CConstaterende datOude IJsselstreek
Koppel je AI →
Document · PDF

Definitief aanvraagformulier vangnetuitkering.pdf

Raadscommissie Maatschappelijke Ontwikkeling (MO) 11 mei 2023, gemeente Oude IJsselstreekBij agendapunt: 6: Aanvraag vangnet BUIG uitkering7.193 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aanvraag Vangnetuitkering Participatiewet over 20221 Versie: basisverzoek

Wat is een vangnetuitkering? Gemeenten ontvangen op grond van de Participatiewet budget voor bijstandsuitkeringen en loonkostensubsidies. Dit budget wordt ook wel het BUIG-budget genoemd. Gemeenten die een tekort hebben kunnen in aanmerking komen voor een vangnetuitkering. De voorwaarden op hoofdlijnen: -

het tekort is groter dan een bepaalde toegangsdrempel; het college verklaart maatregelen te hebben getroffen om te komen tot tekortreductie; het college geeft een toelichting op deze verklaring; de gemeenteraad stemt in met de verklaring van het college.

Bekostiging door en verantwoording aan andere gemeenten Met de verklaring verantwoordt u zich als college niet alleen naar de gemeenteraad, maar ook naar andere gemeenten. Deze gemeenten dragen financieel bij aan de vangnetuitkering waarop uw gemeente een beroep doet. Het gaat dus om solidariteit tussen gemeenten. De vangnetuitkeringen worden bekostigd uit het macrobudget (voor alle gemeenten) van twee jaar na het tekortjaar. Daarom moet het college inzicht geven in de maatregelen die het heeft getroffen om het tekort te reduceren.

Wat wordt verwacht van het college en de gemeenteraad? Bij het indienen van het verzoek moet het college verklaren dat het maatregelen heeft getroffen om tot tekortreductie te komen. Deze verklaring moet de instemming hebben van de gemeenteraad. Ook moet deze verklaring worden toegelicht, zoals gevraagd in het aanvraagformulier (op het formulier de onderdelen A, B en C).

Wat is de autonome rol van de gemeenteraad t.a.v. de vangnetuitkering? Het college vraagt de gemeenteraad om in te stemmen met de verklaring van het college. Met deze instemming bevestigt de gemeenteraad dat het college inzicht heeft gegeven in de maatregelen die zijn getroffen om het tekort te reduceren. De gemeenteraad moet in staat worden gesteld om de verklaring van het college adequaat te kunnen beoordelen. Het gaat hierbij dus om een gelijkwaardige informatiepositie van de gemeenteraad ten opzichte van het college. Daarom moet het college een samenvatting van de verklaring maken. De toetsingscommissie heeft een checklist voor raadsleden gemaakt, waarmee raadsleden de verklaring inhoudelijk kunnen controleren Deze checklist wordt tezamen met andere informatie door VNG aangeboden op de website van VNG, zie link website VNG pagina raadsleden.

1

Versie aanvraagformulier d.d. 5 oktober 2021 1

Op welke wijze is de gemeenteraad geïnformeerd door het college? Een belangrijke veronderstelling bij het vangnet is dat gemeenteraad en college regelmatig in gesprek zijn over ontwikkelingen in het bijstandsvolume (bijv. middels kwartaalrapportages). Op dit niveau wordt inhoudelijk gesproken over maatregelen (beleid en uitvoering) om eventuele tekorten te reduceren. Het college wordt verzocht te beschrijven op welke wijze de gemeenteraad is betrokken vanaf het moment dat het tekort door het college wordt gesignaleerd tot en met het treffen van de maatregelen en de monitoring daarvan. Dit onderdeel is opgenomen na de samenvatting.

Wat mag de gemeenteraad van het college verwachten?  

 

Het college en de gemeenteraad moeten een gelijkwaardige informatiepositie hebben, daarom maakt het college een samenvatting van de toelichting. Het college beschrijft op welke wijze de gemeenteraad is betrokken vanaf het moment dat het tekort door het college wordt gesignaleerd tot en met het treffen van de maatregelen en de monitoring daarvan. Onderdeel A: Het college geeft de gemeenteraad via een analyse inzicht in de oorzaken van het tekort op de gebundelde uitkering (ook wel BUIG genoemd). Deze analyse kan zowel kwantitatieve als kwalitatieve elementen bevatten. Onderdeel B: Het college geeft de gemeenteraad inzicht in de (interne en externe) maatregelen, met een kwantitatieve en kwalitatieve toelichting waarom die naar verwachting leiden tot een reductie van het tekort. Onderdeel C: Het college geeft de gemeenteraad inzicht in welke mate (interne en externe) maatregelen beogen bij te dragen aan het (verder) reduceren van het tekort. Het college geeft de gemeenteraad inzicht in de planning en control-cyclus ten aanzien van het vangnet.

Bovenstaande informatie staat ook op de website van de VNG2.

Op welke wijze wordt de gemeenteraad gefaciliteerd? De toetsingscommissie heeft een checklist gemaakt voor gemeenteraadsleden. Het is een handzaam lijstje vragen en aandachtspunten. Raadsleden kunnen dit lijstje gebruiken bij het beoordelen van de vangnetaanvraag van het college. Deze checklist is opgesteld in samenwerking met raadsleden uit verschillende gemeenten en de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden. De checklist staat samen met andere informatie op de website van de VNG. De gemeenteraad heeft de mogelijkheid om in de aanvraag vangnetuitkering zijn opvattingen te geven over de verklaring van het college (in de verklaring staan de oorzaken van het tekort, de maatregelen om het tekort te reduceren, etc.). In het formulier zal op hoofdlijnen het proces worden beschreven hoe de gemeenteraad betrokken is. Dit is vanaf het moment van signalering van het tekort en het daaropvolgend proces van treffen van maatregelen waar de raad bij betrokken is voordat de raad instemt met de verklaring van het college. De voorzitter van de gemeenteraad en de

2

Vangnetuitkering Participatiewet: informatie voor raadsleden | VNG 2

griffier tekenen voor de juistheid hiervan en worden in de gelegenheid gesteld om dit overzicht aan te vullen.

