BP Heelweg Oost, locatie Molenweg_Bijlagen regels_Bijlage 1 Landschappelijke inpassing.pdf
Tekst van het document
Erfinpassingsplan Molenweg (ongenummerd) te Heelweg-Oost
Colofon Erfinpassingsplan Molenweg (ongenummerd) Heelweg-Oost
Uitgevoerd door: Natuurbank Overijssel Correspondentieadres: Aladnaweg 18 7122 RR Aalten BTW-ID: NL001388212B56 E: info@natuurbankoverijssel.nl Tel: 0543-451142 / 0614-435700
Opdrachtgever:
Bruggink B.V.
Projectnummer en versie: 4612 versie 1.2 Ligging plangebied: Molenweg (ongenummerd) te Heelweg-Oost Auteur: Ing. P. Leemreise
Status: definitief Rapportdatum: 3-10-2023
1
Inhoudsopgave Hoofdstuk 1
Inleiding .................................................................................................................................... 3
1.1 Aanleiding................................................................................................................................................. 3 Hoofdstuk 2 Plangebied .................................................................................................................................... 4 2.1 Situering van het plangebied ................................................................................................................... 4 2.2 Beschrijving van het plangebied............................................................................................................... 4 2.3 Landschap................................................................................................................................................. 7 Hoofdstuk 3
Het ontwerp .......................................................................................................................... 8
3.1 Doelstelling ............................................................................................................................................... 8 3.2 Uitgangspunten ........................................................................................................................................ 8 3.3 Het ontwerp ............................................................................................................................................. 8 Hoofdstuk 4
Inrichting en beheer ............................................................................................................ 10
4.1 Inrichtingsmaatregelen .......................................................................................................................... 10 4.2 Beheer .................................................................................................................................................... 12
2
HOOFDSTUK 1
INLEIDING
1.1 Aanleiding Er zijn plannen om acht woningen te bouwen op een onbebouwd perceel aan de Molenweg (ongenummerd) te Heelweg-Oost, gemeente Oude IJsselstreek. De gemeente Oude IJsselstreek stelt als voorwaarde voor een dergelijke ontwikkeling, dat het nieuwe erf landschappelijk ingepast wordt. Op onderstaande afbeelding wordt een plattegrond van de wenselijke ontwikkeling weergegeven. Op de plattegrond worden de woningen, de wadi en erfverharding, inclusief ontsluiting weergegeven.
Plattegrond van het initiatief (bron: Bruggink)
In voorliggend inpassingsplan, wordt een erfinpassingsplan voor het uiteindelijke eindbeeld gegeven.
3
HOOFDSTUK 2 PLANGEBIED 2.1 Situering van het plangebied Het plangebied is gesitueerd aan de Molenweg (ongenummer) te Heelweg-Oost, ten noordwesten van het adres Molenweg 20A. Het ligt net ten noorden van de huidige woonkern Heelweg-Oost. Het ligt ten westen van de Molenweg. Op onderstaande afbeelding wordt de globale ligging van het plangebied weergegeven op een topografische kaart.
Globale ligging van het plangebied. De ligging van het plangebied wordt met de rode cirkel aangeduid (bron: topotijdreis.nl).
2.2 Beschrijving van het plangebied Het plangebied bestaat volledig uit agrarische cultuurgrond, in 2022 in gebruik als grasland met een soortenarme vegetatie. Langs de zuidrand van het plangebied grenst het aan een recent aangelegde struweelhaag, welke de grens aanduid tussen het plangebied en het naastgelegen erf. Aan noord- en westzijde grenst het plangebied aan agrarisch cultuurgrond. Aan de oostzijde grenst het aan de Molenweg. Hier staan enkele zomereiken, zwarte elzen en essen laanbomen. Op onderstaande luchtfoto wordt het plangebied weergegeven.
4
Luchtfoto van het plangebied (gele lijn) (bron luchtfoto: ruimtelijkeplannen.nl).
Zicht op het plangebied vanaf de Molenweg in Noordelijke richting. De nieuwe struweelhaag langs de zuidrand is zichtbaar, evenals de laanbomen langs de Molenweg (bron foto: Google maps).
5
Zicht op het plangebied vanaf de Molenweg in zuidelijke richting. De laanbomen langs de Molenweg zijn zichtbaar (bron foto: Google maps).
Detailfoto van de struweelhaag (augustus 2022). Foto: auteur.
Detail van de laanbeplanting (augustus 2022). Foto auteur.
6
2.3 Landschap Het plangebied en de omgeving behoren tot het kampenlandschap. Op onderstaande uitsnede van de historische kaart, wordt de ligging van het plangebied weergegeven.
Ligging van het plangebied op de topografische kaart. De ligging van het plangebied wordt met de gele cirkel aangeduid.
