Boekwerk voorjaarsnota 2025 23-5-2023.pdf
Tekst van het document
Voorjaarsnota 2025
2
3
Inhoudsopgave Inhoudsopgave .......................................................................................................................................................4 Inleiding ..................................................................................................................................................................5 Leeswijzer ..............................................................................................................................................................9 Financieel totaaloverzicht .....................................................................................................................................10 Programma 1 ........................................................................................................................................................11 Programma 2 ........................................................................................................................................................14 Programma 3 ........................................................................................................................................................17 Programma 4 ........................................................................................................................................................19 Programma 5
........................................................................................................................................................20 Algemene dekkingsmiddelen ...............................................................................................................................22 Nieuwe en aangepaste investeringen ..................................................................................................................23 Investeringsbegroting ...........................................................................................................................................24 Onzekerheden, risico’s en kansen .......................................................................................................................26 Voorbereiding begroting 2025 ..............................................................................................................................27
4
Inleiding Vooraf Voor u ligt de voorjaarsnota 2025, een belangrijke opmaat voor de begroting van 2025. Er komen onzekere financiële tijden aan voor gemeenten. Dit jaar hebben we, in afwijking tot de voorgaande jaren, bewustere afwegingen moeten maken. Er is nog veel onduidelijkheid over de financiële plannen vanuit het Rijk, waardoor wij niet precies weten wat de impact is op onze begroting. Desondanks is de insteek om vast te houden aan de koers van ons coalitieakkoord en uitvoering te geven aan doelen die we met u afgesproken hebben. Wel zijn we voorzichtig met nieuwe ambities. Belangrijk is om eerst af te maken waar we aan begonnen zijn en vervolgens goed na te denken voordat we nieuwe plannen maken. Tegelijkertijd is de noodzaak er om bij te dragen aan de landelijke opgaven voor huisvesting, klimaat, duurzaamheid, mobiliteit en de opvang van statushouders en vluchtelingen. Afgelopen jaren is al veel geïnvesteerd en gerealiseerd en daar bouwen we met deze voorjaarsnota graag op voort. SDG’s Al enkele jaren gebruiken we als Oude IJsselstreek het begrip Brede Welvaart als een essentiële aanvulling op het meten van onze economie. Brede Welvaart meet naast de economie ook de sociaal-maatschappelijke en ecologische aspecten zoals de gezondheid, de leefomgeving en de ongelijkheid in de samenleving.
Daarbij wordt niet alleen naar het hier en nu gekeken, maar ook naar de Brede Welvaart voor toekomstige inwoners. Ook wordt gekeken naar de impact van ons handelen op welvaart en welzijn in andere landen. We zetten de Sustainable Development Goals (SDG’s) in als instrument voor de Brede Welvaart. De 17 doelstellingen van de SDG's dragen, bij aan een toekomstbestendige leefomgeving waarbij de economische, ecologische en sociaal-maatschappelijke belangen in balans zijn. We zien het als een verdiepingsslag: scoor je goed op de SDG’s dan werk je aan een toekomstbestendige Brede Welvaart. Net als in de begroting koppelen we in deze voorjaarsnota de SDG's aan onze doelen. We hebben voor elk doel de primaire SDG inzichtelijk gemaakt. Zo is in de voorjaarsnota in één oogopslag te zien aan welke SDG het doel het meest bijdraagt. Dit betekent niet dat we geen aandacht hebben voor de SDG's die hier minder aan bod komen. In onze dagelijkse taken en in al het beleid dat in voorgaande jaren al is ingezet komen deze SDG's ruim aan bod. Type SDG
Naam SDG
Doel (programmanummer)
Leges omgevingsvergunningen Milieu Belastende Activiteiten (programma 4)
Biosfeer
Structurele budgetverhoging Boombeheer (programma 1) Openbaar groen en (openlucht) recreatie, Onderhoud en Gebiedstoezicht Zwarte Veen (programma 1) Bodemsanering voor herbouw de Wijssel (programma 4) Uitbreiding bomenploeg (programma 5) Ondersteuner B ecologie/flora en fauna (programma 5)
5
Fte medewerker tractie natuurterreinen/fietspaden (programma 5)
Studietoeslag (programma 2)
Sociaal medische indicatie (SMI) (programma 2) Jeugdzorg (programma 2) Uitvoering lokaal voedselbeleid (programma 3) Uitvoering IHP 2023/Woelwaters (programma 3)
Tijdelijke onderwijshuisvesting Varsseveld (programma 3) Maatschappij
Aanpak Energiearmoede (programma 1)
Aan- en verkopen onroerende goederen: Polse Molen (programma 1) Revitaliseringsfonds wonen (programma 1) Doorontwikkeling DRU (programma 3) Nieuwe FCL: 80 jaar vrijheid (programma 2) Jeugdbescherming Landelijk tarief GI’s (programma 2) Verkiezingen (programma 4) CAO 2024 (programma 5)
6
Opheffen budget eigen risico verzekeringen (programma 5) Een toekomstbestendig en toegankelijk gemeentehuis (programma 5)
Kapitaallasten projecten verkeersveiligheid (SPV subsidie) (programma 1)
Economie
Arbeidsparticipatie inburgering (programma 2)
Algemene bijstand - Uitstroom verder stimuleren (programma 2)
Grondstoffen en circulariteit (programma 1)
Alles overstijgend
Het financiële perspectief
7
Cofinanciering Regio Deal Achterhoek 2024-2028 (programma 3)
Conclusie Vooralsnog is het jaar 2025 sluitend. Maar vanaf 2026 loopt het tekort op naar ruim €7.000.000. Dit hangt samen met de aangekondigde bezuinigingen vanuit het Rijk. Op dit moment is er nog geen duidelijkheid over de meicirculaire van het Rijk en de precieze manier waarop het Rijk de gemeenten tegemoetkomt. Zodra hierover meer helderheid ontstaat, kunnen we de cijfers actualiseren. Hiermee geven we ook gehoor aan het begrotingsadvies van de VNG die aangeeft om onze tekorten inzichtelijk te maken vanaf 2026. De verwachting is dat het Rijk niet volledig zal compenseren, waardoor we aanspraak moeten maken op onze reserves. Daarnaast is het, zoals het er nu naar uitziet, onvermijdelijk dat we voor de periode na 2025 nog inhoudelijke keuzes moeten maken om ook de komende jaren financieel positief uit te komen. Begin 2025 zullen we dan verschillende maatregelen aan de raad presenteren. Voor nu constateren we dat we voor 2025 een sluitend beeld hebben. We blijven inzetten op een financieel gezonde gemeente Oude IJsselstreek, waar het goed wonen en werken is.
