CConstaterende datOude IJsselstreek
Koppel je AI →
Document · PDF

Boekwerk Voorjaarsnota 2022 26-5-2021 DEFINITIEF .pdf

Raadscommissie gecombineerd 21 juni 2021, gemeente Oude IJsselstreekBij agendapunt: 4: Voorjaarsnota 202216.199 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Het is aan het nieuwe kabinet om te besluiten over de fundamentele aanpassingen die nodig zijn, deze door te voeren en te bezien welke middelen gemeenten hiervoor structureel nodig hebben. Het zou ook kunnen dat maatregelen worden getroffen die leiden tot verlaging van de kosten, zoals een beperking van de reikwijdte van de jeugdwet. 6. Kosten en compensatie voogdij en 18+ Binnen de rijksvergoeding ontvangen gemeente een specifiek budget voor kinderen met een voogdijmaatregel en 18+’ers. Indien gemeenten voor deze doelgroepen geld tekort komen, kunnen zij -onder voorwaarden- aanspraak maken op een separate compensatieregeling. Deze compensatie wordt volgens de t-2 systematiek toegekend, dus 2 jaar later dan het jaar waarin de kosten zijn gemaakt. Over 2019 hebben wij gebruik gemaakt van deze compensatieregeling, waardoor voor het jaar 2021 circa € 630.000 als extra jeugdzorgbudget aan ons is toegekend. Door de wijziging van het woonplaatsbeginsel per 2022, vervalt deze compensatieregeling. Dit betekent dat wij voor het jaar 2020 hier geen aanspraak meer op kunnen doen. In plaats daarvan is een nieuwe compensatieregeling ingevoerd voor gemeenten die in 2020 en 2021 te maken hebben (gehad) met een aanzienlijke stijging van de kosten voor voogdij en 18+. Het is nu nog niet bekend of wij hiervoor in aanmerking komen. 7.

Impact van corona Het jaar 2020 stond grotendeels in het teken van corona. Door diverse compensatieregelingen voor zorgaanbieders is (zeker in financieel opzicht) niet zichtbaar geworden dat gedurende langere tijd bepaalde zorg niet (of op een andere manier) geleverd is. Hierdoor is het lastig om autonome ontwikkelingen als de zorgvraag in 2020 goed te kunnen duiden en als maatstaf te hanteren voor de toekomst. Dit effect wordt versterkt doordat onduidelijk is welk effect corona en de lockdown(s) hebben (gehad) op de (mentale) gezondheid van onze inwoners en wat dit doet voor de toekomstige zorgvraag. 8. Uitvoering Participatiewet Met ingang van 1 januari jl. voert de gemeente Oude IJssel streek zelf de Participatiewet met alle daaronder liggende regelingen uit (Participatiewet, Besluit bijstandsverlening zelfstandigen, uitkeringen oudere werklozen). Het werkbedrijf STOER is opgericht om daadwerkelijk invulling te geven aan de visie “transformatie kijk op werk”. Het huidige jaar is een inrichtingsjaar waarin we

22

handen en voeten geven aan de diepgewortelde overtuiging dat de menselijke maat tot betere successen leidt. We zijn daarbij grotendeels afhankelijk van de financiering vanuit het rijk en de door hen opgelegde schotten tussen de verschillende budgetten. Het welslagen van deze beweging is naast onze eigen inrichting en omgangsvormen mede afhankelijk van de ruimte die de rijksoverheid ons toestaat om te ontschotten. Ook de economische situatie heeft een directe invloed op de financiën van STOER en de gemeente t.a.v. de uitvoering van de PW.

23

Programma 3 | De werkende gemeente Inleiding Voor ‘de werkende gemeente’ bouwen we verder op de ingeslagen weg van de begroting 2021. Dat kunnen we als gemeente niet alleen. Wij zijn, net als het bedrijfsleven, mede afhankelijk van omstandigheden waarop we geen invloed hebben. Zo hebben de gevolgen van de pandemie invloed op de bedrijfsvoering van alle bedrijven en zo kan een blokkade in het Suezkanaal verstrekkende gevolgen hebben voor internationaal opererende bedrijven in onze gemeente. Dit alles leidt tot nieuwe inzichten over globalisering, grondstoffen, duurzaamheid en re-shoring. Onze gemeentelijke rol in het economisch ecosysteem is echter niet gering. Samen met het bedrijfsleven en onderwijspartners werken we verder aan herstel van de economie en bieden we onze inwoners de gelegenheid om ‘een leven lang te leren’. Juist om mee te kunnen doen in de samenleving, bestaanszekerheid op te bouwen en om verder te ontwikkelen. Het draagt bij aan de ontwikkeling van de brede welvaart van onze inwoners. Lokale, maar ook regionale samenwerking met het bedrijfsleven en onderwijs stimuleren we door deel te nemen aan regionale thematafels en daar goede projecten te ondersteunen en te ontwikkelen. Lokaal verankeren we die door intensief contact te onderhouden met ondernemers en schoolorganisaties en van daaruit vertalen we lokale geluiden naar regionale opgaven.

Nog dit jaar (2021) verwachten we extra maatregelen van het Rijk om de economie verder te bevorderen. Zo wordt gewerkt aan een landelijk programma dat zal ingaan op het moment dat de bestaande regelingen voor het bedrijfsleven worden beëindigd om zo faillissementen alsnog te kunnen voorkomen en baanzekerheid voor mensen te kunnen garanderen. Daarbij verkennen we ook de mogelijkheden om mensen te helpen zich om te scholen van sectoren waar geen baanzekerheid meer is, naar sectoren waar grote behoefte is aan arbeidskrachten. We zullen de mogelijkheden van de Rijksregelingen wederom ruimhartig toepassen om daarmee de (lokale en regionale) economie te bevorderen. Daarnaast is het NPO (Nationaal Programma Onderwijs) reeds gepresenteerd, dat vanuit het ministerie van onderwijs scholen ertoe oproept om, daar waar dat van toepassing is, opgelopen onderwijsachterstanden in te lopen. Het programma beoogt een duurzame samenwerking in de keten van het onderwijs. Lokaal hebben wij deze ketensamenwerking in 2021 al versterkt, mede als gevolg van corona. Ook voor de uitvoering van het NPO zullen we de regelingen actief samen met de scholen, kinderopvangorganisaties, jeugdorganisaties e.d. oppakken en uitvoeren. Zo bieden we gezamenlijk inclusief onderwijs en jeugdarrangementen en zijn we er voor alle kinderen in onze gemeente. Als grensgemeente hebben we een internationaal karakter.

We zijn lid van zowel de Euregio Gronau als de Euregio Rijn-Waal. Binnen de Euregio Rijn-Waal versterken we onze samenwerking met de gemeenten Doetinchem en Montferland door onze inbreng af te stemmen. We blijven investeren in onze sterke relatie met Bocholt en we gaan door met de uitvoering van het Regiodealproject “GROS: grensoverschrijdend ondernemen, werken en leren”. Dit project loopt tot en met 2023. Het nieuwe programma INTERREG VI biedt mogelijkheden om optimaler gebruik te maken van subsidiemogelijkheden om de grensoverschrijdende verbinding te versterken en projecten mogelijk te maken. Daar zetten we ons voor in.

