CConstaterende datOude IJsselstreek
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Toelichting - Verkennend bodem- en asbestonderzoek.pdf

Raadsvergadering 26 januari 2023, gemeente Oude IJsselstreekBij agendapunt: 2: Bestemmingsplan Miltseweg 7 Gendringen21.448 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

12515702

Van

Tot

Uw datum monstername

Monsteromsch./Monstername ID

1, 01-1: 250-350

0680572941

1

250

350

18-Jan-2022

0801029371

1

250

350

18-Jan-2022

Eurofins Analytico B.V.

Gildeweg 42-46 Venecoweg 5 NL-3771NB Barneveld B-9810 Nazareth +31 (0)34 242 63 00 +32 (0)9 222 77 59 Info-env@eurofins.nl belgie-env@eurofins.be www.eurofins.nl www.eurofins.be

BNP Paribas S.A. 227 9245 25 IBAN: NL71BNPA0227924525 BIC: BNPANL2A KvK/CoC: 09088623 BTW/VAT: NL 8043.14.883.B01

Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).

Bijlage (B) met opmerkingen behorende bij analysecertificaat 2022007353/1 Pagina 1/1 Opmerking 1)

De toetswaarde van de som is gelijk aan de sommatie van 0,7*RG

Eurofins Analytico B.V.

Gildeweg 42-46 Venecoweg 5 NL-3771NB Barneveld B-9810 Nazareth +31 (0)34 242 63 00 +32 (0)9 222 77 59 Info-env@eurofins.nl belgie-env@eurofins.be www.eurofins.nl www.eurofins.be

BNP Paribas S.A. 227 9245 25 IBAN: NL71BNPA0227924525 BIC: BNPANL2A KvK/CoC: 09088623 BTW/VAT: NL 8043.14.883.B01

Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).

.

Bijlage (C) met methodeverwijzingen behorende bij analysecertificaat 2022007353/1

Analyse

Pagina 1/1

Methode

Techniek

Methode referentie

Barium (Ba)

W0421

ICP-MS

pb 3110-3 en NEN-EN-ISO 17294-2

Cadmium (Cd)

W0421

ICP-MS

pb 3110-3 en NEN-EN-ISO 17294-2

Kobalt (Co)

W0421

ICP-MS

pb 3110-3 en NEN-EN-ISO 17294-2

Koper (Cu)

W0421

ICP-MS

pb 3110-3 en NEN-EN-ISO 17294-2

Kwik (Hg)

W0421

ICP-MS

pb 3110-3 en NEN-EN-ISO 17294-2

Molybdeen (Mo)

W0421

ICP-MS

pb 3110-3 en NEN-EN-ISO 17294-2

Nikkel (Ni)

W0421

ICP-MS

pb 3110-3 en NEN-EN-ISO 17294-2

Lood (Pb)

W0421

ICP-MS

pb 3110-3 en NEN-EN-ISO 17294-2

Zink (Zn)

W0421

ICP-MS

pb 3110-3 en NEN-EN-ISO 17294-2

Metalen

Vluchtige Aromatische Koolwaterstoffen

Xylenen som AS3000

W0254

HS-GC-MS

pb 3130-1

Aromaten (BTEXN)

W0254

HS-GC-MS

pb 3130-1

Styreen

W0254

HS-GC-MS

pb 3130-1

Vluchtige organische halogeenkoolwaterstoffen

VOCl (11)

W0254

HS-GC-MS

pb 3130-1

Tribroommethaan (Bromoform)

W0254

HS-GC-MS

pb 3130-1

Vinylchloride

W0254

HS-GC-MS

pb 3130-1

1,1-Dichlooretheen

W0254

HS-GC-MS

pb 3130-1

DiClEtheen som AS3000

W0254

HS-GC-MS

pb 3130-1

1,1-Dichloorpropaan

W0254

HS-GC-MS

pb 3130-1

1,2-Dichloorpropaan

W0254

HS-GC-MS

pb 3130-1

1,3-Dichloorpropaan

W0254

HS-GC-MS

pb 3130-1

DiChlprop. som AS3000

W0254

HS-GC-MS

pb 3130-1

W0215

GC-FID

pb 3110-5

Minerale olie

Minerale olie (C10-C40)

Nadere informatie over de toegepaste onderzoeksmethoden alsmede een classificatie van de meetonzekerheid staan vermeld in ons overzicht "Specificaties analysemethoden", versie juni 2020.

Eurofins Analytico B.V.

Gildeweg 42-46 Venecoweg 5 NL-3771NB Barneveld B-9810 Nazareth +31 (0)34 242 63 00 +32 (0)9 222 77 59 Info-env@eurofins.nl belgie-env@eurofins.be www.eurofins.nl www.eurofins.be

BNP Paribas S.A. 227 9245 25 IBAN: NL71BNPA0227924525 BIC: BNPANL2A KvK/CoC: 09088623 BTW/VAT: NL 8043.14.883.B01

Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).

BIJLAGE 8: Toetsingtabellen

BoToVa T12 Toetsing Wbb grond Uw projectnummer Projectnaam Ordernummer Datum monstername Monsternemer Certificaatnummer Startdatum Rapportagedatum

MM22001 Miltseweg 7A te Gendringen

Analyse

Eenheid

06-01-2022 Arjan Ellmann 2022001668 06-01-2022 11-01-2022

Bodemtype correctie Organische stof Korrelgrootte < 2 µm (Lutum) Voorbehandeling Cryogeen malen Bodemkundige analyses Droge stof % (m/m) Organische stof % (m/m) ds Gloeirest % (m/m) ds Korrelgrootte < 2 µm (Lutum) % (m/m) ds Metalen Barium (Ba) mg/kg ds Cadmium (Cd) mg/kg ds Kobalt (Co) mg/kg ds Koper (Cu) mg/kg ds Kwik (Hg) mg/kg ds Molybdeen (Mo) mg/kg ds Nikkel (Ni) mg/kg ds Lood (Pb) mg/kg ds Zink (Zn) mg/kg ds Minerale olie Minerale olie (C10-C12) mg/kg ds Minerale olie (C12-C16) mg/kg ds Minerale olie (C16-C21) mg/kg ds Minerale olie (C21-C30) mg/kg ds Minerale olie (C30-C35) mg/kg ds Minerale olie (C35-C40) mg/kg ds Minerale olie totaal (C10-C40) mg/kg ds Chromatogram olie (GC) Polychloorbifenylen, PCB PCB 28 mg/kg ds PCB 52 mg/kg ds PCB 101 mg/kg ds PCB 118 mg/kg ds PCB 138 mg/kg ds PCB 153 mg/kg ds PCB 180 mg/kg ds PCB (som 7) (factor 0,7) mg/kg ds Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen, PAK Naftaleen mg/kg ds Fenanthreen mg/kg ds Anthraceen mg/kg ds Fluorantheen mg/kg ds Benzo(a)anthraceen mg/kg ds Chryseen mg/kg ds Benzo(k)fluorantheen mg/kg ds Benzo(a)pyreen mg/kg ds Benzo(ghi)peryleen mg/kg ds Indeno(123-cd)pyreen mg/kg ds PAK VROM (10) (factor 0,7) mg/kg ds

1

GSSD

Oordeel

3,5 13,6

2

GSSD

1,1 19,2

Uitgevoerd 83,8 3,5

89 0,34 5 8,7 0,064 <1,5 10 20 59

83,2 1,1

13,6 140,8 0,4693 7,748 12,4 0,0766 1,05 14,83 25,34 86

-

88 0,29 11 11 <0,050 <1,5 23 19 57

<3,0 <5,0 <5,0 12 16 9 38 Zie bijl.

6 10 10 34,29 45,71 25,71 108,6

-

<3,0 <5,0 <5,0 <11 <5,0 <6,0 <35

10,5 17,5 17,5 38,5 17,5 21 122,5

<0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 0,0049

0,002 0,002 0,002 0,002 0,002 0,002 0,002 0,014

-

<0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 0,0049

0,0035 0,0035 0,0035 0,0035 0,0035 0,0035 0,0035 0,0245

<0,050 0,053 <0,050 0,15 0,085 0,077 <0,050 0,089 0,072 0,078 0,71

0,035 0,053 0,035 0,15 0,085 0,077 0,035 0,089 0,072 0,078 0,709

-

<0,050 <0,050 <0,050 0,088 <0,050 0,059 <0,050 0,057 0,052 0,056 0,49

0,035 0,035 0,035 0,088 0,035 0,059 0,035 0,057 0,052 0,056 0,487

-

82,6 3,1

19,2 108,3 0,395 13,42 14,29 0,0393 1,05 27,57 22,68 72,15

170 1 6,4 19 <0,050 <1,5 12 88 150

450,4 1,554 16,02 33,73 0,047 1,05 26,75 127,2 292,7

<3,0 8,4 15 39 16 <6,0 86 Zie bijl.

6,774 27,1 48,39 125,8 51,61 13,55 277,4

*

-

<0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 0,0013 0,0015 0,0011 0,0067

0,0022 0,0022 0,0022 0,0022 0,0041 0,0048 0,0035 0,0216

*

-

0,21 0,24 0,052 0,37 0,25 0,35 0,15 0,27 0,22 0,23 2,3

0,21 0,24 0,052 0,37 0,25 0,35 0,15 0,27 0,22 0,23 2,342

*

Nr.

