CConstaterende datOude IJsselstreek
Koppel je AI →
Document · PDF

BIJLAGE 3. UHS OIJ 2025 - Landelijke handhavingsstrategie omgevingsrecht lhso.pdf

Raadscommissie Algemene zaken Financiën en Economie (AFE) 12 mei 2025, gemeente Oude IJsselstreekBij agendapunt: 9: Verslag Toezicht en handhaving OIJ8.249 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO) 12 oktober 2022

Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO) 12 oktober 2022

Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO)

Inhoud 1.

Inleiding.......................................................................4

1.1

Aanleiding en achtergrond. .......................................................... 4

1.2

Doelstelling en werkingssfeer. .....................................................5

1.3

Opzet van dit document. .................................................................6

2.

Uitgangspunten en beginselen......................... 7

2.1

Uitgangspunten......................................................................................7

2.2 Beginselen. ..................................................................................................8

3.

Visie op een passende interventie.................. 10

4.

Stappenplan om te komen tot een passende interventie....................................12

4.1

Stap 1: positionering van de bevindingen in de basisinterventiematrix. ....................................................... 13

4.2 Stap 2: bepalen van de verzwarende aspecten die aanleiding kunnen geven voor een ingrijpender herstelsanctie of voor strafrechtelijk onderzoek of bestraffing...........14 4.3 Stap 3: optreden aan de hand van de algemene of domeinspecifieke interventiematrix. ............................. 15 4.4 Stap 4: bepalen of afstemmingsoverleg nodig is. ......17 4.5 Stap 5: vastlegging stappen en beslissingen.................18

5.

3

Randvoorwaarden voor werken met de LHSO.............................................................19

Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO)

HOOFDSTUK 1

Inleiding 1.1

Aanleiding en achtergrond

De Omgevingswet is gericht op het bereiken en in stand

De Omgevingswet gaat uit van vertrouwen. Bij vertrouwen

houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en

hoort het nemen van verantwoordelijkheid. De overheid wil

een goede omgevingskwaliteit. Deze wet heeft daarbij oog voor

erop kunnen vertrouwen dat burgers en bedrijven zich houden

de duurzame ontwikkeling, bewoonbaarheid van het land en

aan de voor hen geldende regels. Burgers en bedrijven mogen

de bescherming en verbetering van het leefmilieu. De wet is

erop vertrouwen dat de overheid degenen aanspreekt die de

ook gericht op de intrinsieke waarde van de natuur, en op het

regels overtreden. Dat draagt bij aan een gelijk speelveld en doet

doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke

recht aan het rechtsgevoel van de samenleving. Handhaving

leefomgeving ter vervulling van maatschappelijke behoeften.

is dan ook één van de instrumenten waarmee de overheid het bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde

Met de Omgevingswet is (nagenoeg) alle voorheen bestaande

fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit nastreeft.

wet- en regelgeving die ter bescherming van de fysieke

Handhaving is een essentieel element van de werking van de

leefomgeving dient, gemoderniseerd en gebundeld. Het

rechtsstaat.

gaat om een stelselherziening waarmee zowel integratie als vereenvoudiging van het omgevingsrecht is beoogd.

Om effectief te kunnen handhaven, moeten de

Dat is een grote hoeveelheid regels en voorschriften. Het

handhavingspartners intensief en loyaal samenwerken.

omgevingsrecht is niet alleen neergelegd in de Omgevingswet,

Dat geldt voor de bestuurlijke overheden onderling, voor

maar ook in de bijbehorende uitvoeringsregelgeving: het

de instanties binnen de strafrechtsketen en, omdat vrijwel

Omgevingsbesluit (Ob), het Besluit kwaliteit leefomgeving

alle omgevingsrechtelijke regels zowel bestuursrechtelijk

(Bkl), het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal), het Besluit

als strafrechtelijk worden gehandhaafd, bovenal voor de

bouwwerken leefomgeving (Bbl) en de Omgevingsregeling

bestuurlijke organen en instanties enerzijds en het Openbaar

(Or). Daarnaast maken ook Rijk, provincies, gemeenten en

Ministerie en andere strafrechtelijke instanties anderzijds.

waterschappen regels en voorschriften in het omgevingsrecht.

Afstemming en samenwerking tussen bestuur en justitie

Een groot aantal bestuursorganen en 29 regionale

zijn ook noodzakelijk omdat niet alleen via het strafrecht

omgevingsdiensten zijn met de uitvoering van die regels belast.

(strafrechter of OM ) een straf kan worden opgelegd, maar in

Die bestuursorganen en omgevingsdiensten, de politie, de

toenemende mate ook het bestuur overtredingen kan bestraffen

bijzondere opsporingsdiensten, de inspectie leefomgeving en

met een bestuurlijke boete. Afstemming en samenwerking

transport (ILT), gemeenten, provincies, waterschappen, en

tussen bestuur en justitie zijn bovendien in talloze wettelijke

het Openbaar Ministerie zijn met de bestuursrechtelijke en

bepalingen voorgeschreven. Het gaat daarbij niet alleen om

strafrechtelijke handhaving belast. Tezamen vormen zij de

de Omgevingswet en de Algemene wet bestuursrecht, maar

handhavingspartners.

ook om het Wetboek van Strafvordering en de Wet op de economische delicten.

4

Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO)

De inwerkingtreding van de Omgevingswet is de aanleiding

Uit een oogpunt van rechtsgelijkheid behoren interventies in

voor het vaststellen van de Landelijke Handhavingsstrategie

vergelijkbare situaties op eenzelfde wijze te worden toegepast.

Omgevingsrecht (LHSO). De LHSO heeft een breder werkings­

Interveniëren is daarbij breder dan het opleggen van sancties;

bereik dan zijn voorganger, de Landelijke handhavings­strategie

ook aanspreken, waarschuwen en informeren kunnen in een

(LHS) uit 2014. Een deel van de taken, het basistakenpakket,

concreet geval passende interventies zijn. De LHSO biedt een

moet worden uitgevoerd door de regionale omgevingsdiensten.

afwegingsinstrument om in concrete gevallen afgestemd,

Voor die basistaken moeten de bestuursorganen die in een

eenduidig, effectief en evenredig te kunnen interveniëren.

omgevingsdienst deelnemen gezamenlijk een uniforme

De LHSO dient als hulpmiddel voor een effectieve en

handhavingsstrategie vaststellen.

rechtmatige handhaving.

Die strategie moet zo nodig worden afgestemd met de instanties stelt eisen aan de kwaliteit van vergunningverlening, toezicht

Brede toepasselijkheid; werkingssfeer ook naast de verplichte basistaken mogelijk

en handhaving (VTH). De decentrale bestuursorganen stellen

De LHSO heeft betrekking op de Omgevingswet en de daarop

op basis daarvan kwaliteitscriteria vast voor het VTH-beleid.

gebaseerde regels. Ze is bedoeld als instrument voor de

De LHSO is daarvan een belangrijk onderdeel. De decentrale

organisaties belast met de handhaving daarvan. Toepassing

bestuursorganen stellen op basis van deze eisen een uitvoerings-

van de LHSO leidt tot afgestemd en effectief bestuursrechtelijk

en handhavingsstrategie vast. Deze twee strategieën vormen in

en/of strafrechtelijk optreden. Daarom is de LHSO met de

feite het uitvoerings- en handhavingsbeleid. Het is noodzakelijk

daarin neergelegde visie, uitgangspunten en richtsnoeren,

dat hierin ook het handhavingsbeleid wordt opgenomen,

breed toepasbaar. De LHSO kan dan ook door bestuursorganen

bij voorkeur wordt er hier de LHSO voor gebruikt. Voor de

worden vastgesteld voor andere taken dan de verplichte

omgevingsdiensten is het verplicht om, voor dit onderdeel, aan te

basistaken. Ook zou de LHSO kunnen worden toegepast door

sluiten bij de LHS en zijn opvolgers; nu dus de LHSO.

andere bestuursorganen. De uiteindelijke werkingssfeer hangt

belast met de strafrechtelijke handhaving. Het Omgevingsbesluit

1

dus af van de mate waarin bestuursorganen de LHSO toepassen en in hun handhavingsbeleid overnemen.