24

We zijn lid van de Europese Ring van IJzersteden. In 2020 was het gastheerschap in Italië gepland, maar dat is vanwege corona niet doorgegaan. In 2021 ligt het gastheerschap van de jaarvergadering bij onze gemeente.

Impulsprogramma economie en wonen De jaren 2020 en 2021 zijn om een aantal redenen bijzonder. Vanwege de pandemie zoals in de inleiding al beschreven. Maar ook doordat de kijk op de wereld en de rol van de overheid tot nieuwe invalshoeken leidt. Veranderingen zijn ook in onze gemeente zichtbaar. Denk aan de drive-thru op het DRU Industriepark, de Nederlander die als toerist de Achterhoek leert kennen of de extra grote terrassen in de verschillende kernen. De ontwikkelingen gaan door: het bedrijf Van Raam staat in de finale van de Koning Willem I Prijs en we zien horeca- en detailhandelsondernemers op allerlei nieuwe manieren invulling geven aan hun onderneming. Met het Aanvalsplan Conjuncturele Schommelingen (Plan B) hebben we laten zien dat we als gemeente integraal en anticyclisch kunnen denken en dat vast kunnen leggen in de begroting. Hierbij investeren we als overheid juist in tijden van recessie of tegenslag om de economie aan te gang te houden in tijden dat particuliere bestedingen achter blijven. Belangrijke elementen hieruit zijn verankerd in de Voorjaarsnota 2021. In deze Voorjaarsnota is financiële ruimte gecreëerd om de economie aan te jagen en daarbij in te zetten op bijvoorbeeld woningbouw (zie ook programma 1).

Daarnaast zetten we in op innovatie en duurzaamheid, omdat we daarmee de economie toekomstbestendiger maken en bijdragen aan het ondernemersklimaat en werkgelegenheid in de gemeente. Die werkgelegenheid kan zich alleen positief ontwikkelen als de arbeidsmarkt meer in balans komt met kansen voor iedereen en met de mogelijkheid tot een leven lang ontwikkelen. Het blijven investeren in duurzaamheid, toekomstbestendige bedrijventerreinen en winkelcentra, innovatie, toerisme, de arbeidsmarkt en het onderwijs is de rode draad in 2021. Hiermee willen we sterker uit de crisis komen. Met de extra financiële middelen uit de Voorjaarsnota 2021 is gestart met het maken van plannen voor het toekomstbestendig maken van Hofskamp Zuid en de IJsselweide. Daarbij is de hulp ingeroepen van een civiel-technisch bureau om projecten op elkaar af te stemmen, zodat er op verschillende niveau’s werk met werk gemaakt kan worden. Het is de bedoeling om in 2022 te starten met de eerste werkzaamheden van de revitalisering van de bedrijventerreinen. We verwachten dat de werkzaamheden doorlopen in 2023. Daarnaast is er, mede door de besluitvorming in de gemeenteraad, extra geld beschikbaar gesteld voor woningbouw en toerisme en recreatie. Hier liggen kansen om vanuit de brede welvaart op meerdere dimensies positieve effecten te hebben.

Voor beide onderdelen verwachten we in 2022 de eerste positieve resultaten. Op het gebied van duurzaamheid is in de Voorjaarsnota 2021 specifiek aandacht gevraagd voor waterstof. Hoewel dit een nieuwe technologie is, zijn er wel ontwikkelingen op dit gebied en we verwachten in 2022 onderzoeksresultaten te hebben wat betreft haalbaarheid van lokale waterstofketens.

Innovatiefonds Er gebeurt al veel in de regio, en specifiek in Oude IJsselstreek, op het gebied van innovatie en startups. En dat naar aanleiding van het vaststellen van de Economische Beleidsvisie 2017-2023 door de gemeenteraad en het onderzoek Economisch Ecosysteem in Oude IJsselstreek en het Aanvalsplan Conjuncturele Schommelingen (Plan B) die met de gemeenteraad besproken zijn. De faciliteiten voor

25

innovatie en startups zijn er inmiddels: het Frank Daamengebouw met SHII is gekocht en met het Civon Innovatiecentrum zijn additionele faciliteiten op het DRU Industriepark geconcentreerd. Op het gebied van financiering van innovaties ligt nog een opgave. Wij willen daar samen met het bedrijfsleven vorm aan geven. We willen als gemeente samen met het bedrijfsleven een revolverend investeringsfonds opzetten. Daartoe zijn we bereid de bijdrages hieraan uit het bedrijfsleven te verdubbelen tot een totaalbedrag van € 500.000. Vanuit dat fonds kunnen leningen worden verstrekt aan startups. Op basis van deze éénmalige bijdrage van € 500.000, geeft dat een structurele rentelast van € 9.000 voor de gemeente. Omschrijving Investeringsfonds

Kosten (euro) 9.000 (structureel)

Uitvoeringsprogramma toerisme en recreatie De beleidsnotitie toerisme en recreatie is vastgesteld door de gemeenteraad en er is een uitvoeringsagenda opgesteld. Omdat Nederlanders door corona de vakantie vooral in eigen land hebben doorgebracht, is nog duidelijker geworden dat ook in Oude IJsselstreek kansen liggen om meer toeristen te trekken. Omdat het vooral aan de toeristische ondernemers is om deze kansen te pakken, is vooral gekeken naar het zo goed mogelijk faciliteren van deze ondernemers. Zo is er een samenwerkingsovereenkomst met STROIJ (samenwerkingsverband van lokale ondernemers in de branche; opvolger van de VVV) getekend. Hiermee versterken we de verbinding tussen de gemeente en de toeristische ondernemers. De gemeenteraad heeft bij de behandeling van de Begroting 2021 extra middelen beschikbaar gesteld om initiatieven in de sector aan te jagen. Tot deze initiatieven horen het bevorderen van de recreatievaart op de Oude IJssel, de ontwikkeling van een hotel en een museum op en rondom het DRU Industriepark bij (de zogenoemde majeure projecten). We proberen hierbij aan te sluiten bij andere ontwikkelingen zoals de Visie Oude IJsselzone (zie programma 1). De gemeente kent tal van de prachtige, avontuurlijke of luxe mogelijkheden om te recreeren.

Om te zorgen dat toeristen onze gemeente ook kunnen vinden, zetten we daarom naast de drie majeure projecten (vaarrecreatie, hotel- en museumontwikkelingen) samen met onze partners in op een marketingcampagne. Die campage is gericht op verschillende doelgroepen zoals de Duitse gast maar ook op de doelgroepen avontuurzoekers, inzichtzoekers en stijlzoekers - bij uitstek de doelgroepen die goed zouden passen bij de identiteit van de Oude IJsselstreek. Om die doelgroepen ook daadwerkelijk mooie spannende en interessante activiteiten aan te kunnen bieden verbeteren we de fiets- en wandelpadenstructuur of maken we nieuwe (zoals de ERIH IJzerroute, verhalenbankjesroute, MTB-route en een instagramroute). We denken hierbij aan bereikbaarheid die past bij de verschillende doelgroepen, zoals het speciale leenfietssysteem Gaon of andere bijzondere vervoersmiddelen zoals Brekrs. Zo is de basis op orde en gaan we samen met de ondernemers onderzoek doen naar speciale activiteiten zoals een wildwaterbaan, een klimbos of culinair tafelen op een erfgoedlocatie met aandacht voor streekproducten. Naast acties gericht op de doelgroepen hebben we ook speciale aandacht voor de ontwikkeling van de kerngebieden en proberen we initiatieven zo veel mogelijk ruimte te geven binnen de ruimtelijke ordeningsprincipes.