Analytico-nr

Monster

BoToVa Oordeel

1

12496938

MM01, 01: 0-50, 03: 0-50

Voldoet aan Achtergrondwaarde

2

12496939

MM02, 01: 50-100, 01: 100-150, 02: 80-130, 02: 130-170

Voldoet aan Achtergrondwaarde

3

12496940

02, 02: 0-50

Overschrijding Achtergrondwaarde

-

kleiner dan of gelijk aan de Achtergrondwaarde groter dan Achtergrondwaarde

**

groter dan Tussenwaarde

***

groter dan Interventiewaarde

Deze toetsing is m.b.v. BoToVa uitgevoerd. Zie voor info: http://www.rwsleefomgeving.nl/onderwerpen/bodem-ondergrond/bbk/instrumenten/botova/

Oordeel

82,6 3,1 97 5,7

Legenda

*

GSSD

Uitgevoerd

83,2 1,1 98 19,2

-

3

3,1 5,7

Uitgevoerd

83,8 3,5 96 13,6

Verklaring van de gebruikte tekens:

Oordeel

-

-

5,7

* * * *

BoToVa T1 Beoordeling kwaliteit van grond en bagger bij toepassing op of in de landbodem Uw projectnummer Projectnaam Ordernummer Datum monstername Monsternemer Certificaatnummer Startdatum Rapportagedatum

MM22001 Miltseweg 7A te Gendringen

Analyse

Eenheid

06-01-2022 Arjan Ellmann 2022001668 06-01-2022 11-01-2022

Bodemtype correctie Organische stof Korrelgrootte < 2 µm (Lutum) Voorbehandeling Cryogeen malen Bodemkundige analyses Droge stof % (m/m) Organische stof % (m/m) ds Gloeirest % (m/m) ds Korrelgrootte < 2 µm (Lutum) % (m/m) ds Metalen Barium (Ba) mg/kg ds Cadmium (Cd) mg/kg ds Kobalt (Co) mg/kg ds Koper (Cu) mg/kg ds Kwik (Hg) mg/kg ds Molybdeen (Mo) mg/kg ds Nikkel (Ni) mg/kg ds Lood (Pb) mg/kg ds Zink (Zn) mg/kg ds Minerale olie Minerale olie (C10-C12) mg/kg ds Minerale olie (C12-C16) mg/kg ds Minerale olie (C16-C21) mg/kg ds Minerale olie (C21-C30) mg/kg ds Minerale olie (C30-C35) mg/kg ds Minerale olie (C35-C40) mg/kg ds Minerale olie totaal (C10-C40) mg/kg ds Chromatogram olie (GC) Polychloorbifenylen, PCB PCB 28 mg/kg ds PCB 52 mg/kg ds PCB 101 mg/kg ds PCB 118 mg/kg ds PCB 138 mg/kg ds PCB 153 mg/kg ds PCB 180 mg/kg ds PCB (som 7) (factor 0,7) mg/kg ds Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen, PAK Naftaleen mg/kg ds Fenanthreen mg/kg ds Anthraceen mg/kg ds Fluorantheen mg/kg ds Benzo(a)anthraceen mg/kg ds Chryseen mg/kg ds Benzo(k)fluorantheen mg/kg ds Benzo(a)pyreen mg/kg ds Benzo(ghi)peryleen mg/kg ds Indeno(123-cd)pyreen mg/kg ds PAK VROM (10) (factor 0,7) mg/kg ds

1

Oordeel

2

Oordeel

1,1 19,2

3,1 5,7

Uitgevoerd

Uitgevoerd

Uitgevoerd

83,8 3,5 96 13,6

83,2 1,1 98 19,2

82,6 3,1 97 5,7

89 0,34 5 8,7 0,064 <1,5 10 20 59 <3,0 <5,0 <5,0 12 16 9 38 Zie bijl. <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 0,0049 <0,050 0,053 <0,050 0,15 0,085 0,077 <0,050 0,089 0,072 0,078 0,71

<= AW

88 0,29 11 11 <0,050 <1,5 23 19 57

<= AW

<3,0 <5,0 <5,0 <11 <5,0 <6,0 <35

<= AW

<0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 0,0049

<= AW

<0,050 <0,050 <0,050 0,088 <0,050 0,059 <0,050 0,057 0,052 0,056 0,49

<= AW <= AW <= AW <= AW <= AW <= AW <= AW

<= AW <= AW <= AW <= AW <= AW <= AW <= AW <= AW

<= AW

<= AW Wonen Ind.

Ind.

Wonen

Oordeel

MM01, 01: 0-50, 03: 0-50

Altijd toepasbaar

2

12496939

MM02, 01: 50-100, 01: 100-150, 02: 80-130, 02: 130-170

Altijd toepasbaar

3

12496940

02, 02: 0-50

Klasse industrie

Zie voor info: http://www.rwsleefomgeving.nl/onderwerpen/bodem-ondergrond/bbk/instrumenten/botova/

<= AW

<= AW

Monster

Deze toetsing is m.b.v. BoToVa uitgevoerd.

<= AW

0,21 0,24 0,052 0,37 0,25 0,35 0,15 0,27 0,22 0,23 2,3

12496938

klasse industrie

<= AW

Wonen

Analytico-nr

kleiner dan of gelijk aan de Achtergrondwaarde

<3,0 8,4 15 39 16 <6,0 86 Zie bijl.

Ind. Wonen

<= AW

1

Verklaring van de gebruikte tekens:

170 1 6,4 19 <0,050 <1,5 12 88 150

<0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 0,0013 0,0015 0,0011 0,0067

Legenda

Ind.

Oordeel

3,5 13,6

Nr.

<= AW

3

BoToVa T13 Toetsing Wbb grondwater (ondiep) Uw projectnummer Projectnaam Ordernummer Datum monstername Monsternemer Certificaatnummer Startdatum Rapportagedatum

MM22001 Miltseweg 7A te Gendringen

Analyse

Eenheid

18-01-2022 Arjan Ellmann 2022007353 18-01-2022 26-01-2022

Metalen Barium (Ba) µg/L Cadmium (Cd) µg/L Kobalt (Co) µg/L Koper (Cu) µg/L Kwik (Hg) µg/L Molybdeen (Mo) µg/L Nikkel (Ni) µg/L Lood (Pb) µg/L Zink (Zn) µg/L Vluchtige Aromatische Koolwaterstoffen Benzeen µg/L Tolueen µg/L Ethylbenzeen µg/L o-Xyleen µg/L m,p-Xyleen µg/L Xylenen (som) factor 0,7 µg/L BTEX (som) µg/L Naftaleen µg/L Styreen µg/L Vluchtige organische halogeenkoolwaterstoffen Dichloormethaan µg/L Trichloormethaan µg/L Tetrachloormethaan µg/L Trichlooretheen µg/L Tetrachlooretheen µg/L 1,1-Dichloorethaan µg/L 1,2-Dichloorethaan µg/L 1,1,1-Trichloorethaan µg/L 1,1,2-Trichloorethaan µg/L cis 1,2-Dichlooretheen µg/L trans 1,2-Dichlooretheen µg/L CKW (som) µg/L Tribroommethaan µg/L Vinylchloride µg/L 1,1-Dichlooretheen µg/L 1,2-Dichloorethenen (Som) factor 0,7 µg/L 1,1-Dichloorpropaan µg/L 1,2-Dichloorpropaan µg/L 1,3-Dichloorpropaan µg/L Dichloorpropanen som factor 0.7 µg/L Minerale olie Minerale olie (C10-C12) µg/L Minerale olie (C12-C16) µg/L Minerale olie (C16-C21) µg/L Minerale olie (C21-C30) µg/L Minerale olie (C30-C35) µg/L Minerale olie (C35-C40) µg/L Minerale olie totaal (C10-C40) µg/L Extra parameters som 16 aromatische oplosmiddelen µg/L

1

Oordeel

110 0,36 2,7 3,5 <0,050 <2,0 14 9,3 <10

*

<0,20 <0,20 <0,20 <0,10 <0,20 0,21 <0,90 <0,020 <0,20

-

<0,20 <0,20 <0,10 <0,20 <0,10 <0,20 <0,20 <0,10 <0,10 <0,10 <0,10 <1,6 <0,20 <0,10 <0,10 0,14 <0,20 <0,20 <0,20 0,42

-

<10 <10 <10 <15 <10 <10 <50 0,77

Legenda Nr.

Analytico-nr

Monster

BoToVa Oordeel

1

12515702

1, 01-1: 250-350

Overschrijding Streefwaarde

Verklaring van de gebruikte tekens:

-

kleiner dan of gelijk aan de Streefwaarde

*

groter dan Streefwaarde

**

groter dan Tussenwaarde

***

groter dan Interventiewaarde

Deze toetsing is m.b.v. BoToVa uitgevoerd. Zie voor info: http://www.rwsleefomgeving.nl/onderwerpen/bodem-ondergrond/bbk/instrumenten/botova/

-

-

-

-

-

-

-

BIJLAGE 9: Projectfoto’s

onderzoek

onderzoek

onderzoek

onderzoek

BIJLAGE 10: Informatie vooronderzoek

Miltseweg 7 te Genderingen Omgevingsrapportage

Pagina 1 van 8

-

14-12-2021

Inhoudsopgave Voorblad Inhoudsopgave Inleiding Miltseweg 5A HBB: Bulteman, J.E.; Miltseweg 7 Kaarten Disclaimer Toelichting

Pagina 2 van 8

-

14-12-2021

De provincie Gelderland en de twee grote Gelderse gemeenten Arnhem en Nijmegen zijn in het kader van de Wet bodembescherming (Wbb) aangewezen als de instanties die toezien op het saneren van verontreinigde bodem en het voorkomen van nieuwe bodemverontreiniging (. Zij sturen de bodemsaneringsoperatie en voeren zelf bodemsaneringen uit en beoordelen plannen en saneringen die door anderen (bedrijven, particulieren en gemeenten) worden uitgevoerd. Hierbij kan de provincie juridische en financiële instrumenten inzetten. In dit kader worden bodemgegevens verzameld in het bodeminformatiesysteem (BIS) van de provincie.