8
Leeswijzer Leeswijzer Deze voorjaarsnota is het startdocument van de P&C-cyclus voor het jaar 2025. Met deze voorjaarsnota blikken we vooruit op de begroting 2025 en geven we op hoofdlijnen weer wat we aan belangrijke punten voorzien om op te nemen in de nieuwe begroting. We maken hierbij onderscheid in:
Onvermijdelijke ontwikkelingen
Ontwikkelingen die voortkomen uit bestaand beleid
Nieuw beleid De onvermijdelijke ontwikkelingen nemen we sowieso op in de begroting, omdat we hierop geen invloed hebben. Dat gebeurt met het vaststellen van deze voorjaarsnota. Ontwikkelingen voortkomend uit bestaand beleid en nieuw beleid zijn ter kennisname. Afhankelijk van onder meer de meicirculaire kunnen hier in aanloop naar de begroting nog keuzes in worden gemaakt. De aard van de voorjaarsnota maakt dat lang niet alle ontwikkelingen hierin zijn opgenomen. Alléén de punten waarvan we nu voorzien dat die een financieel effect hebben op de begroting zijn vermeld. Datzelfde geldt voor punten waar we nieuwe risico’s in zien maar die we nog niet financieel kunnen vertalen. Die posten zijn tekstueel toegelicht. Natuurlijk gaan heel veel lopende zaken gewoon door. Dat we deze in dit document niet noemen, betekent slechts dat we nu geen financiële afwijkingen verwachten. Deze voorjaarsnota is niet bedoeld als substituut voor de begroting. Dat betekent dat het proces in aanloop naar de begroting 2025 nog kan leiden tot andere uitkomsten. Bij de begroting gaan we daar dan nader op in.
9
Financieel totaaloverzicht
De begroting is opgebouwd uit incidentele en structurele uitgaven. De tabel hieronder laat deze verdeling zien. Het structurele beeld moet positief zijn om toezicht van de provincie te voorkomen.
10
Programma 1
1.1 Bestaand beleid
0.3 Aan- en verkopen onroerende goederen: Polse Molen
We bereiden al enige tijd de verkoop van de Polse Molen voor. Het is een specifiek object waarvoor met ondersteuning van het Gelders Genootschap een aantal opties voor gebruik bij verkoop in beeld is gebracht. Een woonfunctie is goed mogelijk. Recentelijk is het object op basis hiervan getaxeerd op een bedrag van €130.000. We verwachten het object in 2025 verkocht te hebben. Hiermee is een incidentele opbrengst in te boeken.
2.1 Kapitaallasten projecten verkeersveiligheid (SPV subsidie)
We hebben in 2022 een aantal locaties en wegvakken geselecteerd die verkeersonveilig zijn. Voor de aanpak van deze locaties was subsidie beschikbaar vanuit een Rijksprogramma (Strategisch Programma Verkeersveiligheid). De aanvraag is gehonoreerd en de gelden zijn uitgekeerd en beschikbaar tot en met 2027. We kunnen deze projecten uitvoeren door een 50% cofinanciering. Vanaf 2025 tot en met 2027 voeren we de projecten uit. Het gaat om de volgende projecten:
traject Doetinchemseweg (vanaf de rotonde Zelhemseweg richting centrum);
traject Lichtenvoordseweg (gedeelte binnen de bebouwde kom beter inrichten als 30 km zone);
schoolomgeving Borgsche Rieten;
plateaus Marmelhorstweg, Engbergseweg, Miltseweg en Kapelweg Dit doel wijkt financieel af van de begroting. Het bedrag dat is uitgekeerd aan subsidie, bedraagt €256.000. Voor het uitvoeren van de projecten moeten wij eenzelfde bedrag toevoegen. Dit vraagt een investering van €256.000 verdeeld over de jaren 2025, 2026 en 2027.
2.1 Knelpunt N18
In 2023 is door RWS aangegeven dat er vanuit het coalitieakkoord een budget ter grootte van 1.5 miljoen ter beschikking is gesteld voor het veiliger maken van het kruispunt N18Lichtenvoordseweg. Voorwaarde is dat de gemeente zelf ca. 400.000 co-financiert en bereid is de uitvoering op zich te nemen. Dit budget mag alleen voor het veiliger maken van het betreffende kruispunt worden gemaakt en moet voor eind 2025 besteed en afgerekend zijn. Concreet betekent dit voorbereidingen treffen in 2024 en uitvoering van de werkzaamheden in 2025. Ter hoogte van de Verkeersregelinstallatie wordt het wegvak in 2x2 opstelstroken uitgevoerd. Dit past binnen het eindbeeld hetgeen december 2023 door de Achterhoekraad als aanvaardbaar alternatief is vastgesteld. We stellen onszelf de taak om deze dekking te vinden binnen de investeringslijst. 11
5.2 Vervangingsinvestering kunstgrasveld SDOUC
SDOUC en Ulftse Boys doorlopen momenteel een proces tot fusie van de twee voetbalverenigingen. Bij instemming van de leden van beide clubs wordt deze fusie in 2025 geeffectueerd. Samen met beide verenigingen onderzoeken we de mogelijkheden voor een gezamenlijke accommodatie op Sportpark De IJsselweide. Om hiertoe te komen zullen velden moeten worden verlegd/vernieuwd, wordt gedacht aan een nieuw clubgebouw met kleedkamers en de realisatie van een tribune. Daarnaast zullen in de openbare ruimte enkele aanpassingen gedaan moeten worden, onder andere met het oog op de (verkeers)veiligheid van de gebruikers op het sportpark. De ruimtelijke en financiële gevolgen van deze plannen worden momenteel in beeld gebracht. Een eerste grove schatting laat een investeringsbehoefte van in totaal circa € 10 mln zien. Gelijktijdig aan het proces van de fusie worden de ruimtelijke plannen verder uitgewerkt en wordt onderzocht op welke wijze de investeringsbehoefte ingevuld gaat worden, waarbij de gemeente, binnen haar verantwoordelijkheden en financiële mogelijkheden, in zal staan voor een deel van de investeringen. Vooruitlopend daarop investeert de gemeente in 2025 al wel in vervanging van het kunstgras hoofdveld van SDOUC, welke is afgekeurd. We stellen onszelf de taak om deze dekking te vinden binnen de investeringslijst.
5.7 Structurele budgetverhoging Boombeheer
In het kader van planmatig Boombeheer hebben we sinds 2020 ingezet op het wegwerken van achterstallig onderhoud in het bomenbestand. Het doel is een veilig en toekomstbestendig bomenbestand.
Het bomenareaal is sinds begin 2024 compleet geïnventariseerd en eind 2024 gesnoeid.
