CConstaterende datOude IJsselstreek
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 9 Quickscan water.pdf

Raadsvergadering 23 april 2026, gemeente Oude IJsselstreekBij agendapunt: 8: TAM-omgevingsplan Graaf van Lohnstraat en Juliana van Stolbergstraat11.920 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Quickscan Water Graaf van Lohnstraat en Juliana Van Stolbergstraat te Varsseveld Wonion

Projectnummer: 4177.01 Versie: 1 Datum: 16 mei 2025

Inhoud Inhoud .......................................................................................................................................... 0 1.

Inleiding ............................................................................................................................... 2 1.1 Aanleiding ................................................................................................................ 2 1.2 Doel van de quickscan water ................................................................................ 2 1.3 Opbouw van de quickscan water ......................................................................... 2

2.

Projectgebied ...................................................................................................................... 3 2.1 Ligging projectgebied............................................................................................. 3 2.2 Toekomstige situatie .............................................................................................. 4

3.

Gebiedskenmerken ............................................................................................................ 5 3.1 Algemeen ................................................................................................................. 5 3.2 Maaiveldhoogte ...................................................................................................... 5 3.3 Geohydrologische bodemopbouw ....................................................................... 5 3.4 Uitgevoerd bodemonderzoek ............................................................................... 5 3.5 Grondwater .............................................................................................................. 6 3.5.1 Grondwaterstromingsrichting ........................................................................................... 6 3.5.2

Grondwaterstanden ............................................................................................................... 6

3.5.3

Grondwateronttrekking ........................................................................................................ 7

3.6 3.7 3.8 3.9

Oppervlaktewater ................................................................................................... 7 Klimaatatlas............................................................................................................. 8 Vuil- en hemelwater............................................................................................... 9 Kabels en leidingen.............................................................................................. 10

4.

Relevant beleid ................................................................................................................. 11 4.1 Waterschap Rijn en IJssel .................................................................................... 11 4.2 Gemeente Oude IJsselstreek ............................................................................... 12

5.

Doorlatendsheidsonderzoek .......................................................................................... 13 5.1 Onderzoekstrategie .............................................................................................. 13 5.2 Uitgevoerde werkzaamheden ............................................................................. 13 5.3 Toetsingskader t.b.v. infiltratie ........................................................................... 13 5.4 Resultaten onderzoek .......................................................................................... 14

6.

Waterhuishoudkundige consequenties en uitgangspunten ...................................... 15 6.1 Algemeen ............................................................................................................... 15 6.2 Uitgangspunten..................................................................................................... 15 6.3 Peilen...................................................................................................................... 15 6.4 Drooglegging ......................................................................................................... 16 6.5 Bergingsopgave..................................................................................................... 16 6.6 Realisatie berging ................................................................................................. 16 6.7 Vuilwater ................................................................................................................ 17

7.

Samenvatting, conclusies en aanbevelingen ............................................................... 18 7.1 Samenvatting ........................................................................................................ 18 7.2 Conclusies en aanbevelingen ............................................................................. 18

Quickscan water

Buro Ontwerp & Omgeving

BIJLAGEN 1 Regionale ligging en kadastrale kaart 2 Tekening doorlatendheidsonderzoek 3 Boorprofielen doorlatendheidsonderzoek 4 Rekensheets doorlatendheidsonderzoek 5 Uitgevoerde weging van het waterbelang

1

Quickscan water

1.

Buro Ontwerp & Omgeving

Inleiding In opdracht van Wonion is door Buro Ontwerp & Omgeving een quickscan water opgesteld voor de locatie bekend als Graaf van Lohnstraat en Juliana van Stolbergstraat in Varsseveld (gemeente Oude IJsselstreek).

1.1

Aanleiding Aanleiding voor de quickscan water is de voorgenomen sloop en nieuwbouw van woningen, en de herinrichting van het projectgebied. De quickscan water dient als onderbouwing voor de voorgenomen ontwikkeling, en geeft een invulling aan voor de toekomstige inrichting voor hemelwater, huishoudelijk afvalwater, grond- en oppervlaktewater. De analyse vormt de basis voor de toekomstige waterhuishouding binnen het projectgebied, alsmede de civieltechnische uitwerking van het hemelwatersysteem.

1.2

Doel van de quickscan water Voor het ruimtelijke plan moet worden aangetoond dat de waterhuishouding ter plaatse niet negatief wordt beïnvloed door de beoogde ruimtelijke ontwikkeling. Om de gevolgen in kaart te brengen, dient het ‘het wateradvies’ te worden aangevraagd. Naar aanleiding van deze scan van de wateraspecten, geeft waterschap Rijn en IJssel, in samenwerking met de gemeente, advies en uitgangspunten met betrekking tot de waterhuishouding. Het doel van de scan van de wateraspecten is water-belangen evenwichtig mee te nemen in het planvormingsproces van het rijk, provincies en gemeenten. Hiermee wordt een veilig, gezond en duurzaam watersysteem nagestreefd. Via ‘het wateradvies’ is beoordeeld of en welke waterbelangen voor het plan relevant zijn. Voor dit plan is op 20 maart 2025 ‘het wateradvies’ aangevraagd. Hieruit blijkt dat de ‘normale procedure’ doorlopen moet worden, waarbij er overleg met waterschap gevoerd dient te worden. In bijlage 5 is de samenvatting van het wateradvies opgenomen. Deze quickscan is gebaseerd op de bij Buro Ontwerp & Omgeving bekende gegevens, met uitzondering van de doorlatendheid zijn de gegevens afkomstig van (openbare) bronnen.

1.3

Opbouw van de quickscan water In het volgende hoofdstuk wordt ingegaan op de ligging van het projectgebied, de huidige situatie binnen het projectgebied en de situatie binnen het projectgebied nadat de ontwikkeling is gerealiseerd. In hoofdstuk 3 volgen de gebiedskenmerken van het projectgebied en de omgeving. De gebiedskenmerken hebben invloed op het functioneren van het watersysteem ter plaatse en geven inzicht in de (on)mogelijkheden van eventuele waterhuishoudkundige maatregelen. Het relevante beleid van het waterschap en de gemeente zijn weergegeven in hoofdstuk 4, uitvoering en resultaten van het doorlatendheidsonderzoek zijn opgenomen in hoofdstuk 5. De hoofdstukken 2 tot en met 5 leiden tot de waterhuishoudkundige consequenties en uitgangspunten voor het initiatief in hoofdstuk 6. Het zevende en laatste hoofdstuk bevat een conclusie en advies.

2

Quickscan water

2.

Projectgebied

2.1

Ligging projectgebied

Buro Ontwerp & Omgeving

Het projectgebied is gelegen in het zuidwesten van Varsseveld, en betreft de woningen, achterpaden, trottoirs en groenstroken tussen de Graaf van Lohnstraat en de Juliana van Stolbergstraat. Op onderstaande afbeelding 1 is de begrenzing van het projectgebied weergegeven.

Afbeelding 1: Situering projectgebied

Het gebied staat kadastraal bekend als gemeente Varsseveld, sectie I, nummers 88, 531 en 532 en 2581. Ook delen van de percelen E 4428 en I 87 maken deel uit van het projectgebied. In de huidige situatie is het projectgebied bebouwd met woningen en schuurtjes en deels in gebruik als tuin of groenstrook. In onderstaande Tabel 1 is een overzicht van de verharde en onverharde oppervlaktes van het gehele projectgebied in de huidige situatie opgenomen. Uitgangspunt hierbij is dat de voor- en achtertuinen voor 75% voorzien zijn van verhardingen (oprit, berging en overige verhardingen). Tabel 1: Overzicht verhard/onverhard oppervlak huidige situatie projectgebied Deel projectgebied

Oppervlakte (m2)

Bebouwing

Circa 1.990

Verhardingen in tuinen (75% van 5.350 m )

Circa 4.010

Achterpaden, parkeerplaatsen en trottoirs

Circa 1.230

Subtotaal verhard

Circa 7.230

2

Onverharde delen in tuinen (25% van 5.350 m2)

Circa 1.340

Groenstroken, noordzijde en zuidzijde

Circa 630

Subtotaal onverhard

Circa 1.970

Totaal oppervlak projectgebied

Circa 9.200

3

Quickscan water

2.2

Buro Ontwerp & Omgeving

Toekomstige situatie De voorgenomen ontwikkeling betreft de renovatie van 32 huurwoningen en de sloop van 7 hoekwoningen ten behoeve van de nieuwbouw van 14 benedenboven woningen. Bij de renovatie zullen de daken afgekoppeld worden van de riolering, en aangesloten worden op de (nog te realiseren) hemelwaterriolering (IT riolering). Als onderdeel van de renovatie zullen nieuwe bergingen gerealiseerd worden, welke voorzien worden van een groen dak. In de groenstrook ten noorden en ten zuiden van het projectgebied zullen 16 parkeerplaatsen gerealiseerd worden, welke voorzien worden van een waterdoorlatende verharding. De thans aanwezige, langs de Graaf van Lohnstraat en de Juliana Van Stolbergstraat gesitueerde, parkeerplaatsen en trottoirs, zullen niet meegenomen worden in de reconstructie. Afbeelding 1 geeft de voorgenomen inrichting van het projectgebied weer.