In deze rapportage treft u gegevens aan die afkomstig zijn uit het BIS van de provincie Gelderland. Hiermee krijgt u een indruk van de aan- of afwezigheid van gegevens over mogelijke bodemverontreiniging in het geselecteerde gebied. De twee grote gemeenten hebben hun eigen BIS. Gegevens van die gemeenten worden niet in deze rapportage weergegeven. Het ontbreken van gegevens in het BIS of deze rapportage wil niet zeggen dat er geen bodemverontreiniging op een perceel of in een gebied aanwezig is.

De provincie zal aansturen op sanering van alle historische verontreinigingen (ontstaan voor 1987) die risico’s veroorzaken (dit zijn de spoedlocaties die tot de werkvoorraad van de provincie behoren). In het rapport wordt per locatie aangegeven (Vervolg Wbb-traject) of een locatie nog tot de werkvoorraad behoort en welke vervolg in dat kader wordt verwacht.

Dit rapport bestaat uit vier delen: 1. Deze pagina bevat een tekening van het geselecteerde gebied. 2. Informatie over het geselecteerde gebied, per locatie gegroepeerd De in het bodeminformatiesysteem van de provincie Gelderland aangetroffen informatie over locaties die zich binnen het geselecteerde gebied bevinden. 3. Disclaimer 4. Toelichting op de rapportage. Hier vindt u de uitleg van de gegevens die in dit rapport zijn vermeld.

Als u vragen heeft over de in dit rapport vermelde gegevens dan kunt u contact opnemen met de provincie Gelderland via https://www.gelderland.nl/Contact door het invullen van een vragenformulier. Dit wordt automatisch toegezonden aan het PROVINCIELOKET of te bellen naar 026 – 359 99 99.

Pagina 3 van 8

-

14-12-2021

Locatie: Miltseweg 5A Locatie Adres

Miltseweg 5A 7081HM Gendringen

Locatiecode

AA150900443

Locatienaam

Miltseweg 5A

Plaats

Oude IJsselstreek

Locatiecode bevoegd gezag WBB

GE023700517

Status Vervolg WBB

Uitvoeren historisch onderzoek

Beoordeling

Status rapporten

Nul- of Eindsituatieonderzoek

Beschikking

Status besluiten

Potentieel Ernstig en Urgent

Onverdacht op basis preHO

Status asbest Nee

Is van voor 1987

Uitgevoerde onderzoeken Datum 18-06-1996

Type

Naam

Auteur

Nul- of Eindsituatieonderzoek

Miltseweg 5A

bodemkundig bureau

Opdrachtnummer

Start

Archief

Conclusie overheid

Beschikbare documenten per onderzoek Geen gegevens beschikbaar

Verontreinigende activiteiten Activiteit

Vervallen

Benoemd

Verontreinigd

bestrijdingsmiddelengroothandel

1981

Einde 9999

Nee

Nee

Onbekend

Onbekend

dieseltank (bovengronds)

1992

9999

Nee

Nee

Onbekend

Onbekend

dieseltank (ondergronds)

1981

9999

Nee

Nee

Onbekend

Onbekend

loonbedrijf t.b.v. land- en tuinbouw

1992

9999

Nee

Nee

Onbekend

Onbekend

opslag van aromatische koolwaterstoffen

1992

9999

Nee

Nee

Onbekend

Onbekend

Geconstateerde verontreinigingen Geen gegevens beschikbaar

Beschikbare documenten Geen gegevens beschikbaar

Besluiten Geen gegevens beschikbaar

Sanering Geen gegevens beschikbaar

Saneringscontouren Geen gegevens beschikbaar

Zorgmaatregelen Geen gegevens beschikbaar

Pagina 4 van 8

-

14-12-2021

Spoed

Voldoende onderzocht

Locatie: HBB: Bulteman, J.E.; Miltseweg 7 Locatie Adres

Miltseweg 7 7081DK Gendringen

Locatiecode

AA150900781

Locatienaam

HBB: Bulteman, J.E.; Miltseweg 7

Plaats

Oude IJsselstreek

Locatiecode bevoegd gezag WBB

GE023700862

Status Vervolg WBB

voldoende onderzocht

Beoordeling

niet ernstig, licht tot matig verontreinigd

Status rapporten

Nader onderzoek

Beschikking

Niet ernstig, licht tot matig verontreinigd

Status besluiten

Niet ernstig, licht tot matig verontreinigd

Status asbest

Is van voor 1987

Ja

Uitgevoerde onderzoeken Datum

Type

Naam

Auteur

20-03-2012

Verkennend onderzoek NEN 5740

Verkennend bodemonderzoek Miltseweg 7 Gendringen

Rouwmaat

19-07-2013

Verkennend onderzoek NEN 5740

Verkennend Bodemonderzoek Miltseweg 7 gedeeltelijk

Ecopart B.V.

31-03-2014

Nader onderzoek

Nader Bodemonderzoek Miltseweg 7 gedeeltelijk, Gendringen

Ecopart B.V.

Opdrachtnummer

Archief

Conclusie overheid

Beschikbare documenten per onderzoek Geen gegevens beschikbaar

Verontreinigende activiteiten Activiteit

Start

hbo-tank (ondergronds)

1975

Einde 1995

Vervallen

Benoemd

Verontreinigd

Nee

Nee

Onbekend

Geconstateerde verontreinigingen Geen gegevens beschikbaar

Beschikbare documenten Geen gegevens beschikbaar

Besluiten Geen gegevens beschikbaar

Sanering Geen gegevens beschikbaar

Saneringscontouren Geen gegevens beschikbaar

Zorgmaatregelen Geen gegevens beschikbaar

Pagina 5 van 8

-

14-12-2021

Spoed

Voldoende onderzocht Onbekend

Pagina 6 van 8

-

14-12-2021

De bodeminformatie die u in deze rapportage aantreft is met zorg door gemeenten of provincie in het bodeminformatiesysteem ingevoerd. Toch kan het voorkomen dat informatie is verouderd, onvolledig is of onjuistheden bevat. De provincie Gelderland is niet aansprakelijk voor enigerlei schade die het directe of indirecte gevolg is van of in verband staat met het gebruik van deze informatie. Het ontbreken van gegevens in het BIS of deze rapportage wil niet zeggen dat er geen bodemverontreiniging op een perceel of in een gebied aanwezig is. Deze rapportage bevat geen gegevens van de twee grote gemeenten in de provincie Gelderland die zelf bevoegd gezag Wet bodembescherming zijn (Arnhem en Nijmegen). Als u fouten of onvolkomenheden in de rapportage aantreft kunt u ons helpen door dit te melden via https://www.gelderland.nl/Contact door het invullen van een vragenformulier. Dit wordt automatisch toegezonden aan het PROVINCIELOKET of te bellen naar 026 – 359 99 99.

Pagina 7 van 8

-

14-12-2021

Toelichting Locatie Algemene gegevens waaronder de locatie in het BIS bekend is. Daarnaast wordt aangegeven of de locatie betrekking heeft op een verontreiniging die na 1 januari 1987 is ontstaan (een zorgplicht geval dat onmiddellijk ongedaan gemaakt moet worden/zijn).

Status In de wet bodembescherming wordt onderscheid gemaakt tussen ernstige en niet ernstige verontreinigingen. Bij ernstige verontreinigingen wordt vervolgens beoordeeld of bij het huidige gebruik er mogelijke risico’s aanwezig zijn. Op basis van de beschikbare gegevens wordt de verontreinigingssituatie zo goed mogelijk ingeschat en vermeld onder het veld ‘beoordeling’. Pas als de verontreiniging voldoende is onderzocht wordt de conclusie vastgelegd in een formeel besluit. Dit is onder het veld ‘Beschikking’ aangegeven.

Sanering In een saneringsplan wordt aangegeven hoe de sanering wordt uitgevoerd. Dit kan voor een beperkt deel van het terrein gelden (deelsanering) of in verschillende fasen worden uitgevoerd. Als het bevoegd gezag een termijn heeft afgegeven voor het starten van de sanering dan wordt dat hier vermeld. Indien wordt ingestemd met het eindresultaat van de sanering (vastgelegd in een evaluatierapport) wordt ook de einddatum van de sanering ingevuld.

Uitgevoerde onderzoeken Een lijst van rapporten die betrekking hebben op de locatie. Deze rapporten worden in het geval van ernstige verontreiniging beoordeeld door het bevoegd gezag Wbb.

(Mogelijk) Verontreinigende activiteiten Dit is een overzicht van bekende historische (bedrijfs)activiteiten die op de locatie aanwezig zijn geweest en mogelijk bodemverontreiniging veroorzaakt hebben. Deze potentiële verontreinigingsbronnen vormen het zogenaamde. Historisch Bodem Bestand (HBB).