Zo gaan we, wederom samen met de ondernemers, de speciale overnachtingsmogelijkheden (zoals treehouses, duurzame en circulaire mini vakantieparken of natuurkampeerterreinen maar ook overnachtingsmogelijkheden op het water een kasteel of een jachthaven) nader onderzoeken. Al

26

deze plannen komen voort uit het uitvoeringsprogramma en zo hopen we meer toeristen te verleiden naar onze mooie gemeente met in het kielzog daarvan kansen voor extra werkgelegenheid voor onze inwoners.

Vitale en toekomstgerichte bedrijventerreinen Met het vaststellen van het RPW is er beleidsruimte gekomen om de bedrijventerreinen in Oude IJsselstreek te ontwikkelen. Dat is nodig omdat bedrijven in Oude IJsselstreek groeien en ruimte nodig hebben om de economische dynamiek vast te houden en te zorgen voor werkgelegenheid. Het kwantitatief en kwalitatief ruimte bieden aan bedrijven op bedrijventerreinen is daarom belangrijk. Voorbereidingen zijn gestart om het bedrijventerrein in Varsseveld uit te breiden met Het VIP (Het Varsseveld Industriepark). De gemeenteraad heeft het bestemmingsplan van Het VIP begin dit jaar vastgesteld. Dit jaar werkten we aan het toekomstbestendig maken van twee bestaande bedrijventerreinen: Hofskamp Zuid en IJsselweide. In onze aanpak hierbij, richten we ons op drie pijlers: duurzaamheid, fysiek-ruimtelijk en sociaal-economisch. We verwachten voor Het VIP in 2022 de eerste schop in de grond te kunnen zetten. Wat het toekomstbestendig maken van de andere twee genoemde bedrijventerreinen betreft, verwachten we dat we in 2022 de eerste werkzaamheden gaan uitvoeren. Een voorbeeld hiervan is vergroening van de de openbare ruimte op de te revitaliseren bedrijventerreinen. Op de bedrijfskavels zetten we in op het faciliteren van verduurzaming zoals energiebesparing en het plaatsen zonnepanelen op de daken.

Samen met buurgemeenten uit West-Achterhoek zoeken we naar extra financiering vanuit bijvoorbeeld de provincie. Op die manier kunnen de huidige investeringsmiddelen (zoals in de begroting 2021 vastgelegd) gebruikt worden om extra gelden aan te wenden.

Gelijke kansen voor iedereen Het gesprek over gelijke kansen voor iedereen vindt frequent met het onderwijs, de kinderopvang en de jeugdzorgaanbieders plaats, waarmee het is ingebed in de organisaties. Dit jaar zijn de gesprekken intensiever en veelvuldiger geworden omdat de corona-maatregelen hun weerslag hebben (gehad) op met name kinderen in kwetsbare situaties. Het onderwijs, de kinderopvang en Buurtzorg Jong hebben de kinderen in kansarme/kwetsbare situaties steeds beter in beeld. Hier wordt gericht actie op ondernomen, zoals de coalitie rondom het project “kansrijse start” waarbij onder meer (aanstaande) kwetsbare ouders zorg en ondersteuning krijgen zodat hun kinderen zo optimaal mogelijk hun leven starten. Over ‘kansrijke start’ is in programmma 2 al meer gezegd. Zelf hebben we in 2021 een nieuwe verordening voor leerlingenvervoer vastgesteld, is het regioplan aanpak laaggeletterdheid uitgewerkt, en is er een lokale activiteitenplanning laaggeletterdheid opgesteld. Op basis van een regionaal aanbestedingstraject, is een overeenkomst voor aanbod van volwasseneducatie afgesloten, waardoor dit ook weer gecontinueerd is.

Een routekaart voor collectieve Onderwijs-Jeugdarrangementen is in regionaal verband uitgewerkt en onder meer vanuit STOER is er aandacht voor de jongeren tussen 16 en 28 jaar zodat zij een startkwalificatie behalen en aan het werk zijn, naar school of dagbesteding gaan.

27

Op het vlak van onderwijs en arbeidsmarkt kiezen we als gemeente voor een aantal specifieke sectoren waarin we niet alleen nu al maar ook in de toekomst sterk zijn qua werkgelegenheid. Dat doen we op zowel gemeentelijk als op regionaal niveau. Op gemeentelijk niveau is gewerkt aan het versterken van een doorlopende leerlijn techniek van de basisschool tot volwasseneneducatie. Dat is reeds vastgelegd in de basisnotitie Human Capital (2018). Denk hierbij aan projecten als Technobasis voor basisschoolleerlingen en de Technologie & Zorg Academie (TZA) in het Civon Innovatiecentrum waar zorgprofessionals kennismaken en werken met digitalisering in de zorg. Op regionaal niveau hebben we aan de thematafel Onderwijs & Arbeidsmarkt sterk ingezet op het blijven interesseren van (jonge) mensen voor de zorg en techniek. Een voorbeeld daarvan is de totstandkoming van het talentenfonds OpIJver waarbij mensen zich met vouchers kunnen laten omscholen naar kansrijke sectoren als zorg en techniek. De goede gesprekken met het onderwijs, kinderopvangorganisaties en jeugdzorgaanbieders blijven we voeren om gelijke kansen voor iedereen te bevorderen. We nemen daarmee medeverwantwoordelijkheid voor een integrale en meerjarige aanpak. Het Nationaal Programma Onderwijs biedt scholen de gelegenheid om op maat hulp te bieden aan kinderen die dat nodig hebben.

Zij maken daarvoor een inventarisatie en een plan voor het inzetten van de middelen die zij daarvoor van het Rijk ontvangen. Ook de gemeente ontvangt middelen, die wij graag samen met de inzet van de scholen willen aanwenden voor inclusief onderwijs en voor kansgelijkheid. Het Nationaal Programma Onderwijs, het Plan Welzijn Jeugd, de aanpak Jeugdwerkloosheid en diverse andere regelingen bieden mogelijkheden om de sociale impact van de coronacrisis op het leven van kinderen en jongeren het hoofd te bieden en gelijke kansen voor iedereen te bevorderen. Zo wordt in 2021 in diverse kernen een pilot gestart rondom de zomerschool. Deze is voor een brede doelgroep beschikbaar: van kinderen van 2 jaar tot het einde van het basisonderwijs uit een kwetsbare thuissituatie. Op basis van deze pilots is het de verwachting dat er vanaf 2022 structurele afspraken omtrent de organisatie van de zomerscholen kunnen worden gemaakt. In 2021 vindt de evaluatie van de preventieve aanpak leerplicht plaats en wordt een visie op inclusief onderwijs opgesteld, welke we vanaf 2022 samen met de onderwijspartners in de praktijk verder vormgeven. Het project ‘kansrijke start’ zetten we voort in 2022. Op het vlak van onderwijs en arbeidsmarkt willen we op regionaal niveau extra inzetten op projecten die bijdragen aan het aantrekkelijker maken van de arbeidsmarkt voor zorg en techniek.