Afbeelding 2: voorgenomen inrichting (Aveco de Bondt, maart 2025)

In de toekomstige situatie zal de verharding op basis van het ontwerp circa 7.380 m2 betreffen, zie onderstaande tabel 2. Uitgangspunt hierbij is dat de nieuw te realiseren parkeerplaatsen voorzien zullen worden van een waterdoorlatende verharding, welke voor 70% als verharding gerekend kan worden. Bij de reconstructie zal het verhard oppervlak met circa 150 m2 toenemen. Tabel 2: overzicht verhard/onverhard oppervlak toekomstige situatie projectgebied Deel projectgebied

Oppervlakte (m2)

Bebouwing

Circa 1.990

Verhardingen in tuinen (75% van 5.350 m )

Circa 4.010

Achterpaden, parkeerplaatsen en trottoirs

Circa 1.230

Nieuw te realiseren parkeerplaatsen, waterdoorlatend (70% van 215 m2 als verhard)

Circa 150

2

Subtotaal verhard

Circa 7.380

Onverharde delen in tuinen (25% van 5.350 m2)

Circa 1.340

Groenstroken, noordzijde en zuidzijde

Circa 430

Nieuw te realiseren parkeerplaatsen, waterdoorlatend (30% van 215 m2 als onverhard)

Circa 50

Subtotaal onverhard

Circa 1.820

Totaal oppervlak projectgebied

Circa 9.200

4

Quickscan water

Buro Ontwerp & Omgeving

3.

Gebiedskenmerken

3.1

Algemeen In dit hoofdstuk worden de omgevingskenmerken van het projectgebied besproken die invloed hebben op het functioneren van het watersysteem ter plaatse. Dit betreft de beschrijving van de maaiveldhoogten, bodemopbouw, geohydrologische situatie, grondwaterstanden, oppervlaktewater en de riolering.

3.2

Maaiveldhoogte Binnen en rondom het projectgebied is een terreinmeting uitgevoerd (Siegers Landmeetkunde B.V.). Uit deze meting blijkt dat er weinig variatie is tussen de maaiveldhoogtes op de diverse delen van de locatie. Het maaiveld binnen het projectgebied is op een hoogte van circa 18,7 m +NAP gelegen. Het vloerpeil van de woningen bedraagt circa 18,9 +NAP of 19,0 m +NAP, de maaiveldhoogte van de achterpaden bedraagt circa 18,5 m +NAP. De trottoirs aan de voorzijde zijn gelegen op een hoogte van circa 18,7 m +NAP, het niveau van de Graaf van Lohnstraat en Juliana van Stolbergstraat varieert tussen de 18,6 m +NAP (midden rijbaan) en 18,5 m +NAP zijkanten ter hoogte trottoirs). De groenstroken aan de noord- en zuidzijde hebben een maaiveldhoogte van circa 18,7 m +NAP.

3.3

Geohydrologische bodemopbouw De bodemopbouw is van belang omdat de textuur en samenstelling van de bodem bepalen hoe makkelijk water kan infiltreren en hoe goed de bodem water vasthoudt. Volgens de Bodemkaart van Nederland betreft de bodem op de locatie en in de omgeving een hoge enkeerdgrond, welke is opgebouwd uit leemarm en zwak lemig fijn zand. Voor het bepalen van de opbouw van de bodem binnen het projectgebied is het DINOloket geraadpleegd. In Tabel 3 is de hydrologische bodemopbouw weergegeven. Tabel 3 Geohydrologische bodemopbouw (DINOloket) Diepte (m-mv) 0 – 9,2

9,2 – 24 24 – 35

3.4

Beschrijving

Formatie

Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden en fijn zand, met weinig zandige klei en grof zand en een spoor klei, veen en grind Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden en grof zand, met weinig zandige klei, fijn zand en grind en een spoor klei en veen Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden en grof zand, met weinig fijn zand en grind en een spoor klei, zandige klei en veen

Formatie van Boxtel Formatie van Kreftenheye Formatie van Urk

Uitgevoerd bodemonderzoek Onderdeel van deze quickscan is een onderzoek naar de doorlatendheid van de bodem. Hierbij zijn, verspreid over het projectgebied, 3 boringen tot 4,0 m-mv geplaatst om de opbouw van de bodem vast te stellen.

5

Quickscan water

Buro Ontwerp & Omgeving

De boringen zijn op 27 januari 2025 geplaatst, in combinatie met uitvoering van een verkennend bodemonderzoek. De locatie van deze boringen en de infiltratiemetingen is weergegeven op de situatietekening in bijlage 2. Uit de boringen blijkt dat de bovengrond matig grof, zwak siltig zand betreft. Tot een boordiepte van circa 0,8 m-mv is deze bodemlaag zwak humeus. Onder de tegels van de achterpaden (boring 11) is een laag van circa 0,3 m straatzand aanwezig. De onderliggende bodem betreft matig fijn tot matig grof zwak tot sterk siltig zand. In deze bodemlagen is roest (sporen tot laagjes) en/of leem (laagjes) aanwezig. In de noordelijke groenstrook (boring 01) bevat de bodemlaag van circa 0,8 tot 1,0 ijzeroer. 3.5

Grondwater

3.5.1 Grondwaterstromingsrichting Op basis van de isohypsen van TNO (www.grondwatertools.nl) blijkt dat het grondwater in het projectgebied in westelijke richting stroomt. Op onderstaande afbeelding 7 is het projectgebied weergegeven op de kaart met isohypsen.

Afbeelding 7: Isohypsen rondom projectgebied (Grondwatertools.nl)

3.5.2 Grondwaterstanden De grondwaterstand fluctueert gedurende het jaar. In de winter worden vaak de hoogste grondwaterstanden gemeten en de laagste standen worden in de zomer gemeten. De jaarlijkse variatie van de grondwaterstand op een locatie kan worden gekarakteriseerd door de gemiddeld hoogste (GHG) en gemiddeld laagste grondwaterstand (GLG). Met de GHG kan worden bepaald of er binnen een projectgebied mogelijkheden zijn voor infiltratie/ waterberging. Daarnaast heeft de GHG invloed op het gebruik van het projectgebied. Er dient afhankelijk van het gebruik een minimale afstand aanwezig te zijn tussen het maaiveldniveau en de GHG. Deze ontwateringsdiepte moet voldoende zijn om problemen met bijvoorbeeld draagkracht en natte kelders te voorkomen. Tijdens de bemonstering van het grondwater op 6 februari 2025 is het grondwater aangetroffen op circa 1 m-mv. 6

Quickscan water

Buro Ontwerp & Omgeving

Om een inschatting te maken van de GHG is gekeken naar de beschikbare monitoringspeilbuizen van het DINOloket (TNO) in de buurt van het projectgebied. Hieruit blijkt dat in de nabijheid van de projectlocatie drie monitoringspeilbuizen aanwezig zijn. In afbeelding 8 is ligging van de betreffende peilbuizen en het projectgebied weergegeven. B41A0093 B41A0543

B41A0257

Afbeelding 8: Monitoringsbuizen omgeving projectgebied (bron: www.grondwatertools.nl)

Tabel 5 geeft de (statistisch) berekende grondwaterstanden van deze buizen weer. Tabel 5: Grondwaterstanden omgeving (DINOloket) Hoogte (m +NAP)

GHG

G-gem

GLG

Aanduiding buis

Locatie

B41A0257

Circa 700 m ter 18,28 17,44 0,84 17,16 1,12 16,23 zuidwesten Circa 690 m ten 18,59 17,76 0,83 17,42 1,17 16,37 noordoosten Circa 1.300 m ten 19,42 18,27* 1,15 17,66* 1,76 16,88* noordoosten Te weinig data voor betrouwbare GHG/GLG, op basis 10 en 90 percentielwaarde

B41A0093 B41A0543 *

m +NAP

m -mv

m +NAP

m -mv

m +NAP

m -mv 2,05 2,22 2,54

Op basis van deze gegevens, de maaiveldhoogte van deze buizen en het projectgebied (en de stromingsrichting van het grondwater) wordt er een GHG aangehouden van circa 17,6 m +NAP (circa 1,1 m-mv). Voor de GLG is op basis van deze gegevens een stand van circa 16,8 m +NAP (circa 2,1 m -mv) aangehouden. 3.5.3 Grondwateronttrekking Het projectgebied bevindt zich niet in een grondwaterwingebied of boringsvrije zone. Eventuele andere (industriële) onttrekkingen grondwater in de omgeving zijn niet bekend. 3.6

Oppervlaktewater Voor het bepalen van de aanwezige watergangen binnen het projectgebied en in de directe omgeving is de leggerkaart van waterschap Rijn en IJssel geraadpleegd. Uit deze leggerkaart blijkt dat er geen oppervlaktewater aanwezig is binnen het projectgebied. 7

Quickscan water

Buro Ontwerp & Omgeving

Op circa 350 meter ten noordwesten (leidingvak LV54760029) en circa 300 ten zuiden (leidingvak LV54760011) zijn watergangen in beheer van het waterschap aanwezig. Het projectgebied is op de leggerkaart weergegeven op afbeelding 9. Het projectgebied is niet gelegen in een peilgebied met vaste waterpeilen, water stroomt onder vrij verval af.