Hoe verloopt de aanvraagprocedure? Het college dient het aanvraagformulier in bij de onafhankelijke Toetsingscommissie vangnet Participatiewet. De commissie moet de aanvraag uiterlijk op 15 augustus 2023 hebben ontvangen. De aanvraag dient met behulp van dit, door de minister vastgestelde aanvraagformulier, voor instemming aan de raad te worden voorgelegd en wordt naar ondertekening aangeboden aan de commissie via de website. De Toetsingscommissie beoordeelt de aanvraag procedureel. Dit betekent dat wordt beoordeeld of het college en de gemeenteraad een aantal processtappen hebben doorlopen: het tekort is groter dan de drempelwaarde; het college heeft in de verklaring toegelicht dat maatregelen zijn getroffen om het tekort te reduceren en de gemeenteraad heeft ingestemd met de verklaring. De commissie geeft dus geen inhoudelijk oordeel over de aanvraag. Vervolgens adviseert deze commissie de Minister. Deze adviezen worden in beginsel overgenomen. Gemeenten die interesse hebben in de maatregelen van andere gemeenten, kunnen terecht op de website van het vangnet. Hier zijn alle aanvragen gepubliceerd en gerubriceerd naar type maatregel, omvang van de gemeente en omvang van het tekort. Aan het eind van het aanvraagformulier is een uitgebreide toelichting per vraag opgenomen voor de ambtelijke ondersteuning van het college.

Voor een verdere toelichting op dit formulier wordt verwezen naar de informatie op de website: https://www.toetsingscommissievp.nl/vangnetuitkering-202 2

3

1. Verklaring college bij een basisverzoek

Dit gedeelte bestaat de volgende onderdelen: -

Samenvatting van de verklaring De beschrijving van de wijze waarop de gemeenteraad is geïnformeerd door het college A. Analyse van de oorzaken van het tekort B. Getroffen maatregelen om het tekort te reduceren C. Beoogde effect van de genoemde maatregelen D. Ondertekening door het college

4

Samenvatting van de verklaring van het college De verklaring van het college bestaat uit vier subonderdelen: A) analyse van de oorzaken van het tekort, B) getroffen interne en externe maatregelen om het tekort verder te reduceren, C) beoogd effect van de genoemde maatregelen & D) ondertekening door het college. Het college geeft hieronder een samenvatting van onderdeel A, B en C. Dat geeft de gemeenteraad een kernachtig overzicht, op basis waarvan het raadslid kan vaststellen waarmee hij instemt voordat hij ondertekent. Voor het gemeenteraadslid dat zich wil verdiepen in de verklaring van het college, wordt verwezen naar onderdelen A, B, C en D van het aanvraagformulier. Richtlijn voor de omvang van de samenvatting van de drie onderdelen is in totaal maximaal twee A4. Het ligt voor de hand dat een gemeenteraadslid de antwoorden op de checklist (zie achteraan dit formulier) terug kan vinden in de samenvatting. A. Samenvatting onderdeel analyse van de oorzaken van het tekort Het college maakt in dit onderdeel duidelijk wat het probleem is. Op basis van de gegevens van Beeld van de Uitvoering is onderstaand tekort berekend voor 2022. Budget BUIG 2022 €8.586.435,Kosten BUIG 2022 €9.356.286,Tekort 2022 €769.851,Aangevuld met de historische cijfers van 2020 en 2021 is, naar verwachting, de hoogte van de vangnetuitkering voor 2022 €62.934,-.

In 2021 had de gemeente Oude IJsselstreek aanspraak kunnen maken op een vangnetuitkering. Vanwege de oprichting van Stoer Versterkt! (STOER) per 1 januari 2021, was het niet mogelijk om aan de voorwaarden te voldoen van de aanvraag vangnetuitkering 2021. Er was onvoldoende inzicht in de redenen van het tekort en de genomen maatregelen om een gedegen aanvraag in te kunnen dienen. Specifieke kenmerken van het bestand * Bijna 50% van de uitkeringsgerechtigden heeft meer dan vijf jaar een uitkering. * 35% van de uitkeringsgerechtigden heeft tussen de één en vijf jaar een uitkering. * 80% van de uitkeringsgerechtigden is alleenstaand. * 55% van de uitkeringsgerechtigden is vrouw. * 65% van de uitkeringsgerechtigden is boven de 40 jaar oud. * 11% van de uitkeringsgerechtigden is jongere * 20% van de uitkeringsgerechtigde is statushouder

5

In verhouding tot het objectieve verdeelmodel heeft Oude IJsselstreek 10% meer alleenstaande uitkeringsgerechtigden, dit zijn relatief gezien de duurdere uitkeringen. Dit heeft een negatief effect op de uitgaven BUIG. STOER heeft het arbeidspotentieel binnen het bestand in vier treden ingedeeld: 49% van de inwoners is gezond fit 35% van de inwoners is meedoen fit 11% van de inwoners is arbeid fit 5% van de inwoners is job fit Hiermee heeft slechts 16% van de uitkeringsgerechtigden perspectief op werk binnen twaalf maanden. De instroom in de bijstand (totaal 174 inwoners) in 2022 komt voor 20% door verhuizingen vanuit andere gemeenten of vanuit het AZC. 17% van de instroom ligt in de relationele sfeer. Op voornoemde instroomredenen is invloed voor Oude IJsselstreek niet mogelijk. De uitstroom in de bijstand is in 36% van de gevallen te koppelen aan uitstroom naar werk of het starten in een zelfstandig beroep. 14,5% uitstroom ontstaat door verhuizing naar een andere gemeente, hiermee is er 5,5% meer instroom uit verhuizingen dan uitstroom. Op basis van de jaaranalyse 2022 heeft STOER het eigen handelen onderzocht en hier ontwikkelpunten aan verbonden. Er wordt met in 2023 doorontwikkeld op het vlak van maatwerktrajecten passend bij de bestandsindeling om nog beter aan te sluiten bij de inwoner.

Dit zal resulteren in meer doorstroom binnen de verschillende doelgroepen, waarbij het uiteindelijke doel is de uitstroom te vergroten. Meer informatie treft u op pagina acht tot en met twaalf. B.

