BP. TOE. Ir. Sassenstraat 20 Ulft.pdf
Tekst van het document
Riolering en Afvalwaterketen
Wateroverlast (oppervlaktewater)
1. Is de toename van het afvalwater (DWA) groter dan 1 m3/uur? 2. Ligt in het plangebied een persleiding van WRIJ? 3. Ligt in of nabij het plangebied een RWZI of rioolgemaal van het waterschap? 1. Is er sprake van toename van het verhard oppervlak met meer dan 2.500 m2? 2. Is er sprake van toename van het verhard oppervlak met meer dan 500 m2? 3. Zijn er kansen voor het afkoppelen van bestaand verhard oppervlak? 4. In of nabij het plangebied bevinden zich natte en laag gelegen gebieden, beekdalen, overstromingsvlaktes?
Oppervlaktewaterkwaliteit
1. Wordt vanuit het plangebied (hemel)water op oppervlaktewater geloosd?
Grondwateroverlast
1. Is in het plangebied sprake van slecht doorlatende lagen in de ondergrond? 2. Is in het plangebied sprake van kwel? 3. Beoogt het plan dempen van perceelsloten of andere wateren? 4. Beoogt het plan aanleg van drainage?
Relevant
Intensiteit
Nee
2
Nee
2
Nee Nee
2 1
Nee
1
Nee
2
Nee
1
Nee
1
Nee
1
Nee
1
Nee Nee
1 1
Nee Nee
1 1
Grondwaterkwaliteit
1. Ligt het plangebied in de beschermingszone van een drinkwateronttrekking?
Nee
1
Inrichting en beheer
1. Bevinden zich in of nabij het plangebied wateren die in eigendom of beheer zijn bij het waterschap? 2. Heeft het plan herinrichting van watergangen tot doel?
Nee Nee
1 2
Volksgezondheid
1. In of nabij het plangebied bevinden zich overstorten uit het gemengde stelsel? 2. Bevinden zich, of komen er functies, in of nabij het plangebied die of verdrinkingsrisico's met zich meebrengen (zwemmen, spelen, tuinen aan water)?
Nee
1
Nee
1
1. Bevindt het plangebied zich in of nabij een natte EVZ? 2. Ligt in of nabij het plangebied een HEN of SED water? 3. Bevindt het plangebied zich in beschermingszones voor natte natuur? 4. Bevindt het plangebied zich in een Natura 2000-gebied?
Nee
2
Nee
2
Nee Nee
1 1
Verdroging
1. Bevindt het plangebied zich in een TOP-gebied?
Nee
1
Recreatie
1. Bevinden zich in het plangebied watergangen en/of gronden in beheer van het waterschap waar actief recreatief medegebruik mogelijk wordt?
Nee
2
1. Zijn er cultuurhistorische waterobjecten in het plangebied aanwezig?
Nee
1
Natte natuur
Cultuurhistorie
bestemmingsplan "Ingenieur Sassenstraat 20, Ulft" (vastgesteld)
25
Algemeen De ontwikkeling voorziet ter plaatse van het plangebied in de toevoeging van dertien woningen. Het huidige plangebied bestaat in de huidige vorm bijna volledig uit verharding. De nieuw te realiseren woningen zullen grotendeels een tuin hebben. Dit houdt in dat er sprake is van een afname van de verharding in het plangebied. Hemelwater afkomstig van de nieuw te bouwen woningen en bijbehorende verhardingen wordt in het plangebied
Conclusie Het aspect water vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van de ontwikkeling. 3.3.10 Archeologie en cultuurhistorie Algemeen Op basis van artikel 3.1.6, vijfde lid, onderdeel a, van het Bro moet bij ruimtelijke ontwikkelingen worden getoetst, hoe er wordt omgegaan met de aspecten archeologie en cultuurhistorie. De bescherming van archeologische waarden is verankerd in de Erfgoedwet. Het belangrijkste doel van deze wet is de bescherming van de aanwezige en de te verwachten archeologische waarden door het reguleren van bodemverstorende activiteiten. Ergoedwet artikel 5.10, Archeologische toevalsvondst, houdt in dat als men toevallig een vondst doet waarvan vermoed kan worden dat het een archeologische vondst betreft, deze zo spoedig mogelijk gemeld moet worden. Degene die de vondst heeft gedaan is verplicht om de vondst gedurende 6 maanden ter beschikking te stellen voor wetenschappelijk onderzoek