1.2 Doelstelling en werkingssfeer

Alle bij de LHSO betrokken handhavingspartners hebben de wens en zien de verplichting om te komen tot integrale en

De overheid is verantwoordelijk voor het handhaven van het

effectieve handhaving op het geheel van ordeningswetgeving, en

omgevingsrecht. Voor het bestuur geldt (bij herstelsancties)

het omgevingsrecht in het bijzonder. De noodzaak ligt besloten

de zogenoemde beginselplicht tot handhaving. Het Openbaar

in de wijze waarop de Europese en Nederlandse wetgever toezicht

Ministerie is belast met de strafrechtelijke handhaving van de

en opsporing en handhaving hebben geregeld. De noodzaak

rechtsorde. De kwaliteitseisen die het Unierecht aan nationale

komt ook naar voren uit een reeks onderzoeksrapporten. De

handhaving stelt – handhaving moet doeltreffend, evenredig en

LHSO is de tussen de handhavingspartners afgestemde strategie

afschrikkend zijn –, gelden door de toenemende invloed van het

om tussen bestuursrechtelijke en strafrechtelijke handhaving af

Unierecht op het omgevingsrecht voor een steeds groter deel

te wegen.

van het omgevingsrecht en worden in de LHSO dan ook als uitgangspunt genomen.

Met de vaststelling van de LHSO door het Bestuurlijk Omgevingsberaad (BOb) vervalt de landelijke handhavings­

Wanneer regels worden overtreden – en het vertrouwen

strategie van 4 juni 2014. De LHSO zal vijf jaar na de vast­

daardoor wordt geschaad –, is een passende interventie

stelling op initiatief van het Interprovinciaal overleg worden

geboden. Welke interventie passend is, hangt af van de aard,

geëvalueerd.

zwaarte, oorzaken en gevolgen van de overtreding en van het verwachte effect van de interventie. Het gedrag van de overtreder speelt vooral bij bestraffende interventies ook een belangrijke rol.

1

5

Op grond van de modelverordening uitvoering en handhaving van de VNG en het IPO. De link voor de omgevingsdiensten met de LHS en de LHSO staat beschreven in deel C (procescriteria), onder de 9b (de sanctiestrategie).

Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO)

1.3 Opzet van dit document

Keuzemodules niet-basistakenpakket: keuzestrategieën

Het grote bereik van de Omgevingswet brengt mee dat de

Vanwege de breedte van het omgevingsrecht is de

LHSO een brede reikwijdte heeft. Er is daarom gekozen voor

handhavingsstrategie naar zijn aard algemeen. De keuze

de volgende opzet. In hoofdstuk 2 worden de uitgangspunten

van bestuursorganen om de LHSO ook vast te stellen

en beginselen voor de handhaving van het omgevingsrecht

voor handhaving buiten de verplichte basistaken kan

uiteengezet, waaronder die voor de noodzakelijk samenwerking

verder worden ondersteund met een aantal modules

tussen de handhavingspartners. Die beginselen en

waarin bouwstenen en modellen zijn opgenomen voor

uitgangspunten spelen een belangrijke rol bij de wijze waarop

specifieke deelterreinen van het omgevingsrecht buiten

de passende interventie wordt gekozen. De algemene strategie

dat basistakenpakket. Te denken valt aan bouwregels en

hiervoor is te vinden in hoofdstuk 3 (visie) en hoofdstuk 4

erfgoedregels, vanwege de daarvoor bestaande bestuurlijke

(stappenplan). In hoofdstuk 5 worden de randvoorwaarden

boetebevoegdheden, maar het is denkbaar dat in de loop

en processtappen voor het werken met de LHSO gegeven.

van de komende tijd andere modules worden toegevoegd

In aanvulling op de LHSO kunnen er handhavings- of

die geschikt zijn voor een landelijke benadering.3 Deze

sanctiestrategieën zijn voor specifieke deelterreinen van het

domeinspecifieke strategieën kan het bevoegd gezag (het

omgevingsrecht vergelijkbaar met de aanvulling voor Seveso-

OM daaronder begrepen) naar keuze vaststellen, al dan niet

overtredingen (Brzo) uit 2012.

aangepast aan de lokale situatie. Ook kan het bevoegd gezag ervoor kiezen samen met het vaststellingsbesluit LHSO of

Landelijke handhavingsstrategie (algemeen/basis)

in een latere aanvulling daarop eigen lokale, bovenlokale

De handhavingsstrategie bestaat inhoudelijk uit een visie

of regionale strategieën vast te stellen voor bepaalde

op de handhaving, een beschrijving van de keuzes tussen

deelterreinen naar keuze. De elektronische bekendmaking

interventies, de processtappen om – in het licht van de

van zo’n besluit maakt deze beleidskeuze transparant.

uitgangspunten en beginselen – in een concreet geval tot de juiste keuze voor een passende interventie te komen en de beslispunten voor het bevoegd gezag. De landelijke VTH kwaliteitscriteria2 vereisen voor het basistakenpakket een uniforme handhavingsstrategie op het niveau van de regio; door het overnemen van de landelijke handhavingsstrategie kan aan deze verplichting van met name de deelnemers aan een Omgevingsdienst worden voldaan. De handhavingsstrategie in hoofdstuk 3 ziet dan ook primair op de basistaken, waarvoor het vaststellen van een uniforme handhavingsstrategie op het niveau van de omgevingsdienst voor met name de deelnemers aan een Omgevingsdienst wettelijk verplicht is, maar kan ook worden vastgesteld voor en toegepast bij de uitvoering en handhaving van de niet-basistaken. De LHSO kan op deze manier worden gebruikt voor (veel) meer delen van of zelfs het gehele omgevingsrecht. Dat heeft als voordeel dat ook handhavingspartners zoals de politie en bijzondere toezicht- en opsporingsinstanties er meer mee zouden kunnen gaan werken.

3

2

6

In dit document wordt uitgegaan van de VTH Kwaliteitscriteria 2.2 uit 2019.

De landelijke handhavingsstrategie Brzo die van toepassing is bij de hand­ having van Seveso-voorschriften, is een voorbeeld van een landelijke module die al bestond vóór inwerkingtreding van de Omgevingswet. Het gaat hier om een module ‘bovenop’ de algemene landelijke handhavingsstrategie voor een basistaak waarvoor de specifieke deskundigheid is vereist die bij een klein aantal (6) omgevingsdiensten is gebundeld. Er valt ook te denken aan modules voor andere taken dan de verplichte basistaken.

Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO)

HOOFDSTUK 2

Uitgangspunten en beginselen Aan het Unierecht en het Nederlandse geschreven en

C. Integraal, risico gestuurd en effectgericht.

ongeschreven recht kan een aantal uitgangspunten en

Handhaving in het omgevingsrecht is integraal (de activiteiten

beginselen worden ontleend die centraal staan bij de

van de betrokken overheidsorganisaties zijn onderling

handhaving van het omgevingsrecht en de samenwerking

afgestemd), risico gestuurd (prioritering op basis van

tussen de handhavingspartners. Dat zijn de volgende.

regelmatige risico-inventarisatie om met beperkte capaciteit een zo groot mogelijke beperking van risico’s te bereiken) en effectgericht (het doel is een zo groot mogelijke naleving

2.1 Uitgangspunten

om bij te dragen aan de doelen van de Omgevingswet). Vanzelfsprekend wordt waar nodig en/of op verzoek van handhavingspartners ook buiten vooraf gestelde prioriteiten

A. Veilige en gezonde fysieke leefomgeving.

opgetreden.