Afbeelding 9: watergangen in beheer van het waterschap in de omgeving van het projectgebied

3.7

Klimaatatlas De gemeente Oude IJsselstreek heeft een klimaatatlas opgesteld. De klimaatatlas maakt duidelijk op welke klimaateffecten we ons moeten instellen, zoals extreme neerslag waarbij wateroverlast kan optreden. Op de kaarten in is het risico van wateroverlast in beeld gebracht voor een klimaatbui met respectievelijk een kans van eens per 100 jaar (70 mm in 1 uur) en eens per 1.000 jaar (160 mm in 2 uur). Op de kaarten in afbeelding 10 en afbeelding 11 is te zien dat het projectgebied, op basis van het model, in de huidige staat weinig gevoelig is voor wateroverlast als gevolg van extreme neerslag. In de achterpaden en op de wegen zal bij de beide scenario’s plasvorming optreden. Zowel de Graaf van Lohnstraat als de Juliana van Stolbergstraat zijn minder toegankelijk bij de twee neerslaggebeurtenissen.

8

Quickscan water

Buro Ontwerp & Omgeving

Afbeelding 10: projectgebied en omgeving bij een bui van 70 mm in één uur

Afbeelding 11: Projectgebied bij een bui van 160 mm in twee uur

3.8

Vuil- en hemelwater In zowel de Graaf van Lohnstraat als de Juliana van Stolbergenlaan is een gemengde riolering aanwezig. Ten noorden (Oranjestraat) en ten zuiden (Arentzenstraat) is een IT riolering aanwezig. In de huidige situatie zijn de daken van de woningen aangesloten op de gemengde riolering. De bergingen van de woningen wateren af op het achterpad. Uit een inspectie blijkt dat aan de westzijde van het achterpad een gootje bestaande uit klinkers aanwezig, voor de afvoer van hemelwater. In dit gootje zijn in totaal zes straatkolken aanwezig, waarin aansluitingen (PVC) zijn aangetroffen. 9

Quickscan water

Buro Ontwerp & Omgeving

Het vermoeden bestaat dat deze leiden naar de (gemengde) riolering. Bij de inspectie is tevens vastgesteld dat deze kolken over het algemeen vol zitten met zand en plaatselijk afval. Middels een camera inspectie zal nog vastgesteld worden hoe de kolken (onderling) aangesloten zijn, en of de kolken afwateren op de gemeentelijke riolering. 3.9

Kabels en leidingen Uit de KLIC-melding van het Kadaster, zoals weergegeven in onderstaande afbeelding 13, blijkt dat de kabels en leidingen met name aanwezig zijn onder de trottoirs. Binnen het projectgebied bevinden zich diverse huisaansluitingen. Onder de achterpaden in de groenstroken zijn geen leidingen aanwezig, met uitzondering van de zuidelijke groenstrook, hier is een (recent gerealiseerd) transformatorhuisje met bijbehorende aansluitingen aanwezig.

Afbeelding 133: gegevens KLIC (900 gedraaid)

10

Quickscan water

4.

Relevant beleid

4.1

Waterschap Rijn en IJssel

Buro Ontwerp & Omgeving

Ruimte maken voor water, in plaats van ruimte onttrekken aan water, is de kern van het waterbeleid voor de 21e eeuw. Het is essentieel dat het aspect water vanaf de start van de ontwikkeling van een ruimtelijk plan goed aan de orde komt. Elke ruimtelijke ontwikkeling biedt de kans om de wateraspecten integraal mee te nemen, zodat de doelstellingen van het plan optimaal gerealiseerd kunnen worden, zonder dat dit nadelen heeft voor de omgeving, zoals verdroging of wateroverlast. Het waterschap heeft een document opgesteld (Uitgangspunten voor waterneutraal bouwen, juni 2021) waarin toegelicht wordt op welke manier ze om willen gaan met de kwantitatieve aspecten van het waterbeheer bij stedelijke ontwikkelingen, zodat deze ontwikkelingen waterneutraal kunnen plaatsvinden (waterneutraal bouwen). Daarbij is er in het bijzonder aandacht voor situaties met extreme hoeveelheden neerslag en situaties van droogte. Doelen zijn, wateroverlast voorkomen, verdroging voorkomen en schoon water schoonhouden door regenwater te scheiden van afvalwater en hemelwater dat afstroomt via daken en wegen via een bodempassage en niet rechtstreeks te laten afstromen naar het oppervlaktewater. Uitgangspunten zijn waterneutraal en klimaatrobuust bouwen.

Om waterneutraliteit te bereiken zijn er bij ontwikkelingen, waarbij er sprake is van een toename van verhard oppervlak door gebouwen én bestratingen, maatregelen nodig om voldoende water te kunnen vasthouden of bergen binnen het projectgebied. Bij een nieuwe ontwikkeling (van onverhard naar verhard) kan als vuistregel genoemd worden dat van de maatregelen om voldoende water vast te kunnen houden, ca. 90% van de compensatie nodig is om waterneutraal te blijven en ca. 10% om daarbij ook klimaatrobuust te zijn. In ruimtelijke plannen met een toename van verharding zijn infiltratie- of waterbergende voorzieningen nodig om het plan waterneutraal te maken. Aan de benodigde maatregelen voor waterneutraliteit en het rekening houden met klimaatverandering (klimaatrobuustheid) worden voorwaarden gesteld welke afhankelijk zijn van het gebied en het type ontwikkeling. De projectlocatie is groter dan 1.500 m2. Hiermee wordt het in principe gezien als een nieuwe stedelijke ontwikkeling binnen de bebouwde kom. Een grote vernieuwingsopgave biedt de kans om het gehele projectgebied waterneutraal te maken ten opzichte van wanneer dit gebied onverhard zou zijn. Om wateroverlast te voorkomen, wordt als uitgangspunt gehanteerd, dat een bui, die ca. eens per 100 jaar voorkomt (bui T100), in het projectgebied wordt geborgen en vertraagd wordt afgevoerd naar het grond- en/of oppervlaktewater.

Ook hier houden we rekening met klimaatontwikkeling door de bui met 10% te vergroten (bui T100+10%). De minimale bergingseis welke hierbij van toepassing is betreft 80 mm. De benodigde waterbergingscompensatie wordt als volgt berekend: Aantal m3 berging = 80 mm × oppervlak (m2) toename verharding. Als het bestaande watersysteem benedenstrooms buiten het projectgebied (met de huidige oppervlakte aan verharding) al aantoonbaar robuust is en goed functioneert, is maatwerk mogelijk. Het is dan niet nodig om volledig waterneutraal ten opzichte van onverhard gebied te ontwikkelen. De minimale bergingseis betreft dan 20 mm.

11

Quickscan water

4.2

Buro Ontwerp & Omgeving

Gemeente Oude IJsselstreek In het Water en Rioleringsprogramma (WRP) van de gemeente Oude IJsselstreek 2024-2028 staat beschreven hoe de gemeente haar zorgtaken voor afval-, hemel- en grondwater uitvoert. De watertaken van de gemeente bestaan uit het inzamelen en afvoeren of verwerken van stedelijk afvalwater en hemelwater. In het WRP staat beschreven dat er breder gekeken wordt met klimaatveranderingen en de gevolgen hiervan voor de inrichting van de openbare ruimte. Burgers en bedrijven hebben op grond van de Waterwet (artikel 3.5) een eigen verantwoordelijkheid voor het hemelwater dat op eigen terrein valt, de gemeente voor het hemelwater op openbaar gebied. Bij nieuwbouw verwerkt de particulier als het redelijkerwijs mogelijk is het hemelwater op eigen perceel. Als dat niet kan, levert hij het gescheiden van vuilwater aan op de perceelsgrens. De gemeente heeft een verplichting om zich in te spannen om afvloeiend hemelwater in te nemen en te verwerken, zolang een perceeleigenaar redelijkerwijs niet zelf het hemelwater kan verwerken. Ze voldoen aan deze inspanningsverplichting, door aan particulieren een voorziening aan te bieden om het hemelwater in te lozen. Welke voorziening dit is, maakt voor de zorgplicht niet uit, hoewel ze een voorkeur hebben voor gescheiden rioleren. De gemeente zal per geval beoordelen welke voorziening past bij de situatie.

Voor de omgang met hemelwater sluit de gemeente aan bij de landelijke maatlat en hanteert de voorkeursvolgorde: benutten en besparen – vasthouden en infiltreren – bergen – afvoeren. De gemeente streeft ernaar dat bij een piekbui van 70 mm in één uur geen onveilige situaties of schade ontstaan. Dit is de bui uit de landelijke maatlat, die eenmaal in de 100 jaar voorkomt in 2050. Dit is overigens niet op elk terrein en in elke situatie voldoende om wateroverlast te voorkomen. Wateroverlast zoals kortdurend water op straat waarbij het nodig is om laarzen aan te doen, wordt het nieuwe normaal. Overigens kan ook deze ‘maatlatbui’ de komende jaren veranderen als klimaatmodellen daar aanleiding toe geven. Het is belangrijk hier alert op te zijn. Voor nieuwbouw binnen nieuwe ruimtelijke plannen moet altijd een waterparagraaf opgesteld worden, op basis van het programma van eisen met randvoorwaarden en ontwerpgrondslagen voor het waterhuishoudkundige systeem. Met het waterschap maakt de gemeente afspraken over de waterhuishouding in nieuwe gebieden en de aanleg van waterberging. Er wordt daarbij 10% van het bruto-oppervlak beschikbaar gehouden voor water. Hemelwater moet altijd gescheiden van het overig afvalwater worden aangeleverd aan de perceelgrens. Bij voorkeur bovengronds. Op drukriolering mag alleen huishoudelijk afvalwater worden geloosd, daar is het systeem op ontworpen.

