Bijlage 5 Update ecologisch onderzoek 2022.pdf
Tekst van het document
MEMO Aan:
Gemeente Oude IJsselstreek
Datum:
01-07-2020 (bijgewerkt 14-01-2022)
Project nr:
2406.05
Betreft:
Memo update quickscan natuurtoets Fietspad Ulft-Silvolde
1.
Aanleiding
In opdracht van gemeente Oude IJsselstreek is door Buro Ontwerp & Omgeving een actualisering van een in 2018 uitgevoerde quickscan natuurtoets uitgevoerd ten behoeve van het project “Fietspad Ulft-Silvolde”. De oorspronkelijke quickscan natuurtoets is uitgevoerd door Staring Advies op 26 maart 2018. In het huidige projectplan wijkt het tracé licht af van het in 2018 onderzochte tracé.
Figuur 1. Ligging van het onderzochte tracé (rood) en de twee potentiële ontsluitingen van het fietspad op de Paasberglaan in het oorspronkelijke plan (geel).
Situering en werkzaamheden Het plangebied is gelegen in het buitengebied, ten zuidwesten van de bebouwde kom van Silvolde. Het nieuw te realiseren fietspad begint aan de noordkant aan de Paasberglaan ter hoogte van Woonzorgcomplex ‘De Schuylenburgh’ en vervolgt zijn route richting het zuidoosten door de
• •
•
T +31 (0)26 443 26 63 • BTW NL8139.69.785.B01 • •
weilanden waar aangesloten wordt op het reeds onderzochte tracé. Daar waar het tracé in zuidelijke richting afbuigt wijkt dit af van het eerder onderzochte tracé. Rond dit deel wordt ook grond aangekocht om een bloemrijk mengsel in te zaaien en een deel komvormig af te werken. Daar waar het tracé afbuigt in oostelijke richting en weer aansluit op de openbare weg ‘Over de IJssel’ wordt het reeds onderzochte tracé weer gevolgd. Het tracé is onverhard, loopt door de weilanden en kruist een watergang. Deze watergang wordt ter plaatse gedempt en er wordt een duiker aangebracht. Langs het tracé wordt een afrastering geplaatst, worden plaatselijk greppels aangelegd en wordt (bloemrijk) grasmengsel ingezaaid. Bureauonderzoek Voorafgaand aan het veldbezoek is onderzoek gedaan naar de ligging van het gebied t.o.v. beschermde natuurgebieden, de voorkomende habitats en de verspreidingsgegevens van beschermde soorten in en rondom het gebied. Dit is gedaan aan de hand van de in 2018 uitgevoerde quickscan en de openbare beschikbare verspreidingsgegevens. Voorafgaand aan het veldbezoek werd de in 2018 uitgevoerde quickscan bestudeerd en zijn verspreidingsgegevens van beschermde soorten geraadpleegd. Veldonderzoek Het veldbezoek werd uitgevoerd op 25 juni 2020 en vond plaats van 13:10 tot 14:20.
Tijdens het veldbezoek was het vrijwel onbewolkt, stond er een matige oostenwind (O3) en was het 28 graden Celsius. Er is gekeken naar het terrein en de geschiktheid hiervan voor beschermde planten- en diersoorten. Ook is gekeken naar de aanwezigheid van beschermde soorten, met inbegrip van sporen als braakballen, uitwerpselen, nesten en andere mogelijke verblijfplaatsen. Vervolgens is getoetst of de conclusies uit het rapport van Staring Advies nog steeds van toepassing zijn nadat het tracé is verlegd en hoe het inzaaien van een bloemrijk mengsel zich hiertoe verhoudt.
• •
•
T +31 (0)26 443 26 63 • BTW NL8139.69.785.B01 • •
2.