Zo werken we ook in 2022 actief mee aan OpIJver waardoor om-, her-, en bijscholing makkelijker is. Op gemeentelijk niveau werken we aan zowel additionele projecten op het gebied van zorg en techniek als aan projecten met Stoer. Hiervoor maken we gebruik van ons netwerk en aan de hand van de actieve werkgeversbenadering brengen we de juiste partijen met elkaar in verbinding. Daarna hopen we door de unieke bundeling van van onderwijs, techniek richting smart industry en innovatie op het DRU Industriepark en de relatie met het hoger onderwijs door bijvoorbeeld technieklessen aan het basisonderwijs, combinaties met middelbaaronderwijs, cross-overs met andere sectoren zoals zorg, bouw en ICT een leerlijn 0 – 25 voor techniekonderwijs op verschillende niveau’s te kunnen bemachtingen in onze gemeente, dan wel in de regio.

Vitale en toekomstgerichte schoolgebouwen We geven uitvoering aan het Integraal Huisvestingsplan uit 2019. Daarbij wordt momenteel intensief gewerkt aan de ontwikkeling van het geplande IKC’s in Gendringen en in Silvolde. Bij de uitwerking van het IKC Gendringen constateerden we dat de (financiële) uitgangspunten uit het IHP niet

28

aansluiten bij de actualiteit. Dit is ook met de raad in december 2020 en mei 2021 gedeeld. Bij de ontwikkeling van het IKC Silvolde constateren we eenzelfde beeld waardoor we in deze Voorjaarsnota de financiele uitgangspunten hebben geactualiseerd. Samen met de betreffende scholen en kinderopvangorganisaties worden deze projecten op basis van bijgestelde uitgangspunten verder uitgewerkt. Daarnaast wordt in het najaar 2021 een actualisatie van het IHP opgesteld. Een actuele leerlingenprognose, een duurzaamheidsscan van de schoolgebouwen, gewijzigde wetgeving en gewijzigde financiele kaders bepalen deze actualisatie. Samen met de schoolbesturen zal dit verder uitgewerkt worden. Enkele schoolbesturen hebben dit jaar een beroep gedaan op de Rijks-subsidieregeling SUVIS, die er op gericht is de ventilatie in schoolgebouwen te verbeteren. De planvorming IKC Gendringen en IKC Silvolde hebben het komend jaar prioriteit, waarbij we uitgaan van start bouw IKC Gendringen in 2022 (schooljaar 2022/2023) en start voor IKC Silvolde begin 2023. De voorbereiding en concretisering van de gezamenlijke invulling van beide projecten hebben veel tijd gevraagd en leidt ook tot verschuivingen in de begroting. In de begroting zijn de geactualiseerde projectbudgetten opgenomen op basis van de gewijzigde leerlingprognoses, markttarieven en bijstellingen van de financiele planning.

De actualisatie van het IHP in 2021 wordt in 2022 verdiept door samen met de schoolbesturen afspraken te maken voor een gemeenschappelijke inzet van middelen om de kwaliteit en duurzaamheid van onze onderwijshuisvesting op het gewenste niveau te houden.

INVESTERINGEN 2021-2024

2022

2023

3

IKC (primair onderwijs) Gendringen

2710 2480

3

IKC Silvolde

520 5250

2024 IKC Gendringen De totale kosten voor de verbouw/ nieuwbouw van het IKC Gendringen bedragen € 5.450.000, verdeeld over 3 jaren. Hiervan was € 260.000 geraamd in 2021. Deze bedragen zijn gewijzigd om aan te sluiten bij de actualiteit. Zo is sprake van een hoger leerlingenaantal (meer m2), wordt uitgegaan van nieuwbouw, ENG en zijn de budgetten nu gebaseerd op de actuele marktprijzen. Het opgenomen budget betreft de stichtingskosten van het gebouw inclusief de kosten van sloop en tijdelijke huisvesting. Kosten voor de aanpassing van de verkeersituatie etc. zijn nog niet inzichtelijk en dus ook nog niet meegenomen. IKC /Silvolde De totale kosten voor de uitbreiding en aanpassing van het IKC Silvolde bedragen € 5.770.000. Deze bedragen zijn gewijzigd om aan te sluiten bij de actualiteit. Zo is sprake van een hoger leerlingenaantal (meer m2), ENG en zijn de budgetten nu gebaseerd op de actuele marktprijzen renovatie/nieuwbouw, die samen zorgen voor een noodzakelijke bijstelling van het budget. Het opgenomen budget betreft de stichtingskosten van het gebouw inclusief de kosten van sloop en tijdelijke huisvesting. Kosten voor de aanpassing van de verkeersituatie etc. zijn nog niet inzichtelijk en dus nog niet meegenomen.

29

Programma 4/5 | De dienstverlenende gemeente / Bedrijfsvoering Doorontwikkelen dienstverlening De visie op informatie en de visie op dienstverlening zijn vastgesteld en liggen ten grondslag aan de verdere uitvoering van het beleid. Onze website is digitaal toegankelijk, daar hebben we een keurmerk voor behaald. Ook de website van STOER en de Toekomstvisie voldoen eind 2021 aan de toegankelijkheidseisen. We hebben al een behoorlijk aantal producten en diensten online gemaakt. Het werken op afspraak is succesvol ingevoerd. Veel loopt er dus al en is going concern geworden.

Participatie De rol van overheid én inwoner is sterk aan het veranderen. Grote opgaven als de energietransitie, woningbouw, de Omgevingswet maar ook sociale vraagstukken vragen om een andere manier van samenwerken tussen (lokale) overheid en inwoners. Hoewel er op projectniveau al invulling wordt gegeven aan inwoner- en overheidsparticipatie, is er behoefte aan gemeentebreed beleid dat antwoord geeft op de vraag ‘wat’ participatie is en ‘hoe’ we daar invulling aan geven. De invoering van de Omgevingswet per 2022 geeft hier een concrete deadline aan. Ook de gemeenteraad ziet participatie als een belangrijk onderwerp; de Rekenkamercommissie voert hier momenteel onderzoek naar uit. We lopen hier samen in op, zodat we tot een breed gedragen participatiebeleid komen. Zoals het nu lijkt, wordt in 2021 het beleid vastgesteld. In 2022 kunnen we hier vervolgens volop mee aan de slag. Zodat we de maatschappelijke betrokkenheid verder versterken en het werken vanuit de bedoeling bevorderen. Daarmee geven we ook aan de hand van ons participatiebeleid uitvoering aan onze sturingsfilosofie: aansluiten bij dat wat logisch voelt en is voor de inwoner. Hierbij hebben we ook aandacht voor openbaarheid en transparantie. Om de gehele organisatie mee te nemen in de uitvoering van het nieuwe participatiebeleid, stellen we in 2022 voor een jaar een participatiecoach aan.