Handhaving door de overheid van het omgevingsrecht draagt bij aan het bereiken van de doelen van de Omgevingswet:

D. Onafhankelijk en professioneel.

duurzame ontwikkeling, bewoonbaarheid van het land en

Het tot handhaving bevoegde gezag is sterk, slagkrachtig

de bescherming en verbetering van het leefmilieu. Ook

en onbevangen. Het heeft een onafhankelijke houding,

handhaving is gericht op het bereiken en in stand houden

is deskundig en professioneel, en handelt zonder

van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving, een goede

vooringenomenheid. Handhavingsinstanties en hun

omgevingskwaliteit, ook vanwege de intrinsieke waarde van de

medewerkers handelen consequent en vasthoudend op

natuur, en op het doelmatig beheren en ontwikkelen van de

basis van de geldende wet- en regelgeving en de landelijke

fysieke leefomgeving.

handhavingsstrategie. Het belang van sterke, slagkrachtige en onafhankelijke handhaving is groot. De handhavingsinstanties

B. Vertrouwen.

zijn daarom robuust, hebben voldoende kritische massa

De Omgevingswet gaat uit van vertrouwen. Bij vertrouwen

en beschikken over de benodigde professionele afstand tot

hoort het nemen van verantwoordelijkheid. De overheid wil

het politiek-bestuurlijke gezag. Ook is het belangrijk dat er

erop kunnen vertrouwen dat burgers en bedrijven zich houden

ruimte is voor medewerkers om hun professionele mening

aan de voor hen geldende regels. Burgers en bedrijven moeten

naar voren te brengen. Alle bevoegde bestuursorganen

er op kunnen vertrouwen dat de overheid degenen die regels

en handhavingsorganisaties dragen hier aan bij. Indien

overtreden daarop aanspreekt. Het spreekt vanzelf dat burgers

en voor zover omgevingsdiensten met de uitvoering van

en bedrijven erop kunnen vertrouwen dat de overheid ook zelf

handhavingstaken op grond van de Omgevingswet zijn belast,

de regels naleeft. En de instanties die met de uitvoering en

verstrekken de bevoegde bestuursorganen deze diensten een

handhaving van het omgevingsrecht zijn belast, handelen op

duidelijke opdracht en een ruim mandaat om die opdracht op

basis van onderling vertrouwen en respect.

professionele wijze uit te kunnen voeren.

7

Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO)

E. Loyale samenwerking.

2.2 Beginselen

Met het oog op effectieve handhaving werken de met handhaving belaste bestuurlijke, politiële en justitiële

A. Handhaving van het omgevingsrecht is

autoriteiten loyaal met elkaar samen, hebben ze regelmatig

gelijkwaardig, doeltreffend, afschrikwekkend en

overleg en handelen ze op basis van vertrouwen en

evenredig om een goede naleving te bereiken.

respect. Ze wisselen waar mogelijk en noodzakelijk

Het Unierecht normeert een steeds groter deel van het

informatie met elkaar uit en delen kennis met elkaar.

omgevingsrecht en in toenemend detail. Dat betekent dat

Ze stemmen hun handhavingsprogramma’s op elkaar af

de nationale handhaving aan unierechtelijke kwaliteitseisen

om planmatig effectief en integraal te handhaven en ze

moet voldoen. De handhaving van unierechtelijke regels dient

stemmen hun handhavingsactiviteiten af om te komen tot

gelijkwaardig te zijn aan die van nationale regels, en ze dient

passende interventies en de gekozen interventies effectief

doeltreffend, afschrikwekkend en evenredig te zijn. Deze

te doen zijn. Ze beseffen dat het delen van beschikbare

algemene, op artikel 4, derde lid, van het Verdrag betreffende

informatie een noodzakelijke voorwaarde is voor een

de Europese Unie gebaseerde eisen horen daarom thuis in de

toereikende informatiepositie en effectieve handhaving.

Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht.

De handhavingspartners voldoen zo aan de verplichtingen uit het Unierecht die zijn neergelegd in vele richtlijnen en

Het evenredigheidsbeginsel brengt met zich dat de

verordeningen en worden afgeleid uit de algemene verplichting

herstelsancties, bijvoorbeeld de hoogte van de dwangsom,

tot loyale samenwerking bij handhaving. Ook de aangifteplicht

evenredig zijn aan het doel ervan en dat bij bestuurlijke

uit artikel 162 Sv en de voorlegplicht bij bestuurlijke boetes

boetes maatwerk wordt betracht. Bij de strafrechtelijke

op grond van artikel 5:44 Awb zijn invulling van loyale

handhaving geldt het opportuniteitsbeginsel en is het

samenwerking.

evenredigheidsbeginsel beter bekend als beginsel van proportionaliteit en subsidiariteit.

F. Adequate overlegstructuur. Effectieve handhaving gaat uit van een adequate

B. Beginselplicht tot handhaving.

overlegstructuur waarin de bevoegde instanties en de bij hen

Gelet op het algemeen belang dat is gediend met handhaving,

werkzame toezichthouders en opsporingsambtenaren elkaar

zal in geval van overtreding van een wettelijk voorschrift

op het juiste moment informeren, overleg hebben en de

het bestuursorgaan dat bevoegd is om met een last onder

vereiste loyale samenwerking tot stand brengen. De LHSO

bestuursdwang of dwangsom op te treden, in de regel van deze

gaat uit van het bestaan van deze adequate overlegstructuur op

bevoegdheid gebruik moeten maken (of een handhavingstraject

zowel zaaksniveau als op meer algemeen, strategisch en beleid

in gang moeten zetten dat tot het gebruiken van die

vaststellend niveau, met inachtneming van organisatorische

bevoegdheid zal of kan leiden). Slechts onder bijzondere

verschillen per regio. Met deze overlegstructuur wordt ook de

omstandigheden mag het bestuursorgaan weigeren dit te doen.

samenwerking tussen het bestuur en de politie en het openbaar

Dit kan zich voordoen indien concreet zicht op legalisering

ministerie loyaal en effectief gemaakt.

bestaat. Voorts kan handhavend optreden zodanig onevenredig zijn in verhouding tot de daarmee te dienen belangen dat van

G. Dienstbaar.

optreden in die concrete situatie behoort te worden afgezien.

Het tot handhaving bevoegde bestuurlijk gezag verwacht van zijn bestuurders en medewerkers dat zij handelen in het

Het bevorderen van normconform gedrag staat bij handhaving

algemeen belang en dat zij zich dienstbaar opstellen en rolvast

centraal. In het omgevingsrecht is vaak herstel van de

zijn richting betrokken burgers en bedrijven, verzoekers om

rechtmatige situatie mogelijk. Voor herstelsancties geldt de

handhaving en overtreders.

beginselplicht tot handhaven. Het overheidsoptreden is erop gericht dat eenieder zich uit eigen beweging normconform

H. Transparant.

gedraagt. De beginselplicht tot handhaving biedt in veel

Het tot handhaving bevoegde gezag is transparant over zijn

gevallen ruimte om eerst te waarschuwen. Een bepaald

afwegingen, beleid, prioriteiten, activiteiten en resultaten.

gedrag of de aard van de overtreding kan echter aanleiding zijn om niet te waarschuwen, en dan wordt normconform gedrag in beginsel afgedwongen door de inzet van steviger handhavingsinstrumenten.

8

Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO)

Indien de geconstateerde overtreding nog voortduurt, is het

D. Verdedigingsbeginsel

handhavend optreden in ieder geval gericht op het beëindigen

De persoon of onderneming die als overtreder of als klager

van de overtreding, herstel van de rechtmatige situatie (het

te maken krijgt met handhavend overheidsoptreden moet

naleven van de norm) en het voorkomen van herhaling,

in de gelegenheid worden gesteld haar of zijn zienswijzen

en bestraffing. Het bevoegd gezag beziet in voorkomende

kenbaar te maken, en daarvoor een redelijke termijn te krijgen.

gevallen of er aanleiding is om ook een bestuurlijke boete op

Bij bestuursrechtelijke handhaving heeft dit beginsel mede

te leggen aan de overtreder of om in nauw overleg met het

uitwerking gekregen in de hoorplicht van art. 4:7 en 4:8

openbaar ministerie strafrechtelijk te reageren. Bestraffende

Awb (spoedeisende gevallen uitgezonderd). In voorkomend

sancties en herstelsancties kunnen immers naast elkaar voor

geval betekent dit dat de verklaring van een deskundige of

dezelfde overtreding worden opgelegd. Met algemene kaders

getuige moet kunnen worden ingebracht. Het draagvlak van

of in een concreet geval moet dan ook steeds worden bezien

de handhaving wordt versterkt door een overheid die recht

of er aanleiding is voor strafrechtelijke of bestuursrechtelijke

doet aan de beginselen van behoorlijk bestuur, waaronder het

bestraffing.

verdedigingsbeginsel. Dat beginsel is ook neergelegd in tal van verdragsbepalingen (zoals artikel 6 EVRM) en in het Unierecht.