Besluiten Op basis van de aangeleverde rapporten doet het bevoegd gezag uitspraak over de mate van verontreiniging (ernst), de spoedeisendheid van saneren (spoed), te nemen maatregelen voor, na en tijdens sanering, saneringsplannen en de uitvoering van de sanering (evaluatie). In dit overzicht worden de door de provincie Gelderland genomen besluiten vermeld.

Saneringscontouren Indien sprake is van een deelsanering of verschillende fasen dan worden meerdere contouren vermeld. Per fase of deel wordt aangegeven welke saneringsvariant voor de boven- of ondergrond uiteindelijk is uitgevoerd.

Zorgmaatregelen/gebruiksbeperkingen Als na sanering nog verontreiniging is achtergebleven zijn maatregelen genomen om blootstelling aan of verspreiding van deze (rest)verontreiniging te voorkomen. Deze maatregelen worden in het BIS geregistreerd. Het bevoegd gezag houdt toezicht op het in standhouden van deze maatregelen.

Pagina 8 van 8

-

14-12-2021

Rapport Bodemloket GE023700862 HBB: Bulteman, J.E.; Miltseweg 7 Datum: 14-12-2021

Legenda Locatie Voortgang onderzoek

Mijnsteengebieden

Pagina 1 van 3

Bodemloket Rapport GE023700862 HBB: Bulteman, J.E.; Miltseweg 7

RapportGE023700862 HBB: Bulteman, J.E.; Miltseweg 7 Inhoud 1

Algemeen

1.1

Administratieve gegevens

1.2

Statusinformatie

1.3

Verontreinigende (onderzochte) activiteiten

1.4

Onderzoeksrapporten

1.5

Besluiten

1.6

Saneringsinformatie

1.7

Contactgegevens

2

Disclaimer

1 Algemeen Dit rapport is opgesteld met de gegevens uit http://www.bodemloket.nl.

1.1

Administratieve gegevens Locatienaam:

HBB: Bulteman, J.E.; Miltseweg 7

Identificatiecode volgens bevoegd gezag:

GE023700862

Locatiecode gemeentelijk BIS:

AA150900781

Adres:

Miltseweg 7 7081DK Gendringen

Gegevensbeheerder:

Provincie Gelderland

Als de gegevensbeheerder de provincie is, kan er bij de gemeente en/of de omgevingsdienst waar de locatie onder valt meer informatie beschikbaar zijn.

1.2 Statusinformatie Vervolg:

voldoende onderzocht.

Omschrijving:

De resultaten van het uitgevoerde (historische) bodemonderzoek geven aan dat de (voormalige) activiteiten en/of de onderzoekslocatie voldoende zijn onderzocht in het kader van de Wet bodembescherming.

1.3 Verontreinigende (onderzochte) activiteiten Omschrijving

Start

Eind

hbo-tank (ondergronds) (631242)

1975

1995

1.4 Onderzoeksrapporten Type

Auteur

Nummer

Datum

Nader onderzoek

Ecopart B.V.

15882

2014-03-31

Verkennend onderzoek NEN

Ecopart B.V.

15785

2013-07-19

5740

Pagina 2 van 3

Bodemloket Rapport GE023700862 HBB: Bulteman, J.E.; Miltseweg 7

Verkennend onderzoek NEN

Rouwmaat

MT.22081

2012-03-20

5740

1.5 Besluiten Type

Kenmerk

Datum

1.6 Saneringsinformatie Bovengronds

Ondergronds

Start

Eind

1.7 Contact Gedetailleerde informatie over deze locatie kunt u opvragen bij

Provincie Gelderland Bezoekadres: Markt 11, 6811 CG Arnhem (route) Postadres: Postbus 9090, 6800 GX Arnhem Telefoon: (026) 359 99 99 Fax: (026) 359 94 80 E-mail: provincieloket@gelderland.nl Twitter: twitter.com/provgelderland

2 Disclaimer De bodeminformatie omvat alleen informatie die bij de provincie en gemeenten bekend is. Wanneer er geen gegevens op de kaart staan kunnen we niet met zekerheid zeggen dat de ondergrond schoon is. Andersom wijzen historische bedrijfsactiviteiten op de kaart niet zonder meer op bodemverontreiniging. Om daar duidelijkheid in te krijgen moet de bodem verder onderzocht worden. De inhoud van deze bodeminformatiekaart is met de grootste zorg samengesteld. Toch kan het voorkomen dat de informatie verouderd is of onjuistheden bevat. Wij vragen daarvoor uw begrip. Neem voor de meest actuele situatie van een locatie contact op met de gegevensbeheerder van de locatie. De contactgegevens van de gegevensbeheerder staat hierboven. Uw reactie stellen we op prijs. Het geeft ons gelegenheid de fouten en gebreken te herstellen. Rijkswaterstaat beheert de website Bodemloket. Vragen over de werking van de website kunt u stellen via onze helpdesk: http://www.bodemplus.nl/helpdesk.

Pagina 3 van 3

VERKENNEND BODEMONDERZOEK NEN 5740

RAPPORT

Miltseweg 7 gedeeltelijk Gendringen

Verkennend bodemonderzoek conform de NEN 5740

projectlocatie

Miltseweg 7 gedeeltelijk Gendringen opdrachtgever

Dahlhaus Bouw bv Nijverheidsweg 20 7081 AE Gendringen

Projectnummer en versie:

Status:

15785, versie 1.0

- DEFINITIEF -

Projectleider:

Afdrukdatum: 22-7-2013

Ing. X. Schuurmans

Rapportdatum:

19 juli 2013

Gecertificeerd veldmedewerker:

De heer J. Groot Antink

ECOPART BV Zephirlaan 5 7004 GP DOETINCHEM telefoon 0314-368100 fax 0314-365743 email info@ecopart-bv.nl

Autorisatie:

Naam:

Goedgekeurd

Ing. B. Mengers

Paraaf:

 ECOPART BV Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of op enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever

BRL SIKB 2000 protocollen 2001 en 2002

Inhoudsopgave 1. Aanleiding en doelstelling ..................................................1-1 1.1 aanleiding van het onderzoek ................................................1-1 1.2 doelstelling van het onderzoek ..............................................1-1 1.3 opzet van het onderzoek........................................................1-1 1.4 reikwijdte van het onderzoek .................................................1-2 1.5 het proces en kwaliteitssysteem ............................................1-2 2. Vooronderzoek .....................................................................2-1 2.1 algemene locatiegegevens ....................................................2-1 2.2 conclusies vooronderzoek .....................................................2-1 2.3 bodemopbouw en geohydrologie...........................................2-2 3. Hypothese.............................................................................3-1 4. Uitvoering veldwerkzaamheden .........................................4-1 4.1 aanpak veldwerk ....................................................................4-1 4.2 grond- en grondwatermonstername ......................................4-1 4.3 uitvoering veldwerk ................................................................4-1 5.

Resultaten veldwerkzaamheden.........................................5-1 5.1 lokale bodemopbouw .............................................................5-1 5.2 zintuiglijke waarnemingen......................................................5-1 6. Laboratoriumonderzoek......................................................6-1 6.1 opzet laboratoriumonderzoek ................................................6-1 6.2 samenstelling analysepakketten ............................................6-1 7. Resultaten laboratoriumonderzoek ...................................7-1 7.1 beoordelingskader bodemonderzoek ....................................7-1 7.2 toetsingsresultaten.................................................................7-2 7.3 toelichting op de toetsing .......................................................7-5 7.4 interpretatie ............................................................................7-5 8. Samenvatting en conclusie.................................................8-1 8.1 samenvatting..........................................................................8-1 8.2 conclusie ................................................................................8-1 8.3 aanbevelingen / aandachtspunten .........................................8-2

Bijlagen I II III IV V VI VII VIII

Regionale en locale situering a. regionale situering b. locale situering Situatietekening onderzoekslocatie Boorprofielen en veldwerkformulier Analysegegevens laboratorium Berekende achtergrond-, streef- en interventiewaarden Toegepaste NEN/NPR-richtlijnen, werkwijze en bemonsteringstechnieken Geraadpleegde bronnen Foto’s

A A N L E I D I N G

E N

D O E L S T E L L I N G

Hoofdstuk

1 1. Aanleiding en doelstelling 1.1 aanleiding van het onderzoek In opdracht van Dahlhaus Bouw bv is door ECOPART BV een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op een perceel aan de Miltseweg 7 gedeeltelijk te Gendringen. Aanleiding voor de uitvoering van dit onderzoek is de voorgenomen herziening van het bestemmingsplan op deze locatie, waarbij een aantal schuren worden gesloopt en een nieuwe woning met garage / schuur zal worden gebouwd. De eventuele aanwezigheid van een bodemverontreiniging kan een beletsel of beperking van deze plannen vormen. 1.2 doelstelling van het onderzoek Het doel van het ingestelde onderzoek in deze situatie is aan te tonen dat op de locatie redelijkerwijs gesproken geen verontreinigende stoffen aanwezig zijn in de grond boven de generieke achtergrondgehalten en/of in het freatisch grondwater in gehaltes boven de streefwaarden. 1.3 opzet van het onderzoek De opzet van het onderzoek is gebaseerd op de Nederlandse norm voor verkennend bodemonderzoek (NEN 5740) en is als volgt opgebouwd: 1. inventarisatie: De beschikbare gegevens over de onderhavige onderzoekslocatie, voor zover deze van belang zijn voor het verkrijgen van inzicht in een mogelijke bodemverontreiniging worden verzameld, gerangschikt en samengevat in een vooronderzoek. Gebaseerd op deze gegevens wordt een onderzoeksplan opgesteld. 2.

onderzoek: Bij het veldonderzoek worden aanvullende gegevens verkregen over de bodemopbouw en mogelijke bodemvreemde bijmengingen. Tevens worden de grond en het grondwater systematisch bemonsterd en chemisch onderzocht op mogelijke verontreinigingen. 3. rapportage: Er wordt verslag gedaan van een aantal locatiegegevens alsmede van de uitkomsten van de onderzoeksgegevens. Aan de hand van de interpretatie van de resultaten afkomstig van de chemische analyses, is er een conclusie omtrent de kwaliteit van de bodem en de gebruiksmogelijkheden of beperkingen van het perceel met betrekking tot de bodemkwaliteit in de rapportage opgenomen. Op basis van de voorhanden zijnde gegevens is een bemonsterings- en analyseplan opgesteld en uitgewerkt.

