CConstaterende datOude IJsselstreek
Koppel je AI →
Document · PDF

Kom Heelweg Oost en West, locatie Molenweg 20_Toelichting.pdf

Raadscommissie Fysieke Leefomgeving (FL) 13 september 2023, gemeente Oude IJsselstreekBij agendapunt: 6: Bestemmingsplan “Kom Heelweg Oost en West, locatie Molenweg 20”11.992 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Veilig gebied De bescherming tegen hoog water is een randvoorwaarde om veilig te kunnen wonen en werken in ons gebied. Het waterschap zorgt voor veilige dijken, nu en in de toekomst. Dat wordt gedaan door dagelijks beheer van de keringen en door continu inzicht in de keringen. Het beheer wordt op een duurzame wijze uitgevoerd en er wordt gewerkt aan behoud en verhoging van de biodiversiteit van de dijken. De ambitie is dat de keringen van het waterschap in 2050 voldoen aan de nieuwe normen voor waterveiligheid, en dat daarbij wendbaar ingespeeld wordt op ontwikkelingen. Circulaire Economie en Energietransitie Het waterschap wil bij het uitvoeren van haar primaire taak zoveel mogelijk bijdragen aan het beperken van klimaatverandering. Daarbij wil zij in 2050 onderdeel zijn van een 100% circulaire economie waarin de taken klimaatneutraal worden uitgevoerd.

bestemmingsplan Kom Heelweg Oost en West, locatie Molenweg 20 (vastgesteld) 33

Gezonde leefomgeving Het waterschap zorgt voor een schoon en gezond watersysteem voor de mensen en de natuur in het gebied. Het waterschap streeft ernaar dat het water in de leefomgeving geschikt is voor verschillende maatschappelijke functies en dat het geen risico's oplevert voor de volksgezondheid. Het doel is een oppervlaktewatersysteem te bereiken dat optimaal is voor ecologisch functioneren en biodiversiteit en natuurwaarden daarbinnen en -buiten bevordert.

Toetsing van de ontwikkeling Voor de beoogde ontwikkeling is het effect op de waterhuishouding beoordeeld aan de hand van de watertoetstabel van het waterschap Rijn en IJssel.

Tabel watertoets waterschap Rijn en IJssel

Afvalwater Het afvalwater wordt ingezameld via het bestaande rioolstelsel. De toekomstige bewoners moeten zorg dragen voor de aanleg en aansluiting hierop.

34

bestemmingsplan Kom Heelweg Oost en West, locatie Molenweg 20 (vastgesteld)

Hemelwater De afvoer van het hemelwater gaat niet via het riool, dit water moet geïnfiltreerd worden per woning. Daarbij is het uitgangspunt dat 10% van het bruto oppervlakte van de locatie beschikbaar moet zijn voor waterinfiltratie (conform: Gemeentelijk Rioleringsplan Oude IJsselstreek 2017-2020).

Met de stedenbouwkundige opzet zoals opgenomen in paragraaf 2.2 neemt het bebouwd/verhard gedeelte op het perceel af van circa 1.250 m2 in de huidige situatie naar circa 1.200 m2 in de nieuwe situatie.

Afbeelding verhard/bebouwd oppervlak nieuwe situatie in paars met daaronder de bestaande situatie

De onbebouwde en onverharde delen zijn dermate groot (circa 1.100 m2) dat infiltratie in de groenstroken en tuinen voldoende is voor de berging van het hemelwater. De planontwikkeling is ook ingevoerd in de compensatieberekening van het Waterschap Rijn en IJssel, zie hieronder de uitkomsten. Hierbij zijn de standaard invoergegevens gehanteerd en is de bestaande verharding niet meegeteld (de verharding voor de woningen is volledig als toename ingevoerd). Uit de berekening volgt dat op de onverharde gronden (1.100 m2) er bij een infiltratiecapaciteit van 10mm/uur een compensatievolume van 132 m3 beschikbaar is. De infiltratieopgave op basis van het verharde oppervlak is 96 m3, er is daardoor ruimschoots voldoende capaciteit voor de beoogde ontwikkeling beschikbaar.

bestemmingsplan Kom Heelweg Oost en West, locatie Molenweg 20 (vastgesteld) 35

Tabel berekening hemelwatercompensatie

Ligging ten opzichte van water in beheer door het waterschap Er ligt in de directe omgeving van de woningen geen water dat beheerd wordt door het waterschap. De dichtstbij gelegen watergang in beheer bij het waterschap ligt aan de zuidzijde van Heelweg Oost.