Toetsing Archeologie Het plangebied ligt, volgens de archeologische waardenkaart van de gemeente van de Oude IJsselstreek, grotendeels in het gebied 'Specifieke archeologische waarde - geulenstelsel dal Oude IJssel' (categorie 6). Een archeologisch onderzoek in dergelijk gebied is nodig op het moment dat de bodemingrepen groter zijn dan 5.000 m2. De omvang van de bodemingrepen als gevolg van voorliggende ontwikkeling zullen circa 3.000 m2 beslaan. Om die reden is archeologisch onderzoek niet noodzakelijk. Een klein gedeelte van het plangebied ligt in het gebied 'Dorpskern 1850'. Een archeologisch onderzoek in dergelijk gebied is nodig op het moment dat de bodemingrepen groter zijn dan 100 m2 en dieper rijken dan 30 cm. Binnen het plangebied wordt op deze locatie alleen gebouwd op de locatie waar het huidige pand zich bevindt. Daarbij geldt dat ter plaatse van de huidige bebouwing de bodem reeds verstoord is tot een diepte van 1,8 m. Bij de realisatie van de nieuwe woningen zullen de bodemingrepen niet dieper reiken dan deze diepte. Tot slot wordt het aantal vierkante meters bebouwing op de locatie waar het gebied 'Dorpskern 1850' geldt maximaal 100 m2. Om deze redenen is archeologisch onderzoek niet noodzakelijk.
26
bestemmingsplan "Ingenieur Sassenstraat 20, Ulft" (vastgesteld)
Archeologische waardenkaart
Cultuurhistorie De gemeente Oude IJsselstreek heeft een 'Cultuurhistorische waardenkaart' vastgesteld. Op deze kaart wordt geen melding gemaakt van cultuurhistorische objecten, elementen, structuren of andere cultuurhistorisch relevante zaken in het plangebied. Wel ligt het plangebied binnen de 'historische kern tot 1850'.
Cultuurhistorische waardenkaart
Conclusie Het aspect cultuurhistorie en archeologie vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van de ontwikkeling.
bestemmingsplan "Ingenieur Sassenstraat 20, Ulft" (vastgesteld)
27
3.3.11 Ecologie Algemeen Bij elke ruimtelijke ontwikkeling moet, in het kader van de Wet natuurbescherming (Wnb), in beeld worden gebracht of er sprake is van invloeden op natuurwaarden en beschermde soorten.
Toetsing Gebiedsbescherming Ruimtelijke ingrepen in of nabij Natura 2000-gebieden en beschermde natuurmonumenten zijn niet toegestaan wanneer deze significante negatieve effecten op de kernkwaliteiten veroorzaken. Door buro Ontwerp & Omgeving is in september 2021 een AERIUS-berekening uitgevoerd. Dit onderzoek is als Bijlage 6 bijgevoegd. Het plangebied is niet gelegen binnen de grenzen, of in de directe nabijheid van een gebied dat aangewezen is als Natura 2000. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied betreft het in Duitsland gelegen 'Klevsche Landwehr, Anholtsche Issel, Feld-schlaggraben and Regnieter Bach', dat op circa 3 km ten zuiden van het plangebied ligt. Andere Natura 2000-gebieden op minder dan 10 km afstand zijn de eveneens in Duitsland gelegen 'VSG Unterer Niederrhein' en 'NSG Hetter-millinger Bruch, mit Erweiterung' (ca. 5,4 km) en 'NSG Bienener Altrhein, millinger und Hurler Meer' (8,7 km). Het is dus niet op voorhand uit te sluiten of er sprake is van een significante toename van stikstof-depositie op het nabijgelegen Natura 2000-gebied. De uitvoering van een stikstofdepositieonderzoek is daarom noodzakelijk en moet middels AERIUS-berekening uitgevoerd worden. Uit de AERIUS-berekening blijkt dat er geen stikstofdepositie groter dan 0,00 mol/ha/jaar plaatsvindt in de gebruiksfase.