Samenvatting onderdeel getroffen maatregelen om het tekort te reduceren. Het college maakt in dit onderdeel duidelijk dat dit pakket van maatregelen afdoende is om de geschetste problemen aan te pakken. Er zijn dertien interne en drie externe maatregelen getroffen waarbij de focus ligt op het vergroten van de ontwikkeling van de inwoner richting uitstroom. Waarbij rekening gehouden wordt met de wensen, mogelijkheden en uitdagingen van de inwoner. Dit op basis van de visie ‘naar het hart van de beweging’. Hieronder treft u enkele kenmerkende maatregelen voor Oude IJsselstreek. Meer informatie over alle maatregelen treft u op pagina twaalf tot en met veertien. Interne maatregelen: Statushouders Binnen STOER zijn er twee consulenten gespecialiseerd in de doelgroep statushouders. Zij houden rekening met de culturele verschillen en de taalontwikkeling van de deelnemer. Daarnaast heeft STOER voor twaalf uur in de week een taalondersteuner in dienst voor extra taalondersteuning aan statushouders, waarbij de inhoud wordt afgestemd op het traject van de 6

statushouder. Ook is er een nauwe samenwerking met Vluchtelingenwerk Oost Nederland en Sociaal Werk Oude IJsselstreek om de integratie te bespoedigen en hiermee de weg naar werk te verkorten. Maatschappelijke banen STOER zet als aanvullend instrument de Maatschappelijke banen in. Een maatschappelijke baan is gericht op de doelgroep die tussen wal en schip vallen in de huidige regelingen. Hierbij wordt een baan gecreëerd met maatschappelijke toegevoegde waarde, die op dit moment niet bestaat, waar geen prestatiedruk op zit en die specifiek voor de inwoner in kwestie is ingericht. Hiermee wordt een positief effect bereikt op het algemene welbevinden van de inwoner, wat indirect zorgt voor verlaagde maatschappelijke kosten. Samenwerking aanbieders van Huishoudelijke Hulp Door persoonlijke kennismakingen, waarbij motivatie en mogelijkheden centraal stonden, tussen werkzoekenden en aanbieders van Huishoudelijke Hulp zijn er meerdere inwoners met een grote afstand tot de arbeidsmarkt aan de slag gegaan als Huishoudelijke Hulp. Dit is mogelijk geworden door het aanpassen van de sollicitatieprocedure aan de behoeften van de inwoners, waardoor er verder werd gekeken dan het CV en meer tijd werd genomen om de inwoner mee te nemen in de werkzaamheden, gevolgen voor de persoonlijke situatie en samen gekeken werd naar oplossingen van belemmeringen.

Externe maatregel: Samenwerking met verschillende uitzendbureaus STOER zoekt de samenwerking op met verschillende uitzendbureaus in de regio. Bijvoorbeeld door het faciliteren van een werkplek binnen STOER voor het uitzendbureau, om deze laagdrempelig toegankelijk te maken voor de inwoners. Maar ook door samen te werken in specifieke leerwerktrajecten met baangarantie om de kans op ontwikkeling en uitstroom te vergroten. C. Samenvatting onderdeel beoogd effect van de genoemde maatregelen Het college maakt in dit onderdeel duidelijk dat dit pakket van maatregelen tezamen leidt tot tekortreductie, waarbij het effect van deze maatregelen kwantitatief dan wel kwalitatief is beschreven en inzichtelijk is gemaakt. De genoemde maatregelen bij B zijn erop gericht om de uitstroom te vergroten, waarmee de uitkeringslast verlaagd zal worden. Hierbij wordt met name gefocust op duurzame uitstroom om structurele effecten op de uitkeringslast te bereiken. Het brede pallet aan maatregelen biedt STOER de mogelijkheid om trajecten af te stemmen op de competenties en wensen van de inwoner, waarbij altijd de persoonlijke situatie van de inwoner wordt meegenomen. Hierbij is de doelstelling om de uitstroom richting arbeid te verhogen met 50% in 2023.

7

Op welke wijze is de gemeenteraad geïnformeerd door het college? In dit onderdeel wordt het proces op hoofdlijnen beschreven hoe de raad betrokken is vanaf het moment van signalering van het tekort op het BUIG-budget en het daaropvolgend proces van bepalen en treffen van maatregelen, tot aan het moment dat de verklaring van het college voor instemming wordt voorgelegd aan de raad. Ten einde dit zo eenvoudig mogelijk te beschrijven wordt gevraagd aan te kruisen op welke momenten de raad hierbij is betrokken. Dit geschiedt d.m.v. het plaatsen van een X voor het betreffende onderdeel. Daarnaast is er ruimte voor aanvullingen. Op welke momenten werd de raad geïnformeerd over beleid, uitvoering en sturing van de Participatiewet en meer specifiek over het tekort op de BUIG, de maatregelen en de beoogde effecten daarvan? X

Moment in het proces

X

De kadernota, de begroting. Voorjaars- en najaarsbericht en jaarrekening. Maand-, kwartaal- of halfjaarrapportage. (ook wel genoemd Turap, Marap etc)

X

Beleidsplannen, strategie- of koersdocumenten, plannen van aanpak of evaluaties. Informatie over bestandsontwikkelingen of over de voortgang van maatregelen.

X

Nieuwsbrieven, bijeenkomsten en/of presentaties.

8

1. Verklaring college bij een basisverzoek Dit gedeelte bestaat uit de volgende vier onderdelen: A. Analyse van de oorzaken van het tekort B. Getroffen maatregelen om het tekort te reduceren C. Beoogde effect van de genoemde maatregelen D. Ondertekening door het college

A. Analyse van de oorzaken van het tekort Hieronder beschrijft het college de analyse van de oorzaken van het tekort. Berekening tekort BUIG Op basis van de gegevens van Beeld van de Uitvoering is onderstaand tekort berekend voor 2022. Budget BUIG 2022 Kosten BUIG 2022 Tekort 2022

€8.586.435,€9.356.286,€769.851,-

De netto lasten van het Participatiewet-budget 2022 bedraagt 108,97%. De netto lasten van het Participatiewet-budget 2020 tot en met 2022 bedragen 122,33%. Aangevuld met de historische cijfers van 2020 en 2021 is, naar verwachting, de hoogte van de vangnetuitkering voor 2022 €62.934,-. In 2021 had de gemeente Oude IJsselstreek aanspraak kunnen maken op een vangnetuitkering. Vanwege de oprichting van Stoer Versterkt! (STOER) per 1 januari 2021, was het niet mogelijk om aan de voorwaarden te voldoen van de aanvraag vangnetuitkering 2021. Er was onvoldoende inzicht in de redenen van het tekort en de genomen maatregelen om een gedegen aanvraag in te kunnen dienen. Huidige bestand De gemeente Oude IJsselstreek is per 1 januari 2021 uitgetreden uit de gemeenschappelijke regeling Laborijn en heeft een eigen Participatiebedrijf opgericht met de naam STOER. Dit vanuit de behoefte om lokaal aan te sluiten bij de wensen van onze inwoners. Gemeenteraad en college hebben de overtuiging in deze setting beter invulling te kunnen geven aan de kernwaarden uit de Visie op het Sociaal Domein; Naar het hart van de beweging: - werken vanuit vertrouwen en respect - naast de inwoner gaan staan en die centraal stellen - écht doen wat nodig is