Op grond van bovenstaande voorwaarden vormt de waterhuishouding geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan.

36

bestemmingsplan Kom Heelweg Oost en West, locatie Molenweg 20 (vastgesteld)

4.9

Ecologie

Bij ruimtelijke ingrepen dient rekening te worden gehouden met de natuurwaarden ter plaatse. Per 1 januari 2017 zijn de Natuurbeschermingswet 1998, de Flora en faunawet en de Boswet opgegaan in de nieuwe Wet natuurbescherming. De Wet natuurbescherming beschermt natuurgebieden, inheemse soorten en het bosopstanden in Nederland. Gebiedsbescherming In de Wet natuurbescherming worden de zogenoemde Natura 2000-gebieden beschermd. Natura 2000 is de overkoepelende naam voor gebieden die worden beschermd vanuit de Vogel- en Habitatrichtlijn. Volgens deze Europese richtlijnen moeten lidstaten specifieke diersoorten en hun natuurlijke leefomgeving (habitat) beschermen om de biodiversiteit te behouden. Natura 2000-gebieden kennen een zogenaamde 'externe werking'. Dit betekent dat ontwikkelingen die buiten de begrenzing van de Natura 2000-gebieden gelegen zijn, ook getoetst moeten worden of er significant negatieve effecten optreden op het betreffende gebied. Soortenbescherming Een hoofdstuk in de Wet natuurbescherming regelt de bescherming van de in het wild voorkomende inheemse planten en dieren: de soortenbescherming. De wet richt zich vooral op het in standhouden van populaties van soorten die bescherming behoeven. In de wet zijn algemene en specifieke verboden vastgelegd ten aanzien van beschermde dier- en plantensoorten.

Bekeken moet worden in hoeverre ruimtelijke plannen negatieve gevolgen hebben op beschermde dier- en plantensoorten en of er compenserende of mitigerende maatregelen genomen moeten worden. De wet geeft de mogelijkheid aan provincies om voor een bepaald aantal soorten via een verordening een algemene vrijstelling op bepaalde verbodsbepalingen te geven. Daarnaast geldt voor iedereen in Nederland altijd, dus ook los van het voorliggende beoogde ruimtelijke project, dat de zorgplicht nageleefd moet worden bij het verrichten van werkzaamheden. Voor menige soort geldt dat indien deze zorgplicht nagekomen wordt een bepaald beoogd project uitvoerbaar is.

Toetsing van de ontwikkeling Vanwege de beoogde ontwikkeling is door Eelerwoude een ecologische quickscan uitgevoerd (rapportnummer 202153, versie 1, 12 november 2021, zie Bijlage 4). Op basis van de resultaten uit de quickscan natuurtoets wordt het volgende geconcludeerd:

Soorten waarvoor een provinciale vrijstelling geldt De ontwikkeling zal naar verwachting leiden tot een beperkt verlies van leefgebied van een aantal beschermde soorten waarvoor een provinciale vrijstelling geldt. De ingreep heeft geen invloed op de gunstige staat van instandhouding van deze soorten omdat er sprake is van een tijdelijke en plaatselijke verstoring, voldoende leefgebied aanwezig blijft en het relatief algemene soorten betreft. Soorten waarvoor geen provinciale vrijstelling geldt Voor alle beschermde inheemse (ook algemeen voorkomende) vogelsoorten geldt een verbod op handelingen die opzettelijk nesten, rustplaatsen en eieren vernielen of beschadigen, als ook op het wegnemen van nesten van vogels. Daarnaast is het verboden vogels opzettelijk te storen, tenzij de storing niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort. In veel situaties kan dit voorkomen worden door