Zijn of haar rol wordt om van iedere collega een betere ‘participator’ te maken. De uitvoering van het beleid, bewustwording, aanreiken van hulpmiddelen, en het ontwikkelen van vaardigheden zijn daar onderdeel van. We verwachten dit binnen de bestaande formatie uit te kunnen voeren. Door het versterken van onze participatie dragen we bij aan de maatschappelijke betrokkenheid en het subjectief welzijn binnen de Brede Welvaart.

Online dienstverlening In de visie op dienstverlening stellen we dat inwoners overal en altijd hun zaken bij ons kunnen regelen op de voor heen meest logische manier. Vooral op het gebied van online dienstverlening is nog veel te winnen. Als doel was gesteld dat in 2021 95% van alle producten en diensten online aan te vragen is, bij voorkeur via een webformulier. Dat doel gaan we niet halen in 2021, hier hebben we ook 2022 nog voor nodig. In de praktijk merken we dat het maken van webformulieren ook het juiste moment is om meteen het aanvraagproces kritisch tegen het licht te houden en te verbeteren. Dat kost de nodige tijd, maar draagt ook bij aan betere behandeling en dienstverlening verder in het proces. Online dienstverlening draagt ook bij aan betere borging van privacy voor inwoners, en hiermee aan vertrouwen in de overheid en maatschappelijke betrokkenheid.

30

Interne beheersing Wij staan voor een verantwoorde en rechtmatige manier van het besteden van onze tijd en middelen. Vanaf het boekjaar 2021 verandert de manier waarop hierover verantwoording wordt afgelegd. In 2022 moet het college zelf een rechtmatigheidsverklaring in de jaarrekening opnemen. Met deze verklaring geeft het college aan of zij al dan niet, binnen door de gemeenteraad aangegeven grenzen, rechtmatig heeft gehandeld. Wanneer niet rechtmatig is gehandeld, wordt dit verantwoord in de verplichte paragraaf Bedrijfsvoering. 2021 staat in het teken van de maatregelen die nog moeten worden genomen om het college in staat te stellen om een verantwoorde rechtmatigheidsverklaring af te kunnen geven. Daarbij moet worden gedacht aan het verder ontwikkelen van een normenkader dat aansluit bij onze sturingsfilosofie, en het verder aanscherpen van de interne controle. In 2022 zal de eerste rechtmatigheidsverklaring afgegeven worden. Het jaar 2022 zal in het teken staan van de evaluatie van deze verklaring, de bevindingen van de accountant en het op basis daarvan verder in control brengen van de gemeente. Hiermee zal het afgeven van rechtmatigheidsverklaringen in de komende jaren nog vlotter en eenvoudiger verlopen. Eén en ander zal vooralsnog binnen de huidige formatie worden uitgevoerd.

Goede informatievoorziening Open overheid We vinden het belangrijk dat inwoners en organisaties gelijkwaardige samenwerkingspartners zijn. Daarvoor is het nodig dat we een open overheid zijn en voor een gelijkwaardige informatiepositie zorgen. Op die manier kan een ander zelf oordelen of we rechtvaardig handelen en goed afgewogen beslissingen nemen. Dit nodigt uit tot maatschappelijke betrokkenheid. Daarnaast vinden we het belangrijk dat data die geschikt is voor hergebruik, bijvoorbeeld door (regionale) bedrijven, open en toegankelijk is. Doel hiervan is ook de economie te stimuleren. Allereerst is het nodig als organisatie in 2022 hierover de discussie te voeren, ook met samenwerkingspartners, zodat een cultuuromslag volgt en openheid steeds meer de norm wordt. Daarnaast is het nodig meer grip op onze informatiehuishouding te krijgen en techniek te regelen zodat we efficiënter en veilig informatie actief kunnen verstrekken. Het verstrekken van informatie gaan we doen met name op grond van de nieuwe Wet open overheid, die naar verwachting in 2022 in werking treedt. Vanuit deze wet zijn 11 verschillende categorieën informatie bepaald die openbaar gemaakt moeten worden. Hiervoor komt waarschijnlijk een termijn van 8 jaar om dit voor elkaar te krijgen. Voor de uitvoering van de Wet open overheid maakt het Rijk geld beschikbaar.

We gaan er vooralsnog vanuit dat we met deze middelen de uitvoering van de wet kunnen dekken. Mocht dit anders worden, dan nemen we dit mee in de begroting.

Grip op informatie We ontvangen, creëren en versturen steeds meer informatie. Belangrijk is dat we hier meer grip op krijgen zodat we informatie kunnen beveiligen en op tijd vernietigen, of juist zorgvuldig bewaren en ontsluiten. Het project digitaal samenwerken werkt heeft onder andere als doel om meer grip op

31

informatie te krijgen. Dit project loopt ook in 2022 nog door. Het overschakelen naar Microsoft 365, en hoe dit zich verhoudt tot andere systemen, vraagt de nodige tijd en opleiding van onze organisatie. Als overheid zijn we goed in het bewaren van informatie, maar we zijn nog niet zo goed in het vernietigen van informatie die we niet meer nodig hebben. Het kost honderden bomen om ons gedeelte van de digitale snelweg aan jaarlijkse CO2-uitstoot te compenseren. In 2021 en 2022 maken we hier een slag in om de informatie op te schonen, te voldoen aan de eisen van de archiefinspectie en privacy- en veiligheidseisen.

Huisvesting Plaats- en tijdonafhankelijk werken Toen corona zijn intrede deed hebben we, binnen budget, de faciliteiten en randvoorwaarden om plaats- en tijdonafhankelijk te werken, versneld ingevoerd. Ondanks de beperkingen die de coronamaatregelen met zich mee brachten zijn we er mede hierdoor in geslaagd om de dienstverlening en productie grotendeels te continueren. Als organisatie zitten we nu in een ontwikkeling naar meer plaats- en tijdonafhankelijk werken. Dat betekent werken op de plek(ken) en moment(en) waar we de meeste toegevoegde waarde voor onze inwoners en ondernemers hebben. Deze ontwikkelingen bieden kansen om nog meer van buiten naar binnen te werken. We hebben in deze bijzondere periode ook ontdekt dat de kracht van onze organisatie o.a. ligt in samen werken binnen organisatie en bestuur en elkaar informeel en formeel te ontmoeten, informatie, kennis en ideeën te wisselen. Zo pakken we zaken integraal en praktisch aan. Dat gedijt vooral ook door contact, door elkaar niet alleen zien vanaf een scherm in een zakelijke meeting. Het betekent derhalve een balans zoeken tussen fysiek aanwezig zijn en digitaal vanuit huis of een andere plek (bijvoorbeeld bij een van de partners) werken.

We blijven volgen wat hierin de behoefte van onze inwoners en onze ambtenaren is, waarbij passende dienstverlening aan onze inwoners en vitaliteit van onze ambtenaren belangrijke pijlers zijn.