9

Daarnaast is STOER de verbinder tussen lokale werkgevers en inwoners, waarbij we de behoefte en mogelijkheden van de inwoner centraal zetten. Met als doel de toegevoegde waarde van iedere inwoner in te zetten met duurzame participatie tot gevolg. De afgelopen twee jaar is er vanuit bovenstaande visie gewerkt aan het in beeld brengen van het bestand, het inrichten van uitvoering op basis van de visie, iedere inwoner de aandacht geven die men verdient en de inwoner het vertrouwen in de lokale overheid terug te geven. We zien zeer positieve ontwikkelingen in de relatie met onze inwoners, in aansluiting op hun wensen en het werk waarnaar zij uitstromen. Onderstaand treft u een feitelijke analyse aan van het bestand per 31-12-2022. Specifieke kenmerken van het bestand * Bijna 50% van de uitkeringsgerechtigden uit Oude IJsselstreek heeft meer dan vijf jaar een uitkering. * 35% van de uitkeringsgerechtigden heeft tussen de één en vijf jaar een uitkering. * 80% van de uitkeringsgerechtigden is alleenstaand. * 55% van de uitkeringsgerechtigden is vrouw. * 65% van de uitkeringsgerechtigden is boven de 40 jaar oud. * 11% van de uitkeringsgerechtigden is jongere * 20% van de uitkeringsgerechtigde is statushouder In verhouding tot het objectieve verdeelmodel heeft Oude IJsselstreek 10% meer alleenstaande uitkeringsgerechtigden, dit zijn relatief gezien de duurdere uitkeringen.

Dit heeft een negatief effect op de uitgaven BUIG. Arbeidsmarktpotentieel STOER heeft het arbeidspotentieel binnen het bestand van Oude IJsselstreek ingedeeld in vier treden: 1) Gezond fit: inwoners die vanwege gezondheidsredenen en/ of sociaal maatschappelijke omstandigheden niet kunnen participeren 2) Meedoen fit: Kandidaten die vanwege hun persoonlijke omstandigheden nog niet in aanmerking komen voor betaalde arbeid 3) Arbeid fit: Inwoners die, met ondersteuning, in staat zijn binnen één jaar betaald te werken. 4) Job fit: inwoners die, zonder of door beperkte ondersteuning, in staat zijn direct betaald te werken. 49% van de inwoners is gezond fit 35% van de inwoners is meedoen fit 11% van de inwoners is arbeid fit 5% van de inwoners is job fit Hiermee heeft slechts 16% van de uitkeringsgerechtigden perspectief op werk binnen twaalf maanden. 10

De gemeente Oude IJsselstreek kent verhoudingsgewijs een erg grote ‘ouderen’ groep. Deze inwoners zijn over het algemeen lastiger dan gemiddeld, naar werk te begeleiden. Ouderen hebben een moeilijke arbeidsmarktpositie. Uit onderzoek blijkt dat de langdurige werkloosheid onder de beroepsbevolking in de leeftijdsgroep van 45-75 jarigen van begin 2021 tot begin 2022 is gestegen met 6000 werklozen. (bron: CBS, Werkloze beroepsbevolking; werkloosheidsduur, 2011-2022) Ook wordt er een stijging van 12% verwacht van AOW-gerechtigden in 2035 (bron PBL). Deze demografische ontwikkeling heeft op verschillende vlakken invloed, zo ook op de BUIG middelen. De bestandsontwikkeling 2022 Aantal uitkeringen Oude IJsselstreek Buig 2022 Maand

PW

IOAW

IOAZ

Totaal

Januari

552

37

5

594

Februari

543

37

5

585

Maart

543

37

5

585

April

543

37

5

585

Mei

541

37

5

583

Juni

546

37

5

588

Juli

551

36

6

593

Augustus

550

36

6

592

September 546

36

6

588

Oktober

554

34

6

594

November

551

33

6

590

December

559

32

5

596

11

Reden van instroom in de bijstand De instroom in de bijstand (totaal 174 inwoners) in 2022 komt voor 20% door verhuizingen vanuit andere gemeenten of vanuit het AZC. 17% van de instroom ligt in de relationele sfeer. Op voornoemde instroomredenen is invloed voor Oude IJsselstreek niet mogelijk.

Reden van uitstroom uit de bijstand.

12

De uitstroom in de bijstand is in 36% van de gevallen te koppelen aan uitstroom naar werk of het starten in een zelfstandig beroep. 14,5% uitstroom ontstaat door verhuizing naar een andere gemeente, hiermee is er 5,5% meer instroom uit verhuizingen dan uitstroom. Op basis van de jaaranalyse 2022 heeft STOER het eigen handelen onderzocht en hier ontwikkelpunten aan verbonden. Er wordt met in 2023 doorontwikkeld op het vlak van maatwerktrajecten passend bij de bestandsindeling. Dit zal resulteren in meer doorstroom binnen de verschillende doelgroepen, waarbij het uiteindelijke doel is de uitstroom te vergroten. B. Getroffen maatregelen om het tekort te reduceren Hieronder beschrijft het college maatregelen die zijn getroffen om een bijdrage te leveren aan het reduceren van het tekort. Interne maatregelen Sluitende aanpak op grond van bestandsanalyse Zoals hiervoor al aangegeven, is het arbeidspotentieel binnen het bestand van Oude IJsselstreek recent geanalyseerd. Hieruit is duidelijk geworden wie wel of niet binnen twaalf maanden (gedeeltelijk) kan uitstromen naar werk. Diegenen die als kansrijk voor werk naar voren zijn gekomen, worden in een maatwerk traject naar werk geplaatst. Waarbij mogelijkheden, competenties en vaardigheden worden meegenomen, met als doel duurzame uitstroom.