Projectnummer: 15785, versie 1.0 Datum: 19 juli 2013

1-1

A A N L E I D I N G

E N

D O E L S T E L L I N G

1.4 reikwijdte van het onderzoek Het verkennend bodemonderzoek wordt in zijn algemeenheid uitgevoerd door steekproefsgewijs bemonsteren van al dan niet verdachte bodemlagen. Hoewel ECOPART BV conform de van toepassing en van kracht zijnde regelgeving handelt, is het juist deze steekproefsgewijze benadering die het onmogelijk maakt garanties ten aanzien van de verontreinigingsituatie af te geven op basis van de resultaten van een bodemonderzoek. Het vorenstaande betekent dat ECOPART BV op voorhand geen aansprakelijkheid accepteert ten aanzien van mogelijke beslissingen die de opdrachtgever naar aanleiding van het door ons bureau uitgevoerde bodemonderzoek neemt. In een voorkomend geval adviseren wij u altijd contact op te nemen met uw aanspreekpunt binnen ECOPART BV. Verder kan worden opgemerkt dat de voor het historisch onderzoek geraadpleegde bronnen niet altijd zonder fouten en volledig zijn. Voor het verkrijgen van historische informatie is ECOPART BV wel afhankelijk van deze bronnen, waardoor ons bureau niet kan instaan voor de juistheid en volledigheid van de verzamelde historische informatie.

Tevens wordt erop gewezen dat het uitgevoerde onderzoek een momentopname betreft en dat naarmate meer activiteiten op de locatie plaatsvinden en de periode verstreken sedert uitvoering van het onderzoek langer wordt, de onderzoeksresultaten met een grotere omzichtigheid moeten worden gehanteerd. 1.5 het proces en kwaliteitssysteem Het procescertificaat van ECOPART BV en het hierbij behorende kwaliteitskeurmerk zijn uitsluitend van toepassing op de activiteiten inzake de monsterneming inclusief de daarbij behorende veldwerkregistratie en de overdracht van de monsters aan een door de Stichting Raad voor Accreditatie (STERLAB) erkend laboratorium. Tussen ECOPART BV en de opdrachtgever is geen sprake van een relatie die de onafhankelijkheid en/of integriteit van ons bureau zou beïnvloeden of de werkzaamheden zou kunnen belemmeren.

Projectnummer: 15785, versie 1.0 Datum: 19 juli 2013

1-2

V O O R O N D E R Z O E K

Hoofdstuk

2 2. Vooronderzoek 2.1 algemene locatiegegevens Het onderzochte terrein is gelegen aan de Miltseweg 7 te Gendringen en heeft een oppervlakte van circa 2.000 m². In bijlage Ia is de regionale situering weergegeven. De lokale situering is weergegeven in bijlage Ib. Om te bepalen van welke hypothese moet worden uitgegaan bij het opstellen van de onderzoeksstrategie, is door ECOPART BV een vooronderzoek conform de NEN 5725 (basisniveau) ingesteld. Een dergelijk onderzoek dient informatie te verschaffen over het vroegere en huidige gebruik van de te onderzoeken locatie, alsmede over de bodemsamenstelling en de geohydrologische situatie. Ten behoeve van het vooronderzoek is door de opdrachtgever een historisch vragenformulier ingevuld. Tevens is bij de gemeente Oude IJsselstreek nagegaan of er van de onderzoekslocatie en de directe omgeving informatie bekend is met betrekking tot de historie. Vervolgens is op 4 juli 2013, voorafgaande aan het veldwerk, het terrein visueel geïnspecteerd. Onderstaand zijn de conclusies van het vooronderzoek weergegeven. Tevens is de regionale bodemopbouw en geohydrologische situatie beschreven. 2.2 conclusies vooronderzoek Onderzoekslocatie en omgeving De onderzoekslocatie is gelegen aan de Miltseweg 7 gedeeltelijk te Gendringen (gemeente Oude IJsselstreek). De locatie is kadastraal bekend als gemeente Gendringen, sectie K, nummer 3057 gedeeltelijk.

Op de locatie was een agrarisch bedrijf gevestigd. Op de locatie Miltseweg 7 staat een woning met een voormalige varkensschuur, een voormalige kuikenschuur en een open loods. Het terrein is deels verhard met klinkers, tegels, gebroken puin en in de voormalige schuren ligt deels beton en deels is het onverhard. De omgeving heeft in hoofdzaak een agrarische bestemming. Historisch gebruik Uit informatie bij de gemeente Oude IJsselstreek is gebleken dat er in 1970 een hinderwetvergunning is afgegeven voor het oprichten en in werking brengen van een propaaninstallatie voor een pluimveebedrijf. In 1971 is er een vergunning verleend voor het oprichten en in werking brengen van een varkensmesterij met opslag van mest en gier, inclusief een pluimveebedrijf met mestopslag en een propaangasinstallatie. Uit het milieudossier blijkt vervolgens dat de gemeente in 1989 voornemens is om de vergunning in te trekken, in verband met bestemmingsplan ‘De Leemkuul’. Op 31 oktober 1989 is het deel van 400 mestvarkens definitief ingetrokken en op 17

Projectnummer: 15785, versie 1.0 Datum: 19 juli 2013

2-1

V O O R O N D E R Z O E K

januari 1995 is het overige deel van de milieuvergunning voor 12.000 mestkuiken definitief ingetrokken. Hierna zijn de schuren voor allerhande zaken in gebruik geweest. De open loods is in het verleden deels in gebruik geweest als hobby-/ knutselruimte, deels was het in gebruik als autogarage en werd een kleine autobus gestald. Tevens zijn in het verleden in de open loods landbouwwerktuigen van loonbedrijf Renting gestald. De voormalige mestkuikenschuur werd gebruikt voor stalling van (oude) auto’s en auto-onderdelen. In het voorste gedeelte van deze schuur werden aan auto’s (‘eenden’) gesleuteld. In de voormalige varkensschuur werden (oude) auto’s gestald en tevens stonden er een aantal caravans. Bodembedreigende activiteiten Ter plaatse van de voormalige schuren hebben in het verleden oude auto’s gestaan en is er aan auto’s gesleuteld. Verder hebben op de onderzoekslocatie voor zover bekend geen activiteiten plaatsgevonden, die aanleiding geven om een bodemverontreiniging te verwachten. De daken van de voormalige varkensschuur en kuikenschuur bestaan uit asbestverdachte platen. Deels is de voormalige varkensschuur en de voormalige kuikenschuur reeds gesloopt. Op een deel van de onderzoekslocatie ligt een puinverharding. Uit de visuele inspectie van het maaiveld ter plaatse is geen asbestverdacht materiaal waargenomen.

Eerder uitgevoerd bodemonderzoek Uit informatie van de opdrachtgever is gebleken dat in maart 2012 op de locatie Miltseweg 7 door Milieutechniek Rouwmaat Groenlo bv een verkennend bodemonderzoek is uitgevoerd (Verkennend bodemonderzoek Miltseweg 7 te Gendringen, d.d. 20 maart 2012, rapportnummer MT 22081). Uit dit onderzoek blijk dat ter plaatse van de huidige onderzoekslocatie geen relevante verontreinigingen zijn aangetroffen. Conclusie vooronderzoek Behoudens dat ter plaatse van de voormalige schuren in het verleden oude auto’s hebben gestaan en er aan auto’s is gesleuteld, blijkt uit het historisch onderzoek dat er geen gegevens bekend zijn van bodembedreigende activiteiten op de onderzoekslocatie. Er wordt derhalve uitgegaan van de standaard onderzoeksstrategie voor ‘onverdachte locaties’ conform NEN 5740, waarbij er tevens boringen ter plaatse van de voormalige schuren worden verricht. 2.3 bodemopbouw en geohydrologie Oostelijk Gelderland Geologisch gezien kan het oostelijke gedeelte van Gelderland worden onderverdeeld in het IJsseldal [omgeving Zutphen], het oostelijke en westelijke deel van het pleistocene bekken [omgeving Lochem, Ruurlo, Lichtenvoorde, Varsseveld], het Tertiair plateau [omgeving Winterswijk] en de zuidwestelijk gelegen Riviervlakte [omgeving Zevenaar, ‘s-Heerenberg].

De belangrijkste waterlopen in deze streek worden gevormd door de Schipbeek, de Berkel, de Oude IJssel, de Aaltense Slinge en de Oude Rijn. Het gebied helt van 30 à 40 m + NAP in het oosten tot 8 á 12 m + NAP in de IJsselvallei.