Informatisering en automatisering Voor de uitvoering van onze belastingtaken maken we gebruik van een aantal softwareapplicaties. Twee van deze applicaties zijn end-of-life verklaard door de ontwikkelaars/leveranciers. Hierdoor zijn we gedwongen stappen te zetten naar nieuwe applicaties. Dit brengt fors hogere kosten voor zowel licenties als implementatie met zich mee, hetgeen ook extra beroep doet op menskracht in onze organisatie. Deze kosten waren niet te voorzien, en zijn niet te vermijden om onze dienstverlening uit te kunnen blijven voeren. De inschatting is dat er 115.000 nodig is voor licenties en implementatie. Onderwerpen Belastingapplicatie

Kosten (euro) 115.000 (investering, incidenteel)

32

Inclusief werkgeverschap Wij willen een diverse organisatie zijn omdat iedereen die bij ons werkt (tevens inwoner) een eigen unieke achtergrond met andere gebruiken, gewoonten, behoeften en een andere visie meebrengt waardoor onze organisatie beter kan inspelen op behoeften van inwoners en samenwerkingspartners. Wanneer we mensen in dienst nemen, zijn we oprecht geïnteresseerd in wie iemand is en welke talenten en kwaliteiten iemand heeft. Ons inclusief denken en werken maakt dat iedereen welkom is en zich prettig voelt bij ons. We laten niet alleen een goed voorbeeld zien maar dragen onze manier van denken en werken ook uit door een actieve rol te spelen in bijvoorbeeld Prokkelactiviteiten en het leveren van een bijdragen aan de landelijk Prokkelcampagne. Ondanks dat we al ruimschoots aan het quotum ‘inclusief werkgeverschap’ voldeden, hebben we afgelopen periode twee inwoners met een afstand tot de arbeidsmarkt een vaste baan aangeboden bij de gemeente. Daarnaast bieden we een aantal mensen een tijdelijke opstap, om zo door te groeien naar een vaste baan. Gezien worden en meedoen is belangrijk voor ieder mens. Door inclusief werkgeverschap leveren wij als werkgever een bijdrage aan het welzijn van inwoners op het gebeid van maatschappelijke betrokkenheid, balans privé/werk, gezondheid, werk en inkomen.

We zijn ons steeds bewuster van het belang van diversiteit en kijken waar we nog kansen laten liggen en waar het goed zou zijn om het te borgen in ons personeelsbeleid. We doen dit vanuit het besef “hoe kun je iets normaal vinden, als je het nooit ziet?”. We blijven ons aanpassen op basis van wat we geleerd hebben zodat we de juiste aandacht blijven geven aan inclusief werkgeverschap. Daarbij maken we een zorgvuldige afweging tussen de bedoeling van de regelgeving, het welzijn van onze inwoners en de financiën. Onderdeel van onze werkwijze is om werkzaamheden zoveel mogelijk aan te laten sluiten bij de talenten en kwaliteiten van mensen. Passende werkzaamheden is een belangrijke basis voor plezier in het werk hebben. We sluiten als werkgever dan ook aan bij de pilot 'maatschappelijke banen'. We blijven het inclusief werkgeverschap uitvoeren binnen bestaande personeelsbudgetten en blijven gebruik maken van het extra beschikbare budget van 105.000 (zoals in de programmabegroting 2021 vastgesteld). Met een ondersteunend personeelsbeleid bieden onze personeelsbudgetten voldoende kansen en mogelijkheden om verder te bouwen aan inclusief werkgeverschap.

Van beheer naar ontwikkelgemeente We hebben steeds meer zicht op talenten en kwaliteiten van onze mensen. Interne doorstroming is voor ons een belangrijk onderdeel, naast het gericht inzetten van externe deskundigheid. We kijken waar en hoe we nieuwe of interessante klussen en werkzaamheden het beste kunnen onderbrengen. Dat kan zijn door te schuiven in de werkzaamheden van het eigen personeel en/of door een beroep te doen op de flexibele schil (externe inhuur). We vragen zowel zittende collega's als mensen die ons tijdelijk versterken, om de eigen kennis en ervaring over te brengen. Om dat zo voor de toekomst in de organisatie te borgen en om collega's die wel over potentie beschikken maar nog niet over de benodigde ervaring, te ondersteunen in hun ontwikkeling.

33

We hebben ervoor gekozen om bij het wervings-en selectiebeleid (overheids)ervaring minder zwaar te laten wegen. Ontwikkelpotentie weegt zwaarder dan voorheen. We proberen ‘high potentials’ te boeien en te binden, door hen in te zetten op complexe opgaven die een integrale benadering en een goede samenwerken met interne en externe partners vragen.

Groei naar ontwikkelgemeente We groeien verder in het zijn van een ontwikkelgemeente (in plaats van beheersgemeente) en netwerkorganisatie. Bij het ‘echt anders doen’ in het sociaal domein -en in toenemende mate ook bij economie en in het fysieke domein- kiezen we niet automatisch voor de bekende weg. We werken van buiten naar binnen: we jagen ontwikkelingen aan en zoeken partners daarbij. We denken en werken mee vanuit de bedoeling en de ‘ja, mits’. Doordat we inspelen op dat wat er om ons heen gebeurt en dat wat er van ons gevraagd wordt, zien we steeds meer behoefte aan maatwerk. Dit leveren van maatwerk, wat ook past bij de ingezette koers, kost meer tijd en inspanning dan standaard- of routinewerk. Bij deze beweging lopen we tevens tegen groeistuipen aan. Er liggen grote opgaven op het gebied van wonen, recreatie en toerisme en de omgevingswet. Het werk is complexer geworden en vraagt vaker om een andere kwaliteiten en een andere ‘mindset’. Systemen die ons werk ondersteunen, vragen steeds meer specialistische kennis. Er is tijd en energie nodig om aan te passen, te trainen en te begeleiden. De hele beweging, inclusief de extra of zwaarder wordende klussen en werkzaamheden, betekent aan de ene kant meer uitdaging, kansen tot ontwikkeling en meer reuring, en anderzijds tot meer druk op de formatie, meer werkdruk en uitval en hogere externe inhuurkosten.

De mensen die nodig zijn, zijn steeds moeilijker te vinden op de arbeidsmarkt en als ze al te vinden zijn (steeds vaker als inhuur), leidt de schaarste tot hogere (wervings)kosten.

Meer investeren in samenwerken We beseffen dat onze partners soms veel beter zijn in de uitvoering en/of waardevolle kennis hebben bij het opstarten en vormgeven van nieuwe ontwikkelingen. Dat vraagt vooral aan het begin van opgaven van ons een ondersteunende en regisserende rol. We zullen in staat moeten zijn om van rol te wisselen als de opgave dat van ons vraagt. Onze basishouding is dan kansen zien, kaders te geven waar ze echt nodig zijn en ruimte en vrijheid geven om daarop in te springen. We moeten leren om nog meer op basis van vertrouwen te sturen, daar waar mogelijk los te laten en daar waar nodig weer vastpakken. We leren van de ander en zij van ons om zo samen beter te worden.