Bij dit traject wordt samengewerkt met werkgevers in de regio, om zo werknemersvaardigheden, vakkennis en werkervaring te vergroten. Inwoners met een grote afstand tot de arbeidsmarkt De inwoners die voorlopig nog niet aan het werk kunnen, of nog niet kunnen starten met een traject gericht op regulier werk (zoals hiervoor omschreven) worden actief benaderd om weer deel te nemen aan de maatschappij. Een eerste aanzet om weer je draai te vinden, weer actief mee doen kan tot een positief vervolg leiden. De eerste stappen worden in nauwe samenwerking met lokale partners ingezet. Het kan zijn dat er gelijktijdig trajecten lopen, bijvoorbeeld een hulpverleningstraject en een reintegratietraject. Soms vindt er als eerste stap ook psychische hulp of een andere vorm van hulpverlening plaats. Naadloze overgang van school naar werk Er zijn afspraken tussen scholen en STOER om te zorgen dat de jongeren die bijna kunnen uitstromen vanuit het VSO/PRO onderwijs begeleid worden, zodat er sprake is van een naadloze overgang vanuit het onderwijs naar werk. Zij worden actief en blijvend begeleid door de inzet van loonwaardemetingen, loonkostensubsidie en jobcoaching. Statushouders Binnen STOER zijn er twee consulenten gespecialiseerd in de doelgroep statushouders. Zij houden rekening met de culturele verschillen en de taalontwikkeling van de deelnemer. Daarnaast heeft 13

STOER voor twaalf uur in de week een taalondersteuner in dienst voor extra taalondersteuning aan statushouders, waarbij de inhoud wordt afgestemd op het traject van de statushouder. Ook is er een nauwe samenwerking met Vluchtelingenwerk Oost Nederland en Sociaal Werk Oude IJsselstreek om de integratie te bespoedigen en hiermee de weg naar werk te verkorten. Uitstroom met loonkostensubsidie Steeds meer inwoners stromen uit met loonkostensubsidie. Er is dan sprake van een (meestal langdurige) verminderde arbeidsprestatie als gevolg van een arbeidsbeperking. Werkgevers zijn dus in toenemende mate bereid om deze stap te zetten en deze inwoners een kans te geven op de reguliere arbeidsmarkt. We zien hierbij niet alleen nieuwe beschikkingen maar ook steeds meer verlengingen. De ondersteuning voor kandidaat en werkgever is gericht op het behoud van de betaalde baan. Daarnaast wordt actief gekeken naar het vergroten van de loonwaarde binnen de werkzaamheden. Uitkering als springplank naar ondernemerschap Vanuit het zittende bestand worden op basis van de uitgevoerde analyse die inwoners geselecteerd die gedeeltelijk inkomsten hebben uit eigen bedrijf (of een voorloper daarvan). Deze klantgroep wijzen we nadrukkelijk op de mogelijkheden binnen de BBZ. Daarnaast bieden we aanvullende coaching/begeleiding bij het opzetten van een eigen bedrijf.

STOER heeft een consulent in dienst die zich richt op de uitvoering van de BBZ en de begeleiding van ondernemers. Nazorg Vanuit STOER wordt er zes maanden nazorg geboden bij uitstroom naar werk. Dit houdt in dat STOER in contact blijft met de inwoner en werkgever. Daarnaast kunnen zij bij STOER terecht voor adviezen, ondersteuning in gesprekken en in het voorkomen/oplossen van problemen. Dit met als doel het verduurzamen van de uitstroom en het voorkomen van hernieuwde instroom. Maatschappelijke banen STOER zet als aanvullend instrument de Maatschappelijke banen in. Een maatschappelijke baan is gericht op de doelgroep die tussen wal en schip vallen in de huidige regelingen. Hierbij wordt een baan gecreëerd met maatschappelijke toegevoegde waarde, die op dit moment niet bestaat, waar geen prestatiedruk op zit en die specifiek voor de inwoner in kwestie is ingericht. Hiermee wordt een positief effect bereikt op het algemene welbevinden van de inwoner, wat indirect zorgt voor verlaagde maatschappelijke kosten. Extra inzet consulent gericht op de oudere doelgroep STOER heeft vanuit de eigen caseload een consulent geworven vanuit de oudere doelgroep. Deze consulent gaat met de inwoners uit de oudere doelgroep in gesprek om te onderzoeken welke mogelijkheden zij hebben en welke stappen er mogelijk zijn. STOER neemt zijn verantwoordelijkheid als werkgever.

Naast de inzet van een consulent zoals hierboven beschreven, biedt STOER ook aan inwoners de mogelijkheid om werkervaring op te doen binnen de organisatie. Waarbij het doel is de inwoner de ruimte te geven om zich te ontwikkelen richting betaalde arbeid. Stimuleringspremie STOER verstrekt de inwoner een stimuleringspremie bij het aangaan van een dienstverband. Dit om 14

de drempel weg te nemen als het gaat om opstartkosten zoals de aanschaf van een fiets, een kappersbezoek of passende kleding voor de nieuwe werkplek. Samenwerking met de gemeentewerf De samenwerking met de gemeentewerf wordt op dit moment vormgegeven, waarbij er bij verschillende werkzaamheden de mogelijkheid geboden wordt om een werkervaringsplaats in te richten om de ontwikkeling van de inwoner te stimuleren en zo uitstroom te bespoedigen. Samenwerking aanbieders van Huishoudelijke Hulp Door persoonlijke kennismakingen, waarbij motivatie en mogelijkheden centraal stonden, tussen werkzoekenden en aanbieders van Huishoudelijke Hulp zijn er meerdere inwoners met een grote afstand tot de arbeidsmarkt aan de slag gegaan als Huishoudelijke Hulp. Dit is mogelijk geworden door het aanpassen van de sollicitatieprocedure aan de behoeften van de inwoners, waardoor er verder werd gekeken dan het CV en meer tijd werd genomen om de inwoner mee te nemen in de werkzaamheden, gevolgen voor de persoonlijke situatie en samen gekeken werd naar oplossingen van belemmeringen. Externe maatregelen Samenwerking met het Werkgeversservicepunt Achterhoek (WSPA) Vanuit de arbeidsmarktregio Achterhoek bestaat regionale samenwerking op het vlak van werkgeversbenadering. De accountmanager vanuit STOER is ook aangesloten bij het WSPA.

Dit vergroot het aantal werkgevers waar de inwoners van de gemeente Oude IJsselstreek onder de aandacht gebracht worden. Daarnaast resulteert deze samenwerking in verschillende sectorale projecten, onder andere gericht op de zorg en horeca. Hoofdzaak werk STOER is aangesloten bij het project Hoofdzaak werk. Hierin wordt op regionaal niveau kennis gedeeld op het vlak van begeleiding van mensen met psychische kwetsbaarheden. Vervolgens wordt deze kennis gedeeld met de collega’s intern om zo de betreffende doelgroep beter te kunnen ondersteunen. Samenwerking met verschillende uitzendbureaus STOER zoekt de samenwerking op met verschillende uitzendbureaus in de regio. Bijvoorbeeld door het faciliteren van een werkplek binnen STOER voor het uitzendbureau, om deze laagdrempelig toegankelijk te maken voor de inwoners. Maar ook door samen te werken in specifieke leerwerktrajecten met baangarantie om de kans op ontwikkeling en uitstroom te vergroten.