C. Gelijkheidsbeginsel

In het strafrecht wordt de verdachte (onderneming) ook

De overheid behoort gelijke gevallen gelijk te behandelen.

beschermd door zijn verdedigingsrechten.

Voor het bestuurlijk bevoegd gezag vloeit dat voort uit de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Het waarborgen van een level playing field is daarvan een onderdeel. Bij handhaving is dat van zo mogelijk nog groter belang. Dit

E. Respect voor fundamentele rechten

vergt van de handhavende instanties dat zij stelselmatig en

Het spreekt vanzelf, en het staat zeker niet op de laatste plaats:

consistent handelen. Het uitgangspunt van transparantie

respect voor fundamentele rechten. Juist bij handhaving –

en het gelijkheidsbeginsel betekenen dat het bestuursorgaan

waar veel handelen inbreuk (kan) maken op deze rechten - is

voorspelbaar handelt bij overtredingen. Het Openbaar

dat respect van groot belang. Er moet daarbij in het bijzonder

Ministerie weegt bij zijn strafrechtelijke beslissingen het

worden gedacht aan fundamentele rechten zoals het recht op

opportuniteitsbeginsel met het gelijkheidsbeginsel af. De

bescherming van de persoonlijke levenssfeer, het huisrecht en

werking van dat beginsel is in het strafprocesrecht niet

het zwijgrecht.

altijd gelijk aan de werking in het bestuursrecht. Onderlinge afstemming en overleg is van groot belang om recht te doen aan zowel de bestuursrechtelijke als de strafrechtelijke invulling van het gelijkheidsbeginsel met het oog op effectieve handhaving en naleving.

9

Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO)

HOOFDSTUK 3

Visie op een passende interventie De LHSO zet in op een passende interventie bij iedere

Dit zijn twee vragen met gelijk belang. Positieve beantwoording

overtreding. Handhavers hanteren de strategie bij iedere

van de één betekent niet dat beantwoording van de andere

constatering van een overtreding en maken daarbij gebruik

hoofdvraag achterwege zou moeten worden gelaten. De

van de daarin aangegeven instrumenten. Dit waarborgt een

vragen zijn nevengeschikt. Het zijn vragen die zowel door de

effectieve en doelmatige handhaving. Het draagt bij aan

bestuurlijke als door de strafrechtelijke handhavingspartners

passend en eenduidig optreden. Het waarborgt rechtszekerheid

behoren te worden gesteld. In combinatie met het beginsel

en rechtsgelijkheid.

van loyale samenwerking betekent dit bijvoorbeeld ook dat het Openbaar Ministerie zich dient af te vragen of er

Een passende interventie is een interventie die is gebaseerd

herstel mogelijk is met bevoegdheden van de bestuurlijke

op de verzamelde feiten en op een beoordeling van de aard en

handhavingspartners, en deze laatste partners of er bestraffende

ernst van de overtreding en van de omstandigheden waaronder

interventies kunnen zijn aangewezen waar het Openbaar

de overtreding is gepleegd, en die zo effectief en efficiënt

Ministerie een taak heeft. Loyale samenwerking betekent

mogelijk leidt tot spoedig herstel van de rechtmatige toestand,

onder meer ook dat waar mogelijk tijdig informatie wordt

verdere naleving waarborgt, herhaling voorkomt en/of straft

gewisseld om het beantwoorden van deze hoofdvragen op

indien dit passend of noodzakelijk is om de normadressaat

het juiste moment mogelijk te maken voor de ander in de

tot naleving te bewegen dan wel om de norm te bevestigen

handhavingssamenwerking.

(speciale en generale preventie).

Ad 1a en 1b (inzake herstel) Om in het omgevingsrecht tot een passende interventie te

Centrale doelstelling van het omgevingsrecht is het bereiken

komen, zijn de volgende twee hoofdvragen leidend:

en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit. Dit betekent dat bij de handhaving van het omgevingsrecht herstel van de

Inzake herstel

rechtmatige toestand altijd het eerste doel moet zijn, indien

1a. Is herstel mogelijk? Zo ja, dan is in elk geval

herstel uiteraard mogelijk is. Herstel wordt hier ruim opgevat:

bestuursrechtelijk optreden aangewezen en is de

het beëindigen van de overtreding, het wegnemen of beperken

vervolgvraag:

van de gevolgen van de overtreding en/of het voorkomen

1b. Welke bestuursrechtelijke interventie is in dit geval het meest geschikt?

van herhaling van de overtreding. Het aansturen op herstel ligt primair op de weg van het bestuur, dat zo nodig namelijk een herstelsanctie (last onder bestuursdwang of last onder

Inzake bestraffing

dwangsom) kan opleggen en effectueren. Dit volgt ook uit de

2a. Is er aanleiding voor bestraffing? Zo ja, dan is de

beginselplicht tot handhaving. Welke bestuurlijke interventie

vervolgvraag: 2b. Welke weg (bestuursrechtelijk of strafrechtelijk) is het meest passend?

het meest passend is, hangt af van de omstandigheden van het geval, zoals de aard en ernst van de overtreding, kenmerken van de overtreder en de omstandigheden waaronder de overtreding is gepleegd of ontstaan. De keuze vindt plaats aan de hand van het stappenplan en de interventiematrix uit hoofdstuk 4.

10

Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO)

Ad 2a en 2b (inzake bestraffing)

Zo zal de doeltreffendheid bij de bestuursrechtelijke handhaving

In het kader van integrale handhaving moet steeds worden

meer gewicht hebben, en afschrikwekkendheid meer bij de

beoordeeld of er aanleiding is om de overtreder te bestraffen.

strafrechtelijke handhaving. De scherpte van de sancties

Redenen voor bestraffing worden ontleend aan de feiten

in het strafrecht en de kracht van de strafprocesrechtelijke

en omstandigheden rond de overtreding, de overtreder of

bevoegdheden en methoden voor waarheidsvinding

een combinatie daarvan. Het kan bijvoorbeeld zijn dat de

onderscheiden zich van bestuursrechtelijke handhaving. Dat

overtreder al eerder in de fout is gegaan (recidive) of dat de

betekent vaak dat bestuursrechtelijke handhaving sneller en

overtreder de overtreding calculerend of welbewust heeft

breder effect kan hebben, terwijl strafrechtelijke handhaving

gepleegd. Ook de ernst van de overtreding, de wens om

dieper kan en moet gaan, en mede daardoor in voorkomend

wederrechtelijk genoten economisch voordeel af te romen, het

wat meer tijd kan vergen. Dit zijn factoren die bij de keuze

belang van ontmoediging, normbevestiging, individuele en

tussen bestuursrechtelijke en strafrechtelijke bestraffing en bij

algemene preventie etc. kunnen dergelijke redenen vormen.

de daarover te maken afspraken een rol zullen (moeten) spelen.

Strafrechtelijke handhaving is vaak aangewezen bij overtreding

OM, politie en andere opsporingsdiensten evenals het bestuur

van de regels door een bepaalde functionaris of onderneming

werken in voorkomende gevallen loyaal samen om tot een

die in ethisch opzicht of in verband met het bijzondere

passende bestraffing te komen.

vertrouwen dat in haar of zijn nastreven van normconform gedrag wordt gesteld een voorbeeldrol heeft. Dit kan per geval en ook per domein verschillen en wordt beoordeeld aan de hand van het stappenplan en de toepasselijke interventiematrix alsmede aan de hand van tussen de betrokken handhavingspartners gemaakte (afgestemde) afspraken. Als herstel niet meer mogelijk is, kan geen herstelsanctie worden opgelegd. Dat kan een indicatie zijn om een bestraffende sanctie op te leggen. Zie verder hoofdstuk 4 van deze strategie. Indien in een concreet geval aanleiding bestaat voor bestraffing en het bestuursrecht voor de betrokken overtreding een bestraffende sanctie mogelijk maakt (bestuurlijke boete), moet worden bekeken welke weg in dat geval het meest passend is: de bestuursrechtelijke of de strafrechtelijke. Dit kan per geval en per domein verschillen. Het OM en het bestuur zullen hierover afspraken moeten maken. Bij deze afspraken zal in de eerste plaats rekening moeten worden gehouden met de wens van de wetgever in het betrokken domein over de verhouding tussen de bestuurlijke of strafrechtelijke bestraffing.