Schaarste op de arbeidsmarkt tackelen De schoen wringt. In bepaalde expertises zien we dat er bijna niemand meer op de markt komt die bij onze of überhaupt bij een gemeente wil komen werken. We zullen op een andere manier aan gekwalificeerde mensen moeten komen. Ontwikkelingen op het ruimtelijk gebied of uitvoering van het klimaatakkoord vragen veel inzet en wederom veel schaarse kennis. We onderzoeken derhalve ook of we zelf gaan opleiden of samenwerking aangaan met onderwijsinstituten. Omdat we niet langer kunnen afwachten wie er op de markt komt en we vaker achter het net vissen. We gaan derhalve ook weer aan de slag met traineeships. Regionale samenwerking hierin wordt steeds noodzakelijker omdat we als gemeenten een beroep op dezelfde kennis doen en met dezelfde soort opgaven bezig zijn. De specialistische kennis die we als kleinere gemeente nodig hebben, is vaak moeilijk te vinden en/of erg duur. Door meer samen te werken met andere Achterhoekse gemeenten kunnen we deze mensen wel betalen en aan ons binden. We doen dit laatste door deze mensen opgaven, en daarmee

34

uitdagingen, te geven die passen bij hun niveau en ontwikkeling. Een alternatief kan zijn bepaalde expertise structureel in te huren via externe bureaus. De financiële situatie (onderdeel van onze afwegingsdriehoek) geeft aanleiding om dit alleen te doen als er geen goed alternatief voorhanden is. We kunnen ons niet permitteren om steeds meer te gaan betalen voor ontbrekende expertise. En we missen dan een stuk borging.

Strategische personeelsplanning meer inzetten De groei als een ontwikkelgemeente vraagt van de organisatie inzicht in capaciteiten en vaardigheden (kwalitatief en kwantitatief) van de mensen die bij ons werken, in relatie tot de opgaven die op ons afkomen. We hebben onze personele behoefte voor de korte termijn (1 à 2 jaar vooruit) goed in beeld. Inzicht in wat we nu aan capaciteiten, vaardigheden en ontwikkelpotentieel in huis hebben, willen we beter koppelen aan de (middel)lange termijn ontwikkelingen en opgaven. Al zijn er altijd ontwikkelingen die niet voorspelbaar zijn en kent de gemeentelijke wereld een behoorlijke dynamiek. Daarom gaan we op team- en op organisatieniveau, op basis van wat we nu weten en redelijkerwijs kunnen verwachten, verder werken aan de strategische personeelsplanning. Zodat we kunnen voorsorteren op expertise die straks nodig is, bijvoorbeeld door mensen te laten doorontwikkelen naar de functies en rollen van die toekomst. Zoals aangegeven, zitten we midden in de omslag van beheer – naar ontwikkelgemeente. Onderdeel hiervan zijn de grote opgaven op het gebied van wonen, recreatie en toerisme en de omgevingswet. Zaken die meer beheersmatig waren geworden zoals woningbouw (denk aan de groene-rode lijst) zijn weer omgebogen naar ruimte voor woningbouw en hebben geleid tot een open uitnodiging voor woon-initiatieven.

De extra impulsen op de Woonagenda en T&R geven de onverminderde ambities van onze gemeente weer. Dat vraagt naast bestuurlijk leiderschap ook steeds meer aan slagkracht binnen de organisatie. Tegelijkertijd hebben we te maken gekregen met verzwaring van taken in het ‘going concern’ door nieuwe of aangepaste wetgeving. Zoals in de memo van afgelopen maart aan de raad is aangegeven, betekent deze groei dat er incidenteel en structureel over de volle breedte van het concern extra mensen nodig zijn om zowel de prioriteiten, als de wettelijke taken en het going concern uit te voeren. Afgelopen jaar hebben we hiertoe al meer middelen incidenteel ingezet. De structureel benodigde extra lasten voor menskracht bedragen vooralsnog € 250.000 om de werkdruk op verschillende terreinen te kunnen verlichten. Zoals op verschillende plekken in deze Voorjaarsnota aangegeven, voorzien we dat er ook de komende jaren nog incidenteel behoefte zal zijn voor extra menskracht voor de uitvoering van de diverse projectplannen en het oplossen van knelpunten. De komende periode benutten we om de projectplannen verder uit te werken, de knelpunten volledig in kaart te brengen en deze te toetsen aan de financiële mogelijkheden die er zijn. De verdere uitwerking hiervan nemen we in de begroting mee. Onderwerpen Personeelsuitbreiding Personeelsuitbreiding

Kosten (euro) 250.000 (exploitatie, structureel) PM

35

Financiële Paragraaf Financieel perspectief Hieronder geven wij het overzicht van de financiële effecten per programma. Het betreft die maatregelen, waarvan wordt verwacht dat daarvoor extra middelen nodig zijn. Hierbij tekenen wij nadrukkelijk aan dat het een inschatting van dit moment is. Bij de begroting kan, op grond van de nadere uitwerking blijken dat het bedrag moet worden aangepast. Hetzelfde geldt voor de maatregelen die niet in dit overzicht zijn opgenomen. Daarvan wordt op dit moment er vanuit gegaan dat hiervoor binnen de begroting voldoende middelen aanwezig zijn.

Totaal financieel overzicht Eerder in deze voorjaarsnota is dit financiële perspectief al zichtbaar gemaakt. Voor de volledigheid, is het overzicht ook hier opgenomen.

Exploitatielasten Meerjarenperspectief (x 1.000)

2021

2022

2023

2024

2025

Resultaat programmabegroting 2021-2024

257

125

470

853

853

Incidentele afwijkingen (1e Berap) Structurele afwijkingen (1e Berap) Algemene uitkering Autonome ontwikkelingen Bijgesteld resultaat

-80 -70 0

-70 -51

-70 -120

-70 -48

-70 -48

107

4

280

735

735

-25 -40 -25

-25 -40

-25 -40

-25 -40

-100 -350 -40 -100

-100 -350 -40

-100 -350 -40

-100

205 170

205 195

205 195

205

Beleidsmatige ontwikkelingen Programma 1: Tegel eruit, boom erin Landschapsfonds Uitnodigingskader wonen buitengebied Versnelling woningbouw: Structureel Incidenteel Civiele kunstwerken Doorontwikkeling DRU-IP Vrijval revitaliseringsfonds: Structureel Incidenteel Programma 2 (buiten de hekjes):3 N.v.t. Programma 3:

-40

3 De middelen die voor het sociaal domein worden ontvangen van het rijk worden ingezet voor het

sociaal domein. Middelen die in het betreffende boekjaar niet worden uitgegeven gaan naar de reserve sociaal domein eventuele tekorten worden hieruit onttrokken.

36

Investeringsfonds (rentelast) Programma 4/5: Personeelsuitbreiding (hierbij komt nog een deel PM)

-9

-9

-9

-9

-250

-250

-250

-250

Beleidsmatige ontwikkelingen Structureel Beleidsmatige ontwikkelingen Incidenteel Beleidsmatige ontwikkelingen Totaal

-259 -305 -564

-259 -155 -414

-259 -155 -414

-259

-560 -255

-134 21

321 476

476 476

123

345

528

528

0

0

0

0

Resultaat incl. beleidsmatige ontwikkelingen Waarvan structureel Sociaal Domein (binnen de hekjes) Algemene uitkering Ontwikkelingen incidenteel Ontwikkelingen structureel Prognose resultaat SD

107

0

-259

Zoals eerder aangegeven, hebben we voor personeelsuitbreiding structureel € 250.000 opgenomen. Daarnaast is er nog een PM-post opgenomen, aangezien we verwachten dat er ook de komende jaren nog incidenteel en/of structureel behoefte zal zijn aan extra menskracht op basis van de uitvoering van diverse projectplannen en het oplossen van knelpunten. Bij de begrotingsbehandeling 2022-2025 zullen hiertoe verdere voorstellen worden gedaan.