Projectnummer: 15785, versie 1.0 Datum: 19 juli 2013

2-2

V O O R O N D E R Z O E K

Voor de bodemgegevens en de geohydrologische informatie is gebruik gemaakt van de grondwaterkaart van Nederland (40 Oost) en de Provinciale Overzichten Win- en Produktiemiddelen (VEWIN). Riviervlakte Algemeen De Riviervlakte wordt begrensd door de Oude IJssel, de IJssel en de Rijn en valt ruwweg uiteen in drie delen: het Montferland (gestuwd gebied), het deel westelijk hiervan en het deel oostelijk hiervan. Ten oosten en westen van het Montferland behoren de belangrijkste bodemtypen die binnen dit gebied voorkomen tot de poldervaaggronden en de ooivaaggronden. De meest voorkomende bodemtypen van het Montferland behoren tot de veldpodzolgronden, de enkeerdgronden en de vaaggronden. Geologische ontstaanswijze Voor de geologische ontstaanswijze van het gebied is het tijdvak vanaf het Tertiair van belang. Tijdens deze periode werden in Nederland mariene, schelp- en glauconiethoudende zandige kleien afgezet, de Formaties van Oosterhout en Breda. Tegen het einde van het Tertiair begon de zeespiegel te dalen en werd de nog mariene zandige Formatie van Maassluis afgezet. Vervolgens maakte mariene sedimentatie tijdens het Onder-Pleistoceen plaats voor fluviatiele sedimentatie van zanden, aangevoerd door de Rijn en de Maas, de Formatie van Urk en Tegelen. Deze laatste komt alleen voor ten westen van de lijn DoesburgZevenaar.

Tijdens het Saaliën was het gebied vermoedelijk met landijs bedekt. De zeespiegel daalde en rivieren sneden zich diep in. Het landijs drong door de dalen binnen, en veroorzaakte opstuwing langs de dalwanden. Deze stuwwallen, zoals het Montferland, bestaan grotendeel uit verschubde en geplooide mariene fluviatiele sedimenten. Uit deze perioden stamt de Formatie van Drente die een zeer gevarieerde samenstelling heeft van zanden en leem. Toen na de terugtrekking van het landijs de Rijn weer in noordelijke richting ging stromen zette deze de eveneens zandige Formatie van Kreftenheye af. Deze zijn later plaatselijk door de wind bedekt met dekzand van de Formatie van Twente. In het Holoceen vond tenslotte fluviatiele sedementatie plaats door de IJssel. Het betreft de overwegend kleiige Betuwe Formatie. Regionale bodemopbouw Ter plaatse van de onderzoekslocatie, welk gebied een begraven stuwwal betreft, is een slecht doorlatende deklaag aanwezig, welke kan bestaan uit klei, veen of al dan niet slibhoudend zand. De dikte van deze laag varieert sterk per locatie en kan oplopen tot circa 4,00 meter. Verspreid komen laagjes veen voor, vaak leemhoudend. In het dal van de Oude IJssel is ook sterk ijzerhoudend materiaal afgezet. Deze oerbanken lijken veel op rivierleem. Onder deze deklaag bevindt zich het enige watervoerende pakket, dat onderscheiden kan worden.

Het bestaat ter plaatse van het glaciale bekken uit matig grove iets grindhoudende zanden. De dikte ter plaatse kan variëren van circa 15,00 tot 21,00 meter dikte. Een scheidende laag en een tweede watervoerende pakket ontbreken. De slecht doorlatende basis bestaat uit fluviatiele post-glaciale zanden, plaatselijk met slecht doorlatende, soms met goed doorlatende gestuwde afzettingen van het Plioceen. De dikte en plaats van voorkomen van deze doorlatende afzettingen zijn niet exact bekend. Zij worden als niet belangrijke watervoerende pakketten beschouwd.

Projectnummer: 15785, versie 1.0 Datum: 19 juli 2013

2-3

V O O R O N D E R Z O E K

Overzicht van de geohydrologische bodemgesteldheid Pakket Deklaag WVP 1

Formatie(s) Twente. Kreftenheye

D 0-4 4-20

Basis

Oosterhout

> 20

Samenstelling Fijn zand, leem, klei Grof grindhoudend zand/ matig fijn tot grof zand klei, zandige klei

2

kD m / dag kD 600-1700

WVP = WaterVoerend Pakket, D = Dikte in m, kD = Doorlaatvermogen in m2 /dag

Geohydrologische situatie Het westelijke deel van de Riviervlakte bestaat overwegend uit twee watervoerende pakketten. Het eerste wordt gevormd door de Formatie van Kreftenheye. De eerste scheidende laag bestaat uit de Formatie van Drente. Het tweede watervoerende pakket wordt gevormd door de Formaties van Urk, Maassluis en de zandige top van de formatie van Oosterhout. Ten westen van de lijn Zevenaar-Doesburg wordt het tweede watervoerende pakket in tweeën verdeeld door de aanwezigheid van de Formatie van Tegelen. Ten oosten van het Bergher bos [Monterland] bevindt zicht slechts één watervoerend pakket dat bestaat uit de zanden van de Formaties van Urk, Twente en Kreftenheye. De hydrologische basis wordt gevormd door het Tertiair. Het grondwater in het eerste watervoerende pakket vertoont een grondwaterbult ter plaatse van het Montferland waar vandaan het water in alle richtingen afstroomt. Naar het oosten toe is de grondwaterstroming slechts gering. De stroming in het tweede watervoerende pakket, enkel aanwezig ten westen van de lijn Wehl-Beek, vertoont een vergelijkbaar beeld. In het westen ontvangt het gebied vermoedelijk kwelwater afkomstig van de Veluwe. Regionale grondwaterstroming In het eerste -en ter plaatse enige- watervoerende pakket, stroomt het grondwater in noordoostelijke richting. In de richting van de Oude IJssel.

Het verhang bedraagt circa 0,50 tot 1,00 meter per kilometer. Indien wordt aangenomen dat de doorlatendheid van de zandafzetting in het eerste watervoerende pakket (WVP 1) circa 50 m/d bedraagt, dan is de horizontale stroomsnelheid van het grondwater (gecorrigeerd voor een poriënvolume van 0,3) circa 4 tot 5 meter per jaar. Grondwaterstromingsparameters Pakket Deklaag WVP 1

Stromingsrichting N / NO N /NO

k [m/d]

i [m-km]

v [m/jr.]

50

0,0005 tot 0,001

4,5

Grondwaterstand 10,00 m + NAP (GLG) 10,50 m + NAP (HLG)

Het maaiveld bevindt zich op circa 12 m. + NAP. WVP = WaterVoerend Pakket, k = Doorlatendheid, i = verhang, v = horizontale stroomsnelheid

Grondwaterontrekkingen De belangrijkste grondwateronttrekkingen ten behoeve van de drinkwatervoorziening vinden plaats bij pompstation ‘De Pol’, gelegen ten zuiden van de A18, op circa 3 kilometer ten zuidoosten van het centrum van de gemeente 3 Doetinchem. Hier worden circa 3 tot 4 miljoen m drinkwater per jaar gewonnen. 3 Voorts vindt er in Wehl en Zeddam drinkwaterwinning plaats (ca. 2 miljoen m /jaar). Verder zijn er nog een aantal grootschalige industriële grondwateronttrekkingen gesitueerd in de omgeving van de gemeente Doetinchem. Dit betreft totaal circa 3 1,5 miljoen m per jaar.

Projectnummer: 15785, versie 1.0 Datum: 19 juli 2013

2-4

H Y P O T H E S E

Hoofdstuk

3 3. Hypothese Op basis van de gegevens afkomstig van het vooronderzoek is er geen reden te veronderstellen dat er sprake zou kunnen zijn van een verontreiniging van de te onderzoeken locatie, welke niet middels de standaard onderzoeksopzet kan worden aangetoond. Er wordt uitgegaan van een terreingrootte van circa 2.000 m² en de onderzoekshypothese ‘onverdacht’. De te volgen opzet is gebaseerd op de ‘onderzoeksstrategie bij verkennend onderzoek voor een onverdachte locatie’ [Nederlandse norm NEN 5740], strategie ONV. Opgemerkt dient te worden dat tijdens de uitvoering van het onderzoek het maaiveld alsmede de opgeboorde grond visueel geïnspecteerd zal worden op de aanwezigheid van asbestverdachte (plaat)materialen.

Projectnummer: 15785, versie 1.0 Datum: 19 juli 2013

3-1

U I T V O E R I N G

V E L D W E R K Z A A M H E D E N

Hoofdstuk

4 4. Uitvoering veldwerkzaamheden 4.1 aanpak veldwerk Het veldwerk is uitgevoerd conform de BRL SIKB 2000, protocollen 2001 en 2002 en de bijbehorende NEN/NPR-richtlijnen. Voor een overzicht van de van toepassing zijnde normen wordt verwezen naar bijlage VI. De eventuele afwijkingen van deze richtlijnen en normbladen worden -indien van toepassing- in dit hoofdstuk vermeld en gemotiveerd. Het veldwerk heeft plaatsgevonden op d.d. 4 juli 2013. Het grondwater is d.d. 12 juli 2013 bemonsterd. De werkzaamheden zijn uitgevoerd door de heer J. Groot Antink van ECOPART BV. 4.2 grond- en grondwatermonstername Bij de veldwerkzaamheden wordt onderscheid gemaakt tussen onderzoek van de bovengrond (tussen 0,0-0,5 meter minus maaiveld (m-mv)), de ondergrond (tussen 0,5-2,0 m-mv) en het grondwater. De grondboringen zijn, afhankelijk van de diepte van de diverse monsternamepunten, van het maaiveld tot de maximaal te onderzoeken diepte van 2,0 m-mv over verschillende trajecten bemonsterd. Een en ander is afhankelijk van het karakter van de boring (verdacht of niet-verdacht), de onderscheiden bodemlagen en de organoleptische waarnemingen. Meteen na het plaatsen van de peilbuis is deze met een slangenpomp afgepompt. Minimaal een week na plaatsing is deze opnieuw afgepompt en is het grondwater bemonsterd. De filtratie over 0,45 :m voor de analyse van zware metalen is in-line verricht.