Uitgangspunt voor de gemeente Oude IJsselstreek is dat het hemelwater op eigen terrein verwerkt wordt en niet leidt tot overlast op naast gelegen percelen. Als richtlijn kan een berging van 20 mm worden aangehouden waarbij gekeken dient te worden naar de situatie ter plekke en wat daar wenselijk is.

12

Quickscan water

Buro Ontwerp & Omgeving

5.

Doorlatendsheidsonderzoek

5.1

Onderzoekstrategie Het onderzoek is er op gericht om de doorlatendheid van de onverzadigde zone te bepalen. Hierbij is de richtlijn C2510 van de stichting RIONED aangehouden. Op basis van de locatie en de mogelijke infiltratievoorzieningen is maatwerk gehanteerd.

5.2

Uitgevoerde werkzaamheden De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd op 20 februari 2025. De werkzaamheden bestonden uit het uitvoeren van zes doorlatendheidsmetingen in de onverzadigde zone (INF1 t/m INF6). De metingen zijn verspreid door de projectlocatie. De doorlatendheidsmetingen zijn uitgevoerd conform de ‘Contant Head’- methode. Hierbij is gebruik gemaakt van het meetinstrument ‘Aardvark Permeameter’. Allereerst wordt een boorgat gemaakt tot de gewenste infiltratiediepte. In het boorgat wordt een drukmeter geplaatst. Vervolgens wordt constant water toegevoegd tot de grond rondom de drukmeter verzadigd is. De hoeveelheid toegevoegd water komt overeen met de hoeveelheid water dat infiltreert in de bodem. De onderzochte trajecten van de doorlatendheidsmetingen zijn bepaald op basis van de bodemopbouw en de (in eerste instantie) voorgenomen bergingsvoorzieningen. Tijdens de voortgang van het project is echter besloten dat de parkeerplaatsen en trottoirs aan de voorzijde niet meegenomen worden in de ontwikkeling. De bodemlagen en trajecten zijn zo gekozen dat een representatief beeld wordt verkregen. De doorlatendheidsmetingen zijn in duplo uitgevoerd. Tabel 6: overzicht metingen doorlatendheid Meting

5.3

Datum

Zone

Onderzocht traject (m-mv)

INF1

20 februari

Onverzadigd

1,13 – 1,20

INF2

20 februari

Onverzadigd

0,43 – 0,50

INF3

20 februari

Onverzadigd

1,13 – 1,20

INF4

20 februari

Onverzadigd

0,83 – 0,90

INF5

20 februari

Onverzadigd

1,03 – 1,10

INF6

20 februari

Onverzadigd

0,83 – 0,90

Textuur Zand, matig grof en matig siltig. Laagjes roest Zand, matig grof, zwak siltig en zwak humeus Zand, matig grof, zwak siltig en zwak humeus Zand, matig grof en matig siltig. Sporen leem en roest Zand, matig grof en matig siltig. Sporen leem en roest Zand, matig grof en matig siltig. Laagjes roest

Toetsingskader t.b.v. infiltratie De resultaten van de doorlatendheidsmetingen in de onverzadigde zone zijn geclassificeerd op basis van de onderstaande tabel 7 (bron: Cultuurtechnisch Vademecum).

13

Quickscan water

Buro Ontwerp & Omgeving

Tabel 7: classificatie doorlatendheid K-waarde (m/dag)

Classificatie

< 0,01

Zeer slecht doorlatend

0,01 - 0,1

Slecht doorlatend

0,1 - 0,5

Matig doorlatend

0,5 - 1,0

Vrij goed doorlatend

1,0 - 10

Goed doorlatend

> 10

Zeer goed doorlatend

De haalbaarheid van hemelwaterinfiltratie is afhankelijk van de doorlatendheid van de bodem en aan-/afwezigheid van storende lagen (klei/leem/sterk siltig zand). Volgens de leidraad riolering module C2510 ‘Doorlatendheidsonderzoek voor infiltratie en drainage’ is het niet wenselijk om hemelwater te infiltreren via een voorziening aan het maaiveld wanneer sprake is van k-waarden kleiner dan 0,2 m/dag. Op basis van praktijkervaring wordt uitgegaan van een minimale doorlatendheid van 0,5 m/dag waarbij op de gemeten waarde een veiligheidsfactor van 0,5 wordt gehanteerd. 5.4

Resultaten onderzoek Tabel 8 geeft een overzicht van de onderzoeksresultaten van de doorlatendheidsmetingen in de onverzadigde zone. De rekensheets van de uitgevoerde onderzoeken zijn opgenomen in bijlage 4. Tabel 8: overzicht metingen doorlatendheid onverzadigde zone Meting

INF1

Onderzocht traject (m-mv)

1,13 – 1,20

Textuur

K-waarde (m/dag)

Classificatie

Zand, matig grof en matig siltig. Laagjes roest

0,27

Matig doorlatend

0,19

Matig doorlatend

INF2

0,43 – 0,50

Zand, matig grof, zwak siltig en zwak humeus

0,27

Matig doorlatend

0,27

Matig doorlatend

INF3

1,13 – 1,20

Zand, matig grof, zwak siltig en zwak humeus

n.b. *

Slecht doorlatend

n.b. *

Slecht doorlatend

INF4

0,83 – 0,90

Zand, matig grof en matig siltig. Sporen leem en roest

0,40

Matig doorlatend

0,37

Matig doorlatend

Zand, matig grof en matig siltig. Sporen leem en roest

0,27

Matig doorlatend

0,17

Matig doorlatend

Zand, matig grof en matig siltig. Laagjes roest

0,70

Vrij goed doorlatend

0,76

Vrij goed doorlatend

INF5

1,03 – 1,10

INF6

0,83 – 0,90

*

Doorlatendheid dermate laag dat er geen succesvolle meting mogelijk was.

Ter plaatse van de noordelijke groenstrook (meting INF1) is doorlatendheid van circa 0,2 m/dag vastgesteld. Ook ter plaatse van de parkvakken aan de Graaf van Lohnstraat (metingen INF2 en INF5) bedraagt de vastgestelde doorlatendheid circa 0,2 m/dag. In het achterpad varieert de doorlatendheid van minder dan 0,1 (INF3) of circa 0,4 m/dag (INF4). In de zuidelijke groenstrook (INF6) tenslotte bedraagt de gemeten doorlatendheid van de bodem circa 0,7 m/dag. Uit de resultaten blijkt dat de onderzochte bodem in hoofdzaak te classificeren is als ‘slecht tot matig doorlatend’. De onderzochte bodem is, zonder grondverbetering, niet geschikt voor infiltratie van hemelwater. 14

Quickscan water

Buro Ontwerp & Omgeving

6.

Waterhuishoudkundige consequenties en uitgangspunten

6.1

Algemeen In dit hoofdstuk worden de consequenties van de voorgenomen ontwikkeling voor de waterhuishouding behandeld. Daarnaast wordt ingegaan op de waterhuishoudkundige uitgangspunten voor de ontwikkeling.

6.2

Uitgangspunten In onderstaande tabel 10 worden de uitgangspunten die van toepassing zijn op de waterhuishouding in het projectgebied weergegeven. Tabel 10: Uitgangspunten Maaiveldhoogte Infiltratiecapaciteit bovengrond (0 tot 0,5 m-mv Infiltratiecapaciteit ondergrond (>0,5 mmv) GHG

Uitgangspunt

Eenheid

18,7

m +NAP

0,3

m/dag

0,2 – 0,7

m/dag

Bron

17,6 *

m +NAP

Onderhavige analyse Doorlatendheidsonderzoek Doorlatendheidsonderzoek Onderhavige analyse

Huidig verhard oppervlak

Circa 7.230

m2

Onderhavige analyse

Verhard oppervlakte na ontwikkeling Bergingseis gemeente toekomstig verhard opp. Bergingseis waterschap toename verhard opp. Bergingseis waterschap verhard  verhard Ontwatering Bebouwing

Circa 7.380

m

Onderhavige analyse

20

mm

WRP Gemeente

20

mm

Waterschap

mm m-mv m-vloerpeil m-mv

Waterschap Richtlijnen Rioned

Groen

20 0,7 0,9 0,5

Straten

0,7

m-mv

Richtlijnen Rioned

Hoofdwegen

1,0

m-mv

Richtlijnen Rioned

2

Richtlijnen Rioned

* bepaald op basis van literatuur. Er zijn geen veldmetingen uitgevoerd. Het toepassen van materialen die uitlogen (daken met een zinken of koperen dakbedekking) is niet toegestaan

6.3

Peilen In het stedelijk gebied is het waterbeheer gericht op het voorkomen van wateroverlast, omdat hoge grondwaterstanden natte kruipruimten en vochtproblemen in huis kunnen opleveren. Uitgaande van een GHG van 17,6 m +NAP dient de bebouwing op 18,3 m +NAP te liggen en het vloerpeil van de bebouwing op 18,5 m +NAP. Het huidige maaiveld is gelegen op circa 18,7 m +NAP, het vloerpeil bedraagt 18,9 m +NAP. Hiermee wordt voldaan aan de ontwateringseis. Op basis van deze hoogtes van het projectgebied en de naastgelegen wegen is er geen overlast te verwachten ten tijde van hevige neerslag.