C. Beoogd effect van de genoemde maatregelen op de tekortreductie Hieronder maakt het college inzichtelijk dat de getroffen maatregelen bijdragen aan het reduceren van het tekort. Hierbij gaat het om een inschatting van het beoogde effect. De genoemde maatregelen bij B zijn erop gericht om de uitstroom te vergroten, waarmee de uitkeringslast verlaagd zal worden. Hierbij wordt met name gefocust op duurzame uitstroom om structurele effecten op de uitkeringslast te bereiken. Het brede palet aan maatregelen biedt STOER de mogelijkheid om trajecten af te stemmen op de competenties en wensen van de inwoner, waarbij altijd de persoonlijke situatie van de inwoner wordt meegenomen. 15

Hierbij is de doelstelling om de uitstroom richting arbeid te verhogen met 50% in 2023.

D. Ondertekening Een verzoek tot vangnetuitkering dient door het college van burgemeester en wethouders te worden ingediend, ook indien de uitvoering van de Participatiewet aan een samenwerkingsverband is overgedragen. De ondertekening geschiedt door burgemeester en secretaris. De ondertekening is volledig indien de naam van de gemeente en de naam van de ondertekenaar zijn ingevuld, de datum is ingevuld en de handtekening is gezet. De verklaring is slechts geldig indien dit door middel van het door de minister van SZW ter beschikking gestelde aanvraagformulier wordt aangeboden aan de raad. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oude IJsselstreek verklaart dat het voor 15 augustus 2023 de genoemde maatregelen heeft getroffen om te komen tot tekortreductie. Datum: ___________ De secretaris,

Naam van de ondertekenaar: ___________ De burgemeester,

Naam van de ondertekenaar: ___________

16

2. Instemming gemeenteraad In artikel art. 10, eerste lid, onderdeel d, BPw staat dat de verklaring van het college de instemming van de gemeenteraad moet hebben. De instemming is pas geldig indien de verklaring aan de raad is aangeboden in de vorm van het door de minister vastgestelde aanvraagformulier.

De gemeenteraad stemt in met de verklaring van het college. Daarmee bevestigt de gemeenteraad dat het college: 1. 2. 3.

voldoende duidelijk heeft gemaakt wat de oorzaken zijn van het tekort; voldoende duidelijk heeft gemaakt dat het pakket van maatregelen effectief is om de geschetste problemen aan te pakken, binnen de mogelijkheden die de gemeente heeft; voldoende duidelijk heeft gemaakt dat dit pakket van maatregelen, voor zo ver door de gemeente beïnvloedbaar is, leidt tot een beoogde tekortreductie. Daarbij wordt het effect van deze maatregelen kwantitatief dan wel kwalitatief inzichtelijk gemaakt.

Op welke wijze is de gemeenteraad geïnformeerd door het college? Voorafgaand aan, het hiervoor opgenomen onderdeel A. Analyse, is door het college het proces op hoofdlijnen beschreven hoe de raad betrokken is: vanaf het moment van signalering van het tekort op het BUIG-budget en het daarop volgend proces van bepalen en treffen van maatregelen, tot aan het moment dat de verklaring van het college voor instemming wordt voorgelegd aan de raad. Hieronder is er ruimte voor de gemeenteraad voor aanvullingen op het genoemde overzicht.

Samenvatting van de opvattingen van de gemeenteraad In de samenvatting van de opvattingen van de gemeenteraad staat op hoofdlijnen op welke onderwerpen de raad heeft gereageerd op de verklaring van het college. De onderdelen van de verklaring zijn vaak al eerder in de raad besproken. Het gaat dus om het gehele proces vanaf de signalering van het tekort. Verder betreft het hier alleen onderwerpen die in de raadsbesluiten zijn opgenomen, die afwijkend zijn van het raadsvoorstel. Om de beschrijving zo eenvoudig mogelijk te houden wordt gebruik gemaakt van een checklist die kan worden aangevuld. Het verzoek is om aan te kruisen welke onderwerpen in de raadsbesluiten

17

zijn opgenomen. Dit geschiedt d.m.v. het plaatsen van een X voor de betreffende onderdelen. Daarnaast is er ruimte voor aanvullingen. X

Typering van de reacties die in de raadsbesluiten zijn opgenomen gedurende het gehele proces Expliciet goedkeurend, waardering over analyse en maatregelen uitgesproken Impliciet goedkeurend, is behandeld als hamerstuk Afkeurend en gevraagd het plan te herzien Verzoek om onderdelen van de globale analyse te herzien of aan te vullen Verzoek om bepaalde maatregelen te schrappen of aanvullend maatregelen te treffen. Verzoek om het tempo van invoering en/of uitvoering van maatregelen te versnellen. Verzoek om extra informatie over maatregelen Verzoek on meer informatie t.a.v. de beoogde effecten van maatregelen Verzoek om gerealiseerde effecten te monitoren en terug te koppelen Motie om een andere beleidsmaatregel te treffen

Ondertekening De ondertekening geschiedt door voorzitter en griffier. De gemeenteraad dient voor het moment van indiening van het verzoek zijn instemming te hebben gegeven. De aanvraag dient uiterlijk 15 augustus 2023 door de Toetsingscommissie te zijn ontvangen. De gemeenteraad van de gemeente Oude IJsselstreek stemt in met de onder 1 afgegeven verklaring door het college van deze gemeente. Met de ondertekening gaat de gemeenteraad akkoord met de beschrijving van de wijze waarop hij is geïnformeerd door het college en met de weergave van de samenvatting van de opvattingen van de gemeenteraad. De voorzitter,

Naam van de ondertekenaar: ___________ De griffier,

18

Naam van de ondertekenaar: ___________

19

Toelichting op het aanvraagformulier bij het basis verzoek voor de ambtelijke ondersteuning van het college Voor de juistheid en beoordeling van de aanvraag is het niet toegestaan dat u het format van de pagina’s aanpast. U vindt in deze toelichting       

Hoe verloopt de aanvraagprocedure? Waarom zijn er twee versies van dit formulier? Hoe is het aanvraagformulier opgebouwd? Waarom is er een samenvatting in het aanvraagformulier opgenomen? Waarom is er een procesvraag in het aanvraagformulier opgenomen over de wisselwerking tussen het college en de gemeenteraad? Hoe uitgebreid moet het aanvraagformulier worden ingevuld en is hier een extern bureau bij nodig? Toelichting per vraag