bestemmingsplan Kom Heelweg Oost en West, locatie Molenweg 20 (vastgesteld) 37

verstorende werkzaamheden buiten het broedseizoen uit te voeren. Broedvogels binnen het plangebied worden niet verwacht doordat opgaande beplanting ontbreekt. Rondom beide percelen zouden wel nesten aanwezig kunnen zijn in de omliggende Spaanse aken, sneeuwbessen en zomereiken. Het uitvoeren van werkzaamheden binnen het broedseizoen is mogelijk zolang deze omliggende beplanting gehandhaafd blijft. Bescherming gebieden De aard van de voorgenomen werkzaamheden en ontwikkeling maken dat de effecten uitsluitend tot het plangebied of in de zeer directe zone eromheen beperkt blijven. Een verdere toetsing op grond van de Wet natuurbescherming voor andere zaken dan stikstof- of ammoniakdepositie wordt daarom niet noodzakelijk geacht voor Natura 2000-gebieden. De woningen worden conform wetgeving gasloos gebouwd, hiernaast gaan de rijbewegingen van de woningen vrijwel direct op in het heersende verkeersbeeld. Ook is de geplande ontwikkeling klein in relatie tot een zeer grote afstand tot omliggende Natura 2000-gebieden. De afstand ten opzichte van het dichtstbij gelegen Natura 2000-gebied (Korenburgerveen) bedraagt circa 11 kilometer.

Aanlegfase: voor het bepalen van de emissie tijdens de aanlegfase is gebruikt gemaakt van de 'Handreiking woningbouw en AERIUS' (januari 2020). Hierin is per woning (mobiele werktuigen en transportbewegingen) een emissie van 3kg NOx aangegeven. Uitkomst van de berekening (zie bijlage 5) is dat er geen depositie hoger dan 0,00 mol.h.j is op de Natura 2000-gebieden. Gebruiksfase: zekerheidshalve is een Aerius-berekening uitgevoerd voor de verkeersbewegingen (zie bijlage 6). De verkeersbewegingen per etmaal (56, zie paragraaf 4.5) zijn gelijk over beide rijrichtingen verdeeld (ingetekend vanaf de twee parkeergedeelten). Hierbij is gebruikt gemaakt van onderstaande uitgangspunten uit de 'Checklist aanvraagvereisten vergunningaanvragen stikstof' van de provincie Gelderland.

38

bestemmingsplan Kom Heelweg Oost en West, locatie Molenweg 20 (vastgesteld)

Uitkomst van de berekening is dat er geen significant negatieve effecten op de instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000-gebieden zijn. Een verdere toetsing op grond van de Wet natuurbescherming wordt daarom niet noodzakelijk geacht.

Bescherming houtopstanden Er worden binnen het plangebied geen bomen gekapt. Een nadere toetsing van houtopstanden is daarom niet noodzakelijk.

Gelders Natuurnetwerk Met de voorgenomen werkzaamheden worden derhalve geen negatieve effecten verwacht op de wezenlijke waarden en kenmerken van het GNN. Een toetsing aan het GNN-beleid wordt daarom niet noodzakelijk geacht.

Op grond van bovenstaande kan geconcludeerd worden dat ecologie geen belemmering vormt voor de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan.

4.10 Archeologie & cultuurhistorie Op grond van het Verdrag van Malta en de daaruit voortvloeiende Wet op de archeologische monumentenzorg, dient te worden gekeken naar de archeologische waarden in het plangebied. De gemeente Oude IJsselstreek heeft een archeologische beleidskaart vastgesteld (2014) . Wanneer het plan is gesitueerd in een gebied dat op de waardenkaart met archeologische verwachting, hoge verwachting of hoge waarde staat aangeduid, dient de initiatiefnemer een archeologisch onderzoeksrapport te overleggen waaruit blijkt of er al dan niet sprake is van archeologische waarden die worden bedreigd.

Toetsing van de ontwikkeling Binnen het plangebied zijn geen gemeentelijke of rijksmonumenten aanwezig. De locatie ligt in een gebied met een lage archeologische verwachting (categorie 7, lichtgroen in onderstaande afbeelding). Op grond hiervan is geen onderzoek noodzakelijk.

bestemmingsplan Kom Heelweg Oost en West, locatie Molenweg 20 (vastgesteld) 39

Uitsnede archeologische maatregelenkaart

Over het gehele plangebied ligt in het geldende bestemmingsplan de dubbelbestemming Waarde Archeologische Verwachting II. Het oppervlakte aan nieuwbouw overschrijdt de opgenomen norm voor bouwwerken van 2.500 m2 echter niet.

