CConstaterende datOude IJsselstreek
Koppel je AI →
Document · PDF

Motivering

Raadsvergadering 24 september 2026, gemeente Oude IJsselstreekBij agendapunt: 7: Gewijzigde vaststelling TAM IMRO Plan Buitengebied, Ulftseweg 107 Silvolde18.278 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

2 alinea's met “bindend”: 102 103

In dit gedeelte worden regels over mba’s bedoeld die op gemeentelijk niveau kunnen worden geregeld. Zie bijvoorbeeld afdeling 2.3 van de Bruidsschat, die met de inwerkingtreding van de Omgevingswet van rechtswege in het Fjdelijke deel van elk gemeentelijk omgevingsplan wordt opgenomen. Deze afdeling 2.3 is geFteld ‘Milieubelastende acFviteiten’ en bevat gemeentelijke 43 regels over mba’s. Het Bkl bevat in hoofdstuk 5 onder andere instrucFeregels voor het omgevingsplan over milieu. De Bkl-regels spreken daarbij van ‘acFviteiten’. Uit de NvT van het Bkl blijkt dat daarmee ‘milieubelastende acFviteiten’ worden bedoeld. 4.13.2 Onderzoek Aan de hand van vorenstaande regeling is onderzoek verricht naar de feitelijke situaFe. De VNG uitgave “Bedrijven en Milieuzonering” gee- een eerste inzicht in de milieuhinder van inrichFngen. Bij het realiseren van nieuwe funcFes wordt gekeken naar de omgeving waarin de nieuwe funcFes worden gerealiseerd. Hierbij spelen twee vragen en rol: 1. past de nieuwe funcFe in de omgeving? (externe werking); 2. laat de omgeving de nieuwe funcFe toe? (interne werking). Externe werking De funcFe ‘wonen’ betre- geen milieubelastende funcFe voor de omgeving. Er is geen sprake van een aantasFng van het woon- en lee€limaat van omwonenden.

Interne werking Bij interne werking gaat het om de vraag of de nieuwe milieugevoelige funcFe binnen het plangebied hinder ondervindt van bestaande funcFes in de omgeving. Omgekeerd gaat het om de vraag of bestaande funcFes in de omgeving worden belemmerd in de bedrijfsvoering door de nieuwe milieugevoelige funcFe. In de directe omgeving van het plangebied zijn geen niet-agrarische bedrijven gelegen, waardoor het plan geen niet-agrarische bedrijven belemmerd. 4.13.3 Conclusie Op basis van bovenstaande is het plan uitvoerbaar met betrekking tot het aspect milieubelastende acFviteiten. 4.14 Gezondheid De Omgevingswet bevordert integrale besluitvorming en samenhang door alle relevante aspecten - waaronder gezondheid - in een zo vroeg mogelijk stadium te betrekken. In deze paragraaf komt aan de orde op welke wijze bij de acFviteit rekening wordt gehouden met het aspect gezondheid. Het gaat om: • Het beschermen van gezondheid (is er sprake van bijzondere omstandigheden waardoor het verlenen van de vergunning leidt tot ernstige nadelige of mogelijk ernstige nadelige gevolgen voor de gezondheid?); • Het bevorderen van de gezondheid, zoals bevorderen sport en ontspanning (positieve gezondheid).

4.14.1 (Wettelijk) kader Volgens arFkel 1.3 sub a Omgevingswet is het bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit een belangrijk maatschappelijk doel van de Omgevingswet. De aspecten veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit hangen nauw met elkaar samen. 4.14.2 Onderzoek In de omgevingswet en het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) is voor het thema gezondheid de nadruk gelegd op milieubelastende acFviteiten, lucht- en waterkwaliteit. In deze ruimtelijke moFvering is toegelicht dat sprake is van een gezonde leefomgeving met betrekking tot onder andere geluid, bodem, lucht, externe veiligheid en water. 44 Als het gaat om het bevorderen van de gezondheid is de ligging van het plangebied van belang. Het logiesgebouw is goed ontsloten voor fietsers door het vrij liggende fietspad langs de omliggende wegen. Dit betekent dat er veilige fietsverbindingen zijn naar de voorzieningen in zowel Silvolde als Ul-. Dit betekent dat voorzieningen als winkels maar ook sportscholen uitstekend per fiets bereikbaar zijn. Ook liggen er diverse toerisFsche wandel- en fietsroutes in de omgeving van het plangebied. Denk hierbij aan de route langs de Oude IJssel. De toekomsFge bewoners hebben dus diverse mogelijkheden om in hun vrije Fjd op een gezonde manier te ontspannen in hun directe woonomgeving.