Met de arealen inzichtelijk en een recente doorrekening is er een structureel financieel tekort.
Met een structurele verhoging van het budget houden we ons bomenbestand duurzaam in stand en bouwen we geen achterstanden op. Dit doel wijkt financieel af van de begroting. De structurele tekorten zijn het gevolg van onvermijdelijke ontwikkelingen op het gebied van boombeheer en klimaatverandering. Samengevat zijn dat de volgende ontwikkelingen:
Het aantal bomen en de boomhoogtes ligt hoger dan ingeschat.
De arbeids- en materiaalkosten zijn substantieel toegenomen.
Er zijn de afgelopen jaren extra bomen aangeplant.
Het aantal bomen dat uitvalt, neemt toe.
Een hogere snoeifrequentie voorkomt achterstallig onderhoud. Budgetverhoging is noodzakelijk om te voorkomen dat de gedane investeringen verloren gaan en veiligheid gewaarborgd blijft. Om te voorkomen dat er wederom een achterstand ontstaat is per 2025 een structurele verhoging van €190.000 nodig. Om op dit bedrag te besparen zijn er enkele opties: 1. Door rooi en plantwerk (€47.000) in eigen beheer te gaan uitvoeren. (Kanttekening: effectiviteit vanuit een aanbesteding is groter) 2. Als we stoppen met het actieplan "bomen erbij” besparen we €75.000 3. Door niet meer opnieuw te planten als bomen doodgaan, besparen we €25.000. Door de aangevraagde ETW-er (European Tree Worker) kunnen we sneller en effectiever onze keuringswerkzaamheden “bomen” regelen. Dit betekent dat we in de aanbesteding “Bomenonderhoud” het keuringsgedeelte eruit kunnen laten. (Kosten ETW-er €64.000) Deze kosten dekken weliswaar niet het gehele keuringsonderhoud maar als we de eerste drie opties kunnen omzetten naar bomenbeheer (totaal dan: €147.000 i.p.v. de gevraagde €190.000) kunnen we, inclusief de ETW-er, het bomenbestand volgens plan beheersen.
12
5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie, Onderhoud en Gebiedstoezicht Zwarte Veen
Vanuit het vastgestelde beleid “Zwarte Veen” is geen rekening gehouden met extra toezicht en onderhoud van dit gebied. We hebben in 2021 ingestemd met realisatie van het herinrichtingsplan Zwarte Veen (zaaknummer 304875), Toen is reeds onderkend dat uitvoering leidt tot uitbreiding van onze onderhoud- en beheerinspanningen in dit gebied.
Aanleiding: externe partijen voeren een deel van het beheer en onderhoud in het Zwarte Veen uit. De gemeente is als eigenaar van het gebied verantwoordelijk voor het realiseren van de opgelegde doelen vanuit het herinrichtingsproces deelgebied Zwarte Veen en de natschadeuitkering. Toezicht op de werkzaamheden van externe partijen is noodzakelijk om aan deze doelen te kunnen voldoen.
Stappen 2025-2028: door het inhuren van een externe partij voor het gebiedstoezicht kan het gebiedstoezicht worden uitgevoerd namens de gemeente en kan worden gecontroleerd of externe partijen aan de opgelegde doelen voldoen.
Een deel van het onderhoud blijft bij de gemeente. Dit doel wijkt financieel af van de begroting. We moeten ook toezicht houden op de werkzaamheden die deze partijen uitvoeren. Om een externe partij te kunnen inhuren die namens de gemeente het gebiedstoezicht uit kan voeren, is een jaarlijks bedrag nodig van €30.000. Door nu het toezicht te combineren met de werkzaamheden van de aangevraagde ondersteuner Ecologie kunnen we dit bedrag vanaf 2025 besparen. Voor het resterende onderhoud is wel een structureel bedrag nodig van €13.000 per jaar.
7.3 Grondstoffen en circulariteit
Om een betere inzameling t.b.v. de circulariteit te krijgen is er onder andere een aanbesteding geweest voor de inzameling van grondstoffen. De wens vanuit de raad was/is om huisvuilinzameling aan te besteden. Vanaf 2025 neemt Remondis de inzameling van afvalstoffen over van Buha. We hebben een zeer voorzichtige vergelijking gemaakt tussen de verwachte kosten voor 2025 tussen Buha (nu €1.1 miljoen) en Remondis (€ 1,78 miljoen). Vergelijking met de de inzamelkosten van 2023 gaat niet, omdat er vanaf 1 januari 2024 op een andere wijze wordt ingezameld. (VANG). Ook worden de kosten per 1 januari 2025 (uitvoering Remondis) op een andere wijze verrekend dan met Buha in 2024. Remondis; een prijs per lediging. Buha; vaste prijsafspraken ongeacht de hoeveelheid ledigingen. Het aantal lediging in 2024 op jaarbasis is nog niet bekend. De inschrijfprijs van Remondis lijkt op dit moment, op papier, ongeveer € 300.000 hoger dan de te verwachten prijs van Buha. (Indien Buha in 2025 zou inzamelen). Op dit moment zijn we met Remondis in gesprek om te zien waar we mogelijk meer financieel gewin kunnen halen. En die mogelijkheden zijn er. Dit doel wijkt financieel af van de begroting; Een eventuele optie om de afvalkostenstijging niet te hoog te laten oplopen is om deze extra kosten eenmalig te financieren uit de afvalreserves.
8.3 Aanpak Energiearmoede
Uitgangspunt van de aanpak Energiearmoede is om mensen met een laag inkomen structureel te ondersteunen bij het verlagen van het energieverbruik. Het Rijk heeft hiervoor middelen (SPUK Energiearmoede) beschikbaar gesteld. Aanvankelijk moesten de beschikbaar gestelde gelden voor eind 2023 uitgegeven zijn. Daarom hadden we vanaf 2024 structureel extra budget in onze begroting opgenomen om de aanpak Energiearmoede voort te zetten. De uitvoeringstermijn is verlengd tot en met 2025. Hiermee kan het bedrag van €250.000 voor 2025 uit onze begroting vrijvallen.
8.3 Revitaliseringsfonds wonen
In onze begroting hebben we vanaf 2025 (weer) een structureel bedrag opgenomen voor een zogenaamd Revitaliseringsfonds Wonen. Deze middelen zijn niet meer nodig en kunnen komen te vervallen. Dit levert €195.000 op.
13
Programma 2
2.1 Bestaand beleid
5.3 80 jaar vrijheid
In 2025 vieren we 80 jaar vrijheid. Het is belangrijk om de generaties van na de Tweede Wereldoorlog bewust te maken van de waarde van vrijheid en hoe wij met elkaar samenleven in vrijheid. De Provincie heeft hiervoor een subsidieregeling. En daarnaast willen we regionaal het regioprogramma uitvoeren. Daarmee (co)financieren we lokale projecten en initiatieven.