Hoe verloopt de aanvraagprocedure? Een verzoek om een vangnetuitkering over 2022 dient uiterlijk op 15 augustus 2023 te zijn ontvangen door de Toetsingscommissie vangnet Participatiewet. Omdat sprake is van een fatale termijn worden verzoeken die na 15 augustus 2023 door de Toetsingscommissie vangnet Participatiewet worden ontvangen, niet in behandeling genomen. Het college dient het verzoek digitaal door middel van het webformulier op www.toetsingscommissievp.nl in te dienen. Na de aangegeven datum is dit webformulier niet meer beschikbaar. U vindt onderaan dit formulier meer achtergrondinformatie over de aanvraagprocedure, de wet- en regelgeving, de relatie met jaarcijfers (SiSa verantwoording) en de ondersteuning vanuit Divosa. Op de website www.toetsingscommissievp.nl kunt u meer informatie vinden over de aanvraagprocedure en de deadline voor het indienen van een complete aanvraag. Waarom zijn er twee versies van dit formulier? Van dit formulier bestaan twee versies: ‘basisverzoek’ en ‘uitgebreid verzoek’. De versie die u moet gebruiken is afhankelijk van het volgende: 

indien uw gemeente zowel over 2020 als over 2021 geen vangnetuitkering is verleend, gebruikt u de versie ‘basisverzoek’.

indien uw gemeente over 2020 en/of over 2021 wel een vangnetuitkering is verleend, gebruikt u de versie ‘uitgebreid verzoek’.

De verklaring van het college verschilt tussen een ‘basisverzoek’ en een ‘uitgebreid verzoek’. Hoe is het aanvraagformulier opgebouwd? De vangnetaanvraag bestaat uit twee gedeelten: 20

1. De verklaring van het college en de toelichting op de verklaring 2. De instemming van de gemeenteraad Onderdeel 1 bestaat uit vier onderdelen: A, B, C en D. Het gaat om de verklaring van het college (onderdeel D) en een toelichting van het college op deze verklaring. Deze toelichting gebeurt aan de hand van drie vragen (onderdelen A, B en C). Na iedere vraag kunt u het antwoord invoegen. U kunt eventueel tabellen of grafieken invoegen. U kunt aangeven op welke brondocumenten, die eventueel in de gemeenteraad zijn besproken, de aanvraag is gebaseerd. U kunt geen bijlagen toevoegen aan deze aanvraag. Hieronder wordt per vraag aangegeven wat verwacht wordt van de beantwoording. Daarna dient in onderdeel 2 de gemeenteraad te tekenen voor zijn instemming met de verklaring van het college. Dit mag niet worden vervangen door het in- of toevoegen van een gemeenteraadbesluit. Waarom is er een samenvatting in het aanvraagformulier opgenomen? Uit het onderzoek naar de rol van de gemeenteraad is duidelijk geworden dat raadsleden behoefte hebben aan beknopte informatie op hoofdlijnen, zodat de rol van de gemeenteraad om in te stemmen met de verklaring van het college beter uitvoerbaar wordt.

Waarom is er een procesvraag in het aanvraagformulier opgenomen over de wisselwerking tussen het college en de gemeenteraad? In het aanvraagformulier is de volgende vraag opgenomen: ‘op welke wijze is de gemeenteraad geïnformeerd door het college?’ Onder deze vraag is een korte checklist opgenomen met een zestal punten die kunnen worden aangevuld. Vanaf de invoering van de vangnetuitkering in 2015 heeft de gemeenteraad een inhoudelijkbeoordelende ten aanzien van de vangnetuitkering; deze rol lag voorheen bij de Toetsingscommissie vangnet Participatiewet. Uit een onderzoek door de Toetsingscommissie bleek dat gemeenteraden slechts beperkt de vangnetaanvragen inhoudelijk beoordeelden. De beantwoording van de procesvraag geeft inzicht in de mate waarin de raad is betrokken bij de processtappen van signalering tot reductie van het tekort. Hoe uitgebreid moet het aanvraagformulier worden ingevuld en is hier een extern bureau bij nodig? Het uitgangspunt van de aanvraag van de vangnetuitkering is dat elke gemeente – ongeacht het aantal inwoners – zelfstandig de aanvraag moet kunnen voorbereiden en indienen. Dat houdt in dat alleen het opstellen van de aanvraag geen reden is om een extern bureau te betrekken. Daarbij wordt benadrukt dat het aan het lokale bestuur is hoe uitgebreid de vragen in het aanvraagformulier worden beantwoord, mits deze vragen duidelijk worden beantwoord.

De beantwoording van de vragen in het aanvraagformulier is verplicht. Dat geldt niet voor de suggesties in de onderstaande toelichting. Op de pagina ‘beoordeling en advisering’ over de VU 2022 wordt een en ander eveneens toegelicht.

21

Toelichting per vraag Het college van de tekortgemeente verklaart dat het maatregelen heeft getroffen om tot tekortreductie te komen en geeft daarop een toelichting door het invullen van de onderdelen A, B en C. Alle vragen moeten worden beantwoord. Hieronder staat een toelichting bij vraag B en C. Hieronder staan suggesties bij vraag A, B en C. Bij D volgt ondertekening door het college van de gemeente. Alle onderdelen moeten worden ingevuld.

Onderdeel A In dit onderdeel van de verklaring van het college wordt een analyse van de oorzaken van het tekort beschreven. Onder een analyse van de oorzaken van het tekort wordt verstaan: ‘de ontwikkeling van de uitgaven en de oorzaken daarvan.’ Deze analyse dient specifiek in te gaan op de situatie in de eigen gemeente of de eigen arbeidsmarktregio. Een algemene analyse, die niet ingaat op de situatie in de eigen gemeente of arbeidsmarktregio, volstaat niet als analyse van de oorzaken van het tekort. Suggesties bij de beantwoording van A   

 

Kunt u de omvang van het tekort betrekken bij uw analyse? Kunt u aangeven op welke moment het college heeft gesignaleerd dat een tekort zal ontstaan? Wilt u in uw analyse van de oorzaken de nadruk leggen op factoren die door het college kunnen worden beïnvloed? De analyse betreft dus vooral de ontwikkelingen in de uitgaven van de gemeente. U kunt hierbij ook gebruik maken van de rekentool Participatiewet 2022i en/of de Benchmark van Divosaii. U kunt in de analyse ook beschrijven wat het effect is van getroffen maatregelen in voorgaande jaren.