Juist waar de wetgever bepaalde overtredingen niet uitsluitend beboetbaar heeft gesteld, maar zowel strafbaar als beboetbaar kan de wens van de wetgever over de keuze tussen strafrechtelijke en bestuursrechtelijke bestraffing per domein of zelfs per (soort) overtreding uiteenlopen. Ook bij de inzet van het strafrecht is de effectiviteit in relatie tot de inzet van andere instrumenten leidend (optimum remedium in plaats van ultimum remedium). Doeltreffendheid, afschrikwekkendheid en evenredigheid zijn eisen die aan zowel de bestuursrechtelijke als de strafrechtelijke handhaving worden gesteld. Echter, het accent van deze eisen ligt bij strafrechtelijke handhaving iets anders dan bij bestuursrechtelijke handhaving.

11

Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO)

HOOFDSTUK 4

Stappenplan om te komen tot een passende interventie Dit hoofdstuk geeft een stappenplan voor het toepassen

Het stappenplan bestaat uit de volgende vijf stappen:

van de visie uit hoofdstuk 3. Startpunt van het stappenplan zijn de bevindingen van het toezicht (al dan niet na een melding of aangifte): de constatering van feiten en

Stap 1:

positionering van de bevindingen in de basisinterventiematrix.

omstandigheden en het oordeel van de toezichthouder, boa of handhaver daarover (de vaststelling dat sprake is van

Stap 2: bepalen van de verzwarende aspecten die aanleiding

een overtreding). Het stappenplan is een hulpmiddel om de

kunnen geven voor een ingrijpender herstelsanctie

juiste afwegingen te maken en moet in geen geval als een

of voor strafrechtelijk onderzoek of bestraffing.

rigide beslisboom worden beschouwd. De LHSO is immers vooral een afwegingsinstrument voor uitvoerders en richt zich tot hen. Aan de hand van het stappenplan, waartoe de

Stap 3: optreden aan de hand van de [algemene of domeinspecifieke] interventiematrix.

hierna weer te geven interventiematrix behoort, kan worden gekomen tot onderling afgestemd en effectief handelen van

Stap 4: bepalen of afstemmingsoverleg nodig is

de handhavingspartners.

4

Stap 5: vastleggen stappen en beslissingen. Het stappenplan wordt hieronder per stap toegelicht. Het begrip ‘handhaver’ ziet op iedere functionaris – toezichthouder, opsporingsambtenaar, handhavingsjurist – die binnen de betrokken organisatie (een of meer onderdelen van) het stappenplan doorloopt.

4

12

Dit is ook de reden waarom de LHSO – evenals haar voorgangster – niet als recht in de zin van artikel 79 RO kan worden beschouwd (zie onder meer HR 17 maart 2020, ECLI:NL:HR:2020:436 en Hof Arnhem-Leeuwarden 7 juli 2021, ECLI:NL:G­ HARL:2021:640). Uit rechtspraak vloeit voort dat op het openbaar ministerie niet de verplichting rust om in individuele, concrete gevallen te motiveren waarom de omstandigheden van die zaak het OM tot afwijking van de LHSO deden besluiten.

Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO)

4.1 Stap 1: positionering van de bevindingen in de basisinterventiematrix

overheid of voor het systeem van ordening- of normering van de betrokken bedrijfstak als zodanig. Bij gevolgen is sprake van een glijdende schaal en het verschilt per (type) overtreding wat de gevolgen kunnen zijn en hoe ernstig die kunnen zijn.

De handhaver bepaalt in welk segment van de in

In zijn algemeenheid gaat het bij categorie 1 en 2 om lichte

figuur 1 opgenomen matrix (de basisinterventiematrix) hij

overtredingen. Het onderscheid tussen gevolgen van belang

zijn bevindingen positioneert door (1) het beoordelen van de

(categorie 3) en aanzienlijke gevolgen (categorie 4) zit vooral

gevolgen van de overtreding voor de fysieke leefomgeving,

in de ernst en omvang van de (dreigende) schade. Schade van

zoals milieu, erfgoed, natuur, water, ruimtelijke ordening,

enige omvang die onomkeerbaar is, wordt in beginsel ingedeeld

veiligheid, gezondheid e.d., en (2) het typeren van de

in categorie 4.

5

(vermeende) overtreder.

6

Voor specifieke domeinen of specifieke (bijvoorbeeld 4. Aanzienlijk

A4

B4

C4

D4

3. Van belang

A3

B3

C3

D3

2. Beperkt

A2

B2

C2

D2

1. Vrijwel nihil

A1

B1

C1

D1

[gevolgen ↑/

A.

B.

C.

D.

en/of onom­

veelvoorkomende) overtredingen kan de kwalificatie van de gevolgen van een geconstateerde overtreding nader worden uitgewerkt om de handhavers houvast te bieden.

keer­baar

De handhaver baseert zijn kwalificatie van de gevolgen op de

overtreder →]

Figuur 1

Goed­

Onver­

Calcu­

Notoir/

willend

schillig

lerend

crimineel

Basisinterventiematrix voor het positioneren van de overtreding naar gevolgen en typering overtreder

bevindingen van het toezicht. Als duidelijk is dat de overtreding nadelige gevolgen voor de fysieke leefomgeving heeft of kan hebben maar de precieze omgeving daarvan nog niet kan worden vastgesteld, hanteert hij als uitgangspunt dat er gevolgen van belang zijn.

Ad 2 Typering van (het gedrag van) de overtreder De handhaver typeert de overtreder aan de hand van zijn gedrag als:

Ad 1 Typering van de gevolgen voor de fysieke leefomgeving

A. Goedwillend (indien de overtreder proactief is, geneigd

De handhaver beoordeelt de gevolgen van de geconstateerde

is om de regels te volgen en/of de overtreding het gevolg

overtreding voor de fysieke leefomgeving als:

is van onbedoeld handelen); of B. Neutraal/onverschillig (indien de overtreder passief of

1. (vrijwel) nihil; of

reactief is, een houding van ‘moet kunnen’ heeft en/of

2. beperkt; of

de bevinding en de gevolgen van zijn handelen hem

3. van belang; of

koud laten); of

4. aanzienlijk en/of onomkeerbaar.

C. Calculerend/opportunistisch (indien de overtreder wist of moest weten wat de gevolgen van de bevinding

Onder gevolgen worden ook dreigende gevolgen verstaan, dat

zouden zijn en die op de koop toe neemt, alleen tot

wil zeggen als de overtreding (mogelijk) leidt tot (bij categorie 3

normconform gedrag overgaat indien de toezichthouder

en 4: aanmerkelijke) nadelige gevolgen van belang (of het risico

daar uitdrukkelijk op wijst (of daarvoor een sanctie laat

daarop) voor de fysieke leefomgeving, zoals hinder, schade

opleggen of oplegt), bewust risico(’s) op overtreding

aan beschermde waarden (zoals milieu, natuur of erfgoed),

neemt); of

verontreiniging, zieken, gewonden of doden (mens, plant en

D. Notoir/crimineel (indien de overtreder bewust en

dier). Ook kunnen daaronder de gevolgen van een overtreding

structureel de regels overtreedt, controle bewust

worden verstaan die de mogelijkheden van controle beperken

belemmert, criminele activiteiten ontplooit en/of deel

of onmogelijk maken, en de gevolgen of verstorende effecten

uitmaakt van een criminele organisatie, sprake is van

die de overtreding heeft of kan hebben voor het gezag van de

fraude, oplichting of witwassen).