4.14.3 Conclusie Op basis van bovenstaande is het plan uitvoerbaar met betrekking tot het aspect gezondheid. 45 5. Juridische planopzet 5.1 Algemeen Een omgevingsplan is juridisch bindend en zegt iets over welke funcFes (wonen, winkels, kantoor et cetera) zijn toegestaan en wat de bouwmogelijkheden zijn zoals bouwgrenzen en bouwhoogtes. Deze omgevingsplanwijziging is opgezet volgens een Fjdelijke alternaFeve maatregel (TAM), namelijk TAM- IMRO. Kort gezegd houdt TAM-IMRO in dat de techniek voor planvorming zoals gebruikt onder de voorheen geldende Wet ruimtelijke ordening Fjdelijk kan worden gebruikt onder de nu geldende Omgevingswet. Deze techniek betre- de uitwisselingsstandaard IMRO (InformaFemodel Ruimtelijke Ordening) en de voorziening Ruimtelijkeplannen.nl. Een plan bestaat uit een digitale verbeelding (plankaart) en regels en gaat vergezeld van een moFvering. De verbeelding en de regels vormen samen het juridisch bindende deel van het omgevingsplan. De moFvering gee- een toelichFng op het plan en onderbouwd het besluit tot vaststelling van dit plan, maar is niet juridisch bindend. Op de verbeelding kun je zien welke funcFes waar zijn toegestaan en welke waarden in het gebied beschermd moeten worden. In de regels staat aangegeven wat er binnen een bepaalde funcFe mogelijk is en wat de (bouw)regels zijn.

De bijlagen bij de planregels maken onlosmakelijk deel uit van die planregels en maken daarmee onderdeel uit van het juridisch bindende deel van het omgevingsplan. De regels zijn onderverdeeld in vijf hoofdstukken: • Hoofdstuk I: inleidende regels, wat het toepassingsbereik, de begrippen en wijze van meten bevat; • Hoofdstuk II: regels over functies. De functies moeten op alfabetische volgorde worden opgenomen. De regels bevatten een omschrijving van de functie en regels voor het bouwen, gebruik en eventueel over milieu (bodem, geluid, geur enzovoort); • Hoofdstuk III: Algemene regels over functies. Dit zijn de regels die gelden voor alle functies, bijvoorbeeld algemene bouwregels, algemene gebruiksregels en algemene regels voor binnenplanse omgevingsplanactiviteiten; • Hoofdstuk IV: regels ter bescherming van waarden en objecten. In dit geval betreft dit de waarde ‘archeologische verwachting’; • Hoofdstuk V: Overgangsregels. 5.2 Toedelen van functies aan locaties In dit omgevingsplan is de funcFe ‘Wonen’ de centrale funcFe. Doormiddel van een de aanduiding ‘specifieke vorm van wonen - internaFonale werknemers’ is vastgelegd dat het in dit geval gaat om wonen in de vorm van kamerbewoning voor een specifieke doelgroep, waarbij maximaal 27 onzelfstandige woonruimten (kamers) zijn toegelaten. In de regels zijn ook twee voorwaardelijke verplichFngen opgenomen.