Dit betekent dat de gebruiksfase niet leidt tot een toename van stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden. Het plangebied ligt buiten de gebieden die behoren tot het Gelders Natuurnetwerk (GNN) en buiten de gebieden die behoren tot de Groene Ontwikkelingszone (GO). Gezien de ligging buiten deze gebieden worden de kernkwaliteiten en ontwikkelingen van het GNN en de GO bij de werkzaamheden niet aangetast. Aanvullende maatregelen of aanvullend advies ten aanzien van het natuurnetwerk zijn in onderhavige situatie niet benodigd.
Soortenbescherming Naar aanleiding van de quickscan kan er worden geconcludeerd dat er voor een aantal beschermde diersoorten mogelijk een negatief effect zal optreden bij het realiseren van voorliggende ontwikkeling. Hieronder is samengevat om welke soorten dit gaat.
Huismus en gierzwaluw De nesten van huismussen en gierzwaluwen zijn het gehele jaar beschermd en vallen onder de beschermingscategorie 2 van vogelnesten. Dit zijn nesten van koloniebroeders die elk seizoen op dezelfde plaats broeden en die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk van bebouwing of biotoop. Volgens artikel 3.1 van de Wet natuurbescherming is het verboden nesten van huismussen of gierzwaluwen te beschadigen, te vernielen of weg te nemen. Indien er op de onderzoekslocatie nestplaatsen van huismussen of gierzwaluwen aanwezig zijn, hetgeen op basis van de huidige informatie niet is uit te sluiten, zal de voorgenomen ingreep kunnen leiden tot overtreding van de Wet natuurbescherming. Om vast te stellen of er broedgevallen van de huismus of gierzwaluw op de onderzoekslocatie aanwezig zijn dient een nader onderzoek uitgevoerd te worden tijdens het broedseizoen van de soort.
28
bestemmingsplan "Ingenieur Sassenstraat 20, Ulft" (vastgesteld)
Vleermuizen De te slopen bebouwing op de onderzoekslocatie is in principe geschikt als verblijfplaats voor vleermuizen. De sloop van de bebouwing zou in geval van aanwezigheid van een verblijfsfunctie van vleermuizen kunnen leiden tot overtreding van de Wet natuurbescherming. Gelet op de geschiktheid van de onderzoekslocatie voor vleermuizen, zal aanvullend onderzoek noodzakelijk zijn om de daadwerkelijke functie van het gebied voor vleermuizen te kunnen vaststellen. Deze informatie is benodigd om vast te kunnen stellen of overtredingen van de Wet natuurbescherming aan de orde zijn. De vleermuissoorten die onderzocht dienen te worden zijn de gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis en laatvlieger.
Nader onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen In oktober 2021 is door Econsultancy het nader onderzoek huismus, gierzwaluw en vleermuizen uitgevoerd. Het onderzoek is bijgevoegd als Bijlage 8. De resultaten van het onderzoek worden hieronder kort behandeld. Uit de uitgevoerde onderzoeken blijkt dat de onderzoekslocatie geen beschermde functie heeft voor de onderzochte soorten. De voorgenomen sloop van de bebouwing, het verwijderen van het groen en het realiseren van de nieuwbouw zal dus niet leiden tot een overtreding van de Wet natuurbescherming ten aanzien van de onderzochte soorten. Er zijn geen aanvullende maatregelen nodig met betrekking tot huismussen, gierzwaluwen en vleermuizen.
Conclusie Het aspect ecologie vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van de ontwikkeling. 3.3.12 Verkeer en parkeren Algemeen Bij ruimtelijke plannen moet worden aangetoond dat de ontwikkeling geen negatieve gevolgen heeft voor de verkeer- en parkeersituatie ter plaatse.