5 6

13

Afhankelijk van de organisatie of het complexe karakter van de betrokken kwestie kan dit positioneren door twee (of meer) handhavers plaatsvinden. Uit een oogpunt van duidelijkheid wordt de term overtreder gebruikt, ook al kan in de praktijk op enig moment in een procedure blijken dat betrokkene toch niet als overtreder kan worden aangemerkt (bijvoorbeeld – vgl. bij rechts­ personen – omdat de overtreding hem/haar niet kan worden toegerekend of omdat er achteraf beschouwd geen sprake was van een overtreding).

Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO)

Van professionele marktpartijen en ervaren personen of

herstel kan worden volstaan. Bij sommige aspecten is sowieso

bedrijven mag worden verwacht dat zij de regels kennen en

strafrechtelijke handhaving geïndiceerd.

streven naar de naleving daarvan. En voor de overheid als 7

overtreder geldt hier dat voor de kennis over en de naleving van

In zijn algemeenheid geldt dat de keuze voor de soort bestraffing

regels gelet op haar voorbeeldfunctie strenge maatstaven gelden.

afhankelijk is van de wens van de wetgever in het betrokken

Dat betekent dat een geconstateerde overtreding al snel wijst op

domein. De wens van de wetgever over de keuze tussen

een onverschillige houding of zelfs aanknopingspunt kan zijn

strafrechtelijke en bestuursrechtelijke bestraffing loopt per

voor het aannemen van calculerend gedrag. Dat geldt sterker

domein of zelfs per (soort) overtreding uiteen. Zoals hiervoor

indien een overtreding (steeds) pas ongedaan wordt gemaakt

is toegelicht, zal de doeltreffendheid bij de bestuursrechtelijke

nadat een toezichthouder erop heeft gewezen.

handhaving met bestraffende sancties meer gewicht hebben, en afschrikwekkendheid meer bij de strafrechtelijke handhaving.

De handhaver baseert de typering op de bevinding van het

De scherpte van de sancties in het strafrecht en de kracht van

toezicht en neemt daarbij het gedrag van de overtreder en de

de strafprocesrechtelijke bevoegdheden en methoden voor

toezicht- en handhavingshistorie mee in de beschouwing. De

waarheidsvinding onderscheiden zich van bestuursrechtelijke

typering van de overtreder moet objectief en controleerbaar zijn

handhaving. Dit zijn factoren die bij de keuze tussen bestuurs­

en mag niet zijn gebaseerd op ‘onderbuikgevoelens’.

rechtelijke en strafrechtelijke bestraffing en bij de daarover te maken afspraken in zijn algemeenheid een rol zullen (moeten)

Als de handhaver niet in staat is om de overtreder te typeren,

spelen.

dan is typering A het uitgangspunt bij overtredingen waarvan de gevolgen vrijwel nihil zijn (categorie 1) en typering B het

De volgende aspecten worden in elk geval meegewogen bij

uitgangspunt bij overtredingen met beperkte gevolgen, gevolgen

de keuze voor strafrechtelijke bestraffing:

van belang of aanzienlijke/onomkeerbare gevolgen (categorie 2, 3 en 4).

A. Onomkeerbare gevolgen/geen herstelsanctie mogelijk: de overtreding heeft nadelige gevolgen voor de fysieke

4.2 Stap 2: bepalen van de verzwarende aspecten die aanleiding kunnen geven voor een ingrijpender herstelsanctie of voor strafrechtelijk onderzoek of bestraffing

leefomgeving die niet (meer) kunnen worden weggenomen, zoals onherstelbare milieuschade, of de normadressaat heeft het anderszins niet (meer) in zijn macht om de rechtmatige toestand te herstellen. Hoe groter en/of ernstiger de schade, hoe eerder strafrechtelijke handhaving is geïndiceerd. Een overtreding met onomkeerbare gevolgen zal overigens veelal al meteen bij het indelen in de basisinterventiematrix (stap 1) in de zwaardere interventiecategorie vallen.

De handhaver bepaalt of er verzwarende aspecten zijn die

B. Recidive: de normadressaat was al eerder in de fout gegaan

aanleiding geven voor een meer ingrijpende op herstel gerichte

en eerdere herstelsancties en/of een bestuurlijke boete

interventie of voor bestraffing. Bij de op herstel gerichte

hadden een onvoldoende preventief effect. Omdat het

interventie hangen de verzwarende aspecten samen met de mate

hier een beleidsmatige afweging betreft, zijn (algemene of

waarin er op feiten en omstandigheden gebaseerd vertrouwen is

domeinspecifieke) afspraken mogelijk over wat onder recidive

dat de overtreder terugkeer naar normconformiteit nastreeft en

wordt verstaan: herhaling van dezelfde overtreding, van

herstel. Dat vertrouwen is bijvoorbeeld geschonden wanneer er

eenzelfde type overtreding (en wat dat dan is) of van een

sprake is van recidive. (hoofdvragen 1a en 1b)

overtreding in het betrokken domein – en alles daartussen. Bij het bepalen van recidive worden ook overtredingen

De handhaver bepaalt of er aspecten zijn die aanleiding geven

meegenomen uit andere regio’s, ook overtredingen uit

voor bestraffing (hoofdvraag 2a), hetzij, - indien wettelijk mogelijk

aangrenzende landen of het verdere buitenland kunnen

- met een bestuursrechtelijke bestraffing (bestuurlijke boete),

worden meegenomen.

hetzij met een strafrechtelijke bestraffing (strafbeschikking of strafvervolging). Hieronder valt ook de beslissing dat (nader) strafrechtelijk onderzoek aangewezen lijkt. De uitkomst van beantwoording van de hiervoor beschreven twee hoofdvragen (herstel of bestraffing) kan in veel gevallen zijn dat met 7

14

Dit neemt uiteraard niet weg dat van de overheid kan worden verwacht dat burgers en bedrijven goed worden voorgelicht over nieuwe regels en wijzigingen van regels. Goede voorlichting en transparantie draagt bij aan grotere naleving.

Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO)

C. Verkregen financieel voordeel (winst of besparing): de normadressaat heeft door zijn handelen of nalaten

4.3 Stap 3: optreden aan de hand van de algemene of domeinspecifieke interventiematrix

financieel voordeel behaald en/of het behalen van financieel voordeel was het doel. Als het voordeel (substantieel) hoger

De LHSO heeft als uitgangspunt om de meest effectieve

is dan de maximale bestuurlijke boete die voor het betrokken

interventie in te zetten. Dat betekent in veel gevallen dat kan

feit kan worden opgelegd of als er helemaal geen bestuurlijke

worden volstaan met een lichte interventie. In andere gevallen

boete kan worden opgelegd, is strafrechtelijke handhaving

brengt de situatie mee dat zo’n lichte interventie geen recht

aangewezen.

doet, en moet een zwaardere, meer ingrijpende interventie

D. Combinatie met andere relevante strafbare feiten:

worden gekozen. Per situatie wordt deze ‘interventieladder’

de normadressaat heeft andere strafbare feiten gepleegd

beoordeeld met de vraag wat de meest effectieve interventie is

om de in het omgevingsrecht geconstateerde overtreding

in het concrete geval. Daarbij speelt ook het maatschappelijk

te verhullen, zoals valsheid in geschrifte of omkoping,

draagvlak voor handhaving een belangrijke rol. Zo zal bij een

of de geconstateerde overtreding is gepleegd in het kader

goedwillende overtreder die een lichte overtreding zonder

van andere strafbare feiten, zoals witwassen. Een zeer

nadelige gevolgen heeft gepleegd (positionering in segment A1)

belangrijke indicator is ook het vermoeden van het bestaan

in eerste instantie kunnen worden volstaan met aanspreken,

van een criminele organisatie.

informeren of waarschuwen.8 Moet die overtreder (beperkte)

E. Medewerking van malafide deskundigen (“facilitators”):

maatregelen treffen om de overtreding op te heffen en

De normadressaat is bij zijn handelen ondersteund door

laat hij dat na of gaat hij anderszins weer in de fout, dan

malafide deskundigen, zoals malafide vergunningverlenende

wordt opgeschaald naar bijvoorbeeld het opleggen van een

of certificerende instellingen, keuringsinstanties en

herstelsanctie of een bestuurlijke boete.