Voor een meer gedetailleerde beschrijving van de wijze waarop de gronden grondwatermonstername heeft plaatsgevonden wordt eveneens verwezen naar het gestelde in bijlage VI. 4.3 uitvoering veldwerk Gezien de oppervlakte van het terrein en het onverdachte karakter zijn in totaal 12 grondboringen uitgevoerd (B1 t/m B12). Alle boringen zijn uitgevoerd tot een minimale diepte van 0,5 m-mv. De boringen zijn representatief verspreid over de onderzoekslocatie. Ten behoeve van het onderzoek naar de kwaliteit van de ondergrond zijn in totaal 3 boringen (B3, B8 en B12) doorgezet tot een diepte van 2,0 m-mv. Ten behoeve van het grondwateronderzoek is boring B8 doorgezet tot een diepte van minimaal 1,5 meter beneden de actuele grondwaterstand waarna in het betreffende boorgat een peilbuis is geplaatst. De grondwaterstand bevond zich ten tijde van veldwerkzaamheden op een diepte van 2,4 m-mv.

de

uitvoering

van

de

De onderzoekspunten zijn uitgepast / zijn ingemeten ten opzichte van de op locatie gesitueerde bebouwing danwel perceelgrenzen Op de situatietekening (bijlage II) zijn de onderzoekspunten weergegeven.

Projectnummer: 15785, versie 1.0 Datum: 19 juli 2013

4-1

R E S U L T A T E N

V E L D W E R K Z A A M H E D E N

Hoofdstuk

6 5 5. Resultaten veldwerkzaamheden 5.1 lokale bodemopbouw Tot de verkende diepte van MV – 3,50 m., bestaat het bodemprofiel overwegend uit matig siltig, matig fijn tot matig grof zandgrond. Plaatselijk bevat de ondergrond klei. Het watervoerend pakket wordt gevormd door middel van matig grindig zeer grof zandgrond. Voor een gedetailleerde beschrijving van de bodemopbouw wordt verwezen naar boorprofielen die zijn opgenomen als bijlage III. 5.2 zintuiglijke waarnemingen De zintuiglijke afwijkingen van het bodemmateriaal tijdens de veldwerkzaamheden zijn in tabel 2 samengevat. Tabel 2: Resultaten zintuiglijk onderzoek grondmonsters. Boringnummer 01 02 03 05 08 10 11

Diepte (m -mv) 0,0 - 0,5 0,0 - 0,5 0,0 - 0,8 0,1 - 0,6 0,6 - 1,0 0,0 - 0,4 0,4 - 0,8 0,1 - 0,2 0,0 - 0,4 0,4 - 0,6

Grondsoort Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand

Zintuiglijke waarneming Sterk puin Sterk puin Sporen puin, resten hout Volledig puin Matig puin, sporen plastic Volledig puin Zwak puin Uiterst puin Sterk puin Zwak puin

Ter plaatse van boring B5, B8 en B10 is de aanwezige semi-verharding (puinverharding) niet bemonsterd, omdat deze niet als bodem kan worden beschouwd. Tijdens de uitvoering van de veldwerkzaamheden zijn geen waarnemingen gedaan die het duiden op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen.

Projectnummer: 15785, versie 1.0 Datum: 19 juli 2013

5-1

O P Z E T

L A B O R A T O R I U M O N D E R Z O E K

Hoofdstuk

6 6. Laboratoriumonderzoek 6.1 opzet laboratoriumonderzoek De grond- en grondwatermonsters worden in het laboratorium, conform de NEN 5740, geanalyseerd volgens AS SIKB 3000 en onderliggende protocollen. Gezien de zintuiglijke waarnemingen bij boring B1, B2, B5 en B11 (sterke en matige puinbijmengingen) in de bovengrond, zijn deze monsters van de bovengrond apart samengesteld in mengmonster MM1. Voor de samenstelling van de (meng)monsters ten behoeve van het laboratoriumonderzoek wordt verwezen naar het gestelde in onderstaande tabel 2. De analysecertficaten zijn opgenomen onder bijlage IV. Tabel 2: Samenstelling mengmonsters. MONSTER TRAJECT

ANALYSE

mengmonster MM1

einde (m-Mv) 0,50 1,00 0,50

pakketnummer A

0,80 0,70 0,80 2,00 1,90 0,60 0,90 1,30 1,90 3,50

A

bovengrond

A

ondergrond

B

grondwater

MM2

MM3

W1

boring aanvang nummer (m-Mv) B1, B2 en B11 0,00 B5 0,60 B3, B4, B6, B7, B9 en 0,00 B12 B8 0,40 B10 0,20 B3 0,50 1,60 B8 1,50 B11 0,40 B1 0,40 0,90 1,40 B1 2,50

BIJZONDERHEDEN bodemlaag bovengrond

Voor de samenstelling van de betreffende analysepakketten wordt verwezen naar onderstaande paragraaf 6.2. 6.2 samenstelling analysepakketten Hieronder is de samenstelling van de analysepakketten weergegeven: pakket A (grond NEN 5740): - zware metalen: barium, cadmium, cobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink; - polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK 10 leidraad); - polychloorbifenylen (PCB); - minerale olie (GC); - lutum en organische stof.

Projectnummer: 15785, versie 1.0 Datum: 19 juli 2013

6-1

O P Z E T

L A B O R A T O R I U M O N D E R Z O E K

pakket B (grondwater NEN 5740): - zware metalen: barium, cadmium, cobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink - vluchtige gechloreerde koolwaterstoffen; - vluchtige broomhoudende koolwaterstoffen; - vluchtige aromatische koolwaterstoffen (incl. naftaleen en styreen); - minerale olie.

Projectnummer: 15785, versie 1.0 Datum: 19 juli 2013

6-2

R E S U L T A T E N

L A B O R A T O R I U M O N D E R Z O E K

Hoofdstuk

7 7. Resultaten laboratoriumonderzoek 7.1 beoordelingskader bodemonderzoek Om de mate van verontreiniging van de grond en het grondwater te kunnen beoordelen, zijn de uitkomsten van de chemische analyses van de grondmonsters en het watermonster getoetst aan de toetsingswaarden welke gesteld zijn in de Wet bodembescherming. Deze indicatieve richtwaarden zijn als volgt te definiëren:

Projectnummer: 15785, versie 1.0 Datum: 19 juli 2013

•

Generieke achtergrondwaarde / streefwaarde voor een multifunctionele bodem: De achtergrond- danwel streefwaarden geven het niveau aan waarbij sprake is van een duurzame bodemkwaliteit en komen overeen met de gemiddelde gehaltes aan van nature aanwezige stoffen in de bodem, gerelateerd aan het lutum- en/of het organische stofgehalte. Een overschrijding van de achtergrond-/streefwaarden wordt een lichte verhoging genoemd, waarbij mogelijk sprake kan zijn van een bodemverontreiniging.

•

Interventiewaarden t.b.v. een beslissing tot sanering: De interventiewaarden geven aan wanneer de functionele eigenschappen die de bodem heeft voor mens, dier en plant ernstig zijn of dreigen te worden verminderd. Dit geldt zowel voor de humaan- als eco-toxicologische effecten van de bodemverontreinigende stoffen.

•

Voor verontreinigingen ontstaan vóór 1-1-1987 zijn de interventiewaarden gerelateerd aan een ruimtelijke schaal. Om van overschrijding van de waarden, en dus van een geval van ernstige bodemverontreiniging te spreken, dient voor ten minste één stof de 3 3 gemiddelde concentratie in minimaal 25 m grond of 100 m grondwater hoger te zijn dan de interventiewaarde. De interventiewaarde is net als de achtergrond-/streefwaarde gerelateerd aan het organische stof- en lutumgehalte van de bodem. Ernstige verontreinigingen worden onderscheiden in spoedeisende en niet-spoedeisend gevallen. Om te kunnen bepalen of er sprake is van een spoedeisende en nietspoedeisend geval, worden aan de hand van (uniforme) rekenmethoden, aangevuld met metingen, de actuele risico's voor mens en ecosysteem en de actuele verspreidingsrisico's bepaald. Een overschrijding van de interventiewaarden wordt als ernstige verontreiniging omschreven.

•

Voor verontreinigingen ontstaan na 1-1-1987 geldt de zorgplicht. Dit houdt in dat de verontreinigde locaties ten allen tijde zo spoedig mogelijk dienen te worden gesaneerd.

•

Tussenwaarden ten behoeve van nader onderzoek: Wanneer blijkt dat de concentratie van één of meerdere stoffen de som van de achtergrond/streef- en interventiewaarden gedeeld door twee op één of meerdere plaatsen overschrijdt, wordt er vanuit gegaan dat zich een risico voor de volksgezondheid zou kunnen voordoen. Er zal verder onderzoek noodzakelijk zijn om de verontreinigingsgraad van het terrein nader te analyseren. Een overschrijding van de tussenwaarden wordt als matige verhoging omschreven.