15

Quickscan water

Buro Ontwerp & Omgeving

Afbeelding 14 : schematische weergave t.a.v. weg- en vloerpeilen

6.4

Drooglegging In de directe omgeving van het projectgebied is geen oppervlaktewater aanwezig/het projectgebied ligt niet in een peilgebied, er zijn derhalve geen droogleggingseisen van toepassing.

6.5

Bergingsopgave Op basis van de voorgenomen ontwikkeling zal er een toename van circa 150 m2 aan verhard oppervlak gerealiseerd worden. Voor deze toename is door zowel het Waterschap als de gemeente een bergingseis van 20 mm opgesteld. Dit resulteert in een bergingsopgave van circa 3 m3. Daarnaast biedt de bouw en renovatie de mogelijkheid om de woningen en omliggende (openbare) ruimte klimaatrobuust in te richten, waarbij er aanvullende berging van hemelwater gerealiseerd wordt. Naar verwachting is er, middels het aanbrengen van een IT riolering (inclusief een noodoverloop), voldoende bergingscapaciteit aanwezig om schade aan de woningen te voorkomen bij een klimaatbui van 70 mm in één uur. Hierbij dient rekening gehouden te worden met water-op-straat.

6.6

Realisatie berging Binnen het projectgebied dient minimaal 3 m3 hemelwater geborgen te worden. Hemelwater dient op eigen terrein behandeld te worden volgens de reeks infiltratie-vasthouden-bergen en vertraagd afvoeren. De beoogde nieuwe parkeerplaatsen in de groenstroken ten noorden en ten zuiden van de locatie zullen voorzien worden van waterdoorlatende verharding (b.v. grasbeton). Hierdoor kan hemelwater onder de parkeerplaatsen tijdelijk geborgen worden en infiltreren in de bodem. Hiervoor zal onder de parkeerplaatsen drainerend (grof) zand aangebracht worden. Uit het doorlatendheidsonderzoek blijkt dat bovengrondse infiltratie zonder grondverbetering problematisch is. Voorgesteld wordt om onder deze parkeerplaatsen een drain aan te brengen, welke dan aangesloten kan worden op de nog te realiseren gemeentelijke IT riolering, om het water vertraagd af te voeren. Bij de renovatie van de woningen zullen de daken afgekoppeld worden van het gemengde stelsel. In de toekomstige situatie zal het hemelwater gescheiden van het vuilwater aangeboden worden op de perceelgrens. De gemeente Oude IJsselstreek is voornemens om onder zowel de Juliana van Stolbergstraat als de Graaf van Lohnstraat een nieuw infiltratieriool aan te brengen. Hierop zal dan de hemelwaterafvoer op aangesloten worden. 16

Quickscan water

Buro Ontwerp & Omgeving

Onderdeel van de renovatie zijn de bergingen achter de woningen. De nieuwe bergingen zullen worden voorzien van een groen dak (dak met begroeiing). Deze daken zullen een deel van het hemelwater bergen, wat resulteert in een mindere belasting van de kolken in de achterpaden. 6.7

Vuilwater In overleg met de gemeente zal bekeken moeten worden of en hoe de te nieuw realiseren woningen op het bestaande rioolsysteem aangesloten kunnen worden. De toename van de DWA (droogweerafvoer) wordt bepaald door de piekafvoer en het (gemiddeld) aantal bewoners. • •

Piekafvoer afvalwater: 10 liter per uur en 120 liter per dag per inwoner (alleen overdag wordt berekend); Gemiddelde bezetting per nieuwe woning (BeBo): 2,1 inwoners.

De verwachtte toename in het DWA bij een piekbelasting betreft circa: Aantal woningen x 2,5 inwoner/woning x 0,01 m³/uur/inw. Thans zijn binnen het projectgebied 39 woningen aanwezig, de huidige DWA productie bedraagt naar inschatting circa 39 x 2,5 x 0,01 m³/uur/inw. = 0,98 m3. In de nieuwe situatie zullen binnen het projectgebied 7 extra woningen (beneden/boven) gerealiseerd worden. Dit resulteert in een toename van de DWA productie bij piekbelasting bedraagt van naar inschatting circa 0,15 m3.

17

Quickscan water

7.

Samenvatting, conclusies en aanbevelingen

7.1

Samenvatting

Buro Ontwerp & Omgeving

De initiatiefnemer is voornemens om 32 woningen aan de Graaf van Lohnstraat en de Juliana van Stolberglaan te renoveren, en 7 hoekwoningen te slopen ten behoeve van 14 benedenbovenwoningen. In totaal worden er 7 woningen toegevoegd. Voor het ruimtelijke plan is een analyse van de waterhuishouding uitgevoerd. Uit de analyse blijkt het volgende: • • •

• • •

• •

7.2

De bovengrond van onderhavig projectgebied bestaat uit matig grof, zwak siltig en overwegend humeus zand; De ondergrond betreft matig grof en matig tot sterk siltig zand, plaatselijk bevat de ondergrond leem en roest; De bodem tot een diepte van circa 1 m-mv niet geschikt voor infiltratie van hemelwater, op basis van de opbouw zijn de diepere bodemlagen waarschijnlijk ook minder geschikt; Het maaiveld van het projectgebied varieert tussen de circa 18,6 en 19,0 m +NAP; De gemiddeld hoogste grondwaterstand (GHG) binnen het projectgebied wordt ingeschat op circa 17,6 m-mv (circa 1,1 m +NAP); De ontwikkeling leidt tot een toename van het verharde oppervlak (realisatie extra parkeerplaatsen), hiervoor dient er minimaal circa 3 m3 hemelwater geborgen te worden binnen het projectgebied; Berging van hemelwater zal plaatsvinden onder de te realiseren parkeerplaatsen, op de groene daken (bergingen) en in de (nog aan te brengen) IT riolering onder de wegen; In de toekomstige situatie dient rekening gehouden te worden met een toename aan DWA (droog-weerafvoer) van maximaal circa 0,15 m3/uur (piekbelasting).

Conclusies en aanbevelingen Gezien de resultaten van onderhavige analyse worden er met de voorgenomen ontwikkelingen binnen het projectgebied geen negatieve gevolgen verwacht voor de waterhuishouding ter plaatse. Het aspect water vormt daarmee geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van de voorgenomen ontwikkeling. Naar verwachting leidt de toename van DWA niet tot problemen met de capaciteit van de vuilwaterriolering. Door het afkoppelen van de woningen zal de capaciteit (sterk) toenemen. De uiteindelijke wijze van berging dient afgestemd te worden met de gemeente en het waterschap. Het hemelwatersysteem dient in een latere fase verder gedimensioneerd en civieltechnisch uitgewerkt te worden. Aanbevolen wordt om het vloerpeil minimaal 20 cm hoger te realiseren dan de aangrenzende parkeerplaatsen. Hiermee wordt voorkomen dat water de woning binnenstroomt als er bij heftige buien water op straat staat.

18

Bijlage 1 Regionale ligging en kadastrale kaart

Regionale ligging

Bron: https://www.pdok.nl/viewer/

Hier bevindt zich de onderzoeksloca e

Kadastrale kaart

Uw referentie: 4177.01

Deze kaart is noordgericht

12345 25

Schaal 1: 1000

Perceelnummer Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens

Kadastrale gemeente Sectie Perceel

Varsseveld I 532

Bebouwing Voor een eensluidend uittreksel, geleverd op 30 januari 2025 De bewaarder van het kadaster en de openbare registers

Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor, waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.