brancheorganisaties. Het gaat hier om de inschakeling van ‘facilitators’, dat wil zeggen sleutelfiguren in een branche

De handhaver gebruikt bij stap 4 de algemene of, indien

die niet-naleving bewust faciliteren. Het ligt voor de

beschikbaar en van toepassing, de domeinspecifieke

hand dat het strafrecht zich in het bijzonder juist op deze

interventiematrix. Dit werkt als volgt:

facilitators zal richten. Loyale samenwerking tussen het OM en het bestuur is hier van groot belang alleen al gelet op de

1. De handhaver kijkt naar de interventies in het segment van

taken en bevoegdheden van het bestuur bij het verlenen en

de toepasselijke interventiematrix waarin hij de bevinding

intrekken van vergunningen, certificaten en dergelijke.

eerder met behulp van stap 1 (paragraaf 4.1) in de

F. Waarheidsvinding: soms is strafrechtelijke handhaving

basisinterventiematrix heeft gepositioneerd.

aangewezen vanwege de mogelijkheid van het toepassen

2. De handhaver kiest voor de minst zware (combinatie) van

van opsporingsbevoegdheden waarover de bestuurlijke

de bij het betreffende segment behorende interventies,

organisaties niet beschikken. Strikt genomen gaat het hier

tenzij de handhaver motiveert dat een andere (combinatie

niet om een verzwarende omstandigheid maar om de inzet

van) interventie(s) in de betreffende situatie passender is.

van onderzoeksbevoegdheden die alleen in het strafrecht

Daarbij maakt hij gebruik van zijn bevindingen bij stap 2

voorhanden zijn. Die bevoegdheden kunnen veelal alleen

(inzake eventuele verzwarende aspecten; paragraaf 4.2).

worden ingezet bij zwaardere feiten.

3. De handhaver zet de betreffende (combinatie van)

G. Normbevestiging: het strafrecht is het meest indringende

interventie(s) in totdat sprake is van naleving. Als naleving

corrigerende systeem. Juist door zijn expressieve kracht is

binnen de door de handhaver bepaalde termijn uitblijft,

het bij uitstek geschikt om het belang van regels en de ernst

pakt de handhaver direct door via het inzetten van een

van niet-naleving te agenderen bij politiek, publiek

zwaardere (combinatie van) interventie(s).

en branche. In aanvulling op deze algemene verzwarende aspecten kunnen per domein domeinspecifieke verzwarende aspecten worden geformuleerd.

8

15

Dit is ook de bedoeling van de wetgever (MvT Omgevingswet, Kamerstukken II 2013/14, 33962, nr. 3, p. 48): “Wanneer de gevolgen van een overtreding beperkt zijn en de overtreder normaal gesproken de regels naleeft en de betreffende overtreding onbedoeld heeft begaan, zal kunnen worden volstaan met een lichte interventie, zoals een waarschuwing.”

Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO)

De (mogelijke) gevolgen: 4. Aanzienlijk en/of onom­keerbaar

Interventiematrix Strafrecht BSB (indien mogelijk)/PV

Strafrecht BSB (indien mogelijk)/PV

Strafrecht BSB (indien mogelijk)/PV/ nader strafr. onderzoek

Bestuursrecht bestraffend Bestuurlijke boete (indien mogelijk)

Bestuursrecht bestraffend Bestuurlijke boete (indien mogelijk)

Bestuursrecht bestraffend Bestuurlijke boete (indien mogelijk)

Strafrecht PV/nader strafr. onderzoek

Bestuursrecht ingrijpend Exploitatieverbod/sluiting Schorsen/intrekken vergunning, erkenning of certificaat Bestuursrecht ingrijpend Exploitatieverbod/sluiting Schorsen/intrekken vergunning, erkenning of certificaat

3. Van belang

Bestuursrecht herstellend LOD/LOB (incl. tijdelijk stilleggen) Verscherpt toezicht

Bestuursrecht herstellend LOD/LOB (incl. tijdelijk stilleggen) Verscherpt toezicht

Bestuursrecht herstellend LOD/LOB (incl. tijdelijk stilleggen)

Bestuursrecht herstellend LOD/LOB (incl. tijdelijk stilleggen)

Strafrecht BSB (indien mogelijk)/PV

Strafrecht BSB (indien mogelijk)/PV

Strafrecht BSB (indien mogelijk)/PV/ nader strafr. onderzoek

Strafrecht PV/nader strafr. onderzoek

Bestuursrecht bestraffend Bestuurlijke boete (indien mogelijk)

Bestuursrecht bestraffend Bestuurlijke boete (indien mogelijk)

Bestuursrecht bestraffend Bestuurlijke boete (indien mogelijk)

Bestuursrecht bestraffend Bestuurlijke boete (indien mogelijk) Bestuursrecht ingrijpend Exploitatieverbod/sluiting Schorsen/intrekken vergunning, erkenning of certificaat

Bestuursrecht herstellend Bestuurlijk gesprek/ waarschuwing

2. Beperkt

Bestuursrecht herstellend Aanspreken/informeren

Bestuursrecht herstellend LOD/LOB (incl. tijdelijk stilleggen). Verscherpt toezicht

Bestuursrecht herstellend LOD/LOB (incl. tijdelijk stilleggen). Verscherpt toezicht

Bestuursrecht herstellend LOD/LOB (incl. tijdelijk stilleggen)

Strafrecht BSB (indien mogelijk)/PV

Strafrecht BSB (indien mogelijk)/PV

Strafrecht PV

Bestuursrecht bestraffend Bestuurlijke boete (indien mogelijk)

Bestuursrecht bestraffend Bestuurlijke boete (indien mogelijk)

Bestuursrecht herstellend LOD/LOB (incl. tijdelijk stilleggen). Verscherpt toezicht

Bestuursrecht herstellend LOD/LOB (incl. tijdelijk stilleggen)

Strafrecht BSB (indien mogelijk)/PV

Strafrecht PV

Bestuursrecht bestraffend Bestuurlijke boete (indien mogelijk)

Bestuursrecht bestraffend Bestuurlijke boete (indien mogelijk)

Bestuursrecht herstellend Bestuurlijk gesprek/ waarschuwing

1. Vrijwel nihil

Het gedrag van de overtreder is:

16

Bestuursrecht herstellend Aanspreken/informeren

Bestuursrecht herstellend Aanspreken/informeren

Bestuursrecht herstellend Bestuurlijk gesprek/ waarschuwing

Bestuursrecht herstellend Bestuurlijk gesprek/ waarschuwing

A. Goedwillend, proactief (dwz beëindigt overtreding eigener beweging)

B. Onverschillig

C. Calculerend

D. Notoir/crimineel

Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO)

In aanvulling op de LHSO kunnen er handhavings- of

Aan overleg is meer behoefte als voor de betrokken situatie

sanctiestrategieën zijn voor specifieke deelterreinen van

geen standaard afspraken over de afstemming tussen

het omgevingsrecht vergelijkbaar met de aanvulling voor

bestuursrechtelijke en strafrechtelijke handhaving gelden.

Seveso-overtredingen (Brzo) uit 2012.