Doelstelling van het provinciale programma 80 jaar Vrijheid is een impuls geven aan een actieve bewustwording van naoorlogse generaties in Gelderland van de onschatbare waarde van vrijheid en hoe wij met elkaar samenleven in vrijheid.
Het programma richt zich op een zo breed mogelijk publiek. Dit doel wijkt financieel af van de begroting: dit is een incidentele exploitatie wijziging, alleen relevant in 2025. De kosten bedragen €30.000.
6.1 Arbeidsparticipatie inburgering
Wij ondersteunen inwoners met een inburgeringsverplichting effectief in het leren en begrijpen van de Nederlandse taal en cultuur. Op deze manier kunnen zij zo snel mogelijk deelnemen aan de maatschappij, met regulier werk als hoogste doelstelling. Het aantal statushouders groeit. We willen de huidige dienstverlening continueren. Daarnaast willen we met een cultuurverbinderde dienstverlening effectiever inzetten. Inburgeraars zullen zich sneller ontwikkelen, waardoor zij eerder in staat zijn tot deelnemen aan de maatschappij. Dit doel wijkt financieel af van de begroting. Dit is een structurele toename van €74.000.
14
6.1 Sociaal medische indicatie (SMI)
Sociaal Medische Indicatie (SMI) is een vangnetregeling die gemeenten de mogelijkheid geeft om gezinnen tijdelijk financieel te ondersteunen in de kosten van de kinderopvang. Deze regeling is bedoeld voor gezinnen die door bepaalde medische of sociale omstandigheden tijdelijk niet in aanmerking komen voor de kinderopvangtoeslag. Gezinnen die geen recht hebben op kinderopvangtoeslag en vanwege een sociale of medische situatie in een lastige positie zitten, kunnen gebruik maken van reguliere kinderopvang door een tegemoetkoming aan te vragen bij de gemeente. Het uitvoeren van de regeling is een wettelijke taak. In 2023 is het beleid over hoe we hier uitvoering aan geven gewijzigd, bij het maken van de begroting was het effect nog niet zichtbaar. SMI is nu onderdeel van het gezinsplan waar Buurtzorg Jong met het gezin aan werkt. Een SMI is daarnaast laagdrempeliger gemaakt door geen ouderbijdrage meer te vragen. Het nieuwe beleid heeft geleid tot een hoger beroep op SMI in 2023 en daarmee hogere kosten. Dit doel wijkt financieel af van de begroting. We verwachten dat de verhoogde inzet zich doorzet in de komende jaren en leidt tot een hogere uitgave dan meerjarig begroot (van €50.000 naar €90.000): €40.000 structureel.
6.82a Jeugdbescherming Landelijk tarief GI’s
De werkdruk bij instellingen voor jeugdbescherming en –reclassering is de laatste jaren structureel te hoog. Er is sprake van een hoog personeelsverloop en ziekteverzuim. Hierdoor ontstaan wachtlijsten en krijgen ouders en kinderen niet altijd de zorg en aandacht die ze nodig hebben. Het betreft de meest kwetsbare gezinnen en kinderen in onze samenleving waarbij de overheid ingrijpt omdat er grote zorgen zijn over de veiligheid en ontwikkeling van de kinderen. Er wordt gewerkt aan structurele oplossingen, zoals het Toekomstscenario kinden gezinsbescherming en de implementatie van de Hervormingsagenda Jeugd (waaronder het uitwerken van landelijke tarieven voor gespecialiseerde jeugdhulp). Het is echter gezien de acute situatie en de verantwoordelijkheid die we hebben voor deze kwetsbare kinderen en gezinnen belangrijk om op korte termijn de werkdruk bij Gecertificeerde Instellingen (hierna: GI’s) te verlagen en de bekostiging met adequate tarieven op orde te krijgen. Om die reden zijn vooruitlopend op het toekomstscenario en de hervormingsagenda bestuurlijke afspraken gemaakt om landelijk tot reële tarieven voor de GI's te komen.
Dit nieuwe tarief moet eraan bijdragen dat de GI’s hun werk rondom kwetsbare kinderen en gezinnen beter kunnen uitvoeren. Dit doel wijkt financieel af van de begroting. Het landelijke tarief betekent dat wij meer gaan betalen voor de inzet van de GI's. Hiervoor is voorlopig structureel €160.000 nodig. Op termijn is het mogelijk dat door inzet op structurele oplossingen (Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming en Hervormingsagenda) de kosten weer dalen. Dat is op dit moment echter nog niet te kwantificeren.
6.3 Studietoeslag
We moeten voldoen aan de wettelijke verplichting.
Het begrote budget studietoeslag van €20.000 is niet toereikend om deze wettelijk taak uit te kunnen voeren. Het Rijk heeft de maandelijkse toeslag, voor inwoners die hiervoor in aanmerking komen, verhoogd. Dit betekent dat we het begrote bedrag moeten aapassen. In 2023 is er om en nabij €55.000 uitgegeven. De verwachting is dat dit een structurele stijging is.
Begroting aanpassen naar aangepaste wettelijke beleidswijziging studietoeslag. Dit doel wijkt financieel af van de begroting: begroting aanpassen van €20.000 naar €55.000 in de periode 2025-2028.
15
6.72 Jeugdzorg
In de Jeugdwet is vastgelegd dat gemeenten een jeugdhulpplicht hebben. Als gemeente zijn we verantwoordelijk voor jeugdhulp en de uitvoering van kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering. En waar nodig moeten wij een individuele voorziening in de vorm van gespecialiseerde zorg treffen. Op basis van de jaarrekening 2023 en de prognose voor 2024 constateren we dat de huidige budgetten voor jeugdhulp niet toereikend zijn. Op het moment van schrijven zijn we nog volop aan het analyseren wat hiervan de oorzaak is. Hierbij spelen onder andere prijsontwikkeling (bijvoorbeeld door CAO-ontwikkelingen die het Rijk niet volledig compenseert) en volumeontwikkeling een rol. Op basis van deze analyse brengen we in beeld welke maatregelen mogelijk bij kunnen dragen aan het terugdringen van het tekort. Per hulpsoort zien we verschillende ontwikkelingen die met elkaar samenhangen en elkaar beïnvloeden. Ons doel is om jeugdigen zo thuis mogelijk op te laten groeien. Dat zou betekenen dat een groei van ‘jeugdhulp in de buurt’ niet erg is als de kosten voor de verblijfshulp zouden dalen. Dat is op dit moment nog niet het geval. Hieronder lichten wij de ontwikkeling per onderdeel toe. Jeugdhulp in de buurt (lokale inkoop) Ambulante jeugdhulp kopen wij lokaal in. Jaarlijks vragen de gecontracteerde aanbieders bij ons subsidie aan. De aanvragen voor deze subsidies zien we stijgen.