Toetsing Verkeer De realisatie van de dertien woningen in het plangebied zorgt voor een verkeersaantrekkende werking. Voor wat betreft het te verwachten aantal verkeersbewegingen per woning is uitgegaan van de CROW-publicatie uit 2018 'Toekomstbestendig parkeren'. Hierbij wordt uitgegaan van de verstedelijkingsgraad 'weinig stedelijk' en het gebiedstype 'rest bebouwde kom'. Onderstaande tabel vat de te verwachten verkeersgeneratie samen: Aantal woningen
Type woning
Verkeersgeneratie per woning per dag
Verkeersgeneratie per woning per dag
3
Koop, appartement, midden
6,0
18,0
6
Koop, huis, tussen/hoek
7,4
44,4
4
Koop, huis, twee-onder-een-kap
7,8
31,2
Dit betekent dat met de realisatie van de ontwikkeling in totaal (18,0+44,4+31,2=) 93,6 verkeersbewegingen per dag tot stand komen. bestemmingsplan "Ingenieur Sassenstraat 20, Ulft" (vastgesteld)
29
In de huidige situatie is al een winkelpand met bedrijfswoning aanwezig in het plangebied. Deze functies zorgen in de huidige situatie ook voor verkeersbewegingen. Verwacht wordt dat door de ontwikkeling het aantal verkeersbewegingen beperkt zal toenemen. De woningen worden ontsloten op zowel de Ingenieur Sassenstraat als op de Gietijzerlaan. Deze wegen hebben voldoende capaciteit om de beperkte toename van het aantal verkeersbewegingen op te vangen. Tussen de Gietijzerlaan en de Ingenieur Sassenstraat wordt een doorgang gerealiseerd. De doorgang is hoofdzakelijk bedoeld voor bewoners van de nieuwe woningen. Zij kunnen hun auto parkeren op het nieuw aan te leggen parkeerterrein en zullen vervolgens de doorgang gebruiken om naar de ingang van hun woningen te lopen. Mogelijk zal deze doorgang ook gebruikt door fietsverkeer. Om fietsverkeer af te remmen, zullen er afremmende maatregelen worden getroffen. Vooralsnog wordt gedacht aan een fietssluis. De te treffen maatregelen zullen in overleg met de omwonenden worden uitgevoerd.
Parkeren Het aantal benodigde parkeerplaatsen wordt bepaald door de aard en omvang van de activiteit waarin het plan voorziet. Om de parkeerbehoefte te bepalen, is gebruik gemaakt van de kengetallen van het Gemeentelijke Verkeer- en Vervoerplan 2012 - 2020 (GVVP) van de gemeente Oude IJsselstreek. Bij de berekening van de parkeerbehoefte is uitgegaan van vier woningen in de categorie 'Woning duur' en tien woningen in de categorie 'Woning middensegment' in 'Rest bebouwde kom'. Aantal woningen
Type woning
Parkeerbehoefte per woning
Totale parkeerbehoefte per type woning
4
Woning duur
2,0
8,0
8
Woning middensegment 1,8
14,4
2
Appartement senioren
4,0
2,0
In totaal is er een behoefte aan 26,4 parkeerplaatsen binnen het plangebied. Er zullen door de ontwikkeling echter 8 openbare parkeerplaatsen verdwijnen. Deze parkeerplaatsen dienen binnen het plangebied terug geplaatst te worden. Hiermee komt de totale parkeerbehoefte uit op 34,4 parkeerplaatsen. Binnen het plangebied worden 28 openbare parkeerplaatsen gerealiseerd. 13 parkeerplaatsen worden aan de Ingenieur Sassenstraat gerealiseerd, 11 parkeerplaatsen worden aan de Gietijzerlaan gesitueerd. De overige 4 parkeerplaatsen worden gerealiseerd door de bestaande parkeerhaven uit te breiden. Daarnaast zullen er 7 parkeerplaatsen op eigen terrein worden gerealiseerd. De hoekwoningen van de rijwoningen en de twee-aaneengebouwde woningen krijgen 1 parkeerplaats op eigen terrein. En ook bij het appartementengebouw wordt parkeerplaats op eigen terrein gerealiseerd. Hiermee komt het totale aantal parkeerplaatsen binnen het plangebied op 35. Hiermee voldoet de ontwikkeling aan de parkeernorm uit het GVVP.
Conclusie Het aspect verkeer en parkeren vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van de ontwikkeling. 3.3.13 Economische uitvoerbaarheid Voorliggend bestemmingsplan maakt een bouwplan mogelijk, dat is benoemd in artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening. Dit betekent dat tegelijkertijd met dit bestemmingsplan een exploitatieplan moet worden vastgesteld, waarmee de gemeente de door haar te maken kosten kan verhalen op de initiatiefnemer. Een exploitatieplan hoeft niet vastgesteld te worden indien verhaal van kosten anderszins is verzekerd, en tevens locatie-eisen niet nodig zijn of anderszins zijn verzekerd.