De standaardafspraken voor de betrokken situatie kunnen voorzien in overleg of overleg wordt gezocht als de handhaver

Maatvoering (termijnen)

in de bevindingen van het concrete geval aanleiding ziet om

In algemene zin geldt voor het stellen van termijnen het

van de standaard afspraken af te wijken. Uit een oogpunt van

volgende:

doelmatige handhaving wordt zoveel mogelijk gehandhaafd op basis van algemene afspraken tussen bestuur, politie en justitie

•

Gedragsvoorschriften dienen direct in acht te worden

over afstemming en keuzes voor afdoening.

genomen. Hiervoor moet geen of hooguit een zeer korte termijn te worden gesteld om de overtreding te beëindigen

Als de handhaver in een concreet geval concludeert dat

en/of herhaling ervan te voorkomen.

overleg over de afstemming en inzet van bestuurs- en/ of strafrecht nodig is, wordt gehandeld op basis van vooraf

In alle andere gevallen, waaronder ook situaties waarin voor

tussen bestuursrechtelijke handhavingsinstanties, bijzondere

het treffen van herstelmaatregelen (al dan niet aanzienlijke)

opsporingsdiensten, politie en OM gemaakte algemene

investeringen moeten worden gedaan, geldt: hoe urgenter de

afspraken over hun inzet en samenspel (afstemming). Alleen

situatie des te korter de termijn. De termijn moet altijd worden

zo kan in voorkomende gevallen accuraat en effectief optreden

afgestemd op de tijd die redelijkerwijs nodig is om de benodigde

worden gewaarborgd, vooral als sprake is van spoed en/of

herstelmaatregelen te treffen, dus rekening houdend met de

heterdaad. Situaties waarin de vooraf gemaakte afspraken niet

technische en organisatorische uitvoerbaarheid.

voorzien, zullen apart door de betrokken instanties worden beoordeeld, in een regulier overleg of in ad hoc overleg als snelheid is vereist. Uit het overleg volgt hoe de betreffende

4.4 Stap 4: bepalen of afstemmingsoverleg nodig is

overtreding verder wordt opgepakt. Ten slotte wordt, ongeacht de positionering van overtreding en overtreder, standaard aangifte bij het OM gedaan als

Indien er aan de hand van stap 1 en stap 2 wordt vastgesteld

toezichthouders de volgende ernstige bevindingen doen:

dat er aanleiding is voor bestraffing, beziet de handhaver bij stap 3 of er overleg met andere handhavende instanties

•

Het toezicht wordt bewust onmogelijk gemaakt,

is afgesproken of om andere redenen nodig is. Indien er is

bijvoorbeeld door het onterecht weigeren van toegang,

afgesproken dat de bestraffende interventie een strafrechtelijke

intimidatie, geweldsdreiging, fraude, vernietiging van bewijs

is, dan wordt die weg ingezet. Indien er sprake is van opzettelijk

en/of poging tot omkoping.

of zeer nalatig veroorzaken van gevaar aan personen en/of

•

De toezichthouder constateert dat er opzettelijk mensen

milieu wordt steeds overleg met het OM gevoerd. Afhankelijk

in gevaar worden gebracht, door onder andere sabotage,

van de afspraken vindt er nadere afstemming plaats of niet. De

vernieling of het bewust verstrekken van verkeerde

gemaakte afspraken en de afstemming kunnen betekenen dat er

informatie.

een gezamenlijke interventie plaatsvindt. Bij deze vormen van niet-medewerking aan het toezicht wordt Deze stap beoogt het faciliteren van goede afstemming en

tevens bestuursrechtelijk opgetreden met het opleggen van

weloverwogen inzet van het handhavingsinstrumentarium.

een last onder dwangsom of een last onder bestuursdwang

Het betreft daarom tweerichtingsverkeer: bestuursrechtelijke

(artikel 5:20, derde lid, en 5:32 Awb).

handhavers zoeken indien nodig en volgens de (algemene of domeinspecifieke) gemaakte afspraken het overleg op met politie en OM en omgekeerd. Samen met tijdige informatieuitwisseling is dit tweerichtingsverkeer een uitwerking van het beginsel van loyale samenwerking.

17

Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO)

4.5 Stap 5: vastlegging stappen en beslissingen De doorlopen stappen en genomen beslissingen worden systematisch, verifieerbaar en transparant vastgelegd, zodanig dat hieruit kan worden afgeleid dat is voldaan aan het motiveringsbeginsel, het zorgvuldigheidsbeginsel, het verbod van willekeur en het verbod van misbruik van bevoegdheid. De handhaver neemt hierbij in aanmerking dat handhavingsbeleid, waartoe naar vaste rechtspraak ook een handhavingsstrategie en/of interventieladder behoort, in de regel moet worden gevolgd en dat handelen in afwijking van het beleid zorgvuldig moet worden afgewogen en deugdelijk moet worden gemotiveerd. Ook wordt zo inzichtelijk op welke wijze verzwarende en verzachtende omstandigheden een rol hebben gespeeld bij de keuze, wat bijdraagt aan een consistent overheidshandelen. Het verdient aanbeveling om te werken met een vast model voor verslaglegging dat zoveel mogelijk landelijk wordt gehanteerd en in de gebruikte ICT systemen is ingebouwd.

18

Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO)

HOOFDSTUK 5

Randvoorwaarden voor werken met de LHSO Eventuele vaststelling en bekend­ making als beleid(sregel)

Organisatorische borging Niet alleen op papier, maar ook organisatorisch moet uitvoering van de LHSO en in het bijzonder de afstemming

De LHSO kan elektronisch worden bekendgemaakt als

en samenwerking geborgd zijn. Dat betekent dat de betrokken

beleidsregel. Vaak zal er daarnaast een beleidsregel moeten

instanties ervoor zorgen dat relevante functies (zoals

worden vastgesteld waarin duidelijk wordt gemaakt dat en hoe

contactpersonen en specialisten) structureel bemenst zijn.

de LHSO wordt gevolgd in het eigen beleid. Er is daarvoor een model-vaststellingsbesluit beschikbaar dat door het betrokken bestuursorgaan kan worden gebruikt.

Model verslaglegging stappen Afstemming met ander handhavingsbeleid

Het verdient aanbeveling om te werken met een vast model

Het bestaande handhavingsbeleid dient waar nodig te

voor verslaglegging van de stappen en beslissingen in

worden afgestemd op de LHSO. De betrokken handhavende

handhavingstrajecten dat zoveel mogelijk landelijk wordt

instantie is verplicht om een handhavingsstrategie vast te

gehanteerd en in de gebruikte ICT systemen is ingebouwd.

stellen en kan hierbij gebruik maken van de LHSO. Voor bepaalde beleidsterreinen zullen daarvoor naar verwachting in de toekomst modellen worden ontwikkeld die kunnen worden overgenomen of waarbij aansluiting kan worden gezocht. Om recht te doen aan het uitgangspunt van een transparante overheid zouden deze keuzestrategieën ook als beleidsregel moeten worden vastgesteld die elektronisch wordt bekendgemaakt. Het model-vaststellingsbesluit gaat uit van deze mogelijkheid.

Overlegstructuur Het is voor een effectieve handhaving van groot belang dat er effectief en loyaal wordt samengewerkt tussen alle betrokkenen (bevoegde bestuursorganen, toezichthouders en opsporingsambtenaren, politie en openbaar ministerie). Deze samenwerking moet zo zijn georganiseerd dat de juiste personen op het juiste moment structureel of juist ad hoc en zaakgericht overleggen en informatie uitwisselen. Structureel afstemmingsoverleg en overleg over signalen of concrete zaken met het OM en de politie dient te zijn gewaarborgd.

19

Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO)

BIJLAGE 1

Concept Model vaststellingsbesluit handhavingsstrategie Omgevingsrecht Beleidsregel Handhavingsstrategie Omgevingsrecht provincie xxx/ Waterschap xxx/ Gemeente xxx Het college van Gedeputeerde Staten/het college van dijkgraaf en heemraden/het college van Burgemeester en wethouders (en de burgemeester) Gelet op: -

Artikel 18.1 en 18.20, eerste lid, Omgevingswet;

-

Artikel 13.5 Omgevingsbesluit;

-

Artikel xx Verordening Kwaliteit, toezicht en handhaving Omgevingsrecht xx

Besluit vast te stellen: +

Beleidsregel Handhavingsstrategie omgevingsrecht en de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht

+ +

De handhavingsstrategie Bouwen (bij wijze van voorbeeld) De handhavingsstrategie Cultureel Erfgoed (bij wijze van voorbeeld)

+

De handhavingsstrategie Horeca ((bij wijze van voorbeeld van een optioneel lokaal geformuleerde strategie)

Het verdient aanbeveling om in het vaststellingsbesluit (of in de daarmee vast te stellen besluiten) voorzieningen op te nemen van overgangsrecht, en een uitdrukkelijke bepaling die de citeertitel voorschrift.

20

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.oude-ijsselstreek.nl/api/v1/meetings/4873/documents/31344