Dit komt deels door prijsontwikkeling en deels door de inzet van meer ambulante hulp. Het inzetten van meer ambulante hulp om te voorkomen dat een jeugdige niet meer thuis kan wonen en in een verblijfsvoorziening terecht komt is onderdeel van ons beleid en een van de doelen in de programmabegroting. Op basis van de beschikbare gegevens kunnen wij echter nog niet vaststellen of de hogere inzet van ambulante hulp ook daadwerkelijk dat effect heeft. Gezins- en woonvormen (regionale inkoop) In 2023 zijn de tarieven voor de regionale inkoop herijkt. De nieuwe tarieven zijn fors hoger dan het voorgaande jaar. Op basis van de herijking is in de 2e berap 2023 een bedrag toegevoegd aan de begroting. We zien echter dat we naast de inzet van regionaal ingekochte hulp ook regelmatig maatwerkcontracten moeten afsluiten vanwege wachtlijsten bij gecontracteerde aanbieders of wanneer er geen geschikte verblijfplaats beschikbaar is in het gecontracteerde aanbod. Daarnaast wordt er een kostprijsonderzoek voor de regionale inkoop opgestart. Dit kan ertoe leiden dat de tarieven weer zullen stijgen. Deze verwachting is een reëel risico aangezien er in de huidige situatie met verschillende grote aanbieders discussies zijn over de afrekening van 2023.
Hoog Complex weinig voorkomend met verblijf ((boven)regionale inkoop) De vormen van zorg binnen dit onderdeel zijn zeer specialistisch en weinig voorkomend. In 2024 kopen wij deze nog in Achterhoeks verband in en vanaf 2025 doen we dat samen met de zeven Gelderse jeugdzorgregio's. Onderdeel van deze bovenregionale inkoop is een nadrukkelijke transformatie-opdracht vanuit het Rijk waarbij het gaat om het verstevigen van kwaliteit om de inzet zo kort mogelijk te houden, kleinschaliger voorzieningen en daarmee het afbouwen van vastgoed. Dit heeft als gevolg dat de tarieven voor deze inzet stijgen, maar mogelijk gedempt worden door kortere inzet. Daarnaast is een risico bij dit onderdeel dat de inzet en de omvang grillig en moeilijk voorspelbaar zijn. In het afgelopen jaar hebben wij te maken gehad met meerdere zeer complexe casussen die een forse inzet vragen. Dit doel wijkt financieel af van de begroting. De eerste inschatting is dat er €1.500.000 extra nodig is om de kosten van de jeugdzorg in 2024 te kunnen dekken. Dit baseren we op de bestedingen in 2023, de prognose voor 2024 en een mogelijke demping door ingezette maatregelen. Hierbij merken we op dat er een reëel risico bestaat dat dit bedrag hoger uitvalt, zoals hierboven ook nader uitgewerkt per onderdeel. In de commissie van september wordt u nader bijgepraat over de (financiële) ontwikkelingen in de jeugdzorg.
6.3 Algemene bijstand - Uitstroom verder stimuleren We werken aan: participeren voor iedereen.
We besparen in 2025 €150.000 op de uitgaven BUIG, door tien inwoners in 2024 extra uit te laten stromen
De kanttekening hierbij is dat we niet altijd invloed hebben op de instroom. Ook verplaatsen we de focus meer op uitstroom en minder op de doelgroep op de onderste trede. Dit doel wijkt financieel af van de begroting. We streven ernaar om €150.000 minder uit te geven op de BUIG. Let op, dit betekent dus dat het geraamde nadeel wordt verlaagd.
16
Programma 3
3.1 Bestaand beleid
3.1 Uitvoering lokaal voedselbeleid
Achterhoek Food is een regionale samenwerking om tot duurzamer en gezonder voedsel te komen. Het is voortgekomen uit Leader met de bedoeling Achterhoeks voedsel meer bekendheid te geven. Een klein deel van dit budget kan komen te vervallen, omdat dit niet volledig aangesproken wordt.
4.2 Uitvoering IHP 2023/Woelwaters
Basisschool De Woelwaters, in het IHP (Integraal Huisvestingsplan) qua bouwtijd gekoppeld aan de ontwikkeling van het terrein van De Wesenthorst, vraagt dringend aandacht. De herontwikkeling van de Wesenthorst gaat in ieder geval de komende twee jaar niet plaatsvinden. Daarom is instandhoudingsonderhoud noodzakelijk voor De Woelwaters om de levensduur te verlengen. De noodzakelijke maatregelen betreffen met name het dak, dat in slechte conditie is. We starten een onderzoek naar wat minimaal nodig is en nemen dat later in de begroting op. Vooralsnog nemen we voor 2025 geen middelen op, maar maken we kosten op basis van 'het piepsysteem'. Voor 2026 nemen we in de begroting alvast een voorschot op de vermoedelijke investeringen op. Afhankelijk van de besluitvorming over De Wesenthorst dient dit in 2026 uitgevoerd te worden.
4.2 Tijdelijke onderwijshuisvesting Varsseveld
Door autonome groei van de Meeander en de fusie van de Meeander met de Knienenbult is een acute vraag ontstaan voor vier extra lokalen in Varsseveld. Deze vraag kan niet opgevangen worden in de huidige capaciteit in Varsseveld, gezien de verwachte groei van de Groeituin (onder andere door de geplande woningbouw in Varsseveld). Een oplossing is het plaatsen van tijdelijke units voor vijf jaar bij de Meeander. Na deze periode komt de Meeander in aanmerking voor permanente uitbreiding. De opgevoerde kosten bestaan uit de huur voor deze tijdelijke huisvesting, wat we doen in het kader van onze gemeentelijke zorgplicht voor voldoende onderwijshuisvesting. We maken daarmee kosten voor tijdelijke huisvesting vooruitlopend op een structurele oplossing. Meeander heeft al een vergunning aangevraagd voor plaatsing van deze tijdelijke units. Met het overplaatsen van de kinderen van de Knienenbult naar Meeander wordt geïnvesteerd in de kwaliteit van het onderwijs en in jeugdkansen.