30
bestemmingsplan "Ingenieur Sassenstraat 20, Ulft" (vastgesteld)
De gemeente neemt niet deel aan de ontwikkeling van het plan. De gemeente verzorgt de planologische kaders na toetsing van de planontwikkeling. De ambtelijke kosten voor de realisatie van het plan zijn voor de gemeente anderszins verzekerd via de legesverordening en een anterieure overeenkomst. In deze anterieure overeenkomst wordt tevens vastgelegd dat mogelijke planschade voor rekening van de initiatiefnemer is. Het vaststellen van een exploitatieplan is hiermee niet noodzakelijk. De economische uitvoerbaarheid wordt hiermee geacht te zijn aangetoond.
bestemmingsplan "Ingenieur Sassenstraat 20, Ulft" (vastgesteld)
31
Hoofdstuk 4 4.1
Juridische planaspecten
Plansystematiek
De Wet ruimtelijke ordening bepaalt dat ruimtelijke plannen digitaal en analoog beschikbaar moeten zijn. Dit brengt met zich mee dat bestemmingsplannen digitaal uitwisselbaar en op vergelijkbare wijze gepresenteerd moeten worden. Daarom stelt onder andere de Wro eisen waaraan digitale en analoge plannen moeten voldoen. Zo bevat de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP) bindende afspraken waarmee bij het maken van bestemmingsplannen rekening moet worden gehouden. De SVBP kent hoofdgroepen van bestemmingen, een lijst met functie- en bouwaanduidingen, gebiedsaanduidingen en een verplichte opbouw van de planregels en het renvooi.
4.2
Opbouw regels
De regels zijn onderverdeeld in inleidende regels, bestemmingsregels, algemene regels en overgangsen slotregels. De inleidende regels vormen Hoofdstuk 1 en bevatten de begrippen en de wijze van meten. Hoofdstuk 2 bevat de bestemmingsregels. Hierin zijn de regels bij de in het plan voorkomende bestemmingen opgenomen. Onder algemene regels, Hoofdstuk 3, zijn regels opgenomen die niet beperkt zijn tot een specifieke bestemming, maar gelden voor het gehele plangebied, zoals de anti-dubbeltelregel en algemene afwijkingsregels. Tot slot zijn in Hoofdstuk 4 de overgangsregels en de slotregel opgenomen.
4.3
Verbeelding
In deze paragraaf worden de op de verbeelding voorkomende bestemmingen benoemd en wordt kort toegelicht wat hiervoor in de regels vastgelegd is.
Tuin (Artikel 3) De gronden tussen de woningen en de Ingenieur Sassenstraat en de Gietijzerlaan zijn bestemd als 'Tuin'. Deze gronden zijn bestemd voor tuinen, wegen, paden, erkers en erfafscheidingen. Bouwwerken mogen niet worden gebouwd binnen deze bestemming.
Verkeer - Verblijfsgebied (Artikel 4) Deze bestemming richt zich op de woonstraten en -erven, waar het verblijfskarakter het belangrijkste is. Het belangrijkste verschil met de bestemming is dat in onderhavige bestemming ruimere bouwmogelijkheden zijn. De gronden zijn bestemd voor verblijfsgebieden, wegen en pleinen, voet- en fietspaden, ondergrondse containers, gebouwen en bouwwerken (geen gebouwen zijnde), parkeer-, speel-, groenvoorzieningen en kunstwerken, water en voorzieningen voor de waterhuishouding, bouwwerken voor verlichting, ontmoetingsplekken en straatmeubilair, openbaar vervoersvoorzieningen en nutsvoorzieningen.