Cultuurhistorie en archeologie vormen hiermee geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan. Indien tijdens werkzaamheden toch archeologische resten worden aangetroffen, geldt op grond van artikel 5.10 van de Erfgoedwet een meldingsplicht.

4.11 Verkeer en parkeren Om zo goed mogelijk in het aantal benodigde parkeerplaatsen te voorzien heeft de gemeente Oude IJsselstreek een eenduidig parkeerbeleid opgesteld: Beleidskader Parkeren. Voor de parkeernormen wordt verwezen naar het gemeentelijke verkeer- en vervoerplan (GVVP).

Toetsing van de ontwikkeling De woningen worden ontsloten via de Bosboombroekerweg en de Molenweg. Binnen het plangebied komt voldoende ruimte voor het parkeren voor alle woningen. Binnen het plangebied komen voldoende parkeerplaatsen voor alle woningen. In het geval van 2 starterswoningen in de goedkope prijsklasse) en de overige woningen in de middeldure prijsklasse gaat het om 13 benodigde parkeerplaatsen. Dit totaal is berekend op basis van de geldende parkeernormen zoals opgenomen in het Gemeentelijk Verkeer- en vervoerplan 2012-2020. De parkeernormen op deze locatie zijn als volgt:

40

bestemmingsplan Kom Heelweg Oost en West, locatie Molenweg 20 (vastgesteld)

Parkeernorm

Woningen middeldure prijsklasse

Woningen goedkope prijsklasse

1,9

1,7

Het totaal aantal benodigde parkeerplaatsen wordt deels via parkeren op eigen terrein (4) voor de hoekwoningen en deels via parkeervoorzieningen binnen het plangebied opgelost. De parkeerplaatsen zijn minimaal 2,5 meter breed en 5 meter diep. De ligging van de parkeerplaatsen is in onderstaande afbeelding met blauw aangegeven.

Situering nieuwe parkeerplaatsen

bestemmingsplan Kom Heelweg Oost en West, locatie Molenweg 20 (vastgesteld) 41

Hoofdstuk 5 Juridische planopzet 5.1

Algemeen

Het bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding en regels en is voorzien van een toelichting. De regels en verbeelding vormen het juridisch bindende deel, terwijl de toelichting geen juridische binding heeft, maar moet worden beschouwd als handvat voor de uitleg en de onderbouwing van de opgenomen bestemmingen. De regels bevatten het juridisch instrumentarium voor het regelen van het gebruik van de gronden, bepalingen omtrent de toegelaten bebouwing, regelingen betreffende het gebruik van aanwezige en/of op te richten bouwwerken. De verbeelding heeft een rol voor toepassing van de regels alsmede de functie van visualisering van de bestemmingen. In deze paragraaf worden de systematiek van de regels en de wijze waarop de regels gehanteerd dienen te worden, uiteengezet. De regels van het plan bestaan uit vier hoofdstukken, waarin achtereenvolgens de inleidende regels, de bestemmingsregels, de algemene regels en de overgangs- en slotregels aan de orde komen. Voor de systematiek is aangesloten op de landelijke standaard (SVBP2012). Hieronder wordt de opbouw en dergelijke van de regels kort toegelicht.

5.2

Inleidende regels

Begrippen (artikel 1) In deze bepaling zijn omschrijvingen gegeven van de in het bestemmingsplan gebruikte begrippen. Deze worden opgenomen om interpretatieverschillen te voorkomen. Begripsbepalingen zijn alleen nodig voor begrippen die gebruikt worden in de regels en die tot verwarring kunnen leiden of voor meerdere uitleg vatbaar zijn.

Wijze van meten (artikel 2) Om op een eenduidige manier afstanden, oppervlakten en inhoud van gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde, te bepalen wordt in de wijze van meten uitleg gegeven wat onder de diverse begrippen wordt verstaan. Ten aanzien van de wijze van meten op de verbeelding geldt steeds dat het hart van een lijn moet worden aangehouden.