17
4.2 Verduurzaming Isala
Het gebouw Isala van Almende is bouwfysisch verouderd en voldoet niet meer aan de huidige technische eisen, waardoor sprake is van een ongezonde leeromgeving voor deze leerlingen. Almende is via de SUVIS regeling gestart met de voorbereiding van de aanpassing van de installaties. Om te komen tot een integrale verduurzaming van dit gebouw (en daarom ook levensduurverlengend) is er aanvullend budget nodig voor de noodzakelijke aanpassingen van het gebouw op dat gebied. In het IHP 2023 is hiervoor een bedrag opgenomen van 3,4 miljoen euro. Hoewel de planvorming nog niet volledig is afgerond, is de verwachting dat het noodzakelijke budget niet boven de 2 miljoen euro komt. De gemeente zal hiervan de helft financieren. We stellen onszelf de taak om deze dekking te vinden binnen de investeringslijst.
5.3 Doorontwikkeling DRU
De gemeenteraad heeft verzocht om tot scenario’s te komen voor een Verblijfsfunctie, Museale functie en Evenementenfunctie. Een en ander wordt op dit moment uitgewerkt. De bedragen zoals nu gemeld zijn enkel en alleen bedoeld als schatting en zijn afhankelijk van een flink aantal factoren die nu nog niet duidelijk zijn. Bijvoorbeeld de gewenste hoeveelheid commercie versus maatschappelijke activiteiten. Daarnaast kunnen kosten ook afhankelijk zijn van biedingen uit een eventuele aanbesteding van diensten/functies. De investering voor alle functies samen schatten we voor nu tussen de €10.000.000 en €25.000.000. We bedoelen op geen enkele wijze dat (ingeschatte) kosten volledig voor rekening van de gemeente komen. Daar waar wij invloed willen hebben op exploitaties vanwege het maatschappelijk belang kan ook van ons een jaarlijkse bijdrage in de exploitatie verwacht worden. Ook dit is weer afhankelijk van de hoeveelheid commercie versus maatschappelijke activiteiten. Het is wel reëel te verwachten dat we als gemeente op termijn in ieder geval voor kosten komen te staan voor instandhouding van de rijksmonumenten als eigenaar en ook met betrekking tot de opgave tot verduurzaming zoals het Rijk voorschrijft.
In geval geen van de drie genoemde functies wordt gerealiseerd moeten we rekening houden met een bedrag van ongeveer €5.000.000 aan investering voor de instandhouding van de SSP-hal als rijksmonument en de genoemde verplichting tot verduurzaming van alle monumentale panden op het DRU Industriepark. In deze bedragen zijn de jaarlijkse onderhoudskosten niet meegenomen. Deze schatten we op minimaal €125.000 per jaar. Dit doel wijkt financieel af van de begroting. De benodigde incidentele en mogelijk structurele kosten zijn nieuw en niet eerder begroot. De hoogte ervan is op dit moment dus nog niet in te schatten.
3.1 Cofinanciering Regio Deal Achterhoek 2024-2028
Het Rijk heeft €25.000.000 beschikbaar gesteld voor een nieuwe Regio Deal Achterhoek 2024-2028, om daarmee projecten op het gebied van leefbare gemeenschappen, toekomstbestendige arbeidsmarkt en duurzame economie mogelijk te maken. Wel onder voorwaarde van cofinanciering van de verschillende partijen in de 8RHK Ambassadeurs. Hiervoor zal een garantstelling afgegeven moeten worden, waarbij ons aandeel als gemeente ruim €781.000 is. Of en voor welk bedrag we daadwerkelijk participeren, hangt af van nog te maken keuzes. Dat bepaalt tevens wat de consequentie voor onze begroting is, zowel inhoudelijk als financieel. Het is denkbaar dat het tot extra kosten leidt, maar slim inzetten van middelen uit deze regiodeal kan ook betekenen dat we meer kunnen bereiken met inzet van minder eigen geld. Om die reden is het bedrag op dit moment voor nihil opgenomen. We verwachten hier bij de begroting 2025 meer duidelijkheid in te kunnen geven.
18
Programma 4
4.1 Bestaand beleid
0.2 Verkiezingen
In het jaar 2025 vinden er naar verwachting geen verkiezingen plaats. Dit betekent dat wij bepaalde kosten niet zullen maken. Hierdoor is het mogelijk om het benodigde bedrag voor het organiseren van verkiezingen (fors) te verlagen.
7.4 Leges omgevingsvergunningen Milieu Belastende Activiteiten
Onder de Omgevingswet is het mogelijk geworden om ook leges te heffen voor omgevingsvergunningen voor Milieu Belastende Activiteiten (MBA's). In eerste instantie is besloten om in 2024beleidsneutraal over te gaan. Dit jaar gebruiken we dan om te inventariseren wat de legestarieven moeten zijn en opbrengsten dan mogelijk worden. Een eerste grove inschatting is dat dit jaarlijks €100.000aan extra inkomsten kan opleveren.
7.4 Bodemsanering voor herbouw de Wijssel
De herinrichting van de openbare ruimte rondom De Wijssel wordt uitgevoerd en is financieel gedekt in uitvoeringsprogramma's bij Beheer en Uitvoering Openbare Ruimte. Uitzondering daarop is de sanering van de voormalige stortplaats (stuk grond aan de zuidzijde van het terrein) dat we overdragen aan de school. De uitvoering is in 2025 gepland samen met de rioolvervanging aan de Akenloodseweg. We hebben nu een budget van €60.000 in beeld voor de sanering van deze vlek, maar er moet nog nader onderzoek gedaan worden onder de Akenloodseweg. Op basis van die uitkomst moeten we kijken hoe we deze totale sanering moeten dekken.
19
Programma 5
5.1 Onvermijdelijke ontwikkelingen
0.8 CAO 2024
Het CPB verwacht dat de cao-lonen zullen toenemen met gemiddeld 3,8% in 2025. (De caoloonstijging blijft dus hoog vergeleken met eerdere jaren. Dat komt doordat de caoloonstijging een lange remweg heeft door de verschillen in afsluitmomenten en looptijden van cao’s. Ook blijft de arbeidsmarkt krap waardoor de onderhandelingspositie van werkenden sterker is.) 5.2 Bestaand beleid
0.4 Opheffen budget eigen risicoverzekeringen
We ramen jaarlijks €25.000 voor kostendekking eigen risico bij schade en/of niet verhaalbare schades. De jaarlijkse kosten zijn in principe niet in te schatten, omdat dit afhankelijk is van het aantal claims dat wij als gemeente krijgen. In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing benoemen we dit risico al en maakt het onderdeel uit van het benodigde weerstandsvermogen. Daarom kan dit bedrag vrijvallen en gaan wij in de jaarlijkse BERAP's de stand van zaken aangeven.