7-1

R E S U L T A T E N

L A B O R A T O R I U M O N D E R Z O E K

Bij de beoordeling van deze waarden speelt de lokale verontreinigingsituatie en het toekomstige gebruik van de onderhavige locatie een belangrijke rol. Onder de lokale verontreinigingsituatie worden die factoren verstaan die van belang zijn voor de mate van en de mogelijkheid tot verspreiding van de verontreiniging naar de omgeving. Het gebruik van de bodem speelt mede een rol bij de bepaling van de mate van eventueel gevaar voor de volksgezondheid of het milieu. Hierbij wordt bijvoorbeeld onderscheid gemaakt tussen enerzijds de meer kwetsbare gebieden, zoals woon-, werk-, en andere verblijfsgebieden, waterwingebieden en natuurgebieden en de minder kwetsbare gebieden, zoals bijvoorbeeld industrieterreinen of gronden met een infrastructurele bestemming. 7.2 toetsingsresultaten De resultaten van de het laboratoriumonderzoek zijn getoetst aan de achtergrond-, streef- en interventiewaarden uit de Wet bodembescherming. In de navolgende toetsingtabellen 3 (grond) en 4 (grondwater) is aangegeven in welke mate de geanalyseerde stofparameters deze waarden overschrijden.

Projectnummer: 15785, versie 1.0 Datum: 19 juli 2013

7-2

R E S U L T A T E N

L A B O R A T O R I U M O N D E R Z O E K

Tabel 3: Analyseresultaten grond in mg/kg d.s. (toetsing achtergrond- en interventiewaarden) Analysemonster Boring(en)

MM1 01, 02, 05, 11

IJzer [Fe] Calciumcarbonaat Droge stof Humus (% ds) Lutum (% ds) Traject (m -mv)

% ds % ds %

Barium [Ba] Cadmium [Cd] Kobalt [Co] Koper [Cu] Kwik [Hg] Lood [Pb] Molybdeen [Mo] Nikkel [Ni] Zink [Zn]

MM2 03, 04, 06, 07, 08, 09, 10, 12 < 5,0 1,2 86,0 2,6 5,6 0,00 - 0,80

MM3 03, 03, 08, 11, 12, 12, 12 < 5,0 1,3 84,8 1,2 11 0,40 - 2,00

< 5,0 1,3 85,0 4,5 6,7 0,00 - 1,00

-

mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds

61 0,35 12 21 < 0,05 45 < 1,5 14 78

-

*

42 < 0,20 14 22 < 0,05 31 < 1,5 22 50

PAK 10 VROM Pak-totaal (10 van VROM) (0.7 facto Anthraceen Benzo(a)anthraceen Benzo(a)pyreen Benzo(g,h,i)peryleen Benzo(k)fluorantheen Chryseen Fenanthreen Fluorantheen Indeno-(1,2,3-c,d)pyreen Naftaleen

mg/kg ds mg/kg ds

2,6 2,7

*

1,4 1,4

3,6 3,6

mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds

< 0,050 0,24 0,31 0,29 0,18 0,36 0,31 0,44 0,31 0,19

< 0,050 0,13 0,16 0,15 0,097 0,17 0,14 0,29 0,17 0,079

0,18 0,37 0,32 0,24 0,18 0,35 0,72 0,92 0,24 0,12

PCB (som 7) PCB (7) (som, 0.7 factor) PCB 28 PCB 52 PCB 101 PCB 118 PCB 138 PCB 153 PCB 180

mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds

0,0076 0,0097 < 0,0010 < 0,0010 0,0027 < 0,0010 0,0021 0,0016 0,0012

n.a. < 0,0049 < 0,0010 < 0,0010 < 0,0010 < 0,0010 < 0,0010 < 0,0010 < 0,0010

n.a. < 0,0049 < 0,0010 < 0,0010 < 0,0010 < 0,0010 < 0,0010 < 0,0010 < 0,0010

Minerale olie C10 - C40 Minerale olie C10 - C12 Minerale olie C12 - C16 Minerale olie C16 - C20 Minerale olie C20 - C24 Minerale olie C24 - C28 Minerale olie C28 - C32 Minerale olie C32 - C36 Minerale olie C36 - C40

mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds

130 < 4,0 20 21 20 27 26 8,9 2,7

*

*

*

*

50 < 4,0 6,3 11 8,4 9,0 8,5 3,7 < 2,0

*

*

*

61 3,4 9,1 16 < 0,05 23 < 1,5 21 54

68 < 4,0 9,4 12 11 14 12 5,3 < 2,0

* *

*

*

*

Toetsing conform het toetsingskader van VROM (circulaire bodemsanering d.d. 1 april 2009) De gehalten zijn als volgt geclassificeerd: -----geen toetsnorm aanwezig * het gehalte is groter dan de achtergrondwaarde ** het gehalte is groter dan het gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarde *** het gehalte is groter dan de interventiewaarde niet geanalyseerd n.a. niet aangetroffen

Projectnummer: 15785, versie 1.0 Datum: 19 juli 2013

7-3

R E S U L T A T E N

L A B O R A T O R I U M O N D E R Z O E K

Tabel 4: Analyseresultaten grondwater in µg/l (toetsing streef- en interventiewaarden) Watermonster pH (-) Ec (uS/cm) Troebelheid (NTU) Datum Filterdiepte (m -mv)

W8 6,91 464 16,5 12-7-2013 2,50 - 3,50

Barium [Ba] Cadmium [Cd] Kobalt [Co] Koper [Cu] Kwik [Hg] Lood [Pb] Molybdeen [Mo] Nikkel [Ni] Zink [Zn]

µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l

57 < 0,20 2,3 < 2,0 < 0,05 < 2,0 < 2,0 3,5 < 10

Benzeen Ethylbenzeen Tolueen meta-/para-Xyleen (som) ortho-Xyleen Xylenen (som) Xylenen (som, 0.7 factor) Naftaleen Styreen (Vinylbenzeen)

µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l

< 0,20 < 0,20 < 0,20 < 0,20 < 0,10 n.a. < 0,21 < 0,050 < 0,20

1,3-Dichloorpropaan 1,1-Dichloorpropaan Dichloorethenen (som) Dichloorpropaan Dichloorethenen (som, 0.7 factor) 1.2-Dichloorethenen (som, 0.7 facto Dichloorpropanen (0,7 som, 1,1+1,2+1,3) cis + trans-1,2-Dichlooretheen 1,1-Dichlooretheen cis-1,2-Dichlooretheen trans-1,2-Dichlooretheen Dichloormethaan Trichloormethaan (Chloroform) Tribroommethaan (bromoform) Tetrachloormethaan (Tetra) 1,1-Dichloorethaan 1,2-Dichloorethaan 1,2-Dichloorpropaan 1,1,1-Trichloorethaan 1,1,2-Trichloorethaan Trichlooretheen (Tri) Tetrachlooretheen (Per) Vinylchloride

µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l

< 0,20 < 0,20 n.a. n.a. < 0,21

µg/l

< 0,14

µg/l

< 0,42

µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l

n.a. < 0,10 < 0,10 < 0,10 < 0,20 < 0,20 < 0,20 < 0,10 < 0,20 < 0,20 < 0,20 < 0,10 < 0,10 < 0,20 < 0,10 < 0,20

Minerale olie C10 - C40 Minerale olie C10 - C12 Minerale olie C12 - C16 Minerale olie C16 - C20 Minerale olie C20 - C24 Minerale olie C24 - C28 Minerale olie C28 - C32 Minerale olie C32 - C36 Minerale olie C36 - C40

µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l

< 50 < 20 < 20 < 10 < 10 < 10 < 10 < 10 < 10

*

Toetsing conform het toetsingskader van VROM (circulaire bodemsanering d.d. 1 april 2009) De gehalten zijn als volgt geclassificeerd: -----geen toetsnorm aanwezig * het gehalte is groter dan de streefwaarde ** het gehalte is groter dan het gemiddelde van de streef- en interventiewaarde *** het gehalte is groter dan de interventiewaarde niet geanalyseerd n.a. niet aangetroffen

Projectnummer: 15785, versie 1.0 Datum: 19 juli 2013

7-4

R E S U L T A T E N

L A B O R A T O R I U M O N D E R Z O E K

7.3 toelichting op de toetsing De uitkomsten van het bodemonderzoek zijn als volgt samen te vatten: (concentratie < streef-/achtergrondwaarde : niet verhoogd) (streef-/achtergrondwaarde < concentratie < tussenwaarde [(S+I)/2]: licht verhoogd) (tussenwaarde < concentratie < interventiewaarde : matig verhoogd) (concentratie > interventiewaarde : sterk verhoogd) •

de zware metalen: In de mengmonsters van de bovengrond (MM1 en MM2) blijkt dat voor kobalt gehalten boven de generieke achtergrondwaarden zijn gemeten. In MM1 zijn tevens voor lood en zink gehalten boven de generieke achtergrondwaarden gemeten en in MM2 is tevens voor nikkel een licht verhoogd gehalte gemeten. In het mengmonster van de ondergrond (MM3) zijn voor cadmium, kobalt en nikkel gehalten boven de generieke achtergrondwaarden gemeten. In het grondwatermonster (W8) is enkel voor barium een licht verhoogd gehalte gemeten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.oude-ijsselstreek.nl/api/v1/meetings/4512/documents/25524