Actualisatie conclusies
Roek en vleermuizen Staring Advies (2018): “Uit de quickscan natuurtoets blijkt dat aanvullend onderzoek of het aanvragen van een ontheffing in het kader van de Wet natuurbescherming niet noodzakelijk is, indien er voldoende rekening gehouden kan worden met nestlocaties van roek en foerageergebieden en vliegroutes van vleermuizen”. Tijdens het veldbezoek van 25 juni 2020 werden roekennesten aangetroffen in enkele oude beuken langs de Laan van Schuylenburch. Op een doorsteek na blijft de houtsingel langs de Paasberglaan intact. Deze houtsingel ligt in de invloedsfeer van de roekenkolonie. De nestlocaties blijven ongemoeid en worden door de werkzaamheden niet verstoord. Er zijn geen compenserende maatregelen nodig en een ontheffingsplicht is niet aan de orde. De bosranden en de houtsingels zijn geschikt als foerageergebied en vliegroute voor diverse vleermuissoorten. Door het creëren van een doorsteek in de houtsingel zullen potentieel aanwezige vliegroutes en foerageergebieden hun functie niet verliezen. Staring Advies adviseerde daarnaast om geen of alleen vleermuisvriendelijke (amberkleurige) verlichting toe te passen, zodat verstoring door licht kan worden voorkomen. Nader onderzoek is niet noodzakelijk als hieraan voldaan wordt. Ook moet worden gewaarborgd dat de oude zomereik naast de noordelijke ontsluiting behouden blijft.
Vogelbroedseizoen en zorgplicht Staring Advies (2018): “Werkzaamheden moeten buiten het broedseizoen (15 maart – 15 juli) worden uitgevoerd of ruim voor aanvang van het broedseizoen gestart worden, zodat vestiging van broedvogels voorkomen wordt. Daarnaast geldt de algemene zorgplicht voor aanwezige grondgebonden zoogdieren en amfibieën. Het wordt aanbevolen om een ecologisch werkprotocol op te stellen voor de geplande aanlegwerkzaamheden.” Tijdens het veldbezoek werden in en rondom het tracé verschillende algemene broedvogelsoorten waargenomen. Het gaat om soorten als pimpelmees, koolmees, zwartkop, tjiftjaf, bosrietzanger, winterkoning en merel. Ook werden in het grasland ten zuiden van het populierenbos zes hazen aangetroffen. Eén hiervan hield zich op aan de rand van het plangebied. Daarnaast is het terrein geschikt voor algemene amfibieënsoorten. De aanbevelingen van Staring Advies blijven daarom ongewijzigd. Buizerd en kerkuil Staring Advies (2018): “Het wordt sterk aanbevolen om het fietspad landschappelijk in te passen, rekening houdend met het leefgebied van soorten als buizerd en kerkuil.” De buizerd werd tijdens het veldbezoek aangetroffen in het zuidelijke deel van het populierenbos. Net als in 2018 werd er geen horst aangetroffen. Hierdoor kan men er vanuit gaan dat het populierenbos geen nestfunctie heeft en als zodanig alleen deel uitmaakt van het functioneel
• •
•
T +31 (0)26 443 26 63 • BTW NL8139.69.785.B01 • •
leefgebied. Het populierenbos blijft grotendeels bestaan en er zijn voldoende alternatieven in de directe omgeving, waardoor negatieve effecten op de buizerd kunnen worden uitgesloten. Overigens, waar het tracé in zuidelijke richting afbuigt zal de initiatiefnemer grond aankopen om een bloemrijk mengsel in te zaaien en een deel komvormig af te werken. Omdat de muizenstand hiervan kan profiteren heeft dit op termijn ook een positief effect op het functioneel leefgebied van de buizerd. De kerkuil is een nachtactieve soort en werd daarom niet waargenomen. Deze soort broedt in nestkasten, hooizolders of andere plekken in oude boerenschuren. Wel kan worden aangenomen dat het tracé het functioneel leefgebied doorkruist. Waar het tracé in zuidelijke richting afbuigt zal de initiatiefnemer grond aankopen om een bloemrijk mengsel in te zaaien en een deel komvormig af te werken. Omdat de muizenstand hiervan kan profiteren heeft dit eveneens een positief effect op het functioneel leefgebied van de kerkuil. Onder landschappelijke inpassing wordt overigens verstaan dat er bosschages en kruiden langs het tracé worden geplaatst en ingezaaid. Daar wordt met deze maatregelen deels aan voldaan. Het wordt ook aanbevolen om dichte struwelen en kruidenrijke bloemenmengsels aan te brengen tussen het populierenbos en de Paasberglaan, waar momenteel grasland met een lage biodiversiteit aanwezig is.