Investeringen We denken dat daarnaast nog het volgende bedrag aan investeringsgelden nodig is.

NIEUWE INVESTERINGEN (x 1.000) Programma 1: Speelruimteplan Vergroenen centra Fietspad Landfort Programma 5: Informatisering

2022

2023

2024

2025

85 PM 100

PM PM

PM PM

PM PM

GEWIJZIGDE INVESTERINGEN (x 1.000) Programma 3: IKC Gendringen IKC Silvolde

2022

2023

2024

2025

2710 520

2480 5250

115

In de begroting 2021 waren investeringen opgenomen in 2022 voor de IKC Gendringen (€ 3.792.000) en voor de IKC Silvolde (€ 3.302.000). Voortschrijdend inzicht en uitstel van een deel van de investering hebben geleid tot het investeringsoverzicht als opgenomen in bovenstaand schema. Bovenstaande investeringen en de aangekondigde intensivering van de woningbouw in Oude IJsselstreek hebben tot gevolg dat er een grotere financieringsbehoefte ontstaat, zodat de kapitaalmarkt moet worden benaderd voor leningen. Het totaal aan opgenomen leningen zal naar verwachting stijgen. Dit heeft géén gevolgen voor de financiële positie van Oude IJsselstreek. We

37

gaan er immers van uit dat investeringen in grondaankoop, bouwrijp en woonrijp maken en de rente over deze investeringen worden terugverdiend, en dat complexen, zoals in 2020 ook is gebeurd, veelal met een positief resultaat kunnen worden afgesloten.

Risico’s en verwachtingen Er is sprake van een aantal ontwikkelingen waarvan het financiële effect op dit moment nog niet is in te schatten. Deze maken daarom nog geen onderdeel uit van deze voorjaarsnota. •

Meicirculaire 2021 Op het moment dat deze voorjaarsnota aan de raad is gezonden, is de Meicirculaire 2021 van het Gemeentefonds nog niet verschenen. De uitkomst kan het financiële perspectief vaak behoorlijk beïnvloeden. De verschijningsdatum van de circulaire is in het algemeen in de laatste week van mei. Zo snel mogelijk nadat we deze hebben ontvangen, zullen wij de uitkomst daarvan voor onze begroting met de raad delen.

•

Herijking Gemeentefonds Zoals bekend is de invoering van het nieuwe verdeelmodel van het Gemeentefonds opnieuw met een jaar uitgesteld tot 1 januari 2023. Bij de vorige presentatie was de verwachting dat het effect voor onze gemeente neutraal tot licht positief uit zou vallen. Echter, voor een groot aantal gemeenten (waaronder de G4 en een groot deel van Noord-Nederland) was het effect fors negatief. Naar aanleiding van de commotie vindt nu een nieuwe herijking plaats. Het risico bestaat dat onze gemeente door deze nieuwe herijking een negatief effect krijgt op het financieel perspectief.

•

Algemene uitkering en de trap-op-trap-af systematiek De omvang van het Gemeentefonds is gekoppeld aan de rijksuitgaven. Doordat de afgelopen jaren bij het Rijk sprake is van een onderbesteding, leidt dit tot een lagere uitkering bij gemeenten. En meestal is dat pas achteraf zeker. Dat maakt het begroten en het sturen daarop heel lastig. Gemeenten dringen al langer erop aan deze systematiek tegen opnieuw te bezien. Dit jaar speelt dit temeer, omdat de verwachting is dat door alle (terechte) aandacht voor de coronacrisis het Rijk op andere onderdelen van de rijksbegroting minder gaat uitvoeren. De extra uitgaven van het Rijk tellen niet mee in de trap-op-trap-af methode, de eventuele lagere uitgaven op de rest van de begroting tellen hierin wel mee. Samen met een groot aantal andere gemeenten uit onze provincie en daarbuiten hebben wij hiervoor aandacht gevraagd bij de minister.

•

Gevolgen coronacrisis Deze crisis heeft onmiskenbaar gevolgen op de samenleving als geheel. En de verwachting is dat het herstel na het einde van de pandemie ook nog wel enige tijd zal duren. De crisis raakt vele dimensies van de brede welvaart, zoals inkomen, werk (economie), gezondheid, onderwijs en sociale contacten. De gevolgen zullen ook op langere termijn veel inwoners en bedrijven in onze gemeente raken. De effecten en zeker de omvang daarvan, zijn op dit moment nog onbekend. Al enige tijd zijn er gesprekken gaande met het Rijk om de financiële effecten te compenseren. Of dat ook geldt voor de langere termijn is daarbij de vraag. De komende periode onderzoeken we welke maatregelen er in deze (hopelijk laatste periode) van de overbruggingsfase nog nodig zijn en werken we uit hoe de herstelfase eruit kan komen te zien. We verwachten dit na de zomer gereed te hebben, zodat we de effecten (waar mogelijk) in de begroting kunnen meenemen.

38

•

Sociaal Domein In het hoofdstuk over Programma 2 | De leefbare gemeente zijn reeds de risico’s voor het sociaal domein beschreven.

39

Algemene reserve en leningenportefeuille Algemene reserve De algemene reserve en daarmee het weerstandsvermogen als zeer goed kan worden bestempeld. Dat blijkt bijvoorbeeld ook uit de beoordeling die de provincie jaarlijks geeft. Een weerstandsvermogen van meer dan 1,0 leidt tot indeling in de hoogste categorie. De verhouding tussen de risico’s en de algemene reserve is 1 op 6. Dat betekent dat we voor iedere euro aan risico, zes euro beschikbaar hebben. Deze positieve ontwikkeling van de reserve sterkt ons in de overtuiging dat het verantwoord is om voor dekking van de speerpunten uit deze voorjaarsnota voor zover nodig, een beroep te doen op deze reserve.

Leningenportefeuille De geplande investeringen en de aangekondigde intensivering van de woningbouw in Oude IJsselstreek hebben tot gevolg dat er een grotere financieringsbehoefte ontstaat, zodat de kapitaalmarkt moet worden benaderd voor leningen. Het totaal aan opgenomen leningen bedroeg per 31 december 2020 € 116.345.000 en zal naar verwachting in de komende jaren stijgen als gevolg van investeringen in de onderwijsaccommodaties en in grondexploitatie. Dit heeft géén gevolgen voor de financiële positie van Oude IJsselstreek. We gaan er immers van uit dat investeringen in grondaankoop, bouwrijp en woonrijp maken en de rente over deze investeringen worden terugverdiend, en dat complexen, zoals in 2020 ook is gebeurd, veelal met een positief resultaat kunnen worden afgesloten.

40

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.oude-ijsselstreek.nl/api/v1/meetings/4201/documents/21195