42

bestemmingsplan Kom Heelweg Oost en West, locatie Molenweg 20 (vastgesteld)

5.3 5.3.1

Bestemmingsregels Opbouw bestemmingen

Bestemmingsomschrijving Bevat de omschrijving van de doeleinden die met de bestemming aan de grond worden toegekend. Hierbij gaat het in beginsel om een beschrijving van de aan de grond toegekende functies zoals bedrijven, wonen, centrum etc. De aard van de toegelaten inrichtingen van gronden (bouwwerken en werken, geen bouwwerken zijnde) vloeit dan voort uit de toegelaten functies.

Bouwregels In de bouwregels worden voor alle hoofdgebouwen, bijgebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, de van toepassing zijnde bouwregels gesteld. Waar en met welke maatvoering mag worden gebouwd, wordt hier vastgelegd. Indien mogelijk wordt verwezen naar bouwvlakken en aanduidingen op de verbeelding.

Afwijken van de bouwregels In deze bepaling zijn afwijkingsbevoegdheden toegekend aan het bevoegd gezag ten aanzien van bepaalde bouwregels.

Specifieke gebruiksregels In dit onderdeel kan worden aangegeven welke vormen van gebruik men in ieder geval strijdig acht met de bestemming. Het is niet de bedoeling alle mogelijke strijdig gebruiksvormen te noemen, maar alleen die, waarvan het niet op voorhand duidelijk is dat deze in strijd zijn met de bestemming. Het gaat hierbij in feite om een aanvulling op de doeleindenomschrijving.

Afwijken van de gebruiksregels In deze bepaling zijn afwijkingsbevoegdheden toegekend aan het bevoegd gezag ten aanzien van bepaalde gebruiksregels.

5.3.2

Bestemmingen

Hieronder volgt in het kort een beschrijving van de gebruikte bestemmingen.

Tuin (artikel 3) Voortuinen (en in principe ook de naar de weg gekeerde zijtuinen) worden bestemd als tuin; in tuinen mogen namelijk geen bijbehorende bouwwerken worden gebouwd (behalve een erker).

Wonen (artikel 4) De nieuwe woningen hebben een bestemming 'Wonen' gekregen. Voor de bebouwingsmogelijkheden wordt een onderscheid gemaakt in het hoofdgebouw van de woning, bijbehorende bouwwerken en bouwwerken geen gebouwen zijnde.

bestemmingsplan Kom Heelweg Oost en West, locatie Molenweg 20 (vastgesteld) 43

Woningen zijn alleen mogelijk binnen de op de verbeelding aangegeven bouwvlakken. Bijbehorende bouwwerken mogen ook buiten het bouwvlak worden gebouwd. Binnen de bestemming is door middel van aanduidingen aangegeven dat maximaal zeven aaneengebouwde woningen zijn toegestaan. De toegestane goot- en bouwhoogte van de woningen zijn op de verbeelding opgenomen. Voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zoals erfafscheidingen, is een maximale maatvoering opgenomen. Hierbij is bepaald dat erfafscheidingen in het achtererfgebied tot een hoogte van 2 meter mogen worden opgericht. Voor de voorgevel mogen erfafscheidingen tot maximaal 1 meter hoogte worden opgericht.

Archeologische Verwachting II (artikel 5) Aan het plangebied zijn in het geldende bestemmingsplan plangebied archeologische verwachtingswaarden toegekend. De bijbehorende regels zijn in het nieuwe bestemmingsplan overgenomen.

5.4

Algemene regels

Anti-dubbeltelbepaling (artikel 6) Deze bepaling is opgenomen om te voorkomen dat, wanneer volgens een bestemmingsplan bepaalde gebouwen en bouwwerken niet meer dan een bepaald deel van een bouwperceel mogen beslaan, het opengebleven terrein nog eens meetelt bij het toestaan van een ander gebouw of bouwwerk, waaraan een soortgelijke eis wordt gesteld.

Algemene bouwregels (artikel 7) Deze bepaling bevat algemene regels omtrent de bestaande situatie.

Algemene gebruiksregels (artikel 8) Deze bepaling bevat de vormen van gebruik, die in ieder geval strijdig zijn met de regels van het bestemmingsplan. In dit artikel is tevens een regeling voor parkeren opgenomen. Indien op grond van dit bestemmingsplan wordt gebouwd dan wel het gebruik wordt gewijzigd, dient voorzien te worden in voldoende parkeergelegenheid op eigen terrein.