Bijlage 2 Situatietekening doorlatendheidsonderzoek

2

VSV00E 04535G0000

VSV00E 04532G0000

VSV00E 04533G0000

82

84

VSV00E 04534G0000

VSV00I 00249G0000

86

t aa

88

VSV00E 04460G0000

18

m

VSV00I 00248G0000

20

str nje

e

ine

a Or

o Th

m Do

90

39

VSV00I 00088G0000

01 INF1

37

at

VSV00I 00079G0000 VSV00I 00078G0000

VSV00I 00259G0000

35

53

20

33

VSV00E 04404G0000

22

B

D

31

68

INF2

ule

a str ns

INF3

70

51

e

ine om

VSV00I 00258G0000

72

VSV00E 04405G0000

VSV00I 00077G0000

at tra ns o s

VSV00E 04598G0000

29 66

16

VSV00I 01919G0000

27 64

20

25

49

VSV00E 04406G0000

VSV00I 00532G0000

r te

na

23

21

58

19

56

12

11

14

52

Gra

39

af v Loh

gs

Huisnummer

10

VSV00I 01238G0000

Onderzoekslocatie

VSV00I 02087G0000

12

B

Infiltratiemeting

14

Boring tot 4,0 m-mv

16

11 VSV00I 02086G0000

1

9

20

46

raa

t aa

22

t

VSV00E 04413G0000

kin ec

48

nst

35

Bebouwing 14

13

50

an

37

VSV00E 04412G0000

15

Kadastrale grens

t

a tra

24

41

VSV00E 04411G0000

6 8

22

VSV00I 00531G0000

VSV00I 00084G0000

20

VSV00E 04410G0000

LEGENDA

4

18

17

54

2

16

at

VSV00E 04409G0000

0 meter 25 20 15 5

10

VSV00I 02111G0000

D

stra

43

8

erg

45

va

lb Sto

60 VSV00E 04408G0000

VSV00I 00087G0000

4 6

Ee

VSV00I 00082G0000

es sW

van

62

at tra

VSV00I 00081G0000

n

ek be

22

ia Jul

47 VSV00E 04407G0000

ns rte

18

tr ns tze n e

24

44

Ar

7 33

VSV00E 04414G0000

INF4 31

VSV00E 04415G0000

VSV00I 00091G0000

5

42

3 40

1

10

38

INF5

29

36

VSV00E 04416G0000

VSV00I 02581G0000

27

13

19

VSV00E 04428G0000

VSV00I 00092G0000

21

25

VSV00E 04565G0000

25 27

23 VSV00E 04566G0000 VSV00E 05214G0000

21

40

50 meter

Locatie:

Graaf van Lohnstraat Varsseveld

Type:

Infiltratieonderzoek

Omschrijving:

Situatietekening

Projectnr:

4177.01

Schaal:

1 : 1000

Datum:

18-02-2025

Getekend:

RS

Tekeningnr:

1

15

INF6 19

VSV00E 04417G0000

30

Aan de maten kunnen geen rechten worden ontleend.

VSV00I 02582G0000

34

20

29

23

01

/N0

15

VSV00E 04418G0000

Bestandsnaam: 4177.02

Formaat:

A3

N

Bijlage 3 Boorprofielen doorlatendheidsonderzoek

Boring:

01

Datum:

27-1-2025 0

0

groenstrook

Boring:

11

Datum:

27-1-2025

Zand matig grof, zwak siltig, matig humeus, matig plantenresten houdend, donker zwartbruin, Edelmanboor

1

0

0

tegel

6

Zand matig grof, zwak siltig, sporen roest, neutraal cremebruin, Edelmanboor

1 40

50

Zand matig grof, matig siltig, matig humeus, matig plantenresten houdend, donker zwartbruin, Edelmanboor

50 2 2 80

3 100

100

80

Zand matig fijn, zwak siltig, sporen ijzeroer, laagjes roest, neutraal roestbruin, Edelmanboor

100

Zand matig grof, matig siltig, laagjes roest, neutraal roestbruin, Edelmanboor

4

Zand matig grof, matig siltig, sporen plantenresten, sporen roest, sporen leem, donker cremebruin, Edelmanboor

3 110

Zand matig grof, sterk siltig, laagjes leem, laagjes roest, neutraal roestbruin, Edelmanboor

130

Zand matig grof, sterk siltig, laagjes leem, sporen roest, neutraal cremebruin, Edelmanboor

5 150

4 150

160

160

Zand matig grof, matig siltig, sporen leem, neutraal cremebruin, Edelmanboor

6

Zand matig grof, matig siltig, sporen leem, neutraal grijsbruin, Zuigerboor handmatig 5

200

200

200 Zand matig grof, matig siltig, neutraal cremebruin, Zuigerboor handmatig

7 6

250

250

250

250 Zand matig grof, zwak siltig, neutraal cremebruin, Zuigerboor handmatig

Zand matig grof, zwak siltig, sporen roest, neutraal cremebruin, Zuigerboor handmatig

8

7

300

300

9

8

350

350

350

Zand matig grof, zwak siltig, licht cremebruin, Zuigerboor handmatig 10

400

9

400

400

400

Project: Graaf van Lohnstraat Varsseveld Projectnummer: 4177.01 'getekend volgens NEN 5104'

Boring:

19

Datum:

27-1-2025 0

0

groenstrook

Boring:

INF1

Datum:

20-2-2025

0

0

Zand matig grof, zwak siltig, matig humeus, matig plantenresten houdend, donker zwartbruin, Edelmanboor

1

50

groenstrook Zand matig grof, zwak siltig, matig humeus, matig plantenresten houdend, donker zwartbruin, Edelmanboor

50 2 70

Zand matig grof, matig siltig, laagjes roest, neutraal roestbruin, Edelmanboor

80

3 100

100

100

Zand matig fijn, zwak siltig, sporen ijzeroer, laagjes roest, neutraal roestbruin, Edelmanboor

120

Zand matig grof, matig siltig, laagjes roest, neutraal roestbruin, Edelmanboor

4 150

150

Zand matig grof, matig siltig, sporen roest, laagjes leem, donker cremebruin, Edelmanboor 5

200

6

250

250

Zand matig grof, zwak siltig, sporen roest, neutraal cremebruin, Zuigerboor handmatig 7

300

8

350

9

400

400

Project: Graaf van Lohnstraat Varsseveld Projectnummer: 4177.01 'getekend volgens NEN 5104'

Boring:

INF2

Datum:

20-2-2025

0

Boring:

INF3

Datum:

20-2-2025

0

klinker

0

tegel

6

Klinker

6

Tegel

Zand matig grof, zwak siltig, licht cremebruin, Edelmanboor

20

Zand matig grof, zwak siltig, sporen grind, lichtgrijs, Edelmanboor

0

Zand matig grof, matig siltig, matig humeus, matig plantenresten houdend, donker zwartbruin, Edelmanboor

30

50

50

Zand matig grof, matig siltig, zwak humeus, sporen plantenresten, sporen roest, donker cremebruin, Edelmanboor

50

70

Zand matig grof, zwak siltig, zwak humeus, sporen plantenresten, neutraal cremebruin, Edelmanboor 100

120

Boring:

INF4

Datum:

20-2-2025

0

0

tegel

6

Tegel

Boring:

INF5

Datum:

20-2-2025

0

0

klinker

6

Klinker

Zand matig grof, matig siltig, zwak humeus, sporen plantenresten, sporen roest, donkerbruin, Edelmanboor

50

Zand matig grof, matig siltig, zwak humeus, sporen plantenresten, sporen roest, donkerbruin, Edelmanboor

50

70

90

70

Zand matig grof, matig siltig, sporen leem, sporen roest, neutraal roestbruin, Edelmanboor

Zand matig grof, matig siltig, sporen leem, sporen roest, neutraal roestbruin, Edelmanboor 100 110

Boring:

INF6

Datum:

20-2-2025

0

0

groenstrook Zand matig grof, zwak siltig, matig humeus, matig plantenresten houdend, donker zwartbruin, Edelmanboor

50

70

90

Zand matig grof, matig siltig, laagjes roest, neutraal roestbruin, Edelmanboor

Project: Graaf van Lohnstraat Varsseveld Projectnummer: 4177.01 'getekend volgens NEN 5104'

Bijlage 4 Rekensheets doorlatendheidsonderzoek

Location: Varsseveld Site: INF1a Time interval between readings:

1 minute Ksat Method:

Glover Solution

Steady Flow Rate Condition

Steady Flow Rate achieved when Water Consumption Rate changes less than +/- 12 % for 5 consecutive readings

Steady Flow Rate:

9,241 ml/min

Temp. Adj. FR:

9,242 ml/min

Percolation Rate:

8,498 min/cm

Ksat:

Notes:

0,27 Meters / day

Site GPS Position

10 cm

Hole Diameter

0ºC

Water Temperature

120 cm

Hole Depth

7 cm

Water Height in Hole

Water Table Depth Soil Texture-Structure Category:

Degrees

Minutes

Seconds

Longitude:

0

0

0

East

Latitude:

0

0

0

North

Water Consumption Rate

Total Water Consumed

Time

Reservoir Water Level

Elapsed Time Interval

Interval Water Consumed

Total Water Consumed

Water Consumption Rate

08:52:57 08:53:57 08:54:57 08:55:57 08:56:57 08:57:57 08:58:57 08:59:58 09:00:58 09:01:58 09:02:58 09:03:58

9939,8 ml 9794,8 ml 9779,4 ml 9766,8 ml 9756,0 ml 9746,4 ml 9737,6 ml 9729,0 ml 9717,4 ml 9708,6 ml 9700,4 ml 9691,4 ml

1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute

145,0 ml 15,4 ml 12,6 ml 10,8 ml 9,6 ml 8,8 ml 8,6 ml

145,0 ml 160,4 ml 173,0 ml 183,8 ml 193,4 ml 202,2 ml 210,8 ml

145,000 ml/min 15,400 ml/min 12,600 ml/min 10,800 ml/min 9,600 ml/min 8,800 ml/min 8,459 ml/min

8,8 ml 8,2 ml 9,0 ml

219,6 ml 227,8 ml 236,8 ml

8,800 ml/min 8,200 ml/min 9,000 ml/min

Ignore Reading

Yes

Location: Varsseveld Site: INF1b Time interval between readings:

1 minute Ksat Method:

Glover Solution

Steady Flow Rate Condition

Steady Flow Rate achieved when Water Consumption Rate changes less than +/- 10 % for 5 consecutive readings Notes:

Steady Flow Rate:

6,636 ml/min

Temp. Adj. FR:

6,636 ml/min

Percolation Rate:

11,835 min/cm

Ksat:

0,19 Meters / day

Site GPS Position

10 cm

Hole Diameter

0ºC

Water Temperature

120 cm

Hole Depth

7 cm

Water Height in Hole

Water Table Depth Soil Texture-Structure Category:

Degrees

Minutes

Seconds

Longitude:

0

0

0

East

Latitude:

0

0

0

North

Water Consumption Rate

Total Water Consumed

Time

Reservoir Water Level

Elapsed Time Interval

Interval Water Consumed

Total Water Consumed

Water Consumption Rate

09:06:56 09:07:56 09:08:56 09:09:56 09:10:57 09:11:57 09:12:57 09:13:57 09:14:57 09:15:57 09:16:57 09:17:58 09:18:58 09:19:58 09:20:58 09:21:59 09:22:59

9620,8 ml 9609,4 ml 9604,2 ml 9596,6 ml 9591,0 ml 9586,2 ml 9580,4 ml 9572,8 ml 9566,8 ml 9559,0 ml 9552,2 ml 9545,2 ml 9538,6 ml 9532,4 ml 9525,6 ml 9518,8 ml 9512,6 ml

1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute

11,4 ml 5,2 ml 7,6 ml 5,6 ml 4,8 ml 5,8 ml 7,6 ml 6,0 ml 7,8 ml 6,8 ml 7,0 ml 6,6 ml 6,2 ml 6,8 ml 6,8 ml 6,2 ml

11,4 ml 16,6 ml 24,2 ml 29,8 ml 34,6 ml 40,4 ml 48,0 ml 54,0 ml 61,8 ml 68,6 ml 75,6 ml 82,2 ml 88,4 ml 95,2 ml 102,0 ml 108,2 ml

11,400 ml/min 5,200 ml/min 7,600 ml/min 5,508 ml/min 4,800 ml/min 5,800 ml/min 7,600 ml/min 6,000 ml/min 7,800 ml/min 6,800 ml/min 6,885 ml/min 6,600 ml/min 6,200 ml/min 6,800 ml/min 6,689 ml/min 6,200 ml/min

Ignore Reading

Location: Varsseveld Site: INF2a Time interval between readings:

1 minute Ksat Method:

Glover Solution

Steady Flow Rate Condition

Steady Flow Rate achieved when Water Consumption Rate changes less than +/- 10 % for 5 consecutive readings

Steady Flow Rate:

9,160 ml/min

Temp. Adj. FR:

9,161 ml/min

Percolation Rate:

8,573 min/cm

Ksat:

Notes:

0,27 Meters / day

Site GPS Position

10 cm

Hole Diameter

0ºC

Water Temperature

50 cm

Hole Depth

7 cm

Water Height in Hole

Water Table Depth Soil Texture-Structure Category:

Degrees

Minutes

Seconds

Longitude:

0

0

0

East

Latitude:

0

0

0

North

Water Consumption Rate

Total Water Consumed

Time

Reservoir Water Level

Elapsed Time Interval

Interval Water Consumed

Total Water Consumed

Water Consumption Rate

09:29:49 09:30:49 09:31:49 09:32:49 09:33:50 09:34:50 09:35:50 09:36:50 09:37:50 09:38:50 09:39:49 09:40:50 09:41:50 09:42:50 09:43:50 09:44:50

9173,2 ml 8697,6 ml 8670,6 ml 8655,0 ml 8641,4 ml 8627,6 ml 8614,8 ml 8604,4 ml 8594,8 ml 8584,0 ml 8574,4 ml 8565,0 ml 8555,8 ml 8546,6 ml 8538,2 ml 8530,2 ml

1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 59 seconds 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute

475,6 ml 27,0 ml 15,6 ml 13,6 ml 13,8 ml 12,8 ml 10,4 ml 9,6 ml 10,8 ml 9,6 ml 9,4 ml 9,2 ml 9,2 ml 8,4 ml 8,0 ml

475,6 ml 502,6 ml 518,2 ml 531,8 ml 545,6 ml 558,4 ml 568,8 ml 578,4 ml 589,2 ml 598,8 ml 608,2 ml 617,4 ml 626,6 ml 635,0 ml 643,0 ml

475,600 ml/min 27,000 ml/min 15,600 ml/min 13,377 ml/min 13,800 ml/min 12,800 ml/min 10,400 ml/min 9,600 ml/min 10,800 ml/min 9,763 ml/min 9,246 ml/min 9,200 ml/min 9,200 ml/min 8,400 ml/min 8,000 ml/min

Ignore Reading

Location: Varsseveld Site: INF2b Time interval between readings:

1 minute Ksat Method:

Glover Solution

Steady Flow Rate Condition

Steady Flow Rate achieved when Water Consumption Rate changes less than +/- 17 % for 5 consecutive readings

Steady Flow Rate:

9,400 ml/min

Temp. Adj. FR:

9,401 ml/min

Percolation Rate:

8,355 min/cm

Ksat:

Notes:

0,27 Meters / day

Site GPS Position

10 cm

Hole Diameter

0ºC

Water Temperature

50 cm

Hole Depth

7 cm

Water Height in Hole

Water Table Depth Soil Texture-Structure Category:

Degrees

Minutes

Seconds

Longitude:

0

0

0

East

Latitude:

0

0

0

North

Water Consumption Rate

Total Water Consumed

Time

Reservoir Water Level

Elapsed Time Interval

Interval Water Consumed

Total Water Consumed

Water Consumption Rate

09:47:17 09:48:16 09:49:17 09:50:17 09:51:17 09:52:16 09:53:16 09:54:17 09:55:17 09:56:17 09:57:17 09:58:17 09:59:18 10:00:17 10:01:17 10:02:17 10:03:17 10:04:18 10:05:18 10:06:18

8517,0 ml 8509,2 ml 8502,6 ml 8494,0 ml 8484,8 ml 8477,2 ml 8468,2 ml 8458,0 ml 8447,0 ml 8438,4 ml 8431,2 ml 8423,6 ml 8416,4 ml 8407,6 ml 8399,2 ml 8391,2 ml 8380,8 ml 8372,4 ml 8365,4 ml 8358,2 ml

59 seconds 1 minute 1 minute 1 minute 59 seconds 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 59 seconds 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute

7,8 ml 6,6 ml 8,6 ml 9,2 ml 7,6 ml 9,0 ml 10,2 ml 11,0 ml 8,6 ml 7,2 ml 7,6 ml 7,2 ml 8,8 ml 8,4 ml 8,0 ml 10,4 ml 8,4 ml 7,0 ml 7,2 ml

7,8 ml 14,4 ml 23,0 ml 32,2 ml 39,8 ml 48,8 ml 59,0 ml 70,0 ml 78,6 ml 85,8 ml 93,4 ml 100,6 ml 109,4 ml 117,8 ml 125,8 ml 136,2 ml 144,6 ml 151,6 ml 158,8 ml

7,932 ml/min 6,492 ml/min 8,600 ml/min 9,200 ml/min 7,729 ml/min 9,000 ml/min 10,033 ml/min 11,000 ml/min 8,600 ml/min 7,200 ml/min 7,600 ml/min 7,082 ml/min 8,949 ml/min 8,400 ml/min 8,000 ml/min 10,400 ml/min 8,262 ml/min 7,000 ml/min 7,200 ml/min

Ignore Reading

Location: Varsseveld 2 Site: INF3a Time interval between readings:

1 minute Ksat Method:

Glover Solution

Steady Flow Rate Condition

Steady Flow Rate:

Steady Flow Rate achieved when Water Consumption Rate changes less than

Temp. Adj. FR:

+/- 25 % for 5 consecutive readings

Percolation Rate:

Ksat:

Notes:

(undefined) Meters / day

Site GPS Position

10 cm

Hole Diameter

0ºC

Water Temperature

120 cm

Hole Depth

7 cm

Water Height in Hole

Water Table Depth Soil Texture-Structure Category:

Degrees

Minutes

Seconds

Longitude:

0

0

0

East

Latitude:

0

0

0

North

Water Consumption Rate

Total Water Consumed

Time

Reservoir Water Level

Elapsed Time Interval

Interval Water Consumed

Total Water Consumed

Water Consumption Rate

12:40:26 12:41:26 12:42:26 12:43:26 12:44:26 12:45:26 12:46:26 12:47:26 12:48:26 12:49:26 12:50:27 12:51:27 12:52:27 12:53:27 12:54:27 12:55:27 12:56:27 12:57:27 12:58:27

3975,4 ml 3756,6 ml 3747,6 ml 3743,8 ml 3740,2 ml 3738,4 ml 3736,4 ml 3734,8 ml 3734,0 ml 3733,4 ml 3733,2 ml 3732,6 ml 3732,6 ml 3732,2 ml 3732,0 ml 3732,0 ml 3731,8 ml 3731,8 ml 3731,2 ml

1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute

218,8 ml 9,0 ml 3,8 ml 3,6 ml 1,8 ml 2,0 ml 1,6 ml ,8 ml ,6 ml ,2 ml ,6 ml ,0 ml ,4 ml ,2 ml ,0 ml ,2 ml ,0 ml ,6 ml