Het kampenlandschap is een oud agrarisch cultuurlandschap dat ontstaan is vanaf de middeleeuwen. Het kenmerkt zich door de grillige, bochtige wegenstructuur waarbij boerderijen tegenwoordig ook op enige afstand van de weg zijn komen te liggen als gevolg van ruilverkaveling waarbij veel zandwegen verloren zijn gegaan. De agrarische percelen hebben ongelijke vormen en volgen het oorspronkelijke landschap. Essen en graslanden wisselen elkaar af en wegen zijn veelal voorzien van laanbeplanting. Veel kavelgrensbeplanting, zoals houtwallen, zijn verdwenen tijdens de ruilverkaveling. Ook zijn de meeste oorspronkelijke zandwegen verdwenen of verhard. Als gevolg van de ruilverkaveling zijn veel zandwegen verdwenen, nieuwe wegen aangelegd, kavelgrensbeplanting verdwenen en percelen samengevoegd tot grote, meer rationele percelen.
7
HOOFDSTUK 3
HET ONTWERP
3.1 Doelstelling Het doel van een plan voor landschappelijke inpassing is het in harmonie met het omringende landschap inpassen van het erf. Dat wil niet zeggen dat alle bebouwing verstopt moet worden achter een ‘groene muur’ van beplanting. Bebouwing mag juist zichtbaar en beleefbaar zijn, maar beplanting kan wel bijdragen aan het wegnemen van zicht op minder fraaie elementen, zoals mestsilo’s, betonnen keerwanden van kuilvoerplaten of grote, eentonige stallen voor de intensieve veehouderij.
3.2 Uitgangspunten Behoud bestaande beplanting In het plangebied zelf staat geen opgaande houtige beplanting. Met de ontsluiting van het perceel is rekening gehouden met de laanbomen langs de Molenweg. Streekeigen beplanting (inheems) Er wordt streekeigen beplanting gebruikt, zowel met betrekking tot de soorten en beplantingsvormen. Inheemse, streekeigen bomen zijn populier, zwarte els, es, zomereik, ‘iep’ en boswilg. Inheemse struweelbeplanting bestaat uit boswilg, vlier, meidoorn, sleedoorn, veldesdoorn, hondsroos, Gelderse roos, vuilboom, wilde lijsterbes. Streekeigen beplantingsvormen zijn hakhoutbosjes, struweelhagen, solitaire bomen, hakhoutsingels, knotbomen, hoogstam fruitboomgaarden en erfbosjes. Opvang hemelwater Hemelwater, afkomstig van bebouwing en verharding wordt naar een wadi geleidt, waar het kan inzijgen.
3.3 Het ontwerp Het ontwerp voorziet in het aanbrengen van scheerhagen langs de noord- en oostzijde van het perceel. Ook langs de verharding in het plangebied worden twee scheerhagen aangelegd. Verspreid langs de rand van het perceel worden enkele knotbomen en solitaire loofbomen geplant. In de zuidwesthoek van het perceel, naast de wadi wordt een gemengde struweelhaag aangelegd, welke aansluit op een bestaande struweelhaag. Om de laanbeplanting langs de Molenweg te versterken, wordt een laanboom langs de wegzijde geplant. Concreet worden volgende maatregelen genomen: • Aanplant solitaire loofbomen (5 stuks); • Aanplant knotbomen (5 stuks); • Aanplant scheerhaag (3 hagen) • Aanplant gemende struweelhaag; • Aanplant erfbosje (150m2) Op onderstaande afbeelding wordt het voorstel voor landschappelijke inpassing gepresenteerd.
8
Voorstel voor landschappelijke inpassing.
9
HOOFDSTUK 4
INRICHTING EN BEHEER
4.1 Inrichtingsmaatregelen 1. Aanleg solitaire bomen Er worden vijf solitaire fladderiepen geplant. Er worden als laanboom gekweekte, bomen geplant met een minimale stamomtrek van 14-16 cm op 1,5 meter boven wortelvoet. De jonge bomen worden voorzien van twee boompalen met boomband. Specifieke plantinstructie • Voor het aanplanten is een ruim plantgat noodzakelijk waarin de wortels zich wijd kunnen uitspreiden. Het plantgat dient daarom ongeveer een afmeting te hebben van 70x70x70 cm groot. Spit na het graven de bodem van het plantgat los. • Plaats daarna twee boompalen van onbehandeld hout naast de boom (maat 250 cm lengte bij 8 cm doorsnede), op ongeveer 15 cm van de boom, aan de kant van de heersende windrichting (dit is meestal het zuidwesten). Bevestig de jonge boom met een brede band aan de boompaal. • U kunt nu het plantgat weer dichtgooien. Pas indien nodig bodemverbetering toe door bijvoorbeeld potgrond te mengen met de grond uit het plantgat. • Plaats bij een bomengroep de bomen ruim uit elkaar, de minimale plantafstand is 5 meter. Een volwassen boom kan al snel een kroon ontwikkelen van 10 meter breed.