Hier kunnen ook andere beschermde vogelsoorten van profiteren, zoals de sperwer en de ransuil. Gelders Natuurnetwerk (GNN) en Groene Ontwikkelingszone (GO) Staring Advies (2018): “Het plangebied ligt gedeeltelijk in het GNN. Er is mogelijk sprake van aantasting van de kernkwaliteit ‘Cultuurhistorische en landschappelijke waarden van de beken, oude ontginningen en kavelpatronen, hakhout, houtwallen, singels en boerderijen’. In overleg met de provincie Gelderland moet bepaald worden hoe omgegaan dient te worden met deze kernkwaliteit. Mogelijk is er sprake van een compensatieplicht of dient het tracé aangepast te worden. Overige kernkwaliteiten van het GNN worden niet aangetast.” De kernkwaliteiten van het Gelders Natuurnetwerk en de Groene Ontwikkelingszone zijn door Staring Advies per onderdeel uiteengezet. Het GNN wordt op één onderdeel mogelijk aangetast. Wel geeft de initatiefnemer aan dat kruidenrijke mengsels worden ingezaaid waar het tracé in zuidelijke richting afbuigt. Ten opzichte van de vorige situatie is dit een positieve verandering. Desondanks wordt aangeraden om met de provincie Gelderland te overleggen of er verder gecompenseerd dient te worden. Andere delen van het tracé zouden ook voorzien kunnen worden van bosschages of kruidenrijke randen.
Natura 2000-gebieden Staring Advies (2018): “Nadere toetsing of vergunningsaanvraag voor beschermde Natura 2000gebieden is niet aan de orde.“
• •
•
T +31 (0)26 443 26 63 • BTW NL8139.69.785.B01 • •
De hierboven genoemde aanbeveling van Staring Advies blijft ongewijzigd. Vanwege de aard van de ingreep en de afstand tussen het plangebied en het Natura 2000-netwerk worden geen negatieve effecten verwacht
• •
•
T +31 (0)26 443 26 63 • BTW NL8139.69.785.B01 • •
3.
Samenvatting
Aan de hand van de quikscan natuurtoets van Staring Advies en het actualiserende onderzoek kunnen de volgende conclusies worden getrokken met betrekking tot soortbescherming: - Er wordt gekozen voor een doorsteek door de houtsingel langs de Paasberglaan. Enkele bosschages worden verwijderd en de oude zomereik blijft behouden. - Met het gekozen tracé blijven nesten van roeken ongemoeid en er vindt geen verstoring plaats. - De doorsteek in de houtsingel heeft geen effect op potentiële foerageergebieden en vliegroutes langs de Paasberglaan. - Door het achterwege laten van straatverlichting of door vleermuisvriendelijk licht te gebruiken is nader onderzoek naar vleermuizen niet noodzakelijk. - Door het inzaaien van kruidenmengsels en het aanbrengen van struweel wordt voldaan aan landschappelijk inpassing voor de kerkuil en buizerd. Hiervan profiteren ook de sperwer, ransuil en andere soorten. - Werken buiten het vogelbroedseizoen (15 maart – 15 juli) - In het kader van de zorgplicht moet rekening worden gehouden met grondgebonden zoogdieren, vogels en amfibieën. Dit kan door de werkzaamheden te laten uitvoeren aan de hand van een ecologisch werkprotocol.
Aan de hand van de quikscan natuurtoets van Staring Advies en het actualiserende onderzoek kunnen de volgende conclusies worden getrokken met betrekking tot gebiedsbescherming: - Door het inzaaien van kruidenmengsels en het aanbrengen van struweel wordt de kernkwaliteit van het GNN: Cultuurhistorische en landschappelijke waarden van de beken, oude ontginningen en kavelpatronen, hakhout, houtwallen, singels en boerderijen’, mogelijk versterkt. Met deze maatregelen wordt verwacht dat de kernkwaliteiten er per saldo licht op vooruitgaan. Overleg met de provincie wordt aangeraden om na te gaan of er verder gecompenseerd dient te worden. - De overige kernkwaliteiten van het GNN en de kernkwaliteiten van de GO blijven ongemoeid. - Stikstofgevoelige habitattypen van Natura 2000-gebieden blijven onaangetast.
• •
•
T +31 (0)26 443 26 63 • BTW NL8139.69.785.B01 • •