20
0.4 Een toekomstbestendig en toegankelijk gemeentehuis
Het huidige gemeentehuis is toe aan groot onderhoud en voldoet op een groot aantal plekken niet meer aan de eisen die aan een hedendaags kantoorgebouw gesteld worden. Denk hierbij aan Arbo eisen (lucht, geluid, temperatuur, veiligheid) en aan passende werkplekken om hybride en nieuwe manieren van samenwerken mogelijk te maken. Uit de RI&E is gebleken dat ook de kantoorlocatie in het Portiersgebouw op de DRU, waar ons participatiebedrijf STOER is gehuisvest, geen ARBO-verantwoorde kantoorlocatie is. De (ver)bouw mogelijkheden aldaar zijn beperkt. Het bieden van een aantrekkelijke en inspirerende werkomgeving is ook een belangrijke voorwaarde om nieuwe collega’s aan ons te binden. Er is een scenariostudie uitgevoerd om beeld te krijgen bij de randvoorwaarden en kosten van diverse mogelijke scenario’s voor huisvesting. Gezien de landelijke ontwikkelingen – gemeenten en provincies krijgen na 2026 minder geld van het Rijk – is nieuwbouw financieel niet haalbaar. Uit de scenario studie is gebleken dat een grondige vernieuwbouw van het huidige gemeentehuis ook een investering met zich meebrengt van circa 10 miljoen. Gelet op de beperkte financiële positie is eerst een nader vervolgonderzoek nodig om te zien of dit investeringsbedrag niet verder verlaagd kan worden. Het bestaande Meerjaren Onderhoudsplan (MJOP) is de leidraad voor de geplande investeringen in de komende jaren.
Prioriteit wordt gegeven aan investeringen die essentieel zijn voor het goed kunnen blijven functioneren en de veiligheid van onze werkomgeving. Essentiele verbeteringen uit te voeren die een merkbare impact hebben op het welzijn en de productiviteit van onze medewerkers. Maar uitvoering van het bestaande MJOP alleen is dus niet voldoende. Met een renovatie van het gemeentehuis bereiken we dat we voldoen aan de bouwkundige en onderhoud technische eisen, de ARBO eisen en zorgen we ervoor dat we voor onze inwoners, bedrijven en partners optimaal kunnen blijven bedienen. Inhuizing van STOER in het gemeentehuis is een mogelijke optie. Maar ook uitwijken van STOER naar een andere kantoorlocatie, al dan niet samen of in relatie met ketenpartners, in een van de bestaande gemeentelijke accommodaties, zal nader worden verkend. Gelet op dit nader uit te voeren onderzoek is in deze voorjaarsnota nog geen investeringsbedrag opgenomen.
0.8 fte Uitbreiding bomenploeg
Om kennis en kunde op het gebied van onderhoud van bomen, bossen en buitengebied te behouden is het noodzakelijk om opnieuw een bomenploeg op te starten, zodat we gespecialiseerd onderhoud zelf kunnen uitvoeren en er in geval van calamiteiten snel kunnen schakelen. Onze huidige Boomdeskundige wordt volledig ingezet voor kapvergunningen voor het team Vergunningen (FO) en een klein deel voor BUOR zelf. Door zelf een uitvoerende ETW-er te hebben kunnen we het aangevraagde extra budget "Bomenbeheer" mede verlagen.
0.8 Ondersteuner B ecologie/flora en fauna
We krijgen steeds vaker te maken met wet Natuurbescherming (flora en fauna) en ecologie. Om ervoor te zorgen dat we ons houden aan geldende wet- en regelgeving is extra inzet/toezicht op uitvoering groen noodzakelijk. Door inzet van deze kennis werken we meer ecologisch verantwoord. De eerste aanleiding is het ecologische bermbeheerplan, maar ook het onderhouden van waterwegen en het überhaupt werken volgens de wettelijk eisen van de Flora en Fauna wetgeving. Door deze fte vanaf 2025, te koppelen aan het toezicht “Zwarte Veen" kunnen we ook uitvoering geven aan dat beleid
0.8 fte medewerker tractie natuurterreinen/fietspaden
We moeten de fietsverbindingen en wandelpaden in natuurgebieden (onder andere Zwarte Veen/Engbergen) en het overige buitengebied onderhouden. Ook moeten we ruw gras maaien binnen de bebouwde kom volgens het nieuwe maaibeleid. In het beleidsplan “Zwarte Veen” is er wel geld beschikbaar gesteld voor materieel, maar niet voor een Fte. Zowel dit materieel als een Fte kunnen we breed inzetten in onze natuurgebieden, waaronder Engbergen.
21
Algemene dekkingsmiddelen
6.1 Onvermijdelijke ontwikkelingen
0.7 Septembercirculaire 2023
De septembercirculaire 2023 houdt rekening met loon- en prijsontwikkelingen vanaf 2024. Daarnaast stelt het Rijk vanaf 2027 ruim € 700 miljoen volume accres beschikbaar. Voor Oude IJsselstreek is dit € 1.500.000. Met enkele negatieve correcties in de maatstaven en WOZ-waarden loopt het positieve effect op tot net boven de € 2.000.000 vanaf 2027.
0.7 Decembercirculaire 2023
De decembercirculaire 2023 richt zich voornamelijk op het jaar waar het betrekking op heeft. Voor de jaren 2025 en verder zijn er slechts enkele maatstaf aanpassingen die een effect geven.
0.7 Taakmutaties
Taakmutaties in de algemene uitkering zijn bedragen die wij ontvangen waar een directe taak aan verbonden zit. De inkomsten zijn verwerkt in het saldo van de septembercirculaire 2023. De uitgaven verbonden aan de directe taak zijn hier opgenomen. Dit geeft een negatief effect op het saldo. 6.2 Bestaand beleid
3.4 Toeristenbelasting
Het aantal ondernemers alsmede de bezettingsgraad is toegenomen. De opbrengsten toeristenbelasting zijn de laatste jaren gestegen onder andere door de toeristische activiteiten die in onze gemeente ontplooid zijn.
22
Nieuwe en aangepaste investeringen Onderstaand het financiële effect van nieuwe en aangepaste investeringen per jaar met daarbij een indicatie van de bijbehorende kapitaallasten.
* We stellen onszelf de taak om binnen de bestaande investeringslijst dekking te vinden.
23
Investeringsbegroting Onderstaand een overzicht van de restantkredieten 2023 uit de jaarrekening 2023 en de investeringsbegroting uit de begroting 2024-2027, (bedragen x 1.000).
