschonken, maar wel horeca-activiteiten plaatsvinden. Indien een aanvraag is ontvangen, kan de ondernemer de leidinggevende alvast inzetten. Er wordt namelijk gewerkt vanuit ja tenzij . Indien een leidinggevende niet door de screening komt, kan dat voor de ondernemer ook een indicatie zijn dat hij niet met een betrouwbaar persoon te maken heeft. Artikel 2:26c Wijziging aanhangsel exploitatievergunning Zie motivering 2:26a en 2:26b Artikel 2:26d Wijziging exploitatievergunning openbare inrichting Momenteel wordt deze bepaling opgenomen in de vergunning, maar door een recente rechtelijke uitspraak is het van belang dat deze in de APV is geborgd. Artikel 2:26e Intrekkings-, wijzigings- en schorsingsgronden Momenteel kan een exploitatievergunning alleen worden ingetrokken op grond van onze algemene bepaling in artikel 1.6 van de APV.
Hierdoor is geen toespitsen op het gedrag van een ondernemer of leidinggevende. Met aanvulling van artikel 1.6 APV kan de gemeente beter ingrijpen bij het constateren van overtredingen. Artikel 2:26f Terrassen Momenteel is er geen regulering op terrassen binnen de gemeente, omdat deze niet vergunningsplichtig zijn. Met aanpassing van de APV komt hier verandering in. Deze bepalingen zorgen ervoor dat de terrassen die vergund worden ook voldoen aan de eisen voor veilig gebruik en voorkoming van overlast. Momenteel wordt in de Alcoholwetvergunning (voorheen Drank- en Horecawet vergunning) bepalingen opgenomen voor terrassen. Deze bepalingen zijn een toevoeging hiervan. Daarbij zal dit betekenen dat er binnen de gemeente geen terrassen kunnen worden zonder vergunning van de gemeente. Dit zorgt voor overzicht, uniformiteit en veilig opstellingen hiervan. Artikel 2:44 Vervoer inbrekerswerktuigen Tekstuele fouten in het artikel. Door deze fouten eruit te halen wordt de leesbaarheid van het artikel verhoogd.
Artikel 5:6 Kampeermiddelen e.d. Op dit moment mogen zowel binnen als buiten de bebouwde kom kampeermiddelen en dergelijke niet langer dan drie achtereenvolgende dagen geparkeerd staan. In de praktijk blijkt dat dit buiten de bebouwde kom niet voorkomt en er dus de afgelopen jaren nooit op is gehandhaafd. Het risico dat kampeermiddelen buiten de bebouwde kom langer dan drie achtereenvolgende dagen op de openbare weg geparkeerd staan is dan ook klein. Om de inwoners aan zo min mogelijk regels te binden, stellen we dan ook voor om het artikel alleen te laten gelden voor binnen de bebouwde kom. Mocht er na een jaar toch blijken dat de wijziging van het artikel nadelige gevolgen heeft, zal het artikel gewijzigd kunnen worden dat het weer voor zowel binnen als buiten de bebouwde kom gaat gelden. Artikel 5:12 Overlast van fiets of bromfiets Op de stations in Varsseveld en Terborg staan op dit moment erg veel fietsen. Een deel hiervan zijn vermoedelijk fietsen die niet meer gebruikt worden, maar nog wel in goede rij technische staat zijn. Doordat de fietsenrekken bij voorbaat al vol staan, kunnen inwoners die elke dag met hun fiets naar het station gaan niet altijd meer de fietsen goed in het fietsenrek zetten. Met dit artikel kunnen de weesfietsen, volgens een landelijke aanpak, van het station verwijderd worden. Ze zullen eerst enige tijd opgeslagen worden op de werf.
Op deze manier hebben inwoners de mogelijkheid om hun fiets op te halen. Artikel 5:15 Vrijheid van meningsuiting Artikel is vervallen Artikel 5:18 Standplaatsvergunning en weigeringsgronden de omgeving niet voldoet aan eisen van De eisen van redelijke welstand kan per persoon verschillen. Omdat hier geen specifieke richtlijnen aanzitten, is het artikel multi-interpretabel. Om deze reden is dan ook het advies om dit lid uit het artikel te verwijderen. Artikel 5:20 Afbakeningsbepalingen Tekstuele fout in het artikel. Door deze fouten eruit te halen wordt de leesbaarheid van het artikel verhoogd. Artikel 5:21 Aanhoudingsplicht Artikel is vervallen Artikel 5:22 Begripsbepaling Het artikel verwijst naar artikel 160 lid 1 van de Gemeentewet. Dit lid is gewijzigd en daarom is de verwijzing niet meer correct. Om de verwijzing weer correct te maken, moet de verwijzing veranderd worden van lid 1 sub h naar lid 1 sub g worden.