De eerste betre- het parkeren. Op grond van deze voorwaardelijke verplichFng moet binnen het eigen erf voorzien worden in voldoende parkeerruimte. De tweede voorwaardelijke verplichFng betre- de landschappelijke inpassing. Deze voorwaardelijke verplichFng legt de aanplant en instandhouding van groene elementen op en rond het erf vast en waarborgt daarmee de landschappelijke inpassing. 46 Tot slot zijn er regels opgenomen die de bescherming van nog niet ontdekte archeologische vondsten waarborgt. Dit is een vertaling van de voorheen geldende dubbelbestemming ‘ Waarde – archeologische verwachFng 2’ . 47 6. Uitvoerbaarheid van het plan 6.1 Economische uitvoerbaarheid 6.1.1 Economische haalbaarheid Voor een afwijking van het omgevingsplan wordt beoordeeld of een ontwikkeling binnen een redelijke termijn uitvoerbaar is, gelet op de aard en omvang van de voorziene ontwikkeling en het gebied waar deze ontwikkeling is voorzien. Ten tweede wordt beoordeeld of deze ontwikkeling binnen die redelijke termijn financieel haalbaar is. Planspecifiek Deze ontwikkeling betre- relaFef betaalbare en eenvoudige werkzaamheden, waardoor het redelijk is dat het plan op korte termijn kan worden gerealiseerd. 6.1.2 Kostenverhaal De voorliggende ontwikkeling wordt gerealiseerd op iniFaFef van een eigenaar.

De gemeente en de eigenaar hebben een anterieure overeenkomst gesloten waarin de rechten en plichten van zowel de eigenaar als de gemeente zijn aangegeven, alsmede de definiFeve regeling ten aanzien van het kostenverhaal. Met deze overeenkomst is het plan verzekerd van kostendekking. Planspecifiek Het plan hee- geen financiële gevolgen voor de gemeente, omdat de procedurekosten worden verhaald bij de aanvrager door middel van leges. De plankosten van de ontwikkeling zijn voor de aanvrager . De economische uitvoerbaarheid van de BOPA is hiermee voldoende aangetoond. 6.1.3 Nadeelcompensatie In geval voor realisaFe van het onderhavige iniFaFef een schadeveroorzakend besluit nodig is als bedoeld in arFkel 15.1, eerst lid van de Omgevingswet, kan dit tot voor vergoeding in aanmerking komende nadeelcompensaFe leiden. De omgeving van het plangebied betre- een gemengd gebied. De verbouw van een voormalig metaalbewerkingsbedrijf naar logiesgebouw betre- een passende ontwikkeling in het gemengde gebied en is passend binnen de uitgangspunten van het gemeentelijke beleid. De ontwikkeling betre- daarmee geen uitsFjgend maatschappelijk risico. Met het plan wordt geen burger of bedrijf onevenredig zwaar getroffen in vergelijking tot andere burgers of bedrijven.

6.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 6.2.1 Participatie Voorafgaand aan de aanvraag tot wijziging van het omgevingsplan is overleg gevoerd met omwonenden c.q. omliggende eigenaren. Zie hiervoor paragraaf 1.4 van deze moFvering en het parFcipaFeverslag in bijlage 2. 48 6.2.2 Voorbereidingsprocedrue Deze omgevingsplanwijziging is voorbereid conform afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht. Een ontwerp van deze omgevingsplanwijziging hee- voor een periode van zes weken ter inzage gelegen. Hierbij kon eenieder een zienswijze op het plan indienen. In bijlage 7 bij deze moFvering zijn de ingediende zienswijzen samengevat en van een antwoord voorzien. Ook is aangegeven of de ingediende zienswijze aanleiding is voor een gewijzigde vaststelling van de omgevingsplanwijziging ten opzichte van het ontwerp dat ter inzage hee- gelegen. 6.2.3 Advies en instemming Tijdens de voorbereiding van dit plan hee- afstemming plaatsgevonden met het waterschap Rijn & IJssel. Hierbij is de verwerking van hemelwater bij piekbuien afgestemd. Gekozen is voor een oplossing warbij een piek in hemelwater Fjdelijk wordt geborgen op een lagergelegen weiland dat in eigendom is bij de iniFaFefnemers en direct grenst aan het plangebied. Deze oplossing is akkoord bevonden door het waterschap.

Bijlagen Bijlage 1 InrichFngsplan Bijlage 2 ParFcipaFeverslag Bijlage 3 Wateradvies Bijlage 4 AkoesFsch onderzoek Bijlage 5 Verkennend bodemonderzoek Bijlage 6 Aerius-calculaFe Bijlage 7 Quickscan ecologie Bijlage 8 Schets inrichFng gebouwen Bijlage 9 Soortgericht onderzoek (ecologie) Bijlage 10 Nota zienswijzen 49

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.oude-ijsselstreek.nl/api/v1/meetings/5116/documents/34569