INVESTERINGEN 2024-2027
2024
2025
2026
2027
Investering x 1000 Pgr
Investering
1
Vervanging voertuigen buitendienst
295
295
295
295
5
Bouwkundige aanpassingen Gemeentehuis
25
25
25
25
5
Onderzoek huisvesting
75
1
Infrastructuur (wegen) en fietspaden
600
600
600
600
1
Aanvulling Infrastructuur (wegen) en fietspaden
900
900
900
900
1
Openbare verlichting
339
339
339
339
1
Vergroenen van de kernen
400
1
Civiele technische kunstwerken
1
Snelheidsremmende maatregelen Oude IJsselweg
113
1
Snelheidsremmende maatregelen Marmelhorstweg
122
1
Varsseveld busroute
140
1
Stichting
425
1
Fietsverbinding Megchelen-Landfort
1
Plaatsing Schabracqmeubilair
150
1
Maai-zuigmachine berg en watergangbeheer
400
1
Vervanging ondergrondse containers
169
24
subsidie Accomodaties
239
600
83
83
89
1
Duurzaamheidsinvestering van Pallandt.
3
IKC (primair onderwijs) Gendringen
3
IKC Silvolde
3
Stimuleringsfonds toekomstbestendige bedrijventerreinen
300
300
3
Revitalisering bedrjiventerreinen Hofskamp Zuid Varsseveld
1.200
1.200
1
Oude IJsselzone
100
100
100
100
1
Speelruimteplan
190
190
190
190
1
Varsseveld de Tuit
2.500 12.642
8.271
10.789
3.077
2024
2025
2026
2027 489
Totaal investeringen* Riolering x1.000
595 5.104 3.639
6.757 300
Pgr
Investering
1
Aanpassingen aan mechanische riolering
489
489
489
1
Reconstructies wegen nav weginspecties/rioolvervanging
250
250
250
250
1
Riolering vervanging vrijvervalriolering
2.004
2.004
2.004
2.004
2.743
2.743
2.743
2.743
Totaal investeringen*
25
Onzekerheden, risico’s en kansen In de Jaarstukken 2023 is de meest actuele stand van zaken van het weerstandsvermogen en de risico’s opgenomen. Daarnaast hebben we in de 1e bestuursrapportage 2024 ook bepaalde risico’s opgenomen. Specifiek voor deze voorjaarsnota brengen wij daarnaast nog een aantal zaken onder uw aandacht, voor zover we die niet al bij de verschillende programma’s hebben vermeld. Algemene uitkering De grootste onzekerheid op dit moment is de toekomstige algemene uitkering (ravijnjaar vanaf 2026). Meer duidelijkheid verwachten we in de meicirculaire. Veel zal ook afhangen van de kabinetsformatie. Op moment van schrijven is daarover nog veel onduidelijk. Op dit moment hebben we voor 2026 en verder daarom ook nog geen sluitende begroting. We hopen dat we in de komende periode meer duidelijkheid krijgen over de middelen die wij vanuit het Rijk kunnen verwachten voor 2026 en verder. Mocht blijken dat deze middelen niet voldoende zijn om ons tekort te dekken, zullen we dit tekort moeten oplossen. In dit najaar zullen we verschillende denkrichtingen gaan verkennen en uitwerken tot maatregelen om dit tekort op te lossen. Begin 2025 zullen we die verschillende maatregelen aan de raad presenteren. Hierbij zal de raad de mogelijkheid krijgen om zijn input te leveren. De gekozen maatregelen worden in de voorjaarsnota 2026 meegenomen.
Rentestijging De afgelopen jaren is de marktrente zeer snel en sterk opgelopen. Door de omvang van de leningenportefeuille drukt de herfinanciering van aflopende leningen en het afsluiten van nieuwe leningen die nodig zijn op basis van het investeringsprogramma momenteel zwaarder op de begroting. De ontwikkelingen in de actuele marktrente op de middellange termijn zijn moeilijk te voorspellen. Loon- en prijsstijging De afgelopen jaren hebben we te maken gehad met meer dan reguliere kostenstijgingen. De gevolgen voor de langere termijn zijn erg onzeker. Dit speelt met name ook voor de investeringsprojecten. Het hangt voornamelijk af van de tijdsplanning en de dan geldende marktprijzen. Op dit moment is het niet mogelijk om een goede inschatting te maken van de financiële effecten. De voorjaarsnota is zoals gebruikelijk opgesteld tegen constante prijzen. In de begroting 2025 maken we een vertaling tegen actuele prijzen, met daartegenover dekking voor indexeringen vanuit de algemene uitkering. We nemen de compensatie vanuit de algemene uitkering (meicirculaire) mee als uitgangspunt in de gesprekken met onze partners in de onderhandelingen over indexeringen. Macro-economische situatie We leven in een turbulente tijd met grote economische onzekerheden. Op allerlei vlakken in de samenleving zijn ontwikkelingen waar maar moeilijk grip op te krijgen is.
Neem bijvoorbeeld de stijging van energieprijzen, krapte op de huizenmarkt, stijging van boodschappenprijzen en ontwikkelingen op de arbeidsmarkt. Dit soort macroeconomische effecten hebben ook direct invloed op onze gemeente, maar laten zich moeilijk vertalen naar de lokale situatie.
26
Voorbereiding begroting 2025 In verband met de onzekerheid vanuit het Rijk in de financiering voor de komende jaren en de onzekere macroeconomische situatie, is deze voorjaarsnota slechts indicatief. De definitieve keuzes voor 2025 zullen we in de programmabegroting 2025-2028 voorleggen. Daarbij gaan we dan nader in op de volgende punten:
Loon- en prijsstijging
Actualisatie investeringsbegroting
Lokale heffingen
Meicirculaire 2024
Loon- en prijsstijging We hebben momenteel te maken met meer dan reguliere kostenstijgingen. Deze voorjaarsnota is opgesteld op basis van constante prijzen, dat wil zeggen tegen het prijspeil 2024. In aanloop naar de begroting 2025 bekijken we nader wat op dat moment een reële inschatting is voor het jaar 2025 en welke rijksbijdrage in de meicirculaire staat voor de loon- en prijsontwikkeling voor 2025. Actualisatie investeringsbegroting in relatie tot leningenportefeuille Er staan veel investeringen gepland voor de komende jaren, waardoor de leningenportefeuille groeit. Ook de actuele rente is fors hoger dan waar we eerder mee rekenden. Bij de begroting 2025 kunnen daarom aanpassingen volgen qua fasering en prioritering. Lokale heffingen Gezien de verwachte extra kosten t.a.v. afvalinzameling en de verhoging van de heffing daarvoor, bekijken we in aanloop naar de begroting nader welk effect dit heeft op de woonlasten. Meicirculaire 2024 Veel hangt af van de uitkomsten van de meicirculaire. De meicirculaire vertalen we om de daadwerkelijke budgettaire ruimte te bepalen.
27
28
29