Uitsnede van de tekening met daarop aangegeven de solitaire bomen; nummer 7 op de kaart.
Solitaire boom met boomband.
2. Aanplant knotbomen Er worden vijf knotwilgen geplant. Deze nieuwe bomen bestaan bij voorkeur uit uitlopers van knotwilgen in de directe omgeving, welke vrijkomen bij het knotten van knotwilgen. De staken worden minimaal 80cm ingegraven en hoeven niet voorzien te worden van boompalen.
10
Staken die vrijgekomen zijn bij het knotten van wilgen kunnen gebruikt worden om nieuwe knotwilgen te planten.
3. Scheerhaag Er worden in het plangebied acht beuken scheerhagen aangelegd. Er wordt driejarig plantsoen gebruik in de maat 80-120 cm. De haag bestaat uit 4 stuks plantsoen per meter haag. De totale lengte van de vier hagen bedraagt 156 meter. Er worden 624 stuks plantsoen geplant.
Voorbeeld van een scheerhaag.
4. Gemengde struweelhaag Er worden twee gemengde stuweelhagen geplant. De westelijke haag is 13 meter lang, de oostelijke haag is 23 meter lang. De hagen bestaat uit een gemengde opstand van meidoorn, vuilboom, Gelderse roos, veldesdoorn en hondsroos. Er wordt driejarig plantsoen gebruik in de maat 80-120 cm. De haag bestaat uit 3 stuks plantsoen per meter haag en bestaat uit een enkele rij beplanting. In totaal worden 114 stuks plantsoen geplant. 5. Erfbosje In de zuidoosthoek van het plangebied wordt een gemengd erfbosje aangelegd met een oppervlakte van 150 m2. Deze aanplant bestaat uit een gelijk gemengde aanplant van es, zwarte els, ruwe iep, fladeriep en vuilboom. Er worden 66 stuks plantsoen geplant; er wordt gebruik gemaakt van driejarig plantsoen (maat 80120cm). Hieronder wordt de plantlijst weergegeven:
11
nr op kaart type beplanting
lengte (m) element opp. (m2)
9 scheerhaag struweelhaag
aantal stuks plantsoen soort
naam latijn
aantal plantgoed per soort
maatvoering (hoogte/diameter)
156
624
beuk
Fagus sylvatica
624
80-120cm hoogte
38
114
Gelderse roos hondsroos veldesdoorn eenslijlige meidoorn vuilboom/sporkehout
Viburnum opulus Rosa canina Acer campestre Crataegus monogyna Frangula alnus
23 23 23 23 23
80-120cm hoogte 80-120cm hoogte 80-120cm hoogte 80-120cm hoogte 80-120cm hoogte
5 5
fladderiep wilg
Ulmus laevis Salix alba
5 5
14-16 stamomtrek staken
66
fladderiep ruwe iep es zwarte els vuilbom
Ulmus laevis Ulmus glabra Fraxinus exelcior Alnus glutinosa Frangula Alnus
11 11 11 11 11
80-120cm hoogte 80-120cm hoogte 80-120cm hoogte 80-120cm hoogte 80-120cm hoogte
solitaire bomen
8 erfbosje
150
Plantlijst
adres en plaats perceelsnummer(s) oppervlakte plangebied landschapselementen elzensingel laan knotboom fruitlaan bomenrij solitaire bomen hoogstamboomgaard houtwal of houtsingel struweelrand vogelbosje knip- of scheerhaag struweelhaag poel rietzoom en klein rietperceel natuurvriendelijke oever
Molenweg ongenummerd 4500m2 eenheid nieuw aan te leggen m1 m1 m1 5 m1 m1 per stuk 5 m2 m2 m2 m2 150 m1 156 m1 38 m1 1 m2 m2
te verwijderen
optioneel aanwezig landschap
Overzicht toe te voegen elementen
12
4.2 Beheer Solitaire boom Geen beheer. Knotboom Knotbomen dienen periodiek geknot te worden. Afhankelijk van de bijgroei (en afhankelijk van de soort), dienen knotbomen iedere 6-10 jaar geknot te worden. Scheerhaaghaag De scheerhaag wordt jaarlijks één à twee maal geknipt of geschoren om de haag in de wenselijke hoogte en breedte te houden.
Struweelhaag De struweelhaag wordt beheerd als hakhout. Dat wil zeggen dat de haag periodiek afgezet mag worden, waarna deze weer zal uitlopen en een dichte haag zal vormen. Tak- en tophout worden afgevoerd of in een ril in het element gelegd.
13