Onderdeel B De maatregelen kunnen worden getroffen vanaf het moment dat het tekort bekend is of dat men vanuit een prognose het tekort ziet aankomen, tot uiterlijk de datum van indiening van het verzoek. Er zijn meerdere factoren die een invloed hebben op de ontwikkeling van het tekort. Om die reden wordt gesproken van een bijdrage aan de reductie van het tekort. Hieronder staat toegelicht wat wordt bedoeld met ‘het treffen van maatregelen’. 

Wat wordt verstaan onder een maatregel? o Onder een maatregel wordt verstaan: een besluit over hoe iets wordt opgelost of veranderd. Wat wordt verstaan onder het treffen van maatregelen.

22

o

Onder het treffen van een maatregel wordt verstaan dat het besluit is genomen door het college en waarvan de uitvoering in gang is gezet voor het tijdstip van indiening van de aanvraag. Moet het steeds een nieuwe (aanvullende) maatregel zijn? o Van het college wordt verwacht om te analyseren wat de oorzaken zijn van het tekort, wat hieraan inmiddels is gedaan en wat hiervan de effecten per jaar zijn. En vervolgens of, in dat licht, al dan niet nodig is om tot extra maatregelen te komen ten einde het tekort verder te reduceren. Die afweging is aan het lokaal bestuur. Het college dient wel de gemeenteraad inzicht te verschaffen over deze afweging. Deze afweging dient dan ook in dit onderdeel te worden beschreven.

Suggesties bij de beantwoording van B   

 

Geef waar mogelijk en voor zover relevant de relatie tussen oorzaken en maatregelen. U kunt in uw antwoord verwijzen naar eerder genomen maatregelen. Indien mogelijk kunt u de effecten van eerder genomen maatregelen betrekken bij de maatregelen die u nu treft. U kunt bij het antwoord aangeven of gebruik gemaakt is van de volgende tool(s): o de rekentool SEO o de benchmark Divosa o de tool “informatie over eerdere aanvragen”, te vinden via de gelijknamige pagina “Informatie over eerdere aanvragen”. Met deze tool kunnen aan de hand van kenmerken van gemeenten (grootteklasse, omvang tekort en arbeidsmarktregio) vergelijkbare gemeenten worden gevonden, waarbij direct zichtbaar wordt welke maatregelen deze gemeenten hebben getroffen. Dit kan nuttig zijn bij het oriënteren op de externe maatregelen. U kunt in uw antwoord bij voorkeur onderscheid maken tussen eerder getroffen maatregelen (voorafgaande jaren) en nieuwe (nog te treffen, lopende het jaar tot indiening). U kunt hierbij ook de maatregelen aangeven die in het kader van de aanpak van uw arbeidsmarktregio worden gedaan en waaraan uw gemeente een extra bijdrage levert. In het geval van externe maatregelen dient ook sprake te zijn van externe consultatie. U kunt bij het noemen van de maatregelen ook de samenhang met andere maatregelen of effecten in het sociale domein benoemen.

Onderdeel C De toetsingscommissie geeft geen oordeel over de mate van effectiviteit van de maatregelen. Bij deze vraag wordt verwacht dat het college inzichtelijk maakt dat het maatregelen treft waarmee het college beoogt/verwacht dat deze bijdragen aan een reductie van het tekort. Suggesties bij de beantwoording van C 

U kunt een inschatting van het beoogde effect kwantitatief uitdrukken en als dat niet mogelijk is kunt u het beoogde effect kwalitatief uitdrukken. Onder kwantificering wordt 23

 

verstaan: de beoogde opbrengst in minder uitkeringen respectievelijk in het beoogde besparingsbedrag. U kunt de beoogde effecten presenteren per maatregel of als dat niet mogelijk is voor meerdere maatregelen gezamenlijk. U kunt aangeven op welke wijze het college de effecten van de maatregelen monitort.

24

Achtergrondinformatie bij dit formulier Wet- en regelgeving In het BPw is geregeld dat het college alleen via een door de minister van SZW beschikbaar gesteld aanvraagformulier een verzoek tot een vangnetuitkering kan indienen, als bedoeld in artikel 74 van de Participatiewet. De verklaring van het college voor een basisverzoek kunt u vinden in het BPw, artikel 10, eerste lid, onder d. De verklaring van het college voor een uitgebreid verzoek kunt u vinden in het BPw artikel 10, eerste lid, onder d, jo. artikel 10, tweede lid. In het BPw staat dat de verklaring van het college een toelichting omvat zoals gevraagd in het modelaanvraagformulier (BPw, artikel 10, onderdeel e). Aanvraagprocedure De toekenning van een vangnetuitkering gebeurt uitsluitend op verzoek van het college van burgemeester en wethouders van de tekortgemeente en nadat is vastgesteld dat aan alle geldende eisen wordt voldaan. Blijkens artikel 8c, eerste lid, van de Participatiewet, kan het indienen van een verzoek tot vangnetuitkering niet worden overgedragen aan het bestuur van een openbaar lichaam op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen. Bij het indienen van een verzoek tot vangnetuitkering moet het college verklaren dat het maatregelen heeft getroffen om tot tekortreductie te komen.

Verdere toelichting op de aanvraagprocedure en de vangnetuitkering 2022 kunt u vinden op: www.toetsingscommissievp.nl Via het aanvraagformulier hoeft het college geen informatie te verstrekken over de jaarcijfers (toegekend budget, de netto uitkeringslasten en de door de accountant gerapporteerde foute of onzekere bestedingen), aangezien het ministerie –mede op basis van de SiSa-verantwoording- al over deze gegevens beschikt en zij de toetsingscommissie daarover zal informeren. Ondersteuning Divosa Divosa, de vereniging van leidinggevenden in het Sociaal Domein, zal periodiek bijeenkomsten organiseren waarbij wordt ingegaan op de vangnetuitkering. Daarnaast wordt de Benchmark door Divosa ondersteund en heeft Divosa een factsheet maatregelen uitgegeven. Ook heeft Divosa bijgedragen aan het beschikbaar komen van een tool waarin de aanvragen van de afgelopen drie jaar zijn verwerkt. De tool en aanvragen worden per VU-jaar op de website van de Toetsingscommissie gepubliceerd. Zie hiervoor de rubriek: informatie over eerdere aanvragen.

25

i

https://www.rijksoverheid.nl/documenten/publicaties/2021/10/19/rekentool-participatiewet-2022

ii

www.divosa.nl/diensten/divosa-benchmark

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.oude-ijsselstreek.nl/api/v1/meetings/4546/documents/26338