Wonen (Artikel 5) De gronden waar de nieuwe woning gesitueerd zullen worden, worden bestemd als 'Wonen'. Dit geldt tevens voor de gronden achter de voorgevelrooilijn van de woningen. De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor wonen, aan huis verbonden beroepsactiviteiten, tuinen en erven, parkeer-, speel- en groenvoorzieningen, water en voorzieningen voor de waterhuishouding, straatmeubilair en nutsvoorzieningen. Van de gebouwen binnen deze bestemming mag 30% van de vloeroppervlakte tot een maximum van 50 m2 gebruikt worden voor een aan huis gebonden beroep. Hoofdgebouwen moeten binnen het bouwvlak worden gebouwd. Binnen de bestemming zijn drie
32
bestemmingsplan "Ingenieur Sassenstraat 20, Ulft" (vastgesteld)
bouwvlakken opgenomen. Binnen de bestemming mogen ter plaatste van de aanduiding 'twee-aaneen' twee woningen aaneen of twee vrijstaande woningen worden gebouwd, ter plaatse van de aanduiding 'aaneengebouwd' woningen aaneen worden gebouwd en ter plaatse van de aanduiding 'gestapeld' woningen gestapeld worden gebouwd. Daarnaast mogen er bijbehorende bouwwerken en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zoals erf- of perceelafscheidingen worden gebouwd. Op de verbeelding is de maximaal toegestane goot- en bouwhoogte opgenomen. Bijbehorende bouwwerken (bijvoorbeeld bijgebouwen) en overige bouwwerken (bouwwerken, geen gebouw zijnde) zijn, onder voorwaarden, ook toegestaan. De maatvoeringseisen van deze bouwwerken zijn opgenomen in de bouwregels. In de regels van de bestemming is een afwijkingsbevoegdheid opgenomen ten behoeve van het toestaan van een bedrijf aan huis. Voor de afwijking gelden aanvullende voorwaarden voordat deze kan worden verleend.
Waarde - Archeologische Verwachting (Artikel 6) en Waarde - Archeologische Verwachting 3 (Artikel 7) De voor Waarde - Archeologische Verwachting en Waarde - Archeologische Verwachting 3 aangewezen gronden zijn, naast de andere voor die gronden aangewezen bestemmingen, ook bestemd voor het behoud, bescherming en veiligstelling van te verwachten archeologische waarden in de bodem.
Overige regels In de algemene bouwregels zijn voorwaardelijke verplichtingen opgenomen die borgen dat er wordt voorzien in voldoende parkeerplaatsen en dat de beoogde beukenhaag en andere groenstructuren worden gerealiseerd en in stand worden gehouden. Naast de bestemmingen en de genoemde voorwaardelijke verplichtingen bevat het plan een aantal algemene regels over bijvoorbeeld begrippen, de wijze van meten, algemene afwijkingen en overgangsrecht. Deze min of meer standaardregels in bestemmingsplannen worden hier verder niet toegelicht.
bestemmingsplan "Ingenieur Sassenstraat 20, Ulft" (vastgesteld)
33
Hoofdstuk 5
Procedure
De omwonende zijn over bovenstaande ontwikkeling. Bij verdere uitwerking van de plannen zullen de omwonenden wederom worden Het ontwerpbestemmingsplan 'Ingenieur Sassenstraat 20, Ulft' heeft vanaf 24 december 2021 gedurende zes weken voor eenieder ter inzage gelegen. Gedurende deze termijn is een ieder in de gelegenheid gesteld zienswijzen kenbaar te maken aan de gemeenteraad. Ten aanzien van het ontwerpbestemmingsplan is binnen de daarvoor gestelde termijn zienswijze naar voren gebracht. De zienswijze is beantwoord door de gemeente en de nota hiervan is als bijlage bij het vaststellingsbesluit opgenomen. Voor elke reactie afzonderlijk is aangegeven in hoeverre de zienswijze gegrond of ongegrond is verklaard en, indien gegrond, welke aanpassing dit voor het bestemmingsplan tot gevolg heeft. Daarnaast zijn er enkele ondergeschikte ambtshalve wijzigingen doorgevoerd. Deze hebben geresulteerd in een aantal aanpassingen in het bestemmingsplan. De wijzigingen zijn opgenomen in de staat van wijzigingen als onderdeel van de nota zienswijzen.
34
bestemmingsplan "Ingenieur Sassenstraat 20, Ulft" (vastgesteld)
Eindnoten
1. https://www.nsl-monitoring.nl/viewer/
bestemmingsplan "Ingenieur Sassenstraat 20, Ulft" (vastgesteld)
35