Algemene afwijkingsregels (9) In dit artikel wordt een opsomming gegeven van de regels waarvan door middel van een omgevingsvergunning afgeweken kan worden van het bestemmingsplan. De criteria, die bij toepassing van de afwijkingsbevoegdheid in acht moeten worden genomen, zijn aangegeven.

5.5

Overgangs- en slotregels

Overgangsrecht (artikel 10) Bouwwerken welke op het moment van inwerkingtreding van het bestemmingsplan bestaan (of waarvoor een

44

bestemmingsplan Kom Heelweg Oost en West, locatie Molenweg 20 (vastgesteld)

bouwvergunning is aangevraagd) mogen blijven bestaan, ook al is er strijd met de bouwregels. De overgangsbepaling houdt niet in dat het bestaand, illegaal opgerichte, bouwwerk legaal wordt, noch brengt het met zich mee dat voor een dergelijk bouwwerk alsnog een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen kan worden verleend. Burgemeester en wethouders kunnen in beginsel dus nog gewoon gebruik maken van hun handhavingsbevoegdheid. Het gebruik van de grond en opstallen, dat afwijkt van de regels op het moment van inwerkingtreding van het plan, mag eveneens worden voortgezet.

Slotregel (artikel 11) Dit artikel geeft aan op welke manier de regels kunnen worden aangehaald.

bestemmingsplan Kom Heelweg Oost en West, locatie Molenweg 20 (vastgesteld) 45

Hoofdstuk 6 Uitvoerbaarheid 6.1

Economische uitvoerbaarheid

Wanneer met een bestemmingsplan een bouwplan, zoals gedefinieerd in artikel 6.2.1 Besluit ruimtelijke ordening, mogelijk wordt gemaakt, dient conform artikel 6.12 Wet ruimtelijke ordening een exploitatieplan te worden opgesteld. Deze eis geldt niet indien het kostenverhaal anderszins is verzekerd.

De beoogde ontwikkeling is een bouwplan als bepaald in de wet. Bij de verdere planontwikkeling zal er daarom een anterieure overeenkomst gesloten worden tussen de ontwikkelende partij en de gemeente, waarmee anderszins in het kostenverhaal wordt voorzien.

6.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid Bij ruimtelijke procedures is wettelijk vastgelegd welke stappen doorlopen moeten worden. (zie Hoofdstuk 7). Naast de wettelijke procedure zijn de plannen besproken met de direct omwonenden. Een verslag hiervan is aan de gemeente gestuurd.

46

bestemmingsplan Kom Heelweg Oost en West, locatie Molenweg 20 (vastgesteld)

Hoofdstuk 7 Procedure 7.1

Overleg

Conform ex artikel 3.1.1. van het Bro dienen burgemeester en wethouders bij de voorbereiding van een bestemmingsplan overleg te plegen met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en met de rijks- en provinciale diensten die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. Belangen van deze partijen zijn niet aanwezig (zie paragraaf 3.2 Provinciaal beleid en 4.8 Waterhuishouding). Vooroverleg kan daarmee achterwege blijven.

7.2

Ontwerpfase

Het ontwerpbestemmingsplan wordt gedurende zes weken voor zienswijzen ter inzage gelegd. De terinzagelegging wordt bekend gemaakt in het Gemeenteblad. Eventuele zienswijzen worden door de gemeente van een reactie voorzien en bij de (al dan niet gewijzigde) vaststelling van het bestemmingsplan betrokken.

7.3

Vaststellingsfase

Na de termijn van terinzagelegging beslist de gemeenteraad beslissen over de vaststelling van het bestemmingsplan. Tegen het besluit tot vaststelling staat, voor belanghebbenden, beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Direct na de beroepstermijn van zes weken treedt, indien tijdens de beroepstermijn geen verzoek om voorlopige voorziening is ingediend, het plan in werking.

bestemmingsplan Kom Heelweg Oost en West, locatie Molenweg 20 (vastgesteld) 47

Colofon Dit is een uitgave van: Pardal – specialist in ruimtelijk-juridische processen www.pardal.nl © Juli 2023, Pardal

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.oude-ijsselstreek.nl/api/v1/meetings/4566/documents/27209