218,8 ml 227,8 ml 231,6 ml 235,2 ml 237,0 ml 239,0 ml 240,6 ml 241,4 ml 242,0 ml 242,2 ml 242,8 ml 242,8 ml 243,2 ml 243,4 ml 243,4 ml 243,6 ml 243,6 ml 244,2 ml

218,800 ml/min 9,000 ml/min 3,800 ml/min 3,600 ml/min 1,800 ml/min 2,000 ml/min 1,600 ml/min ,800 ml/min ,600 ml/min ,197 ml/min ,600 ml/min ,000 ml/min ,400 ml/min ,200 ml/min ,000 ml/min ,200 ml/min ,000 ml/min ,600 ml/min

Ignore Reading

Location: Varsseveld Site: INF4a Time interval between readings:

1 minute Ksat Method:

Glover Solution

Steady Flow Rate Condition

Steady Flow Rate achieved when Water Consumption Rate changes less than +/- 7 % for 5 consecutive readings Notes:

Steady Flow Rate:

13,880 ml/min

Temp. Adj. FR:

13,881 ml/min

Percolation Rate:

5,658 min/cm

Ksat:

0,4 Meters / day

Site GPS Position

10 cm

Hole Diameter

0ºC

Water Temperature

90 cm

Hole Depth

7 cm

Water Height in Hole

Water Table Depth Soil Texture-Structure Category:

Degrees

Minutes

Seconds

Longitude:

0

0

0

East

Latitude:

0

0

0

North

Water Consumption Rate

Total Water Consumed

Time

Reservoir Water Level

Elapsed Time Interval

Interval Water Consumed

Total Water Consumed

Water Consumption Rate

11:11:14 11:12:14 11:13:14 11:14:14 11:15:14 11:16:15 11:17:15 11:18:15 11:19:15 11:20:15 11:21:14 11:22:15 11:23:15 11:24:15 11:25:15

6578,4 ml 6222,4 ml 6192,4 ml 6176,2 ml 6161,2 ml 6148,8 ml 6130,2 ml 6114,8 ml 6102,0 ml 6088,6 ml 6075,2 ml 6060,4 ml 6046,2 ml 6032,6 ml 6015,4 ml

1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 59 seconds 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute

356,0 ml 30,0 ml 16,2 ml 15,0 ml 12,4 ml 18,6 ml 15,4 ml 12,8 ml 13,4 ml 13,4 ml 14,8 ml 14,2 ml 13,6 ml 17,2 ml

356,0 ml 386,0 ml 402,2 ml 417,2 ml 429,6 ml 448,2 ml 463,6 ml 476,4 ml 489,8 ml 503,2 ml 518,0 ml 532,2 ml 545,8 ml 563,0 ml

356,000 ml/min 30,000 ml/min 16,200 ml/min 15,000 ml/min 12,197 ml/min 18,600 ml/min 15,400 ml/min 12,800 ml/min 13,400 ml/min 13,627 ml/min 14,557 ml/min 14,200 ml/min 13,600 ml/min 17,200 ml/min

Ignore Reading

Location: Varsseveld Site: INF4b Time interval between readings:

1 minute Ksat Method:

Glover Solution

Steady Flow Rate Condition

Steady Flow Rate achieved when Water Consumption Rate changes less than +/- 16 % for 5 consecutive readings

Steady Flow Rate:

12,718 ml/min

Temp. Adj. FR:

12,719 ml/min

Percolation Rate:

6,175 min/cm

Ksat:

Notes:

0,37 Meters / day

Site GPS Position

10 cm

Hole Diameter

0ºC

Water Temperature

90 cm

Hole Depth

7 cm

Water Height in Hole

Water Table Depth Soil Texture-Structure Category:

Degrees

Minutes

Seconds

Longitude:

0

0

0

East

Latitude:

0

0

0

North

Water Consumption Rate

Total Water Consumed

Time

Reservoir Water Level

Elapsed Time Interval

Interval Water Consumed

Total Water Consumed

Water Consumption Rate

11:26:13 11:27:13 11:28:13 11:29:13 11:30:13 11:31:13 11:32:13 11:33:13 11:34:13 11:35:13 11:36:13 11:37:14 11:38:14 11:39:14 11:40:14 11:41:14

6066,6 ml 6040,2 ml 6030,6 ml 6021,4 ml 6011,2 ml 5999,2 ml 5987,4 ml 5977,0 ml 5967,4 ml 5954,6 ml 5942,6 ml 5929,2 ml 5915,0 ml 5903,0 ml 5890,8 ml 5874,2 ml

1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute

26,4 ml 9,6 ml 9,2 ml 10,2 ml 12,0 ml 11,8 ml 10,4 ml 9,6 ml 12,8 ml 12,0 ml 13,4 ml 14,2 ml 12,0 ml 12,2 ml 16,6 ml

26,4 ml 36,0 ml 45,2 ml 55,4 ml 67,4 ml 79,2 ml 89,6 ml 99,2 ml 112,0 ml 124,0 ml 137,4 ml 151,6 ml 163,6 ml 175,8 ml 192,4 ml

26,400 ml/min 9,600 ml/min 9,200 ml/min 10,200 ml/min 12,000 ml/min 11,800 ml/min 10,400 ml/min 9,600 ml/min 12,800 ml/min 12,000 ml/min 13,180 ml/min 14,200 ml/min 12,000 ml/min 12,200 ml/min 16,600 ml/min

Ignore Reading

Location: Varsseveld Site: INF5a Time interval between readings:

1 minute Ksat Method:

Glover Solution

Steady Flow Rate Condition

Steady Flow Rate achieved when Water Consumption Rate changes less than +/- 15 % for 5 consecutive readings

Steady Flow Rate:

9,249 ml/min

Temp. Adj. FR:

9,250 ml/min

Percolation Rate:

8,491 min/cm

Ksat:

Notes:

0,27 Meters / day

Site GPS Position

10 cm

Hole Diameter

0ºC

Water Temperature

110 cm

Hole Depth

7 cm

Water Height in Hole

Water Table Depth Soil Texture-Structure Category:

Degrees

Minutes

Seconds

Longitude:

0

0

0

East

Latitude:

0

0

0

North

Water Consumption Rate

Total Water Consumed

Time

Reservoir Water Level

Elapsed Time Interval

Interval Water Consumed

Total Water Consumed

Water Consumption Rate

10:27:45 10:28:45 10:29:45 10:30:45 10:31:45 10:32:45 10:33:46 10:34:46 10:35:46 10:36:46 10:37:46 10:38:46 10:39:47 10:40:46 10:41:47 10:42:47 10:43:47

7978,2 ml 7511,2 ml 7468,6 ml 7447,4 ml 7436,4 ml 7426,0 ml 7413,4 ml 7400,6 ml 7386,2 ml 7376,6 ml 7365,2 ml 7354,2 ml 7344,6 ml 7335,4 ml 7327,0 ml 7318,8 ml 7183,8 ml

1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 1 minute 59 seconds 1 minute 1 minute 1 minute

467,0 ml 42,6 ml 21,2 ml 11,0 ml 10,4 ml 12,6 ml 12,8 ml 14,4 ml 9,6 ml 11,4 ml 11,0 ml 9,6 ml 9,2 ml 8,4 ml 8,2 ml 135,0 ml

467,0 ml 509,6 ml 530,8 ml 541,8 ml 552,2 ml 564,8 ml 577,6 ml 592,0 ml 601,6 ml 613,0 ml 624,0 ml 633,6 ml 642,8 ml 651,2 ml 659,4 ml 794,4 ml

467,000 ml/min 42,600 ml/min 21,200 ml/min 11,000 ml/min 10,400 ml/min 12,393 ml/min 12,800 ml/min 14,400 ml/min 9,600 ml/min 11,400 ml/min 11,000 ml/min 9,443 ml/min 9,356 ml/min 8,262 ml/min 8,200 ml/min 135,000 ml/min

Ignore Reading

Location: Varsseveld Site: INF5b Time interval between readings:

1 minute Ksat Method:

Glover Solution

Steady Flow Rate Condition

Steady Flow Rate achieved when Water Consumption Rate changes less than +/- 13 % for 5 consecutive readings Notes:

Steady Flow Rate:

5,720 ml/min

Temp. Adj. FR:

5,721 ml/min

Percolation Rate:

13,730 min/cm

Ksat:

0,17 Meters / day

Site GPS Position

10 cm

Hole Diameter

0ºC

Water Temperature

110 cm

Hole Depth

7 cm

Water Height in Hole

Water Table Depth Soil Texture-Structure Category:

Degrees

Minutes

Seconds

Longitude:

0

0

0

East

Latitude:

0

0

0

North

Water Consumption Rate

Total Water Consumed

Time

Reservoir Water Level

Elapsed Time Interval

Interval Water Consumed

Total Water Consumed

Water Consumption Rate

10:44:48 10:45:48 10:46:48 10:47:48 10:48:49 10:49:49 10:50:49 10:51:49 10:52:49 10:53:49 10:54:49 10:55:49 10:56:49 10:57:49 10:58:49 10:59:49 11:00:50

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.oude-ijsselstreek.nl/api/v1/meetings/5049/documents/33288